CConstaterende datHoogeveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Begroting 2023 - Concept.docx

Raadsavond 16 juni 2022, gemeente HoogeveenBij agendapunt: Jaarrekening 2021 en Begroting 2023 SWO11.245 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Samenwerkingsorganisatie De Wolden Hoogeveen

23

Begroting 2023

Error! No text of specified style in document.

De kengetallen voor de SWO. Rekening 2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Netto schuldquote

6%

7%

11%

12%

11%

11%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

6%

7%

11%

12%

11%

11%

Solvabiliteit

12%

7%

10%

10%

10%

10%

Structurele exploitatieruimte

0%

0%

0%

0%

0%

0%

Kengetallen financiële positie

Om de overdracht van materiële vaste activa te bekostigen, hebben beide gemeenten een lening verstrekt. Uit de netto schuldquote blijkt dat de schuldenlast voor de organisatie gering is. Zoals gezegd vormen wij geen weerstandsvermogen. Dit wordt zichtbaar in de extreem lage solvabiliteitsratio. Eventuele exploitatie-overschotten of -tekorten, verrekenen we via de jaarlijkse bijdragen rechtstreeks met de deelnemende gemeenten. De structurele exploitatieruimte is daarom jaarlijks (nagenoeg) nihil.

Vaste activa Materiele vaste activa Financiële vaste activa

Jaarrekening 2020

Jaarrekening 2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

5.320.763

5.599.385

5.661.325

9.268.207

9.268.207

9.268.207

9.268.207

0

0

0

0

0

0

0

Vlottende activa Uitzettingen < 1 jaar

11.489.957

11.591.539

11.489.957

11.591.539

11.591.539

11.591.539

11.591.539

Liquide middelen

0

0

0

0

0

0

0

394.825

632.172

394.825

632.172

632.172

632.172

632.172

Overlopende activa TOTAAL ACTIVA

17.205.545 17.823.096 17.546.107 21.491.918 21.491.918 21.491.918 21.491.918

Vaste passiva Eigen vermogen

1.202.507

2.072.818

1.202.507

2.072.818

2.072.818

2.072.818

2.072.818

0

26.630

0

26.630

26.630

26.630

26.630

5.245.782

5.523.285

5.925.187

9.192.496

9.192.496

9.192.496

9.192.496

Vlottende passiva Vlottende schulden < 1 jaar

8.082.574

9.830.963

8.082.574

9.830.574

9.830.574

9.830.574

9.830.574

Overlopende passiva

2.335.839

369.400

2.335.839

369.400

369.400

369.400

369.400

Voorzieningen Vaste schulden > 1 jaar

TOTAAL PASSIVA

16.866.702 17.823.096 17.546.107 21.491.918 21.491.918 21.491.918 21.491.918

5.2 Financiering Inleiding We voeren onze financieringsfunctie uit volgens de Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet FIDO). In de wet staan transparantie en risicobeheersing centraal. De transparantie komt tot uitdrukking in een verplicht treasurystatuut en een financieringsparagraaf in begroting en jaarrekening. De Wet FIDO verplicht de lagere overheid financiële risico's op treasurygebied te beheersen. Daarnaast stelt de Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden (Ruddo) eisen aan de kredietwaardigheid van financiële instellingen. In de paragraaf Financiering geven we de ontwikkelingen aan met betrekking tot de kasgeldlimiet, de renterisiconorm, de verwachte toe- of afname van geldleningen of uitzettingen en het verdere beleid voor treasury. De randvoorwaarden waarbinnen treasury zich kan en mag bewegen, staan in het treasurystatuut.

24

Samenwerkingsorganisatie De Wolden Hoogeveen

Begroting 2023

Error! No text of specified style in document.

