BG Noord Hoogeveen, deelplan Nijstad Oost, 2018_ontwerp_1compressed.pdf
Tekst van het document
Via een afwijkingsbevoegdheid is het wel mogelijk om bijgebouwen ten behoeve van het collectieve gebruik te realiseren. BG Noord Hoogeveen, deelplan Nijstad Oost, 2018 ontwerp
NL.IMRO.0118.2018BP9006008-ON01 56
6 april 2021
De woningen mogen gedeeltelijk worden gebruikt voor een aan-huis-verbonden beroep of voor een aan-huis-verbonden bedrijfsactiviteit, voor zover dit gebruik ondergeschikt blijft aan de woonfunctie. Dit betekent dat slechts maximaal 35% van het vloeroppervlak van de woning en de bijgebouwen tot niet meer dan 75 m² gebruikt mag worden voor het aan-huis-verbonden beroep of voor een aan-huis-verbonden bedrijfsactiviteit. Artikelen 9 t/m 14 Algemene regels In hoofdstuk 3 zijn de algemene regels opgenomen die van toepassingen zijn op het plangebied. De algemene bouwregels zoals opgenomen in Artikel 10 bieden mogelijkheden voor de bouw en gebruik van installaties t.b.v. de opwekking en levering van duurzame energie. Het zuidelijk gelegen gedeelte van het plangebied valt binnen de geluidszone van de NAM-locatie, waarvoor de gebiedsaanduiding Geluidzone - industrie 50 dB(A) op de verbeelding is aangegeven. Binnen deze zone is het niet toegestaan om geluidsgevoelige bebouwing op te richten, tenzij aan de voorkeursgrenswaarde wordt voldaan of een hogere grenswaarde is verkregen. In Artikel 13 is een algemene afwijking opgenomen waarmee (middels een omgevingsvergunning) afgeweken kan worden van de opgenomen maatvoeringen in het bestemmingsplan, het realiseren van een jongerenontmoetingsplaats en van gebouwen ten behoeve van het openbare nut en/of voor ondergrondse afvalopslag.
Ook worden er mogelijkheden geboden om af te wijken van het bestemmingsplan en de realisatie voor de opwekking en levering van waterstoftoepassingen toe te staan. Hiervoor dient aangetoond te worden dat de voorgenomen ontwikkeling voldoet aan de voorwaarden zoals opgenomen in het Besluit externe veiligheid inrichtingen en geen onevenredige aantasting plaatsvindt van de directe omgeving.
BG Noord Hoogeveen, deelplan Nijstad Oost, 2018 ontwerp
NL.IMRO.0118.2018BP9006008-ON01 57
6 april 2021
BG Noord Hoogeveen, deelplan Nijstad Oost, 2018 ontwerp
NL.IMRO.0118.2018BP9006008-ON01 58
6 april 2021
Hoofdstuk 7 7.1
Handhaving
Algemeen
Het bestemmingsplan wil een sturend instrument zijn voor de ruimtelijke en functionele inrichting van het plangebied. Aan de hand van de in het bestemmingsplan opgenomen regels worden voorgenomen activiteiten (activiteiten en gebruik van gronden) getoetst. Als blijkt dat zonder of in afwijking van de regels activiteiten danwel gebruik plaatsvinden en de afwijking niet op enige wijze kan worden gelegaliseerd en niet past binnen het gemeentelijk beleid, is handhaving in enge zin aan de orde, gericht op het ongedaan maken van een overtreding. Handhaving is belangrijk om de sturing die het bestemmingsplan beoogt tot haar recht te laten komen.
7.2
Beleidskeuzen
Door de gemeente Hoogeveen is een kadernota integrale handhaving vastgesteld. Deze nota is de start van programmatisch handhaven in de gemeente Hoogeveen. Programmatisch handhaven is een structurele en integrale aanpak van de handhaving, waarbij de uitvoering onder andere is gebaseerd op een handhavingsprogramma. Daarbij worden door het bestuur de prioriteiten bepaald en worden handhavingsactiviteiten zoveel mogelijk op elkaar afgestemd. In deze aanpak worden beleid en uitvoering opgevolgd door evaluatie en bijsturing. Programmatisch handhaven is daarmee een cyclisch, democratisch, integraal en transparant proces.
