CConstaterende datHollandsKroon
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Richtlijnen beleid- landschappelijke inpassing bedrijventerreinen Hollands Kroon

Raad 19 december 2024, gemeente HollandsKroonBij agendapunt: Beleidskader landschappelijke inpassing bedrijventerreinen5.186 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

LANDSCHAPPELIJKE INPASSING BEDRIJVENTERREINEN HOLLANDS KROON DEEL 1 HOOFDREGELS EN RICHTLIJNEN 17 juni 2024

Colofon

TITEL:

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen Hollands Kroon

SUBTITEL:

Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

PROJECTNUMMER:

51020164

DOCUMENTNUMMER:

NL24-648800269-86482

REVISIE:

D01

DATUM:

17-06-2024

AUTEUR(S):

Adriaan Bicker, Balthasar Klaren, Durk de Vries

E-MAIL ADRES:

Adriaan.Bicker@sweco.nl, Durk.deVries@sweco.nl

GECONTROLEERD DOOR:

Durk de Vries

PARAAF GECONTROLEERD:

VRIJGEGEVEN DOOR:

Max Visser

PARAAF VRIJGEGEVEN:

CONTACT:

2

SWECO NEDERLAND B.V. Robijnstraat 11 1812 RB ALKMAAR

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

Inhoudsopgave

1. INLEIDING

4

1.1 Leeswijzer

4

1.2 Visie

4

1.3 Het landschap

7

2. HOOFDREGELS VOOR LANDSCHAPPELIJKE INPASSING

8

2.1 Hoofdregels

8

2.2 Toelichting hoofdregels

9

3. VAN HOOFDREGELS NAAR RICHTLIJNEN

16

3.1 Opbouw bedrijventerrein

16

3.2 Randen bedrijventerrein

17

3.3 Richtlijnen voorzijde bedrijventerrein

18

3.4 Richtlijnen achterzijde bedrijventerrein

24

3.5 Richtlijnen zichtlocatie

30

BIJLAGEN Bijlage 1. Groenelementen Hollands Kroon

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

3

1

Inleiding

Gemeente Hollands Kroon werkt aan beleid voor haar bestaande bedrijventerreinen en voor nieuw te ontwikkelen bedrijfslocaties. Deze beleidsopgave voor de bedrijventerreinen wordt door de gemeente integraal uitgewerkt. Onder¬deel daarvan vormt de landschappelijke inpassing. Daarbij gaat het specifiek om het aangezicht in het landschap, de kwaliteit van het silhouet van buitenaf gezien. Er is behoefte aan duidelijke regels voor de inpassing van de terreinen. 1.1 LEESWIJZER Doel ‘Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen Hollands Kroon’ De ‘Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen Hollands Kroon’ beschrijft algemene regels die moeten leiden tot een goede landschappelijke inpassing. Deze zijn tot stand gekomen in overleg met een integrale werkgroep waarbij ook de bestaande bedrijventerreinen van de gemeente zijn bezocht en beschouwd. Deze regels gelden voor nieuwe bedrijventerreinen. Ook kunnen deze worden toepast op bestaande bedrijventerreinen bij toekomstige uitbreidingen of herstructureringen van het terrein. Van visie naar hoofdregels en naar richtlijnen Om tot regels te komen is begonnen met het formuleren van een visie op de inpassing van bedrijventerreinen. De visie is opgesteld op basis van een bureauonderzoek, praktijkervaring en de analyse van de bestaande bedrijventerreinen in Hollands Kroon. Daaruit zijn zeven hoofdregels voortgekomen.

Deze worden in hoofdstuk twee toegelicht. De hoofdregels geven richting om tot een goede inpassing te komen. De laatste hoofdregel ‘doorloop een stappenplan’ geeft aan dat goede inpassing niet vanzelf ontstaat maar het resultaat is van goed overleg, overwogen beslissingen en afstemming tussen partijen. De hoofdregels zijn in hoofdstuk 3 verder uitgewerkt en concreet gemaakt naar regels/richtlijnen. Er wordt hier onderscheid gemaakt tussen drie typen randen van een bedrijventerrein, namelijk voorzijden, achterzijden en zichtlocaties. Deze randen verschillen van elkaar in functie en uitstraling, daarom worden per rand richtlijnen beschreven. Het bestaande landschap is het uitgangspunt bij de landschappelijke inpassing van bedrijventerreinen. In bijlage één wordt uitgewerkt hoe landschappelijke structuren leiden tot richtlijnen. In bijlage twee worden voorbeelden gegeven van groenelementen die passen bij verschillende landschapstypen. Drie deelrapporten Het project ‘’Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen Hollands Kroon’’ heeft geleid tot drie deelrapporten. Voor u ligt deel 1, met daarin de richtlijnen voor de landschappelijke inpassing. In deel twee zijn de bestaande bedrijventerreinen geanalyseerd aan de hand van de hoofdregels. Per bedrijventerrein is een globale beoordeling gedaan van de randen.

