4 Nota beantwoording zienswijzen Molenvaart 12 14 Anna Paulowna.pdf
Tekst van het document
Nota van beantwoording zienswijzen
Nota Beantwoording Zienswijzen
Coördinatieprocedureontwerpbestemmingsplan en ontwerp-
coördinatiebesluit Nieuwesluizerweg 42 Slootdorp
omgevingsvergunning Molenvaart 12-14 te Anna Paulowna
1
1 Aanleiding Het college heeft in het kader van de coördinatieregeling het ontwerpbestemmingsplan en de ontwerp-omgevingsvergunning heeft van 10 maart 2022 tot en met 21 april 2022 ter inzage gelegen. Binnen deze termijn zijn 3 zienswijzen ingediend, die allen ontvankelijk zijn.
2 Leeswijzer De zienswijzen zijn samengevat in deze nota van wijzigingen. In de nota zijn alle indieners van zienswijzen met het unieke postregistratienummer opgenomen. De zienswijzen zijn in deze nota samengevat en van commentaar voorzien. Ook is aangegeven of de reactie leidt tot aanpassing van het bestemmingsplan en/of de ontwerpomgevingsvergunning. Er zijn geen ambtshalve wijzigingen opgenomen.
3 Zienswijzen In het eerste tabel hebben wij de binnengekomen zienswijzen per punt cursief weergegeven. Na ieder punt geven wij ons antwoord daarop. 1.
a.
Indiener 1
Reactie
Beantwoording
Conclusie
Indiener maakt gebruik van de weg aan de oostzijde van het
Bij een erfdienstbaarheid gaat het erom dat een pand vanaf de
De zienswijze leidt niet tot
plangebied. Deze weg is de enige ontsluiting voor indiener zijn
openbare weg moet kunnen worden bereikt. In het kader van de
een
blokhut aan de achterzijde van zijn perceel. Er is een recht van
bestemmingsplanprocedure hoeft er in beginsel geen rekening
overpad
gehouden te worden met civielrechtelijke belemmeringen zoals een
door
verjaring
op
deze
weg
waar
ontwerpbestemmingsplan rekening mee dient te houden.
het
aanpassing
van
het
bestemmingsplan.
erfdienstbaarheid. De weg aan de oostzijde van het perceel wordt met het bestemmingsplan niet gewijzigd. De bestemming ‘Verkeer – verblijf’ die de weg had komt ook weer terug in het nieuwe bestemmingsplan. Dat er met het bestemmingsplan ook 22 appartementen mogelijk gemaakt worden doet hier niet aan af en maakt de uitoefening van een eventuele erfdienstbaarheid niet anders. 2
Echter de toegangsweg en het parkeerterrein en aanleggende stukken worden na aanleg overgedragen aan de gemeente Hollands kroon, de huidige ontsluiting naar achterste ingang van Molenvaart 10 blijft behouden en wordt dus openbaar, dus het recht van overpad wordt een openbare weg/toegang. Zie inrichtingsontwerp zoals hieronder weergegeven; Situatie blz. 10 van ontwerp bestemmingsplan: b.
Indiener verwacht dat er bij regen wateroverlast zal ontstaan
Op
23
juni
2020
op zijn perceel omdat de grond op de planlocatie met de bouw
Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier geïnformeerd over
zal worden opgehoogd.
het
planvoornemen.
is
via Het
de
digitale
watertoets
Hoogheemraadschap
het
Hollands
De zienswijze leidt niet tot een
aanpassing
van
het
bestemmingsplan.
Noorderkwartier heeft naar aanleiding van de digitale watertoets geadviseerd om de effecten van de verhardingstoename door de bouw te compenseren door het wateroppervlakte in of nabij het plangebied uit te breiden met 9% van de verhardingstoename. Als watercompensatie komt er een waterberging van ongeveer 180m2 aan de voorzijde van het plangebied. Bij dit advies is ook rekening gehouden met de afvoer van regenwater. Het uitgangspunt is om het hemelwater zoveel mogelijk te bergen binnen het plangebied. Daarnaast volgt uit het advies dat ook onder andere groene tuinen kunnen bijdragen aan wateropvang. Op het perceel wordt tevens een duiker aangelegd. Deze duiker zorgt voor regenwaterafvoer uit het gebied ten zuiden van de Molenvaart naar de Kruiszwinsloot. Door de extra waterberging en andere maatregelen wordt de waterhuishoudkundige situatie ter plaatse niet verslechterd. c.
