CConstaterende datHofvantwente
Koppel je AI →
Document · PDF

Toelichting en bijlage Reglement van Orde 2025.pdf

Gemeenteraad 1 april 2025, gemeente HofvantwenteBij agendapunt: 10: Reglement van orde raad Hof van Twente 202511.827 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

3 alinea's met “bijeenkomst”: 82 85 86

Er is geen verplichting om de wensen of bedenkingen ook daadwerkelijk in het voorstel te verwerken. Artikel 34. Collegevoorstel Artikel 34 heeft betrekking op het agenderingsrecht van de raad. De raad is de enige die een voorstel voor een verordening of een ander voorstel dat het college heeft voorbereid kan agenderen. Als het college het voorstel heeft voorbereid, betekent dit niet dat het college het door hen voorbereide voorstel kan intrekken indien het college van oordeel is dat verdere behandeling van het voorstel niet wenselijk is (bijvoorbeeld omdat zij een voorstel willen wijzigen). De raad moet hier toestemming voor geven (eerste lid). Indien de raad van oordeel is dat een voorstel voor een verordening of een ander voorstel niet voldoende is voorbereid, kan de raad het voorstel voor een verordening of een ander voorstel op grond van het tweede lid nogmaals voor advies aan het college zenden. De raad kan het college

898073 / 01 april 2025

Toelichting en bijlagen bij RVO gemeenteraad Hof van Twente 2025 bijvoorbeeld verzoeken het voorstel voor een verordening of ander voorstel nader te onderbouwen. De raad bepaalt echter wanneer het voorstel voor een verordening of ander voorstel, dat door het college verder voorbereid is, opnieuw wordt behandeld. De raad kan dit in dezelfde raadsvergadering regelen, maar de raad kan dit ook aan de agendacommissie overlaten. Artikel 35. Interpellatie Artikel 35 stelt nadere regels bij artikel 155, tweede lid, van de wet. Het interpellatierecht ligt in het verlengde van het mondelinge vragenrecht en is een zwaarder instrument. Het gaat om het recht van een volksvertegenwoordiger om tijdens een vergadering over een niet geagendeerd onderwerp inlichtingen aan het college of de burgemeester te vragen. Daarvoor is verlof van de raad nodig, omdat de vergaderorde wordt doorbroken. Artikel 36. Schriftelijke vragen Het vragenrecht stelt de leden van de raad in staat informatie te vragen over aangelegenheden die tot de bevoegdheid van het college of de burgemeester behoren. Het karakter van deze vragen is primair van informatieve strekking. Op grond van deze bepaling kan een raadslid schriftelijke vragen stellen aan het college of de burgemeester, al naar gelang wie verantwoordelijk is.

Deze dient de vragensteller gemotiveerd in kennis te stellen indien de beantwoording niet binnen de gestelde termijnen kan plaatsvinden. Niet de voorzitter, maar het college of de burgemeester geeft daarom het schriftelijke antwoord. In de praktijk zal een schriftelijk antwoord van het college vaak door de desbetreffende portefeuillehouder gegeven worden (artikel 168 van de wet). Zowel de vra(a)g(en) als de beantwoording daarvan wordt gedeeld met de pers. De raad kan oordelen dat het bijvoorbeeld wenselijk is dat de verantwoordelijke portefeuillehouder of de burgemeester in de raadsvergadering e.e.a. komt toelichten en nadere vragen komt beantwoorden. Om die reden is in het zesde lid ingevoegd dat de raad anders kan beslissen. In de hier aangegeven procedure wordt de vragensteller in de gelegenheid gesteld nadere inlichtingen over het antwoord te vragen aan degene die het antwoord heeft gegeven. Indien de vragensteller van mening is dat de beantwoording van de vragen tot een besluit van de raad moet leiden, kan hij het recht van initiatief of het interpellatierecht benutten om het onderwerp of het voorstel op de agenda van de raad te krijgen. Artikel 37. Inlichtingen In artikel 37 wordt een procedurele uitwerking gegeven van de inlichtingenplicht die het college en de burgemeester hebben ten opzichte van de raad.

