CConstaterende datHoogeveen
Koppel je AI →
Document · PDF

DEF raadsbrief jeugd .pdf

Raadsavond 3 februari 2022, gemeente HoogeveenBij agendapunt: Herontwerp sociaal domein - Programmaplan2.525 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Geachte leden van de raad,

Met deze brief geven we u de aanbevelingen uit onze Metastudie Sociaal Domein, Deel 2 over de Jeugdwet. Als bijlage vindt u de nota van bevindingen, waar onze conclusies en aanbevelingen op gebaseerd zijn. Inleiding Dit onderzoek was geen traditioneel rekenkameronderzoek, maar een ‘meta-studie’. Met een meta-studie wordt bedoeld dat er gebruik is gemaakt van eerder door andere rekenkamers uitgevoerde onderzoeken om daar de leerpunten voor Hoogeveen uit te halen. Uitgangspunten voor de aanpak zijn: • • •

‘De bevindingen uit andere gemeenten worden gebruikt voor de gemeente Hoogeveen, met oog voor de lokale context. 1 Mantra: Overzicht, inzicht en sturing. Al ‘trechterend’ door middel van de focus op de rollen en taken van de gemeenteraad komen van een zeer breed en gecompliceerd beleidsterrein tot bruikbare aanbevelingen voor de raad.

De meta-studie wordt per onderdeel uitgevoerd (WMO, Jeugdwet en Participatiewet) en tot slot voorzien van een overkoepelende notitie (‘satéprikker’). U krijgt bij deze de uitkomsten van Deel 2 over de Jeugdwet. De uitkomsten van Deel 1 over de uitvoering van de Wmo heeft u half december van ons gekregen. Naar verwachting zal Deel 3 over de uitvoering van de Participatiewet en de “satéprikker” eind januari/begin februari volgen. Zodoende hopen en willen wij bijdragen aan uw besluitvorming over het Herontwerp Sociaal Domein (HSD). Dit deelonderzoek is uitgevoerd conform het u in april gestuurde onderzoeksvoorstel met kleine wijzigingen in de planning. Door tijds- en werkdruk bij de organisatie in verband met Corona en HSD is met de organisatie gekomen tot een aangepaste planning van het Wmo-onderzoek. Dit hebben we u op 27 september tijdens de sessie met u over de toen lopende onderzoeken gemeld. Hierdoor is dit deel over de jeugdwet later gestart en geëindigd.

1

Om een onleesbaar rapport dat vooral bestaat uit citaten uit en verwijzingen naar andere rapporten te voorkomen hebben we de bevindingen samengevat. Het rapport zou anders honderden bladzijden dik geworden zijn.

1

Aanpak Centraal in dit deelonderzoek stond de vraag: “Welke lessen uit de reeds uitgevoerde rekenkameronderzoeken naar de uitvoering van de Jeugdwet kunnen bruikbaar zijn voor de gemeente(raad) van Hoogeveen? “ De RKC heeft in beeld gebracht wat er gebeurd is qua wetgeving en financiering vanuit het Rijk sinds 2015, welke items in den lande spelen, welke items in Hoogeveen spelen en welke lessen daaruit op de items die voor Hoogeveen van belang (kunnen) zijn te trekken zijn. De RKC pretendeert met dit onderzoek niet volledig of alomvattend te zijn. Dat is onmogelijk in een (kleine) meta-studie op zo’n breed beleidsterrein. Wel hoopt de RKC op een zo efficiënt mogelijke wijze een bijdrage te leveren aan uw positie in de opgave voor Hoogeveen in het Sociaal Domein, en dus ook aan het traject HSD, met mogelijk relevante verbeterpunten, aanvullend aan wat er al gedaan is en wordt. De RKC heeft zich daarom gefocust op de rol van de raad en de gedane rekenkameronderzoeken die gedaan zijn voor de raden in den lande vanaf 2018. Het RKC-onderzoek startte in oktober en liep daarmee parallel aan de inspanningen van de organisatie om te komen tot het HSD. Ook deze brief en de nota van bevindingen leggen we helaas voor zonder ambtelijk en bestuurlijk wederhoor. In de rapportage vindt u daarom wederom geel gearceerde passages.

