Bijlage 2 Normenkader 2023
Tekst van het document
Normenkader 2023 Tabel Normenkader rechtmatigheid 2023 met daarin opgenomen wetgeving extern en regelgeving intern financieel voor de financiële rechtmatigheidscontrole (raadsbesluiten van 15 september 2022 tot en met 21 september 2023, aangevuld met raadsvoorstel 19 oktober 2023 met betrekking tot de Tweede bestuursrapportage 2023 en nieuwe en of geactualiseerde/gewijzigde verordeningen en nota’s ten aanzien van de financiële functie. Beleids- en taakvelden Algemeen Bestuur en ondersteunende processen
Specifieke activiteit Algemeen financieel middelenbeheer
Wetgeving extern
Regelgeving intern financieel
Grondwet
Verordening vergoeding leden Commissie Bezwaarschriften (RB 19 januari 2012)
Burgerlijk Wetboek Financiële uitgangspunt gemeenschappelijke regeling 2019 (FUGR)
Gemeentewet Besluit Begroting en Verantwoording
Programmabegroting 2023 vaststellen en kennisnemen van de meerjarenraming 20242026 (RB 3 november 2022)
Wet gemeenschappelijke regelingen
Eerste Bestuursrapportage 2023 (RB 13 juli 2023)
Algemene Wet Bestuursrecht
Tweede Bestuursrapportage 2023 (planning RB 19 oktober2023)
Wet Openbaarheid van Bestuur
Raadsbesluiten met financiële gevolgen Kadernota 2024 (RB 13 juli 2023)
Archiefwet Financiële verordening Hollands Kroon 2023 (art.212 Gemeentewet) (RB 21 september 2023)
Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft) Wet op de omzetbelasting 1968
Verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning 2016 (RB 1 maart 2012 en gewijzigd op 19 december 2013 en op 20 december 2016)
Wet op het BTWcompensatiefonds
Nota risicomanagement (RB 22 november 2012)
Wet modernisering Vpb-plicht overheidsondernemi ngen (met ingang van 1 januari 2016)
Nota weerstandsvermogen (RB 22 november 2012)
Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado) Circulaires Ministerie
1
Nota reserves en voorzieningen Hollands Kroon 2023 (wordt in de maanden oktober t/m december 2023 aan de raad ter vaststelling voorgelegd) Nota overhevelingen 2012 (RB 5 maart 2013) ingetrokken bij RB 6 november 2014. Gelijktijdig is besloten tot een afspraak dat gewenste overhevelingen uiterlijk in december
Normenkader 2023 Beleids- en taakvelden
Specifieke activiteit
Wetgeving extern
Regelgeving intern financieel
van BZK met betrekking tot single information en single audit (SISA)
van het lopende jaar ter besluitvorming aan de raad worden voorgelegd (RB 6 november 2014)
Besluit wijziging betalingstermijn handelsfacturen (via BW) Wet Houdbare Overheidsfinanciën (Wet HOF)
Beleidsnota activeren en afschrijven Hollands Kroon 2023 (RB 21 september 2023) Nota kostprijsberekening en -doorbelasting (RB 18 december 2018)
Wet elektronische bekendmaking
Treasurybeheer
Nota borgstellingen en geldleningen Hollands Kroon 2023 (RB 21 september 2023)
Wet Revitalisering Generiek Toezicht Wet financiering decentrale overheden (FIDO)
Treasurystatuut gemeente Hollands Kroon 2018 (RB 21 juni 2018) Ingetrokken op 22 september 2023
Regeling uitzettingen en derivaten door decentrale overheden (RUDDO)
Eerste wijziging van het Treasurystatuut 2018 (RB 28 mei 2020) Ingetrokken op 22 september 2023 Financieringsstatuut Hollands Kroon 2023 (RB 21 september 2023). Treedt vanaf 22 september 2023 in werking.
Regeling schatkistbankieren decentrale overheden
Arbeidsvoorw aarden en personeelsbeleid
Op 18 december 2018 heeft de raad de overhevelingen van 2018 naar 2019 vastgesteld, aangevuld met het instellen van een bestemmingsreserve overhevelingen met ingang van 2018.