7.3
Inzet gemeentelijk apparaat
Op basis van de kadernota Toezicht en handhaving wordt jaarlijks een gemeentelijk werkprogramma opgesteld. Hierin worden op basis van een evaluatie voor het komende jaar de prioriteiten (bij)gesteld. In dit werkprogramma worden alle taken, taakonderdelen, de wettelijke of gewenste prioriteitstelling, prestatie en capaciteitstoekenning op het gebied van handhaving opgenomen. Tevens wordt de voortgang van de projecten die spelen inzichtelijk gemaakt. De werkprogramma's worden gemonitord en geëvalueerd (jaarverslagen). Voor de monitoring en evaluaties zal aansluiting worden gezocht bij de programmasturing zoals die in Hoogeveen wordt gebruikt. Aan deze programma's ligt een visie (1x10 jaar) ten grondslag die vervolgens worden uitgewerkt in beleidsnota's (1x4 jaar) en uitvoeringsprogramma's (jaarlijks). Tevens wordt beoordeeld of nog de juiste prioriteiten worden gesteld en of het handhavingsbeleid en de handhavingsstrategieën nog doelmatig en effectief zijn. Ieder jaar rapporteert het college van B&W de evaluatie aan de gemeenteraad. Indien nodig worden op basis van de evaluatie aanpassingen gedaan in de kadernota.
BG Noord Hoogeveen, deelplan Nijstad Oost, 2018 ontwerp
NL.IMRO.0118.2018BP9006008-ON01 59
6 april 2021
BG Noord Hoogeveen, deelplan Nijstad Oost, 2018 ontwerp
NL.IMRO.0118.2018BP9006008-ON01 60
6 april 2021
Hoofdstuk 8 8.1
Uitvoerbaarheid
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Het conceptbestemmingsplan is ingestuurd voor vooroverleg conform artikel 3.1.1 Bro. Hierop zijn door de provincie Drenthe, de Veiligheidsregio Drenthe, de NAM, en Stichting Woon advies commissie Hoogeveen inhoudelijke reacties gegeven. De vooroverlegreacties zijn puntsgewijs samengevat weergegeven, alsmede het gemeentelijk standpunt in nota vooroverleg bestemmingsplan 'BG Noord Hoogeveen, deelplan Nijstad Oost, 2018' die als bijlage 10 is opgenomen. De reacties zijn per aangehaald punt beantwoord. Waar de reacties tot aanpassingen hebben geleid wordt dit vermeld. Vervolgprocedure Het ontwerpbestemmingsplan zal vervolgens ter inzage worden gelegd gedurende een periode van 6 weken. Gedurende deze inzagetermijn kan een ieder een zienswijze kenbaar maken. De bekendmaking hiervan zal plaatsvinden in de Hoogeveensche Courant alsmede in de Staatscourant en via elektronische weg. Het vervolg daarop bestaat, kort samengevat, uit de volgende stappen in de procedure: vaststelling (al dan niet gewijzigd) door de gemeenteraad; beroepsmogelijkheid bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
8.2
Economische uitvoerbaarheid
Het stedenbouwkundig plan is doorgerekend en verwerkt in een grondexploitatie. In de grondexploitatie zijn alle kosten en opbrengsten meegenomen die betrekking hebben op het plan. Bij de kosten gaat het hierbij o.a. om de kosten voor het bouw- en woonrijpmaken van zowel het openbaar gebied als het uitgeefbaar gebied. Naast het bouw- en woonrijpmaken zijn ook kosten opgenomen voor beheer en onderhoud tijdens de exploitatie fase, plankosten (interne en externe uren), diverse adviezen en onderzoeken, een globale inschatting voor planschade en een post onvoorzien. De opbrengsten worden gegenereerd door de uitgifte van de erven / kavels voor woningbouw. In totaal gaat het om de uitgifte van acht erven waarbinnen ruimte is voor de realisatie van 80 tot maximaal 100 woningen. Gerekend is met een looptijd van de grondexploitatie van 2020 tot en met 2028. Concluderend kan vastgesteld worden, dat uit de doorrekening van alle in het plan betrokken elementen, vervat in een grondexploitatie, is gebleken dat realisatie van het project mogelijk is. Gelet op de kosten en opbrengsten zoals die zijn opgenomen in de grondexploitatie is op te merken dat het project gepaard gaat met een positief resultaat op netto contante waarde.
