CConstaterende datHoogeveen
Koppel je AI →
Document · PDF

GKB - Concept Jaarrekening 2021.pdf

Raadsavond 16 juni 2022, gemeente HoogeveenBij agendapunt: Jaarrekeningen en Begrotingen Stark, GKB, Recreatieschap, VRD, GGD, Publiek Vervoer en RUD.9.184 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

JAARSTUKKEN 2021 GEMEENTELIJKE KREDIETBANK

Inhoudsopgave Deel 1: Jaarverslag 2021 .................................................................................................. 3 1

Bericht van het dagelijks Bestuur.......................................................................... 4 1.1 Inleiding .............................................................................................................. 4 1.2 Samenstelling Dagelijks Bestuur en Algemeen Bestuur .............................................. 4 1.3 Beleidsvisie van het Bestuur .................................................................................. 5 1.4 Ontwikkelingen ten aanzien van de gemeenschappelijke regeling ............................... 5 1.5 Maatschappelijke ontwikkelingen die de GKB raken ................................................ 5 1.6 Voorstel tot vaststelling van de jaarrekening ............................................................ 5

2.

Programmaverantwoording .................................................................................. 6 2.1 Inleiding .............................................................................................................. 6 2.2 Verplichte paragrafen ............................................................................................ 6 2.2.1. Weerstandsvermogen en risicobeheersing .......................................................... 6 2.2.2. Onderhoud kapitaalgoederen ............................................................................ 8 2.2.3. Financiering ................................................................................................... 8 Renterisiconorm........................................................................................................... 8 2.2.4. Bedrijfsvoering ............................................................................................... 9 2.2.5. Verbonden partijen ........................................................................................ 10

Deel 2: Jaarrekening 2021 ............................................................................................. 11 3.

Analyse en bestemming resultaat ....................................................................... 15 3.1 Analyse resultaat ................................................................................................. 15 3.2 Baten ................................................................................................................. 15

4.

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling ............................................ 19 4.1 Inleiding ............................................................................................................. 19 4.2 Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening .................................. 19 4.3 Balans ................................................................................................................ 19 4.4 Eigen vermogen .................................................................................................. 20 4.5 Overige passiva ................................................................................................... 20 4.6 Overzicht van baten en lasten ............................................................................... 20

5.

Toelichting op de balans...................................................................................... 21 5.1 Activa ................................................................................................................ 21 5.1.1 Materiële vaste activa ................................................................................. 21 5.1.2 Financiële vaste activa ................................................................................ 21 5.1.3 Verloop debiteurenvoorziening ..................................................................... 21 5.1.4 Uitzettingen ............................................................................................... 22 5.1.5 Liquide middelen ........................................................................................ 22 5.1.6 Overlopende activa ..................................................................................... 22 5.2 Passiva............................................................................................................... 23 5.2.1 Algemene reserve ....................................................................................... 23 5.2.2 Bestemmingsreserves ................................................................................. 23 5.2.3 Nog te bestemmen resultaat ........................................................................

23 5.2.4 Voorzieningen ............................................................................................ 23 5.2.5 Langlopende leningen ................................................................................. 24 5.2.6 Netto-vlottende schulden ............................................................................. 24 5.2.7 Overlopende passiva ................................................................................... 24 5.3 Niet in de balans opgenomen verplichtingen en rechten ......................................... 24

6.

Toelichting op het overzicht van baten en lasten ................................................ 26 6.1 Bedrijfsopbrengsten ............................................................................................. 26 6.1.1 Renteopbrengsten leningen.......................................................................... 26 6.1.2 Schuldhulpverlening gemeenten ................................................................... 26 6.1.3 Schuldhulpverlening cliënten ........................................................................ 26 6.1.4 Preventiewerkzaamheden ............................................................................ 26 6.1.5 Budgetservice ............................................................................................ 26 6.1.6 Vergoeding beschermingsbewind .................................................................. 27 6.1.7 Vergoeding bemiddelingskosten ................................................................... 27 6.1.8 Overige vergoedingen ................................................................................. 27 6.1.9 Huur ......................................................................................................... 27 6.1.8 Incidentele opbrengsten ..............................................................................

27 6.2 Bedrijfslasten .................................................................................................... 27

1

6.2.1 Afschrijvingen ............................................................................................ 27 6.2.2 Overige bedrijfskosten ................................................................................ 28 6.3 Wet normering Topfunctionarissen ......................................................................... 30 Deel 3: Overige gegevens ............................................................................................... 31 7.

Overige gegevens ................................................................................................ 32 7.1 Gebeurtenissen na balansdatum ............................................................................ 32 7.2 Resultaatsbestemmingsvoorstel ............................................................................ 32 7.3 Controleverklaring ............................................................................................... 32

2

Deel 1: Jaarverslag 2021

3

1

Bericht van het dagelijks Bestuur

1.1

Inleiding

Dit hoofdstuk beschrijft een aantal algemene zaken die de Gemeentelijke Kredietbank (GKB) raken bezien vanuit het Dagelijks Bestuur van de GKB. De gemeenschappelijke regeling (GR) vormt de basis voor het beleid van de GKB. In de GR zijn de doelstelling en de te behartigen belangen van de GKB opgenomen in artikel 4: Artikel 4. Doelstelling en te behartigen belangen. 1. De bank is een gemeentelijke kredietbank als bedoeld in artikel 6 Wet Consumenten Krediet. Zij heeft tot doel, met in achtneming van hetgeen in deze regeling is bepaald, om een, zowel vanuit bedrijfseconomische alsook maatschappelijke optiek bezien, verantwoord pakket van (al dan niet) financiële dienstverlening aan te bieden. Dit in het bijzonder aan de ingezetenen van het werkgebied van de bank. 2.

In het licht van de omschreven doelstelling behartigt de bank de volgende belangen: • deelnemen aan krediettransacties; • treffen van schuldenregelingen; • budgetbeheer; • afgifte van verklaringen op grond van de Faillissementswet; • bewindvoering en curatele op grond van de Faillissementswet; • bewindvoering op grond van het Burgerlijk Wetboek; • preventie; • bevorderen van de spaarzin; • het verrichten van diensten alsmede alle verdere handelingen die met het vorenstaande in verband staan; • de ruimste zin verband houden of daartoe bevorderlijk zijn; • zorg dragen voor een harmonische en evenwichtige ontwikkeling van de onderneming. 3. Het behalen van winst is geen doel van de bank. 1.2

Samenstelling Dagelijks Bestuur en Algemeen Bestuur

De samenstelling van het bestuur is als volgt: Dagelijkse Bestuur Gemeente Hoogeveen Gemeente Assen Gemeente Meppel

J. Zwiers J. Broekema H. ten Hulscher

Algemeen Bestuur Dagelijks bestuur aangevuld met: Gemeente Hoogeveen J. Tabak Gemeente Assen H. Vlieg Gemeente Meppel J. van der Haar De directeur van de GKB is ambtshalve als secretaris zowel aan het Algemeen als het Dagelijks Bestuur toegevoegd. Vanaf oktober 2021 neemt ook de directeur bedrijfsvoering deel aan de bestuursvergaderingen als adviseur. Het Bestuur wordt in haar werkzaamheden ondersteund door het Beleidscoördinatorenoverleg (BCO). De drie gemeenten worden hierin vertegenwoordigd door de beleidsambtenaar. Bij financiële agendapunten wordt het BCO uitgebreid met financiële specialisten van de drie gemeenten.