In deel drie zijn voor drie bedrijventerreinen voorbeelduitwerkingen gedaan. 1.2 VISIE Bedrijventerreinen zijn zichtbaar in het landschap aanwezig en nemen veel ruimte in. Bovendien wordt per bedrijf een eigen gebouw op het terrein neergezet. Dat vraagt om een zorgvuldige inpassing, waarbij het bedrijventerrein als onderdeel van het landschap wordt gezien, goed aansluit bij de omgeving, herkenbaar is en eenheid uitstraalt. Verschillende typen landschap De Gemeente Hollands Kroon bestaat uit verschillende landschapstypen; West-Friesland (regio Niedorp), het voormalig eiland Wieringen, Polder Waard-Nieuwland, Wieringerwaard en Waardpolder, de Anna Paulowna-Polder en Zuiderzeepolder de Wieringermeer. Alle landschapstypen hebben een kenmerkende opbouw met een eigen toepassing van bomen en beplanting. De manier waarop een bedrijventerrein een plek krijgt binnen de omgeving hangt af van de het type landschap waarin het staat.

4

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

Den Oever-Kom Visserijhaven Den Oever-Zuid

Molenveld Kooyhaven

Kruiswijk Waterpark Slootdorp

Robbenplaat Dorsmolen Robbenplaat Zuid Robbenplaat Zuid reserve

Industrieweg Middenmeer

Hoornseweg-Middenmeer

Agriport Winkelerzand

Bedrijventerreinen in Hollands Kroon

Een plek in het landschap Bedrijventerreinen maken onderdeel uit van het landschap en voegen zich naar het landschap. In alle gevallen moet de opbouw van dijken, ontsluitende wegen, groen en water van het landschapstype herkenbaar blijven. Behoud van deze structuren is de eerste en belangrijkste stap bij inpassing; het landschap moet stevig blijven staan. Dat betekent ook dat er ruimte nodig is tot de structuren om het landschap herkenbaar te houden; gebouwen moeten op afstand staan van de dijken, ontsluitende wegen, groen en water. Dit geeft het bedrijventerrein een plek in het landschap. De afstand van gebouwen tot de omgeving is ook meer aangenaam voor de mensen die er naar kijken, voor de beleving en de herkenbaarheid van bedrijventerreinen. De ruimte tussen gebouwen en de omgeving geeft daarnaast de mogelijkheid om de rand van het bedrijventerrein goed in te richten en te laten aansluiten op het landschap.

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

5

Aansluiting op de omgeving Een bedrijventerrein voegt zich ook naar het landschap door dezelfde richting als het landschap aan te nemen. Deze richting wordt bepaald door de verkavelingsstructuur en het slotenpatroon. Dit is de basis voor de stedenbouwkundige opzet van het bedrijventerrein. Zo sluit het bedrijventerrein logisch aan op de omgeving. De logische aansluiting geldt ook voor de toegang naar het bedrijventerrein. De plaats daarvan bepaald voor een groot deel de oriëntatie van gebouwen en het aangezicht van het bedrijventerrein. Door de toegang op gelijke manier op de wegenstructuur aan te sluiten als bij de oorspronkelijke bewoning en agrarische bedrijven ontstaat ‘als vanzelf’ een bij de omgeving passende oriëntatie. Rustige gebouwen en groene randen Een bedrijventerrein bestaat uit losse gebouwen. Er ontstaat een rustig en samenhangend beeld als de gebouwen in hoogte, vorm, kleur op elkaar lijken en de in positie goed afgestemd zijn. Op de begane grond en op het omliggende eigen terrein bevinden zich de toegangen tot het gebouw, de parkeerplaatsen, staat soms opslag en worden hekwerken neergezet. Dat is nodig voor de bedrijvigheid, maar geeft een onrustig en vaak rommelig beeld. Het bedrijventerrein wordt daarom ingepast met een groene rand. De rand vormt een overgang van het landschap naar de gebouwen.

De invulling bestaat bij voorkeur uit openbaar gebied van het bedrijventerrein zoals wegen en algemene functies zoals waterberging. Dit garandeert afstand, een samenhangende inrichting en goed beheer en onderhoud. Bovendien geeft dit de mogelijkheid om opgaven voor natuur, recreatie, duurzame energie en biodiversiteit toe te voegen aan het bedrijventerrein. Het groen in de rand zorgt ervoor dat het bedrijventerrein een geheel blijft en het geeft een rustig beeld aan de onderrand van de verschillende bedrijven. De bomen en beplanting in de rand moeten passen bij het type landschap waarin het bedrijventerrein staat zodat het onderdeel wordt van het grote geheel.

