Bijlage 2 Onderzoeksrapport Haalbaarheid en aanvaardbaarheid van Energiehubs in Fryslân
Tekst van het document
• Zonneparken moeten worden opgedeeld in een aantal kleinere parken: Hierdoor sluit de maat van de zonneparken beter aan bij landschappelijke doorzichten, ruimtelijke relaties en op de verkaveling in de landschappen. Wanneer deze parken niet te ver uit elkaar liggen en van wind opwek is de noodzakelijke bekabeling nog haalbaar en het concept van de energiehub te realiseren; dit is wel situatie specifiek.
FREON & Provincie Fryslân | Enerzjy fan, foar en troch de Friezen
30
• 200 meter turbines hebben de voorkeur boven 100 meter turbines: De verkenning van de varianten van 200 meter en 100 meter turbines laat zien dat de 200 meter turbines, ondanks hun hoogte en daarmee enorme zichtbaarheid, een minder grote impact hebben dan de 100 meter turbines bij invulling van dezelfde energiebehoefte. • Strikte plaatsingsregels voor windturbines: Omdat turbines van 200 meter over een grote afstand zichtbaar zijn, is sprake van ‘transformatie van het cultuurlandschap’. Daarom zijn een aantal plaatsingsregels van cruciaal belang om ‘verrommeling’ te voorkomen en de impact zo klein mogelijk te laten zijn/ te beperken. • Een energiehub met drie turbines van 6 MW en 19 hectare zonnepark (model meso-minimaal) is het eenvoudigst te realiseren: Uit de verkenning blijkt dat model minimaal op veel plekken ruimtelijk passend is, temeer omdat in de meeste gebieden van Fryslân voldoende afzet is voor de energieopbrengst van een energiehub model minimaal en de opstelling van drie turbines van 6 MW op veel locaties inpasbaar zal zijn. Het model maximaal is alleen passend nabij een zeer grote kern wanneer dit een impuls geeft aan een groot industrie- en bedrijventerrein en een bijdrage levert aan de gehele stadsrand en groenblauwe dooraderring van de stad. Minder passend zijn mesoenergiehubs nabij dorpen en kleine kernen.
Met name de windturbines zijn lastig te combineren met de kleine schaal en de ruimtelijke kwaliteit van dorpen. • Leegte is een kracht: Een gebied zonder grootschalige energieopwekking als grote ruimte van leegte is een kracht van Fryslân. Vooral in een open waardevol landschap zoals het veengebied is dit aan te raden. Dit gaat over gebieden van meerdere tientallen vierkante kilometer omdat anders opstellingen buiten de leegte alsnog voor verstoring zorgen. • Maak keuzes op de schaal van Fryslân: Acceptatie van grootschalige energieopwekking wordt vergroot wanneer er een logisch verband ontstaat tussen de opwek en de plek; een project moet leesbaar zijn. Andere energieconcepten zijn ook mogelijk, zoals alleen zonne-energie, dorpsturbines of erfontwikkelingen. Dit is dan echter geen Local4Local energiehub. Modellen of concepten kunnen naast elkaar bestaan, maar niet in hetzelfde gebied. Het maken van keuzes op basis van alle bovenstaande aanbevelingen op de schaal van Fryslân is dus essentieel en zou de volgende stap in het proces van de ontwikkeling van een Local4Local energiehub moeten zijn. • Stem locaties af en onderzoek de impact in 3D visualisaties: Omdat de impact groot is dient ook over grenzen heen gekeken en afgestemd te worden zoals met de provincie Groningen en Flevoland.
Om de impact goed te kunnen bepalen en de windconcepten op een goede manier te positioneren en in te passen is het noodzakelijk altijd een ruimtelijk onderzoek middels 3D visualisaties uit te voeren.