4

1.3

Beleidsvisie van het Bestuur

Het bestuur van de GR-GKB heeft eind 2017 besloten tot een nieuwe strategische koers voor 20182021 onder de titel “ Terug naar de kern“. “Terug naar de kern” kenmerkt zich door drie doelstellingen. 1. Tweedelijns organisatie, specialist (transformatie sociaal domein) 2. Financieel gezond 3. Geleidelijke afbouw DVO gemeenten In 2021 is de beleidsvisie 2018-2021 “Terug naar de kern” voortgezet. In de bijlage bij deze jaarrekening is een overzicht opgenomen van de afbouw van DVO-gemeenten. Omdat de afbouw van dienstverlening gepaard moet gaan met de afbouw van de formatie, is in deze jaarrekening een bestemmingsreserve opgenomen voor de kosten die daarmee gepaard gaan. De reeds bestaande “reserve mobiliteit” wordt ingezet voor het stimuleren van de noodzakelijke mobiliteit. Het bestuur is begin 2021 gestart met een evaluatie van de huidige strategische koers en heeft begin 2022 het voorgenomen besluit tot “vervreemding van de activiteiten van de GKB” bekend gemaakt. 1.4

Ontwikkelingen ten aanzien van de gemeenschappelijke regeling

De samenstelling van de gemeenschappelijke regeling is in 2021 niet gewijzigd, er zijn geen gemeenten uit- of toegetreden. Uit de financiële beschouwingen (zie verder de jaarrekening) blijkt dat de exploitatie over 2021 met een negatief saldo is afgesloten. 1.5

Maatschappelijke ontwikkelingen die de GKB raken

Ook voor de GKB stond het afgelopen jaar volledig in het teken van het tweede Corona jaar. De situatie is ten opzichte van 2020 niet veel veranderd. De instroom van nieuwe aanmeldingen bleef laag en het merendeel van de contacten verliep online. 1.6

Voorstel tot vaststelling van de jaarrekening

De jaarrekening 2021 is vastgesteld in de vergadering van het algemeen Bestuur van de Gemeentelijke Kredietbank van 2022.

Voorzitter

Secretaris

J. Broekema

J. Tingen

5

2.

Programmaverantwoording

2.1

Inleiding

De Gemeentewet schrijft voor dat elke gemeente jaarlijks begrotings- en verantwoordingsstukken moet opstellen. Het Besluit begroting en verantwoording (BBV) bevat de regelgeving daarvoor. Het BBV gaat er vanuit dat een programmaplan verschillende programma’s bevat. Onder een programma wordt een samenvattend geheel van activiteiten verstaan. Aangezien de GKB slechts belast is met één samenhangende taak, te weten schuldhulpverlening in de meest brede zin, hebben wij het programmaplan niet opgesplitst in verschillende programma’s. Ingevolge artikel 8 van het BBV moeten in het programmaplan de doelstellingen en de beoogde maatschappelijke effecten worden behandeld, alsmede de wijze waarop men deze wil bereiken. Ingevolge artikel 9 van het BBV dienen in paragrafen de beleidslijnen te worden vastgelegd met betrekking tot relevante beheersmatige aspecten. Op de GKB zijn vijf verplichte paragrafen van toepassing, te weten: het weerstandsvermogen, het onderhoud van de kapitaalgoederen, de financiering, de bedrijfsvoering en de verbonden partijen.

2.2

Verplichte paragrafen

2.2.1. Weerstandsvermogen en risicobeheersing Volgens het BBV is het begrip weerstandsvermogen het verband tussen weerstandscapaciteit en de risico’s, waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn voor de financiële positie. Het weerstandsvermogen is nodig om te voorkomen dat bij een andere uitkomst van kosten en/of opbrengsten in enig jaar, als gevolg van niet te voorziene ontwikkelingen, de aangesloten gemeenten aan een eventueel tekort moeten bijdragen. Risico’s zijn onder andere: Risico

Omvang risico

Dalende opbrengsten door wegvallende dienstverlening waardoor geen sluitende bedrijfsvoering kan worden gerealiseerd.

De verdere afbouw van de DVO gemeenten is onderdeel van het voorgenomen besluit tot vervreemding.

Dalende opbrengsten door afnemende vraag naar dienstverlening. Wachtgeldverplichtingen als gevolg van beëindigingen dienstverband(en).

De opbrengsten zijn dusdanig afgenomen dat verdere daling niet voor de hand ligt. Maximaal 2 jaar WW, gemiddelde kosten € 130.000 per FTE

Vervanging bij (hoog) ziekteverzuim.

Gemiddeld € 120.000 per jaar bij 2 FTE langdurig ziek p.m.

Niet (tijdig) in kunnen spelen op wijzigingen in de Rijksregelgeving. Discussie over omzetbelasting op diensten binnen de schuldhulpverlening.

€200.000-€400.000

Begin 2020 heeft het Bestuur met de vaststelling van het geactualiseerde Bankreglement besloten tot een weerstandsvermogen van 0% voor de GKB. Een exploitatietekort wordt ten laste gebracht van de deelnemende gemeenten. Een exploitatieoverschot komt ten gunste van de deelnemende gemeenten. Netto schuldquote De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast t.o.v. de eigen middelen. Het geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie.

6

Netto schuldquote (A+B+CD-E-F-G)/H * 100% A Vaste schulden Netto vlottende B schuld C Overlopende passiva D Financiële activa E Uitzettingen F Liquide middelen G Overlopende activa H Totale baten

2021

2020

38,81% 1.400.000

46,14% 1.400.000

7.621.863 221.383 3.354.409 613.881 2.142.781 346.263 7.178.600

7.762.643 277.341 3.824.789 315.197 1.559.602 201.804 7.669.897

Geconstateerd kan worden dat de netto schuldquote, in verhouding verbeterd is. De totale vlottende passiva is ten opzichte van voorgaand jaar licht gedaald. Er is een verdere daling te zien in de financiële vaste activa echter zijn de totale vlottende activa sterk gestegen. Deze effecten bij elkaar hebben dus geleid tot een verbetering van de netto schuld quote. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Om inzicht te krijgen in hoeverre er sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel inals exclusief doorgeleende gelden weergegeven. Op die manier wordt duidelijk in beeld gebracht wat het aandeel van de verstrekte leningen is en wat dat betekent voor de schuldenlast.

Netto schuldquote (A+B+CD-E-F)/G * 100% A B C D E F G

Vaste schulden Netto vlottende schuld Overlopende passiva Uitzettingen Liquide middelen Overlopende activa Totale baten

2021

2020

85,54%

96,00%

1.400.000 7.621.863 221.383 613.881 2.142.781 346.263 7.178.600

1.400.000 7.762.643 277.341 315.197 1.559.602 201.804 7.669.897

Zoals uit bovenstaande vergelijking blijkt is het verschil groot. De financiële activa (verstrekte kredieten) vormen een belangrijk aandeel in de activa van de GKB. Indien men deze corrigeert op de schuldquote blijkt duidelijk dat de schulden (passiva) een groter aandeel zijn ten opzichte van de baten dan de activa. Het beperkte eigen vermogen van de GKB speelt hier uiteraard ook een belangrijke rol. Solvabiliteitsrisico Het solvabiliteitsrisico geeft inzicht in de mate waarin de organisatie in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Onder het solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Het eigen vermogen bestaat uit de reserves (algemene en bestemmingsreserves) en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten.

2021 -4,79%

Solvabiliteit (A/B) * 100% A B

Eigen vermogen Balanstotaal

2020 -11,62%

-445.008 -1.050.734 9.285.351 9.044.356

Het eigen vermogen van de GKB is negatief. Mede als gevolg hiervan komt het tekort van 2021 direct en volledig ten laste van de GR-leden. Het negatieve eigen vermogen zal worden aangezuiverd door de GR-gemeenten door bijstorting van het negatieve resultaat. De kengetallen grondexploitatie, structurele exploitatieruimte en belastingcapaciteit zijn bij de GKB niet van toepassing.

7

2.2.2. Onderhoud kapitaalgoederen Jaarlijks wordt op begrotingsbasis een gering bedrag (variërend van €7.000 tot € 9.000) gedoteerd aan de onderhoudsvoorziening. Dit bedrag is gebaseerd op een meerjarenonderhoudsplan welke opnieuw is opgesteld begin 2020. 2.2.3. Financiering Op grond van de Wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO) dient de GKB jaarlijks in de jaarrekening verantwoording af te leggen over het gevoerde beleid inzake de treasuryfunctie. De doelstellingen, richtlijnen en limieten van het voorgestane beleid zijn vastgelegd in het treasurystatuut. In 2020 heeft de GKB externe financiering aangetrokken in de vorm van een langlopende lening van €1,4 miljoen en een rekening courant faciliteit van €4,5 miljoen, welke in 2021 is uitgebreid naar €5,5 miljoen, beide bij de BNG. Met de vaststelling van de begroting 2021 heeft het Algemeen Bestuur tevens de kasgeldlimiet en een mogelijke overschrijding daarvan vastgesteld. De renteopbrengsten zijn opbrengsten uit de verstrekte leningen. Rentelasten betreffen de rentekosten op de langlopende lening en rekening courant verhouding ad € 6.300 voor 2021. Er vindt geen rentetoerekening plaats aan investeringen. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is een bedrag ter grootte van een percentage van het totaal van de jaarbegroting bij aanvang van het jaar.

