CConstaterende datHollandsKroon
Koppel je AI →
Document · PDF

1. TAM IMRO toelichting en regels De Strook 12, Kolhorn

Raad 30 juni 2026, gemeente HollandsKroonBij agendapunt: Raadsvoorstel TAM IMRO De Strook 12 Kolhorn14.089 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

 34

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

6.7 Weging van het waterbelang Om ervoor te zorgen dat de waterbelangen een goede plek krijgen en evenwichtig worden afgewogen bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen wordt de watertoets uitgevoerd. Ook onder de Omgevingswet is dit proces vastgelegd maar dan onder de noemer ‘weging van het waterbelang’. De Waterschapsverordening van Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier bevat de regels die wij hanteren om onze watergangen, waterkeringen en wegen te beschermen. Rond deze sloten, dijken en wegen zijn verschillende zones (werkingsgebieden) bepaald en voor elke zone gelden weer andere regels. De Waterschapsverordening berust op artikel 2.5 van de Omgevingswet en vervangt de vroegere Keur. Op 17 december 2024? heeft het dagelijks bestuur van het hoogheemraadschap wijzigingen van de Waterschapsverordening vastgesteld. De wijzigingen zijn per 1 januari 2025 in werking getreden en daarom heet deze: de Waterschapsverordening 2025. Beoordeling De initiatiefnemer heeft Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier geïnformeerd over het onderhavige plan via de Digitale Watertoets (www.dewatertoets.nl). Hiermee is bepaald dat het plan geen invloed heeft op het watersysteem en/of de afvalwaterketen. Verder overleg met Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier is niet nodig. Het hoogheemraadschap geeft een positief wateradvies. Er is ook direct contact geweest.

Het Hoogheemraadschap gaf aan met het plan in te kunnen stemmen. Er is geen vergunning vereist van het hoogheemraadschap. De werkzaamheden hebben plaatsgevonden in een bestaand pand.

 35

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

6.8 Bodem Bij een aantal activiteiten is voorafgaand aan de activiteit bodemonderzoek van de landbodem nodig. De voorschriften voor het voorafgaand bodemonderzoek staan in paragraaf 5.2.2 van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). Het voorafgaand bodemonderzoek naar de chemische kwaliteit van de landbodem is verplicht bij de (milieubelastende) activiteiten: • Graven in bodem met een kwaliteit onder of gelijk aan de interventiewaarde bodemkwaliteit (paragraaf 4.119, Bal) • Graven in bodem met een kwaliteit boven de interventiewaarde bodemkwaliteit (paragraaf 4.120, Bal) • Saneren van de bodem (paragraaf 4.121, Bal) • Bouwen op een bodemgevoelige locatie (via instructieregel uit paragraaf 5.1.4.5.1 uit het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl), een verplichting in het omgevingsplan). In de planvorming moet rekening worden gehouden met de bodemkwaliteit in relatie tot toegelaten functies. In de toelichting van een ruimtelijke ETFAL onderbouwing moeten de overwegingen hierover zijn opgenomen. Als blijkt dat de bodemkwaliteit niet direct geschikt is voor de gewenste bestemming dan moet hiervoor een nadere afweging worden gemaakt. Als sprake is van een functiewijziging kan een bodemonderzoek worden geëist. De onderzoeksplicht is alleen redelijk als het de locatie een gevoeligere functie krijgt.

Voor het bouwen van een bodemgevoelig gebouw op een bodemgevoelige locatie gelden instructieregels die zijn opgenomen in paragraaf 5.1.4.5.1 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). Hierdoor zijn gemeenten verplicht waarden vast te stellen waarboven maatregelen nodig zijn bij de realisatie van bodemgevoelige gebouwen op bodemgevoelige locaties (artikel 5.89i en artikel 5.89j Bkl). Deze voorschriften hebben uitsluitend betrekking op bodemgevoelige gebouwen zoals genoemd in artikel 5.89g van het Bkl. Beoordeling Het onderzoek is verricht door Landview BV, in de periode juni-juli 2025 (kenmerk 2025373). Door de aanwezigheid van een inpandige gesloten betonverharding en een klinkerverharding aan de voorzijde van de locatie zijn er op het overgrote deel van de locatie echter geen contact met eventueel aanwezige verontreinigingen. Aangezien deze verhardingen in de toekomst gehandhaafd blijven levert de bodemkwaliteit geen belemmeringen op. De smalle strook aan de achterzijde van het pand zal in de toekomst niet worden gebruikt. Het bodemonderzoek toont aan dat het aspect bodem geen belemmering is voor deze ontwikkeling. Op basis van het vooronderzoek wordt de locatie beoordeeld als verdacht (diffuus belast, heterogeen verdeeld). Het ligt in de huidige situatie echter niet in de verwachting dat eventueel aanwezige verontreinigingen een beperking vormen voor het gebruik.

