Preventie- en handhavingsplan Alcohol en Middelen versie 1.0 20231113.pdf
Tekst van het document
Naar een Verantwoord Alcohol en Middelengebruik Preventie en Handhavingsplan
Gemeente Hof van Twente / Naar een Verantwoord Alcohol en Middelengebruik / versie 0.5 20231107
Inhoud
1. Inleiding..............................................................................................................................................3 1.1 Waarom dit plan...........................................................................................................................3 1.2 Voor wie is dit plan: doelgroep.....................................................................................................3 1.3 Nationaal Preventieakkoord Alcohol............................................................................................4 1.4 Samenwerkingspartners...............................................................................................................4 2. Probleemanalyse...............................................................................................................................5 2.1. De Schadelijkheid van alcohol....................................................................................................5 2.2. Alcoholgebruik onder jongeren en jongvolwassenen..................................................................5 2.3 Ouders..........................................................................................................................................7 2.4.
Naleving.......................................................................................................................................8 2.5. Informatie van samenwerkingspartners......................................................................................8 2.6. Samenvatting.............................................................................................................................10 3. Ambitie en doelstellingen.................................................................................................................12 3.1 Ambitie........................................................................................................................................12 3.2. Doelstellingen afname gebruik onder de 18 jaar.......................................................................12 3.3. Doelstellingen verbeterde naleving...........................................................................................13 3.4. Overige doelstellingen...............................................................................................................13 4. Uitgangspunten voor beleid.............................................................................................................14 4.1. Community building...................................................................................................................14 4.2.
Omgevingsbenadering..............................................................................................................14 4.3. Integrale beleidsvisie.................................................................................................................14 4.4 Opgroeien in een kansrijke omgeving: het IJslands Preventiemodel als uitgangspunt.............14 5. Activiteiten........................................................................................................................................16 5.1. Regelgeving...............................................................................................................................16 5.2. Toezicht en handhaving............................................................................................................18 5.3. Preventie: bestaande activiteiten worden voortgezet en uitgebreid..........................................18 5.4. Lange termijn aanpak: Opgroeien in een Kansrijke Omgeving (OKO)......................................20 6.
Financiële paragraaf........................................................................................................................22 6.1 Regulier beleid binnen reguliere middelen.................................................................................22 6.2 Extra inspanning met extra investering......................................................................................22 6.3 Dekking kosten binnen reguliere middelen GALA en Themanotities.........................................23 7. Samenwerking, uitvoering en evaluatie...........................................................................................24 7.1 Samenwerking met externe partners.........................................................................................24 2
7.2 Organisatie en uitvoering...........................................................................................................24 7.3. Evaluatie....................................................................................................................................24 Bijlage 1: Het probleem van middelengebruik bij jongeren..................................................................25 Bijlage 2: Naleving leeftijdsgrensdoor verkooppunten.........................................................................27 Literatuur en bronnen...........................................................................................................................28
1. Inleiding 1.1
Waarom dit plan
Dit Handhavings-en Preventieplan Alcohol en Middelengebruik is de opvolger van het Preventieplan Alcohol en Middelengebruik 2018 – 2022 dat door de Gemeenteraad Hof van Twente is vastgesteld in 2018. Ook toen al met een vergelijkbare ambitie namelijk het voorkomen van gebruik en problematisch gebruik onder jongeren en jongvolwassen. Een onderwerp dat ook aandacht heeft gekregen de afgelopen jaren in de uitwerking van het visiedocument de Gezonde Verbinding (2018/2019). Hof van Twente vindt het belangrijk om (preventief) te werken aan de gezondheid van haar inwoners. Dit doen we vanuit de visie op het sociaal domein De Gezonde Verbinding via 4 themalijnen: kansrijk opgroeien, iedereen doet mee, Gezonde Leefstijl en vitaal ouder worden. Binnen het thema Gezonde Leefstijl werken we aan een drietal programma’s: Gezonde Leefstijl, Gezonde Leefomgeving en Terugdringen Middelengebruik. Grotendeels worden deze uitgevoerd met samenwerkende partners in het zogenaamde lokaal preventie akkoord. Het programma Terugdringen Middelengebruik is voor een belangrijk deel gelijk aan het preventieve deel van dit beleidsplan. De afgelopen jaren is gebouwd aan een netwerksamenwerking met de op dit terrein relevante partners. Deze samenwerking is essentieel om resultaten te behalen op dit belangrijke onderwerp.
Het is zaak deze samenwerking vast te houden en uit te bouwen want we hebben als gemeenschap en als gemeente iets te doen. Het alcoholgebruik onder (met name) jongeren in onze gemeente is hoog. Alcohol heeft sterk negatieve gevolgen voor de fysieke en mentale gezondheid. Met dit Preventie en handhavingsplan geven we ook invulling aan een belangrijke wettelijke taak (artikel 43a) in de uitvoering van de Alcoholwet (tot 1 juli 2021 de Drank- en Horecawet, DHW). De Alcoholwet is een bijzondere wet die de verstrekking van alcoholhoudende dranken regelt en onze jeugd beschermt tegen de negatieve effecten van alcohol op gezondheid en veiligheid. Een van de verplichtingen die de wet oplegt is het opstellen van een preventie- en handhavingsplan, met name gericht op jongeren. In het plan worden de doelstellingen, de activiteiten op het gebied van preventie en handhaving en te behalen resultaten neergelegd.
