CConstaterende datHoogeveen
Koppel je AI →
Document · PDF

2.6. Integraal werken.pdf

Raadsavond 20 januari 2022, gemeente HoogeveenBij agendapunt: Herontwerp sociaal domein - Programmaplan3.733 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 6. Integraal werken: beschrijving huidige situatie en aanbevelingen Samenwerken In de sessies met de partners in het sociale veld in het voorjaar van 2021 (participatiefase herontwerp sociaal domein) is de gemeente opgeroepen om de samenwerking met inwoners en partners (nog) beter te maken. Daarbij werd het belang benadrukt van duidelijkheid over rollen, taken en verantwoordelijkheden van de verschillende partijen. Expliciet werd gewezen op de waarde van het organiseren van een heldere regie in situaties/casussen waar problemen op meerdere domeinen spelen. Het stimuleren van samenwerking is een belangrijke reden voor de decentralisaties in het sociale domein. De achterliggende gedachte is dat samenwerking tussen gemeenten en verschillende partijen in het sociale domein en partijen onderling tot een betere aanpak leidt, met als uiteindelijk doel effectievere en minder kostbare hulp. Dit geldt vooral voor casussen waar meerdere problemen spelen waar verschillende regelingen van toepassing zijn en waar meerdere professionals bij betrokken zijn. Het toverwoord is “integraal werken”. Wat is integraal werken en waarom werken we integraal? Integraal werken betekent dat er samenhang is in de aanpak tussen verschillende elementen. We kunnen daarbij twee aspecten onderscheiden: 1.

Vanuit het perspectief van de klant/burger: een samenhangende aanpak waarbij aandacht is voor alle problemen van de klant, de samenhang daartussen en waarbij de behoeften van de klant leidend zijn. 2. Vanuit organisatorisch perspectief: professionals en instellingen werken met elkaar samen en stemmen processen, werkwijze en expertise op elkaar af om tot een gezamenlijk plan voor de klant te komen. Er zijn goede redenen om integraal te werken: 1. De problematiek van inwoners wordt effectiever aangepakt: a. door levensbreed te kijken naar de behoefte van de cliënt is het mogelijk zicht en grip te krijgen op de vraag achter de vraag (de onderliggende behoefte achter de initiële hulpvraag); b. samenhangende problemen die participatie/zelfredzaamheid in de weg staan worden in samenhang aangepakt. 2. De problematiek van inwoners wordt efficiënter/goedkoper aangepakt: a. er wordt zo licht mogelijke hulp en ondersteuning ingezet of zo zwaar en kort als nodig; b. er worden zo min mogelijk professionals ingezet. Multiproblematiek in Hoogeveen Bij meervoudige en complexe problemen op verschillende leefgebieden en soms (gelijktijdig) bij meerdere gezinsleden spreken we van multiproblematiek. Multiproblematiek komt dus voor in eenpersoonshuishoudens, maar ook bij gezinnen.

Er is sprake van multiproblematiek als in iemand langdurig kampt met een combinatie van sociaal-economische en psychosociale problemen. Kenmerkend voor deze groep is dat het vaak lastig is (geweest) om de juiste hulp aan te bieden. Er is vaker hulp ingezet, maar vaak zonder duurzaam resultaat. Bij personen en gezinnen met meervoudige en complexe problemen zien we verschillende kenmerken en problemen die tegelijkertijd op verschillende domeinen in de context/leefsituatie spelen. Zij zijn overbelast door de vele problemen waarmee ze te maken hebben. Daarnaast is de persoon of het gezin weerbarstig voor hulp; ze zijn vaak

moeilijk bereikbaar, mijden de hulpverlening of zoeken die juist veelvuldig op, stellen geen duidelijke hulpvraag en hebben hardnekkige problemen die moeilijk te veranderen zijn. Dit betekent echter niet dat deze personen of gezinnen geen hulp wíllen aanvaarden. De weerbarstigheid heeft vaak te maken met het ‘niet kunnen’: het lukt de personen of gezinsleden niet te veranderen ondanks alle hulp die ze al hebben gehad. Ze zijn onmachtig en vaak teleurgesteld door de vele hulp die weinig heeft opgeleverd. Daarbij lukt het hulpverleners niet de personen of gezinnen op een integrale en effectieve manier te ondersteunen. Ook weten deze personen of gezinnen soms niet waar zij hulp kunnen vinden, of worden zij door de hulpverlener niet of verkeerd verstaan. Of vragen ze om hulp die de betreffende hulpverlener niet kan bieden (praktische hulp of hulp bij het afbetalen van schulden). Multiprobleemgezinnen (of eenpersoonshuishoudens) zijn terechtgekomen in een neerwaartse spiraal van negatieve ervaringen met hulpverleners, onmacht en soms zelfs marginalisatie. De situatie in Hoogeveen Voor cijfers over de omvang van de meervoudige problematiek in Hoogeveen, verwijzen we naar de bijlage Sociale Opgave.