Indiener verwacht dat de ontwikkeling zal leiden tot
Op voorhand is het niet aannemelijk dat een mogelijke kans op
De zienswijze leidt niet tot
planschade
de
planschade de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan in de weg
een
appartementencomplexen op minder dan 10 meter afstand
staat. Tussen de initiatiefnemer en de gemeente is een
en
bouwschade
omdat
één
van
aanpassing
van
het
bestemmingsplan. 3
van indiener zijn woning is gelegen. Indiener zijn woning is
planschadeovereenkomst afgesloten. Voor zover indiener meent
meer dan 100 jaar oud en is niet goed gefundeerd. Er wordt
dat sprake is van een waardevermindering waarvoor hij
een verzoek om planschade gedaan.
compensatie zouden moeten ontvangen, kan hij gebruik maken van de planschadeprocedure, die na het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan, kan worden gestart. Planschade wordt dus niet voorafgaand aan de vaststelling van een bestemmingsplan gecompenseerd. De vrees voor bouwschade van indiener ziet op uitvoeringsaspecten van het bouwplan, die niet rechtstreeks in de beoordeling van de voorliggende bestemmingsplan aan de orde kunnen komen. De vergunninghouder zal een nulmeting doen alvorens met de bouwwerkzaamheden wordt gestart. Eventuele schade die door de bouw zal ontstaan kan hierdoor inzichtelijk worden gemaakt en indien aan de orde kan er voor herstel worden gezorgd. Mochten er schades ontstaan dan biedt dit een basis om deze op te baseren. Eventuele schades zijn voor rekening en risico van de aannemer. Er zijn wettelijke verplichtingen ten aanzien van het beperken van risico’s, ten aanzien van aansprakelijkheid en ten aanzien van het beschikken over een voldoende dekkende CAR-verzekering.
2. Indiener 2 Reactie
Beantwoording
Conclusie
4
a.
Volgens indiener is er onvoldoende onderbouwd dat de
Met deze woningbouwontwikkeling worden twee woongebouwen
De zienswijze leidt niet tot
woningbouwontwikkeling aansluit bij de Woonvisie Hollands
gerealiseerd met in totaal 22 sociale huurappartementen. De
een
Kroon van 17 december 2020.
driekamerappartementen hebben een gebruiksoppervlakte van
aanpassing
van
het
bestemmingsplan.
ongeveer 75m2-80m2. Uit de Woonvisie Hollands Kroon van 17 december 2020 volgt dat er ingezet wordt op groei van de woonvoorraad voor voornamelijk jongeren, starters en ouderen en op nieuwe initiatieven waaronder flexibele woonvormen. Anna Paulowna wordt specifiek genoemd als één van de kernen die zeer geschikt is voor nieuwe woningbouwprojecten. De sociale huur appartementen met drie kamers zijn door de oppervlakte en prijs zeer geschikt voor de doelgroep jongeren, starters en senioren. De locatie is gelegen binnen de bebouwde kom en nabij vele voorzieningen. Het toevoegen van 22 appartementen binnen de bebouwde kom van Anna Paulowna sluit gelet op het voorgaande zeer goed aan op de Woonvisie. b.
Volgens indiener is er sprake van een welstandsexces. De
Volgens de Welstandsnota Hollands Kroon is het plangebied
De zienswijze leidt niet tot
voorgenomen bebouwing sluit volgens indiener niet aan op
gelegen binnen een welstandsvrij regime. De omgevingsvergunning
een
de omgeving waarin veelal oudere woningen aanwezig zijn
hoeft
met een kleiner bouwvolume en historisch karakter. De
verantwoordelijkheid voor de uiterlijke verschijningsvorm ligt bij de
argumenten voor het bouwplan zijn te vergezocht. Het
initiatiefnemer. De Welstandsnota Hollands Kroon is verder niet
bouwplan doet afbreuk aan het karakteristieke karakter en
relevant voor deze ontwikkeling binnen een welstandsvrij gebied.
daarom
geen
welstandstoets
te
ondergaan.
De
aanpassing
van
het
bestemmingsplan.
het historische uiterlijk van Anna Paulowna. c.
De gebruiksmogelijkheden van aangrenzende percelen
Bij het bepalen van de stedenbouwkundige opzet van de
De zienswijze leidt niet tot
worden
de
appartementen is een afweging gemaakt van diverse belangen,
een
appartementen ernstig beperkt. Het woon- en leefklimaat
waaronder het belang om in een dringende woningbouwbehoefte
wordt verslechterd door de inkijk vanuit de appartementen en
te voorzien, het belang van een goede leefomgeving en het belang
er is ook sprake van een verslechtering van de
van bestaande bewoners die geconfronteerd worden met een
volgens
indiener
door
de
bouw
van
aanpassing
van
het
bestemmingsplan.
