Bijlage 1 besparing op het welzijnswerk nav programmaplan.pdf
Tekst van het document
Bijlage 1. Voorgestelde besparingen op het welzijnswerk op basis van het programmaplan ‘Herontwerp Sociaal Domein 2022-2025’ Onderdeel van de financiële vertaling van het programmaplan ‘Herontwerp Sociaal Domein 2022-2025’ is een besparing van €250.000 op het professioneel welzijnswerk. Daarnaast heeft het college besloten om in 2022 incidenteel ruim €10.000 beschikbaar te stellen aan de SWW voor uitbreiding van de coördinatiefunctie voor buurtbemiddeling. Besloten is dat de continuering van de uitbreiding moet worden afgewogen in de totale opgave van de SWW. Dat betekent dat als de extra inzet voor buurtbemiddeling wordt gecontinueerd er in 2023 een bedrag van ruim €260.000 moet worden omgebogen/bespaard. De besparingen zijn gevonden op basis van de volgende uitgangspunten: 1. Conform het programmaplan wordt prioriteit geven aan activiteiten die aantoonbaar effectief zijn. 2. De maatschappelijke impact van de besparingen moet minimaal/acceptabel zijn. Het is moeilijk om de effectiviteit van interventies in het sociaal domein aan te tonen. Dat geldt vooral voor preventieve activiteiten. Wel zien we het effect van voorliggende voorzieningen. Dat wil zeggen voorzieningen waar we naar kunnen verwijzen als inwoners een beroep doen op de Wmo, de Jeugdwet of de Participatiewet. Het gaat dan om voorzieningen als maatschappelijk werk, Loket Geldzaken, dagontmoeting etc.
Deze voorzieningen leiden aantoonbaar tot minder gebruik van geïndiceerde ondersteuning en zorg. We hebben er dan ook voor gekozen om niet te besparen op voorliggende voorzieningen tenzij die efficiënter kunnen worden georganiseerd. We hebben gekozen voor besparingen waarvan de maatschappelijke impact beperkt kan blijven door de uitvoering efficiënter in te richten of door (een deel van) de financiële verantwoordelijkheid te beleggen bij andere maatschappelijke partners. Op basis van deze uitgangspunten worden de volgende besparingen voorgesteld:
€40.000 door verlaging van de personeelskosten/coördinatiekosten van Mantelzorg Vitaal. Het activiteitenaanbod van Mantelzorg Vitaal werkt preventief. Het biedt ontspanning aan (zwaar) belaste mantelzorgers en het vergemakkelijkt het signaleren en helpen van overbelaste mantelzorgers. De activiteiten sluiten aan bij de uitgangspunten van het herontwerp. Desondanks is een besparing mogelijk door e.e.a. efficiënter te organiseren waardoor de maatschappelijke impact minimaal is. Thans wordt €60.000 besteed aan personeelskosten/coördinatiekosten. Dit wordt vooral ingezet voor het organiseren van het activiteitenprogramma, pr en registratie van de deelnemers. Deze taken kunnen thans met minder formatie worden uitgevoerd mede doordat inmiddels de noodzakelijke netwerken en routines zijn opgebouwd. Een deel van de taken kan worden uitgevoerd door de mantelzorgconsulenten en een deel door vrijwilligers. Deze besparing heeft geen impact op het activiteitenaanbod voor mantelzorgers.
€50.000 door verlaging van personeelskosten/coördinatiekosten van dagontmoeting voor ouderen (thans €87.740). Dagontmoeting is een belangrijke voorliggende voorziening die aantoonbaar effectief de inzet van Wmo-maatwerkvoorzieningen voorkomt. Een besparing is mogelijk door een verschuiving van werkzaamheden en personeel waardoor de maatschappelijk impact gering is.
De coördinatiefunctie is de afgelopen jaren ingezet voor uitbreiding van het aantal groepen dagontmoeting en het ontwikkelen van een zwaardere vorm van dagontmoeting (Dagontmoeting Plus) alsmede voor het organiseren van allerlei sociale activiteiten voor ouderen. Inmiddels is sprake van een stevig en dekkend aanbod aan dagontmoeting voor ouderen waarvan de uitvoering geschiedt door vrijwilligers ondersteund door professionals. De coördinatiefunctie kan daardoor meer gericht worden op het realiseren van vormen van dagontmoeting voor inwoners met ggz problematiek en voor inwoners met een lichte verstandelijke beperking. Hiervoor zijn extra middelen beschikbaar gesteld (zie bijlage 2). De lopende sociale activiteiten voor ouderen kunnen worden bestendigd, verbreed en uitgebreid binnen het programma Eén Tegen Eenzaamheid en de daarvoor beschikbaar gestelde middelen. Deze besparing heeft dan ook geen gevolgen voor het activiteitenaanbod voor kwetsbare ouderen. Kritische factor is en blijft de beschikbaarheid van voldoende vrijwilligers en hun duurzame inzetbaarheid.