1.2
Voor wie is dit plan: doelgroep
De doelgroep van dit P&H-plan betreft jongeren van 12 tot en met 24 jaar. Het gebruik van alcohol, drugs en tabak is voor jongeren in deze leeftijd extra schadelijk. Dit belemmert namelijk de ontwikkeling van het brein (zie bijlage 1). Het accent ligt op de jeugd tot en met 18 jaar. Hier liggen de meeste kansen voor gedragsverandering. Omdat alcoholgebruik het meest geaccepteerd is in onze samenleving, leggen we het accent op het thema alcohol. Daar is het meest te doen. Dit neemt niet weg dat wij drugs- en andere verslavingen ook zo veel mogelijk koppelen aan activiteiten uit dit actieplan waarbij dit passend is. Echter, de problematiek rondom drugs is minder grijpbaar, minder cultureel geaccepteerd en in absolute zin minder voorkomend. Het bredere en overkoepelende perspectief is de mentale gezondheid van onze jongeren, nu en toekomstige generaties.
3
1.3
Nationaal Preventieakkoord Alcohol
In dit Preventie- en handhavingsplan sluiten wij zoveel als mogelijk aan op de doelstellingen van het Nationaal Preventieakkoord. In dit akkoord, dat in 2018 door meer dan 70 partijen is afgesloten, is preventie van problematisch1 alcoholgebruik een van de drie speerpunten, naast preventie van roken en overgewicht. Een veelheid aan organisaties en maatschappelijke partners waaronder bedrijfsleven, sportorganisaties en onderwijsinstellingen verbond zich met het Akkoord aan het terugdringen van problematisch alcoholgebruik in 2040. Voor jongeren onder de 18 jaar zijn specifieke doelstellingen opgenomen. Zo moet het aantal 12-16 jarigen dat ooit gedronken heeft afnemen van 45% naar 25% in 2040 (Nationaal Preventieakkoord, 2020). Uiteindelijk is het landelijke doel om te komen tot 0% alcoholgebruik onder de 18 jaar en een naleving van de leeftijdsgrens door verstrekkers van 100%. De gemeente levert met haar maatschappelijke partners en inwoners graag haar bijdrage aan het realiseren van deze doelstellingen.
1.4
Samenwerkingspartners
Dit Preventie- en handhavingsplan is tot stand gekomen in samenwerking met verschillende partners die zijn verenigd in de werkgroep alcohol en middelengebruik. Het gaat om: Coördinator Preventieakkoord Salut Preventiemedewerker Tactus Medewerker Halt Adviseur gezondheidsbevordering GGD Jongerenwerker Salut (Jeugd-) Politie Beleidsmedewerker sociaal domein Gemeente Leerplichtambtenaar Gemeente Beleidsadviseur openbare orde en veiligheid Gemeente Procesregisseur zorg en veiligheid Gemeente (Jeugd) Daar waar relevante partners zoals horeca ondernemers en sportverenigingen bij de totstandkoming van dit plan niet of beperkt betrokken zijn, zal dit in de verdere uitwerking zeker gebeuren. De gemeente heeft een coördinerende en deels uitvoerende rol. Het is echter klip en klaar dat wij met een veelheid van partners moeten samenwerken om de doelen op dit terrein te bereiken.
1
In het NPA wordt onder problematisch alcoholgebruik verstaan: Al het alcoholgebruik door jongeren onder de 18 jaar, drinken door zwangere vrouwen, overmatig drinken, zwaar drinken, regelmatig bingedrinken, een drinkpatroon dat leidt tot lichamelijke klachten en/of psychische of sociale problemen en dat een adequate aanpak van bestaande problemen verhindert.
4
2. Probleemanalyse Dit hoofdstuk beschrijft de stand van zaken met betrekking tot alcoholgebruik onder jongeren en jongvolwassenen. We leggen in paragraaf 2.1 uit wat het effect van alcohol is. In paragraaf 2.2 staat de belangrijkste informatie over gebruik van alcohol door jongeren (scholieren) en jongvolwassenen. In paragraaf 2.3. wordt de rol van ouders besproken. Paragraaf 2.4. bevat informatie over de naleving van de alcoholwetgeving door verstrekkers van alcohol. In paragraaf 2.5 kijken we terug op de inspanningen die de afgelopen jaren zijn verricht en geven we informatie van onze samenwerkingspartners. We sluiten in paragraaf 2.5 af met een conclusie.
2.1.
De Schadelijkheid van alcohol
Het is niet zonder reden dat de gemeente haar jeugdige inwoners wil beschermen tegen de schadelijke gevolgen van alcohol. Er is steeds meer kennis over deze schadelijkheid. Deze kennis is nog niet bij iedereen goed bekend (Schouten e.a., 2020). Alcoholgebruik gaat gepaard met tal van fysieke, mentale en maatschappelijke problemen (Expertisecentrum Alcohol, 2020). De mate van schade is grotendeels dosis-gerelateerd: hoe meer alcohol, hoe meer schade. Er is eigenlijk geen veilige ondergrens. Licht en matig alcoholgebruik worden al in verband gebracht met onder meer hartritmestoornissen en diverse soorten kanker. Zwaar drinken is gerelateerd aan een hoger risico op acute schade door alcohol, zoals alcoholvergiftiging en verkeersongevallen, en geeft een verhoogde kans op hersenschade. Overmatig drinken brengt bovendien een grotere kans op verslaving en op schade aan de organen met zich mee. Naast lichamelijk gevolgen heeft alcoholgebruik invloed op het psychisch functioneren; depressie, angstklachten en suïcide zijn gerelateerd aan regelmatig dronken zijn en/of aan problematisch alcoholgebruik. Huiselijk geweld, agressie, uitgaansgeweld en vandalisme worden vaak onder invloed van alcohol gepleegd. In gezinnen waar alcoholgebruik door de ouders problematisch is, worden de problemen vaak van generatie op generatie doorgegeven.