Het voormalig Eiland Wieringen Polder Waard-Nieuwland

Anna Paulowna-Polder West

Anna Paulowna-Polder Oost

Wieringerwaard en Waardpolder

Wieringermeer

Groetpolder West-Friesland (regio Niedorp)

Landschapstypen Hollands Kroon

6

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

1.3 HET LANDSCHAP Richting van het landschap Verkavelingsstructuur, slotenpatroon en ontsluiting.

Landschappelijke structuren Opbouw van dijken, wegen, groen en water.

Landschapstypen Hollands Kroon West-Friesland (regio Niedorp), het voormalig eiland Wieringen, Polder Waard-Nieuwland, Wieringerwaard en Waardpolder, de Anna Paulowna-Polder, Groetpolder en Zuiderzeepolder de Wieringermeer.

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

7

2

Hoofdregels voor landschappelijke inpassing

Uit de visie voor landschappelijke inpassing van bedrijventerreinen zijn zeven hoofdregels afgeleid. De hoofdregels geven de algemene handvaten om tot een goede inpassing te komen. De hoofdregels vullen elkaar aan. Door alle regels toe te passen ontstaat stapsgewijs de ideale landschappelijke inpassing. 2.1 HOOFDREGELS De hoofdregels voor landschappelijke inpassing zijn:

1 Houd ruime afstand tussen de bebouwing en de omgeving 2 Plaats openbare functies in de rand 3 Maak de rand groen en gebruik gebiedseigen beplanting 4 Neem de richting en oriëntatie van het landschap over 5 Zorg voor rechte rooilijnen en gebouwen die bij elkaar passen 6 Plant groen op de erfgrens 7 Doorloop een stappenplan Deze worden hierna verder toegelicht, geïllustreerd en ondersteund met een referentiebeeld.

8

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

HOOFDREGELS

2.2 TOELICHTING HOOFDREGELS 1. Houd ruime afstand tussen de bebouwing en de omgeving •

Het landschap blijft zo herkenbaar

•

het bedrijventerrein krijgt een duidelijke plek binnen het landschap;

•

met ruimte om een rand te maken die aansluit bij de omgeving;

•

en een bedrijventerrein dat op een prettige manier zichtbaar is.

Houd ruime afstand

Plant groen op de erfgrens

Maak de rand groen en gebruik gebiedseigen groen

Westfrisia-Oost, Zwaag

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

9

HOOFDREGELS

Gebouwen die bij elkaar passen Zorg voor rechte rooilijnen

2. Plaats openbare functies in de rand •

Dit garandeert een ruime afstand;

•

de gemeente houdt zelf invloed op de groene inpassing;

•

waarborging van de kwaliteit van het groen;

•

en draagt bij aan het combineren en integreren van opgaven voor duurzaamheid en biodiversiteit.

Plaats openbare functies in de rand

De Vaandel, Heerhugowaard

10

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

HOOFDREGELS

3. Maak de rand groen en gebruik gebiedseigen beplanting

Plant groen op de erfgrens

•

Het groen geeft eenheid rond het bedrijventerrein;

•

het bedrijventerrein sluit aan bij de kenmerken van het landschap;

•

en wordt onderdeel van het grotere geheel.

Maak de rand groen en gebruik gebiedseigen beplanting

De Hemmen, Sneek

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

11

HOOFDREGELS

4. Neem de richting en oriëntatie van het landschap over •

Het bedrijventerrein sluit logisch aan bij de omgeving;

•

springt minder in het oog;

•

en krijg vanzelfsprekende voor- en achterkanten.

Neem de richting en oriëntatie van het landschap over

Breekland, Langedijk

12

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

HOOFDREGELS

5. Zorg voor rechte rooilijnen en gebouwen die bij elkaar passen •

Er ontstaat een helder afgebakende rand;

•

het bedrijventerrein straalt rust uit;

•

en de eenheid geeft en herkenbaarheid en identiteit.

Gebouwen die bij elkaar passen Zorg voor rechte rooilijnen

Plaats openbare functies in de rand

De Woudfennen, Joure

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

13

HOOFDREGELS

6. Plant groen op de erfgrens •

De verschillende bedrijven krijgen onderlinge Houd ruimesamenhang; afstand

•

een verzorgde begrenzing;

•

en op ooghoogte ontstaat een rustig beeld.

Plant groen op de erfgrens

Maak de rand groen en gebruik gebiedseigen groen

De Vaandel, Heerhugowaard

14

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

HOOFDREGELS 7. Doorloop een stappenplan •

Om het landschap goed te begrijpen;

•

bij de omgeving en bij elkaar passende gebouwen te laten ontwikkelen;

•

een goed raamwerk van infrastructuur en gebiedseigen groene randen te ontwerpen;

•

waarin het ruimtegebruik goed afgestemd is en opgaven voor duurzaamheid en biodiversiteit geïntegreerd zijn;

•

en er overleg en heldere afstemming is tussen alle partijen; gemeente, ontwikkelaar, bedrijven, uitvoerende partijen, toezicht houdende organisaties en de beherende organisaties.