Dit betreft de gevraagde maar niet verkregen informatie van de organisatie en enkele vraagpunten die we graag aan de organisatie hadden willen stellen. Wij hebben om de organisatie te ontlasten alleen gevraagd naar: CEO, klachten en een overzicht van kosten in de IV 1 t/m 3. Helaas hebben we deze documentatie niet mogen ontvangen. Deze gang van zaken betreuren wij wederom ten zeerste. Gezien de (uitblijvende) ambtelijke medewerking zien wij ons genoodzaakt u onze brief en rapportage zonder ambtelijke en bestuurlijke reactie aan te bieden zodat u hiermee wel op tijd uw voordeel kan doen door het te gebruiken om uw vragen te formuleren aan het college alvorens het programmaplan HSD vast te stellen. Overigens voldoet de RKC hiermee aan de regels uit verordening en onderzoeksprotocol en wijzen wij u erop dat de organisatie hieraan niet voldaan heeft en daarmee specifiek in strijd handelt met artikel 8 lid 3 van uw verordening. Het college kan de bestuurlijke reactie op ons rapport en brief nu direct aan u geven. Aanbevelingen Veel van de punten die we reeds benoemden in de raadsbrief n.a.v. Deel 1 van de Metastudie zijn evenredig ook op Jeugd van toepassing. U zult dan ook hieronder veel identieke tekst aantreffen. Wat nieuw is, is een aanvulling op de aanbevelingen aan u als raad.

Dit zijn concretere handvatten, waarmee wij de intentie hebben u als raad sterker in positie te brengen in de besluitvorming over het HSD.

2

Vanuit deze metastudie beveelt de RKC de volgende zaken aan: 1. Raad, a) Het is aan u om de politieke keuzes te maken. Dat betekent dat u mag verwachten dat door de organisatie aan u een heldere visie op de transformatie voorlegt waarin gewenste2 maatschappelijke effecten duidelijk worden beschreven, gebaseerd op maatschappelijke waarden die in kadernota’s als leidend en sturend gebruikt worden. Hierbij hoort een visie op de inzet van, en verwachte maatschappelijke effecten van, preventie. Ook hoort hierbij een duidelijke visie op de mate van jeugdzorgplicht die u als Hoogeveen op u neemt. U mag verwachten dat daarbij visie, doelen en activiteiten onderscheiden worden, en dat aan u wordt voorgelegd op welke factoren u wil sturen, en controleren, en welke proceskaders gelden als referentiekader zodat controle mogelijk is. De informatievraag van u, en niet het aanbod vanuit organisatie en college zou leidend moeten zijn. Dat kan bij de P&C-cyclus zijn, maar niet noodzakelijk alleen daarbij. De nog te bepalen leidende principes in het traject HSD kunt u daarbij gebruiken. Ga uit van het antwoord op de vraag “wat voor gemeente wilt u zijn?” Laat het college vervolgens een actueel beleidsplan en verordening opstellen met criteria voor resultaat- of effectmeting en de ten aanzien van aanbieders te hanteren prestatie-indicatoren.

Zorg dat u keuzes worden voorgelegd gebaseerd op overzicht, inzicht, sturing: op basis van de analyse van de doelgroep en te verwachten ontwikkelingen kiest u voor maatschappelijke effecten en de wijze waarop daarop gestuurd wordt middels inkoop- en bekostigingssystematiek, en hoe u op de realisatie daarvan geïnformeerd wilt gaan worden. Tot slot: vervul uw controlerende rol. Ook deze beperkt zich niet tot de P&Ccyclus qua informatievoorziening: De norm of het kader daarvoor is leidend en die bepaalt u, naast de rechtstatelijke en beleidskaders. b) Overweeg als Raad voor het Sociaal Domein de methode Duisenberg toe te gaan passen. Bij deze methode nemen enkele raadsleden samen met de organisatie en desgewenst begeleid door een ter zake kundig adviesbureau de jaarrekening door; niet in zijn geheel maar voor één programma, in dit geval het programma sociaal domein. Daarmee krijgt u in enkele weken een veel dieper inzicht in de werkelijke resultaten en kosten van een programma dan uit de jaarrekening zelve blijkt. c) Financiële rijkskaders zijn niet dwingend. U heeft beleidsruimte ten aanzien van de eigen keuzes voor inkomsten en uitgaven, en bent niet gebonden aan wat het rijk ooit beschikbaar stelde of gaat stellen.