2.4.6
Uitkomsten Een Local4Local energiehub heeft de volgende landschappelijke aandachtspunten: • 200 meter turbines hebben qua impact de voorkeur boven 100 meter turbines. • Om ‘verrommeling’ te voorkomen en de impact zo gering mogelijk te laten zijn/te beperken, zijn een aantal plaatsingsregels van cruciaal belang. • Leegte is een kracht. Een gebied zonder grootschalige energie-opwek als grote ruimte van leegte is een kracht van Fryslân. Bottleneck: Binnen de huidige kaders van het provinciale beleid is geen ruimte voor de realisatie van nieuwe opwek componenten van een mesoniveau energiehub.
FREON & Provincie Fryslân | Enerzjy fan, foar en troch de Friezen
31
2.5
Werkgroep Financiële Stromen Wat is de financiële ‘lekkage’ uit Fryslân en welke rol kunnen de energiehubs hierbij spelen als investering voor Fryslân?
2.5.1
Betaalbare energie met stabiele prijs: kostprijs+ Kostprijs+ is de prijs die afnemers binnen een energiehub betalen voor hun energie. Met de kostprijs+ methodiek wordt de energieprijs zoveel mogelijk gebaseerd op de lokale prijs van energie-opwek, in plaats van op basis van de externe energiemarkt. Kostprijs+ is namelijk gebaseerd op de prijs per eenheid energie die nodig is voor de gezonde exploitatie van de lokale duurzame energie binnen een energiehub, vermeerderd met opslagen en correcties voor energiehandel, onbalanskosten en het marktresultaat van niet-gelijktijdige energiestromen van opwek en afname binnen de energiehub. Kostprijs+ is enkel van toepassing op een strak afgebakende groep, zoals een energiegemeenschap, of groep van lokale partijen, zoals een energiehub. Daarnaast is het bij kostprijs+ van (financierings-)belang dat contracten tussen producent en afnemers via een energieserviceprovider voor langere tijd worden opgesteld, bijvoorbeeld 15 jaar. De kostprijs+ binnen een energiehub is hierdoor minder vatbaar voor de externe marktprijs. Daarnaast is deze kostprijs+ gebaseerd op het rendement dat nodig is voor de exploitatie van opwek en niet op maximalisatie van het rendement.
Figuur 10: Kostprijs+ (zwarte balk) daalt als schaal productiemiddelen binnen de energiehub toeneemt (van micro- naar mesoniveau).
In figuur 10 is een samenvattend resultaat weergegeven van de indicatieve kostprijs+ bij verschillende schalen van energiehubs. Voor concrete opstellingen zijn de totale kosten in beeld gebracht en verdeeld over de afnemers van de lokaal opgewekte elektriciteit. Daarbij is niet meegenomen dat een energiegemeenschap kan besluiten een deel van de opbrengsten te besteden aan projecten ter versterking van de kwaliteit van de leefomgeving. In figuur 11, is een indicatieve weergave zichtbaar van hoe de kostprijs+ van een mesoniveau Local4Local energiehub zich kan verhouden ten opzichte van een dynamisch energiecontract, bij verschillende jaargemiddelde dagmarktprijzen.
FREON & Provincie Fryslân | Enerzjy fan, foar en troch de Friezen
32
Figuur 11: Kostprijs+ (zwarte lijn) is stabieler bij variatie in de prijs op de dagmarkt voor energie.
Het beeld is duidelijk. De mesoniveau-energiehub leidt vaak tot een stabielere energieprijs voor de lokale afnemers welke lager uitvalt bij stijgende marktprijzen. Hierbij is optimalisatie van gelijktijdigheid tussen afname en productie essentieel.
2.5.2
2.5.3
Financiële opbrengsten behouden in Fryslân In een dialoog tussen betrokkenen met veel praktische ervaring met energie uit hernieuwbare bronnen hebben we vastgesteld dat als we binnen de kaders van het bestaande economisch systeem invulling geven aan de energietransitie en deze volledig overlaten aan de markt, er in 2050 circa € 50-100 miljoen per jaar wegvloeit uit Fryslân, los van de energiebelastingen. Door energiehubs met lokale partijen te ontwikkelen, blijft veel geld binnen de provincie. Dat geld is van de lokale partijen die dit hebben geïnvesteerd. En omdat die partijen eigenaarschap voelen voor zowel de energiehub als het gebied waarin deze staat (want: lokaal!) zal de bereidheid om dit geld te besteden aan verbetering van het gebied groot zijn. Er kunnen talrijke bestemmingen worden gevonden. Bijvoorbeeld, de kostprijs+ voor energie kan extra laag worden gehouden, de energiehub kan extra natuurlijk worden ingepast, er kunnen ontmoetingsruimten voor omwonenden worden ingericht en ook kan het bijgedragen aan het tegengaan van energie-armoede.