Voor jongeren zijn de risico’s van alcoholgebruik groter dan voor volwassenen (Expertisecentrum Alcohol, 2020). Niet alleen zijn de acute gevolgen voor hen vaak ernstiger – zij raken bijvoorbeeld eerder bewusteloos en kunnen onder invloed over hun seksuele grenzen heen gaan – maar ook heeft drinken op jonge leeftijd gevolgen voor de lange termijn. Denk aan verstoring van de hersenontwikkeling (die tot het 24e jaar doorloopt) en een grotere kans op verslavingsproblemen. Agressief, asociaal en delinquent gedrag komt bovendien vaker voor bij jongeren die drinken dan bij hun niet drinkende leeftijdgenoten. Bij jongvolwassenen kunnen (de gevolgen van) alcoholgebruik verder leiden tot kort- en langduriger verzuim, studievertraging, afname van de studieprestaties en studie-uitval.
2.2.
Alcoholgebruik onder jongeren en jongvolwassenen
Landelijke cijfers In de groep 12- tot en met 16-jarigen was tussen 2003 en 2015 een afname zichtbaar in het alcoholgebruik: van ongeveer 70% naar 25%. Vanaf 2015 echter, is de afname van het alcoholgebruik gestagneerd. In zowel 2015, 2017 als 2019 bleef ongeveer een kwart (25%) van de 12- tot en met 16 jarige scholieren maandelijks alcohol drinken. Ook binge drinken en dronkenschap zijn sinds 2015 niet verder afgenomen (Rombouts e.a., 2020). Van de scholieren die in de maand voorafgaand aan het onderzoek dronken, heeft bijna drie op de vier bij één gelegenheid vijf of meer glazen alcohol gedronken. Het binge drinken in de afgelopen 5
maand neemt sterk toe tussen de 13 en 14 jaar: van 4,6% bij de 13-jarigen naar 18% onder de 14jarigen). Onder de 16-jarigen drinkt één op de vijf (19%) 5-10 glazen alcohol in het weekend. Jongens en scholieren van het vmbo-b en vmbo-t drinken vaker dan hun leeftijdgenoten (Rombouts e.a, 2020a). Binnen het speciaal onderwijs is het alcoholgebruik onder leerlingen van cluster 4 scholen (gedrags- of ontwikkelingsstoornissen en psychiatrische problemen) vergelijkbaar met VMBO-b; in cluster 3 (LVB) ligt het alcoholgebruik lager dan in het reguliere onderwijs (Rombouts e.a, 2020b). Sommige groepen jongeren (en jongvolwassenen) zijn extra kwetsbaar en lopen daardoor een groter risico op problematisch alcoholgebruik. Het gaat bijvoorbeeld om kinderen van ouders met een verslaving of psychische problematiek en kinderen met een licht verstandelijke beperking (Expertisecentrum Alcohol, 2020). Er zijn verschillende onderzoeken die informatie geven over het drinkgedrag van jongvolwassenen of van subgroepen daarbinnen:
Gekeken naar de totale volwassen bevolking valt op dat schadelijk gebruik van alcohol het meest voorkomt in de leeftijdsgroep 20-29 jaar (NDM, 2022, peiljaar 2020). De meerderheid van de mbo- en hbo-studenten drinkt en ruim 70 procent doet dat regelmatig (van Dorsselaer e.a., 2020). Van degenen die drinken, drinkt 19 procent gemiddeld meer dan 10 glazen alcohol op een weekenddag. De 17-jarigen op het mbo drinken meer dan hun leeftijdgenoten op het hbo of voortgezet onderwijs. Jongvolwassenen die regelmatig uitgaan drinken op een uitgaansavond ruim 12 glazen, terwijl zij op andere dagen dat zij alcohol drinken zo’n drie glazen consumeren (Monshouwer e.a, 2021). Een kwalitatief onderzoek onder plattelandsjongeren geeft inzicht in hun kennis, houding en gedrag met betrekking tot alcohol (Paternotte & Prooij, 2019). Hoewel de jongeren overmatig lijken te drinken, zien zij dit zelf niet als een probleem. Zij hebben een positieve houding ten opzichte van alcohol mede omdat drinken in hun omgeving als normaal wordt gezien. Hun kennis over de schadelijkheid van alcohol is beperkt.
Lokale cijfers De Gezondheidsmonitor Jeugd focust op klas 2 en klas 4 van het voortgezet onderwijs. Uit de laatste GGD monitor blijkt dat alcoholgebruik door deze doelgroep in onze gemeente een serieus probleem is. We zien in onderstaande tabel dat op de 4 onderzochte aspecten jongeren uit onze gemeente significant slechter scoren dan het gemiddelde van Twente en Nederland als geheel. De cijfers spreken voor zich en behoeven geen nadere toelichting. Hof van Twente Twente
Omschrijving: het percentage jongeren dat
Nederl.
ooit een heel glas alcohol of meer heeft gedronken
51
39
31
de laatste 4 weken alcohol heeft gedronken
51
38
ooit dronken of aangeschoten is geweest
44
27
29 23
de laatste 4 weken dronken of aangeschoten is geweest
35
17
14
de laatste 4 weken 5 of meer drankjes bij 1 gelegenheid dronk (binge drinken)
43
28
20
Bron: Gezondheidsmonitor Jeugd GGD 2022
De tabel hierna gaat over jongeren die alcohol hebben gedronken de laatste 4 weken voorafgaand aan het onderzoek. Ook hier scoren onze jongeren op alle aspecten slechter dan het gemiddelde van 6
Twente en Nederland. Van de jongeren die de afgelopen 4 weken alcohol hebben gedronken, is 69% de laatste 4 weken dronken of aangeschoten geweest. Ook heeft van deze jongeren 86% de laatste 4 weken 5 of meer drankjes bij 1 gelegenheid gedronken (binge drinken). Omschrijving: Van de jongeren die in de laatste 4 weken alcohol hebben gedronken
Hof van Twente Twente
Nederl.
