AW TV2120 D66 Memo Vitale Verblijfsrecreatie.pdf
Tekst van het document
Verzenddatum
De fractie van D66
Ons kenmerk Uw kenmerk
TV-2120 Uw brief van
14 april 2021 onderwerp
Contact
Memo vitale verblijfsrecreatie NHN
Gemma Rotgans Kuitert
Pagina
1/5
T 088-321 5000
Geachte fractie, Op 14 april 2021 heeft u technische vragen (nummer TV-2120) gesteld over Memo vitale verblijfsrecreatie NHN. In deze brief beantwoorden wij de door u gestelde vragen. U vindt de antwoorden direct onder de vragen. Reactie 1.
Uit het memo wordt ons niet duidelijk wat er voor de bijdrage van de regio van €115.000 per jaar gedaan gaat worden (anders dan dat er een taskforce wordt aangesteld). Kunt u dit verder specificeren Als vervolg op het DKW project Vitale Verblijfsrecreatie werken we aan de ambitie om de meest vitale verblijfsregio van Nederland in 2030 te worden. Dit doen we door de taskforce in te zetten op (re)vitaliseringsopgaven. De taskforce heeft de volgende taken: ▪
De primaire taak van de taskforce is het werken aan de ontwikkeling en het delen van kennis, handreikingen en werkwijzen. De taskforce zorgt daarbij voor afstemming tussen gemeenten in de regio en met andere regio’s en de landelijke actie-agenda. Zo kan optimaal gebruik worden gemaakt van de ervaringen die al zijn opgedaan en structuren die al zijn opgezet. Ook kennisuitwisseling op het gebied van de effecten van en omgang met particuliere vakantieverhuur van niet-recreatieve objecten behoort tot het takenpakket van de taskforce. De ervaringen die de afgelopen periode zijn opgedaan vanuit het investeringsprogramma vanuit De Kop Werkt! zullen worden meegenomen in de werkzaamheden van de taskforce.
Contact
Social Media
Overige gegevens
www.hollandskroon.nl
facebook.com/hollandskroon
BNG Algemeen NL82 BNGH 028.51.52.785
T 088 – 321 50 00
@hollandskroon
BIC: BNGHNL2G
▪
De taskforce heeft een makelaarsfunctie; het brengt kennisvragen en instrumenten (aanbod) bij elkaar
▪
De taskforce heeft een agenderende functie. Het legt verbindingen met bestaande relevante beleidstrajecten (bijvoorbeeld huisvesting buitenlandse werknemers en spoedzoekers) en signaleert het als er op andere beleidsterreinen oplossingen nodig zijn die bijdragen aan de vitaliteit van de sector.
▪
De taskforce zorgt voor een lerend netwerk.
De taskforce gaat individuele gemeenten en ondernemers ondersteunen en op basis daarvan instrumenten ontwikkelen die regiobreed inzetbaar of toepasbaar zijn. De taskforce zoekt daarbij bij de ondersteuning van concrete casussen de verbinding naar soortgelijke casussen en vraagstukken in de regio. De taskforce kan projecten of instrumenten ontwikkelen waarvoor nog apart financiering geregeld dient te worden voor de gemeenten of bedrijven die hiermee aan de slag willen, maar die niet direct passend zijn binnen het bestaande instrumentarium en/of budget van de taskforce. Een voorbeeld: instellen digitaal nachtregister Stel: de taskforce komt tot de conclusie dat het instellen van een digitaal nachtregister in de regio een waardevol instrument is waar behoefte aan is. De taskforce kan dan samen met de betreffende gemeenten werken aan een concreet voorstel voor ontwikkeling en implementatie van dit instrument, inclusief de benodigde financiering. Daarnaast kan gekeken worden naar de inzet van het Ontwikkelingsbedrijf binnen de werkzaamheden uit hun jaarplan. Gedurende de looptijd kan het accent van de taskforce dan ook komen te verliggen n.a.v. de ervaringen en opgaven waar de taskforce mee te maken krijgt. 2.
Wat is de bijdrage van de branche zelf Afhankelijk van welke instrumenten er ingezet zullen worden vanuit de Taskforce zal een bijdrage van de betreffende ondernemer worden gevraagd.
3.
Het programma biedt iets meer info maar toch blijft bij ons de vraag “Wat ga ik nu als gemeente geleverd krijgen” In veel gevallen zal de gemeente de initiatiefnemer zijn voor de vraagstukken rondom parken en hotels waar revitalisering gewenst is. Bij deze vraagstukken komen terecht bij de taskforce. De doelstelling ▪
Het verdubbelen van het aantal excellente parken
▪
De groep vitale accommodaties met ongeveer de helft laten groeien
▪
De groep zorgenkindjes met iets minder dan de helft laten afnemen
Pagina
2/5
Tot 2025 (op ongeveer van de helft van de looptijd van de visie) zou dat voor het programma de volgende indicatieve doelstelling meebrengen: Groep
% accommodaties nu
% in 2025
Toppers
7
11
Vitale accommodaties
43
54
Zorgenkindjes
39
29
Met andere woorden: in 2025 moet het aantal excellente parken en vitale parken zijn toegenomen en het aantal zorgenkindjes zijn gedaald. In de evaluatie (na 2,5 jaar en na afloop van de totale looptijd) kan gekeken worden in hoeverre deze beweging in gang is gezet. 4.