5
bezonningssituatie doordat de bouwhoogte omhoog is
verandering van hun omgeving. De afstand tussen de toekomstige
gegaan. Er wordt volgens indiener bij de beoordeling van het
bebouwing en de perceelgrens van indiener is in ruimtelijk opzicht
woon- en leefklimaat onvoldoende rekening gehouden met de
aanvaardbaar en wijkt niet veel af van de afstanden die men terug
landelijk situatie.
ziet in de stedenbouwkundige opzet van de rest van de omgeving en de afstanden waarop volgens het oude bestemmingsplan woningen gerealiseerd konden worden. Op een dergelijke afstand is mogelijk sprake van uitzicht maar niet van directe inkijk. De ramen in appartementen zijn bovendien niet in strijd met artikel 5:50 Burgerlijk Wetboek omdat ze op meer dan 2 meter afstand van de erfgrens gerealiseerd worden. Dat er sprake zou zijn van een landelijke situatie kan op geen enkele manier gevolgd worden. Er is immers sprake van een druk woonlint direct tegenover het belangrijkste en grootste centrumgebied van de kern Anna Paulowna. De maximale bouwhoogte voor het plangebied gaat van 8 meter en 9,5 meter naar 10 meter voor beide woongebouwen. Deze nieuwe bouwhoogte sluit aan bij de toegestane bouwhoogten van 10 meter, 11 meter en 13 meter direct tegenover het plangebied
waar
ook
onder
andere
appartementen
zijn
gerealiseerd. De woningbouwontwikkeling sluit goed aan op dit gebied. Daarbij komt in het woonlint nabij de planlocatie ook al een toegestane bouwhoogte van 10,5 meter voor. Naar aanleiding van gesprekken
met
omwonenden
is
een
bezonningsstudie
uitgevoerd. Uit de bezonningsstudie volgt dat de twee nieuwe woongebouwen voldoen aan de normen voor bezonning en niet zorgen voor een onevenredige toename van schaduwwerking op de belendende percelen. Indiener heeft geen deskundig opgesteld tegenrapport overlegd waaruit een andere conclusie volgt. Dat de 6
gebruiksmogelijkheden ernstig zouden worden beperkt door de nieuw woongebouwen is niet gemotiveerd en ook niet te volgen. Er blijkt nergens uit dat de bestaande woningen naast het plangebied door de woningbouwontwikkeling niet meer of maar beperkt als woningen gebruikt kunnen worden. Gelet op het voorgaande is er weliswaar sprake van een feitelijke verandering in de situatie van indiener, maar deze verandering leidt niet tot een onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat van indiener. d.
Het uiterlijk van de gebouwen en de parkeerplaatsen aan de
De effecten op natuurwaarden zijn beoordeeld in relatie tot
De zienswijze leidt niet tot
achterzijde van het plangebied hebben volgens indiener een
bestaande
een
nadelige invloed op het natuurgebied Kruiszwin dat achter
soortenbescherming en gebiedsbescherming. In het onafhankelijke
het plangebied ligt.
ecologische onderzoek van 27 januari 2020 bijbehorend bij het
wet-
en
regelgeving
op
het
gebied
van
aanpassing
van
het
bestemmingsplan.
bestemmingsplan is het natuurgebied Kruiszwin dat binnen 200 meter van het plangebied ligt betrokken. Gezien de aard van de werkzaamheden en de ligging van het plangebied aan de rand van de bebouwde kom van Anna Paulowna is het volgens het ecologische
onderzoek
onwaarschijnlijk
dat
de
beoogde
herinrichting van invloed is op het natuurgebied Kruiszwin en de daarbij behorende natuurwaarden. Op grond van het vigerende bestemmingsplan heeft de locatie van de appartementen en de parkeerplaatsen bovendien al de bestemming ‘Wonen
-
Lintbebouwing’.
al
Op
woonvoorzieningen toegestaan.
de en
Indiener
planlocatie
verkeersheeft
en
zijn
daarmee
verblijfsvoorzieningen
de nadelige
invloed dat
de
woningbouwontwikkeling en bijbehorende parkeerplaatsen zou hebben op het natuurgebied Kruiszwin ook niet nader onderbouwd. 7
e.