is de laatste 4 weken dronken of aangeschoten geweest
69
45
50
heeft de laatste 4 weken 5 of meer drankjes bij 1 gelegenheid gedronken (binge drinken)
86
73
68
Bron: Gezondheidsmonitor Jeugd GGD 2022
2.3
Ouders
Landelijke cijfers Ouders zijn soms nog toegeeflijk met betrekking tot alcoholgebruik door hun kinderen. Zo krijgt een kwart van de 12 tot 16-jarige scholieren die wel eens drinken, alcohol van hun ouders (Rombouts e.a., 2020). Dat aantal is niet gedaald sinds 2016. Maar er zijn meer ouders die hun rol oppakken. Driekwart van de ouders heeft in 2015 expliciet als regel dat hun minderjarige kind niet mag drinken; in 2007 was dat nog 50% (van Dorsselaer e.a., 2016). Ouders die zelf veel drinken, zijn toleranter ten aanzien van alcoholgebruik bij hun kinderen. Hoewel de invloed van peers (leeftijdgenoten, vrienden) op het gedrag toeneemt met de leeftijd, blijven ouders invloed houden op het drinkgedrag van hun opgroeiende kind (Engels e.a, 2013) bijvoorbeeld via hun houding ten opzichte van alcohol of door de afspraken die zij met hun kind maken. Lokale cijfers De toegeeflijkheid van ouders zien we ook in de lokale cijfers terug. Onderstaande tabel geeft cijfers over onze gemeente met het totaal van Twente als referentiekader (maakt geen deel uit van landelijke GGD onderzoek dus Nederland als referentie is niet mogelijk). We zien dat in onze gemeente meer dan in het gemiddelde van Twente ouders van kinderen in de leeftijd van 4 tot 12 jaar er geen moeite mee hebben dat kun kind een slokje, een glas of meerdere glazen alcohol drinkt voordat ze de leeftijd van 18 hebben bereikt.
Omschrijving: het percentage van de ondervraagde ouders van kinderen in de leeftijd van 4 tot 12 jaar dat aangeeft: “mijn kind..
Hof van Twente Twente
Mag voor het eerst slokje alcohol drinken onder 18 jaar
71
62
Mag voor het eerst glas alcohol drinken onder 18 jaar
47
37
Mag voor het eerst meerdere glazen alcohol per keer drinken onder 18 jaar
22
14
Bron: Gezondheidsmonitor Jeugd GGD 2022
Het is relevant hoe ouders van kinderen er in staan. Wanneer zij het gesprek met jongeren voeren over schadelijke effecten van alcohol/het bewust hiermee omgaan dan is dat helpend. Uit onderstaande tabel blijkt dat jongeren in onze gemeente meer dan gemiddeld in Twente aangeven dat hun ouders het goed vinden dat zij alcohol drinken. Ook geven minder jongeren aan dat hun ouders alcohol verbieden. Omschrijving: Het percentage van de jongeren die ondervraagd zijn
Hof van Twente Twente
en die alcohol gebruiken dat zegt: “mij ouders vinden het goed”
61
42
en die geen alcohol gebruiken dat zegt: “mijn ouders vinden het goed”
10
5
die zeggen: “mijn ouders verbieden alcohol”
11
17
Bron: Gezondheidsmonitor Jeugd GGD 2022
7
In dit verband is ook relevant de vraag waar jongeren alcohol drinken. 60% van de jongeren geeft aan thuis alcohol te drinken. Hierin wijken wij overigens niet af van het Twents gemiddelde. Het drinken in een keet, hok of schuur (dus op eigen erf) is te vergelijken met het thuis drinken. Hof van Twent e
Twente
Waar drinken jongeren alcohol? – Thuis
60
60
Waar drinken jongeren alcohol? - Bij anderen thuis
56
50
Waar drinken jongeren alcohol? -Keet, hok of schuur
42
30
Waar drinken jongeren alcohol? - Discotheek, café, bar, terras
39
16
Omschrijving
Bron: Gezondheidsmonitor Jeugd GGD 2022
De cijfers uit de paragrafen 2.2 en 2.3 geven een duidelijk beeld. Meer cijfers zijn te vinden op het dashboard van de Twentse Gezondheids Verkenning. https://www.twentsegezondheidsverkenning.nl/dashboard/dashboard/alcohol.
2.4.
Naleving
Nalevingsonderzoek leeftijdsgrens Met nalevingsonderzoek wordt onderzocht in hoeverre de leeftijdsgrens voor alcohol wordt nageleefd door de verschillende alcoholverstrekkers. Landelijk Als minderjarigen aan drank willen komen is dat nog steeds gemakkelijk in Nederland. Tussen 2018 (37,7%) en 2020 (37.9%) is de totale naleving van de leeftijdsgrens bij alcoholverkoop niet veranderd (Bureau Objectief, 2020). Bij de afzonderlijke verkooppunten zijn wel veranderingen te zien, soms ten goede zoals bij cafetaria’s, horecagelegenheden en webshops. Bij supermarkten en slijterijen is de naleving echter gedaald (zie bijlage 2). Lokale cijfers Ten aanzien van de naleving van de leeftijdsgrens zijn geen lokale cijfers voorhanden. De afgelopen jaren is hierop niet gehandhaafd als gevolg van beperkte BOA capaciteit in combinatie met het niet beschikken over de juiste bevoegdheid van wel aanwezige BOA’s. Wij gaan uit van de veronderstelling dat de landelijke cijfers ook gelden voor onze gemeente. Er zijn geen signalen die er op wijzen dat het in onze gemeente fundamenteel anders ligt . Een indicator op dit punt zou kunnen zijn de vraag uit het GGD onderzoek voor jongeren over waar alcohol gedronken wordt (zie ook de tabel in paragraaf 2.3). 39% van de jongeren uit Hof van Twente geeft aan dit te doen in een discotheek, café, bar of op een terras, ten opzichte van 16% in Twente.