Uitvoering financiering decentrale overheden (UFDO) Ambtenarenwet
Verordening rechtspositie raads- en commissieleden, gemeente Hollands Kroon (RB 20 juni 2019)
Fiscale wetgeving Sociale verzekeringswetten Wet Harmonisering en vereenvoudiging sociale zekerheidswetgeving CAR/UWO
2
Verordening tot eerste wijziging van de Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Hollands Kroon 2019 (RB 15 september 2022) Implementatie Wet normalisatie rechtspositie ambtenaren voor raadsgriffie (RB 23 januari 2020)
Normenkader 2023 Beleids- en taakvelden
Specifieke activiteit
Wetgeving extern
Regelgeving intern financieel
Arbowet Wet Normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sectoren (WNT) met ingang van 1 januari 2013 Algemene Pensioenwet Politieke ambtsdragers (Wet APPA) Wet Werk en Zekerheid (Wwz)
Inkopen en contractbeheer
Wet normalisatie rechtspositie ambtenaren EU-aanbestedingsregels EU-staatssteunregels Wet BIBOB Aanbestedingswet met ingang van 1 april 2013) en gewijzigd vanaf 1 juli 2016
Burgerzaken en Belastingen
Burgerlijke stand en afgifte documenten
Wet Markt en Overheid met ingang van 1 juli 2012 Burgerlijk wetboek Gemeentewet
Legesverordening 2023 (RB 20 december 2022) Eerste wijziging van de Legesverordening 2023 (collegebesluit 20 juni 2023)
Paspoortwet Verordening tot tweede wijziging van de legesverordening 2023 (RB 13 juli 2023)
Wet BRP (Basisregistratie Personen)
Nota tarieven (Tarieventabel) 2023 (RB 20 december 2022)
3
Normenkader 2023 Beleids- en taakvelden
Specifieke activiteit
Wetgeving extern
Regelgeving intern financieel
Wet rechten burgerlijke stand
OZB
Privacywet Gemeentewet
Verordening onroerende zaakbelasting 2023 (RB 20 december 2022)
Wet waardering Onroerende Zaken Invorderingswet 1990 Algemene Wet Rijksbelastingen Algemene Wet Bestuursrecht Gemeentewet
Verordening rioolheffing 2022 (RB 4 november 2021) Tarief is ten opzichte van 2022 niet gewijzigd.
Rioolrechten
Brandweer Rechten Grafrechten Begraaf plaatsen
Forensenbelas ting Toeristenbelas ting
Openbare orde en veiligheid
Invorderingswet 1990 Gemeentewet Gemeentewet
Verordening Lijkbezorgingsrechten 2023 (RB 20 december 2022)
Invorderingswet 1990 Wet op de lijkbezorging Gemeentewet
Verordening forensenbelasting 2023 (RB 20 december 2022) Verordening Toeristenbelasting 2022 (RB 4 november 2021) Tarief is ten opzichte van 2022 niet gewijzigd.
Gemeentewet
Campergeld
Gemeentewet
Staangeld
Gemeentewet
Handhaving
Gemeentewet
Brandweer en rampenbestr. Brandbeveili-
Politiewet 2012 Wet op de Veiligheidsregio’s Gemeentewet
Verordening tot eerste wijziging van de verordening Toeristenbelasting 2022 (RB 26 januari 2023) Verordening campergeld 2022 (RB 4 november 2021) Tarief is ten opzichte van 2022 niet gewijzigd. Staangeldverordening 2023 (RB 20 december 2022)
4
Normenkader 2023 Beleids- en taakvelden
Vreemdelingen zaken en integratie
Verkeer en Vervoer
Specifieke activiteit gingsvergunningen Vreemde lingenzaken
Wetgeving extern
Integratie
Wet inburgering nieuwkomers Wegenverkeerswet
Wegenbeheer
Regelgeving intern financieel
Vreemdelingenwet
Wegsleepverordening (RB 25 april 2013)
Besluit wegslepen voertuigen Besluit administratieve bepalingen wegverkeer Wet personenvervoer
Havenbeheer
Brede doeluitkering verkeer en vervoer Binnenschepenwet
Verordening Havengeld 2023 (RB 20 december 2022)
Besluit administratieve bepalingen wegverkeer
Groen en milieubeheer
Waterbeheer
Invorderingswet 1990 Gemeentewet
Vervoer Civiel en Groen
Taxiwet Monumentenwet 1988
Afvalstoffenbeheer
Meerjarenonderhoudsprogramma baggeren 2021-2030 (RB 18 maart 2021) Subsidieverordening Erfgoed (RB 17 december 2020) Subsidieplafond 2021 voor erfgoed (RB 17 december 2020) Verordening afvalstoffenheffing 2023 (RB 20 december 2022)
Gemeentewet Wet Milieubeheer
Rioolbeheer en reiniging
Maatwerkregeling recycle-tarief (RB 16 december 2022)
Invorderingswet 1990 Gemeentewet
Beleidsplan ‘Programma Stedelijk Water en Riolering 2023-2027’. Het beleidsplan was voorheen bekend onder de naam GRP (Gemeentelijk Rioleringsplan) (RB 20 december 2022)
Wet op de waterhuishouding Waterleidingwet
5
Normenkader 2023 Beleids- en taakvelden
Specifieke activiteit Milieubeheer
Wetgeving extern
Regelgeving intern financieel
Wet Milieubeheer
Subsidieverordening duurzame energiemaatregelen 2013 (RB 5 maart 2013). De uitvoering berust bij de Milieudienst KvNH