 36

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

6.9 Spuitzonering Bij de beoordeling van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties op het aspect woon-en leefklimaat geldt dat een planologische keuze die ziet op een afstand van 50 meter tussen gevoelige objecten en agrarische bedrijvigheid in de vorm van open teelten waarbij gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt, in het algemeen niet onredelijk wordt geacht. Beoordeling Ten zuiden van het plangebied is een agrarisch bedrijf aanwezig. In paragraaf 6.2 Bedrijven-en milieuzonering wordt dit aangehaald in het kader van de richtafstanden. Het agrarische bouwvlak ligt op 7.5 meter van het plangebied. Echter ligt het agrarische bouwvlak direct tegen het plangebied aan. Deze grond wordt dan ook niet besproeid met gewasbeschermingsmiddelen omdat hier de agrarische bedrijfsgebouwen mogen staan. Deze zijn hier ook daadwerkelijk gebouwd. De open teelt begint op 70 en 80 meter van het plangebied. Zie de afbeeldingen hieronder. Aan de voorzijde van het perceel (westzijde) is de (voor)tuin van de agrarische bedrijfswoning. Deze gronden worden dus niet voor open teelt gebruikt en daar wordt dus ook niet gespoten met gewasbeschermingsmiddelen. In de daadwerkelijke bestaande situatie wordt er ruimschoots aan de afstand van 50 meter voldaan.

Afbeelding 19 Afstand tot gronden waarop gespoten mag worden

 37

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

Afbeelding 20 Afstand tot gronden waarop gespoten mag worden

Afbeelding 21 De agrarische bedrijfsgebouwen aan de achterzijde van het plangebied

 38

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

Planologisch is het toegestaan om het hele agrarische bouwvlak voor open teelten te gebruiken en ook de (voor)tuin agrarisch te gebruiken voor open teelt. Het is echter niet aannemelijk dat dit ook voor open teelt gebruikt gaat worden. Op het bouwvlak staat al bestaande bedrijfsbebouwing. Deze bedrijfsbebouwing is dusdanig gepositioneerd op het perceel dat er een afstand van 70 á 80 meter zit tussen het plangebied en de gronden die voor open teelt kunnen worden gebruikt. Het is niet aannemelijke dat al deze waardevolle vierkante meters agrarisch bouwvlak gebruikt gaan worden voor open teelt. Gezien de geringe breedte van strook die nu als (voor)tuin gebruikt wordt en de geringe afstand tussen de agrarische bedrijfswoning en de perceelsgrens is het ook niet aannemelijk dat deze gronden voor open teelt gebruikt gaan worden, ook al is dit planologisch wel toegestaan. Spuitzonering levert geen belemmeringen op.

 39

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

6.9 M.e.r. beoordeling De milieueffectrapportage is een wettelijk instrument met als doel het aspect milieu een volwaardige plaats in deze integrale afweging te geven. Of een besluit over een project project-mer (beoordelings)plichtig is, kan afgeleid worden uit bijlage V bij het Omgevingsbesluit. Daar staat in de eerste kolom de omschrijving van projecten. In de vierde kolom staan, in samenhang met artikel 11.6, derde lid van het Omgevingsbesluit, de besluiten waarvoor de mer-verplichtingen gelden. Dit zijn besluiten zoals een omgevingsplanactiviteit (op grond van artikel 11.8, lid 4 Omgevingsbesluit). Beoordeling In bijlage V bij het omgevingsbesluit wordt onder J11 stedelijke ontwikkelingsprojecten aangewezen als geval waarin de mer-beoordelingsplicht geldt. Deze aanvraag valt onder J11. Er zijn geen drempelwaarden in deze kolom waar aan getoetst moet worden. De ontwikkeling in deze aanvraag betreft géén stedelijk ontwikelingsproject. Aanzienlijke gevolgen voor het milieu kunnen op voorhand worden uitgesloten. Gezien de schaal, omvang en de aard van het plan en de omschrijving van verschillende milieuaspecten zoals in de vorige paragrafen, is een milieueffectrapport niet nodig voor deze aanvraag. Verwezen wordt naar twee relevante uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

In haar uitspraak van 15 maart 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:694) heeft de Afdeling in overweging 13.4 overwogen dat het antwoord op de vraag of sprake is van een (wijziging van een) stedelijk ontwikkelingsproject in de zin van het Besluit mer, afhangt van de concrete omstandigheden van het geval, waarbij onder meer aspecten als de aard en de omvang van de voorziene wijziging van de stedelijke ontwikkeling een rol spelen.

