CConstaterende datHollandsKroon
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Advies commissie bezwaarschriften.pdf

Raad 23 maart 2023, gemeente HollandsKroonBij agendapunt: Bezwaarschrift Sociaal & Groen1.240 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

commissie bezwaarschriften Onderwerp Raadkameradvies: bezwaarschrift tegen een fictieve weigering tot het

Datum 9 januari 2023

instellen van een Burgerkamer Locatie De Ontmoeting, De Verwachting 1, Anna Paulowna Voorzitter Mevrouw mr. P.C.E. de Munnik-Blank

Secretaris Mevrouw mr. A. Wester Commissieleden De heer mr. B.A. Grosheide De heer mr. R.A.J. de Jong

Inleiding Op 9 september 2022 heeft vereniging Sociaal & Groen het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hollands Kroon (hierna: het college) gevraagd een besluit te nemen dan wel in gesprek te gaan over het instellen van een burgerkamer. Per e-mail van 2 oktober 2022 heeft de vereniging het verzoek herhaald. Het college heeft het verzoek ter afhandeling doorgezonden aan de gemeenteraad. Bij brief van 10 november 2022, ontvangen op 14 november 2022, heeft de heer W. Lanfermeijer, voorzitter van vereniging Sociaal & Groen (hierna: bezwaarmaker) een bezwaarschrift ingediend tegen het niet tijdig nemen van een besluit naar aanleiding van het verzoek. Op grond van artikel 2 eerste lid van de Verordening commissie bezwaarschriften (hierna: de Verordening) treedt de commissie bezwaarschriften op als adviseur bij bezwaarschriften tegen besluiten van – onder meer – de gemeenteraad. Verslag hoorzitting Op 9 januari 2023 heeft de commissie het bezwaarschrift besproken. Op de voet van artikel 7:3 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb), gelezen in samenhang met artikel 9 tweede lid van de Verordening heeft de voorzitter van de commissie besloten af te zien van het horen. Ten aanzien van de ontvankelijkheid Bezwaarmaker heeft op 9 september 2022 verzocht om een besluit te nemen dan wel in gesprek te gaan over het instellen van een burgerkamer.

De gemeenteraad heeft op dat verzoek niet gereageerd zodat bezwaarmaker het verzoek op 2 oktober 2022 heeft herhaald. Ook daarna bleef een reactie uit. Op 14 november 2022 heeft bezwaarmaker bezwaar gemaakt tegen de fictieve weigering een besluit te nemen.

Artikel 8:1 en artikel 7:1 van de Awb bepalen dat een belanghebbende tegen een besluit bezwaar en beroep kan instellen. Onder ‘besluit’ verstaat artikel 1:3 eerste lid van de Awb een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan, inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling. Geen schriftelijke beslissing Vast staat dat aan het element ‘schriftelijke beslissing’ niet is voldaan. De gemeenteraad heeft namelijk naar aanleiding van het verzoek van bezwaarmaker geen schriftelijke reactie gegeven. Om die reden kan de fictieve weigering niet worden aangemerkt als ‘besluit’ in de zin van artikel 1:3 eerste lid van de Awb. Daarvoor is een schriftelijke beslissing immers vereist. Tegen het uitblijven van een schriftelijke beslissing kan daarom – in beginsel – op grond van de artikelen 7:1 en 8:1 van de Awb geen bezwaar of beroep worden ingesteld, omdat het instellen van dergelijke rechtsmiddelen alleen mogelijk is naar aanleiding van een ‘besluit’ in de zin van artikel 1:3 eerste lid van de Awb. Artikel 6:2 sub b van de Awb bepaalt echter dat voor de toepassing van de wettelijke voorschriften over bezwaar en beroep met een ‘besluit’ gelijk wordt gesteld het niet tijdig nemen van een besluit. Het uitblijven van een (tijdige) beslissing wordt dus gelijk gesteld met een besluit in de zin van artikel 1:3 van de Awb, zodat daartegen – in beginsel – ook bezwaar kan worden gemaakt.