Risicobeheer De belangrijkste financiële risico’s bij de uitvoering van het treasurybeleid zijn de renterisico's, kredietrisico's, liquiditeitenrisico’s, koers- en valutarisico's en inflatierisico's. Renterisico Hieronder valt het beheersen van de risico’s dat in de toekomst de rentelasten van het vreemd vermogen hoger, of dat de renteopbrengsten van activa lager zijn dan een bestuurlijk wenselijk geacht niveau, of het in de meerjarenraming en de begroting geraamde niveau. De Wet FIDO hanteert voor de beheersing van het renterisico de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. De wet normeert via percentages het maximale risico dat een gemeenschappelijke regeling mag lopen op de vaste (de renterisiconorm) en de vlottende schuld (de kasgeldlimiet). Kasgeldlimiet (kortlopende schuld) De kasgeldlimiet heeft tot doel de renterisico’s op kortlopende (opgenomen) geldleningen te beperken. Jaarlijks geeft het ministerie aan welk bedrag de lagere overheid mag financieren met kortlopende geldleningen. De kasgeldlimiet is een percentage (8,2%) van het begrotingstotaal. Voor 2023 is het begrotingstotaal € 67.023.864, zodat de toegestane kasgeldlimiet € 5.495.957 is. Het uitgangspunt is dat een eventueel financieringstekort zoveel mogelijk met kort geld gefinancierd wordt (lagere rente), totdat lang geld goedkoper wordt. Berekening kasgeldlimiet (bedragen in miljoen euro’s) 1

1e kwartaal

2e kwartaal

3e kwartaal

4e kwartaal

Toegestane kasgeldlimiet - In procenten van de grondslag

8,2%

8,2%

8,2%

8,2%

- In bedrag (x € 1 miljoen)

5,5

5,5

5,5

5,5

2

Omvang vlottende schuld

1,0

1,0

1,0

1,0

3

Vlottende middelen Totaal netto vlottende schuld (2-3)

1,0

1,0

1,0

1,0

Toegestane kasgeldlimiet (1)

5,5

5,5

5,5

5,5

Ruimte

4,5

4,5

4,5

4,5

Toets kasgeldlimiet 4

Deze limiet mogen we gedurende het jaar in principe niet overschrijden. Als de kasgeldlimiet structureel wordt overschreden, moeten we binnen drie kwartalen maatregelen treffen om dat teniet te doen. Dat kan door het omzetten van kortlopende schuld naar langlopende schuld. De verwachting voor 2023 is dat we deze limiet niet gaan overschrijden. Renterisiconorm De renterisiconorm schrijft voor hoeveel we maximaal mogen lenen voor een periode langer dan één jaar. Deze norm heeft als doel om toekomstige renterisico’s op de kortlopende schuld te beperken. De renterisico’s berekenen we als de som van de aflossingen en de renteherzieningen op de bestaande langlopende schuld. Het totale jaarlijkse renterisicobedrag mag niet groter zijn dan 20% van het begrotingstotaal (minimumbedrag is € 2,5 miljoen). De renterisiconorm dwingt daarmee tot spreiding van de aflossingen en renteherzieningen. Renterisiconorm

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

0

0

0

0

0

(bedragen x € 1.000) 1

Renteherzieningen

2

Betaalde aflossing

1.732

1.788

2.005

2.378

2.335

3

Renterisico (1+2)

1.732

1.788

2.005

2.378

2.335

4a

Begrotingstotaal

63.009

67.024

66.890

67.237

67.207

4b

Het bij ministeriële regeling vastgestelde %

20%

20%

20%

20%

20%

4

Renterisiconorm

12.602

13.405

13.378

13.447

13.441

5a

Ruimte onder renterisiconorm (4>3)

10.870

11.617

11.373

11.070

11.107

5b

Overschrijding renterisiconorm (3>4)

Samenwerkingsorganisatie De Wolden Hoogeveen

25

Begroting 2023

Error! No text of specified style in document.

Kredietrisico Het kredietrisicobeheer is het beheersen van risico’s van de mogelijkheid dat een tegenpartij niet aan haar contractuele verplichtingen kan voldoen. De SWO heeft geen geldleningen verstrekt aan derden, dus er is geen sprake van kredietrisico. Liquiditeitenrisico Liquiditeitsrisicobeheer is het beheersen van risico’s die voortvloeien uit de mogelijkheid dat op een bepaald moment de organisatie over onvoldoende middelen beschikt om aan de directe verplichtingen te voldoen. We hebben dit risico ondervangen doordat de beide gemeenten gedurende het jaar voorschotten betalen aan de SWO. Koers- en valutarisico Koersrisicobeheer is het beheersen van de risico’s die voortvloeien uit de mogelijkheid dat de financiële activa van de organisatie in waarde verminderen door negatieve koersontwikkelingen. Op dit moment bezit de SWO geen financiële activa en is er dus geen sprake van koersrisico. Valutarisicobeheer is het beheersen van risico’s die voortvloeien uit de mogelijkheid dat op een bepaald moment de waarde van de vreemde valutastromen, uitgedrukt in eigen valuta, afwijkt van wat verwacht werd op het beslissingsmoment. Op dit moment bezit de SWO geen vreemde valuta die onderhevig kunnen zijn aan valutarisico’s. Ook is er geen sprake van afnemers van buiten de eurolanden.