Hoe integraal werken we in Hoogeveen? We hebben er in Hoogeveen voor gekozen om lichte hulp en ondersteuning voor een groot deel onder te brengen bij een onafhankelijke welzijnsstichting: de Stichting Welzijnswerk Hoogeveen (SWW). Voor psychische, relationele, sociale, financiële en opvoedkundige problemen kunnen inwoners zonder indicatie terecht bij de SWW. Dat kan elke werkdag op het Centraal Bureau aan het Haagje, maar ook op spreekuren in buurten dorpshuizen. Ouders kunnen met vragen over hun kind of over de opvoeding ook terecht op het spreekuur van het schoolmaatschappelijk werk van de SWW op alle basisscholen en scholen voor voortgezet onderwijs. De SWW maakt bij het bieden van hulp en ondersteuning zoveel mogelijk gebruik van vrijwilligers(organisaties). Ook biedt ze ondersteuning indien mogelijk aan in groepsverband. Door haar onafhankelijke positie kan de SWW goed samenwerken met vrijwilligersorganisaties, zorgaanbieders, onderwijs, woningcorporaties, politie en de gemeente. De SWW is voor de Wmo, de Jeugdwet en de Participatiewet een voorliggende voorziening. Dat wil zeggen een voorziening waar inwoners eerst een beroep op kunnen doen voordat ze ondersteuning kunnen verwachten van de gemeente. Voor extra ondersteuning kunnen inwoners terecht bij de gemeente. De gemeente beoordeelt welke ondersteuning nodig is.

Op het gebied van de Participatiewet wordt die ondersteuning veelal geboden door de gemeente zelf. Het gaat dan vaak om bijstandsverstrekking, schuldhulpverlening en begeleiding naar werk. Op het gebied van de Wmo en de Jeugdzorg wordt veelal een indicatie gesteld voor een zogenaamde maatwerkvoorziening: huishoudelijke hulp, begeleiding, dagbesteding, beschermd wonen of jeugdzorg. Deze maatwerkvoorzieningen worden uitgevoerd door commerciële zorgaanbieders die door de gemeente gecontracteerd zijn. De gemeente biedt niet alle soorten geïndiceerde ondersteuning en zorg. Geneeskundige zorg en verzorging en verpleging door de wijkverpleegkundige valt onder de Zorgverzekeringswet (Zvw) en is de verantwoordelijkheid van zorgverzekeraars. Indicatiestelling voor geneeskundige zorg vindt plaats door de huisarts en wijkverpleegkundigen indiceren zelf de wijkverpleegkundige zorg. Levenslange 24uurszorg in een verpleeghuis, zorginstelling of in de thuissituatie valt onder de Wet

langdurige zorg (Wlz) en is de verantwoordelijkheid van Zorgkantoren. Indicatiestelling voor de Wlz vindt plaats door het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ). Figuur 1: inrichting van het sociaal domein in Hoogeveen Wmo

Participatiewet, schuldhulpverlening

Jeugdwet

Voorliggend veld/SWW informele zorg (Humanitas, Contactpunt Mantelzorg e.d.), dagontmoeting, SWW/amw, SWW/cliëntondersteuning

informele zorg (Leergeld, Voedselbank e.d.), loket geldzaken, SWW/amw

informele zorg, SWW/smw, SWW/jongerenwerk, SWW/cliëntondersteuning

gemeente toegang maatwerkvoorzieningen

bijstandsverstrekking, schuldhulpverlening, begeleiding naar werk

toegang maatwerkvoorzieningen

(zorg)aanbieders huishoudelijke hulp, begeleiding, dagbesteding, beschermd wonen, maatschappelijke opvang