Hiermee is het plan economisch uitvoerbaar, temeer bij vaststelling de gemeenteraad zal worden voorgesteld de grondexploitatie tezamen met dit bestemmingplan vast te stellen.
BG Noord Hoogeveen, deelplan Nijstad Oost, 2018 ontwerp
NL.IMRO.0118.2018BP9006008-ON01 61
6 april 2021
BG Noord Hoogeveen, deelplan Nijstad Oost, 2018 ontwerp
NL.IMRO.0118.2018BP9006008-ON01 62
6 april 2021
Bijlagen toelichting
BG Noord Hoogeveen, deelplan Nijstad Oost, 2018 ontwerp
NL.IMRO.0118.2018BP9006008-ON01 63
6 april 2021
Bijlage 1
Beeldkwaliteitsplan Nijstad-Oost
BG Noord Hoogeveen, deelplan Nijstad Oost, 2018 ontwerp
NL.IMRO.0118.2018BP9006008-ON01 64
6 april 2021
H oog e ve e n Beel dkwa l iteitp l a n Nij sta d -O o s t
17 fe b r uar i 2021
a t e l i e r
DUTCH
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
2
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
Inhoud Inleiding4 Vooraf4 Blokzijl-erf, erf-ensemble, erf, erfscheiding 4 Stedenbouwkundig plan
5
1. Openbare ruimte 1.1 Wegen en paden 1.2 Park
6 6 8
2. Collectieve velden 2.1 Stedenbouwkundige regels 2.2 Voorbeelden invullingen collectieve velden
16 16 22
3. Erven
28
4. Tuinen
38
5. Gebouwen
42
3
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
Inleiding erfscheidingen
boerderij, schuurvolumes, tuinen
erf
Vooraf
Blokzijl-erf, erf-ensemble, erf, erfscheiding
Nijstad-Oost wordt een buurtschap van 80 á 100 woningen met een klein park. Het is onderdeel van de gebiedsontwikkeling ‘Nijstad’. Naast de bestaande bedrijvigheid wordt er recreatie en wonen ontwikkeld. De recreatie bestaat uit dagrecreatie, een vakantiepark aan de voormalige zandwinplassen en de trim/ren/fietsroute ‘rondje Nijstad’. De wooncomponent bestaat uit verschillende bijzondere woonmilieus, zoals het wonen aan het water bij de plassen en het wonen op ‘boeren’ erven temidden van collectieve velden in Nijstad-Oost.
Met het woord ‘erf’ kunnen vele verschillende elementen van dit plan bedoeld worden. Om binnen dit plan zo helder mogelijk de verschillende onderdelen te benoemen hebben we consequent de volgende definities aangehouden:
Het plangebied van Nijstad-Oost omvat de percelen die in bezit zijn van de gemeente Hoogeveen. Op dit moment worden deze agrarisch gebruikt. Ten noorden van het gebied loopt de Hoogeveense Vaart, ten oosten van het gebied ligt de wijk ‘Erflanden’, ten zuidwesten van het gebied ligt een gasverwerkingsfrabriek met affakkelinstallatie van de NAM. Direct ten westen van gebied liggen eerst een aantal weilanden die agrarisch zullen blijven en iets verder naar het westen de zandwinplassen die ontwikkeld worden tot woon- en recreatiegebied.