Dit percentage is vastgelegd in de “uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden”. De GKB heeft een aangepaste kasgeldlimiet afgesproken met de provincie Drenthe van 62%. Kasgeldlimiet per 31-12-2021

Bedragen x € 1.000, -

Omvang begroting 2021

7.453

Grondslag kasgeldlimiet

62%

Kasgeldlimiet in bedrag

4.621

De ontwikkeling van de kasgeldlimiet was in 2021 als volgt: Q1

Q2

Q3

Q4

Bijgestelde kasgeldlimiet

4.621

4.621

4.621

4.621

Netto vlottende schuld

5.981

6.019

4.736

4.740

Overschrijding kasgeldlimiet

1.360

1.398

115

119

De GKB heeft gedurende 4 kwartalen de kasgeldlimiet overschreden. De GKB heeft voor 2022 nieuwe afspraken gemaakt inzake het kasgeldlimiet.

Renterisiconorm De renterisico’s op de vaste schuld worden ingekaderd middels de rente risiconorm. Jaarlijks mogen de renterisico’s uit hoofde van renteherziening en herfinanciering niet hoger zijn dan 20% van de omvang van de begroting. Het doel is om op deze wijze spreiding te krijgen in de rente typische looptijden van de leningenportefeuille. Hierdoor werkt een verandering in de rente vertraagd door op de rentelasten. Uit onderstaande tabel blijkt dat de GKB ruimschoots binnen de gestelde rente risiconorm blijft.

8

RENTERISICONORM EN RENTERISICO’S VAN DE VASTE SCHULD PER 31-12-2021 (BEDRAG X€ 1.000) Renterisico op vaste schuld 1a Renteherziening op vaste schuld o/g

0

1b Renteherziening op vaste schuld u/g

0

2

0

Netto renteherziening op vaste schuld (1a-1b)

3a Nieuw aangetrokken vaste schuld o/g

0

3b Nieuw verstrekte lange leningen u/g

0

4

Netto nieuw aangetrokken vaste schuld (3a-3b)

0

5

Betaalde aflossingen

0

6

Herfinanciering (laagste van 4 en 5)

0

7

Renterisico op vaste schuld (2 + 6)

0

Rente risiconorm 8

Stand van de vaste schuld per 1 januari

9

Het bij ministeriele regeling vastgestelde percentage

10 Rente risiconorm

1.400 20% 1.491

Toets Rente risiconorm 10

Rente risiconorm

1.491

7

Renterisico op vaste schuld

1.400

11

Ruimte (+) / Overschrijding (-) (10 – 7)

91

2.2.4. Bedrijfsvoering In tegenstelling tot de algemene programmaverantwoording zal in deze paragraaf aandacht besteedt worden aan de beleidsmatige, toekomstgerichte aspecten van de bedrijfsvoering. a.

Investeringsbeleid

In 2021 heeft de GKB beperkt geïnvesteerd, we hebben ons beperkt tot de noodzakelijke niet uit te stellen investeringen. De Corona crisis maar ook de evaluatie van de strategische koers lagen ten grondslag aan het terughoudende investeringsbeleid. b.

Organisatiestructuur en formatie

De formatie van de GKB beweegt mee op de dalende vraag naar de dienstverlening van de GKB. Zowel in de directe als de indirecte formatie is stevig ingegrepen, zoveel mogelijk met behoud van flexibiliteit en tegen zo laag mogelijke frictiekosten. Een overzicht van de formatie is opgenomen in de bijlage. De organisatiestructuur is niet gewijzigd. Een voorgenomen reorganisatie van de indirecte formatie is vertraagd en deels door natuurlijk verloop gerealiseerd. In hoeverre deze reorganisatie passend is binnen de voorgenomen besluit tot vervreemding is onderwerp van onderzoek en de impact analyse. c.

Kansen en bedreigingen

Met het voorgenomen besluit tot vervreemding spreken we niet meer van kansen en bedreigingen voor de staande organisatie. Voorzien is dat de activiteiten uiterlijk 31-12-2023 zijn overgedragen aan een marktpartij en vervolgens zal de Gemeenschappelijke Regeling in liquidatie worden gebracht.

9

d.

Toetsingscriteria

Op grond van het Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden moeten ook gemeenschappelijke regelingen verantwoording afleggen over het rechtmatig handelen. De accountant zal hierover een uitspraak doen in de controleverklaring. Voor de toetsing van rechtmatigheid geldt voor 2021 het volgende normenkader, waarbij uitsluitend wordt getoetst op de criteria recht, hoogte en duur: - Verordening 212 - Verordening 213 - Treasurystatuut - Directiestatuut - Mandaatbesluit - Reglement van orde algemeen bestuur - Reglement van orde dagelijks bestuur - Bankreglement - Gemeenschappelijke regeling - Wet FIDO - Besluit aanbesteding overheidsopdrachten - CAR/UWO - Algemene wet Bestuursrecht 2.2.5. Verbonden partijen Op grond van het BBV is een verbonden partij een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie waarin de bank een bestuurlijk en een financieel belang heeft. Het gaat dus om een combinatie van beide belangen. Een financieel belang ontstaat wanneer een ter beschikking gesteld bedrag niet verhaalbaar is bij faillissement dan wel het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt (art. 1 BBV). Bestuurlijk belang ontstaat indien er zeggenschap bestaat uit hoofde van stemrecht, dan wel vertegenwoordiging in het bestuur van de organisatie.

De GKB is opgericht door de volgende gemeenten: Gemeente Assen Gemeente Meppel Gemeente Hoogeveen Bovengenoemde gemeenten hebben in 1990 de gemeenschappelijke regeling ingesteld als rechtsopvolger van de drie volkskredietbanken. Oorspronkelijk was vooral sociale kredietverlening het gezamenlijke belang van deze samenwerking, eind vorige eeuw kreeg de GKB een belangrijke rol bij de uitvoering van schuldhulpverlening. Problematische schulden vormen een forse belemmering voor burgers en gemeenten bij het realiseren van opdrachten en ambities. De GKB levert een bijdrage aan het wegnemen van deze belemmeringen. Verbonden partijen stichtingen en verenigingen: Bij de aankoop van het huidige pand is een vereniging van eigenaren opgericht. De GKB maakt deel uit van deze vereniging. De tweede deelnemer van de VVE is Inter-psy. De vereniging beheert het pand waarbij de GKB 90% eigenaar is en Inter-psy 10%. De totale omvang van de gezamenlijke beheerskosten bedragen € 92.000,-. Deze kosten worden middels servicekosten omgeslagen op de vier gebruikers van het kantoor, de GKB, Inter-psy, Publiek Vervoer en het OV bedrijf Groningen-Drenthe (laatste 2 als huurders).