Kom tot een overwogen en afgestemde landschappelijke inpassing bij het ontwikkelen of bij het reorganiseren van bedrijventerreinen door een stapsgewijs een ontwerp te maken.

Analyse landschap

Ontwerpproces

Analyse Identiteit bedrijventerreinen

12

Ontwerp

Bepaal in welk type landschap het bedrijventerrein ligt, wat de karakteristieken en waarden van het landschap zijn, hoe de verkavelingsstructuur en het slotenpatroon in elkaar zit, en uit welke kenmerkende en regelmatig toegepaste groenelementen het landschap bestaat, zoals bomenrijen, erfbeplanting, windsingels, groene dorpsranden, natuurlijke oevers, hagen en grondwallen. Onderzoek welk type bedrijven zich vestigen op het terrein, wat deze bedrijven nodig hebben (onder meer: toegang, parkeren, materiaalopslag, installaties, soort gebouw), en wat zichtbaar gemaakt kan worden aan de omgeving zodat de functie van het bedrijventerrein herkenbaarheid is.

Maak verschillende ontwerpen om het bedrijventerrein op te bouwen en in te passen met een groene rand. Maak een keus voor het ontwerp waar de karakteristieken van de verkavelingsstructuur, het slotenpatroon en het groen van het landschap herkenbaar terug komen.

Integraliteit

Stel een lijst van eisen en kansen op, denk bijvoorbeeld aan biodiversiteit, energie, klimaat, groen, recreatie en water(compensatie). Geef deze een plek in de rand rond het bedrijventerrein. Op deze manier krijgt het bedrijventerrein meer waarde en betekenis voor de omgeving.

Afstemming

Stem de ontwerpen en plannen af met gemeente, ontwikkelaar, bedrijven, uitvoerende partijen, toezichthoudende organisaties en de beherende organisaties, zodat van idee tot het onderhoud de kwaliteit van de inpassing in het landschap op orde is.

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

15

3

Van hoofdregels naar richtlijnen

De uitstraling en inrichting van de randen bepalen hoe het bedrijventerrein zich voegt naar het landschap en hoe het bedrijventerrein zich herkenbaar presenteert naar de omgeving. De randen aan de voorzijde en de achterzijde van het bedrijventerrein krijgen door hun oriëntatie op de omgeving een daarop toegespitste uitwerking. 3.1 Opbouw bedrijventerrein In de visie is aangegeven dat bedrijventerreinen onderdeel zijn van het landschap en zich er naar voegen. Daarom wordt er ruimte tussen een betrijventerrein en de landschapsstructuren gehouden. Zo ontstaat een rand, die een groene invulling krijgt. Binnen de rand worden de bedrijfsgebouwen worden geplaatst. De hoofdtoegang naar het bedrijventerrein, de indeling van het terrein én de orientatie van de gebouwen houden de richting aan van de verkavelingsstructuur en het slotenpatroon. Zo sluit het bedrijventerrein logisch aan op de omgeving. Het onderstaand schema vat dit samen.

Waterstructuur

Verkavelingsstructuur

Hoofdtoegang

Groenstrucutuur

Rand Ontsluitende wegen van het landschap

Landschapsstructuren waaraan een bedrijventerrein zich voegt.

16

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

Rijks- of provinciale

weg

Slotenpatroon

3.2 Randen bedrijventerrein Er kunnen drie soorten randen worden onderscheiden bij bedrijventerreinen: Voorzijde bedrijventerrein Aan de voorzijde, de ontsluitende wegen van het landschap, wordt het bedrijventerrein gepresenteerd aan de omgeving. Dit is de nette kant, formeel en uitnodigend. De inrichting van de rand aan de voorzijde kenmerkt zich door samenhang in gebouwen en groen. Het groen is hoog genoeg om op ooghoogte een rustig beeld te krijgen, en geeft ruimte om de gevel van gebouwen te presenteren. Gebouwen staan recht naast elkaar aan een rooilijn en passen bij elkaar. Achterzijde bedrijventerrein Aan de achterzijde vormt de rand de overgang tussen het bedrijventerrein naar het vaak open landschap. In veel situaties staan ook de bedrijven met de achterkant naar de omgeving. Dit is de functionele kant en is de beplanting eenvoudiger. De inrichting van de rand aan de achterzijde kenmerkt zich daarom door een aaneengesloten (groen)structuur, gericht op beschutting en inpassing. Dit zorgt ervoor dat vaak rafelige gebouwrand en gevarieerde terreininrichting stevig wordt opgevangen. Daarmee wordt samenhang en rust gecreëerd in het open landschap. De uitstraling van de rand aan de achterzijde is robuust, informeel en natuurlijk. Zichtlocaties Zichtlocaties liggen aan rijks- of provinciale wegen waar deze los staan van de opbouw en structuur van het landschap.