De passieve inlichtingenplicht als bedoeld in artikel 169, derde lid, van de wet is de klassieke informatieplicht die het college opdraagt de door de raad gevraagde inlichtingen te verstrekken, tenzij het openbare belang zich daartegen verzet. Dit recht om inlichtingen te vragen komt eveneens toe aan individuele raadsleden. Daarmee wordt voorkomen dat een raadsmeerderheid om (partij)politieke redenen belemmeringen opwerpt tegen het vragen van inlichtingen door een raadslid of raadsminderheid. Wel kan de raad via het reglement van orde op grond van doelmatigheidsoverwegingen een zekere ordening aanbrengen in de wijze waarop het inlichtingenrecht wordt uitgeoefend. De raad gaat immers over de agenda en de vergaderorde. De weigeringsgrond ‘strijd met het openbaar belang’ is, zo blijkt uit de bewoordingen van artikel 169 van de wet, wettelijk objectief en algemeen omschreven. Het moet dan gaan om zwaarwegende belangen. In de praktijk bestaan verschillende wettelijke en politieke figuren om als de raad en het college met elkaar te communiceren buiten de openbaarheid. De openbaarheid van stukken en vergaderingen bijvoorbeeld kan al dan niet tijdelijk worden opgeheven. Vervolgens kent de wet een algemene actieve inlichtingenplicht.

Artikel 169, tweede lid, van de wet verplicht het college uit eigen beweging de raad alle inlichtingen te verstrekken die de raad nodig heeft voor de uitoefening van zijn taak. Het college moet permanent nagaan welke informatie de raad behoeft voor een goede taakvervulling. Hier liggen grote politieke risico’s als de raad het college in het ongewisse laat over de aard en omvang van de gewenste informatie. In het geval dat raad en college daarover geen afspraken maken is de kans groot dat het college de raad veiligheidshalve overstelpt met papier. Van controleren komt dan weinig terecht. Dezelfde risico’s doen zich voor met betrekking tot een tweede actieve, meer specifieke inlichtingenplicht. Artikel 169, vierde lid, van de wet verplicht het college de raad vooraf te informeren

898073 / 01 april 2025

Toelichting en bijlagen bij RVO gemeenteraad Hof van Twente 2025 over de voorgenomen uitoefening van een gemeentewettelijke bestuursbevoegdheid als bedoeld in artikel 160, eerste lid, onder e, f, g en h, van de wet indien de toepassing daarvan ingrijpende gevolgen kan hebben voor de gemeente of indien de raad daarom verzoekt. Het college mag dan niet eerder een besluit nemen dan nadat de raad in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen naar voren te brengen. De term ‘ingrijpend’ is in de wet niet nader omschreven. De raad en het college dienen, op basis van de situatie in de eigen gemeente, tot een afbakening te komen. De wetgever heeft destijds het oog gehad op substantiële financiële gevolgen van privaatrechtelijke overeenkomsten. De raad en het college moeten hier derhalve zelf een modus in vinden. Artikel 38. Vragenhalfuur Deze bepaling vormt een invulling van artikel 155, eerste lid, van de wet met betrekking tot het vragenrecht Bewust is er gekozen voor een algemene regeling van het vragenhalfuur. Veelal fungeert de rondvraag in de raadsvergadering als een mogelijkheid tot het stellen van vragen. In een dualistisch stelsel is het echter niet meer vanzelfsprekend dat de ter zake kundige wethouder aanwezig is. De rondvraag maakt geen deel meer uit van de vergadering.

Om die reden en omdat het de herkenbaarheid van de controlerende taak van de raad ten goede komt, kan hiervoor een aparte gelegenheid gecreëerd worden. De drempel om vragen te stellen wordt verlaagd en de mediaaandacht voor de lokale politiek kan worden vergroot. In het vragenuur krijgt de raad de mogelijkheid over vooraf ingebrachte onderwerpen (leden van) het college aan de tand te voelen. Het karakter van het vragenuur verschilt dan ook van het recht van interpellatie. Het recht van interpellatie heeft als instrument een zwaarder politiek karakter. Leden van de raad kunnen aan het college inlichtingen vragen over het door hem gevoerde bestuur, voor zover dat niet bij geagendeerde onderwerpen aan de orde komt. Raadsleden vragen daarmee leden van het college zich te verantwoorden voor het door hen gevoerde bestuur. Het vragenuur kan bijvoorbeeld voorafgaand aan de raadsvergadering worden gehouden. Wel is het voor de herkenbaarheid voor de inwoners raadzaam om het vragenuur op een vast tijdstip te houden. In het tweede lid is een aanmeldingstermijn voor vragen opgenomen vanwege het feit dat de wethouders moeten worden uitgenodigd om antwoord te kunnen geven op de vragen van de raadsleden. Het tijdstip waarop de vragen uiterlijk bij de griffie moeten zijn ingediend is opgenomen om het college voldoende tijd te geven om de vragen goed te kunnen beantwoorden. Artikel 39 en 40.

