Antwoord Technische vragen (2523) OHK Ontwerp omgevingsvisie
Tekst van het document
TECHNISCHE VRAGEN OVER EEN AGENDAPUNT VAN DE RAADSVERGADERING
Fractie Datum raadsvergadering Volgnummer Agendapunt Onderwerp
OHK 16 oktober 2025 TV 2523 B2 Raadsvoorstel Omgevingsvisie Technische vragen omgevingsvisie.
Geachte leden van het college,
Voor de raadsvergadering van 16 oktober staat als agendapunt B2 in het oordeelvormend gedeelte de ontwerp omgevingsvisie op de agenda. Hier vooruitlopend zouden we u een aantal technische vragen willen stellen met verwijzing naar de pagina. Pagina 44 Mobipunten: Uit het regionaal memo toekomstplan publieke mobiliteit, blijkt het in landelijk gebied lastig om een rendabel product aan te bieden. In een eerder memo van 24 mei 2025 bleek dat er niet of nauwelijks vraag aan een deelauto in met name de kleine kernen en deze verwijderd is. Bij de deelfietsen was vooral een gebruik van ambtenaren te zien. 1.
Op pagina 44 wordt het stimuleren van diverse vormen van deelvervoer genoemd. Verwacht u dat na besteding van de oorspronkelijke middelen door Mobipunten bv, er een verandering optreedt in de vraag naar deelvervoersmiddelen?
Ja, Met de juiste dekkingsgraad van Mobipunten is de verwachting dat het gebruik van deelvervoer toe gaat nemen. Met de huidige middelen kan Mobipunten in deze vorm nog ongeveer twee tot 3 jaar doorgaan. Deze tijd zal gebruikt worden voor het zoeken naar vervolgfinanciering en het uitwerken van een pilot om deelvervoer robuust neer te zetten. Hiervoor wordt cofinanciering van de provincie of het rijk gezocht. Mobipunten zoekt actief contact met dorpsraden om behoeften op te halen om hier goed op aan te kunnen sluiten. Zie hiervoor ook de voortgangsbrief deelmobiliteit Voortgang deelmobiliteit juni2025 2.
Financiering van deelvervoer is een mix van publiek en privaat geld, kunt u aangeven hoe de verdeling ligt in deze mix?
Er wordt gewerkt vanuit een Europese subsidie die in 2020 toegekend is. Dit betreft 100% publiek geld. Om Mobipunten na uitputting van deze gelden door te zetten wordt actief gezocht naar vervolgfinanciering. 3.
Bestaan er andere mogelijkheden dan de huidige verhuurmogelijkheden via Mobi op het treinstation van Anna Paulowna.
Ja, er worden deelfietsen aangeboden op de Mobipunten bij Den Helder centraal station en Teso, Anna Paulowna station en Burgemeester Minliefstraat, Den Oever bushalte, Schagen station en stadhuis en in Callantsoog.
Pagina 55 Op pagina 55 wordt een kaart getoond met gebieden met een sterke interne verzilting 4. Wat is de bron van het kaartje? De kaart komt uit de signaalkaarten van de Provincie NH Signaalkaart klimaatadaptatie (noord-holland.nl) Klik in het menu op het kopje ‘signaalkaarten’ en dan het kopje ‘verzilting’. De kaart is een feitelijke kaart op basis van data opgehaald vanuit relevante dataportalen van HHNK, Klimaateffectatlas, en nationaal georegister. 5.
Op pagina 61 is een verwijzing naar de kaart voor een selectie van gebieden voor aanleg van natuur en waterberging. Moet hier biobased landbouw aan worden toegevoegd?
Biobased landbouw is een type teelt en valt niet direct onder natuur, maar combinaties zijn wel mogelijk. Zoals bijvoorbeeld rietteelt. In dit geval wordt met natuur geen biobased landbouw bedoeld. Wel zijn we voorstander van ontwikkeling richting biobased teelt. Zie het kopje ‘onze agrariërs verbouwen biobased bouwmaterialen’ pagina 53.
6.
Hoe gaat het kaartje in samenspraak met uw ambitie agrarische hoofdstad van de toekomst te zijn?
De agrarische hoofdstad van de toekomst houdt juist rekening met de ontwikkelingen zoals zoetwaterbeschikbaarheid en verzilting, zodat we hierop in kunnen spelen en op kunnen anticiperen. Op pagina 55 onder het kopje ‘de boer als zoetwatermanager’ staat beschreven hoe we de toekomstrichting voor ons zien. Deze toekomstrichting draagt bij aan de agrarische hoofdstad van de toekomst. Hieronder de geciteerde tekst: ‘We zetten dan ook volop in op watermanagement op het agrarisch bedrijf. Het is belangrijk dat grondeigenaren het zoet water dat op hun perceel valt beter vasthouden en watergebruikers moeten kijken naar alternatieve bronnen. Dit kan bijvoorbeeld door het gebruik maken van ondergrondse wateropslag, druppelirrigatie voor gewassen, peilgestuurde drainage of innoveren op het gebied van precisielandbouw. Zodat er minder zoet water nodig is om de gewassen te beregenen. De gemeente vraagt actief aandacht bij andere overheden voor de watertoevoer richting ons gebied. Daarnaast stimuleren we de agrarische sector actief om zelfredzaam te worden op het gebied van waterbehoefte. Pagina 58 In de laatste alinea op pagina 58 staat; “De gemeente staat op dit moment geen nieuwe windmolens toe. Hierbij moeten we vermelden dat de provincie NH bevoegd gezag is voor windmolens vanaf 5MW of groter of meer dan 2 stuks.” 7.
Is er een verschil tussen een windmolen en een windturbine?
