4. OD NHN advies OMG-039289 Hoelmerdijk Westerland
Tekst van het document
Onderwerp:
Hoelmerdijk te Westerland Advies omgevingsvergunning t.b.v. aanleg vispaai- en opgroeiplaatsen
Aan:
Gemeente Hollands Kroon Afdeling VTH t.a.v. Erik Menzl
Datum advies:
8 oktober 2024
Kenmerk OD NHN:
OMG-039289/DMS483893
Kenmerk gemeente:
-
Contactpersoon:
Klaas Verduin
Doorkiesnummer:
088-1021767 / 06-44760886
kverduin@odnhn.nl
Bijlagen:
-
Paraaf afdelingsmanager:
Dit document is automatisch gegenereerd en daarom niet ondertekend
Samenvatting advies BOPA Bedrijven en milieuzonering Bodem Externe veiligheid Geluid (o.a. wegverkeerslawaai) Luchtkwaliteit (agv verkeer) Natuur
Geen belemmering. Geen belemmering. Geen belemmering. Er zal blijvend moeten worden voldaan naan de geluidvoorschriften. Geen belemmering. QuickScan akkoord: voor deze locatie moet rekening worden gehouden met de mogelijke aanwezigheid van tengere distel. Deze soort is waargenomen ten oosten van de project locatie. Stikstof akkoord: berekening was verouderd, echter is deze ambtshalve herrekend. De berekening was ook gemaakt voor de uitvoering voor meer dan alleen het huidige project (worst-
Pagina 1 van 5
Milieubelastende activiteiten
case). Hierom kan er redelijker wijs worden uitgesloten dat dit kleinere deelproject niet tot depositie zal leiden. Vergunningcheck doorlopen.
1. Inleiding Op 24 september 2024 is aan de OD NHN een advies gevraagd over de milieu aspecten, zoals opgenomen in een ruimtelijke onderbouwing, behorende bij een aanvraag omgevingsvergunning buitenplanse omgevingsplanactiviteit. De ruimtelijke onderbouwing, d.d. 14 augustus 2024, kenmerk: 24.0867113, is opgesteld door Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier. De aanvraag omgevingsvergunning is ingediend om/vanwege de gewenste inrichting van delen van de oevers stroomluwe ondieptes en plas-drasgebieden aan te leggen. De nieuwe functie is gedeeltelijk in strijd met het bestemmingsplan. Een omgevingsvergunning is nodig vanwege strijdigheid met het vigerende omgevingsplan. Er zullen graafwerkzaamheden plaatsvinden en er zal een tijdelijk gronddepot aangelegd moeten worden voor de vrijgekomen grond. Bij de totstandkoming van ons advies hebben wij de volgende stukken betrokken: aanvraag omgevingsvergunning d.d. 15 augustus met verzoeknummer: 20240815 00720 000; tekening van Bureau Schmidt met projectnummer HHN-23658 d.d. 9 april 2024;
2. Advies milieuaspecten 2.1 Bedrijven en milieuzonering De ontwikkeling zal geen functies bevatten die genoemd zijn in de handreiking ‘Bedrijven en milieuzonering 2009’ van de VNG. Een richtafstand is niet van toepassing. 2.2 Bodem Het verkennend waterbodemonderzoek is volgens den NEN5720. Uit de onderzoeksresultaten blijkt dat er geen sprake is van een belemmering voor de voorgenomen herinrichting. Er is geen sprake van een belemmering voor de het afgeven van een omgevingsvergunning. 2.3 Externe veiligheid De afwijking van het omgevingsplan maakt geen nieuwe risicovolle activiteiten mogelijk. Een nader beoordeling is niet noodzakelijk. 2.4 Geluid Er zal blijvend moeten worden voldaan naan de geluidvoorschriften die gelden voor werken in de openbare ruimte. De OD NHN kan adviseren of er afhankelijk van de aard, omvang en tijdstip van de activiteiten mogelijk een ontheffing noodzakelijk is van de APV/omgevingsverordening. 2.5 Luchtkwaliteit Er worden geen nieuwe bedrijven gevestigd. Gebruik van de NIBM-tool is in dit geval niet noodzakelijk. 2.5 Natuur Wij kregen van u een verzoek om advies uit te brengen voor het aspect natuur voor de locatie Hoelmerdijk 0, Westerland. U vraagt ons om een beoordeling van de omgevingsvergunning voor het realiseren van paai en opgroeiplekken voor vissen.