Natuurlijk is het zo dat niet alle gelegenheden waar jongeren uit Hof van Twente alcohol drinken ook in Hof van Twente liggen maar opvallend is het wel.
2.5.
Informatie van samenwerkingspartners
Naast onderzoek leveren kennis, ervaringen en registraties van samenwerkingspartners in de gemeente informatie op over de stand van zaken met betrekking tot de naleving van de alcoholwetgeving. Evaluatie voorgaand Preventie- en handhavingsplan Het vorige plan (werkingsduur 2018-2022 met uitloop naar 2023) was niet voorzien van concreet meetbare kwalitatieve doelstellingen waarop geëvalueerd kan worden. Daarbij is het ook maar zeer de vraag of op een relatief korte termijn van enkele jaren een dergelijke evaluatie zinvol is. We kunnen wel inzicht geven in de inspanningen die zijn verricht op grond van het vorige plan. Hierbij
8
moet bedacht worden dat in een deel van de betreffende periode er geen activiteiten ondernomen konden worden als gevolg van Corona. Activiteiten 2018-2023: - Meegewerkt aan Lokaal Preventie Akkoord met focus op jongeren: gezonde leefomgeving/ leefstijl; - Gesprekking met organisatoren van feesten, ouders, scholen, verenigingen en horeca; - Casuïstiekbespreking door gezamenlijke netwerkpartners - Basisscholen bezocht (samen met de adviseur Gezonde Scholen van de GGD) - Knelpunten in kaart gebracht en besproken en op basis hiervan een verkenning voor lange termijn aanpak voorbereid - Concreet zijn in 2022 en 2023 de volgende acties opgepakt en uitgevoerd: o Voorlichting/bewustwording over het thema groepsdruk/weerbaarheid in de groepen 7 en 8 van het basisonderwijs en de groepen 1,2 en 3 van het voortgezet onderwijs o Voorlichtingsbijeenkomsten voor ouders georganiseerd (Scholen en kernen) o Frequent schoolbezoeken Jongerenwerk, individuele gesprekken en weerbaarheidstraining o Voorlichtingsvideo ontwikkeld o Meegedaan aan de Campagnes Ikpas en NIX18 o Uitvoering drugstest bij Dieka Registraties lokaal: verslavingszorg Verschillende organisaties houden registraties bij van alcohol gerelateerde incidenten of hulpverleningstrajecten. De beschikbare gegevens over jongeren en jongvolwassenen in onze gemeente staan hieronder.
Uit gegevens van Tactus Verslavingszorg over 2023 tot en met kwartaal 3 blijkt dat er: 3 alcoholpoli gesprekken gevoerd zijn met inwoners uit onze gemeente; 5 preventieve adviesgesprekken gevoerd zijn met inwoners uit onze gemeente; 4 Moti4trajecten doorlopen zijn met inwoners uit onze gemeente (Moti-4 is een gesprekkentraject voor jongeren van 14 t/m 24 jaar die in de problemen dreigen te raken door middelengebruik, gokken of gamen. Dit zijn de preventieve activiteiten van Tactus. Daarnaast schakelen wij als gemeente maar ook bijvoorbeeld huisartsen Tactus in voor behandeling. Uit onze eigen administratie blijkt dat het gaat om 11 unieke cliënten met 17 trajecten in de periode 2021 tot en met 2023. Het bijhouden van relevante gegevens (kwantitatieve analyse) heeft de afgelopen jaren niet de aandacht gekregen die het verdient. Dit willen we de komende jaren beter op orde gaan krijgen. In die zin moet dit plan ook gezien worden als een 0 – meting. Registraties lokaal: politie De politie kan uit haar systemen de volgende cijfers halen:
9
overlast ivm alcohol en drugs 2023
70
2022
89
2021
36
2020
42
2019
74 0
10
20
30
40
50
60
70
80
90
100
Aanvullende info: - 80% man, 15% vrouw, 5% onbekend - 13,2% minderjarig - Gemiddelde leeftijd 32 jaar Melding Overlast Jeugd 2019 2020 2021 2022 2023
48 109 87 75 91
Aanvullende info: - 80% man, 15% vrouw, 55 onbekend - 75% minderjarig - Gemiddelde leeftijd 16 jaar Ervaringen en bevindingen van samenwerkingspartners De bevindingen van de leden van de werkgroep Alcohol en middelengebruik (de signalen uit de uitvoeringspraktijk Hof van Twente) zijn de volgende: -
2.6.
Vroegtijdig schoolverlaten/verzuim Slecht slapen, moeilijk uit bed komen Leerkrachten die aangeven het lastig te vinden het gesprek aan te gaan over alcohol en middelengebruik Jongerenwerkers zien snus/vape, blowen, drugs- en drankgebruik toenemen. Team Jeugd (gemeente/sociaal domein) ziet een toename van de problematiek op grond van alcohol- en middelengebruik. Toenemende kosten van beveiliging (evenementen en Horeca)
Samenvatting
Uit de landelijke onderzoeken blijkt dat er een stagnatie is in de daling van alcoholgebruik onder scholieren tussen de 12 en 16 jaar. Bovendien is er een flinke groep jongeren en jongvolwassenen die binge drinkt en zit er zowel bij verstrekkers als bij ouders ruimte voor versterking van hun verantwoordelijkheid en preventieve rol. 10
Op basis van lokaal onderzoek (data) en informatie van ketenpartners blijkt dat alcoholgebruik in onze gemeente echt een fors probleem is. Wij scoren op bijna elk aspect van alcoholgebruik slechter dan het gemiddelde van Twente en daar waar het gemeten wordt het gemiddelde van Nederland. Dit betekent dat er een grote uitdaging voor ons ligt.