6.10 Conclusie beoordeling instructieregels Het plan heeft geen negatieve effecten op de omgevingsaspecten. Er wordt aan de instructieregels uit het Bkl voldaan. Hierdoor zijn de omgevingsaspecten geen belemmering voor een evenwichtige toedeling van de functie op deze locatie.

 40

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

7. Uitvoerbaarheid 7.1 Economische uitvoerbaarheid De bepaling over de uitvoerbaarheid uit het Besluit ruimtelijke ordening is onder de Omgevingswet komen te vervallen. De gemeente hoeft niet meer aannemelijk te maken dat een toegedeelde functie er ook zal komen. De gemeente moet wel onderzoeken of ontwikkeling op de betrokken locatie in beginsel mogelijk is. Pas als zich een concreet initiatief aandient, dat past binnen de toegedeelde functie, wordt onderzocht 'hoe' dat op een aanvaardbare wijze gerealiseerd kan worden. Onderdeel daarvan is de economische uitvoerbaarheid. Deze ontwikkeling is economisch uitvoerbaar. Aangezien het een legalisatie betreft is het plan al uitgevoerd. Verder wordt in deze ETFAL onderbouwing aangetoond dat onderhavig plan op een aanvaardbare wijze gerealiseerd kan worden. Er kunnen nog nadere afspraken worden gemaakt over de vereveningsbijdrage voor de sociale woningen die hier niet gerealiseerd kunnen worden in een anterieure overeenkomst. Ook wordt daar de schadevergoedingsovereenkomst (voorheen: planschade) in opgenomen.

7.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid: participatie en vooroverleg Het gaat hier om een legalisatie na aanleiding van een handhavingsverzoek. De indieners van het legalisatieverzoek zijn bekend met het plan omdat het al gerealiseerd is. Zij zijn ook bij de voorbereiding van dit TAM-IMRO plan benaderd. Er is in het kader van de participatie met de omwonenden gesproken over het plan. De bewoners op De Strook 13 gaven aan niet in gesprek te willen met de initiatiefnemer. Wel zijn zij op de hoogte gesteld van het plan. Met de andere buren is ook gesproken. Zij hebben aangegeven geen bezwaar te hebben. Met de agrariër aan de achterzijde is ook gesproken. Die is op de hoogte gesteld en heeft op voorhand geen bezwaren. Vooroverleg Het plan is ook al met het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier besproken. Zij kunnen Instemmen met het plan. Er is geen vergunning nodig van het hoogheemraadschap. De werkzaamheden hebben plaatsgevonden in een bestaand pand.

 41

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

7.3 Procedure Na de inwerkingtreding van de Omgevingswet moeten gemeenten wijzigingen van het omgevingsplan bekendmaken en publiceren via de Landelijke voorziening bekendmaken en beschikbaar stellen (LVBB). Gemeenten stellen het besluit tot wijziging van het omgevingsplan op volgens de nieuwe Standaard officiële publicaties (STOP) met bijhorende Toepassingsprofielen en omgevingsdocumenten (TPOD). Deze TAM vormt een alternatieve mogelijkheid voor gemeenten om het omgevingsplan te wijzigen, wanneer zij dit nog niet via de nieuwe standaarden kunnen doen. De TAM moest voorkomen dat planvorming (en in het bijzonder gebiedsontwikkeling) onaanvaardbare vertraging oploopt bij de invoering van de Omgevingswet. Er is in dit geval voor een TAM-IMRO plan gekozen omdat de bedrijfsactiviteiten definitief gestaakt moeten worden. Als er met een BOPA vergunning gewerkt zou zijn bleef de onderliggende bedrijfsbestemming nog steeds geldig. Om de woonfunctie hier mogelijk te maken moeten de bedrijfsactiviteiten dus worden wegbestemd. Het ontwerp TAM-IMRO-plan is gedurende 6 weken ter inzage gelegd. Er is één zienswijze binnengekomen. Deze is in de zienswijzenota beantwoord.