Brede welvaart Vooral energiebesparing biedt perspectieven voor brede welvaart. Binnen het bestaande economische systeem betekent energiebesparing minder vraag, dus hogere kosten. Binnen het nieuwe economische systeem resulteert energiebesparing in verlaging van de kosten en kunnen elementen van brede welvaart worden geraakt. In het bestaande economische systeem rond fossiele brandstof wordt energie ingekocht vanuit (1) de termijnmarkt, (2) de ‘day ahead’ markt en (3) de onbalansmarkt. Financiering vindt plaats door naast geldleningen door banken ook eigen vermogen in te brengen. Voor het nieuwe economische systeem is circulariteit essentieel. Geld vloeit terug naar de bron in plaats van dat het wegstroomt. Voor de provincie Fryslân is brede welvaart een speerpunt. Daarbij gaat het om welzijn,
FREON & Provincie Fryslân | Enerzjy fan, foar en troch de Friezen
33
materiële welvaart, gezondheid, arbeid & vrije tijd, wonen, samenleving, veiligheid en milieu. Al deze aspecten komen in beeld als met lokale actoren een gebiedsproces wordt ingericht rond energiehubs. De kracht van lokaal eigendom is namelijk dat eigenaarschap ertoe leidt dat men bereid is om meer te doen voor de fysieke en maatschappelijke omgeving dan strikt noodzakelijk. Immers: het is hun eigen omgeving. Energie kan daarom de hefboom zijn om ook andere beleidsopgaven in een gebied succesvol te volbrengen. De insteek is – zeker als het gaat over de aanvaardbaarheid – dat waarden voor inwoners, lokale ondernemers en de leefomgeving worden versterkt.
2.5.4
Uitkomsten • Kostprijs+ is haalbaar als opwek en vraag tot elkaar komen en er sprake is van een goede mix van energiebronnen en een hoge gelijktijdigheid in afname en opwek. • Door de energietransitie lokaal op te pakken met Friese partijen kunnen we € 50-100 miljoen per jaar binnen de provincie houden en aan de voorkant investeren in gewenste ontwikkelingen. • Binnen het nieuwe economische systeem dat ontstaat rond kostprijs+ is de verbinding tussen energie en brede welvaart sterker. Waarden voor inwoners, lokale ondernemers en de leefomgeving kunnen worden versterkt. Bottleneck: Om kostprijs+ te kunnen leveren is het voorwaardelijk dat er voldoende afnemers een langjarig contract afnemen.
FREON & Provincie Fryslân | Enerzjy fan, foar en troch de Friezen
34
FREON & Provincie Fryslân | Enerzjy fan, foar en troch de Friezen
35
3. Conclusies Energiehubs op mesoniveau kunnen voor Fryslân op verschillende vlakken een positieve impact hebben. Energiehubs leiden tot efficiënter gebruik van de netcapaciteit. Local4Local energiehubs kunnen daarbovenop mogelijk maken om tegen een stabiele en concurrerende energieprijs, lokaal energie te leveren en de financiële opbrengsten te behouden binnen de regio. Energiehubs vragen een andere manier van samenwerken van zowel opwekkers, afnemers, de netbeheerder, overheden en andere direct betrokkenen, zoals inwoners en lokale ondernemers.