11
3. Ambitie en doelstellingen 3.1
Ambitie
De gemeente streeft ernaar dat haar jonge inwoners gezond, veilig en kansrijk kunnen opgroeien. Alcohol hoort daar niet bij, in elk geval niet tot het 18e jaar. Voor (jong)volwassenen adviseert de Gezondheidsraad (Gezondheidsraad, 2015) zowel mannen als vrouwen om geen alcohol te drinken of in ieder geval niet meer dan één standaardglas alcohol per dag2. Een sociale en fysieke omgeving die uitnodigt en stimuleert tot het gewenste gedrag is ondersteunend aan deze ambitie. Daarom zetten wij in op een adequate naleving van de Alcoholwet, het versterken van de sociale omgeving rondom jongeren en het faciliteren van een fysieke omgeving die gezond gedrag stimuleert. Artikel 43a van de Alcoholwet schrijft voor dat een preventie- en handhavingsplan moet aangeven wat de doelstellingen van het beleid zijn. Wij formuleren de volgende algemene doelstellingen: Afname van alcoholgebruik en de schadelijke gevolgen van alcoholgebruik onder de 18 jaar Afname van dronkenschap en de schadelijke gevolgen van excessief alcoholgebruik (met name tijdens uitgaansavonden in het publieke domein). Deze algemene beleidsdoelstellingen concretiseren wij hieronder op basis van de probleemanalyse, met aandacht voor gebruik onder jongeren en voor de setting waarin jongeren drinken.
3.2.
Doelstellingen afname gebruik onder de 18 jaar
We hebben doelstellingen geformuleerd op basis van de probleemanalyse uit hoofdstuk 1 en de lokale cijfers uit hoofdstuk 2. We hebben ons wel beperkt tot een aantal (en volgens ons meest relevante) doelstellingen. Zoals al eerder aangegeven conformeren we ons aan de algemene doelstelling uit het Nationaal Preventie Akkoord: 0% alcoholgebruik onder de 18 jaar in 2040. Deze doelstelling is voor onze gemeente heel erg ambitieus maar deze uitdaging gaan we graag aan. We maken onderscheid in doelstellingen voor de korte termijn 2028 en voor de middellange termijn 2032. We willen bereiken dat in 2032 Hof van Twente het net zo goed of slecht doet als de rest van Twente. Hierbij is het goed om te vermelden dat ook dit gemiddelden zich naar beneden ontwikkelt als gevolg van landelijke en lokale inspanningen. We concretiseren de doelstelling met behulp van de volgende drie indicatoren:
Het percentage jongeren dat ooit een heel glas alcohol heeft gedronken: Nu (TGV2022): 51% Doelstelling 2032: ten hoogste 39% Het percentage jongeren dat dronken of aangeschoten is geweest: Nu: 35% Doelstelling 2032: ten hoogste 17% Het percentage ouders van kinderen in de leeftijd van 4 tot 12 jaar dat aangeeft dat hun kind onder de 18 jaar een glas alcohol mag drinken: Nu: 47% Doelstelling 2032: ten hoogste 37%
2
Een standaardglas is: 250 ml bier, 100 ml wijn of 35 ml jenever (Gezondheidsraad, 2015).
12
3.3.
Doelstellingen verbeterde naleving
Naleving Leeftijdsgrens Ook de doelstellingen met betrekking tot de naleving van de leeftijdsgrens zijn afgeleid van de probleemanalyse en de ambities van het Nationaal Preventieakkoord. De ambitie van het Nationaal Preventieakkoord is om in 2030 100% naleving van de leeftijdsgrens te realiseren. Wij onderschrijven deze doelstelling. De vraag of en in hoeverre wij hier actief op kunnen gaan handhaven en dit ook gaan registreren is afhankelijk van de BOA-capaciteit die hiervoor beschikbaar komt en effectief kan worden ingezet (zie ook hierna het onderdeel regelgeving en handhaving).
3.4.
Overige doelstellingen
Op basis van de lokale context en beschikbare lokale cijfers voegen wij nog de volgende doelstellingen toe:
Afname van aantal jongeren dat in drankketen drinkt Afname van het aantal jongeren dat drinkt op straat Afname van wederverstrekking Toename van de bekendheid met risico’s van alcohol Vermindering van de kosten voor de Jeugdzorg voor zover deze (mede) worden veroorzaakt door alcohol en middelengebruik.
13
4. Uitgangspunten voor beleid 4.1.
Community building
4.2.
Omgevingsbenadering
4.3.
Integrale beleidsvisie
Het is onze overtuiging dat, om resultaat te bereiken de bijdrage van iedereen in de gemeenschap nodig is: jongeren en ouders maar ook scholen, sportverenigingen, ondernemers en maatschappelijke partners. Daarom betrekken wij deze partijen bij de beleidsontwikkeling en de uitvoering. Gezamenlijk zetten we in op een gezonde bevolking, zonder alcoholgebruik onder de 18 jaar en met verantwoorde alcoholverstrekking aan en verantwoord alcoholgebruik door jongvolwassenen. De systeemtheorie van Holder (1998) maakt duidelijk dat alcoholgebruik altijd het resultaat is van een combinatie van factoren. De persoon, zijn sociale omgeving en het overheidsbeleid vormen samen een systeem dat uiteindelijk de keuze van de gebruiker bepaalt. Holder laat daarmee zien dat alcoholpreventie nooit alleen op het individu gericht kan zijn. Het meest succesvol zijn strategieën die vooral de fysieke en sociale omgeving van de drinker beïnvloeden. In de omgeving van de jonge drinker spelen locaties waar alcohol verstrekt wordt, alcoholverstrekkers, scholen en ouders een belangrijke rol. Het Preventie- en handhavingsplan richt zich op deze omgevingsinvloeden. Het preventiemodel van Reynolds (2003) borduurt voort op de systeemtheorie van Holder (zie 3.2.) Het preventiemodel kent drie beleidspijlers: educatie, regelgeving en handhaving.