GKB, Stark

Jeugdzorg, GGD

Zvw (geneeskundige zorg + wijkverpleging) Wlz (24-uurs zorg) wonen, veiligheid Figuur 1 geeft een gesimplificeerd beeld van de inrichting van het sociaal domein in Hoogeveen. We gaan dit beeld verder aanscherpen in de uitwerking van het programmaplan. Leerplicht valt niet onder de afbakening van het sociaal domein, maar heeft een grote synergie met het sociaal domein. Bij leerplicht kijken we naar de hele context van het systeem en richten we ons niet alleen op handhaven. In Hoogeveen wordt op verschillende niveaus integraal gewerkt. Zo wordt er samengewerkt naar doelgroep en naar gebied.

Figuur 2: integraal (samen)werken naar doelgroep in Hoogeveen Wmo

Participatiewet, schuldhulpverlening

Jeugdwet

Voorliggend veld/SWW informele zorg, dagontmoeting, SWW/amw, SWW/cliëntondersteuning

Wmo-team

informele zorg, loket geldzaken, SWW/amw

informele zorg, SWW/smw, SWW/jongerenwerk, SWW/cliëntondersteuning

Thuiscoaches gemeente

Kerntoegang Optimaal bijstandsverstrekking, maatwerkvoorzieningen schuldhulpverlening, teams Leven begeleiding naar werk ouderen zorg

Team

huishoudelijke hulp, begeleiding, dagbesteding, beschermd wonen, maatschappelijke opvang

CJG

toegang maatwerkvoorzieningen

Oggz

(zorg)aanbieders GKB, Stark

Jeugdzorg, GGD

Zvw (geneeskundige zorg + wijkverpleging) Wlz (24-uurs zorg) wonen, veiligheid

Figuur 2 geeft een gesimplificeerd beeld van de integrale samenwerking naar doelgroep in Hoogeveen. We gaan dit beeld verder aanscherpen in de uitwerking van het programmaplan. Inwoners die een voorziening vragen op grond van de Wmo worden gezien door het Wmo-team. Dat team bestaat uit Wmo-consulenten en een aantal loketmedewerkers van de SWW. Samen kijken zij of voorliggende voorzieningen kunnen worden ingezet om individuele hulpvragen te beantwoorden. Voor kwetsbare ouderen is in elke huisartsenpraktijk een Kernteam Integrale Ouderenzorg ingericht. Dit is een samenwerkingsverband van huisarts, praktijkondersteuner, wijkverpleegkundige, specialist ouderengeneeskunde, welzijnswerker en Wmo-consulent. Met behulp van casusoverleg en een eigen digitaal communicatiemiddel brengen zij kwetsbare ouderen tijdig in beeld en bieden hen ondersteuning en zorg op maat. Hierbij wordt nadrukkelijk samengewerkt met partijen buiten het sociaal domein van de gemeente. Voor inwoners met ernstige psychiatrische aandoeningen (EPA) bestaat het Optimaal Leven Team Hoogeveen/De Wolden. Het team bestaat uit diverse GGZ-disciplines (psychologen, psychiaters, begeleiders etc.) van GGZ Drenthe, Cosis en VNN, aangevuld met ervaringsdeskundigen, een welzijnswerker en een Wmo-consulent.

Het team werkt met elke cliënt aan een persoonlijk plan gericht op welbevinden, medisch herstel en maatschappelijk herstel op alle levensdomeinen. De teamleden treden op als levensdomeinregisseurs. Indien mogelijk, betrekken zij daarbij naasten en de wijk/omgeving.

Ouders met vragen over opvoeding en jongeren met hun persoonlijke problemen kunnen terecht bij het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG). Het CJG is een netwerkorganisatie waarbinnen professionals van de GGD, de SWW en de gemeente samenwerken. Het CJG is tevens de toegang tot alle vormen van jeugdhulp. Binnen het CJG worden complexe casussen besproken in een multidisciplinair overleg. Indien nodig neemt een professional van de gemeente, de GGD of de SWW de zogenaamde uitvoeringscoördinatie (UVC) op zich oftewel de regie in de casus. Er wordt gewerkt vanuit 1 gezamenlijke missie, visie en benaderingswijze. Als een inwoner of gezin minimaal op drie verschillende leefgebieden problemen ondervindt en geen grip meer heeft op de persoonlijke situatie of de grip dreigt kwijt te raken, dan kan gebruik worden gemaakt van het Team Thuiscoaches. Dit team bestaande uit professionals van de gemeente en van de SWW. De thuiscoaches werken volgens het principe "Eén gezin, één plan, één aanspreekpunt". De thuiscoach is het vaste aanspreekpunt voor de inwoner/het gezin en is verantwoordelijk voor de ondersteuning en begeleiding van alle betrokken hulpverleningspartijen. Individuen met zware meervoudige problematiek die in eerste instantie hulp weigeren of mijden worden besproken in het Oggz-netwerk.