Inflatierisico's Inflatierisico's is het beheersen van risico’s die voortvloeien uit de mogelijkheid dat op een bepaald moment de inkoopwaarde van goederen en diensten, afwijkt van wat verwacht werd op het beslissingsmoment. Op dit moment kunnen met name de kosten van brandstof en software onderhevig kunnen zijn aan inflatierisico’s. Indien dit risico zich voordoet worden deze hogere kosten bij beide gemeenten in rekening gebracht. Rentetoerekening We berekenen de omslagrente door de rente die we aan de taakvelden toerekenen te delen door de boekwaarde per 1 januari van de vaste activa, die integraal zijn gefinancierd. Het (voor)gecalculeerde omslagpercentage mag binnen een marge van 0,5% worden afgerond. Daarnaast moeten we ook inzicht geven in de rentelasten, het renteresultaat, de financieringsbehoefte en de wijze waarop rente aan investeringen en taakvelden wordt toegerekend. Schema rentetoerekening 2023 a.

De externe rentelasten over de kort en lange financiering

b.

De externe rekenbaten

156.208 0

Saldo rentelasten en rentebaten

156.208

c1. De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend

0

c2. De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend (voorbeeld riolering)

0

c3. De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (= projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend

0

Aan taakvelden toe te rekenen externe rente

0

d1. Rente over eigen vermogen

0

d2. Rente over voorzieningen

0

Totaal werkelijk aan taakvelden toe te rekenen rente e.

De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag

f.

Renteresultaat op het taakveld Treasury

26

156.208 -156.208 0

Samenwerkingsorganisatie De Wolden Hoogeveen

Begroting 2023

Error! No text of specified style in document.

Financieringsarrangement We zijn met de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) een financieringsovereenkomst aangegaan, die per 1 januari 2019 is gewijzigd. De BNG moet voor de kredietlimieten aan decentrale overheden liquiditeiten aanhouden. Daarom wordt sinds 1 januari 2019 over het ongebruikte deel van de kredietlimiet een bereidstellingsprovisie in rekening gebracht. Om de bereidstellingsprovisie te beperken, hebben we met BNG afgesproken om de overeenkomst financiële dienstverlening te wijzigen. Het totale kredietarrangement is € 5 miljoen. Hiervan is € 1 miljoen voor het kredietlimiet en € 4 miljoen voor intradaglimiet. Indien nodig of als de inzichten en/of rentepercentages wijzigen, kunnen we de bedragen binnen het kredietarrangement aanpassen. Op deze wijze kan de SWO tijdig aan haar verplichtingen voldoen. Met het vaststellen van deze gewijzigde financieringsovereenkomst is ook de benodigde technische infrastructuur (bevoegdheden etc.) bepaald. Schatkistbankieren De Wet verplicht schatkistbankieren is op 15 december 2013 van kracht geworden. Alle decentrale overheden zijn verplicht om hun overtollige middelen in de schatkist aan te houden. We mogen gelden niet langer buiten de schatkist wegzetten.

Wel mogen decentrale overheden overtollige middelen aan elkaar uitlenen, zolang er geen sprake is van een toezichtrelatie, om zodoende een beter rendement te halen dan bij de schatkist. De schatkist biedt geen leen- of roodstandfaciliteiten aan. Deelname per 1 januari 2014 van decentrale overheden aan het schatkistbankieren, draagt bij aan een lagere EMU-schuld van de collectieve sector, waardoor de externe financieringsbehoefte van het Rijk minder wordt. Dit vertaalt zich in een lagere staatsschuld. Voor de decentrale overheid geldt een doelmatigheidsdrempel van 2,00% (was 0,75% en is gewijzigd per 1 juli 2021) van het begrotingstotaal. Het agentschap vergoedt over het dagelijkse saldo de daggeldrente (Eonia). Wet Hof In de wet Houdbare overheidsfinanciën (Hof) wordt de Nederlandse uitwerking van Europese afspraken ten aanzien van de overheidsfinanciën geregeld. De wet is van toepassing op het Rijk, provincies, waterschappen en gemeenten en is op 1 januari 2014 in werking getreden. Op basis van de wet Hof en de geldende begrotingsregels leveren het Rijk en de medeoverheden een gelijkwaardige inspanning bij het terugdringen van het begrotingstekort. Over de bijdrage van de medeoverheden aan de Europese doelstellingen wordt aan het begin van elke kabinetsperiode bestuurlijk overleg gevoerd.