Wet belastingen op milieugrondslag
Subsidieverzoek indienen voor compensatie van 68% van de gemaakte kosten (€ 124.173 ex BTW) bij het Ministerie van BZK op grond van de Bommenregeling gemeentefonds (RB 26 januari 2023)
Activiteitenbesluit Wet bodembescherming Besluit bodemkwaliteit Stedelijke ontwikkeling, wonen en economie
Grondexploita tie
Financiële afrekening van de directe bergingskosten van de Vickers Wellington T2990 in Nieuwe Niedorp (RB 23 maart 2023) Nota Grondbeleid 2019-2022 (RB 5 maart 2019)
Wet ruimtelijke ordening
Meerjaren Prognose Grondexploitaties 2023 (RB 13 juli 2023)
Besluit op de ruimtelijke ordening Wet algemene bepalingen omgevingsrecht
Nota bovenwijkse voorzieningen 2018(RB 24 mei 2018) Verordening starterslening gemeente Hollands Kroon (RB 21 december 2021)
Besluit omgevingsrecht/WA BO
Verordening duurzaam maatschappelijk vastgoed (RB 23 maart 2023)
Wet Basisregistraties Adressen en Gebouwen Wet Basisregistratie Ondergrond Wet Basisregistratie grootschalige topografie
Intensivering Stedelijke Vernieuwing Telecommunic atie
Wonen,
Wet Markt en Overheid Wet ISV
Telecommunicatiewet Belemmeringenwet Privaatrecht Leegstandwet
6
Subsidieverordening ‘De isolatieversneller’ (RB 23 maart 2023)
Normenkader 2023 Beleids- en taakvelden
Specifieke activiteit economie en beheer gemeentelijke panden en accommo daties
Wetgeving extern
Regelgeving intern financieel
Woningwet Huurprijzenwet Huisvestingswet Huurwet Huursubsidiewet Besluit woning gebonden subsidies Wet bevordering eigen woningbezit Verzameluitkering VROM
Zorg, Welzijn en Sport
Algemeen welzijn en sport
Winkeltijdenwet Welzijnswet
Subsidieverordening Hollands Kroon 2013 (RB 5 maart 2013) Kadernota Subsidiebeleid (RB 25 april 2013) Besluit Subsidieplafonds 2023 (RB 20 december 2022) Harmonisatie en indexatie huurtarieven gymzalen en sporthallen vanaf 2021 (RB 16 april 2020) Besluit indexering onderhoudsbijdrage buitensportvelden (20 december 2022) Compensatie en herstelfonds COVID-19 (RB 18 februari 2021) Noodfonds voor maatschappelijke instellingen (RB 20 december 2022) Subsidieverordening noodfonds maatschappelijke instellingen (RB 23 maart 2023) Subsidieverordening Kerktorens Hollands Kroon (RB 13 juli 2023)
Gehandicap tenzorg
Wet Maatschappelijke
Verordening maatschappelijke ondersteuning 2019 Gemeente Hollands Kroon (RB 20 juni
7
Normenkader 2023 Beleids- en taakvelden
Specifieke activiteit Ouderenzorg
Wetgeving extern
Regelgeving intern financieel
Ondersteuning 2015
2019)
Wet basistarieven Hulp bij het Huishouden
Verordening tot eerste wijziging van de verordening maatschappelijke ondersteuning 2019 (RB 19 december 2019)
Wet aanbesteden Hulp bij het Huishouden
Verordening tot tweede wijziging van de Verordening maatschappelijke ondersteuning 2019 gemeente Hollands Kroon (RB 23 juni 2022) Verordening tot derde wijziging van de Verordening maatschappelijke ondersteuning 2019 gemeente Hollands Kroon (RB 14 juli 2022)
Kinderopvang
Besluit hulp bij het huishouden op grond van uitspraak CRB op 18 mei 2016 om hulp bij het huishouden in cat. 1 als individuele maatwerkvoorziening onder de werking van de Wmo te brengen (RB 30 juni 2016) waarbij de Nota Huishoudelijke hulp (RB 26 maart 2015) Is ingetrokken Verordening voorschoolse educatie, peuterplaatsen en kinderopvang Sociaal Medische Indicatie Hollands Kroon 2022 (RB 25 november 2021)
Wet Kinderopvang Wet Primair onderwijs Wet Harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk Wet Innovatie en Kwaliteit Kinderopvang
Jeugd, onderwijs en cultuur
Verzorgen basis- en speciaalonderwijs/Soc iaal Domein
GOA/VVE Wet op het primair onderwijs
Verordening bekostiging leerlingenvervoer 2021 (RB 16 september 2021)
Wet op de basiseducatie
Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs Hollands Kroon 2022 (RB 14 juli 2022)
Jeugdwet Wet Ontwikkelingskansen door Kwaliteit en Educatie
8
Integraal huisvestingsplan primair onderwijs 2022-2036, incl. aanpassing van de normvergoedingen voor nieuwbouw en renovatie om het niveau Energie Neutrale Gebouwen te bereiken (basisreferentieniveau in plaats van VNG-norm) (RB 14 juli 2022)
Normenkader 2023 Beleids- en taakvelden
Specifieke activiteit
Wetgeving extern
Regelgeving intern financieel