10

Deel 2: Jaarrekening 2021

11

Balans

31-12-2021

ACTIVA €

31-12-2020

€

€

€

Vaste activa Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut

2.828.017

3.142.964

Financiële vaste activa Leningen u/g

3.234.988

3.703.413

Doorlopende kredieten

231.345

237.496

Debiteurenvoorziening

-111.924

-116.120

Totaal vaste activa

3.354.409

3.824.789

6.182.426

6.967.753

Vlottende activa Uitzettingen Vorderingen op openbare lichamen Overige uitzettingen Overige vorderingen

548.348 0 65.532

262.547 0 52.650 613.881

315.197

Liquide middelen

2.142.781

1.559.602

Overlopende activa

346.263

201.804

Totaal vlottende activa

3.102.925

2.076.603

TOTAAL ACTIVA

9.285.351

9.044.356

12

PASSIVA

31-12-2021 €

€

31-12-2020 €

€

Vaste passiva Eigen vermogen Algemene reserve Gerealiseerd resultaat Bestemmingsreserves

9.819 -520.243 65.415

9.817 -1.160.551 100.000

Totaal eigen vermogen

-445.008

-1.050.734

Voorzieningen

487.113

655.107

Langlopende leningen

1.400.000

1.400.000

Totaal vaste passiva

1.442.105

1.004.373

Netto-vlottende schulden Overige schulden

7.621.863

7.762.643

Overlopende passiva Vooruit ontvangen SHV Overige

158.681 62.702

172.264 105.076 221.383

277.340

Totaal vlottende passiva

7.843.246

8.039.983

TOTAAL PASSIVA

9.285.351

9.044.356

13

OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN Realisatie 2021 Lasten Rente opbrengsten leningen Rente opbrengsten gebouwen

Begroting 2021 Vastgesteld Lasten Baten

Baten

Bijdrage GR Bestuursadvies

327.694 128.916 0 1.187.691 726.834 0 1.933.803 860.203 0 25.836 341.098 684.216 0 281.861 160.423 47.981 84.510 78.751 94.667 0 214.116

Totaal opbrengsen

7.178.600

Schuldhulpverlening GR Vergoeding beschermingsbewind GR Schuldhulpverlening DVO Vergoeding beschermingsbewind DVO Schuld oplossen Zelfbetalers BBR Zelfbetalers Vergoeding beschermingsbewind Zelfbetaler Preventiewerkzaamheden Vergoeding bemiddelingskosten Overige vergoedingen Huur Incidentele opbrengsten Subsidie O2

Directe kosten Kosten Preventieactiviteiten Rente externe financiering

Begroting 2021 Gewijzigd

Realisatie 2020 Lasten

550.000 130.000

550.000 130.000

403.337 128.916

1.359.867 780.435

1.488.456 780.435

1.318.458 800.933

1.620.293 1.246.291

1.773.508 1.246.291

2.344.325 1.059.003

50.000 362.078 531.382

50.000 396.316 531.382

46.650 341.027 618.353

100.000 566.041 48.000 89.000 20.000

100.000 250.000 48.000 89.000 20.000

62.584 312.453 66.423 82.840 84.595

7.453.388

7.453.388

7.669.897

40.425 6.300 0 0 5.773.682 390.221 220.018

7.500 35.000

7.500 35.000

175 1.129

5.604.874 255.750 235.290

5.604.874 255.750 235.290

6.681.492 423.156 219.104

Afschrijvingen Gebouwen Automatisering Kantoorinventaris

101.578 267.101 27.841

95.000 250.000 17.000

95.000 250.000 17.000

103.484 187.387 4.639

Algemene kosten Portokosten Telefoonkosten Betalingsverkeer Drukwerk Accountants- en advieskosten Overige kosten

81.270 42.746 59.580 20.020 101.119 140.282

90.000 90.000 76.725 27.621 56.265 215.730

90.000 90.000 76.725 27.621 56.265 215.730

147.781 72.854 87.608 24.408 55.007 189.241

Dotatie voorzieningen Debiteurenvoorziening Onderhoudsvoorziening Voorziening personeelskosten

72.107 9.000 166.022

150.000 9.000

150.000 9.000

133.031 9.000 524.745

Bestuursadvies

214.116

Totaal kosten

7.733.427

7.215.755

7.215.755

8.864.241

Apparaatskosten Personeelskosten Automatiseringskosten Huisvestingskosten

Saldo van baten en lasten

-554.827

Toevoegingen aan reserves Mobiliteit Reorganisatie Totaal toevoegingen reserves Onttrekkingen aan reserves Automatisering Mobiliteit Totaal onttrekkingen reserves Resultaat

Baten

237.633

237.633

-1.194.344

100.000 0

0

0

100.000

31.199 102.595

34.584 34.584

0

0

133.794

-520.243

237.633

237.633

-1.160.550

14

3.

Analyse en bestemming resultaat

3.1

Analyse resultaat

In 2021 is een negatief resultaat voor mutaties in reserves van € 554.827,- gerealiseerd. Conform de gemeenschappelijke regeling wordt het negatieve resultaat van 2021 ten laste gebracht van de GR-gemeenten. In 2021 is € 34.584,- onttrokken aan de mobiliteitsreserve voor medewerkers. Hierdoor is het resultaat na mutaties in bestemmingsreserves € 520.243,- negatief. 3.2

Baten

Overzicht In onderstaande tabel een overzicht van de geraamde baten en de realisatie. Aan deze tabel is een extra kolom toegevoegd vanwege een presentiefout in de vastgestelde begroting. In de vastgestelde zijn per abuis baten die behoren bij schuldhulpverlening voor GR, DVO en zelfbetalers budgetbeheer geboekt onder de baten ”schuldbemiddelingskosten”. Het totaal aan baten blijft gelijk, de onderlinge verdeling niet. Een juiste weergave is in deze rapportage nodig om daarmee de verschillen te kunnen verantwoorden. Begroting 2021 Vastgesteld

Begroting 2021 Gewijzigd

Realisatie

Rente opbrengsten leningen

550.000

550.000

327.794

Rente opbrengsten leningen

130.000

130.000

128.916

Schuldhulpverlening GR

1.359.867

1.488.456

1.187.691

Beschermingsbewind GR

780.435

780.435

726.834

Schuldhulpverlening DVO

1.620.293

1.773.508

1.933.803

Beschermingsbewind DVO

1.246.291

1.246.291

860.203

Schuld oplossen Zelfbetalers

50.000

50.000

25.836

Budgetbeheer Zelfbetalers

362.078

396.316

341.098

Beschermingsbewind Zelfbetalers

531.382

531.382

684.216

Preventiewerkzaamheden

100.000

100.000

281.861

Bemiddelingskosten

566.040

250.000

160.423

Overige vergoedingen

48.000

48.000

47.881

Huur

89.000

89.000

84.510

Incidentele opbrengsten

20.000

20.000

78.751

Subsidie O2

0

0

94.667

Bijdrage GR Bestuursadvies

0

0

214.116

Totaal opbrengsten

7.453.388

7.453.388

7.178.600

Kredietopbrengsten De trend van dalende opbrengsten uit de kredietportefeuille zet door. De oorzaken van deze dalende trend zijn al eerder genoemd, krimpend werkgebied, dalende populariteit kredietaanbod GKB, lagere maximaal toegestane rente. De GKB zet tegen deze trend geen actief beleid in om de renteopbrengsten te verhogen. Vanwege de geringe instroom schuldhulpverlening blijft het verwachte stabiliserende effect van meer te verstrekken saneringskredieten uit.

15

Lagere opbrengst schuldhulpverlening De begroting ging uit van 18 aanmeldingen per week, het werkelijke aantal aanmeldingen is uitgekomen op 14 per week. In onderstaande grafieken de ramingen 2021 ten opzichte van de realisatie.

Aanmeldingen 2021 35 30 25 20 15 10

5 0 1

3

5

7

9

11 13 15 17 19 21 23 25 27 29 31 33 35 37 39 41 43 45 47 49 51 Totaal

Vastgestelde begroting

Zo goed als alle baten zijn afhankelijk van de instroom en volgen de trend die daarin is te zijn. Bewindvoering volgt iets later omdat er nog sprake is van een werkvoorraad onder de hamer van de Rechtbank. Uiteindelijk zien we dat de caseloads budgetbeheer stabiel blijft ten opzichte van de begroting. De caseload bewindvoering blijft ook stabiel terwijl de begroting 2021 nog uitging van een toename. O2 Subsidie Het toegekende bedrag voor de O2 subsidie bedraagt € 142.000. De pilot draait sinds begin dit jaar en de projectactiviteiten dienen volgens de voorwaarden uiterlijk op 31 december 2021 uitgevoerd te zijn. Vanwege de lage instroom vertraagt het project waardoor de projectduur is verlengd naar 1 juli 2022. 3.3

Lasten

De totale opbrengsten exclusief de bestuurskosten vallen € 488.904,- lager uit dan de vastgestelde begroting. Dat betekent dat de lasten met dit zelfde bedrag in verhouding zullen moeten dalen. In onderstaande overzicht de lasten zoals begroot voor 2021 en de realisatie. Hieruit blijkt dat de lasten per saldo, exclusief de bestuurskosten, zijn gestegen met € 295.749, -. Begroting 2021