 42

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

8.1 Juridische planbeschrijving Algemeen In dit hoofdstuk wordt inzicht gegeven in de wijze waarop de gewenste ruimtelijke en functionele ontwikkeling van het plangebied juridisch is vertaald. Het juridisch bindende deel van het TAM-IMRO-plan bestaat uit de verbeelding en de regels. De regels bevatten het juridisch instrumentarium voor het regelen van het gebruik van deze gronden, regels omtrent de toegelaten bebouwing en regelingen betreffende het gebruik van op te richten bouwwerken. De verbeelding heeft een ondersteunende rol voor toepassing van de regels alsmede de functie van visualisering van de bestemmingen. De verbeelding vormt samen met de regels het voor de burgers bindende onderdeel van het TAM-IMRO plan. De toelichting heeft geen bindende werking, maar heeft wel een belangrijke functie bij de onderbouwing van het plan en soms voor de uitleg van bepaalde bestemmingen en regels. Verbeelding De verbeelding geeft de toegestane activiteiten van de gronden aan. Deze activiteiten corresponderen met de artikelen in de regels. Op de verbeelding staan de symbolen en maatvoeringen waarbij in de planregels is opgenomen wat de bouw- en gebruiksmogelijkheden zijn. Planregels De regels bevatten het juridisch instrumentarium voor het regelen van het gebruik van de gronden, regels omtrent de toegelaten bebouwing en regelingen betreffende het gebruik van op te richten bouwwerken.

De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken. Per hoofdstuk zullen de diverse regels artikelsgewijs worden besproken. Hoofdstuk 1 Inleidende regels Dit zijn de inleidende bepalingen van de regels en hier komen de onderstaande artikelen in voor.  Artikel 1: Begrippen Dit artikel geeft de betekenis aan een aantal in de regels voorkomende begrippen. Hierdoor wordt de interpretatie van de begrippen vastgelegd, waardoor de duidelijkheid wordt vergroot.  Artikel 2: Wijze van meten Het tweede artikel geeft aan hoe bepaalde maten dienen te worden berekend. Hoofdstuk 2 Regels • Artikel 3: Wonen Er is in dit artikel aangegeven dat er gewoond mag worden. Verder zijn er voorwaarden gesteld aan een Beroep-aan-huis en een B&B. Ter plaatse van de functieaanduiding ‘Opslag’ is uitsluitend niet-bedrijfsmatige opslag en stalling van niet risicovolle materialen en/of materieel, wat passend is binnen een woonomgeving, toegestaan, met dien verstande dat de opslag niet ten dienste hoeft te staan van de woning(en) in het plangebied.  43

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

De bouwregels geven de maximale bouwhoogte aan van 7 meter en de balkons zijn ook opgenomen in de regels. Deze mogen 1.5 meter buiten het bouwvlak worden gebouwd in de volledige breedte van de woning(en). Hoofdstuk 3 Algemene regels Deze artikelen bevatten algemene regels die op de bestemmingen van toepassing zijn. De diverse artikelen zullen hieronder kort worden toegelicht.  Artikel 4: Antidubbeltelregel Op grond van de anti-dubbeltelregel is bepaald dat grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing blijft.  Artikel 5: Algemene bouwregels In de algemene bouwregels is een voorwaardelijke verplichting opgenomen op grond waarvan een omgevingsvergunning voor bouwen uitsluitend verleend kan worden als in voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien.  Artikel 6: Parkeren Hier zijn de regels met betrekking tot parkeervoorzieningen opgenomen.  Artikel 6: Algemene gebruiksregels In de algemene gebruiksregels is aangegeven welk gebruik in ieder geval in strijd is met het omgevingsplan. Tevens is een voorwaardelijke verplichting opgenomen waarin is geborgd dat voorzien wordt in voldoende parkeergelegenheid.

 Artikel 7: Algemene afwijkingsregels Deze bepaling geeft de mogelijkheid om met een omgevingsvergunning af te wijken van de regels ten aanzien van geringe overschrijdingen. Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Dit hoofdstuk bevat de laatste bepalingen van de bestemmingsregels. Hieronder worden de verschillende artikelen toegelicht.  Artikel 8: Overgangsregels Het overgangsrecht is tweeledig en heeft betrekking op bouwwerken en gebruik.  Artikel 9: Slotregel Dit artikel geeft de naam van het TAM-IMRO plan aan. Handhaafbaarheid Een van de uitgangspunten bij de ontwikkeling van een TAM-IMRO-plan is dat de in het plan opgenomen regels handhaafbaar dienen te zijn. Handhaving van het ruimtelijk beleid verdient meer aandacht omdat het een voorwaarde is voor het behoud en de ontwikkeling van de ruimtelijke kwaliteit in het plangebied. Bij de totstandkoming van het TAM-IMRO-plan is aandacht besteed aan de handhaafbaarheid van de in het plan opgenomen regels. Ten behoeve van een goede handhaving van de regels zijn de volgende factoren van belang:  44

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

   

Voldoende kenbaarheid geven aan het plan; Voldoende draagvlak voor het beleid en de regelgeving in het plan; Inzichtelijke en realistische regeling; Handhavingsbeleid.