Het gaat bijvoorbeeld om mensen die zichzelf ernstig verwaarlozen, verslaafd zijn of kampen met psychische problemen. Het netwerk wordt voorgezeten door de gemeente en bestaat uit professionals van relevante organisaties: gemeente, SWW, GGD, GGZ/VNN/Cosis, politie en woonbouwcorporaties. Het netwerk zorgt ervoor dat inwoners waar zorgen over zijn actief worden benaderd en dat helder wordt welke professional regie voert in de casus. Oggz heeft de functie van vangnet. Het is een aanvulling op de reguliere zorgketen en maakt daar geen onderdeel van uit. De bemoeienis van de Oggz is altijd tijdelijk en alleen als het echt nodig is. De betrokkenheid wordt zodra dit mogelijk is overgenomen door de reguliere zorg. Figuur 3: integraal (samen)werken naar gebied in Hoogeveen Wmo

Participatiewet, schuldhulpverlening

Jeugdwet

informele zorg, loket SWW-team geldzaken, SWW/amw

informele zorg, SWW/smw, SWW/jongerenwerk, SWW/cliëntondersteuning

Voorliggend veld/SWW informele zorg, dagontmoeting, SWW/amw, SWW/cliëntondersteuning gemeente

Multidisciplinaire teams die gebiedsgericht werken toegang bijstandsverstrekking, toegang maatwerkvoorzieningen schuldhulpverlening, maatwerkvoorzieningen begeleiding naar werk Sociale wijkteams

(zorg)aanbieders huishoudelijke hulp, begeleiding, dagbesteding, beschermd wonen, maatschappelijke opvang

GKB, Stark

Jeugdzorg, GGD

Zvw (geneeskundige zorg + wijkverpleging) Wlz (24-uurs zorg) wonen, veiligheid

Figuur 3 geeft een gesimplificeerd beeld van de integrale samenwerking naar gebied in Hoogeveen. We gaan dit beeld verder aanscherpen in de uitwerking van het programmaplan. De SWW werkt met teams per gebied. Hierbij is de gebiedsindeling van de Smederijen aangehouden. Deze vier gebieden zijn: Krakeel/Wolfsbos/Zuid, Centrum, de Weide/Erflanden en Dorpen. In ieder team werken generalisten met specialisaties als algemeen maatschappelijk werk, opbouwwerk, schoolmaatschappelijk werk, thuiscoach, jongerenwerk en opvoedondersteuning. Sommige werkers hebben daarnaast speciale aandachtsgebieden, zoals huiselijk geweld of leefstijl. De teams richten zich vooral op kwetsbare inwoners. Ze geven hulp aan inwoners en coachen en begeleiden inwoners bij het versterken van hun sociale netwerken, bij het ontwikkelen van hun talenten en bij het zoeken naar mogelijkheden voor vrijwillige inzet. De wijkteams en kernteams van De Smederijen zijn zich de afgelopen jaren in toenemende mate bezig gaan houden met afstemming van de hulp aan inwoners met meervoudige problematiek. Uit een inventarisatie in 2017 bleek dat er veel onduidelijkheid bestaat over rol, status, samenstelling en werkwijze van de kernteams en de wijkteams en over de relatie met de gebiedsteams van de SWW.