Verordening financiële en materiële gelijkstelling onderwijs (RB 19 januari 2012) Project onderwijshuisvesting 2017-2021 (RB 29 november 2016) Verordening Jeugdhulp Hollands Kroon 2019 (RB 20 juni 2019) Verordening tot eerste wijziging van de Verordening jeugdhulp gemeente Hollands Kroon 2019 (RB 23 juni 2022) Verzorgen voortgezet onderwijs
Wet op het voortgezet onderwijs Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek Wet educatie- en beroepsonderwijs
Cultuur en lokale media
Volks gezondheid
Ambulance vervoer
Ongediertebes trijding Gezondheids zorg
Werk en inkomen
Sociale inkomensvoor zieningen
Wet op het Participatiebudget Mediawet Wet op het specifiek cultuurbeleid Wet ambulancevervoer Wet publieke gezondheid Gemeentewet Gezondheids- en welzijnswet voor dieren Wet publieke gezondheid Participatiewet Werkloosheidswet (WW) Ziektewet Wet inkomensvoorziening oudere werklozen (IOW)
9
Beleid ondersteuning lage middeninkomens (RB 20 december 2022)
Normenkader 2023 Beleids- en taakvelden
Specifieke activiteit
Wetgeving extern
Regelgeving intern financieel
Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijke arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW) Wet arbeid en zorg (WAZO) Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA) Wet arbeidsongeschikthei dsverzekering jonggehandicapten (Wajong) Toeslagenwet Algemene ouderdomswet en nabestaandenwet (Anw) Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 (excl. Levensonderhoud startende zelfstandigen)
Werkgelegen heid/Participa tie (Sociaal Domein)
Tijdelijke overbruggingsregelin g zelfstandige ondernemers (TOZO) IOAW en IOAZ Sociale en Fiscale wetgeving Participatiewet Wet Structuur Uitvoeringsorganisati e Werk en Inkomen (SUWI)
Re-integratieverordening Participatiewet Hollands Kroon 2017 (RB 1 juni 2017) Wijziging Re-integratieverordening Participatiewet Hollands Kroon 2017 (26 september 2019)
Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW, IOAZ Hollands Kroon 2022 (RB 25 november 2021)
Wet Inkomensvoorziening Kunstenaars
Verordening tegenprestatie Participatiewet,
10
Normenkader 2023 Beleids- en taakvelden
Specifieke activiteit
Wetgeving extern
Regelgeving intern financieel
Wet sociale werkvoorziening
IOAW en IOAZ Hollands Kroon 2015 (RB 30 oktober 2014)
Gebundelde uitkering (WWB, WIJ, IOAW, IOAZ en levensonderhoud startende zelfstandigen, Bbz 2004)
Verordening loonkostensubsidie Participatiewet Hollands Kroon 2015 (RB 18 juni 2015) treedt 1 april 2015 in werking) Handhavings-verordening Participatiewet IOAW en IOAZ Hollands Kroon 2015 (RB 18 december 2014) Verordening verrekening bestuurlijke boete bij recidive Hollands Kroon 2015 (RB 18 december 2014) Verordening Cliëntenparticipatie Hollands Kroon 2015 (18 december 2014)
Schuldhulpverlening
Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen
Verordening individuele inkomenstoeslag Participatiewet gemeente Hollands Kroon 2022 (RB 16 december 2021) Beleid Schulddienstverlening 2020-2024 (RB 28 mei 2020)
Regeling Schuldhulpverlening
verordening beslistermijn schulddienstverlening (RB 28 januari 2021)
Wet gemeentelijke schuldhulpverlening
11
Normenkader 2023 Overige uitgangspunten met betrekking tot het Normenkader Kadernota rechtmatigheid 2023 De kadernota rechtmatigheid wordt door de commissie BBV geactualiseerd als de ontwikkelingen daar aanleiding toe geven. Voor de jaarrekening 2023 is hier aanleiding toe indien het wetstraject, waarin het afgeven van een verklaring over de rechtmatigheid bij decentrale overheden wordt geregeld, tijdig wordt afgerond. Met ingang van het verslagjaar 2023 wordt dan de verantwoordelijkheid van het college van burgemeester en wethouders (‘college’) voor de rechtmatigheid benadrukt doordat het college een verantwoording over rechtmatigheid af moet gaan geven in plaats van de accountant. Deze wijziging komt voort uit het rapport ‘Vernieuwing van de begroting en verantwoording van gemeenten’ van de commissie Depla. Het uitgangspunt van de wetgever is dat de reikwijdte van de verantwoording door het college niet wijzigt ten opzichte van de situatie waarin de accountant een oordeel gaf. Op grond van de nieuwe Wet versterking decentrale rekenkamers, die met ingang van 1 januari 2023 in werking is getreden, wijzigt de rol van het college met betrekking tot de rechtmatigheidsverantwoording als onderdeel van de jaarrekening.