Om deze Local4Local energiehubs op mesoniveau te realiseren moeten er een drietal knelpunten worden opgelost. Zo kunnen er op dit moment nog geen groepscontracten worden afgesloten op onderstation niveau. Ten tweede kan op dit moment een netbeheerder, of op termijn een overheid (op basis van intergraal programmeren traject,) niet prioriteren in de beschikbare netcapaciteit, om voorrang te verlenen aan initiatieven met een bepaalde maatschappelijke meerwaarde. Ten derde staan de huidige provinciale kaders de opwek component op mesoniveau nog niet toe. De conclusies in dit hoofdstuk hebben betrekking op Local4Local energiehubs; niet elke conclusie is toepasbaar op energiehubs in het algemeen.
3.1 Haalbaarheid Bij de haalbaarheid is gekeken naar technische-, financiële- en juridische haalbaarheid, het beschikken over voldoende kennis en naar de planning voor het ontwikkelen van Local4Local energiehubs. Technische haalbaarheid 1. Combineren van opwek en afname (in eerste instantie elektriciteit) Het is haalbaar om de productie en afname van duurzame energie op elkaar af te stemmen binnen een afgebakend gebied. Hiervoor zijn goede energiemanagementsystemen beschikbaar. Ten aanzien van de opwek en levering van elektriciteit is veel kennis en expertise opgedaan. Door een passende verhouding tussen afname en energieproductie, vraagsturing en opslag te realiseren, wordt 70-80% verbruik van opwek binnen een energiehub mogelijk; 2. Effectiever gebruik maken van beschikbare netcapaciteit Door opwek en afname lokaal te koppelen en op elkaar aan te laten sluiten binnen een energiehub is potentieel tot 30% minder netcapaciteit nodig voor dezelfde opwek en afnamecapaciteit binnen de energiehub. De locatie situatie specifieke mogelijkheden zijn afhankelijk van de specifieke lokale netinfrastructuur. 3. Technisch is warmte koppelen mogelijk Voor de technische kant van duurzame warmte (opwek en levering via warmtenetten) wordt op dit moment op verschillende plekken in Fryslân en elders in Nederland ervaring opgedaan.
De verwachting is dat er bij de energiehubs gebruik gemaakt kan worden van deze ervaring.
FREON & Provincie Fryslân | Enerzjy fan, foar en troch de Friezen
36
Financiële haalbaarheid 1. Kostprijs+ kan concurreren met dagprijs De uitgevoerde verkenningen laten zien dat de kostprijs+ in ieder geval bij een Local4Local energiehub op mesoniveau kan concurreren met de gemiddelde energieprijzen op de dagmarkt (EPEX-SPOT) en zorgt voor een meer stabiele prijs. In deze kostprijs+ zijn de kosten van de bouw, de bedrijfsvoering, het onderhoud en de afschrijving van de opwek meegerekend. Voorwaarde is dat er voldoende afnemers voor een langere periode de kostprijs+ willen vastleggen. 2. Meer opbrengsten behouden in Fryslân Het zelf opwekken van energie met Friese partijen en het verbinden van opwek en afname resulteert in het binnen de provincie houden van € 50 tot € 100 miljoen per jaar. Voor dit geld kunnen vele bestemmingen worden gevonden. Niet alleen voor lokale aanbieders en afnemers van energie wordt het aantrekkelijker, ook de haalbaarheid van andere beleidsopgaven kan toenemen. Juridische haalbaarheid 1. Delen van transportcapaciteit Het delen van netcapaciteit binnen een groep van afnemers en producenten is nog niet mogelijk via het openbare net. Wel is het mogelijk om capaciteit te delen binnen een gesloten distributiesysteem. Momenteel wordt er door de gezamenlijke netbeheerders gewerkt aan groeps-transportcontracten voor groepen van aangeslotenen binnen een netvlak.