Deze locaties oriënteren zich op hun eigen manier op de omgeving. In de ruimte tussen weg en bedrijventerrein is de het verkavelingspatroon en slotenpatroon herkenbaar aanwezig. De inrichting van de rand aan bij zichtlocaties kenmerkt zich door een eenvormigheid en rust, een sterke samenhang tussen gebouwen en groen en het gebrek aan voorterreinen van bedrijven, losse elementen zoals zonnepanelen, vlaggen en losse reclame-uitingen.

Achterzijde

Zichtlocatie

Voorzijde

Voorzijde

De richtlijnen worden per hoofdregel uitgewerkt voor de drie soorten randen van het bedrijventerrein.

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

17

VOORZIJDE 3.3 Richtlijnen voorzijde bedrijventerrein 3.3.1 Houd ruime afstand tussen de bebouwing en de omgeving •

Houd voldoende afstand tussen de bebouwing en de ontsluitende wegen van het landschap, minimaal 5 keer de maximaal toegestane bouwhoogte.

Min. 5 keer de maximale toegestane bouwhoogte

•

Zorg voor een rustig beeld aan de voorzijde door kleine, losse elementen en opslag tussen de bebouwing en de ontsluitende wegen van het landschap niet toe te staan.

Min. 5 keer de maximale toegestane bouwhoogte

18

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

VOORZIJDE

3.3.2 Plaats openbare functies in de rand •

Waarborg de ruimte tussen het bedrijventerrein en de ontsluitende wegen van het landschap. -

Dat kan door een weg aan de voorzijde van het bedrijventerrein aan te leggen in samenhang met de toepassing van groen.

-

Dat kan door een tracé van kabels en leidingen aan de voorzijde van het bedrijventerrein onder te brengen. Dit stelt eisen aan de inrichting van de bovengrond. Zorg dat er mogelijkheden blijven voor hoger opgaand groen of grondlichamen.

-

Dat kan door watercompensatie met natuurlijke oevers en recreatieve doelen aan de voorzijde van het bedrijventerrein te realiseren. Zorg dat de vormgeving van de waterpartijen de herkenbaarheid van de verkavelingsstructuur en het slotenpatroon niet verstoort.

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

19

VOORZIJDE

3.3.3 Maak de rand groen en gebruik gebiedseigen beplanting •

Leg langs de gehele lengte van voorzijde een samenhangende groene zone aan. Gebruik daarbij gebiedseiMin. 5 keer de maximale toegestane bouwhoogte gen soorten.

•

De beplanting steekt tussen de 1 à 1,5 meter boven het maaiveld uit, zodat de gebouwen zichtbaar zijn en kleine elementen op maaiveld uit het zich ontnomen worden.

•

Zorg voor meerwaarde voor natuur en biodiversiteit door zachte overgangen en variatie in soorten.

•

Als de gevels van de gebouwen onderling sterk verschillen in vorm en kleur, wordt ook een bomenrij geplant die voor een rustig beeld zorgt van de bovenrand van het bedrijventerrein. De bomen zijn van een kleiner formaat (2e grootte) dan de bomen langs de ontsluitende wegen van het landschap.

•

De bomen en beplanting sluiten aan bij kenmerkende groenelementen van het type landschap waarin het bedrijventerrein staat. -

Kies andere en lagere groenelementen dan de bomenrijen langs de ontsluitende wegen. Zoek binnen het landschapstype naar kenmerkende groenelementen die gebieden of plekken afschermen zoals, windsingels, struweel, hagen en groene dorpsranden en zoek naar nieuwere en met meer regelmatig toegepaste groenelementen als boomsingels langs sportvelden en grondwallen en pas deze overwogen toe in de rand rond het bedrijventerrein.

Voorbeelden kenmerkende groenelementen voor de voorzijde (zie ook bijlage 1): - Laag struweel, hagen (meidoorn of esdoorn), bloemrijk grasland (op lage grondwallen), brede rietoe vers soms in combinatie met wilgen langs waterlichamen Specifiek op voor nature hoger gelegen delen zoals op Wieringen: tuunwallen.

20

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

VOORZIJDE

3.3.4 Neem de richting en oriëntatie van het landschap over •

Plaats de hoofdtoegang naar het bedrijventerrein aan de ontsluitende weg van het landschap.

•

Sluit de wegen en watergangen op het bedrijventerrein aan op de richting en ordening van de verkavelingsstructuur en het slotenpatroon.

•

Oriënteer de overige bebouwing evenwijdig of haaks op de richting als de verkavelingsstructuur en/of het slotenpatroon.

•

Oriënteer de bebouwing op de ontsluitende weg van het landschap.

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

21

VOORZIJDE

3.3.5 Zorg voor rechte rooilijnen en gebouwen die bij elkaar passen •

De voorgevel staat op een rechte en vastgestelde rooilijn evenwijdig aan ontsluitende wegen van het landschap.

Telecom

beddenboer

Bouwmarkt

•

De verschillende gebouwen hebben sterke gelijkenis en samenhang in hoogte, vorm van het volume, kleurstelling en materiaalgebruik.