Het enkele feit dat een dergelijk besluit niet op schrift is gesteld, staat daaraan niet in de weg. Publiekrechtelijke rechtshandeling Uit artikel 6:2 van de Awb vloeit dus voort dat ook bezwaar kan worden gemaakt tegen het niet tijdig nemen van een besluit (of: tegen het uitblijven van een besluit), ondanks dat geen sprake is van een schriftelijke beslissing. De commissie ziet zich vervolgens voor de vraag gesteld of (het uitblijven van) een beslissing over het instellen van een burgerkamer als publiekrechtelijke rechtshandeling dient te worden gekwalificeerd. Volgens de website van bezwaarmaker is een burgerkamer een orgaan bestaande uit een vertegenwoordiging van ambtenaren, de politiek en burgers. Middels dit orgaan kan de burger rechtstreeks invloed en medezeggenschap uitoefenen ten aanzien van overheidsbeleid en -handelen1. Het staat, zo begrijpt de commissie, overheidsbesturen vrij te kiezen voor het instellen van een dergelijk orgaan. Naar het oordeel van de commissie is het nemen van een beslissing over het al of niet instellen van een burgerkamer niet aan te merken als besluit in de zin van artikel 1:3 eerste lid van de Awb, omdat een dergelijke beslissing geen rechtshandeling behelst.

Een rechtsgevolg omvat het ontstaan, wijzigen, verdwijnen en/of bevestigen van subjectieve rechten, rechtsposities of rechtsverhoudingen die optreden als gevolg van dat rechtsfeit of die rechtshandeling. De vraag of een gemeentebestuur ervoor wil kiezen een burgerkamer in te stellen is een politiek onderwerp waarover een politiek debat kan worden gevoerd, naar aanleiding waarvan een politieke keuze kan worden gemaakt. De beslissing van de gemeenteraad om al of niet over te gaan tot een dergelijke politieke keuze roept geen rechtsgevolgen in het leven. De

1

Zie https://nieuwsociaalengroen.nl/burgerkamer-derde-kamer/

beslissing van de gemeenteraad om al of niet een burgerkamer in enigerlei vorm in te stellen kan dus ook niet als rechtshandeling worden aangemerkt. Om een ‘besluit’ in de zin van artikel 1:3 eerste lid van de Awb te kunnen zijn moet een beslissing een rechtshandeling inhouden. Daarvan is geen sprake, omdat de beslissing van de gemeenteraad om al of niet een burgerkamer in te stellen niet is gericht op enig rechtsgevolg. Deze beslissing kan daarom ook niet worden aangemerkt als ‘besluit’ in de zin van artikel 1:3 eerste lid van de Awb. Het verzoek van bezwaarmaker om een beslissing te nemen of in gesprek te gaan over het instellen van een burgerkamer is gezien het voorgaande ook niet aan te merken als ‘aanvraag’. Artikel 1:3 derde lid van de Awb verstaat onder ‘aanvraag’ namelijk een verzoek van een belanghebbende een besluit te nemen. Nu van een besluit geen sprake is, kan het verzoek van bezwaarmaker ook niet als aanvraag te gelden hebben. Het voorgaande leidt tot de conclusie dat een beslissing van de gemeenteraad over het al of niet instellen van een burgerkamer niet als formeel besluit kan worden aangemerkt, ook niet als de gemeenteraad deze beslissing op schrift zou hebben gesteld. Als de gemeenteraad dat had gedaan, hadden tegen die schriftelijke beslissing dus niet de rechtsmiddelen van bezwaar en beroep opengestaan.

In casu heeft de gemeenteraad niet op het verzoek van bezwaarmaker gereageerd, zodat bezwaarmaker bezwaar heeft gemaakt tegen een fictieve weigering. Artikel 6:2 sub b van de Awb bepaalt echter dat de wettelijke voorschriften over bezwaar en beroep alleen worden gelijkgesteld met het niet tijdig nemen van een besluit. Artikel 6:2 sub b van de Awb stelt maakt het dus niet mogelijk om bezwaar of beroep in stellen tegen overige, niet op rechtsgevolg gerichte, beslissingen. Tegen dergelijke beslissingen kan noch op de voet van artikel 7:1 jo. artikel 8:1 van de Awb, noch op de voet van artikel 6:2 sub b van de Awb bezwaar worden ingesteld. Nu de beslissing om al of niet over te gaan tot het instellen van een burgerkamer geen besluit is, kan het niet tijdig nemen ervan ook niet worden gelijkgesteld met een besluit. Het voorgaande leidt tot het oordeel dat het bezwaarschrift niet-ontvankelijk is. Dat betekent dat de commissie aan een inhoudelijke beoordeling ervan niet toekomt. Advies Gelet op het voorgaande adviseert de commissie de gemeenteraad: 1. het bezwaarschrift niet-ontvankelijk te verklaren. Commissie bezwaarschriften,

Mevrouw A. Wester Secretaris

Mevrouw mr. P.C.E. de Munnik-Blank Voorzitter

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=HollandsKroon&id=7756987a-a509-48b2-8351-41ac13a6b339