Met deze wijziging leggen het college van burgemeester en wethouders in de jaarrekening voortaan zelf verantwoording af over de financiële rechtmatigheid tegenover de gemeenteraad. Dit sluit aan bij de systematiek die geldt voor het Rijk. De accountant toetst vervolgens de getrouwheid van de jaarrekening en betrekt bij deze beoordeling de rechtmatigheidsverantwoording van het college. De rechtmatigheidsverantwoording ziet op drie criteria: • • •
De financiële beheershandelingen moeten tot stand zijn gekomen binnen de begroting (‘begrotingscriterium’); De voorwaarden die worden gesteld bij de uitvoering van financiële beheershandelingen moeten in lijn zijn met wet- en regelgeving, zoals de (Europese) aanbestedingsregelgeving (‘voorwaardencriterium’); Toets op juistheid en volledigheid van gegevens die zijn verstrekt om het voldoen aan voorwaarden aan te tonen (‘misbruik en oneigenlijk gebruik-criterium’).
In de nota van toelichting van het Besluit van 16 november 2022, met betrekking tot de vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet versterking decentrale rekenkamers is vermeld dat de verdere uitwerking van de rechtmatigheidsverantwoording zal geschieden door wijziging van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV), het Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden (BADO) en het Waterschapsbesluit. Voor gemeenten en provincies zijn inmiddels voorbereidingen getroffen door de commissie BBV en de commissie BADO. De wijzigingen van de Gemeentewet en Provinciewet kunnen daarom in werking treden op 1 januari 2023 en zullen het eerst voor het verslagjaar 2023 gelden. Beoogd is dat de wijzigingen in het BBV en het BADO in de loop van 2023 worden vastgesteld, voor de aanvang van de voorbereiding van de jaarrekening 2023.
In artikel 10 van de Financiële verordening 2023 heeft de raad de verantwoordingsgrens bepaald op 1% van de totale lasten van de gemeente, inclusief de dotaties aan de reserves.
12
Normenkader 2023
Normenkader rechtmatigheid In de Kadernota rechtmatigheid 2023 is over het Normenkader het volgende opgenomen: Opstellen Normenkader Voor een goede totstandkoming van de rechtmatigheidsverantwoording is belangrijk dat de geldende regelgeving duidelijk vastligt. Het college is primair verantwoordelijk voor de naleving van de wet- en regelgeving en moet dus permanent inzicht hebben in de van toepassing zijnde relevante wet- en regelgeving. Dit betreft het normenkader. Het college stuurt het normenkader naar de raad. De raad stelt het normenkader vast. Het normenkader moet actueel en aangepast worden op basis van nieuwe wet- en regelgeving. De inventarisatie van regelgeving bestaat uit externe- en gemeentelijke regelgeving. Onder gemeentelijke regelgeving worden verordeningen, raads- en collegebesluiten verstaan. Het normenkader heeft dezelfde reikwijdte, als onder de hiervoor geldende Kadernota’s rechtmatigheid. Bij wettelijke bepalingen zijn alleen de financiële beheershandelingen van belang, zoals bijvoorbeeld Europese aanbestedingsrichtlijnen. Voor verordeningen geldt dat alle verordeningen onderdeel uitmaken van het normenkader voor zover deze bepalingen bevatten over financiële beheershandelingen.
Andere besluiten van de raad, dus niet zijnde verordeningen, met een kaderstellend karakter en die bepalingen bevatten over financiële beheershandelingen, zijn ook een verplicht onderdeel van het normenkader. Het is niet toegestaan dat gemeenteraden eigen verordeningen buiten beschouwing laten bij de rechtmatigheidsverantwoording. Wel kan de raad besluiten dat aan bepaalde onderdelen van verordeningen geen consequenties voor de financiële rechtmatigheid worden verbonden. Dat kan alleen als deze onderdelen niet verplicht voortvloeien uit hogere regelgeving. Collegebesluiten Collegebesluiten vallen niet onder de rechtmatigheidsverantwoording, tenzij de verantwoording hiervan verplicht is op basis van hogere regelgeving of raadsbesluiten c.q. verordeningen. De raad kan bijvoorbeeld het vaststellen van het treasury statuut of inkopen aanbestedingsbeleid overgedragen hebben aan het college. In die situatie ligt het niet voor de hand dat deze collegebesluiten worden opgenomen in het normenkader, omdat het bevoegdheden zijn die de raad zelf gedelegeerd heeft. Uiteraard moet wel worden vastgesteld dat deze collegebesluiten zijn genomen door het college. De commissie BBV adviseert de door de raad gedelegeerde bevoegdheden aan het college niet op te nemen in het normenkader rechtmatigheid. De gemeenteraad stemt dan ook in met het niet opnemen van collegebesluiten in het Normenkader.