•

Beperk de hoeveelheid en maat van reclame-uitingen.

Telecom

22

beddenboer

Bouwmarkt

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

Min. 5 keer de maximale toegestane bouwhoogte

VOORZIJDE

3.3.6 Plant groen op de erfgrens

Min. 5 keer de maximale toegestane bouwhoogte

•

Zorg dat een rustig beeld aan de voorzijde van bedrijven door kleine, losse elementen en opslag hier niet toe te staan en parkeren in te passen met laag groen of een haag met een hoogte van 1 à 1,5 meter boven het maaiveld.

•

Gebruik bij het toepassen van hagen gebiedseigen soorten.

•

De voorzijde van bedrijven mag sierwaarde hebben, zorg voor variatie in beplantingsoorten en draag bij aan biodiversiteit bij de toepassing van laag groen als erfscheiding (bloemrijke heesters, kruidachtige beplanting), plant op eigen terrein fruitbomen of bloem- en vrucht dragende bomen.

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

23

ACHTERZIJDE 3.4 Richtlijnen achterzijde bedrijventerrein 3.4.1 Houd ruime afstand tussen de bebouwing en de omgeving •

Houd voldoende afstand tussen de bebouwing en de kavelstructuur en/of slotenstructuur, minimaal 3 keer de maximale toegestane bouwhoogte.

Min. 3 keer de maximale toegestane bouwhoogte

•

Zorg voor een rustig beeld aan de achterzijde door kleine, losse elementen en opslag uit het zicht te nemen.

Min. 3 keer de maximale toegestane bouwhoogte

24

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

ACHTERZIJDE

3.4.2 Plaats openbare functies in de rand •

Maak een overgang naar het landschap. -

Dat kan door een tracé van kabels en leidingen aan de achterzijde van het bedrijventerrein onder te brengen. Dit stelt eisen aan de inrichting van de bovengrond. Zorg dat er mogelijkheden blijven voor hoger opgaand groen of grondlichamen.

-

Dat kan door watercompensatie met natuurlijke oevers, recreatieve en/of natuurdoelen aan de achterzijde van het bedrijventerrein te realiseren. Zorg dat de vormgeving van de waterpartijen de herkenbaarheid van de verkavelingsstructuur en het slotenpatroon niet verstoort.

Kans: Koppel onderhoudspaden aan wandelroutes in de omgeving.

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

25

ACHTERZIJDE

3.4.3 Maak de rand groen en gebruik gebiedseigen beplanting •

Leg langs de gehele lengte van de achterzijde een samenhangende groene zone aan. Gebruik daarbij gebiedseigen soorten.

•

De beplanting is dicht en steekt minimaal tussen de 5 meter boven het maaiveld uit, zodat alleen de bovenranden van gebouwen zichtbaar zijn en opslag en andere elementen op het terrein van de bedrijven uit het zich ontnomen worden.

Min. 3 keer de maximale toegestane bouwhoogte

•

De beplanting wijkt af van de bomen langs de ontsluitende wegen van het landschap, het is dichter en bij voorkeur lager.

•

Zorg voor meerwaarde voor natuur en biodiversiteit door zachte en gelede overgangen en variatie in de beplantingsoorten.

•

De bomen en beplanting sluiten aan bij kenmerkende groenelementen van het type landschap waarin het bedrijventerrein staat. -

Kies andere en lagere groenelementen dan de bomenrijen langs de ontsluitende wegen. Zoek binnen het landschapstype naar kenmerkende groenelementen die gebieden of plekken afschermen zoals, windsingels, struweel, hagen en groene dorpsranden en zoek naar nieuwere en met meer regelmatig toegepaste groenelementen als boomsingels langs sportvelden en grondwallen en pas deze overwogen toe in de rand rond het bedrijventerrein.

Voorbeelden kenmerkende groenelementen voor de achterzijde (zie ook bijlage 1): - Opgaand struweel en bosschages, overeenkomstig onderbegroeiiing van erfbeplanting in het landschapstype. - Pas bij beperkte ruimte dichte opgaande elzenhagen of geschoren windsingels toe. - Specifiek voor Wieringen en Westfriesland/omgeving Niedorp: soortenrijk geschoren windsingels. - Specifiek voor Westfriesland/omgeving Niedorp: smalle hoog opgaande windsingels (elzenhaag). - Toe te passen in de Anna Paulowa Polder-west: grondwal, smalle hoog opgaande windsingels (elzenhaag), windsingels zoals rond sportvelden.

26

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

ACHTERZIJDE

3.4.4 Neem de richting en oriëntatie van het landschap over •

Sluit de wegen en watergangen op het bedrijventerrein aan op de richting en ordening van de verkavelingsstructuur en het slotenpatroon.

•

Oriënteer de overige bebouwing evenwijdig of haaks op de richting van de verkavelingsstructuur en/of het slotenpatroon.