 45

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

Hoofdstuk 9 Evenwichtige toedeling van functies aan locatie In dit hoofdstuk wordt gemotiveerd of er sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Een evenwichtige toedeling van functies aan locaties betekent dat er balans bestaat tussen het beschermen en benutten ten gevolge van de verschillende functies die locaties binnen een gebied kunnen vervullen. Het bevoegd gezag moet beoordelen of bij realisering van de aangevraagde activiteit(en) sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Om dit te kunnen beoordelen moeten alle voor de fysieke leefomgeving relevante aspecten zorgvuldig worden onderzocht en afgewogen. Dit TAM-IMRO plan voorziet in de transformatie van een deel van een bestaand bedrijfsgebouw naar een woonfunctie. Over de exacte indeling van het pand wordt nog gesproken tussen initiatiefnemer en de gemeente. Dit zal bij de aanvraag van een omgevingsvergunning verder uitgewerkt worden. Het andere deel van het bestaande pand wordt alleen bestemd voor privé opslag van de eigenaar. De bedrijfsactiviteiten worden volledig weggenomen. Dit zorgt er ook voor dat de omwonenden in de toekomst geen bedrijfsactiviteiten meer naast zich krijgen waardoor het woon-en leefklimaat niet wordt aangetast. Het plan draagt ook bij aan de grote vraag naar woningen.

Het project is in overeenstemming met de relevante beleidsuitgangspunten / instructieregels op provinciaal en gemeentelijk niveau en veroorzaakt het geen conflicten met de instructieregels vanuit het Bkl. De conclusie: alles overwegende is de ontwikkeling aanvaardbaar.

 46

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

Regels

 47

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

Hoofdstuk 1

Inleidende regels

Artikel 1

Begrippen

In deze regels wordt verstaan onder: 1.1

plan

het Omgevingsplan van de gemeente Hollands Kroon; 1.2

TAM-omgevingsplan:

het TAM-omgevingsplan De Strook 12, Kolhorn met identificatienummer NL.IMRO.1911.TAMStrook12Khrn-on01 1.3

aan-huis-verbonden beroep of bedrijf

een dienstverlenend beroep of bedrijf, dat in of bij een woning wordt uitgeoefend, waarbij de woning in overwegende mate de woonfunctie behoudt en dat een ruimtelijke uitwerking of uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is; 1.4

aanbouw

een gebouw dat als afzonderlijke ruimte is gebouwd aan een hoofdgebouw waarmee het in directe verbinding staat, welk gebouw onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw; 1.5

aanduiding

een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden; 1.6

aanduidingsgrens

de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft; 1.7

afhankelijke woonruimte

woonruimte die een ruimtelijke eenheid vormt met de woning en waarin een gedeelte van de huishouding uit een oogpunt van mantelzorg gehuisvest is; 1.8

bebouwing

één of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde; 1.9

bed & breakfast

een voorziening gericht op het bieden van de mogelijkheid tot overnachting en het serveren van ontbijt, als aan de woonfunctie ondergeschikte toeristisch recreatieve activiteit. Onder bed & breakfast wordt niet verstaan overnachting in verband met het verrichten van tijdelijke of seizoensgebonden werkzaamheden en/of arbeid; 1.10

bedrijf

een onderneming waarin doorgaans met economisch oogmerk goederen worden vervaardigd, bewerkt, verwerkt en/of opgeslagen;

 48

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

1.11

beroeps- c.q. bedrijfsoppervlakte

de totale vloeroppervlakte van de ruimte die wordt gebruikt voor een aan-huis-verbonden beroep c.q. een (dienstverlenend) bedrijf of een dienstverlenende instelling, inclusief opslag- en administratieruimten en dergelijke; 1.12

bestemmingsgrens

de grens van een bestemmingsvlak; 1.13

bestemmingsvlak

een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming; 1.14

bijbehorend bouwwerk

uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen;

1.15

bijgebouw

een op zichzelf staand, al dan niet vrijstaand gebouw, dat door de vorm onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw; 1.16

bouwen:

het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, als mede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats; 1.17

bouwgrens

de grens van een bouwvlak; 1.18

bouwperceel

een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten; 1.19

bouwperceelgrens

een grens van een bouwperceel; 1.20

bouwvlak

een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten; 1.21

bouwwerk

elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct of indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond; 1.22

dak

iedere bovenbeëindiging van een gebouw;  49

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

1.23

detailhandel

het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling voor verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen die goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit; 1.24

erf

al dan niet bebouwd perceel, of een gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw, en, voor zover een omgevingsplan van toepassing is, deze die inrichting niet verbieden; 1.25

gebouw

elk bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt; 1.26

hoofdgebouw

gebouw, of gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer gebouwen op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is; 1.27