Deze ontwikkeling past qua tijdslijnen bij de ontwikkeling van Local4Local energiehubs. 2. Prioriteren van transportcapaciteit Het is nog niet mogelijk om transportcapaciteit te prioriteren. Transportcapaciteit wordt door de netbeheerders verdeeld op basis van ‘first come first serve’ principe. Dit betekent dat in gebieden met netcongestie er een wachtlijst wordt gevolgd, ongeacht de mate van effectief gebruik van de netaansluiting. Er zijn codewijzigingen in behandeling om essentiële functies voorrang te geven op deze wachtlijst. Het is wenselijk dat energiehubs voorrang krijgen op de wachtlijst. Energiehubs zijn op kortere termijn in ieder geval mogelijk in gebieden zonder netcongestie en waar bestaande capaciteit gecombineerd en op elkaar afgestemd kan worden via een groepstransportovereenkomst (groepsTO). 3. Ruimtelijke kaders De huidige provinciale kaders bieden geen ruimte voor de realisatie van de opwek van energie op mesoniveau. 4. Energiegemeenschap (organisatie) Het huidige juridische kader is voldoende om Local4Local energiehubs te organiseren. Veelal gebeurt dit in een combinatie van verschillende rechtspersonen met een coöperatie als centrale juridische entiteit.
FREON & Provincie Fryslân | Enerzjy fan, foar en troch de Friezen
37
3.2 Aanvaardbaarheid Bij aanvaardbaarheid gaat het over de acceptatie door alle betrokken partijen, zoals inwoners, ondernemers, belangengroeperingen en overheden. Het is niet vooraf te zeggen of alle betrokkenen een plan aanvaardbaar vinden. Dat moet blijken als de ruimtelijke procedures worden doorlopen. Tevens geldt dat haalbaarheid en aanvaardbaarheid elkaar beïnvloeden. Ook al kunnen we de (mate van) aanvaardbaarheid niet voorspellen, we kunnen wel aangeven welke factoren van de mogelijke opwek en opslag als onderdeel van Local4Local energiehubs, als ruimtelijk concept, invloed kunnen hebben op die aanvaardbaarheid. Het gaat om de verdeling van lusten (waarden) en lasten. De meerwaarde van Local4Local energiehubs Met Local4Local energiehubs kunnen de volgende waarden worden toegevoegd: 1. Een energiehub biedt mogelijkheden om lokale energievraag en -aanbod op elkaar af te stemmen. Dit kan netcapaciteit creëren voor nieuwe afname of opwek van energie. 2. Per energiehub kan, parallel aan de versterking van het elektriciteitsnet, de beschikbare netcapaciteit potentieel tot 30% efficiënter gebruikt worden wat leidt tot lagere investeringen in netverzwaringen en daarmee tot lagere maatschappelijke kosten.
3. Het is mogelijk een grotendeels stabiele waarde voor kostprijs+ vast te stellen voor de energieprijs dat door middel van een Local4Local energiehub kan worden opgewekt, voor een periode van 10 à 15 jaar. Dit biedt zekerheid aan huishoudens en bedrijven en kan bijdragen aan het voorkomen van energiearmoede. 4. Door lokaal energie op te wekken via een Local4Local energiehub is de regio minder afhankelijk van de externe energiemarkt en energie buiten de regio; ontwikkeling voor en door de regio. 5. Door verschillende opgaven op integrale wijze samen te brengen in een gebiedsgericht proces, neemt de haalbaarheid van te nemen maatregelen toe. De energietransitie kan een hefboom zijn voor andere beleidsopgaven en het vergroten van de brede welvaart. Omdat Local4Local energiehubs ook een mogelijke keerzijde hebben (zie volgende paragraaf) is het van belang dat lusten en lasten eerlijk verdeeld worden en er gezorgd wordt voor een goede landschappelijke inpassing. Per saldo moet sprake zijn van een positieve kwaliteitsimpuls. De keerzijde van energiehubs 1. Opwek en opslag als mogelijke componenten van een Local4Local energiehub hebben door hun omvang en zichtbaarheid een potentieel grote impact op een lokaal gebied qua beleving en landschapswaarden.
FREON & Provincie Fryslân | Enerzjy fan, foar en troch de Friezen
38
FREON & Provincie Fryslân | Enerzjy fan, foar en troch de Friezen
39
4. Aanbevelingen Aan Provinciale Staten: • Overweeg op basis van dit onderzoek en de op te stellen Energievisie, de ruimtelijke kaders voor duurzame energie aan te passen, om ruimte te bieden voor maatwerkoplossingen met Local4Local energiehubs. • Geef de netbeheerder Liander de opdracht om te onderzoeken of het prioriteren van netcapaciteit voor maatschappelijke meerwaarde mogelijk is (voortrekken van opwek die ook afnemers op het netvlak heeft gecontracteerd).