Realisatie

Kosten preventieactiviteiten

7.500

40.425

Rente externe financiering

35.000

6.300

Personeelskosten

5.604.875

5.773.682

Automatiseringskosten

255.750

390.221

Huisvestingskosten

235.290

220.018

95.000

101.578

Directe kosten

Apparaatskosten

Afschrijvingen Gebouwen

16

Automatisering

250.000

267.101

Kantoorinventaris

17.000

27.841

Portokosten

90.000

81.270

Telefoonkosten

90.000

42.746

Betalingsverkeer

76.725

59.580

Drukwerk

27.621

20.020

Accountants- en advieskosten

56.265

101.119

Overige kosten

215.730

140.282

Debiteurenvoorziening

150.000

72.107

Onderhoudsvoorziening

9.000

9.000

Voorziening personeelkosten

0

166.022

Kosten bestuursadvies

0

214.116

Totaal kosten

7.215.755

7.733.427

Algemene kosten

Dotatie voorzieningen

Personeelskosten: Formatie In onderstaande tabel de ontwikkeling van de formatie en bezetting van 1 januari 2021 tot en met 31 december 2021. Door interne mobiliteit verschuift formatie tussen de categorieën. Zo zien we dat 2 fte gedetacheerden zijn teruggekeerd waarvan 1 fte onder indirect en 1 fte onder directe formatie vallen. Ontwikkeling bezetting 2021 01

02

03

04

05

06 **

07 **

08

09

10

11

12

Indirect

14,1

14,1

14,3

13,9

14,9

15,9

15,9

15,7

13,9

13,9

14,2

14,2

Direct

64,4

64,2

62,2

61,5

59,5

58,2

59,2

57,5

59,9

60,6

58,8

57,0

Overig *

7,5

7,5

7,3

8,4

8,4

6,9

7,7

7,6

7,6

6,0

7,5

7,5

Totaal

86,0

85,8

83,8

83,8

82,8

81,0

82,8

80,8

81,4

80,5

80,5

78,7

* Gedetacheerd, boventallig of langdurig verzuim ** Stijging vanwege tijdelijk dubbele bezetting team Financiën

Personeelskosten: Gemiddelde salariskosten In de begroting 2021 is uitgegaan van een krimpscenario waarbij de flexibele schil volledig ingezet zal worden. In de begroting is benoemd dat alleen vaste medewerkers die een noodzakelijk positie invullen zullen worden vervangen door uitzendkrachten. De realisatie valt echter anders uit. In onderstaande tabel een weergave van de in en uitstroom van de formatie. We zien dat in 2021 naast het vertrek van de flexibele formatie ook 15 fte van de vaste formatie is vertrokken. Het grootste deel van deze vaste medewerkers hebben we ook weer moeten vervangen door uitzendkrachten. In-, door- en uitstroom 2021 01

Instroom

Doorstroom

02

03

04

05

06

07

08

09

10

11

12

DV

0

Inleen DV Inleen

Totaal

2 3

1

1

4 5

3

1

3

1

14

2

12

1

1

17

2

Uitstroom

DV

4

1

1

1

1

1

3

Inleen

3

1

1

1

1

1

2

2

1

15 2

* DV = dienstverband

Uitzendkrachten zijn echter maandelijks duurder dan de vaste formatie. In de begroting 2021 is onvoldoende rekening gehouden met deze meerkosten. Zoals uit onderstaande tabel blijkt heeft de GKB per maand circa 8,9 fte uitzendkrachten in dienst. Deze 8,9 fte vertegenwoordiger € 234.000, - aan meerkosten. Deze meerkosten zijn niet volledig opgenomen in de begroting. Ontwikkeling flexibele formatie in FTE 2021

Flexibel

01

02

03

04

05

06

07

08

09

10

11

12

Gem.

7

8

8

7

7

6

9

9

12

12

12

10

8,9

Overige kosten Een flink aantal overige kosten hebben we kunnen terugdringen maar anderen zijn daarentegen ook weer gestegen. Het totaal valt € 112.000,- lager uit dan geraamd in de vastgestelde begroting. De opgave vanwege de dalende inkomsten was echter € 168.000,- en blijft op de overige kosten een nadelig saldo over van € 56.000,-. Bestuursadvies Onder de bestuurskosten zijn de lasten voor de bestuursopdrachten aan de extern adviseur, de notulist en de lasten voor de directeur bedrijfsvoering. De totale kosten worden gedeeld door 3 en ten laste gebracht bij de GR-leden. Exploitatie resultaat In onderstaande tabel het exploitatieresultaat 2021 exclusief dotatie reserves: Begroting 2021 Vastgesteld

Begroting 2021 Gecorrigeerd

Realisatie 2021

Totaal baten

7.453.388

7.453.388

7.178.600

Totaal lasten

7.215.755

7.215.755

7.733.427

237.633

-554.827

Resultaat voor reserves 237.633

18

12

4.

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

4.1

Inleiding

Onderstaande grondslagen, waarop de waardering van activa en passiva en de resultaatbepaling zijn gebaseerd, zijn bedoeld als leidraad voor een juiste interpretatie van de financiële overzichten. De jaarrekening voldoet aan het BBV 2004. 4.2

Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening

Het bestuur heeft begin 2022 het voorgenomen besluit tot “vervreemding van de activiteiten van de GKB” bekend gemaakt. Aangezien er nog sprake is van een voorgenomen besluit en nog geen formeel definitief besluit is de jaarrekening opgesteld op basis van continuïteit. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van verkrijgingsprijs. De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten. Tenzij bij de desbetreffende balanspost anders vermeld staat, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarde. Voor zover het BBV niet anders voorschrijft, zijn de baten en lasten toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Het meerjarig inzicht in de financiële positie alsmede het meerjarige inzicht in de toekomstige balansen is niet opgenomen in de jaarrekening, omdat dit het inzicht niet ten goede komt. Hiervoor wordt verwezen naar de begroting. 4.3

Balans

Materiële vaste activa De waardering van de materiële vaste activa is gebaseerd op de verkrijging- of vervaardigingprijs, verminderd met de afschrijvingen. Bij de waardering van de materiële vaste activa wordt rekening gehouden met een vermindering van hun waarde indien deze naar verwachting duurzaam is. Bijdragen van derden op investeringen worden in mindering gebracht op de investeringen. Op grond wordt niet afgeschreven. Voor het overige vindt afschrijving plaats op basis van de historische aanschafprijs volgens een stelsel dat is afgestemd op de verwachte toekomstige gebruiksduur, rekening houdend met een eventuele restwaarde. Er wordt afgeschreven vanaf het jaar van ingebruikname van de activa. De afschrijvingstermijnen volgens de lineaire methode bedragen in jaren: Gronden en terreinen Bedrijfsgebouwen Verbouwingen Inventarissen Automatisering

n.v.t. 35 - 44 10 - 20 5 - 10 3-5

Financiële vaste activa Waardering vindt plaats op basis van de verkrijgingprijs verminderd met aflossingen. Voor de verwachte oninbaarheid van leningen en kredieten is een voorziening getroffen. De debiteurenvoorziening wordt bepaald op basis van het gemiddelde aan afgeboekte kredieten van de afgelopen zeven jaren. Uitzettingen en overlopende activa De uitzettingen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Liquide middelen De liquide middelen worden tegen nominale waarde opgenomen en omvatten bank-, giro- en kassaldi en kruisposten.