Erfscheiding: hagen, hekken, etc. die de percelen afbakenen. Erf: de collectieve ruimte tussen de woningen, voor een groot gedeelte een centrale verblijfsruimte. Erf-ensembe: het geheel van woningen, tuinen en erf wat gezamelijk als een eenheid in het landschap herkenbaar is. Erf-met-een-naam (bijvoorbeeld ‘Blokzijl-erf’ of ‘Van der Veen-erf’): dit zijn de specifieke namen voor de erf-ensemble inclusief de omliggende collectieve velden. Erflanden: de wijk ten oosten van Nijstad-Oost
erf-ensemble
(collectieve) velden
erf-met-een-naam
4
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
Stedenbouwkundig plan ‘Boerenerven’ tussen de velden Nijstad-Oost is een kleine woonwijk die is vormgegeven als acht nieuwe ‘boerenerven’. Dit is een landschappelijke inpassing die zowel ruimtelijk als qua gebruik een bijzonder woonmilieu oplevert. De bewoners wonen met de voordeur aan een gezamenlijk erf. Het erf is een soort hofje tussen boerderij- en schuur-achtige gebouwen. Aan de buitzijde van de erfensembles liggen velden van diverse formaten die doorzichten openen naar het omliggende landschap. Deze velden worden collectief gebruikt door de bewoners. Dit collectieve gebruik kunnen ze zelf invullen. De bewoners van een erf-ensemble kunnen hun velden bijvoorbeeld gebruiken als een gezamenlijke boomgaard; een andere groep van bewoners kan één van hun velden gebruiken als paardenweide en een ander als vlindertuin; en een derde groep kan hun veld inrichten met een zwemvijver.
Legenda
Voedselpark Een deel van het plangebied wordt een park. Hoewel dit park op zichzelf een bescheiden formaat heeft, vormt het een netwerk met de natuur buiten Hoogeveen en de recreatieve zuidoevers van de naastgelegen meren. Het park zal zich richten op het groeien en produceren van voedsel: denk hierbij bijvoorbeeld aan fruit- en notenbomen, kleinvee in weides, kleine akkers die bewerkt worden ter educatie voor scholieren, tot de insecten die nodig zijn voor de bevruchting van de planten.
grens bouwvelden (= suggestie grens private percelen)
fietspad (Haaipietpad) autoweg (Hollandse Werkplaatsweg)
1. De Vries erf
oprijlaan erf-ensemble
4. Benjamins erf
2. De Boer erf 3. Blokzijl erf
grens tussen de ‘erven met een naam’ grens erf-ensembles
7. Bos erf
5. Van der Veen erf
park
6. Peters erf
collectieve velden
private percelen (precieze indeling staat nog niet vast)
De hiernaast getoonde kaart legt de ligging van de erven met bijbehorende velden en de ligging van de Hollandse Werkplaatsweg en het fietspad vast. De invulling van de erven en de precieze plek van ontsluitingspunten van de meeste erven worden per erf uitgewerkt.
De grond is uitgeefbaar maar niet bebouwbaar aan deze kant van de rode contour. Dit is dus tuin of erf.
9 De Jong erf
laatsweg
Eerste wijk op waterstof Het meest bijzondere aan deze wijk is echter dat dit de eerste wijk op waterstof gaat worden. Een breed consortium aan Noord-Nederlandse bedrijven en overheden gaat hier huizen realiseren die op waterstof verwarmd worden. Deze vorm van aardgasloos wonen biedt voordelen ten aanzien van de opslag en transport van duurzame energie en opent mogelijkheden ten aanzien van het hergebruik van het aardgasnetwerk. Eigenlijk is deze wijk dus een pilotproject voor een nieuwe tijd.