Volgens indiener is er onvoldoende onderzoek gedaan naar de
De zienswijze leidt niet tot
Zie Reactie 1b
een
afvoer van water op het plangebied. De grond zal voor de
aanpassing
van
het
bestemmingsplan.
bouw worden opgehoogd waardoor de aangrenzende percelen meer water te verwerken krijgen. f.
Het toevoegen van een inrit op de drukke doorvoerweg zorgt
Er is een verkeersonderzoek opgesteld door een onafhankelijk
De zienswijze leidt niet tot
volgens indiener voor een nog onveiligere verkeerssituatie.
deskundig bureau. In de huidige situatie waren twee vrijstaande
een
Uit het verkeersonderzoek blijkt ook dat geadviseerd wordt
woningen mogelijk. In de huidige situatie zijn er daarmee twee
om geen inritten meer te maken aan de Molenvaart en om te
inritten naar de Molenvaart nodig voor de ontsluiting van deze
zorgen
maximale
woningen. Met het voorliggende bestemmingplan komt er in plaats
overzichtelijkheid en de kruising te voorzien van een plateau.
van deze twee inritten één inrit voor alle appartementen samen.
De snelheid is ter plaatse niet het probleem maar de
Het aantal inritten neemt per saldo dus af waardoor de
onoverzichtelijkheid.
een
verkeerssituatie juist overzichtelijker wordt. Van verslechtering van
verkeerssituatie is tegenstrijdig met de inhaalslag die de
de verkeerssituatie door de inrit is dus geen sprake. De
gemeente op dit gebied momenteel aan het maken is. Het is
aanbevelingen in het verkeersonderzoek met betrekking tot de inrit
ook onduidelijk waar de extra parkeerplaatsen moeten
zijn opgevolgd. Zo is de inrit recht tegenover de tegenoverliggende
komen. Het verkeersonderzoek is ten tijde van de
zijweg (Molengang) richting het winkelcentrum Molensluis
coronapandemie uitgevoerd waardoor er aan de juistheid van
gesitueerd. Hierdoor wordt voorkomen dat schuin overgestoken
de gegevens wordt getwijfeld.
hoeft te worden en wordt de uitwisseling van verkeer
voor
lage
beschoeiing
Het
voor
verslechteren
van
aanpassing
van
het
bestemmingsplan.
geconcentreerd naar één locatie, wat de verkeersveiligheid, overzicht en de doorstroming ten goede komt. Uit het onderzoek volgt tevens dat de toename van verkeersdrukte relatief beperkt is met ongeveer 420 ritten per dag. De ontsluiting van de appartementen leidt niet tot een onevenredige verslechtering van het woon- en leefklimaat van omwonenden. Dat er geadviseerd wordt om naast deze inrit geen extra erf- en zijaansluitingen te realiseren
op
de
Molenvaart
ziet
niet
op
deze
woningbouwontwikkeling maar op ontsluitingsmogelijkheden voor 8
het
winkelcentrum.
De
31
parkeerplaatsen
voor
deze
woningbouwontwikkeling worden aan de achterzijde van de appartementen
gerealiseerd.
parkeernormen
voldaan.
Er
wordt
daarmee
Parkeergelegenheid
voor
aan
de
andere
ontwikkelingen in de omgeving maken geen onderdeel uit van deze procedure. Het verkeersonderzoek is uitgevoerd in de periode van 10 mei 2021 tot en met 27 mei 2021. Tijdens deze periode waren scholen, winkels,
sportlocaties,
horecalocaties,
contactberoepen
en
doorstroomlocaties geopend. Van een strenge lockdown was destijds geen sprake. Uit het verkeersonderzoek volgt bovendien expliciet dat in het algemeen geldt dat de verkeersintensiteiten in mei 2021 ongeveer op het niveau waren van vóór de Coronacrisis. Wel ligt volgens het verkeersonderzoek de verdeling van verkeersintensiteiten over de dag in het algemeen meer gespreid; de spitsperiodes in de ochtend en in de middag zijn minder druk. Dit wordt zeer mede veroorzaakt door het grotere aandeel thuiswerkende mensen. Het argument dat het verkeersonderzoek door de coronapandemie onjuist is, is daarom niet te volgen. g.