2

U kunt bij het bepalen van uw visie de toetsvragen en ‘knoppen om aan te draaien’ die staan opgesomd in de rapportage ‘harmonie in het sociaal domein’ van de VNG (op basis van de adviezen van AEF/visitatiecommissie) gebruiken ter ondersteuning

3

Samengevat: neem uw rol door hem te krijgen en krijg hem door hem te nemen. Concretere handvatten hiervoor zijn: Raad, verlang dat in een nieuw op te stellen beleidsplan te zien is: - Wat er te kiezen valt, m.a.w. waar de raad invloed op kan uitoefenen - Welke informatie de raad voortaan gaat ontvangen om het beoogde beleid te kunnen fiatteren - Hoe de betrokkenheid van de raad bij het onderwerp jeugdzorg wordt gewaarborgd - Hoe de raad zicht kan krijgen en houden op de ontwikkeling van risico’s op het beleidsterrein jeugdzorg. Expliciteer wat goede kaders zijn. Stel aanvullende kaders voor jeugdzorg. Deze kaders zouden tenminste moeten gaan over: - Doelen en prioriteiten van beleid: Welke maatschappelijke effecten streeft u na met jeugdzorg en welke zijn het belangrijkst? Zijn er doelgroepen die voorrang hebben boven anderen? - Indicatoren om te meten of de belangrijkste doelen dichterbij komen (effectindicatoren) en of het college hieraan voldoende bijdraagt (prestatie-indicatoren) - Randvoorwaarden voor het beleid zoals het budget - Afspraken over het proces waarlangs raad en college het beleid volgen en evalueren – al dan niet met betrokkenheid van cliëntenraden, inwoners en zorgaanbieders. Concrete doelen zijn om drie redenen van belang: 1. Als de gemeente duidelijk maakt wat ze wil bereiken, is het ook helder waarover het college verantwoording moet afleggen aan de raad.

2. Concreetheid helpt de gemeente de dialoog beter te voeren met partners zoals verwijzers en zorgaanbieders. Ze maken duidelijk waar de gemeente naar streeft. Binnen de dialoog kan nader uitgewerkt worden wie waaraan en in welke mate een aandeel kan leveren. 3. Concreetheid in doelen helpt tenslotte ook bij evalueren, leren en verbeteren van beleid. Neem als raad pas besluiten over de inrichting van jeugdzorg nadat u zelf de richting heeft bepaald. Bij het vaststellen van een nieuwe verordening voor het sociaal domein kan de raad ook besluiten over inrichtingskwesties voor jeugdzorg zoals: • het model voor het bekostigen van jeugdzorg • het inkoopmodel voor jeugdzorg en • concrete maatregelen om kosten voor jeugdzorg te beheersen. Het is goed dat de raad bestaande inrichtingskeuzes opnieuw gaat overwegen, maar dan wel in de goede volgorde, dat wil zeggen nadat de richtinggevende doelen zijn bepaald. En ga hierbij niet over één nacht ijs. Laat u goed informeren over de argumenten voor en tegen bij de verschillende inkoop- en bekostigingsmodellen.

Maak als raad expliciet welke informatie u wanneer in welke vorm wilt hebben over de ontwikkeling van doelen en kosten voor jeugdzorg.

4

Het college en ambtenaren zijn geholpen als u duidelijk maakt hoe u het als raad wilt hebben. U kunt dit doen als onderdeel van de aanvullende kaders of als aparte actie op kortere termijn. Hierbij geeft de RKC de volgende suggesties mee: • •

Beperk u tot hoofdlijnen (doelen, kosten en beleving gebruikers) Dwing af dat (financiële) cijfers in verschillende rapportages op elkaar aansluiten.

Zorg dat het college op basis van onderzoek en analyse van de doelgroep en de ontwikkeling daarin voorstellen doet voor inkoop- en bekostigingssystematiek. Wat maakt dat jongeren en hun gezin deze stap zetten? En wat leveren deze behandelingen jongeren en de samenleving op? Inzichten uit dergelijk onderzoek kunnen ook helpen bij het (beter) inschatten van effecten van maatregelen. Belangrijk is dat een structuur voor de gewenste informatievoorziening aan de raad wordt ontwikkeld. Relevante elementen die tot de structuur van de gewenste informatievoorziening behoren, zijn: ● Inhoud van de informatie ● Doel van de informatie ● Vorm waarin de informatie wordt aangeboden ● Frequentie waarin de informatie wordt aangeboden Inhoud van de informatie: Maak hierbij onderscheid tussen de volgende perspectieven:  Transformatieperspectief  Cliëntperspectief  Financieel perspectief Onderzoek of het mogelijk is deze drie perspectieven te integreren in de wenselijke structuur voor de informatievoorziening via de volgende stappen:  Stel een set kerndoelen vast.  Stel per kerndoel een aantal beleidsvragen.  Bepaal welke indicatoren antwoord geven op de beleidsvragen.  Geef in een aantal werkbijeenkomsten met de Raad invulling aan de stappen 1, 2 en 3.  Maak heldere afspraken met de zorgaanbieders over de (door)ontwikkeling van de monitoring.