Aan Gedeputeerde Staten: • Onderzoek de ruimtelijke impact van verschillende energieconcepten, waaronder Local4Local energiehubs met hogere windmolens en zonneparken, op regionale schaal, ook in relatie tot het versterken van gebiedsopgaven. • Ga in samenwerking met de Friese Energie Tafel (FET)–deelnemers en specifiek netbeheerder Liander om te kijken waar in Fryslân mogelijkheden zijn voor energiehubs binnen de bestaande kaders. • Overleg met de netbeheerder Liander welke contractvormen zich op korte termijn lenen voor het faciliteren van (Local4Local) energiehubs op mesoniveau. Maak werkafspraken over welke informatie en stappen nodig zijn om deze mogelijkheden uit te werken en vast te leggen.
Maatschappelijke partijen • Organiseer collectieven op bedrijventerreinen in een congestiegebied voor congestiemanagement en in gebieden waar de (toekomstige) energievraag het grootst is. Doe dit in afstemming met de gemeenten. Ga daar aan de slag met afnemers en producenten om vorm te geven aan energiehubs. • Investeer in de vorming van Friese energiegemeenschappen, start op die plekken waar de acute behoefte is voor Local4Local energiehubs en waar inwoners en lokale ondernemers betrokken zijn.
FREON & Provincie Fryslân | Enerzjy fan, foar en troch de Friezen
40
FREON & Provincie Fryslân | Enerzjy fan, foar en troch de Friezen
41
5. Achtergronddocumenten 5.1 Onderbouwing berekening netcapaciteit en kostprijs+ van energiehubs 5.1.1
Onderbouwing van berekeningen rond maximale netcapaciteit bij energiehubs Om de potentie van energiehubs rond netimpact en de energieprijs te bepalen is er binnen de werkgroep vormgeving een model ontwikkeld. Het model is gebaseerd op uurdata van verschillende typen afnemers en productie-installaties voor de jaren 2021 tot en met 2022. Er is onder andere een vergelijking gemaakt tussen de benodigde transportcapaciteit van de (regionale) netbeheerder wanneer opwek en afname onafhankelijk van elkaar opereren en wanneer deze binnen een energiehub verbonden zijn. Vervolgens is flexibiliteit van afname en energie-opslag aan het model toegevoegd. Door verschillende combinaties te modelleren van typen zakelijke afnemers en verschillende typen opwek hebben we de potentiële effecten qua netinpassing berekend voor een energiehub ten opzichte van de situatie waarbij opwek en afname niet zijn gekoppeld. De volgende uitgangspunten voor de vormgeving van een energiehub zijn toegepast om te komen tot maximale gelijktijdigheid tussen afname en opwek op uurniveau en bepaling van de netto netimpact binnen een energiehub: • De totale afname op jaarniveau is gelijk aan totale opwek op jaarniveau binnen de energiehub. • Voor toepassen van zon en wind gaan we uit van cable poolen, waarbij de benodigde windcapaciteit maatgevend is.
Uit de scenario-analyses volgt dat een verhouding van circa 75% windproductie op jaarniveau en 25% zonproductie op jaarniveau tot de maximale natuurlijke gelijktijdigheid leidt als vuistregel. • Op uurniveau is uitgegaan van maximaal 15% flexibiliteit in afname in positieve of negatieve richting. Deze flexibiliteit wordt primair ingezet om beter de opwek te volgen en de gelijktijdigheid te vergroten. Deze flexibiliteit komt met name vanuit afnemers welke elektrificatie hebben toegepast van mobiliteit en industriële processen en waaronder waterstofproductie en power to heat. • Om binnen de energiehubs zoveel mogelijk de energetische pieken te voorkomen en gelijktijdigheid tussen afname en productie te vergroten wordt energie-opslag toegevoegd. Uit de scenario’s volgt dat energie-opslag met capaciteit van 50% van de maximale afnamecapaciteit van de energiehub en welke 2 uur op vol vermogen kan draaien het best passend is. • De benodigde maximale netcapaciteit voor afname en opwek gedurende de 2 gemodelleerde jaren zijn per scenario bepaald door het 99,5% percentiel te pakken van de maximale opwek en afname. Zo worden enkele outliers verwijderd om te komen tot een representatief beeld.