19

4.4

Eigen vermogen

Algemene reserve De algemene reserve dient als algehele buffer om toekomstige tegenvallers te kunnen opvangen. Bestemmingsreserves Onder een bestemmingsreserve wordt verstaan een reserve waar aan door het Bestuur een bepaalde bestemming is gegeven. Het gehele bedrag van de bestemmingsreserves ultimo het jaar dient onderbouwd te zijn met bestuursbesluiten van het algemeen Bestuur, dan wel opgenomen te zijn in het voorliggende voorstel tot resultaatbestemming. 4.5

Overige passiva

Voorzieningen Voorzieningen worden gevormd voor in rechte afdwingbare of feitelijke verplichtingen die op balansdatum bestaan, waarbij het waarschijnlijk is dat een uitstroom van middelen noodzakelijk is, en waarvan de omvang op betrouwbare wijze is te schatten. Tenzij anders vermeld worden de voorzieningen gewaardeerd tegen de nominale waarde van de uitgaven die naar verwachting noodzakelijk zijn om de betreffende verplichtingen af te wikkelen. De voorziening onderhoud heeft betrekking op het planmatig onderhoud aan de gebouwen en is bedoeld om schommelingen in de lasten op te vangen. De voorziening frictiekosten heeft betrekking op de kosten die gemoeid gaan met de krimp van de organisatie en daarmee de krimp van de formatie. Vaste schulden De vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met de reeds gedane aflossingen. Vaste schulden hebben een rente typische looptijd van één jaar of langer. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. 4.6

Overzicht van baten en lasten

Baten en lasten De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Onder baten worden verstaan de baten die rechtstreeks aan het jaar zijn toe te rekenen en die in het jaar als gerealiseerd kunnen worden beschouwd. De lasten worden bepaald met inachtneming van de hierboven vermelde grondslagen voor waardering en toegerekend aan het verslagjaar waarop zij betrekking hebben. Verliezen worden in aanmerking genomen in het jaar waarin deze voorzienbaar zijn. Conform het BBV worden de mutaties in reserves, zowel bij de begroting als bij de rekening, separaat verantwoord. Zowel het totaal van saldo van baten en laten als het resultaat zijn hierdoor inzichtelijk. Opbrengsten De opbrengsten worden verantwoord voor zover gerealiseerd. Afschrijvingen Dit betreft de afschrijvingskosten van de vaste activa. De afschrijvingstermijn bedraagt maximaal de economische levensduur. Personeelskosten Hierop worden de totale salariskosten van het personeel verantwoord inclusief overige personele kosten.

20

5.

Toelichting op de balans

5.1

Activa

5.1.1

Materiële vaste activa

Een overzicht van de materiële vaste activa is onderstaand opgenomen.

Boekwaarde per 1 januari 2021

Grond

Gebouwen

Verbouwingen

Automatisering

143.924

1.785.497

151.965

1.055.291

3.298

3.142.964

83.180

1.329

84.509

Inventaris

Totaal

Herrubricering Investeringen 143.924

1.785.497

151.965

1.138.471

4.627

3.224.484

83.385

18.194

293.210

1.676

396.465

1.702.112

133.771

845.261

2.951

2.828.019

35/44 jaar 10/20 jaar

3-5 jaar

10 jaar

Desinvesteringen Afschrijvingen Ontvangen subsidies Duurzame waardeverminderingen Boekwaarde per 31 december 2021

143.924

Afschrijvingstermijnen

5.1.2

0 jaar

Financiële vaste activa

Leningen

Persoonlijk

Doorlopend

Totaal

Boekwaarde 01-01-2021

3.703.413

237.496

3.940.909

Verstrekkingen 2021

1.767.640

107.674

1.875.314

Aflossingen Afboekingen Boekwaarde 31-12-2021

2.177.183 58.882 3.234.988

96.404 17.421 231.345

2.273.587 76.303 3.466.333

Bij de persoonlijke leningen gaat het om sociale kredieten, herfinancieringskredieten, kostenkredieten en saneringskredieten. Totaal 2.006 kredieten met een gemiddeld uitstaand bedrag van € 1.613,-. Bij het doorlopend krediet gaat het om totaal 117 kredieten met een gemiddeld uitstaand bedrag van € 1.977,-. 5.1.3

Verloop debiteurenvoorziening

Debiteurenvoorziening Stand per 01-01-2021

116.120

Storting

bij

72.107

Afschrijving i.v.m. oninbaarheid

af

76.303

Stand per 31-12-2021

111.924

De grondslag van de omvang van de voorziening is vanaf boekjaar 2016 gebaseerd op het voortschrijdende gemiddelde van de afschrijvingen over afgelopen zeven jaar en is ook gerelateerd aan de ontwikkelingen in de boekwaarde.

21

5.1.4

Uitzettingen 2021

2020

548.348

262.547 0

Overige vorderingen Te vorderen BTW Aangifte BTW 4e kwartaal boekjaar

69.194 -3.661

69.194 -16.544

Totaal

613.881

315.197

Vorderingen op openbare lichamen Vordering gemeenten schuldhulpverlening Vordering GR-gemeenten Algemene Reserve

Zoals omschreven in de paragraaf weerstandsvermogen zijn er landelijk diverse discussies over de omzetbelasting in relatie tot de diensten binnen de schuldhulpverlening. Het is niet geheel duidelijk of alle schuldhulpverlening BTW vrijgesteld is, de discussie gaat met name over bewindvoering. De GKB is van mening dat de diensten van bewindvoering vrijgesteld zijn van BTW. De Belastingdienst heeft in haar beleid opgenomen dat zij van mening is dat bewindvoering niet vrijgesteld is van BTW. In 2019 heeft de rechtbank uitspraak gedaan in een vergelijkbare zaak en uitgesproken dat bewindvoering wel vrijgesteld is van BTW. De Belastingdienst is in hoger beroep gegaan tegen deze uitspraak. Mocht de Belastingdienst alsnog in het gelijk gesteld worden dan heeft dit mogelijk ook gevolgen voor de GKB. De inspecteur van de Belastingdienst is in 2019 langs geweest om de situatie met de GKB te bespreken. De Belastingdienst heeft nog geen standpunt ingenomen richting het GKB, maar er bestaat een risico dat de GKB onterecht geld heeft terug gevraagd afgelopen jaren, of dat de GKB te weinig BTW heeft afgedragen in afgelopen jaren. Dit is afhankelijk van de uitspraak van het Hooggerechtshof, dat kan nog jaren duren. Halverwege 2020 is de GKB volledig gestopt met het afdragen en terugvragen van btw met betrekking tot de schuldhulpverlening.

Enkel de BTW die in rekening gebracht moet worden op detacheringsovereenkomsten met een looptijd van langer dan 1 jaar is afgedragen aan de Belastingdienst. 5.1.5

Liquide middelen

Kasgelden Banktegoeden Totaal

2021 672 2.142.109 2.142.781

2020 1.080 1.558.522 1.559.602

Ten aanzien van de liquide middelen gelden geen opnamebeperkingen. Evenmin worden er ten aanzien van liquide middelen valutarisico’s gelopen. De liquide middelen staan ter vrije beschikking van de GKB. De GKB maakt geen gebruik van schatkistbankieren. Er is een kredietlimiet van € 1 miljoen mogelijk op de rekening die betrekking heeft op schatkistbankieren. 5.1.6

Overlopende activa

Licenties Allegro Inzake project Vroegsignalering Vooruitbetaalde bedragen Terug te ontvangen transitievergoeding Saldo klantreserveringen Bijdrage GR Bestuursadvies Overige overlopende activa Totaal

2021 61.543 0

2020 60.000 26.500

70.587

85.304

48.500 41.321 105.685 18.627 346.263

30.000 0 0 201.804

Eind van het jaar worden de licentiekosten van Allegro (het software systeem voor schuldhulpverlening en kredietverlening) voor het volgende jaar vooruitbetaald.