 Actualiseer de lokale zorgmeter op basis van de uiteindelijke set kerndoelen – beleidsvragen – indicatoren en houd deze vervolgens bij. Doel van de informatie: De invulling van good governance houdt in dat de informatie dient voor: ● Overzicht, Inzicht, Sturing ● Beheersing ● Verantwoording ● Toezicht Bepaal daarom in overleg met de Raad en de auditcommissie welke informatie voor welk doel geschikt is en bepaal voor de juiste behandeling de goede vorm. 2. College, a) Het is een open deur, maar zorg voor a. Een integrale sturing en keten-control b. Een volledige (pdca)beleidscyclus gebaseerd op de door de raad vastgestelde visie, en beleidsplan, door het vaststellen van beleid, doelstellingen (gebaseerd op de 3 doelstellingen van de wet) en c. Vervolgens daarbij passende (Drentse) inkoopsystematiek en

5

bekostigingssystematiek. Zorg dat er actueel beleid is, gebaseerd op een ook in praktijk bruikbare visie, en dat de uitvoering daar op kan aansluiten en aansluit, zowel binnen de gemeente als met de zorgaanbieders. Niet andersom… b) Verminder het aantal aanbieders, gebaseerd op de visie c.q. leidende principes, met behulp van het inkoop- en bekostigingsmodel. De al enkele jaren voorgenomen maar tot op heden nog niet vormgegeven doorgroei naar een passende bekostigingssystematiek kunt u nu aanpakken door te kiezen voor een bekostigingsvorm (productie-, populatie-, resultaat- of functiebekostiging of varianten daarop) die het beste passen bij de uit te voeren taak en voorzien in de al eerder door Hoogeveen en in het kader van HSD geformuleerde voorwaarden, zoals:  Ruimte voor diversiteit en innovatie  Een breed genoeg (maar niet te breed!) aanbod om maatwerk en waar nodig keuzevrijheid te realiseren  Op voorhand geen goede aanbieders uitsluiten  Ook kansen voor kleinere, gespecialiseerde leveranciers  Zoveel mogelijk voorkomen van zorgverspilling, misbruik en fraude. Open house is niet de enige voor de hand liggende inkoopmethode, zeker niet als je naar minder aanbieders toe wil. Er zijn andere vormen van aanbesteden 3. Per vorm van zorg kan de inkoopmethode verschillen. Zorg daarbij wel dat de te selecteren aanbieders zich conformeren aan de Hoogeveense visie en aanpak.

En zorg dat de toegang bij de inkoopmethodiek passend georganiseerd is. Zorg ook dat de selectie van aanbieders gebaseerd is op het criterium van het verkrijgen van de benodigde managementinformatie voor de PDCA-beleidscyclus. Stuur in de regio. Laat u niet onnodig leiden door de regio. Gebruik de handvatten, toetsvragen en draaiknoppen uit het rapport “Harmonie in het Sociaal Domein’ om u daarin te versterken. Zeker met het oog op de komende wet ‘Zorg voor de jeugd’. Maak gebruik van de Sociale monitor van de VNG om cliëntpopulatie nog beter in beeld te hebben. Zorg dat u per wijk de doelgroep in beeld heeft. Zorg voor samenhang tussen toegang, inkoop & bekostiging en monitoring.4 Bij de monitoring: zorg voor duiding door bijvoorbeeld per wijk de trends in beeld te brengen en deze te gebruiken. Maak gebruik van ideeën en feedback van inwoners, dorpen, organisaties. Gebruik daartoe de CEO ook kwalitatief en trendmatig. Zorg voor de organisatie en samenwerking in lijn met bovenstaande, integraal en samenhangend. Zorg voor netwerksamenwerking in de wijk.

Pas, tot slot, een passend toezichts- en controlekader toe. Dat wil zeggen passend bij de gewenste, en bij de visie van Hoogeveen passende, balans tussen vertrouwen en controle.

3

https://vng.nl/publicaties/informatiekaart-inkoopmodellen

4

Zie: rapportage ‘harmonie in het sociaal domein’ van de VNG (op basis van de adviezen van AEF/visitatiecommissie) gebruiken ter ondersteuning

6

c) Zorg voor verbeteringen in de uitvoering. Vele mogelijke tips vindt u in hoofdstuk 5 en 6 van de NvB. Wij begrijpen dat deze brief, nu deze helaas niet aan de voorkant afgestemd is met organisatie en college, tot de wens van verduidelijking van uw kant kan leiden. Wij horen graag van u of u een nadere toelichting wilt op onze onderzoeksbevindingen en aanbevelingen.

Met vriendelijke groet,

Mr A. Teeuw Voorzitter RKC Hoogeveen

7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11064094/1