Beatnwoording Technische vragen D66 - Cultuurvisie
Tekst van het document
Technische vragen cultuurvisie – D66 •
P7: tussenevaluatie. Waar is tussenevaluatie in te zien? Wat kwam er uit en hoe is daarop geacteerd? Dit betreft de tussenevaluatie van de uitvoeringsagenda en dit stuk was op hoofdlijnen relevant voor de herijking cultuurvisie. Het focust namelijk op uitvoeringsdoelen en minder op missie en ambities. Er zaten wel geleerde lessen in over de samenwerking in het culturele veld en geeft een beeld van de stand van zaken van het veld. Deze voor de cultuurvisie relevante conclusies hebben een plek gekregen in de aanbevelingen naar aanleiding van de diepte-interviews. Zie bijlage 2 voor al deze conclusies. Deze aanbevelingen zijn vervolgens verwerkt in deze herijking; zoals: “de geformuleerde ambities blijven relevant, maar moeten eenduidiger en concreter worden omschreven”. Dit bleek zowel uit de tussenevaluatie als de diepteinterviews. De aangescherpte ambities – die tijdens het impactfestival op 4 juli jl. zijn geformuleerd met alle aanwezigen - zijn te vinden op p12 De ambities geconcretiseerd. Op eenzelfde wijze zijn de overige geleerde lessen toegepast. Geleerde lessen op uitvoeringsniveau zullen op eenzelfde wijze in de uitvoeringsagenda worden meegenomen.
•
P9: kernwaarden. Welke zijn dat? dit blijkt niet uit de tekst. Dat klopt. Die volgen uit het impactgericht werken traject dat nog loopt.
•
P12: er is nog geen cultuuraanbod voor alle inwoners. Waarom niet? Of, waar ontbreekt het aan en hoe kan dat? Er wordt nog niet gesteld dat er geen cultuuraanbod is voor alle inwoners. De ambitie is dat alle inwoners van de gemeente kunst en cultuur kunnen maken en meemaken. Dat betekent concreet dat er voor iedereen toegankelijk aanbod moet zijn en dat het divers genoeg moet zijn (voor ieder wat wils). We horen terug van culturele partners dat er doelgroepen zijn die ze niet goed bereiken (denk bijvoorbeeld aan een deel van de jongeren). Dat geeft een indicatie dat er drempels zijn tot kunst en cultuur. Omdat we niet goed genoeg weten wat drempels zijn (zoals financieel, niet weten wat er te doen is, het ongemakkelijk vinden voor het eerst een theater of muziekles in te stappen of anders) en voor wie. En we ook niet genoeg zicht hebben of het aanbod voor een zo groot mogelijk aantal inwoners aansprekend is, gaan we dit concreter in kaart brengen (zie ook het volgende antwoord).
•
P12: of de programmering divers genoeg is is niet duidelijk, er volgt nog onderzoek. Wanneer, hoe en door wie? Dit zal onderdeel uitmaken van het voortraject van de uitvoeringsagenda. Opstellen van de uitvoeringsagenda staat op de planning voor het eerste kwartaal 2026. Drempels, behoeften en eventuele hiaten kennen, maakt het mogelijk gerichte uitvoeringsdoelen op te stellen. Dit drempel en behoefteonderzoek zal in samenwerking tussen het culturele veld, de beleidsadviseur cultuur en de cultuurcoaches worden uitgevoerd.
•
P12: voor talentontwikkeling is een aaneengesloten keten nodig. Wat ontbreekt er nog? Waar is eerder op ingezet en waar gaan we nu op inzetten? In de uitvoeringsagenda gaan we dit concretiseren.