22

Het bestuur is begin 2021 gestart bezig met een evaluatie van de huidige strategische koers. De kosten die hiervoor gemaakt zijn worden apart in rekening gebracht bij de GR Leden. 5.2

Passiva

5.2.1

Algemene reserve

Algemene reserve Saldo per 1 januari Bijdrage GR-leden Toevoeging resultaat Saldo per 31 december

5.2.2

2021 9.817 1.160.551 -1.160.551 9.819

2020 9.817 376.201 -376.201 9.817

2021 100.000 0 -34.585 65.415

2020 102.595 100.000 -102.595 100.000

Bestemmingsreserves

Reserve reorganisatiekosten en mobiliteitskosten Saldo per 1 januari Toevoegingen Onttrekkingen Saldo per 31 december

De reservering is in 2017 gevormd om de kosten van de reorganisatie te dekken waarna in 2020 een nieuwe storting in deze reserve is gedaan van € 100.000 om de mobiliteit te ondersteunen en daarmee frictiekosten te voorkomen. In 2021 zijn de kosten met betrekking tot mobiliteit hieruit gedekt. Reserve ICT Saldo per 1 januari Toevoegingen Onttrekkingen Saldo per 31 december

2021 0 0 0 0

2020 61.199 0 61.199 0

De reserve ICT is in 2018 gevormd om de kosten voor het openen van beheer- en leefgeldrekeningen in het kader van de overgang naar een nieuw softwarepakket te kunnen dekken. De reserve is in 2020 geheel vrijgevallen. 5.2.3

Nog te bestemmen resultaat

Conform het gestelde in paragraaf 6, artikel 41, van de gemeenschappelijke regeling, wordt een nadelig exploitatiesaldo gedekt uit de algemene reserve. Bij gebreke van deze reserve, wordt het nadelig exploitatiesaldo gedekt door de deelnemende gemeenten in verhouding tot het aantal inwoners van die gemeenten op 1 januari van het desbetreffende exploitatiejaar. Het negatieve resultaat over 2021 ad € 520.243,- wordt middels de resultaatbestemming in rekening gebracht bij de deelnemende gemeenten op basis van inwoneraantallen. 5.2.4

Voorzieningen

De voorzieningen bestaan in 2021 uit twee onderdelen: de voorziening “groot onderhoud” en de voorziening “personeelskosten”. Voorziening groot onderhoud

2021

2020

Saldo per 1 januari

130.362

167.779

9.000

9.000

Toevoegingen Onttrekkingen Saldo per 31 december

-3.995

-48.417

135.367

130.362

De voorziening groot onderhoud is gebaseerd op een meerjaren onderhoudsplan. De GKB heeft een actueel meerjaren onderhoudsplan laten opstellen voor de periode 2020 - 2030. Op basis van dit plan is de jaarlijkse dotatie aangepast.

23

In 2020 is een voorziening personeelskosten gevormd voor frictiekosten inzake boventalligheid en beëindigingsregelingen. In 2021 zijn de kosten voor boventalligheid en beëindigingsregelingen hieruit gedekt en heeft daarnaast een storting plaatsgevonden inzake langdurige ziekteverzuim.

Voorziening personeelskosten Saldo per 1 januari Toevoegingen Onttrekkingen Saldo per 31 december

5.2.5

2021 524.745 166.022 -339.021 351.746

2020

2020 1.400.000 0 0 1.400.000

2020

0 524.745 0 524.745

Langlopende leningen

Langlopende leningen Saldo per 1 januari Opgenomen gelden Aflossingen Saldo per 31 december

0 1.400.000 0 1.400.000

In 2020 is externe financiering aangetrokken middels een langlopende lening bij BNG van € 1,4 miljoen. De lening heeft een looptijd van 10 jaar en is aflossingsvrij. De rente bedraagt jaarlijks 0,45%. 5.2.6

Netto-vlottende schulden

Rekening Courant BNG Doorbetalingen Saldo depotrekeningen Saldo klantreserveringen Saldo interne rekeningen GKB Crediteuren Verlofuren Loonheffing + Sociale lasten Overige Totaal

2021 4.324.541 1.035.981 389.202 0 706.197 208.521 254.232 336.204 366.986 7.621.863

2020 3.608.028 1.263.823 457.375 589.541 672.822 161.947 256.752 426.895 325.440 7.762.643

In 2020 is een rekening courant verhouding met de BNG overeengekomen met een faciliteit van € 4,6 miljoen welke in 2021 is verhoogd naar € 5,5 miljoen. De rente bedraagt 1-maands Euribor vermeerderd met 65 basispunten. Het betreft een faciliteit voor onbepaalde tijd zonder aflossingsverplichting. De vergoeding voor het niet gebruikte deel van het limiet bedraagt 1maands Euribor vermeerderd met 25 basispunten. 5.2.7

Overlopende passiva 2021

2020

Vooruit ontvangen aflossingen

62.702

105.077

Vooruit ontvangen bijdragen schuldhulpverlening

158.681

172.264

Totaal

221.383

277.341

5.3

Niet in de balans opgenomen verplichtingen en rechten

Leasecontracten De kosten voor de leasecontracten van 3 dienstauto’s bedragen € 2.406 per maand inclusief een brandstofvoorschot. Deze bedragen zijn inclusief btw. Alle contracten zijn aangegaan in 2020 en hebben een looptijd van 60 maanden.

24

Daarnaast is er een langlopend leasecontract voor de printers. De overeenkomst heeft een duur van 60 maanden en is ingegaan op 19 juni 2017. De jaarlijkse kosten bedragen circa € 49.000,- en zijn inclusief afdrukken en toners. Huurcontract Betreft het huurcontract tussen de GKB en het OV Bureau, met als ingangsdatum 1 maart 2005, is op 1 maart 2020 verlengd voor een periode van 2 jaar. De huuropbrengst bedroeg in 2021 € 84.510,-.

25

6.

Toelichting op het overzicht van baten en lasten

6.1

Bedrijfsopbrengsten

In onderstaande tabel is een overzicht opgenomen van alle bedrijfsopbrengsten. Daarna volgt een specificatie per opbrengst.

Rente opbrengsten leningen

Realisatie 2021

Begroting 2021

327.794

550.000

Realisatie 2020

Realisatie 2019

403.377

523.455

Rente opbrengsten gebouwen

128.916

130.000

128.916

128.916

Schuldhulpverlening Gemeenten

3.121.494

2.980.161

3.709.393

4.192.971

Schuldhulpverlening cliënten

366.934

412.078

341.027

319.887

Preventiewerkzaamheden

281.861

100.000

62.584

103.074

0

0

13.098

45.205

Vergoeding beschermingsbewind

2.271.253

2.558.108

2.478.289

2.414.712

Vergoeding bemiddelingskosten

160.423

566.041

312.453

233.832

Subsidies

94.667

0

0

0

Overige vergoedingen

47.881

48.000

53.325

59.912

Huur

84.510

89.000

82.840

68.085

Incidentele opbrengsten

78.751

20.000

84.595

153.091

Budgetservice

Vrijval voorzieningen Bijdrage GR-leden inzake bestuursadvies Totaal opbrengsten

6.1.1

158.962 214.116 7.178.600

7.453.388

7.669.897

8.402.102

Renteopbrengsten leningen

De renteopbrengsten leningen hebben betrekking op de rente welke in de exploitatie in rekening wordt gebracht voor zowel persoonlijke leningen als doorlopende kredieten. Dit betreft ook eventueel in rekening gebrachte boeterente en vertragingsrente. Het aantal uitstaande leningen is gedaald, evenals het gemiddelde leningsbedrag. Dit heeft effect op de omvang van de rentebaten. 6.1.2

Renteopbrengsten leningen

Betreft de rente welke ten laste van de huisvestingskosten wordt gebracht in verband met de aankoop van het pand in Assen. 6.1.3

Schuldhulpverlening gemeenten

De opbrengst schuldhulpverlening heeft betrekking op de vergoeding voor uitvoering van werkzaamheden in het kader van integrale schuldhulpverlening, exclusief beschermingsbewind voor gemeenten. 6.1.4

Schuldhulpverlening cliënten

Onder deze post worden de vergoedingen voor budgetbeheer en schuldhulpverlening geboekt die door de cliënten uit eigen middelen worden betaald. 6.1.5

Preventiewerkzaamheden

In opdracht van gemeenten en in een enkel geval van andere partijen voert de GKB preventieactiviteiten uit. Deze activiteiten zijn aanvullend op de basisdiensten van de GKB en worden op projectbasis gefinancierd. Preventie werkt uitsluitend op basis van kortdurende incidentele opdrachten. 6.1.6

Budgetservice

Onder deze noemer worden de inkomsten verantwoord die worden verkregen van de bewoners van voornamelijk de organisatie Cosis, die hun beperkte financiële zaken laten beheren door de GKB. Er heeft gedurende 2020 een verschuiving plaatsgevonden van de registratie van deze baten in verband met de overgang naar de nieuwe software. Een deel van de baten in zijn opgenomen