horeca

het bedrijfsmatig verstrekken van ter plaatse te nuttigen voedsel en dranken, het bedrijfsmatig exploiteren van zaalaccommodatie en/of het bedrijfsmatig verstrekken van nachtverblijf, waaronder een bed & breakfast, discotheek, feestzaal en partyboerderij; 1.28

huishouden

persoon of groep personen die een afzonderlijk huishouding voert, waarbij sprake is van onderlinge verbondenheid en continuïteit in de samenstelling ervan; bedrijfsmatige kamerverhuur wordt daaronder niet begrepen; 1.29

ondergeschikte detailhandel

detailhandelsactiviteiten die aan te merken zijn als rechtstreeks voortvloeiend uit de bedrijfsactiviteiten van een niet-detailhandelsbedrijf en daaraan in bedrijfseconomisch en ruimtelijk opzicht ondergeschikt zijn; 1.30

overkapping

een bijbehorend bouwwerk in de vorm van een bouwwerk van één bouwlaag dat dient ter overdekking en niet of slechts met een wand is omgeven; 1.31

peil

a. voor een bouwwerk op een perceel, waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang; b. voor een bouwwerk op een perceel, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het terrein ter hoogte van die hoofdtoegang bij aanvang van de bouw; c. indien op het water wordt gebouwd: Het Normaal Amsterdams Peil (of een ander plaatselijk aan te houden waterpeil);  50

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

1.32

permanente bewoning

bewoning van een verblijf als hoofdverblijf; 1.33

uitbouw

een gebouw dat als vergroting van een bestaande ruimte is gebouwd aan een hoofdgebouw, welk gebouw door de vorm onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw; 1.35

voorgevel

de naar de weg gekeerde gevel(s) van een gebouw of, indien het een gebouw betreft met meer dan één naar de weg gekeerde gevel, de gevel die kennelijk als zodanig moet worden aangemerkt; 1.36

wonen

bewonen van een woning door één afzonderlijke huishouding; 1.37

woning

een complex van ruimten, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden, wiens huisvesting daar, gelet op de bestemming, al dan niet noodzakelijk is.

 51

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

Artikel 2

Wijze van meten

Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1

de goothoogte van een bouwwerk

vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeiboord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. De goothoogte van een lessenaarsdak wordt bepaald door de hoogte van de goot aan de lage zijde van het dak. 2.2

de inhoud van een bouwwerk

tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.3

de bouwhoogte van een bouwwerk

vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. De bouwhoogte van een lessenaarsdak wordt bepaald door de hoogte van de hoge zijde van het dak. 2.4

de oppervlakte van een bouwwerk

tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2.5

de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens

tussen de zijdelingse grens van het bouwperceel en een bepaald punt van het bouwwerk, waar die afstand het kortst is. 2.6

de horizontale diepte van een gebouw

de diepte van een gebouw, gemeten loodrecht vanaf de gevel waaraan wordt gebouwd. 2.7

de oppervlakte van een overkapping

tussen de buitenzijde van de afdekking van de overkapping, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van de overkapping. 2.8

meten

bij toepassing van deze regels wordt gemeten tot of vanuit het hart van een lijn op de (digitale) verbeelding.

 52

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

Hoofdstuk 2

Bestemmingsregels

Artikel 3

Wonen

Dit artikel gaat over: a. wonen; b. milieubelastende activiteiten behorende bij wonen; en c. bij het wonen behorende ondergeschikte activiteiten.

Artikel 3.1 Oogmerken De regels in dit artikel zijn gesteld met het oog op het beschermen van: a. een goed woon- en leefklimaat; b. de gezondheid; en c. behoud en samenstelling van de woningvoorraad

Artikel 3.2 Algemene regels over wonen Op de voor ‘Wonen’ aangewezen gronden is het volgende toegestaan: 1.

Wonen binnen het bouwvlak;

2. In één woning woont slechts één huishouden. 3. Voor de toepassing van deze regels geldt als één huishouden ook: a. een huishouden dat mantelzorg verleent, waarbij de ontvanger van mantelzorg in de woning woont of in een gebouw dat bij de woning hoort. 4. Ter plaatse van de functieaanduiding ‘Opslag’ is uitsluitend niet-bedrijfsmatige opslag en stalling van niet risicovolle materialen en/of materieel, wat passend is binnen een woonomgeving, toegestaan, met dien verstande dat de opslag niet ten dienste hoeft te staan van de woonfunctie in het plangebied. met de daarbij behorende: a) tuinen, erven en terreinen; b) wegen en paden; c) groenvoorzieningen; d) openbare nutsvoorzieningen en voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding; e) verkeers- en verblijfsvoorzieningen waaronder parkeervoorzieningen; f)

speelvoorzieningen;