Hollandse werkp
collectieve erven (precieze indeling staat nog niet vast)
8. Bakker erf
Haai
pietp
ad
N
10m
25m
100m 5
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
1. Openbare ruimte 1.1 Wegen en paden
A
Voor de inrichting van de openbare ruimte is de agrarische esthetiek de leidraad. Dit betekent dat er wordt gekozen voor eenvoudig en doeltreffend materiaalgebruik en dat een ‘toevallige’ pragmatische oplossing niet uit de weg wordt gegaan. Zo loopt de Hollandse Werkplaatsweg bijvoorbeeld niet precíes recht, zijn de wegen precies breed genoeg (zonder overmaat), wordt er relatief weinig verhard (gebakken klinkers, geen asfalt) en zijn de oprijlaantjes naar de erven vormgegeven als verharde karrensporen. Er zijn twee soorten openbare ruimte in dit plan. Enerzijds de verkeersruimte van de wegen en paden, anderzijds de verblijfsruimte van het park. Deze zijn beide al uitgebreid aan bod gekomen in het stedenbouwkundig plan. Dit BKP beperkt zich tot enkel een samenvatting daarvan. De uitgebreide toelichting en uitwerking de wegen en paden zijn terug te vinden in het stedenbouwkundig plan. Zie hoofdstuk 3,”openbare ruimte”.
D
E
I
B
G H
Materialen Qua materialen bestaat het palet uit vier basisingredienten: - Vezelversterkte betonplaten of betonweg met betonplaat ‘look’ - Gebakken roodbruine klinkers (halfopen en normaal verband) - Gras (berm en greppel) - Rood Nobrecal of gelijkwaardig product (fietspad) Er zal naar worden gestreefd om zoveel mogelijk gebruikte betonplaten en klinkers te gebruiken.
F
C
Hiernaast zijn de profielen opgenomen die de inrichting van de openbare ruimte tonen. De overige profielen zijn terug te vinden in het stedenbouwkundig plan 6
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
Profiel A: Nijstad (De weg langs de vaart)
Nijstad-weg
Profiel B: Zuidwoldigerweg
‘De Vries velden’
Profiel E: Hollandse werkplaatsweg
‘De Boer-erf’
‘De Boer velden’
‘Benjamins velden’
Profiel C: fietspad Nijstad-Oost
Zuidwoldigerweg
‘Bakker-erf’
Fietspad Nijstad-Oost
Profiel F: Hollandse werkplaatsweg
Hollandse Werkplaatsweg
‘Blokzijl-erf’
‘Van der Veen Hollandse velden’ Werkplaatsweg
‘Peters-erf’ 7
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
1.2 Park Het zuiden van het gebied wordt een park. De inrichting van het park is nader uit te werken. De uitgebreide toelichting van de uitgangspunten voor het park is terug te vinden in hoofdstuk 4 van het DO stedenbouwkundig plan.
Legenda openbaar groen De sloot langs de Zuidwoldigerweg en de groenstrook daarnaast (tussen de sloot en de weg) liggen officieel binnen het plangebied, maar bijven op grote lijnen gelijk aan de huidige situatie. Enkel het nieuwe fietspad en de twee oprijlanen voor het Bos erf en het Bakker erf zijn aanleiding voor plaatselijke veranderingen. Omdat de secundare ‘olifantenpad’ wandelroute van de sluis naar het park (en verder) de belangrijkste van het gebied is, wordt deze meeontworpen met het park.
Het erf in het park (het ‘De Jong erf‘) is bedoeld als functie in en voor het park. Er mag echter geen gebouw op staan, dus er zal naar een creatieve oplossing gezocht moeten worden. Het park zelf bestaat uit een aantal velden. Het zou logisch zijn om de inrichting van het park een agrarisch thema te geven. Het ontwerp dient verder ontwikkeld en ontworpen te worden door een landschapsarchitect. Ruimtelijk-landschappelijk zou het vanzelfsprekend zijn om dit deel van het park als massa vorm te geven: relatief dicht beplante bomen die ergens één of meerdere unieke plekken herbergen. Zo doet dit deel van het park mee in het ritme van de erven.