De pijlers staan deels op zichzelf maar overlappen elkaar ook Juist in de overlap is het integrale preventiebeleid terug te zien: het model maakt duidelijk dat niet alleen educatie maar ook regelgeving en handhaving bijdragen aan het voorkómen van (problemen door) alcoholgebruik. Dit Preventie- en handhavingsplan is gebaseerd op deze integrale beleidsvisie. Er is immers sprake van een preventie én handhavingsplan. Dat impliceert dat meerdere afdelingen binnen de gemeenten - en dus ook meerdere typen maatregelen - worden ingezet bij de aanpak van de alcoholproblematiek.
4.4 Opgroeien in een kansrijke omgeving: het IJslands Preventiemodel als uitgangspunt
IJsland heeft de laatste 20 jaar een succesvolle community-based omgevingsaanpak gebruikt om het middelengebruik aan te pakken onder jongeren. Sinds de introductie van het IJslands preventiemodel, is het middelengebruik onder IJslandse jeugd sterk gedaald en behoren zij nu tot de minst gebruikende jongeren in Europa.
14
In Nederland is de aanpak inmiddels omarmd door 32 gemeenten onder de naam “Opgroeien in een Kansrijke Omgeving”. OKO is een methodische lange termijn aanpak om te werken aan gezonde en gelukkige jongeren en te voorkomen dat zij alcohol of Vanuit de OKO aanpak in steeds meer Nederlandse gemeenten, weten we dat er in de omgeving van jongeren een aantal factoren zijn waarop geïntervenieerd kan worden. In het model worden vier belangrijke omgevingen (domeinen) onderscheiden: gezin, peergroep, school en vrije tijd. Per domein zijn in het model factoren bekend die het risico op middelengebruik verhogen (risicofactoren) en factoren die het risico verkleinen (beschermende factoren) (Smeets et al., 2019), welke terug zijn te vinden in bijlage 1. De vier omgevingen worden als leidraad aangehouden voor onze aanpak.
Figuur 3. Interventie domeinen vanuit het IJslandse model. Gezin
Peergroep
School
Vrije tijd
Ouders spelen een belangrijke rol in de preventie van middelengebruik en zijn de belangrijkste beschermende factor in het leven van hun kind. Door warmte en steun te geven, met elkaar tijd door te brengen, regels te stellen en te monitoren kunnen ouders een belangrijke beschermende factor zijn in het voorkomen van middelengebruik. De manier van omgaan met de peergroep zijn van invloed op het middelengebruik van jongeren. Jongeren beïnvloeden elkaars gedrag, en dit is lastig te beïnvloeden. Een aantal omstandigheden waarin ze dit doen zijn wel te beïnvloeden, waarbij de rol van ouders wederom een belangrijke factor is. Scholen spelen een belangrijke rol in het leven van jongeren, omdat jongeren hier veel tijd doorbrengen. Ze zijn een natuurlijke vindplek voor jongeren en hun ouders. Een groot deel van de tijd van jongeren is vrije tijd. In IJsland zagen ze dat jongeren die deelnemen aan georganiseerde vrijetijdsactiviteiten, beter in hun vel zitten en minder vaak drinken, roken of drugs gebruiken.
15
5. Activiteiten
Dit hoofdstuk bevat de aanpakken en interventies die wij gebruiken om de doelstellingen te realiseren op het gebied van regelgeving (5.1.), toezicht en handhaving (5.2.) en preventie (5.3. en 5 .4)
5.1.
Regelgeving
Het overgrote deel van de regelgeving op het gebied van alcohol is vastgelegd in de Alcoholwet. De Alcoholwet is primair een volksgezondheidswet met als doel om, met name onder jongeren, gezondheidsschade door alcoholgebruik te voorkomen. Daarnaast stelt de Alcoholwet ook als doel om alcohol gerelateerde verstoringen van de openbare orde terug te dringen. De Alcoholwet geeft invulling aan beide doelstellingen door onder andere beperkingen te stellen aan de beschikbaarheid van alcohol. Zo mag er bijvoorbeeld niet worden verstrekt aan een jongere als niet is vastgesteld dat hij of zij 18 jaar of ouder is en de aanwezigheid van dronken personen is niet toegestaan in een horecagelegenheid of slijterij. Daarnaast sluit de wet ook bepaalde verkooppunten uit van het schenken en/of verstrekken van alcohol voor elders dan ter plaatse en is prijsstunten door de detailhandel aan banden gelegd. Deze bepalingen vormen samen de preventieve kern van de Alcoholwet. Aanvullend op deze bepalingen kent de Alcoholwet een aantal verordenende bevoegdheden en heeft de burgemeester aanvullende mogelijkheden om de beschikbaarheid van alcohol te beperken. Hieronder is weergegeven op welke manier hier in Hof van Twente invulling aan is gegeven. Het betreft de volgende onderwerpen:
Beperken happy hours Voorwaarden stellen aan alcoholverstrekking evenementen Beperken schenktijden paracommercie
Beperken happy hours In artikel 25D van de Alcoholwet is een verordenende bevoegdheid opgenomen waarmee gemeenten ter bescherming van de volksgezondheid of in het belang van de openbare orde happy hours kunnen beperken. Met deze bevoegdheid kunnen de meest excessieve acties (meer dan 40% korting) worden verboden. Onderzoek (Meier e.a., 2008) laat zien dat de prijs van alcohol een belangrijke voorspeller is voor gebruik en dat met prijsinterventies gebruik kan worden beïnvloed. Het verhogen van alcoholprijzen heeft specifiek impact op mensen die veel alcohol consumeren. Het beperken van mogelijkheden om met prijzen voor alcoholhoudende dranken te stunten is daarmee een geschikt instrument om de stevige consumptie in het uitgaansleven te beperken en dronkenschap te voorkomen Gemeente Hof van Twente heeft een verbod op happy hours opgenomen in de APV. Artikel 2:34 APV Hof van Twente Verbod “Happy hours” Het is verboden in een horecalokaliteit of op een terras bedrijfsmatig of gratis alcoholhoudende drank te verstrekken voor gebruik ter plaatse tegen een prijs die voor een periode van 24 uur of korter lager is dan 60% van de prijs die daar gewoonlijk wordt gevraagd.