In 2018 heeft het College de verschillende manieren waarop sociale wijkteams in Nederland zijn georganiseerd met elkaar vergeleken. Het College heeft ervoor gekozen om geen wijkteams in het leven te roepen waar inwoners terecht kunnen met alle ondersteuningsvragen en problemen op het sociaal domein. Gekozen is om de bestaande samenwerking tussen de professionals op wijkniveau te stroomlijnen en te versterken opdat individuele problematiek eerder wordt gesignaleerd en bij meervoudige problematiek de hulp en ondersteuning goed wordt afgestemd. De hulpverlening blijft geschieden door de afzonderlijke instellingen. Deze keuze is besproken met de verschillende stakeholders (welzijnswerk, politie, woningbouwcorporaties, geestelijke gezondheidszorg/verslavingszorg) en kon rekenen op breed draagvlak. 1 augustus 2021 is een nieuwe structuur en werkwijze van start gegaan. Er is een onderscheid gemaakt tussen Smederijteams en sociale teams. De eerste richten zich uitsluitend op collectieve vraagstukken en bewonersparticipatie en worden gecoördineerd/begeleid door de gebiedsregisseurs. De sociale teams richten zich volledig op het signaleren van kwetsbare inwoners met meervoudige problematiek en het afstemmen en bewaken van de hulp aan deze inwoners. De teams worden gecoördineerd/begeleid door zogenaamde “verbinders”.

Het team van verbinders bestaat uit medewerkers van de gemeente en van de SWW. De sociale teams bestaan uit medewerkers van de gemeente, de SWW, politie, woningbouwcorporaties en het Optimaal Leven Team (GGZ/VNN/Cosis). Er is een sociaal team in elk gebied van de Smederijen. De afdeling D&A van de gemeente is bezig met het ontwikkelen van een multidisciplinaire gebiedsgerichte aanpak in het sociaal domein. Als experiment wordt voor een gebied een multidisciplinaire team ingericht bestaande uit consulenten Participatiewet/schuldhulpverlening, Wmo en Jeugdwet en een thuiscoach en een werkcoach. Beschikbare medewerkers werken aan de voorkant van de gemeentelijke toegang multidisciplinair en gebiedsgericht samen. Enkelvoudige vraagstukken worden enkelvoudig en binnen het eigen onderdeel opgepakt, meervoudige vraagstukken worden integraal behandeld. Regie op casusniveau ligt bij een aangewezen medewerker en deze stuurt op een duidelijk inhoudelijk proces, binnen een afgebakende periode en met aantoonbaar resultaat. Het project zal aansluiting zoeken bij het voorveld en bij bestaande organisatiestructuren in de betreffende wijk.

Hoe kunnen we effectiever en efficiënter integraal werken, met de kanttekening dat het beter moet zijn voor de cliënt en tegen reële kosten? Op 1 oktober 2021 hebben medewerkers uit het sociaal domein van de SWO, medewerkers van de SWW, leden van de Adviesraad Sociaal Domein en adviseurs van

Movisie gesproken over integraal werken in het sociaal domein. In de sessie zijn onderstaande knelpunten, verbeterpunten en speerpunten genoemd. Welke knelpunten zien we om effectiever en efficiënter integraal te werken? 1. Onoverzichtelijke structuur; er is te veel fragmentatie. 2. De interne afstemming binnen de gemeente is niet optimaal; het gaat vaak over de verschillende wetten en niet over de mensen. 3. Er ontbreekt regie. De regiefunctie moet worden versterkt; de regisseur moet knopen kunnen doorhakken. 4. Onduidelijke kaders; wat verstaan we onder effectief en efficiënt? Werkt iedereen wel vanuit dezelfde bedoeling? 5. Organisaties en inwoners hebben verschillende belangen. 6. Er ontbreekt ruimte om te experimenteren. 7. Onze manier van inkopen; iedereen kan aanbieder worden. 8. ICT: - Onvoldoende managementinformatie om goede analyses te maken van het klantenbestand. - Verschillende cliëntvolgsystemen. 9. AVG. Er wordt aan gewerkt om belemmeringen voor samenwerking weg te nemen. 10. Krappe arbeidsmarkt waardoor professionals moeilijk verkrijgbaar zijn. Waar liggen de kansen om te verbeteren? 1. Realiseer een bredere intake aan de voorkant. 2. Werk vanuit dezelfde bedoeling. 3. Pak de fragmentatie aan: werk verder vanuit de bestaande initiatieven en werk aan afstemming/integratie. Start geen nieuwe pilots. 4.