Bij de totstandkoming van ons advies hebben wij de volgende stukken betrokken: Aanvraag omgevingsvergunning d.d. 15 augustus met verzoeknummer: 20240815 00720 000; Natuurtoets, opgesteld door Waterproef, kenmerk hbodz002-071, d.d. 12 maart 2021; Natuurtoets, opgesteld door Waterproef, kenmerk hbodz002-164, d.d. 21 december 2023; Memo analyse stikstof, opgesteld door Waterproef, kenmerk hbodz002-164, d.d. 9 november 2023 met losse AERIUS berekening; Tekening van Bureau Schmidt met projectnummer HHN-23658 d.d. 9 april 2024; BOPA onderbouwing de Hoelm, opgesteld door HHNK, kenmerk 24.0867113, d.d. 14 augustus 2024.
OMG-039289
Pagina 2 van 5
Wettelijk kader Omgevingsvergunning Natura 2000-activiteit Een activiteit, inhoudende het realiseren van een project dat niet direct verband houdt met of nodig is voor het beheer van een Natura 2000-gebied, maar afzonderlijk of in combinatie met andere plannen of projecten significante gevolgen kan hebben voor een Natura 2000-gebied is vergunningplichtig op grond van artikel 5.1 Ow. Er is geen vergunningplicht als de activiteit als vergunningsvrij is aangemerkt (art 11.16 – 11.21 Bal). Activiteiten voor het beheer van een Natura 2000-gebied of activiteiten die geen significante negatieve effecten hebben zijn niet vergunningplichtig. Maar op grond van de algemene zorgplicht (art 1.7a Ow) en de specifieke zorgplicht (artikel 11.6 Bal) dienen er maatregelen getroffen te worden om de negatieve gevolgen te voorkomen. Een aanvraag omgevingsvergunning wordt ingediend via het digitale loket DSO. Voor een Natura 2000-activiteit is GS bevoegd gezag (artikel 4.6 lid 1 onder e Ob). Als een Natura 2000-activiteit gelijk wordt aangevraagd met een activiteit waarvoor B&W bevoegd gezag (artikel 5.12 Ow) is, dan geldt er een advies en instemmingsplicht door GS (artikel 16.15 en 16.16 Ow en artikel 4.25 Ob). De indieningsvereisten waaraan een aanvraag om omgevingsvergunning moet voldoen staan in de Omgevingsregeling (artikel 7.197h Or).
Ook het gebruik van AERIUS staat hierin genoemd (artikel 4.15 Or). Voor een Natura 2000-activiteit geldt de uitgebreide voorbereidingsprocedure (artikel 10.24 Ob) Flora en fauna-activiteit Voor de soortenbescherming geldt een zorgplicht voor een ieder (art 11.27 Bal). Naast deze zorgplicht geldt er een vergunningplicht voor een flora en fauna-activiteit (art 5.1 lid 2 onder g Ow). Het is verboden om zonder vergunning een flora en fauna-activiteit te verrichten voor de gevallen genoemd in art. 11.37 en 11.46 Bal. GS is bevoegd gezag voor een aanvraag van een flora en fauna-activiteit mits deze aanvraag enkelvoudig wordt gedaan. (art 4.6 lid 1 onder e Ob). Gaat de aanvraag van een flora en faunaactiviteit gepaard met een andere activiteit dan is GS-adviseur (instemming) voor (meestal) burgemeester en wethouders (art 4.25 lid 1 onder e Ob). Er is niet langer meer sprake van een aanhaakverplichting of onlosmakelijke samenhang. De flora en fauna-activiteit is geen magneetactiviteit. Een aanvraag voor een flora en fauna-activiteit doorloopt de reguliere korte periode van 8 weken. Deze periode kan éénmaal met 6 weken verlengd worden (art 16.64 Ow). Onder de omgevingswet is niet langer meer sprake van een ontheffing. We kennen alleen nog de vergunningplicht. In artikel 4.18 ev Or worden de vergunningsvrije gevallen genoemd.