 53

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

Artikel 3.3 Aanwijzing activiteiten beroep of bedrijf aan huis Dit artikel gaat over het uitoefenen van een beroep of bedrijf aan huis. Een beroep en bedrijf aan huis is toegestaan als wordt voldaan aan de volgende regels. a. niet meer dan 1/3 deel van het totale oppervlak van de woning, inclusief bijbehorende bouwwerken, met een maximum van 75 m², voor de uitoefening van het beroep en bedrijf aan huis wordt gebruikt; b. in afwijking van lid 1 geldt buiten de bebouwde kom: niet meer dan 1/3 deel van het totale oppervlak van de woning, inclusief bijbehorende bouwwerken, met een maximum van 120 m², voor de uitoefening van het beroep en bedrijf aan huis wordt gebruikt; c. alleen milieubelastende activiteiten mogen worden uitgevoerd met minimaal effect; d. er geen reclame-uitingen groter dan 0,5 m² bij of aan de woning worden geplaatst met een maximum aantal van één, onder de voorwaarde dat deze niet verlicht mogen zijn; e. het aan-huis-verbonden beroep of de bedrijfsactiviteit wordt alleen door de bewoner van de woning uitgevoerd, personeel is niet toegestaan; f. er geen horeca gerelateerde activiteiten of een seksinrichting worden uitgeoefend; g. er geen detailhandel plaatsvindt, anders dan ondergeschikte detailhandel die aan het beroep of bedrijf verbonden.

 54

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

Artikel 3.4 Algemene regels bed & breakfast Een bed & breakfast is in een woning of bijbehorend bouwwerk toegestaan als wordt voldaan aan de volgende regels: a. aan maximaal 4 personen wordt bed & breakfast geboden, b. er is geen eigen kookgelegenheid; c. permanente bewoning is niet toegestaan; d. het parkeren op het eigen erf plaatsvindt; Met een maatwerkvoorschrift kan worden afgeweken van Artikel 3.4 (Algemene regels bed & breakfast), als wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: a. Het aantal personen wat bed & breakfast wordt geboden maximaal 7 is; b. de locatie ligt buiten de bebouwde kom.

 55

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

Artikel 3.5

Bouwregels

Op deze gronden mag worden gebouwd en gelden de volgende regels: 3.5.1. Hoofdgebouwen Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels: a.

hoofdgebouwen mogen uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd;

b.

de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 7 meter;

c.

balkons mogen het bouwvlak met niet meer dan 1.5 meter overschrijden;

d. Balkons aan de achterzijde moeten aan de gehele zijkanten voorzien zijn van een erfafscheiding van 1,8m. e. de balkons mogen in de volledige breedte van de woning(en) (inclusief de gemeenschappelijke ruimtes) worden gebouwd.

3.5.2

Bijbehorende bouwwerken

Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken bij hoofdgebouwen de volgende regels: a. bijbehorende bouwwerken dienen op ten minste 1 m achter (het verlengde van) de voorgevel van het hoofdgebouw te worden gebouwd; b.

de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken mag niet meer bedragen dan:

1.

70 m² bij vrijstaande woningen op bouwpercelen kleiner dan 500 m²

2.

100 m² bij vrijstaande woningen op bouwpercelen groter dan 500 m²;

c. het bebouwingspercentage op een bouwperceel mag ten hoogste 50% van de oppervlakte van het bouwperceel bedragen; d. de goothoogte van aan- en uitbouwen, aangebouwde bijgebouwen en aangebouwde overkappingen mag ten hoogste 3 m bedragen dan wel de hoogte van de bovenzijde van de afgewerkte vloer van de eerste verdieping van het hoofdgebouw waaraan wordt gebouwd, voor zover het aan- en uitbouwen betreft, dan wel niet meer dan de bestaande goothoogte van aan- en uitbouwen, aangebouwde bijgebouwen en aangebouwde overkappingen indien deze meer bedraagt; e. de goothoogte van vrijstaande bijgebouwen en vrijstaande overkappingen mag ten hoogste 3 m bedragen; f. de bouwhoogte van bijbehorende bouwwerken mag niet meer dan 6 m bedragen, waarbij de bouwhoogte in ieder geval 1 m lager is dan de bouwhoogte van het hoofdgebouw; g.

een dakoverstek mag ten hoogste 0,5 m bedragen;

h.

ondergronds bouwen is niet toegestaan.