Werk aan optimalisering van de interne afstemming binnen de SWO. 5. Werk multidisciplinair en gebiedsgericht. 6. Maak duidelijk waar de regie ligt. 7. Ga in gesprek met inwoners over de verschillende belangen. 8. Creëer ruimte om te experimenteren. 9. Werkt niet altijd vanuit de letter, maar vanuit de geest van de wet. 10. Onderzoek de manier van inkopen. Inkoop is een middel om onze doelen te bereiken. 11. Verbeter de toegankelijkheid van onze data om goede analyses te maken van ons klantenbestand. Wat zijn de speerpunten voor de komende jaren? 1. Vereenvoudig de infrastructuur: - creëer duidelijkheid voor de inwoner waar hij/zij met vragen terecht kan; - ga de bestaande netwerken en werkwijzen doorontwikkelen en afstemmen/integreren. 2. Nader onderzoek naar de cliënten die van 3 of meer voorzieningen gebruikmaken. 3. Zorg voor een duidelijke koers; wat voor een gemeente wil je zijn? Waarbij helpen we wel en waarbij niet? Maak duidelijk wat je lange termijn doel is en hoe je daar stapsgewijs wilt komen. 4. Geef aan op welke problemen het accent moet liggen in de aanpak (top 5 van grootste problemen). 5. Maakt inzichtelijk op welke deel van de opgave je als gemeenten/aanbieders invloed hebt? (de maakbaarheid). 6. Werk vanuit de gedachte voor wie ben je er i.p.v. ik ben er namens mijn organisatie. 7. Ga een langjarige en duurzame samenwerking aan met het voorveld.

Niet ad-hoc maar koersvast. 8. Gerichte aanpak met duidelijke regie voor huishoudens met volwassenenzorg met 3 of meer voorzieningen/consulenten/hulpverleners.

Conclusies en aanbevelingen De bestaande ordening/rolverdeling in het sociaal domein is niet ondoelmatig De bestaande ordening van het sociaal domein wordt breed gedragen en is niet inefficiënt. Het gaat dan om de bestaande rolverdeling waarbij het voorliggend veld wordt ondersteund en deels ingevuld door een onafhankelijke gesubsidieerde lokale welzijnsinstelling, de toegang tot maatwerkvoorzieningen berust bij de gemeente en de uitvoering van maatwerkvoorzieningen geschiedt door commerciële (zorg)aanbieders. Een efficiënt voorliggend veld bestaat voor een belangrijk deel uit vrijwillige inzet. Binnen de drie pijlers van het sociaal domein bieden veel vrijwilligersorganisaties en individuele vrijwilligers ondersteuning aan kwetsbare inwoners. Vrijwilligers en vrijwilligersorganisaties moeten erop kunnen vertrouwen dat ze niet worden gebruikt voor commerciële belangen. Een onafhankelijke welzijnsinstelling biedt dat vertrouwen. De SWW is mede daardoor in staat gebleken om goede relaties te kunnen onderhouden met een breed scala aan vrijwilligersorganisaties. Ze biedt ondersteuning aan deze organisaties, zorgt voor afstemming tussen de organisaties en stimuleert nieuwe vrijwilligersinitiatieven. De hulpverlening in het voorliggend veld kan niet zonder vrijwilligers maar ook niet zonder inzet van professionals.

De hulpverlening van vrijwilligers en van de sociaal werkers van de SWW vullen elkaar aan. Samen bieden zij laagdrempelige hulp aan kwetsbare inwoners. Doordat de sociaal werkers van de SWW gebiedsgericht met elkaar samenwerken is de laagdrempelige hulp integraal over de pijlers van het sociaal domein heen. De gemeente is primair verantwoordelijk voor de toegang tot de maatwerkvoorzieningen op grond van de Wmo, Participatiewet en Jeugdwet. Als hoeder van het algemeen belang kan de gemeente het beste beoordelen wie in aanmerking komt voor deze voorzieningen. In haar rapport ‘De wijkteambenadering nader bekeken’ concludeert het Centraal Planbureau dat indicatiestellers met een ambtelijke achtergrond (in dienst van de gemeente) doorgaans minder snel doorverwijzen naar de tweede lijn dan indicatiestellers met een zorgachtergrond. Het planbureau ziet dit als verklaring voor het feit dat de inzet van wijkteams (met indicatiestellers met een zorgachtergrond) in de periode 2015-2017 gezorgd heeft voor een stijging van het aantal cliënten in een Wmomaatwerktraject met 14 procent. Ze adviseert daarom gemeenten die het gebruik van maatwerkvoorzieningen willen beperken om alleen de zwaarste (meervoudige) hulpvragen door een wijkteam te laten oppakken en alle andere hulpvragen door de gemeentelijke toegang te laten afhandelen of om aanbieders geen rol te geven in de indicatiestelling.