8
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
eten! a b
1. Routes langs randen
2. Het park wordt geprogrammeerd als een eetbaar park.
4. Dicht beboste velden
4. De overige velden
Het Nijstad-Oost park is een park van drie velden die gescheiden worden door doorlopende routes. Deze routes zorgen tegelijkertijd voor de verbinding in de woonwijk. de routes in het park sluiten aan op het netwerk van paadjes in het woongedeelte van Nijstad-Oost.
Door het park een agrarisch programma te geven wordt het een park voor heel Hoogeveen én ontstaat er een aangename verblijfsruimte. Het thema vloeit voort uit de gebiedsvisie van heel Nijstad. Gezondheid is één van de vier thema’s en gezond eten is één van de belangrijkste onderdelen van een gezonde levensstijl. Het wordt een park waar veel voedsel groeit en waar Hoogeveners van jong tot oud meedoen in het proces om dat voedsel op de borden te krijgen.
Tussen de wegen en paden in, kan elk veld zijn eigen invulling binnen het gekozen thema krijgen. Bij twee velden is het landschappelijk belangrijk dat deze dichter bebost zijn (a & b). Hierdoor gaan deze velden meedoen met het ‘dambordpatroon’ van erven in het gebied.
Bij de overige velden is het de bedoeling dat de verre perspectieven richting het omliggende landschap open blijven. Speeltoestellen, bomen, planten, vijvers en/of andere objecten worden hier als solitaire objecten in geplaatst. Ook qua structuur kunnen ze sterk van elkaar afwijken: de ene met kronkelige paadjes bijvoorbeeld, terwijl een andere juist geordende groeibedden heeft.
9
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
10
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
11
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
12
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
13
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n Staalkaarten voor het Vechtpark — Atelier Veldwerk
14
pag. 26
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
15
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
2. Collectieve velden 2.1 Stedenbouwkundige regels Tussen de erf-ensembles liggen velden die passen bij het agrarischlandschappelijke karakter van de buurt. Bij ieder woonerf horen maximaal twee velden. Deze velden zijn met een agrarisch en/of landelijk thema ingericht en in gezamenlijk gebruik door de bewoners van het woonerf. Qua ruimtelijkheid zorgen deze velden voor voldoende open ruimte in de wijk: ze waarborgen onder andere landschappelijke zichtlijnen.
1. Collectief gebruik. Doelstelling: collectief, gezond, agrarisch en bijzonder woonmilieu in een groene omgeving. Dit wordt bereikt doordat de velden worden ingericht voor gezamenlijk gebruik door de bewoners van het erf. Ze dragen bij aan de sociale cohesie en de ruimtelijkheid van de buurt. Invullingen van de velden met een agrarisch thema worden toegejuicht. Voorbeelden van deze invulling zijn: - collectieve moestuin - collectieve boomgaard - collectieve zwemvijver - collectieve dierenweide - collectieve vlindertuin
16
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
2. Het oppervlakte is 100% waterdoorlatend. Doelstelling: zo veel mogelijk water in het gebied zelf infiltreren. Om deze rede is er geen verharding op de velden mogelijk. Wanneer men een pad of een klein terras wil aanleggen, kan dit gemaakt worden met waterdoorlatende en natuurlijke materialen. Denk hierbij aan houtsnippers en/of gemaaide paden. Daarnaast is het mogelijk om verharding aan te leggen in de velden, zolang dit in mindering wordt gebracht op de maximale m2 verharding van de erven.
Voorbeeld paden in de velden
17
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
3. Maximaal 70% boomgaard. Doelstelling: ruimtelijk gezien vormen de erf-ensembles de massa’s, waarbij de velden de landschappelijke zichtlijnen creëren. Dit wordt bereikt door de velden niet te bebossen. Een invulling als boomgaard is daar de uitzondering op vanwege de uitgesproken collectieve potentie (snoeidag, periodieke verzorging, oogstfeest, etc.), en vanwege de relatief luchtige opzet (zichtlijnen tussen de rijen, laagstammig). In dat geval dienen er open plekken in de boomgaard gemaakt te worden zodat maximaal 70% van het veld als boomgaard is ingericht.