26

onder de baten uit schuldhulpverlening. In 2021 zijn de volledige baten met betrekking tot budgetservice opgenomen onder de baten schuldhulpverlening. 6.1.7

Vergoeding beschermingsbewind

De GKB wordt op basis van een uitspraak van de Rechter aangesteld als bewindvoerder. De wetgever stelt jaarlijks middels een ministeriele regeling de vergoedingen voor de werkzaamheden van de bewindvoerder vast. Deze vergoeding wordt vanwege het ontbreken van voldoende eigen middelen in circa 75% van de gevallen in rekening gebracht bij de gemeenten waar de onderbewindgestelde woonachtig is. In de overige 25% van gevallen zijn de cliënten zelf in staat de vergoeding te betalen. 6.1.8

Vergoeding bemiddelingskosten

In de dossiers waarbij sprake is van een schuldregeling in de vorm van een schuldbemiddeling wordt op de aan de schuldeisers uit te keren bedragen 9% bemiddelingskosten (norm NVVK) ingehouden. 6.1.9

Subsidies

Het toegekende bedrag voor de O2 subsidie bedraagt € 142.000. De pilot draait sinds begin 2021 en de projectactiviteiten dienen volgens de voorwaarden uiterlijk op 1 juli 2022 uitgevoerd te zijn. 6.1.10 Overige vergoedingen Deze post bevat onder andere de vergoeding voor financieel beheer. In de dossiers waarbij sprake is van een schuldregeling in de vorm van een schuldbemiddeling wordt, naast de bemiddelingskosten, financieel beheer aangehouden. Dit financieel beheer heeft als doel om te waarborgen dat de klant alle afgesproken inkomensdelen afdraagt aan de GKB ten behoeve van zijn/haar schuldeisers. De vergoeding voor het financieel beheer bedraagt voor de cliënt €6, - per maand per beheer (norm NVVK). Dit bedrag wordt in mindering gebracht op de aan de schuldeisers uit te keren bedragen. 6.1.11 Huur De ontvangen huur heeft betrekking op de verhuur van de 2e verdieping van het kantoorpand aan het OV-bureau Groningen Drenthe. Halverwege 2019 is ook één vleugel op de 3e verdieping verhuurd aan het OV-bureau. 6.1.12 Incidentele opbrengsten De incidentele opbrengsten hebben o.a. betrekking op nagekomen aflossingen van kredieten die in het verleden wegens oninbaarheid zijn afgeboekt. Daarnaast worden hier ook de bedragen geboekt van gelden, conform de interne beleidsregels, waarvan de rechtmatige eigenaar onvindbaar is.

6.1.13 Bijdrage GR-leden inzake bestuursadvies Het bestuur is begin 2021 gestart bezig met een evaluatie van de huidige strategische koers en heeft begin 2022 het voorgenomen besluit tot “vervreemding van de activiteiten van de GKB” bekend gemaakt. De kosten die gemaakt zijn inzake de evaluatie zijn vergoed aan de GKB.

6.2

Bedrijfslasten

6.2.1

Afschrijvingen Realisatie 2021

Begroting 2021

Realisatie 2020

Gebouwen

101.578

95.000

103.484

Inventaris

27.841

17.000

4.639

Automatisering

267.101

250.000

187.387

Totaal afschrijvingen

396.520

362.000

295.510

27

6.2.2

Overige bedrijfskosten

In onderstaande tabel is een overzicht opgenomen van alle overige bedrijfskosten. Daarna volgt een specificatie per kostenpost. Realisatie 2021

Begroting 2021

Realisatie 2020

Realisatie 2019

Directe kosten Kosten BKR

0

0

13.726

14.376

Kosten Preventie

40.425

7.500

175

13.196

Rente externe financiering

6.300

35.000

1.129

0

5.773.682

5.604.874

6.681.492

7.448.924

Automatiseringskosten

390.221

255.750

423.156

310.243

Huisvestingskosten

220.018

235.290

219.104

224.042

Portokosten

81.270

90.000

0

0

Telefoonkosten

42.746

90.000

0

0

Betalingsverkeer

59.580

76.725

0

0

Drukwerk

20.020

27.621

24.408

27.528

Accountants- en advieskosten

101.119

56.265

55.007

62.671

Overige kosten

140.282

215.730

483.760

534.027

Debiteurenvoorziening

72.107

150.000

133.031

179.590

Voorziening personeelskosten

Apparaatskosten Personeelskosten

Algemene kosten

Dotatie voorzieningen 166.022

0

524.745

0

Onderhoudsvoorziening

9.000

9.000

9.000

7.000

Kosten bestuursadvies

214.116

0

0

0

Kosten Bureau Krediet Registratie Alle krediet- en schuldregelingsovereenkomsten en het verloop daarvan moeten door de GKB bij het Bureau Krediet Registratie (BKR) worden geregistreerd. Daarnaast dienen alle nieuwe kredieten schuldregelingsaanvragen bij het BKR te worden getoetst. De BKR kosten worden vanaf 2020 onder de post Algemene kosten – overige kosten verantwoord. Kosten preventiewerkzaamheden Onder deze post worden de kosten opgenomen die relevant zijn voor de verschillende preventieprojecten anders dan loonkosten. Personeelskosten Onder de post personeelskosten worden alle personeelslasten verantwoord inclusief WWverplichtingen. Zie verder de inleiding op de toelichting van de programmarekening onder het kopje “Lasten” op pagina 18-19. In het kader van de BBV maken wij hier melding van de indicatoren voor de eigen onderneming: 31-12-2021

31-12-2020

Formatie volgens begroting (fte)

71

79

Bezetting

79

86

Voor de apparaatskosten verwijzen wij naar de programmarekening.

28

Automatiseringskosten De kosten voor automatisering, zoals licenties, hardware en software, worden onder deze post verantwoord. Huisvestingskosten De huisvestingskosten in brede zin - zoals huur, energie, schoonmaak en dergelijke - worden onder deze post verantwoord. Drukwerk De kosten van het drukwerk in brede zin worden onder deze post verantwoord. Accountants en advieskosten De kosten voor de jaarlijkse accountantscontrole en overige advieskosten worden hier verantwoord. Overige algemene kosten Onderstaand een specificatie van de overige kosten in de jaarrekening 2021: Overige kosten BKR kosten

6.304

Incidentele lasten

16.447

Kantoorbenodigdheden

5.652

Algemene kosten

39.686

Verzekeringen

30.912

Abonnementen/contributies

27.952

Incassokosten

11.247

Werkzaamheden derden

2.083

Totaal

140.282

Debiteurenvoorziening Deze voorziening is gevormd ter dekking van de verliezen als gevolg van oninbare vorderingen vanwege kredietverstrekkingen. Zie verder de toelichting bij de omschrijving van de voorziening zelf. Voorziening personeelkosten De storting in de voorziening personeelskosten heeft betrekking op langdurig ziekteverzuim. Onderhoudsvoorziening Deze voorziening is gevormd ter dekking van het onderhoud van de gebouwen in eigendom. In verband met het aangepaste onderhoudsplan 2020 – 2030 is de dotatie gewijzigd ten opzichte van de begroting. Zie verder de toelichting bij de omschrijving van de voorziening zelf. Kosten bestuursadvies Onder de bestuurskosten zijn de lasten voor de bestuursopdrachten aan de extern adviseur, de notulist en de lasten voor de directeur bedrijfsvoering. De totale kosten worden gedeeld door 3 en ten laste gebracht bij de GR-leden.

29

6.3

Wet normering Topfunctionarissen

Gegevens 2021 Bedragen x € 1 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2021 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) Dienstbetrekking Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal

J. Tingen Directeur 01/01 – 31/12 1,0 Ja 112.894 20.375 133.269

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum

209.000

-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terug ontvangen bedrag

0

Bezoldiging Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling Gegevens 2020 Bedragen x € 1 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2021 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) Dienstbetrekking Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal

133.269 n.v.t. n.v.t.

J. Tingen Directeur 01/01 – 31/12 1,0 Ja 111.567 19.231 130.798

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum

201.000

-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terug ontvangen bedrag

0

Bezoldiging Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11562024/1