Wmo-maatwerkvoorzieningen en de individuele voorzieningen van jeugdhulp worden door vrijwel alle gemeenten uitbesteed aan zorgaanbieders. Bij deze tweedelijnsvoorzieningen is afdwingbaarheid van de prestatie belangrijk. Dat kan niet in een subsidierelatie. Inkoop ligt dan voor de hand. Marktwerking vergroot de keuzevrijheid van de cliënt en kan leiden tot een scherpe prijs-kwaliteit-verhouding. De toegang tot ondersteuning en zorg kan duidelijker en efficiënter Er moet duidelijker worden gecommuniceerd dat inwoners met allerlei hulpvragen terecht kunnen bij de SWW. De SWW kan eventueel inwoners op weg helpen naar een andere instellingen in het voorliggend veld (bijvoorbeeld de bibliotheek) of naar maatwerkvoorzieningen via de gemeente. Consulenten/indicatiestellers binnen de gemeente moeten indien mogelijk cliënten verwijzen naar de SWW. Daarvoor is het nodig dat zij weten wat de SWW te bieden heeft. Hiervoor is een nauwe relatie tussen medewerkers van de gemeente en van de SWW noodzakelijk bij de eerste beoordeling van aanvragen. Dat gebeurt al, maar kan sterker.

Enkelvoudige hulpvragen kunnen snel worden afgehandeld Het overgrote deel van de hulpvragen is enkelvoudig. Het is niet in het belang van de cliënt en niet efficiënt om enkelvoudige vragen te problematiseren. We streven immers naar normalisatie: gebeurtenissen die bij het leven horen niet problematiseren, maar stimuleren dat mensen ermee om kunnen gaan. Enkelvoudige vragen kunnen dan ook enkelvoudig worden afgehandeld. Het is wel van belang om bij de intake te checken of er sprake is van “een vraag achter de vraag” of van meervoudige problematiek en of gebruik van meerdere voorzieningen. De samenwerking bij meervoudige hulpvragen kan transparanter en efficiënter Er zijn een groot aantal netwerk en samenwerkingsverbanden voor het aanpakken van meervoudige problematiek. Deze richten zich op verschillende doelgroepen en verschillende geografische gebieden. Dat is voor een belangrijk deel terecht omdat bij verschillende doelgroepen en in verschillende geografische gebieden verschillende organisaties en professionals betrokken zijn bij een casus. Het is echter wel zaak om te weten waar welke casus wordt opgepakt en welke professional samen met de cliënt regie voert. De inrichting van de sociale wijkteams is een eerste stap om de hulpverlening bij meervoudige problematiek te stroomlijnen. Het is gewenst om deze ontwikkeling verder door te zetten.

Op het niveau van de Smederijgebieden kan de hulpverlening worden afgestemd met de voorliggende voorzieningen in de wijk, met wonen, met veiligheid en met medische zorg en wijkverpleging. Dat vraagt om een duidelijke koppeling tussen de sociale wijkteams en de netwerken voor specifieke doelgroepen en tussen de sociale wijkteams en de gebiedsgerichte teams van de SWW en van de gemeente. Het is gewenst dat deze netwerken en teams organisch naar elkaar toegroeien en eventueel integreren om fragmentatie zoveel mogelijk tegen te gaan. Samenwerking tussen zorgaanbieders en tussen zorgaanbieders en het welzijnswerk kan worden versterkt Zorgaanbieders die een maatwerkvoorziening voor een cliënt uitvoeren hebben thans geen belang bij het afschalen van de voorziening in samenwerking met andere aanbieders of met het welzijnswerk. Het is dan ook gewenst om bij de inkoop resultaatafspraken te maken met de aanbieders om maatwerkvoorzieningen zoveel mogelijk af te schalen en te vervangen of aan te vullen met voorliggende welzijnsvoorzieningen. Dit, in nauwe samenwerking met het welzijnswerk.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11038316/2