Bijdrage inspreker - Ontwikkeling woningbouw
Tekst van het document
Woningbouw tot 2030: Groei, daarna Stagnatie – Waarom nu geen grootschalige landbouw hoeft te wijken Landelijke trends: groei tot 2030, stagnatie daarna Nederland staat tot 2030 voor een grote woningbouwopgave. Volgens prognoses van onder andere het CBS en het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) moeten er tot 2030 bijna één miljoen woningen worden bijgebouwd om het woningtekort te verkleinen en de groei van het aantal huishoudens op te vangen. De bouwproductie loopt op tot circa 100.000 woningen per jaar rond 2027 en stabiliseert daarna op ongeveer 90.000 woningen per jaar tot 2030. Deze groei wordt gedreven door bevolkingsgroei, migratie en de trend naar kleinere huishoudens. Na 2030 verandert het beeld. Demografische trends wijzen op een afvlakking van de groei van het aantal huishoudens. Door vergrijzing en een verwachte stabilisatie van de bevolking zal de jaarlijkse behoefte aan nieuwe woningen na 2030/2032 fors dalen. Sommige scenario’s voorspellen zelfs een terugval van de bouwproductie tot mogelijk 25.000 woningen per jaar na 2035. In bepaalde regio’s kan zelfs leegstand ontstaan door de ‘verstervingsgolf’ (sterfte onder ouderen). Bevolkingskrimp: een nieuwe realiteit De verwachte bevolkingskrimp is een belangrijk aandachtspunt. Na jaren van groei zal het inwonertal in veel regio’s rond 2035 zijn piek bereiken, waarna een daling inzet.
De belangrijkste oorzaken zijn vergrijzing, een laag geboortecijfer en het vertrek van jongeren naar stedelijke gebieden. In sommige gemeenten is de krimp al zichtbaar, vooral in kleinere dorpen en het buitengebied. Dit heeft gevolgen voor de woningmarkt: de vraag naar nieuwe woningen zal na 2030 afnemen, vooral buiten de grote steden. In sommige wijken kan leegstand ontstaan, met risico op verloedering. De woningbehoefte verschuift naar levensloopbestendige woningen en appartementen voor ouderen. Gemeenten zullen meer moeten inzetten op het aanpassen en verduurzamen van bestaande woningen, in plaats van grootschalige nieuwbouw. Drenthe en Hoogeveen: regionale trends en uitdagingen De provincie Drenthe kent sinds 2015 weer een lichte bevolkingsgroei, vooral door migratie. In 2024 telde Drenthe ruim 504.000 inwoners. Toch is de groei ongelijk verdeeld: sommige gemeenten groeien, andere krimpen. Hoogeveen is een van de grotere gemeenten en telt in 2025 circa 56.900 inwoners. De gemiddelde huishoudensgrootte daalt, het aantal eenpersoonshuishoudens neemt toe en de vergrijzing zet stevig door. Het aandeel ouderen in Drenthe stijgt van 21% naar 33% in 2040. Na 2030 zal het aantal huishoudens in Drenthe afnemen, vooral door ontgroening en vergrijzing. Na 2030 vlakt de groei van het aantal huishoudens en inwoners in Drenthe en Hoogeveen af.
Prognoses van het CBS en PBL laten zien dat de bevolkingsgroei in kleinere gemeenten aan de randen van Nederland, waaronder Drenthe, vrijwel tot stilstand komt of zelfs krimpt. Het aantal geboorten daalt, het sterfteoverschot neemt toe en migratie compenseert dit niet langer. Hierdoor ontstaat na 2030 een situatie waarin de vraag naar nieuwe woningen afneemt en leegstand kan ontstaan, vooral in gebieden met veel vergrijzing.
Landbouwgrond: nu geen grootschalige opoffering nodig Diverse experts en adviesorganen pleiten ervoor om vooral binnenstedelijk te bouwen en bestaande gebouwen te transformeren, omdat de woningbehoefte na 2030 zal afnemen. Grootschalige herbestemming van landbouwgrond is daarom niet noodzakelijk om de huidige woningbouwopgave te realiseren. Bovendien zijn veel bouwlocaties nog niet vergund en is er voldoende plancapaciteit tot 2030. Ruimte voor slimme keuzes Gezien de demografische trends en de verwachte stagnatie na 2030 is het niet noodzakelijk om nu grootschalig landbouwgrond op te offeren voor woningbouw. De huidige bouwopgave kan grotendeels binnen bestaande stedelijke gebieden en via transformatie van bestaande gebouwen worden ingevuld. Dit voorkomt onnodige permanente aantasting van het agrarisch landschap en biedt flexibiliteit voor toekomstige ontwikkelingen. Na 2030 zal de druk op de woningmarkt immers afnemen, waardoor grootschalige nieuwe uitbreidingslocaties mogelijk overbodig worden. Conclusie De woningbouw groeit tot 2030 stevig, maar na 2030/2032 vlakt de groei af en kan zelfs stagnatie optreden. Dit onderbouwt dat het nu niet nodig is om op grote schaal landbouwgrond op te offeren voor woningbouw.
Door te kiezen voor binnenstedelijke verdichting, transformatie en gefaseerde ontwikkeling blijft Nederland – en specifiek Drenthe en Hoogeveen – flexibel en toekomstbestendig. Trendbureau Drenthe bewijst dat er steeds minder jongeren komen en steeds meer ouderen. Daar is een locatie Hoogeveen-Zuid niet voor geschikt.
Bronnen: •
Berekening woningbouwopgave | Home | Volkshuisvesting Nederland
•
Provinciale bevolkingsprognose 2015-2040 | Provincie Drenthe
•
Demografie en klimaat gaan de toekomst van de woningbouw bepalen
•
Aantal woningen in Hoogeveen groeit tot 2030 minder hard dan in rest van Nederland | Hoogeveen | AD.nl
•
Woningtekort stijgt naar 390.000, pas rond 2030 minder krapte
•
CBS
•
PBL
•
ABF Research
•
RTV Drenthe, Binnenlands Bestuur, Vastgoed Insider