Stellige uitspraken
13
Normenkader 2023 Met stellige uitspraken geeft de commissie een interpretatie van de regelgeving die leidend is. Dit betekent dat verwacht wordt dat stellige uitspraken worden gevolgd. Indien een gemeente toch een afwijkende interpretatie kiest (de gemeente is van oordeel dat in haar specifieke omstandigheden een andere lijn beter past en ook ‘BBVproof’ is), dan moet zij dit expliciet motiveren en kenbaar maken bij de begroting en jaarstukken. In de Kadernota zijn de navolgende stellige uitspraken opgenomen: • Bij onduidelijkheden over de interpretatie in de verordeningen over financiële consequenties dient de raad aan te geven welke uitleg hieraan moet worden gegeven. Deze interpretatie van de raad moet vervolgens vastgelegd worden in een raadsbesluit, waarna dit besluit wordt verwerkt in de desbetreffende verordeningen; • De totale lasten inclusief de toevoegingen aan de reserves vormen de te hanteren omvangbasis voor het berekenen van de verantwoordingsgrens; • Het college geeft in de paragraaf bedrijfsvoering een toelichting op alle afwijkingen, die in de rechtmatigheidsverantwoording zijn opgenomen en welke maatregelen worden genomen om deze afwijkingen in de toekomst te voorkomen; • Voorwaarden die direct van invloed zijn op de verslaggeving c.q.
het getrouwe beeld van de jaarrekening worden niet opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording; • Indien de normen uit de gids proportionaliteit veelvuldig niet nageleefd worden of slecht gedocumenteerd en/of gemotiveerd zijn, dan moet het college hierover rapporteren via de paragraaf bedrijfsvoering; • Ontbrekende afrekeningen waarvoor het college een deugdelijke onderbouwing voor wat betreft de rechtmatigheid kan verstrekken, leiden niet tot een fout of onduidelijkheid voor de rechtmatigheidsverantwoording; • Niet-financiële onrechtmatigheden in verband met het niet naleven van bepalingen in de wet Fido en bijbehorende Regelingen moeten worden opgenomen en toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering; • Het college en de raad leggen in de financiële verordening vast op welke wijze om wordt gegaan met begrotingsonrechtmatigheden.
Hieruit moet blijken hoe afwijkingen geïnterpreteerd worden in het kader van het uitoefenen van het budgetrecht door de raad; • Begrotingsonrechtmatigheden die binnen de beleidskaders van de raad passen, moeten worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording (voor zover de verantwoordingsgrens voor afzonderlijk fouten of onduidelijkheden is overschreden), maar worden niet nader toegelicht in de rechtmatigheidsverantwoording; • Bij complexe situaties waarin er verschillende onderbouwde standpunten zijn en specialisten niet tot een eenduidig oordeel komen, kan het voor het college onduidelijk zijn of financieel rechtmatig is gehandeld. Het college betrekt deze situatie bij het opstellen van de rechtmatigheidsverantwoording en neemt deze op indien het totaal aan onduidelijkheden de verantwoordingsgrens overschrijdt.
Voorwaardencriterium Het voorwaardencriterium heeft betrekking op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen. De eisen/voorwaarden zijn afkomstig uit diverse weten regelgeving en hebben betrekking op aspecten als doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedragen, bevoegdheden, bewijsstukken, recht, hoogte en duur. Het toetsen van de aspecten recht, hoogte en duur wordt de minimumvariant genoemd.