Informerende en beeldvormende bijeenkomsten De raad kan informerende- of.beeldvormende bijeenkomsten beleggen waarbij raadsleden èn inwoners welkom zijn. Deze laagdrempelige bijeenkomsten passen in de beeldvormende fase. De fracties nemen nog geen standpunten in, maar nemen informatie op en wisselen die uit. Zo bereiden de gemeenteraadsleden raadsvergaderingen voor. Op deze bijeenkomsten kunnen presentaties verzorgd worden door het college, de raad, externen (deskundigen bijvoorbeeld) of inwoners. Aan de hand van de raadsplanning kunnen het presidium en/of de raad een keuze maken of en zo ja, wanneer, zij het instrument van een informatieve- of beeldvormende bijeenkomst willen inzetten. De lange termijn agenda (LTA) is daarvoor een goed hulpmiddel. Het college kan daarin ook een advies geven. Een informatieve- of beeldvormende bijeenkomst draagt bij aan de beeldvorming bij raadsleden. In deze beeldvormende fase kan een informatieve- of beeldvormende bijeenkomst raadsleden in positie brengen in de meningvormende behandeling van een onderwerp tijdens een raadsvergadering. De informatie is voor een breed publiek toegankelijk. Uitgangspunt is dat de bijeenkomsten openbaar zijn; inwoners kunnen daardoor direct geïnformeerd worden over gemeentelijke ontwikkelingen. De ‘politiek’ is op deze wijze laagdrempelig voor iedere inwoner.

Verzoeken voor een beeldvormende raad worden bij aanvang van het politieke jaar door het seniorenconvent beoordeeld. Een verzoek voor een beeldvormende raad wordt schriftelijke ingediend. Hiervoor moet een zogenoemd ‘startdocument beeldvormende raadsvergadering’ worden aangeleverd. Na een keuze te hebben gemaakt voor een tweetal onderwerpen, wordt het presidium verzocht deze in te plannen.

898073 / 01 april 2025

Toelichting en bijlagen bij RVO gemeenteraad Hof van Twente 2025 De gemeenteraad vergadert doorgaans om de drie weken op dinsdag. De woensdagavonden na een raadsvergadering buiten de recesweken om, zijn beschikbaar voor de informerende of beeldvormende bijeenkomsten. Informerende- of beeldvormende bijeenkomsten zijn niet aan één vergaderlocatie (het gemeentehuis) gebonden. Ook elders kunnen de vergaderingen belegd worden. De raad organiseert een beeldvormende bijeenkomst als tenminste een vijfde van het aantal leden waaruit de raad bestaat schriftelijk, met opgave van redenen, daarom verzoekt. Het presidium wordt verzocht een geschikte datum voor de beeldvormende bijeenkomst in te plannen. Voor wat betreft het aantal leden dat verzoekt om een beeldvormende raadsvergadering, is aansluiting gezocht bij artikel 17, lid 2 van de gemeentewet die bepaald dat als tenminste een vijfde van het aantal leden waaruit de raad bestaat de raad voor een vergadering bijeen zal komen. Voor een beeldvormende raad geldt dat dat er ten hoogste 2 beeldvormende raden per politiek jaar worden georganiseerd. De reden hiervoor is dat een beeldvormende raad relatief veel tijd kost om te organiseren. De griffie zou anders onevenredig belast kunnen worden met de organisatie van beeldvormende raden.

Raadsleden en inwoners kunnen door de informele opstelling tijdens de bijeenkomsten gemakkelijker in contact met elkaar komen. Zij kunnen aan het college, aan de ambtelijke ondersteuning en aan elkaar vragen stellen. College en ambtelijke ondersteuning kunnen hun presentaties of toelichting op voorstellen verzorgen. Raadsleden en andere bezoekers hun (technische) vragen stellen aan het college, de ambtelijke ondersteuning of aan een raadslid. Voor bepaalde informatieve- of beeldvormende bijeenkomsten kunnen gericht inwoners, verenigingen, instellingen, organisaties en ondernemers uitnodigt worden om een actieve bijdrage aan een discussie te leveren en op die manier aan de beeldvorming van de gemeenteraad bij te dragen. Voor degenen die actief worden uitgenodigd ook vooraf helder zijn wat hun rol en hun bijdrage is. Voorkomen moet worden dat informatieve of beeldvormende bijeenkomsten een platform worden voor ressentimenten vanuit de samenleving. Bij politiek en maatschappelijk gevoelige onderwerpen zouden inwoners, organisaties of instellingen de informatieve of beeldvormende bijeenkomsten kunnen benutten om hun ongenoegen of anderszins te uiten. Dat is niet de bedoeling. De voorzitter kan dan op grond van de verordening de vergaderorde handhaven. Artikel 42. Voorzitter informerende en beeldvormende bijeenkomst Dit artikel behoeft geen toelichting. Artikel 43.