3.5.3

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde  56

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- en perceelsafscheidingen voor de naar de weg gekeerde gevels van gebouwen mag niet meer bedragen dan 1 meter; b. de bouwhoogte van overige erf- en perceelsafscheidingen mag niet meer bedragen dan 2 meter; c. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 3 meter;

Artikel 3.6

Specifieke gebruiksregels

Tot een gebruik, in strijd met wonen, wordt in ieder geval aangemerkt: a) het gebruik van gronden en bebouwing ten behoeve van seksinrichtingen; b) het gebruik van een bijbehorend bouwwerk voor zelfstandige bewoning; c) het gebruik van een bijbehorend bouwwerk als afhankelijke woonruimte.

 57

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

Hoofdstuk 3

Algemene regels

Artikel 4

Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

 58

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

Artikel 5 5.1

Algemene bouwregels

Overschrijding bouwgrenzen

De bouwgrenzen, niet zijnde bestemmingsgrenzen, mogen in afwijking van aanduidingen, aanduidingsgrenzen en regels worden overschreden door: a. tot gebouwen behorende stoepen, stoeptreden, trappen(huizen), galerijen, hellingbanen, dakoverstekken, balkons, funderingen, entreeportalen, veranda's en afdaken, mits de overschrijding niet meer dan 1,5 m bedraagt; b. tot gebouwen behorende erkers, mits de overschrijding niet meer dan 1,5 m bedraagt en de oppervlakte niet meer dan 6 m²; c. andere ondergeschikte onderdelen van gebouwen, mits de overschrijding niet meer dan 1,5 m bedraagt.

 59

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

Artikel 6 6.1

Parkeren

Parkeervoorzieningen

Een omgevingsvergunning voor het uitbreiden of wijzigen van de functie van een bouwwerk wordt slechts verleend indien in, op of onder het bouwwerk, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij het bouwwerk behoort, in voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien. Of er sprake is van voldoende parkeergelegenheid, wordt bepaald aan de hand van het bepaalde in de Parkeerregels Hollands Kroon 2018. Indien deze beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, wordt rekening gehouden met de gewijzigde regels.

6.2

Afwijkingsbevoegdheid

Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 6.1.1 indien: a. het voldoen aan deze regel door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; of b.

op andere geschikte wijze in de nodige parkeergelegenheid wordt voorzien;

c. strikte toepassing van de nota leidt tot een bijzondere hardheid, die niet door dringende redenen/noodzaak wordt gerechtvaardigd; onder de voorwaarde dat dit geen onevenredige afbreuk doet aan de parkeersituatie ter plaatse en met inachtneming van het bepaalde in de 'Parkeerregeling Hollands Kroon 2018', met inbegrip van eventuele wijzigingen van deze regeling gedurende de planperiode.

6.3

Strijdig gebruik

Tot een gebruik in strijd met dit TAM-IMRO plan wordt begrepen het gebruiken dan wel laten gebruiken van gronden of bouwwerken waarbij de parkeergelegenheid die is vereist en aangelegd op grond van artikel 6.1 niet in stand wordt gelaten.

 60

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

Artikel 7 7.1

Algemene afwijkingsregels

Maten en bouwgrenzen

Het bevoegd gezag kan - tenzij op grond van Hoofdstuk 2 reeds afwijking mogelijk is - bij een omgevingsvergunning afwijken van de regels voor: a.

afwijkingen van maten (waaronder percentages) met ten hoogste 10%;

b. overschrijding van bouwgrenzen, niet zijnde bestemmingsgrenzen, voor zover zulks van belang is voor een technisch betere realisering van bouwwerken dan wel voor zover zulks noodzakelijk is in verband met de werkelijke toestand van het terrein; de overschrijdingen mogen ten hoogste 3 m bedragen en het bouwvlak mag met ten hoogste 10% worden vergroot. De omgevingsvergunning wordt niet verleend, indien daardoor onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de ingevolge de bestemming gegeven gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken.

 61

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

Hoofdstuk 4

Overgangs- en slotregels

Artikel 8

Overgangsrecht

8.1

Overgangsrecht bouwwerken

a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van dit TAM-IMRO plan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: b.

gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd;

c. na het tenietgaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. d. Het bepaalde in sub a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

8.2

Overgangsrecht gebruik

a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het TAM-IMRO plan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b. Het is verboden het met het TAM-IMRO plan strijdige gebruik, bedoeld in het bepaalde onder a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. c. Indien het gebruik, bedoeld in het bepaalde onder a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. d. Het bepaalde onder a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan/omgevingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

 62

De Strook 12, Kolhorn (gem. Hollandse Kroon)

Artikel 9

Slotregel

Deze regels worden aangehaald als: Regels van het TAM-IMRO plan 'De Strook 12, Kolhorn'.

 63

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=HollandsKroon&id=ce62478a-b9c2-4e39-bb94-ee63cb8f0bde