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

27

Vaste rooilijn

ACHTERZIJDE

3.4.5 Zorg voor rechte rooilijnen en gebouwen die bij elkaar passen •

De achterzijde heeft een rechte rooilijn, gebouwen staan hier evenwijdig aan en mogen niet over de rooilijn heen worden geplaatst.

Telecom

• •

28

Telecom

beddenboer

beddenboer

Bouwmarkt

Bouwmarkt

De verschillende gebouwen hebben sterke gelijkenis en samenhang in hoogte, vorm van het volume, kleurstelling en materiaalgebruik. Geen reclame-uitingen aan de achterzijde van het bedrijventerreinen.

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

ACHTERZIJDE

3.4.6 Plant groen op de erfgrens •

De beplanting is dicht en steekt minimaal 5 meter boven het maaiveld uit, zodat alleen de bovenranden van gebouwen zichtbaar zijn en opslag en andere elementen op het terrein van de bedrijven uit het zicht ontnomen worden.

•

De beplanting wijkt af van de bomen langs de ontsluitende wegen van het landschap, het is dichter en bij voorkeur lager.

•

Zorg voor meerwaarde voor natuur en biodiversiteit door zachte en gelede overgangen en variatie in de beplantingsoorten.

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

29

ZICHTLOCATIE

3.5 Richtlijnen zichtlocatie 3.5.1 Houd ruime afstand tussen de bebouwing en de omgeving •

Houd afstand tussen de bebouwing van het bedrijventerrein en de rijks- of provinciale weg, minimaal 8 keer de maximale bouwhoogte.

Min. 8 keer de maximale toegestane bouwhoogte

Min. 8 keer de maximale toegestane bouwhoogte

•

Maak de verkavelingsstructuur en het slotenpatroon herkenbaar tussen het bedrijventerrein en de rijks- of provinciale weg. Zorg voor een heldere en directe snijlijn met de rijks- of profinciale weg.

•

Zet gebouwgevels dicht tegen de erfgrens met een heldere groene overgang naar de rand, van het gebouw naar het landschap. Er blijft minder ruimte over voor bijvoorbeeld opslag.

•

Zorg voor een rustig beeld op zichtlocaties door kleine, losse elementen en opslag tussen de bebouwing de rijks-of provinciale weg niet toe te staan.

30

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

ZICHTLOCATIE

3.5.2 Plaats openbare functies in de rand •

Waarborg de ruimte tussen het bedrijventerrein en de ontsluitende wegen van het landschap. -

Dat kan door een weg aan de zichtzijde van het bedrijventerrein aan te brengen in samenhang met de toepassing van groen.

-

Dat kan door een tracé van kabels en leidingen op zichtlocaties van het bedrijventerrein onder te brengen. Dit stelt eisen aan de inrichting van de bovengrond. Zorg dat er mogelijkheden blijven voor hoger opgaand groen of grondlichamen.

-

Dat kan door watercompensatie met natuurlijke oevers en recreatieve doelen op zichtlocaties van het bedrijventerrein te realiseren. Zorg dat de vormgeving van de waterpartijen de herkenbaarheid van de verkavelingsstructuur en het slotenpatroon niet verstoort.

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

31

ZICHTLOCATIE

3.5.3 Maak de rand groen en gebruik gebiedseigen beplanting •

Leg langs de gehele lengte van de zichtlocatie een samenhangende groene zone aan. Gebruik daarbij gebiedseigen soorten.

•

De beplanting steekt tussen de 1 à 1,5 meter boven het maaiveld uit, zodat de gebouwen zichtbaar zijn en kleine elementen op maaiveld uit het zich ontnomen worden.

•

Zorg voor meerwaarde voor natuur en biodiversiteit door zachte overgangen en variatie in soorten.

•

Als de gevels van de gebouwen onderling sterk verschillen in vorm en kleur, wordt ook een bomenrij geplant die voor een rustig beeld zorgt van de bovenrand van het bedrijventerrein. De bomen zijn van een kleiner formaat (2e grootte) dan de bomen langs de ontsluitende wegen van het landschap.

•

Vul bij beperkte ruimte of inpassingsmogelijkheden de groenstructuur van de rijks- of provinciale wegen aan, bijvoorbeeld door extra bomenrijen, een haag of onderbeplanting.

•

De bomen en beplanting sluiten aan bij kenmerkende groenelementen van het type landschap waarin het bedrijventerrein staat - Kies andere en lagere groenelementen dan de bomenrijen langs de ontsluitende wegen. - Zoek binnen het landschapstype naar kenmerkende groenelementen die gebieden of plekken afschermen zoals, windsingels, struweel, hagen en groene dorpsranden en zoek naar nieuwere en met meer regelmatig toegepaste groenelementen als boomsingels langs sportvelden en grondwallen en pas deze overwogen toe in de rand rond het bedrijventerrein: Voorbeelden kenmerkende groenelementen voor een zichtlocatie (zie ook bijlage 1): - Laag struweel, hagen (meidoorn of esdoorn), bloemrijk grasland (op lage grondwallen), brede rietoevers soms in combinatie met wilgen langs waterlichamen, - Specifiek op voor nature hoger gelegen delen zoals op Wieringen: tuunwallen.