Op basis van scenario’s met verschillende combinatie afnemers en bijpassende flexibiliteit, opwek, en energie-opslag en de bovenstaande uitgangspunten zijn de volgende conclusies getrokken qua potentie van energiehubs op het gebied van netinpassing:
FREON & Provincie Fryslân | Enerzjy fan, foar en troch de Friezen
42
1. 70% tot 80% van de op jaarbasis afgenomen energie kan gelijktijdig worden geproduceerd binnen een energiehub met juiste energiemix en passende vormgeving. 2. Ten opzichte van het gecombineerde afnameprofiel is met toepassing van een energiehub 70% tot 80% van de originele maximale netcapaciteit voor zowel opwek als afname nodig. Dit ten opzichte van de gecombineerde afnameprofielen zonder toepassing van een energiehub. De bovenstaande conclusie geeft de potentie weer van energiehubs qua netinpassing. De uitwerking per situatie is afhankelijk en hangt af van de technische, juridische mogelijkheden en afname.
5.1.2
Onderbouwing van kostprijs+ berekeningen van energiehubs Het model voor de berekening van netimpact van energiehubs is gebruikt als startpunt voor de kostprijs+ berekening. Voor de berekening van de kostprijs+ zijn de werkelijke historische EPEX-uurprijzen van 2021 en 2022 toegevoegd aan het model. Voor verschillende combinaties van opwek en afname volgt hier een netto afname en opwekprofiel op jaarbasis uit voor een energiehub. Voor de kostprijs+ is het uitgangspunt dat de afnemer dekking geeft aan de opwekinstallatie qua nettokosten die opwekker heeft voor de exploitatie van de opwekinstallatie. De opbouw van de kostprijs+ is als volgt gemodelleerd met de volgende variabelen: • De opwekkostprijs: Nettoprijs per MWh benodigd voor financiering en exploitatie van opwek- en opslaginstallaties. • De Plus (+): Kosten voor energieservices voor elektriciteitslevering en afname (zoals energiehandel, markttoegang, balansverantwoordelijkheid en onbalanskosten), exclusief belasting en netwerkheffingen voor afnemer. • De Extra: De extra voor bijvoorbeeld gebiedsontwikkeling. Op basis van bovenstaande variabelen bestaat de kostprijs+ uit onderstaande drie elementen: 1. Resultaat gelijktijdige afname en opwek: Gebaseerd op de opwekkostprijs met verrekening van eventuele subsidies, incl. de Plus en de Extra.
2. Resultaat inkoop van niet gelijktijdige elektrische afname: Gebaseerd op uurprijzen dagmarkt bij afname, inclusief de Plus en de Extra. 3. Resultaat verkoop van niet-gelijktijdige elektrische opwek: Gebaseerd op het verschil tussen 1) de uurprijzen van de dagmarkt bij levering aan het net, incl. plus en Extra, en 2) ten opzichte van benodigde Opwekkostprijs. De volgende aannames zijn gebruikt voor de kostprijs+ berekeningen: • In de kostprijs+ berekeningen is uitgegaan van 75% gelijktijdigheid tussen afname en opwek binnen de energiehub. • Kosten voor inzet flexibiliteit aangenomen als 0 euro per MWh, omdat dit onderdeel is van de energiehub. • Kosten voor energie-opslag netto op 0 euro aangenomen omdat deze voor een groot gedeelte van de tijd niet nodig is voor optimalisatie van gelijktijdigheid en hiernaast een eigen verdienmodel geeft.