14
Normenkader 2023 Naast de drie aspecten van de minimumvariant worden de volgende aanvullende aspecten onderscheiden: termijnen, bevoegdheden, administratieve bepalingen, doelgroep, grondslagen, normbedragen en overige formele vereisten (waaronder bewijsstukken). De minimumvariant aangevuld met de overige aspecten wordt de uitgebreide variant genoemd. De raad stemt in met de minimumvariant. Dat betekent dat alleen recht, hoogte en duur bij de rechtmatigheidsverantwoording wordt betrokken. Dat is vastgelegd in artikel 11 van de Financiële verordening 2023. Daarin is vermeld dat de eisen/voorwaarden afkomstig zijn uit diverse wet- en regelgeving en betrekking hebben op tenminste aspecten als recht, hoogte en duur. Begrotingscriterium Begrotingsonrechtmatigheden (beleidsmatig en/of financieel) moeten geautoriseerd worden door de raad. Hiermee wordt toestemming gevraagd voor het te realiseren beleid en voor de besteding van het benodigde bedrag. Begrotingswijzigingen moeten volgens de Gemeentewet tijdens het jaar zelf nog door de raad worden vastgesteld. Indien een wijziging niet meer in het jaar zelf is vastgesteld zijn bestedingen afwijkend van het begrotingsbedrag strikt genomen onrechtmatig. Uitgangspunt is dus dat iedere afwijking van de begroting onrechtmatig is.
De financiële beheershandeling die deze afwijking van de begroting veroorzaakt, kan namelijk in strijd zijn met het budgetrecht van de raad zoals geregeld in de Gemeentewet. Het bepalen welke begrotingsonrechtmatigheden al dan niet verwijtbaar zijn, is voorbehouden aan de raad. De raad bepaalt zelf op welk niveau de budgetten in de begroting en investeringen worden geautoriseerd. Dit gebeurt door middel van de begroting en via de verordening op het financieel beheer ex artikel 212 van de Gemeentewet. Het is aan de raad om te bepalen in hoeverre afwijkingen acceptabel zijn. Het is van belang dat college en raad eenduidige afspraken maken op welke wijze begrotingsonrechtmatigheden in de nieuwe situatie benaderd worden. Deze afspraken worden vastgelegd in de financiële verordening. Het begrotingscriterium betekent dat de baten, lasten en balansmutaties passen binnen de door de raad vastgestelde begroting. In de Financiële verordening 2023 zijn in artikel 5 en 12 hierover nadere regels opgenomen. Deze regels zijn bedoeld om het budgetrecht van de raad te respecteren. Het budgetrecht van de raad is verankerd in de gemeentewet. In artikel 189 lid 1 is opgenomen dat “Voor alle taken en activiteiten brengt de raad jaarlijks op de begroting de bedragen die hij daarvoor beschikbaar stelt, alsmede de financiële middelen die hij naar verwachting kan aanwenden.”
Misbruik en Oneigenlijk gebruik criterium Het Misbruik en Oneigenlijk gebruik criterium heeft betrekking op het voorkomen en bestrijden van misbruik en oneigenlijk gebruik door in de desbetreffende verordeningen bepalingen op te nemen door het toetsen en controleren op juistheid en volledigheid van gegevens, die door de belanghebbenden zijn verstrekt om het voldoen aan voorwaarden aan te tonen. Onder misbruik wordt verstaan:
15
Normenkader 2023 Het opzettelijk niet, niet tijdig, onjuist of onvolledig verstrekken van gegevens met als doel ten onrechte overheidssubsidies of -uitkeringen te verkrijgen of niet dan wel een te laag bedrag aan heffingen aan de overheid te betalen. Misbruik van overheidsgelden wordt geregeld aangeduid met het plegen van fraude om zich onrechtmatig overheidsgelden toe te eigenen. Misbruik van overheidsregelingen moet echter wel duidelijk worden onderscheiden van fraude waarbij één of meerdere medewerkers van de organisatie betrokken zijn. Bij het bestrijden van misbruik passen beheersmaatregelen zoals misbruikpreventie, handhaving, misbruik en fraudeopsporing en sancties. Onder oneigenlijk gebruik wordt verstaan: Het door het aangaan van rechtshandelingen, al dan niet gecombineerd met feitelijke handelingen, verkrijgen van overheidsbijdragen of het niet dan wel tot een te laag bedrag betalen van heffingen aan de overheid, in overeenstemming met de bewoordingen van de regelgeving maar in strijd met het doel en de strekking daarvan. De beheersmaatregelen die daarbij passen zijn: handhaving, voorlichting, analyse toepassen en actualisering wet- en regelgeving. Misbruik is onrechtmatig, oneigenlijk gebruik niet. Wanneer sprake is van misbruik van overheidsgelden moeten deze gelden door de gemeente worden teruggevorderd.