€42.000 door het efficiënter inrichten van de coördinatie/ ondersteuning van vrijwilligers die worden ingezet bij de verschillende diensten die de SWW biedt, waaronder informele zorg en maatjesdiensten. De vrijwilligers worden deels ingezet voor diensten die voorliggend zijn en de inzet van Wmo-maatwerkvoorzieningen effectief voorkomen. Ook hier verwachten we een besparing te kunnen realiseren met een aanvaardbaar maatschappelijk effect. De coördinatie/ondersteuning van vrijwilligers geschiedt door meerdere beroepskrachten die ook andere werkzaamheden verrichten. Hier kan een efficiëncyslag plaatsvinden.
€18.000 door beëindigen van kinderwerk in het centrumgebied. De huidige ureninzet (8 uur per week) is te gering om een stevig activiteitenaanbod neer te zetten en een wezenlijk maatschappelijk effect te realiseren. Ook de maatschappelijk impact van de besparing is gering omdat de bestaande activiteiten kunnen worden ondersteund door het regulier schoolmaatschappelijk werk en jongerenwerk.
€18.000 door beëindiging van de subsidie voor weerbaarheidstrainingen in het basisonderwijs. Weerbaarheidstrainingen hebben een positief effect op de kennis, eigen vaardigheid en attitude van leerlingen. Een besparing is mogelijk door het te beschouwen als werkvorm binnen het schoolmaatschappelijk werk. Het schoolmaatschappelijk werk kan binnen de bestaande formatie weerbaarheidstrainingen aanbieden daar waar noodzakelijk en effectief.
€50.000 door het verminderen van de formatie voor UVC (uitvoeringscoördinatie). UVC is het uitvoeren van regie bij huishoudens met meervoudige problematiek. Regievoering betekent het afstemmen en organiseren van de hulpverlening die door meerdere instanties wordt geleverd aan een inwoner of een gezin (onder meer opstellen van een integraal plan van aanpak en het bewaken van de voortgang). Onze ervaring is dat duidelijke regievoering van belang is voor effectieve hulpverlening. Eén van de leidende principes in het programmaplan Herontwerp Sociaal Domein is dan ook om bij elk huishouden dat ondersteund wordt de regiefunctie duidelijk te beleggen. Hiervoor hebben we het Project Versterken Regie opgestart. In dit project worden de verschillende vormen van regie gestroomlijnd en wordt een optimale taakverdeling tot stand gebracht tussen de gemeente en maatschappelijke partners, waaronder de SWW. We verwachten dat de regiefunctie bij meervoudige problematiek efficiënter kan worden georganiseerd. Hierdoor kan wellicht dubbele regievoering worden voorkomen. De SWW schat in dat hierdoor op de totale regiefunctie een besparing
kan worden gerealiseerd van ongeveer een halve fte. Deze besparing is afhankelijk van de uitkomsten van het Project Versterken Regie. Pas in de loop van 2023 zal blijken of hiermee ook de behoefte aan regie vermindert. De mogelijkheid bestaat dat de efficiëncywinst teniet wordt gedaan door een autonome groei van de multiproblematiek. We zien deze op dit moment toenemen als gevolg van de diverse maatschappelijke crises. We boeken deze besparing in op de structurele subsidie aan de SWW. Door de onzekerheid of deze besparing in de praktijk ook te realiseren is, bestaat het risico op ongewenste gevolgen voor de meest kwetsbare inwoners. We willen dan ook de formatie in 2023 nog op peil houden. Dit biedt de benodigde tijd en ruimte om de regiefunctie goed in te regelen en efficiëncyvoordelen indien mogelijk te realiseren. Hiervoor zetten gemeente en SWW gezamenlijk incidenteel €50.000 in. De bijdrage van de gemeente van €25.000 komt ten laste van het projectbudget herontwerp sociaal domein. Dit budget is bedoeld om de uitvoering van het herontwerp te faciliteren waaronder het versterken van de regiefunctie.
€42.000 door de helft van de kosten van jongerenwerk op het voortgezet onderwijs (vo) te beschouwen als een verantwoordelijkheid van het vo. Jongerenwerkers leggen contact met kwetsbare jongeren, ondersteunen ze en begeleiden de jongeren naar passende hulpverlening. Dit heeft een positief effect op de schoolprestaties van de jongere, de persoonlijke ontplooiing van de jongere, het schoolklimaat en de leefbaarheid van wijken en dorpen. Het jongerenwerk op het vo levert daarmee zowel een bijdrage aan het realiseren van de doelstellingen van de gemeente als aan het realiseren van de doelstellingen van het vo. We boeken deze besparing in op de structurele subsidie aan de SWW. Maar gezien de druk op het onderwijs wil het College in 2023 geen financiële bijdrage vragen van de scholen. De beoogde bijdrage van het onderwijs wordt in 2023 bekostigd gebruikmakend van de middelen voor onderwijsachterstandsbeleid (OAB). Structurele financiering van het jongerenwerk op het vo maakt onderdeel uit van de nota jeugd. Deze nota is voor de zomer van 2023 gereed en bevat onder andere de doorontwikkeling van Jong Hoogeveen, een integrale afweging van de inzet van OAB middelen en het resultaat van het onderzoek wat jongeren nodigen hebben om elkaar fysiek te kunnen ontmoeten (aangenomen motie van uw Raad op 10 november 2022).
Hiermee komt de structurele besparing op de subsidie aan de SWW op € 260.000 per jaar.