Een windmolen wekt over het algemeen geen elektriciteit op, maar word gebruikt voor mechanische taken zoals het malen van graan of het pompen van water. Een windturbine zet windenergie om in elektriciteit via een generator. In de Ontwerp Omgevingsvisie worden deze termen nu soms nog door elkaar gebruikt. We gaan het stuk ambtelijk nalopen op het juiste gebruik van de terminologie. 8.
Is het uitbreiden van het aantal windturbines een bevoegdheid van de raad of van de provincie?
De provincie NH bevoegd gezag is voor windturbines vanaf 5MW of groter of meer dan 2 stuks. De gemeenteraad is bevoegd voor windturbines tot 5MW of 2 stuks of minder.
9.
Kan een ontwikkelaar buiten de gemeente om zich wenden tot de provincie voor een initiatief > 5 MW of 2 of meer windturbines?
Een ontwikkelaar kan zich hiervoor wenden tot de provincie. In de provinciale omgevingsverordening zijn echter alleen windturbines toegestaan binnen RES-zoekgebieden wind. Het is aan de gemeenteraad om RESzoekgebieden wind toe te voegen. Wanneer de gemeenteraad geen RES-zoekgebied wind heeft aangewezen, ligt het niet in de lijn der verwachting dat de provincie een vergunning zal verlenen voor windturbines. Dit zou tegenstrijdig zijn aan haar eigen omgevingsverordening. Pagina 59 10. In de eerste alinea benoemt u de “industrialisatie” van de landbouw, kunt u aangeven wat u bedoelt met deze term? Met de Industrialisatie van de landbouw wordt bedoeld dat de landbouw is veranderd van kleinschalig en handmatig naar grootschaliger en gemechaniseerd. Dit omvat het gebruik van technologie en machines om de productie te intensiveren, wat leidt tot een hogere efficiëntie en productiviteit.
11. In de tweede alinea staat; “Afgewogen tegen het energieverbruik in de gemeente is dit echter nog lang niet genoeg duurzame energie”. Kunt u aangeven in relatie tot het verbruik met hoeveel MWh duurzaam de duurzaam opgewekte energie zou moeten stijgen voor een evenwicht? Data over het totale energieverbruik wordt in de Regionale klimaatmonitor (Rijksoverheid) beschikbaar gesteld per gemeente. In 2023 was het totale energiegebruik in Hollands Kroon 19.224 TJ. In 2023 was de totale opgewekte hernieuwbare energie in Hollands Kroon 7.800 TJ. Om dit in balans te brengen zou er dus ongeveer 11.000 TJ aan hernieuwbaar opgewekte energie bij komen. 11.000 TJ staat gelijk aan 3.055.556 MWh. 12. Wordt het totale energieverbruik van datacenters binnen onze gemeentegrenzen toegerekend aan onze eigen inwoners? Het energieverbruik van de datacenters in Hollands Kroon wordt – net als dat voor glastuinbouw - inderdaad aan het totaal van de gemeente Hollands Kroon toegerekend in de Regionale klimaatmonitor van het Rijk. Deze bedrijven functioneren natuurlijk voor een nationale en internationale markt. Over opwek van gebruikte energie voor deze bedrijven zullen afspraken moeten worden gemaakt met het Rijk om deze opgave niet voor rekening van Hollands Kroon te laten komen. We zullen verkennen hoe we dat onderscheid voor vaststelling van de Omgevingsvisie tekstueel kunnen verduidelijken. 13.
In de tweede alinea staat; “Daarnaast is het nodig………richting 2050”. Uit data van de klimaatmonitor blijkt Hollands Kroon op plaats 3 staat van hernieuwbare energie productie/inwoner. Uit een aangenomen voorstel aan de raad op 18 september 2025 wordt genoemd dat bij de herijking van zoekgebieden in de RES ook wordt gekeken naar het al opgestelde vermogen. Acht u uitbreiding van het al opgestelde vermogen noodzakelijk? Nee, op dit moment verhouden we ons alleen tot de recent gemaakte afspraken in de RES.
Pagina 60 Bij de ontwikkelprincipes voor grootschalige ontwikkelingen wordt het aantonen van de maximale inspanning om het gebruik van zoet water te beperken. 14. In een eerdere beeldvormende vergadering is de toezegging gedaan om te kijken of het waterneutraal zijn als vestigingsvoorwaarde kan worden opgenomen. Kunt u zeggen of er juridisch houdbare instrumenten zijn om dit in de vestigingsvoorwaarden op te nemen? We willen u verwijzen naar de koppeling die gemaakt is met de datacenters van Microsoft en de waterbank van ECW. Om waterneutraal als vestigingsvoorwaarde op te nemen, zijn er verschillende instrumenten beschikbaar. De gemeente kan bijvoorbeeld in het omgevingsplan specifieke gebieden aanwijzen waar deze voorwaarde geldt. Daarnaast is samenwerking met de Provincie Noord-Holland mogelijk, bijvoorbeeld om de vestigingsvoorwaarde op te nemen in de Provinciale Omgevingsverordening voor bepaalde regio’s of sectoren. Een concreet voorbeeld van zo’n samenwerking is de vestigingsvoorwaarde voor datacenters. Ook het vastleggen van afspraken in een convenant behoort tot de mogelijkheden. Verder werken we momenteel samen met de Provincie NH aan het Ontwikkelperspectief Noord-Holland-Noord. Daarbij wordt gekeken naar toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen in Noord-Holland.
Naast oriëntatie op ontwikkelingen is daarbij een aandachtspunt dat we geen ontwikkelingen willen faciliteren die een negatieve impact hebben op de beschikbaarheid van zoetwater. Met vriendelijke groet,
Pieter de Jong Fractie Onafhankelijk Hollands Kroon