•
P15: meerjarige toekenning subsidie, wordt deze wel geïndexeerd? Ja
•
P15: “Een drempel- en behoefteonderzoek maken onderdeel uit van het voortraject richting deze uitvoeringsagenda, zodat de inwoner ook echt centraal komt te staan bij de planvorming” Hoe is dit aangepakt, wat kwam er uit en hoe is dit vertaald naar deze visie? Dit zal plaatsvinden in het eerste kwartaal 2026 (zie antwoord p12)
•
P24: “het blijkt […] niet eenvoudig om ervoor te zorgen dat cultuuronderwijs door leerkrachten ook echt wordt ervaren als onderwijs […]. Hoe gaan we hieraan werken? Worden hierover in de uitvoeringsagenda afspraken gemaakt met scholen en het culturele veld? Dit vraagt om maatwerk per school. Dit geven we vorm door middel van schoolgesprekken door de cultuurcoach cultuuronderwijs, op basis van bewezen werkwijzen landelijk – waarbij relevante culturele partners op basis van de vraag (en vaak: vraag achter de vraag) van de school aan partners worden verbonden. De cultuurcoach is daarmee ondersteunend voor zowel onderwijs als culturele veld. Deze cultuurcoach kan ook de samenhang tussen alle inzet op cultuur binnen een school helpen bewaken (zoals cultuurmenu, cultuurland, cultuureducatie met kwaliteit, plan per school, school en omgeving). Een plan van aanpak is in de maak, in aanloop naar de uitvoeringsagenda. Met het culturele veld is over deze ondersteuning gesproken en er is breed draagvlak voor. In de uitvoeringsagenda wordt e.e.a. geconcretiseerd ten aanzien van uitvoeringsdoelen. Opbrengsten worden geëvalueerd.
•
P24: er is 1 cultuurcoach in Hoogeveen, hoe verhoudt zich dit tot de taken die uit deze visie voortkomen? En hoe verhoudt dit zich qua taken en aantal coaches rondom sport? Er zijn 2 cultuurcoaches. Niet alle verenigingen, makers en scholen hebben al direct vragen en behoeften. In eerste instantie zal ingezet worden op kennismaking en vraagverkenning. Er zal een fasering en tijdpad aan gekoppeld worden in de uitvoeringsagenda, in samenspraak met het veld en het onderwijs. Het werk is niet een op een te vergelijken met de taken van de sportcoaches.
•
P31: LLO: is dit puur een taak voor de bieb? Hoe is de samenwerking met het mbo? of komt dit in de uitvoeringsagenda? LLO als focus voor 1 van de maatschappelijke opgaven binnen de Bibliotheek komt uit het landelijke bibliotheekconvenant, ondertekend door onder meer de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Deze en ook alle andere maatschappelijke opgaven vragen om domeinoverstijgend werken. In het vervolg van het impactgericht werken traject gaat geconcretiseerd worden wie en wat er nodig is om beoogde effecten te bereiken. De Bibliotheeksector en het mbo benoemen een soortgelijke maatschappelijke opgave met de term LLO, maar het betreft niet 1 programma o.i.d. Hier zit geen directe relatie tussen.
•
P39 concludeert dat er een gebrek is aan creatieve broedplaatsen en atelier en repetitieruimtes. Is hier behoefte aan? Waaruit blijkt dat? Komen hier concrete acties op in het uitvoeringsplan? Zie antwoord bij P12: we vangen geluiden op van, in dit geval, makers. Maar om zicht te krijgen op de werkelijke behoefte – om hoeveel makers gaat het bijvoorbeeld die een dergelijke behoefte hebben en wat zoeken ze dan? - doen we een behoefte onderzoek. Op basis daarvan zal gekeken worden of acties gewenst zijn en wat er mogelijk is.
•
P42: erfgoed is breder dan geschiedenis. Hoe breed ofwel, wat bedoelen we dan in Hoogeveen met erfgoed? Met geschiedenis werd door de partner feitelijke geschiedenis bedoeld. Terwijl verhalen, herinneringen en belevingen van mensen ook van grote waarde zijn. Dus breder wil zeggen inclusief die verhalen, herinneringen en belevingen.