Als in de jaarrekening van de gemeente geen terugvordering is verantwoord, is sprake van een getrouw beeld fout die niet wordt opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording, omdat er dan ook sprake is van een getrouw beeld fout in de jaarrekening. Wanneer misbruik van overheidsgelden is geconstateerd en een terugvordering (met eventueel een boete) is opgelegd blijft staan dat misbruik van overheidsgelden heeft plaatsgevonden. Indien de omvang van dit misbruik samen met andere financiële rechtmatigheidsfouten bij de gemeente de verantwoordingsgrens heeft overschreden - moet dit misbruik van overheidsgelden worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording. Het is aan de gemeente om effectieve maatregelen te nemen om misbruik en oneigenlijk (M&O) gebruik te voorkomen. De gemeente beziet in eerste plaats welke eisen de wet- en regelgeving stelt ten aanzien van M&O, wat daarin is geregeld omtrent de handhaving en hoe zich dat heeft vertaald naar de opzet van de interne organisatie. Om dit te bewerkstellingen is een mix van maatregelen nodig. Een mogelijk uitgangspunt hiervoor is het opstellen van een gemeentelijke nota M&O. Het is overigens niet verplicht om voor het voeren van het M&O-beleid een overkoepelende nota vast te stellen. Het M&O-beleid moet voldoende actueel zijn en voldoende zijn afgestemd op de meest recente wetgeving en de praktijk.
Het college dient een uitspraak te doen in hoeverre het M&O beleid ook feitelijk wordt nageleefd en of de getroffen maatregelen werken. De basis daarvoor ligt in belangrijke mate bij de uitkomsten van de intern uitgevoerde controles en evaluaties. Wanneer het college concludeert dat het M&O-beleid (op onderdelen) niet actueel is en/of dat er geen M&O-beleid bestaat of het M&O-beleid feitelijk niet wordt nageleefd dan vermeldt het college dit in de paragraaf bedrijfsvoering. Daadwerkelijke afwijkingen als gevolg van misbruik worden, voor zover deze niet het getrouwheidsaspect raken, betrokken bij het opstellen van de rechtmatigheidsverantwoording. Naast misbruik en oneigenlijk gebruik kan er sprake zijn van fraude. De term fraude is juridisch niet gedefinieerd. In het dagelijks taalgebruik is het gebruikelijk misbruik en oneigenlijk gebruik ook als fraude te bestempelen, denk hierbij aan een term als ‘bijstandsfraude’ of aan ‘fraude’ met vergunningen. Dit type fraudes valt nadrukkelijk onder het misbruik en oneigenlijk gebruik criterium. Het gaat hier om derden die misbruik maken
16
Normenkader 2023 van (gemeentelijke) regelingen. Dit misbruik en oneigenlijk gebruik moet wel duidelijk worden onderscheiden van fraude in het kader van de controle van de jaarrekening door de accountant. De accountant heeft een verantwoordelijkheid met betrekking tot fraude in het kader van de controle van de jaarrekening. Dit type fraudes omvat opzettelijke handelingen door één of meerdere personen binnen de gemeente, waarbij gebruik wordt gemaakt van misleiding teneinde een onrechtmatig of onwettig voordeel te behalen. Een voorbeeld is het betalen van valse facturen waarbij één of meerdere personen binnen de gemeente betrokken zijn. Dit type fraudes is een onderdeel van de getrouwheidsverklaring van de accountant en wordt daarom niet opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording. Als de gemeente deze fraude op een juiste manier heeft verwerkt in de jaarrekening, dan kan deze toegelicht worden in de paragraaf bedrijfsvoering, maar er is geen verplichting. De commissie BBV adviseert om geconstateerde fraude door eigen medewerkers toe te lichten in de paragraaf bedrijfsvoering. De raad stemt in om geconstateerde fraude door eigen medewerkers toe te lichten in de paragraaf bedrijfsvoering.
De raad heeft de keuze tussen het vaststellen van een overkoepelende Beleidsnota M&O of om regels en beheersmaatregelen ter voorkoming en bestrijding van M&O op te nemen in de betreffende verordeningen. De raad besluit om regels en beheersmaatregelen ter voorkoming en bestrijding van M&O in de betreffende verordeningen zelf op te nemen. Dit betreffen extern georiënteerde regels en beheersmaatregelen jegens derden. Daarnaast is een intern georiënteerde bepaling opgenomen in de Financiële verordening 2023. In artikel 13 lid 2 is hierover het volgende opgenomen: het college stuurt op het breed toepassen van de kernwaarden in de organisatie. Van werknemers wordt verwacht dat zij bij hun werk de kernwaarden altijd in acht nemen. Dit wordt met het afleggen van de eed/ belofte bevestigd. Door het college en de directie wordt organisatie breed gestuurd op houding en gedrag. Dat past bij de bestuursfilosofie van Hollands Kroon.
Kadernota rechtmatigheid 2023 commissie BBV De Kadernota rechtmatigheid 2023 is als bijlage toegevoegd. In de kadernota is in hoofdstuk 2 specifiek uitleg gegeven voor raadsleden over onder meer de definitie van rechtmatigheid, de rechtmatigheidsverantwoording, de drie rechtmatigheidscriteria en de rollen van college, accountant en de raad.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 23 november 2023
Griffier
Sjaak Vriend HK 27-11-2023
Voorzitter
A. van Dam (Rian) 27-11-2023
17