C A A+B+C= 30%
4. Maximaal twee velden. Doelstelling: de velden zijn open qua ruimtelijkheid en hebben een collectieve functie. Om dit te bereiken mogen de velden maximaal opgedeeld worden in twee velden. Zo is het mogelijk om bijvoorbeeld op een veld dieren te houden en op het andere veld een moestuin te hebben.
18
B
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
5. Greppels, dijkjes en olifantenpaadjes. Doelstelling: om het landschap beleefbaar te maken en het niet enkel
als ‘kijkgroen’ tussen de erf-ensembles te laten zijn, is het belangrijk dat mensen kunnen ‘dwalen‘ door hele wijk over kleine paden aan de randen van de velden. Daarnaast moet wateroverlast natuurlijk worden voorkomen. Om dat te bereiken is er een informeel netwerk aan paadjes aan de randen van de velden voorzien. Wanneer erfscheiding noodzakelijk is, dan staat deze anderhalf of drie meter binnen de kavelgrens. Dit laat ruimte vrij voor greppels, dijkjes en olifantenpaadjes. Zie de kavelpaspoorten in het stedenbouwkundig plan voor de speciefieke afstanden en plekken voor een greppel of een dijkje per erf-met-eennaam.
19
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
6. Erfscheidingen enkel wanneer nodig. Doelstelling: de velden zijn zo toegankelijk mogelijk voor bewoners en het landschap tussen de verschillende erven is zo open mogelijk. Om dit te bereiken wordt er om de verschillende velden bij voorkeur geen erfafscheidingen gemaakt. Erfafscheidingen hoeven dus alleen toegepast te worden als dat aantoonbaar nodig is. Op het moment dat er een speelweide met trapveld voorzien wordt, dan hoeft daar bijvoorbeeld geen hek omheen, terwijl dat voor kleinvee wél noodzakelijk is.
7. Erfscheiding max 1,2 m hoog. Doelstelling: het landschap tussen de verschillende erven is zo open mogelijk. Om dit te bereiken mag een erfafscheiding om de velden maximaal 1,2 meter hoog zijn. Zo kan men er nog wel overheen kijken en blijft het zicht vrij, maar is de erfafscheiding toch hoog genoeg om dieren binnen het veld te houden.
120 CM
20
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
8. Erfscheiding van natuurlijke materialen in materiaal eigen kleur. Doelstelling: een erf-met-een-naam heeft intern een grote samenhang in de inrichting van de buitenruimte. Onderling kunnen de erven-met-een-naam sterk van elkaar verschillen. Dit wordt bereikt doordat de erfafscheidingen coherentie hebben (wanneer deze toch geplaatst moet worden). Enerzijds coherentie doordat ze passen binnen het landschappelijke en agrarische karakter van de wijk: dat wordt bereikt door alleen natuurlijke materialen in materiaal eigen kleur toe te passen. Anderzijds wordt de coherentie binnen de erven bereikt door alle erfscheidingen van één erf-met-een-naam hetzelfde uit te voeren.
erfscheiding natuurlijke materiale in materiaal eigen kleur
21
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
2.2 Voorbeelden invullingen collectieve velden Voorbeeld invulling collectieve velden boomgaard
22
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
Voorbeeld invulling collectieve velden zwemvijver
23
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
Voorbeeld invulling collectieve velden dierenweide
24
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
Voorbeeld invulling collectieve velden vlindertuin
25
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
Voorbeeld invulling collectieve velden natuurspeeltuin
26
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
Voorbeeld invulling collectieve velden moestuin
27
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
3. Erven De buurt bestaat uit negen verschillende erf-ensembles. Acht erf-ensembles worden ontwikkeld tot kleine woonhofjes. Misschien is ‘woonerven’ een betere term, ware het niet dat verkeerde associaties oproept wijken uit de met jaren ‘70. Een erf-ensemble bestaat uit een collectief erf, woningen en private tuinen. De erf-ensembles vormen ruimtelijke elementen in het landschap door de ligging op een verhoging van ongeveer één meter en door de accentuering met bomenrijen. In dit hoofdstuk wordt de inrichting van de gezamenlijke buitenruimte op de erf-ensembles behandeld: de inrichting van het erf.