De gemeenteraad meent burgerparticipatie belangrijk te
Burgerparticipatie is gericht op het inventariseren van de diverse
De zienswijze leidt niet tot
vinden. De directe buurtbewoners zijn voor dit plan echter pas
belangen die bij een ontwikkeling spelen en op het in beeld krijgen
een
betrokken door de woonstichting nadat zij hun bezwaren
van het maatschappelijk draagvlak. Burgerparticipatie is geen
bekend gemaakt hadden. De leden van de gemeenteraad zijn
wettelijk onderdeel van de procedure om tot een bestemmingsplan
ook per brief geïnformeerd over de bezwaren van
te komen. Desondanks streeft de gemeente er altijd naar om
buurtbewoners op de ontwikkeling. Op deze brieven is echter
omwonenden bij planvorming te betrekken. Vanwege de COVID-19
niet gereageerd. Indiener is ook een petitie gestart bij
pandemie is geen fysieke informatiebijeenkomst over de plannen
aanpassing
van
het
bestemmingsplan.
9
buurtbewoners. Naar aanleiding van de bezwaren heeft de
georganiseerd. Wel zijn direct omwonenden benaderd over het
woonstichting enkel cosmetische wijzigingen aan het plan
voornemen en is een informatiefolder aan de buurtbewoners
aangebracht die onvoldoende zijn om aan de bezwaren
uitgedeeld. Daarnaast heeft de initiatiefnemer alle direct
tegemoet te komen. Indiener kan wel instemmen met een
omwonenden (minstens 2 percelen aan iedere zijde) persoonlijk
plan met 16 woningen op deze locatie.
bezocht en een aantal omwonenden zelfs meerdere keren. Dit alleset inachtneming van de geldende Covid-19 maatregelen. Daarnaast is er meerdere keren telefonisch en per email overlegd over de plannen en de aanpassingen die zijn gedaan. Uit de participatie met de omgeving zijn de volgende aanpassingen in het plan doorgevoerd: a. gebouwen in zelfde voorgevelrooilijn als buurwoningen, om uitzicht aan voorzijde te blijven garanderen. Dit is mede een resultante van het verkeersonderzoek; b. Toepassen van hogere privacy scherm op balkons om inkijk te verminderen; c. Toepassen van extra melkglas, ondoorzichtig glas in trappenhuizen die grenzen aan buurpercelen om inkijk te voorkomen; d. Ontsluiting garage achterin het buurperceel via het perceel Molenvaart 12-14 (wordt openbare weg). e. Een bezonningsstudie is op verzoek van omwonenden uitgevoerd (Bijlage 10). f. De ramen van de zijgevels die gericht zijn op de buurpercelen, zijn iets kleiner gemaakt en minimaal 24 cm hoger aangebracht om de inkijk richting naastgelegen percelen te verkleinen 10
In het huidige stadium moet blijken of de gemeenteraad, het plan mede in het licht van de ingediende zienswijzen aanvaardbaar vindt. Het bestemmingsplan is in overeenstemming met de principes van een goede ruimtelijke ordening.
3. Indiener 3
a.
Reactie
Beantwoording
Conclusie
Volgens indieners is er sprake van een welstandsexces.
Zie reactie 2b
De zienswijze leidt niet tot een
Indieners zijn niet tegen woningen op de planlocatie. Deze
aanpassing
van
het
bestemmingsplan.
voorgenomen bebouwing sluit volgens indieners echter niet aan op de omgeving waarin veelal oudere woningen aanwezig zijn met een kleiner bouwvolume en historisch karakter. b.
Het toevoegen van een inrit op de drukke doorvoerweg zorgt
Zie reactie 2f
De zienswijze leidt niet tot een
volgens indieners voor een nog onveiligere verkeerssituatie.
aanpassing
van
het
bestemmingsplan.
Het verkeersonderzoek is ten tijde van de coronapandemie uitgevoerd waardoor er aan de juistheid van de gegevens wordt getwijfeld. c.
De gemeenteraad meent burgerparticipatie belangrijk te vinden. De directe buurtbewoners zijn voor dit plan echter pas betrokken door de woonstichting nadat zij hun bezwaren
Zie reactie 2g
De zienswijze leidt niet tot een
aanpassing
van
het
bestemmingsplan.
bekend gemaakt hadden. De leden van de gemeenteraad zijn ook per brief geïnformeerd over de bezwaren van
11
buurtbewoners op de ontwikkeling. Op deze brieven is echter niet gereageerd.
4 Ambtshalve wijzigingen Er zijn geen ambtshalve wijzigingen doorgevoerd.
5 Conclusie De ingediende zienswijzen leiden niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
12