FREON & Provincie Fryslân | Enerzjy fan, foar en troch de Friezen
43
5.2
Propositie FREON
FREON & Provincie Fryslân | Enerzjy fan, foar en troch de Friezen
44
FREON & Provincie Fryslân | Enerzjy fan, foar en troch de Friezen
45
FREON & Provincie Fryslân | Enerzjy fan, foar en troch de Friezen
46
FREON & Provincie Fryslân | Enerzjy fan, foar en troch de Friezen
47
5.3
Motie energiehubs
MOTIE In te vullen door de griffier Indiener: CDA, Anton Meijerman
Motie nr. Paraaf
Mede-indiener(s): GrienLinks, Charda Kuipers SP, Hanneke Goede Statenlid Wiersma, Theun Wiersma D66,Danny van der WeijdeHoogstad PvdA, Erik de Groot VVD, Klaas Kielstra
Agendapunt Besluit
MOTIE, ex artikel 31 Reglement van orde Statenvergadering
30 november 2022
Agendapunt Korte titel motie
Energietransitie Fryslân op eigen kracht
De Staten, in vergadering bijeen op 30 november 2022 gehoord hebbende de beraadslaging; constaterende dat • Het agendapunt: ‘notitie uitvoering klimaatakkoord’ enkel een voortgangsrapportage bevat en het beleid niet gewijzigd kan worden; • Fryslân, net als heel Nederland, met een energiecrisis te maken heeft en verscherping van het beleid nodig is om energie op te slaan; • Dat de energieprijzen de pan uitrijzen waardoor er in Fryslân, in combinatie met de inflatie, veel inwoners zijn die moeite hebben rond te komen. Ook dreigt bij sommige bedrijven faillissement door de toegenomen productiekosten; • Er op dit moment sprake is van een grote afhankelijkheid van internationale energiebedrijven, ook waar het energie uit hernieuwbare bronnen betreft; • Dat de organisaties in Fryslân die direct of indirect betrokken zijn bij de productie van energie uit hernieuwbare bronnen de samenwerking hebben gezocht en een propositie hebben opgesteld richting provincie1. Daarin geven ze aan mogelijkheden te zien voor het produceren van betaalbare energie met lokale Friese partijen. De inzet is om volledig zelfvoorzienend te worden. overwegende dat • De kennis op het gebied van energie in Fryslân groot is.
Door zoveel mogelijk op eigen kracht vorm en inhoud te geven aan de energietransitie zal deze toenemen, wat goed is voor de werkgelegenheid; • Opbrengsten van energie zoveel mogelijk binnen onze eigen provincie moeten blijven, zodat er investeringen mee kunnen worden gedaan ter versterking van het verenigingsleven en de kwaliteit van de leefomgeving 1
filmpje met uitleg over het initiatief: Energiek Fryslân - YouTube
MOTIE
FREON & Provincie Fryslân | Enerzjy fan, foar en troch de Friezen
48
MOTIE verzoeken het college van Gedeputeerde Staten / spreken haar mening uit • De mogelijkheden voor het produceren van betaalbare, duurzame en hernieuwbare energie met lokale Friese partijen te onderzoeken, samen met de partijen die de propositie hebben ondertekend; • In dit onderzoek helderheid te bieden over haalbaarheid en aanvaardbaarheid van de propositie, met specifieke aandacht voor financiële stromen, vormgeving energiehubs, planning, draagvlak en landschappelijke inpassing. • De resultaten van dit onderzoek in Q4 van 2023 naar PS te sturen. en gaan over tot de orde van de dag Indiener(s)
(fractie / naam / handtekening) CDA, Anton Meijerman GrienLinks, Charda Kuipers SP, Hanneke Goede Statenlid Wiersma, Theun Wiersma PvdD, Menno Brouwer D66, Danny van der Weijde-Hoogstad PvdA, Erik de Groot VVD, Klaas Kielstra
MOTIE
FREON & Provincie Fryslân | Enerzjy fan, foar en troch de Friezen
49
5.4
Rapport H+N+S ‘Ruimtelijk / landschappelijke verkenning Energiehub Fryslân’, 14-11-2023 > zie apart meegestuurd document
FREON & Provincie Fryslân | Enerzjy fan, foar en troch de Friezen
50