De inhoudelijke beoordeling van een vergunning gebeurt door toepassing van de beoordelingsregels van art. 5.29 Ow en 8.74i ev (paragraaf 8.6.2 Bkl). Alle regels voor natuur worden beleidsneutraal omgezet. Het normenkader, beschermingsniveau, instrumenten en de bevoegdheidsverdeling gebeurt door omzetting van de regels. De ontwikkelde rechtspraak is na de inwerkingtreding van de Omgevingswet nog steeds van toepassing. Beoordeling NNN en BPL Het plangebied bevindt zich in het gebied ‘Wieringen’ van het Bijzonder Provinciaal Landschap (BPL) en grenst aan of ligt gedeeltelijk in NNN gebied. Zodoende dient er getoetst te worden aan de kernkwaliteiten van het BPL zoals beschreven in de Omgevingsverordening NH 2022, Artikel 6.58 en 6.59. Ruimtelijke ontwikkelingen zijn mogelijk in het BPL, zolang ze de kernkwaliteiten niet aantasten. Denk aan fietspaden, energievoorzieningen, kleinschalige woningbouw (tot 11 woningen) of bouwwerken met een oppervlak van minder dan 500 m2. Plannen voor ontwikkelingen die hier buiten vallen, tasten het bijzondere landschap aan. Uitvoering van die plannen kan alleen als het van groot openbaar belang is en als er kan worden aangetoond dat er geen andere mogelijkheden
OMG-039289
Pagina 3 van 5
zijn. De schade aan het landschap moet dan worden gecompenseerd. Tevens is er verdere afstemming nodig met de Provincie Noord-Holland. Het NNN is primair een gebied voor natuurontwikkeling. Voor een activiteit die niet gericht is op natuurontwikkeling dient eerst naar mogelijke alternatieven buiten het NNN gekeken te worden. Indien er sprake is van aantasting van het NNN is er afstemming nodig met de Provincie NoordHolland. Zie ook: https://bestanden.noord-holland.nl/internet/Onderwerpen/Natuur/nnnwijzer/index.html Zowel BPL als NNN zijn beschreven in de natuurtoets(en). Hoewel de onderbouwing hiervan aannemelijk is wordt er toch geadviseerd om dit nog te bespreken met het bevoegd gezag de Provincie Noord Holland. Gebiedsbescherming De geplande activiteiten vinden plaats op circa 1.7 km van Natura 2000-gebied(en) Waddenzee. Externe negatieve effecten door geluid, licht, trillingen, optische verstoring en overige effecten (behalve: stikstof) op de instandhoudingsdoelen van nabijgelegen Natura 2000-gebieden zijn uit te sluiten. Stikstof/AERIUS De (aangepaste) stikstofrapportage en AERIUS-berekeningen zijn beoordeeld. Aanlegfase: De onderbouwing van de invoergegevens is akkoord bevonden. Er zijn geen rekenresultaten hoger dan de grenswaarden van 0,00 mol/ha/j. Gebruiksfase: De gebruiksfase is niet van toepassing op onderhavig project, de onderbouwing hiervoor is akkoord.
Zodoende is er geen AERIUS-berekening van de gebruiksfase benodigd. Soortenbescherming De quickscan is beoordeeld en akkoord bevonden. De quickscan is niet ouder dan 3 jaar (veldbezoek in 2023 plaatsgevonden, dit was een actualisatie van een eerder onderzoek uit 2020), bevat voldoende foto’s van het plangebied om een goede indruk te krijgen en de soortgroepen zijn op een juiste wijze beschreven. Er zijn geen overtredingen van de verbodsbepalingen te verwachten. Verdere vervolgstappen in het kader van Soortenbescherming zijn niet nodig. Wijs de initiatiefnemer op de algemene zorgplicht in het kader van natuur. Daarnaast verzoeken wij u de initiatiefnemer te wijzen op de mogelijkheden tot natuur inclusief bouwen. Zie ook: https://www.checklistgroenbouwen.nl/ Houd rekening met de maatregelen die worden benoemd in de natuurtoets omtrent de mogelijke verstoring van soorten. Conclusie Uit de beoordeling blijkt dat: Er getoetst dient te worden aan de kenmerken en waarden van het NNN. Er getoetst dient te worden aan de kernkwaliteiten van het BPL. De AERIUS-berekening(en), met onderbouwing van de invoergegevens, akkoord zijn. Stikstof vormt geen belemmering voor de doorgang van het project. De quickscan akkoord is. Verdere vervolgstappen in het kader van Soortenbescherming zijn niet nodig. Advies
Natuur vormt geen belemmering voor de doorgang van het project.
3. Milieubelastende activiteiten Burgers, bedrijven en overheden kunnen activiteiten uitvoeren die de fysieke leefomgeving beïnvloeden. Mogelijk kunnen er meerdere milieubelastende activiteiten (MBA’s) worden uitgevoerd binnen één project. In het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) staan regels over deze activiteiten en wordt vermeld of deze informatieplichtig, meldingsplichtig of vergunningplichtig zijn. Beoordeling Uit de aangeleverde informatie is gebleken dat er geen kernactiviteiten worden uitgevoerd. Advies
OMG-039289
Pagina 4 van 5
In bovenstaande opsomming wordt enkel ingegaan op de kernactiviteiten en niet op eventuele functionele ondersteunende activiteiten. Ook kunnen er vergunningplichtige MBA’s zijn aangewezen in een omgevingsplan of omgevingsverordening. Geadviseerd wordt de aanvrager de online vergunningcheck via het Omgevingsloket te laten doorlopen. Disclaimer: In dit advies wordt ingegaan op de aspecten, die onderdeel zijn van de Dienstverleningsovereenkomst tussen de gemeente en de OD NHN (oftewel: onderdeel zijn van door de gemeente overgedragen taken).
OMG-039289
Pagina 5 van 5