Hoe gaan we in kaart brengen/meten wat het effect is van de task force? Zie beantwoording vraag 3. In de evaluatie (na 2,5 jaar en na afloop van de totale looptijd) kan gekeken worden in hoeverre deze beweging in gang is gezet.
5.
En ook hier hebben we de vraag: Wat zijn de prestatie indicatoren en wat zijn de normen die daarbij worden gehanteerd? In Hollands Kroon hebben we prestatie indicatoren geïmplementeerd. Op Noord-Holland Noord niveau is dat (nog) niet geïmplementeerd.
6.
Als we kijken naar de te verrichten taken, krijgen we daar geen beeld bij van managers maar meer trainers en coaches. Worden dit freelancers of gemeentelijk ambtenaren? En hoe zijn die kosten verwerkt? Bij aanvang bestaat de taskforce uit twee freelance personen: ▪
Vitaliteitsmanager. Een adviseur die kennis en instrumenten ontwikkelt en deelt om parken en bedrijven te revitaliseren of te vitaliseren
▪
Excellentiemanager. Een adviseur die kennis en instrumenten ontwikkelt en deelt om kansrijke en vernieuwende ondernemers te faciliteren en te activeren, om zo het parken en hotels te helpen excelleren en te laten uitblinken waar ze goed in zijn.
Eén van beide personen is tevens verantwoordelijkheid voor het gehele programma, legt verantwoording af aan de stuurgroep en zorgt voor afstemming met aanpakken in andere provincies en de landelijke actie-agenda, zodat optimaal wordt aangehaakt bij de kennis die ontwikkeld wordt. De taskforce beschikt over een flexibele schil van externe expertise, budget om deze in te schakelen en werkwijzen/instrumenten om gestructureerd in te kunnen zetten . De taskforce wordt als extra opdracht met bijbehorende middelen (zie Kosten) belegd bij het
Pagina
3/5
Ontwikkelingsbedrijf Noord-Holland Noord, zodat er optimale aansluiting is op al bestaande structuren. De kosten Hieronder staan de kosten op hoofdlijnen voor de basisinfrastructuur: de opzet van een taskforce. De totale kosten bedragen per jaar €230.000,- (De kosten voor 2021 vallen mogelijk wat lager uit, omdat nog niet vanaf begin 2021 gestart kan worden met de taskforce en het programma.) . Kosten per jaar
Kosten
Inzet managers taskforce
€ 160.000
Middelen voor instrumenten en inhuur
€ 50.000
Onvoorzien
€ 20.000
Totaal
€ 230.000
Deze kosten worden per regio (Alkmaar, West-Friesland, Kop) verdeeld. Dit betekent in principe een financiële bijdrage van € 38.333,- per regio per jaar. Voor het jaar 2021 is de bijdrage voor de Kop lager omdat de Taskforce halverwege 2021 begint en budget is overgebleven voor het opstellen van het Programma. 2021 De bijdrage voor 2021 komt uit op € 4.000,00 en kan worden gedekt uit het lopende programma van De Kop Werkt! 2022 t/m 2025 Voor 2022 t/m 2025 dient jaarlijks een bedrag van € 38.333,00 door de regio beschikbaar te worden gesteld. Hiervoor is op dit moment nog geen dekking. Met de onderstaande opties kan het gevraagde budget (4 jaar x € 38.333,00 = € 153.332,00) worden gedekt. 1. Betrekken bij de nieuw op te stellen samenwerkingsagenda voor de Kop. De besluitvorming hierover is pas voorzien in juni 2021. 2. De lasten naar rato van inwoners te verdelen over de vier Kopgemeenten en de bijdragen te betrekken bij het opstellen van de kadernota 2022 en verder. Inwoners
Inwoners
Budget 2022
Budget 2023
Budget 2024
Budget 2025
€ 11.266
€ 11.266
€ 11.266
€ 11.266
1-1-2020 Hollands
48.434
Kroon
Pagina
4/5
Extra financiële middelen Op projectbasis zal gekeken worden of aanvullende financiering gevonden kan worden, waarbij ook gekeken kan worden in hoeverre bestaande programma’s en budgetten ingezet kunnen worden. De in dit programma al genoemde HIRB+-regeling vormt daar een onderdeel van. Ook zou het Ontwikkelingsbedrijf bij concrete projecten in de uitvoering een rol kunnen spelen. Met vriendelijke groet,
Th.J. Meskers wethouder Economische zaken Deze brief is digitaal opgesteld en daarom niet ondertekend.
Pagina
5/5