De EMU-tekortruimte voor decentrale overheden blijft gehandhaafd op 0,5% van het Bruto Binnenlands Product (BBP). De individuele medeoverheden verstrekken jaarlijks begrotingsinformatie, via de EMU-enquête aan het CBS. Als uit deze enquête blijkt dat op macroniveau het EMU-saldo wordt overschreden, moeten de medeoverheden maatregelen nemen. Berekening EMU-saldo In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV, artikel 19) is de verplichting vastgesteld dat de gemeenten ramingen van het EMU-saldo moeten verstrekken over het voorafgaande jaar, het actuele jaar en het volgende jaar. Deze programmabegroting is opgesteld conform een (gemodificeerd) stelsel van baten en lasten. Het EMU-saldo gaat niet uit van baten en lasten, maar van ontvangsten en uitgaven, berekend op transactiebasis en overeenkomstig de voorschriften van het Europese systeem van nationale en regionale rekeningen in de Europese Unie. Het ministerie van Binnenlandse Zaken heeft onderstaand format voorgeschreven.

Samenwerkingsorganisatie De Wolden Hoogeveen

27

Begroting 2023

Error! No text of specified style in document.

Voor de begroting 2023 ramen we een nadeel van € 1.458.000 en voor 2024 komen we ook op een negatief EMU-saldo van € 584.000. Exploitatie en investeringen We bekostigen de taken binnen de gemeenschappelijke regeling (exploitatie) met financiële bijdragen van beide deelnemende gemeenten. Gedurende het jaar brengen we voorschotten in rekening bij beide gemeenten. Eventuele overschotten en tekorten aan het einde van het jaar verrekenen we op basis van de procentuele verhouding, zoals vastgelegd in het kostenverrekenmodel. Voor de aanschaf en vervanging van ICT- en automatiseringsmiddelen en bedrijfsmiddelen moeten we geldleningen aantrekken. De deelnemende gemeenten verstrekken voor deze investeringen een lening op basis van de verdeelsleutel 71,22% resp. 28,78%. De gemeenten ontvangen hiervoor een rentevergoeding van 2%. De leningen van de deelnemende gemeenten vinden plaats binnen de kaders van de Wet Fido en de financiële verordening van de SWO. De boekwaarde van de investeringen komt per 31 december 2021 uit op ruim € 5,5 miljoen. Deze € 5,5 miljoen is ook het bedrag, dat de beide gemeente aan leningen heeft verstrekt aan de SWO. Daarnaast kan ook nog gebruik gemaakt worden van het krediet in rekening-courant en van kort geld, zoals kasgeldleningen.

5.3 Bedrijfsvoering Voor de paragraaf Bedrijfsvoering verwijzen we naar Hoofdstuk 3 Programma Bedrijfsvoering.

28

Samenwerkingsorganisatie De Wolden Hoogeveen

Begroting 2023

Error! No text of specified style in document.

Vaststelling begroting 2023 Het bestuur van de gemeenschappelijke regeling Samenwerkingsorganisatie De Wolden Hoogeveen; gezien het concept van de programmabegroting 2023 van de gemeenschappelijke regeling Samenwerkingsorganisatie gemeenten De Wolden Hoogeveen; gelet op de bepalingen in de Gemeentewet; alsmede gelet op: het resultaat van de besprekingen in de raadsvergaderingen van De Wolden en Hoogeveen, te houden op 16 juni 2022; B e s l u i t: Vast te stellen de begroting 2023 en de Meerjarenbegroting 2024-2026 van de gemeenschappelijke regeling Samenwerkingsorganisatie De Wolden Hoogeveen.

Aldus vastgesteld in de vergadering van het bestuur van 5 juli 2022. De voorzitter,

K.B. Loohuis

Samenwerkingsorganisatie De Wolden Hoogeveen

29

Begroting 2023

Error! No text of specified style in document.

30

Samenwerkingsorganisatie De Wolden Hoogeveen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11561981/1