1. Collectief gebruik. Doelstelling: het erf is de belangrijkste gezamelijke buitenruimte van een erf-ensemble. Qua formaat en schaal zit het tussen de velden en een tuin in. Dit wordt bereikt door het erf vorm te geven als een gezamenlijk voorplein of hof voor de omwoners. Daarom is het van belang dat het erf een collectieve inrichting krijgt en niet versnipperd wordt tot individuele voortuinen.
28
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
Voorbeeld inrichting erf
29
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
2. Ingericht als verbijfsruimte. Doelstelling: het erf is de belangrijkste gezamelijke buitenruimte van een erf-ensemble. Om dat te breiken wordt het erf ingericht als een verblijfsruimte. Hoewel het erf ook gebruikt wordt voor de verplaatsing vanaf en naar de huizen, is de verblijfsfunctie een belangrijk verschil tussen ‘het erf’ en ‘de velden’. Op het erf kunnen kinderen bijvoorbeeld spelen of kunnen buren een praatje maken terwijl ze ontspannen op picknickbanken.
3. Maximaal 60% verharden. Doelstelling: water wordt zo dicht mogelijk bij de bron opgevangen vanwege een steeds natter klimaat. Dit zorgt ervoor at de overstromingspieken benedenstrooms afgevlakt worden. Om dat te breieken heeft het erf zo min mogelijk verharding. Het erf mag tot maximaal 60% verhard worden. Zo kan al het regenwater op eigen terrein in de grond worden opgenomen. Slechts voor extreme omstandigheden worden er greppels langs de velden voorzien, die het water buiten het erfmet-een-naam en buiten het gebied kunnen transporteren.
30
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
4. Doorkijk richting de velden. Doelstelling: vanaf het erf houdt men contact met het landschap rondom de erf-ensembles. Om dit te bereiken worden de erven zo gesitueerd dat er een doorkijk is richting de velden. Dat betekent dus dat het erf niet precies in het midden van het erf-ensemble ligt zoals bijvoorbeeld bij een Limburgse vierkantboerderij. Door het erf tegen een zijkant van het erf-ensemble te leggen wordt het door twee of drie kanten omsloten door bebouwing en bieden de overige kanten uitzicht over de velden.
Voorbeelden doorkijk
31
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
Buiten leven veranda
32
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
Buiten leven overgang binnen-buiten
33
N i j s t a d - O o s t B e e l d k w a l i t e i t p l a n
5. Parkeerplaatsen integraal vormgeven met de erven Doelstelling: het erf moet een aangename verblijfs- en ontmoetingsruimte worden. Daarom is het belangrijk dat het geen parkeerplaats wordt, ook niet gedeeltelijk. Om dat te bereiken dient het parkeren op een integrale manier vormgegeven te worden met de erven, Bijvoorbeeld door doorlopende materialisering van de bestrating dat een ‘vrijer’ parkeren mogelijk maakt, of door een kapschuur die meedoet met in het ensemble van woonvolumes. De parkeernorm bestaat voor 0,3 p.p/woning uit bezoekersparkeren. Deze kunnen op het collectieve erf gesitueerd worden. Het overige deel van de parkeernorm zijn private parkeerplaatsen voor de bewoners. Deze zijn onderdeel van de privé uitgegeven grond. Wanneer deze privé parkeerplaatsen op het erf gesitueerd worden, dan blijven deze privé uitgeven grond. Met andere woorden: door méér parkeren op het erf te situeren worden de groene delen van tuinen niet groter en het verblijfsdeel van het collectieve erf niet kleiner.
Parkeren op het erf.
34
Parkeren in een toegevoegd volume.
Parkeren opgenomen in de bebouwing.