•
P43: breder bereik; ook vo en mbo structureel en beter betrekken. Aanvullende financiering nodig. Is dit al geregeld? En wat betekent dit voor het takenpakket van de cultuurcoach en het aantal fte's? Het is door een partner genoemd als wens in een diepte-interview. Richting de uitvoeringsagenda zullen pas in gezamenlijk overleg tussen gemeente en partners speerpunten vastgesteld worden. Op dit moment is de focus van de cultuurcoach het po.
En nog een paar vragen / opmerkingen over de opzet van het stuk: •
P9: impactgericht werken. Hier een zeer beknopte definitie. In de doorwerking van het stuk lijkt het een stappenplan of methode. Hier iets meer uitleg over geven? en/of verwijzen naar een bron waar dat te vinden is. We hebben ervoor gekozen in het stuk zo min mogelijk vaktermen te gebruiken. De paragraaf Effectketen (P9) omschrijft overigens wel de werkwijze. Tijdens het impactfestival 4 juli jl., waarvoor de raad ook is uitgenodigd, is de werkwijze verder toegelicht door gemeente, Impacthouse en culturele partners. Indien gewenst kan er een thema sessie georganiseerd worden. De gebruikte methode is het werken vanuit een zogeheten Theory of Change (ToC), oftewel een Verandertheorie. De uitwerkingen die zijn afgeleid van onze in co-creatie met de Bibliotheek gemaakte vijf Verandertheorieën zijn terug te vinden in Deel C Bibliotheekbeleid, p34-37.
•
P26 en verder over Van Gogh: dit stuk komt uit de lucht vallen, heeft geen relatie met het verdere document en staat niet in de inhoudsopgave. Het hoofdstuk Het verdere culturele fundament bevat de volgende paragrafen: o o o o
Erfgoednetwerk Hoogeveen Verenigingen, kunstenaars en makers Kunst en cultuur onder en na schooltijd (inclusief rijke schooldag) Het gedachtegoed van Van Gogh: het begin van een reis…
Van Gogh maakt onderdeel uit van het totale genoemde culturele fundament en hangt er dus zeker mee samen. Geen van de paragrafen zijn opgenomen in de inhoudsopgave. P29 en verder, Deel C, de opzet en toon van dit hoofdstuk is heel anders dan deel A&B. Nog een redactieslag op doen? Die net wat andere opzet en uitwerking van het bibliotheekbeleid klopt. Omdat doelen en werkwijze van de Bibliotheek perfect passen in die van de rest van het culturele veld en ze elkaar allemaal nodig hebben om de gestelde ambities te realiseren is ervoor gekozen het bibliotheekbeleid integraal onderdeel te maken van het geheel, in lijn met de gedachte achter impactgericht werken. De cultuurvisie is echter bewust in drie delen opgedeeld. Om ook recht te doen aan het verschil tussen de delen. Het verschil heeft een aantal redenen. 1) Vanwege de naderende zorgplicht dient er gemeentelijk bibliotheekbeleid te zijn en we dienen de 5 wettelijke taken te concretiseren. Daarop worden we na het ingaan van de zorgplicht door de provincie Drenthe gecontroleerd. Wat dat betreft zijn ze als multifunctionele organisatie met wettelijke plichten niet te vergelijken met andere culturele partners, zonder wettelijk kader. 2) De Bibliotheek dient daarnaast binnen het impactgericht werken expliciet als voorbeeld voor zowel raad, andere culturele partners als inwoners.
Met de andere partners zijn we zoals te lezen valt nog niet zover. Anders had deel B meer gelijkenis gehad met deel C. 3) Om recht te doen aan de eigenheid en diversiteit van de verschillende culturele partners is geput uit de teksten van de culturele partners zelf en is er niet geredigeerd in hun teksten. Zo is de cultuurvisie ook van hen en herkenbaar voor hen.