32

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

ZICHTLOCATIE

3.5.4 Neem de richting en oriëntatie van het landschap over •

Sluit de wegen en watergangen op het bedrijventerrein aan op de richting en ordening van de verkavelingsstructuur en het slotenpatroon.

•

Oriënteer de bebouwing op de rijks- of provinciale weg.

•

Oriënteer de overige bebouwing evenwijdig of haaks op de richting als de verkavelingsstructuur en/of het slotenpatroon.

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

33

ZICHTLOCATIE

3.5.5 Zorg voor rechte rooilijnen en gebouwen die bij elkaar passen •

De voorgevel staat op een rechte en vastgestelde rooilijn evenwijdig aan of haaks op het verkavelingsstructuur en/of het slotenpatroon.

Media Markt

Media Markt •

beddenreus

Praxis

Praxis

De verschillende gebouwen hebben sterke gelijkenis en samenhang in hoogte, vorm van het volume, kleurstelling en materiaalgebruik.

Telecom

34

beddenreus

beddenboer

Bouwmarkt

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

ZICHTLOCATIE

3.5.6 Plant groen op de erfgrens •

Zorg dat een rustig beeld op zichtlocaties van bedrijven door kleine, losse elementen en opslag hier niet toe te staan of uit het zicht te ontnemen en in te passen met laag groen of een haag met een hoogte van 1 à 1,5 meter boven het maaiveld.

•

Gebruik bij het toepassen van hagen gebiedseigen soorten.

•

De zichtlocatie van bedrijven mag sierwaarde hebben, zorg voor variatie in beplantingsoorten en draag bij aan biodiversiteit bij de toepassing van laag groen als erfscheiding (bloemrijke heesters, kruidachtige beplanting), plant op eigen terrein fruitbomen of bloem- en vruchtdragende bomen.

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

35

BIJLAGE 1. GROENELEMENTEN HOLLANDS KROON Voorzijde • Laag struweel, hagen (meidoorn of esdoorn), bloemrijk grasland (op lage grondwallen), brede rietoevers soms in combinatie met wilgen langs waterlichamen. • Fruitbomen en sierbomen (Veldesdoorn of Meidoorn)

Laag stuweel In de middenberm van N245 Schagen

Hagen (Meidoorn of Esdoorn) Langs de N249, ‘t Zand

Bloemrijk grasland (op lage grondwallen) Schervenweg 22, Wieringerwerf

Brede rietoevers, soms in combinatie met wilgen Rand van Winkelerzand aan de Bosstraat

Fruitbomen en sierbomen (Veldesdoorn of Meidoorn) de Lange Ring 18, Anna Paulowna

36

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

Specifiek voor het voormalig eiland Wieringen • Tuunwallenn, soortenrijke geschoren windsingels

Tuunwallen Op het eiland Wieringen

Soortenrijk geschoren windsingels Aan beide zijden van de Hollebalgweg

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

37

Achterziijde • Opgaand struweel en bosschages, overeenkomstig onderbegroeiiing van erfbeplanting in het landschapstype. • Pas bij beperkte ruimte dichte opgaande Elzenhagen of geschoren windsingels toe. Opgaand stuweel In de middenberm van N245 Schagen

Bossages Langs de Hartweg in Winkel

Brede watergang met rietpartijen Rand van Winkelerzand aan het kanaal

Dichte opgaande Elzenhagen Erfafscheiding van boerderij, aan de Kneeskade 3

Geschoren windsingels Industrieweg, Middenmeer

38

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

Soortenrijke windsingels Aan de rand van bedrijventerrein Lagedijk in Schagen

Grondwal Gebruikt op bedrijventerrein Kooyhaven

Windsingels rond sportvelden SV Kleine Sluis Complex, te zien vanaf de Randweg

Soortenrijk geschoren windsingels Aan beide zijden van de Hollebalgweg

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

39

Zichtzijde • Laag struweel, hagen (meidoorn of esdoorn), bloemrijk grasland (op lage grondwallen), brede rietoevers soms in combinatie met wilgen langs waterlichamen, Stuweel In de middenberm van N245 Schagen

Brede watergang met rietpartijen Rand van Winkelerzand aan de Bosstraat

Specifiek op voor nature hoger gelegen delen zoals op Wieringen: • Tuunwallen Tuunwallen Op het eiland Wieringen

40

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

Landschappelijke inpassing bedrijventerreinen gemeente Hollands Kroon - Deel 1 - Hoofdregels en richtlijnen

41

42

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=HollandsKroon&id=95c56eea-45a4-4f96-91e9-6bdc34919fce