Lidmaatschap van andere organisaties Leden van de raad (of in voorkomende gevallen de burgemeester, een wethouder of de gemeentesecretaris), die lid zijn van een algemeen bestuur van een gemeenschappelijke regeling, verrichten aldaar hun taak zowel als leden van dat bestuur en als vertegenwoordiger van en in naam van de gemeente. Voor de wijze, waarop zij in het bestuur van de gemeenschappelijke regeling functioneren, zijn zij verantwoording verschuldigd aan de raad die hen heeft aangewezen. Artikel 44. Uitleg reglement Dit artikel behoeft geen toelichting. Artikel 45. Intrekking oude reglement Dit artikel behoeft geen toelichting. Artikel 46. Inwerkingtreding en citeertitel Dit artikel behoeft geen toelichting.

898073 / 01 april 2025

Toelichting en bijlagen bij RVO gemeenteraad Hof van Twente 2025 Bijlage I Gedragscode onderlinge omgang gemeenteraad Hof van Twente 2023 1. Respect 1.1. Behandel elkaar in en buiten de raad met respect. Geen denigrerende opmerkingen, afkeurende lichaamstaal of duidelijke desinteresse voor degene die een bijdrage levert. 1.2. Reageer op inhoud en niet op de persoon. Adresseer in de raad de fractie en niet de woordvoerder bij naam: hij/zij spreekt namens de fractie! 1.3. Bij een controverse tussen raadsleden: spreek elkaar er persoonlijk op aan, bij voorkeur mondeling of via de telefoon. Geen mails hierover naar alle raadsleden. 2. Media 2.1. Onafhankelijk verslag raadsvergaderingen. Alle fractievoorzitters zijn voor een dergelijk verslag in tenminste het Hofweekblad. Het kan de interesse van de inwoners vergroten en geeft context aan persberichten fracties. 2.2. Persberichten fracties. Persberichten van fracties vallen onder de vrijheid van meningsuiting. Daarbij worden de volgende spelregels in acht genomen: • Ga uit van eigen kracht, niet afzetten tegen andere fracties. • Geen verwijzingen naar personen, niet direct en niet indirect. • Twijfels uiten op basis van geconstateerde feiten/uitspraken mag, maar geef geen eigen interpretatie van hoe een andere partij eventueel zou kunnen reageren.

• Reactie op een persbericht mag uiteraard, maar bedenk vooraf hoe dit op een inwoner overkomt. • Blijf positief en constructief, versterk daarmee het vertrouwen in de politiek. 2.3. Mailverkeer • Denk na aan wie je de boodschap wil verzenden, pas op voor reply to all! • Zorg dat het mailonderwerp overeenkomt met je boodschap. • Houd je boodschap kort en krachtig en ‘to the point’. • Geen discussies via de mail. 3. Diversen 3.1. Onveilig gevoel. • Hoewel niet alle fracties dit herkennen is vaak voor nieuwe raadsleden dit wel een belangrijk punt. Respect voor elkaar draagt bij tot een veilig(er) gevoel. Zie punt 1. 3.2. Uitsluiting • Uitsluiting (raadsleden of fracties die niet meer met elkaar willen communiceren) willen we als raad niet accepteren. • Blijf met elkaar in gesprek, desnoods met behulp van een onafhankelijke mediator. 3.3. Vertrouwelijkheid seniorenconvent • Het seniorenconvent is een gremium waarin vertrouwelijke informatie wordt uitgewisseld. Tenzij dit uitdrukkelijk in het seniorenconvent zelf wordt aangegeven, is informatie uit het seniorenconvent niet voor anderen bestemd. 4. Vertrouwen in de politiek Alle bovengenoemde spelregels zullen bijdragen bij om het vertrouwen in de politiek te herstellen. Met name fractievoorzitters hebben een voorbeeldfunctie en moeten dit ook uitdragen bij hun fractieleden.

Optreden in de raad en media zijn van invloed op het vertrouwen in de politiek.

898073 / 01 april 2025

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hofvantwente.nl/api/v1/meetings/4172/documents/58165