Voorwaarden stellen aan alcoholverstrekking evenementen Artikel 35 lid 2 van de Alcoholwet biedt burgemeesters de mogelijkheid om voorwaarden te stellen aan het verlenen van een ontheffing ten tijde van bijzondere gelegenheden van zeer tijdelijke aard, zoals evenementen en buurtfeesten. Er kunnen bijvoorbeeld voorwaarden worden gesteld aan de manier waarop de verantwoorde verstrekking wordt ingericht. Artikel 35 gaat uitdrukkelijk alleen om verstrekking van zwak-alcoholhoudende dranken voor gebruik ter plaatse. Gemeente Hof van Twente heeft een (voorgenomen) Evenementenbeleid met als ingangsdatum 1 januari 2024 waarin ten aanzien van Alcoholgebruik de volgende bepalingen zijn/worden opgenomen: 16
1. Voor evenementen waar de doelgroep ligt tussen de 4 en 18 jaar wordt geen ontheffing art. 35 Alcoholwet verleend. Alcoholconsumptie tijdens evenementen gericht op de jeugd onder de 18 jaar of tijdens onderdelen van een groter evenement is hierdoor niet toegestaan. Hierbij valt te denken aan kinderuurtjes tijdens tentfeesten, bonte avonden tijdens houtkampen en andere evenementen gericht op de jeugd. 2. Voor andere feesten of op andere momenten tijdens een feest moet worden gewerkt met een bandjessysteem. Dit nemen wij als voorwaarde op in de vergunning. Personen vanaf 18 jaar kunnenop vertoon van hun ID een bandje krijgen, waarmee alcohol voor eigen gebruik kan worden gehaald. Het is verboden alcoholhoudende drank weder te verstrekken aan personen onder de 18 jaar. Met de politie worden jaarlijks afspraken gemaakt over het aantal alcoholcontroles na afloop van evenementen. 3. Per evenement is bepaald welk deel van het evenemententerrein behoort tot de alcoholvrije zone. Achterliggende gedachte hierbij is dat de 18- doelgroep niet voortdurend wordt geconfronteerd met alcoholconsumptie. Het komt vaak voor dat alcoholconsumptie ook plaatsvindt op het kermisterrein. 18-minners halen bij de supermarkt of elders in de horeca blikjes of flesjes alcoholhoudende dranken en drinken dit op het kermisterrein op. Dit willen we met het invoeren van deze zones voorkomen.
Dit beleid is tot stand gekomen na overleg met de Horeca en organistoren van Tentfeesten. Twee elementen die ook besproken zijn maar nu nog niet in het al ter inzage gelegde/vastgestelde beleid zijn opgenomen nemen we mee in een volgende versie van het evenementenbeleid. Dit zijn: 1. Preventieve blaastesten bij evenementen om overmatig alcoholgebruik en excessen te voorkomen. In Hengevelde zijn hier goede ervaringen mee opgedaan. Dit verdient navolging bij andere evenementen. 2. Watertappunten voor het gratis verstrekken van water. Dit draagt ook bij aan vermindering van alcoholgebruik. Deze punten blijven onderwerp van gesprek en nemen we ook mee in het proces van vergunningverlening.
Beperken schenktijden paracommercie Artikel 4 van de Alcoholwet bepaalt dat bij gemeentelijke verordening regels worden gesteld waaraan para commerciële rechtspersonen zich moeten houden bij de verstrekking van alcoholhoudende drank. Dit ter voorkoming van oneerlijke mededinging. Het vastleggen van de schenktijden in de paracommercie is één van deze verplichte regels. In de APV Hof van Twente is de regulering van para commerciële rechtspersonen opgenomen in artikel 2:34. De regels zijn in de communicatie met verenigingen met para commerciële activiteiten als volgt door vertaald: 1.U mag alcoholhoudende dranken schenken in de lokaliteiten die staan aangegeven op uw vergunning. Staat bijvoorbeeld een terras niet op de vergunning, dan mag hier geen alcohol worden geschonken of gedronken. Wilt u een terras of een andere lokaliteit toevoegen aan uw vergunning, dan kunt u dit melden bij de gemeente. Voor het wijzigen van de vergunning betaalt u leges (kosten). 2.Er mag alleen alcoholhoudende drank worden geschonken 1 uur voor tot uiterlijk 1 uur na afloop van activiteiten die zijn opgenomen in de statuten van uw vereniging/stichting. 17
3.Het schenken van alcoholhoudende dranken mag niet op zich staan, dit moet gebonden zijn aan een activiteit zoals hiervoor aangegeven. Er mag geen alcoholhoudende drank worden geschonken tijdens bijeenkomsten van persoonlijke aard of andere bijeenkomsten die niets te maken hebben met de activiteiten van de para commerciële instelling. Er mag dus geen alcohol worden geschonken tijdens persoonlijke feesten of bij verhuur aan derden. (Bijvoorbeeld: Iemand wil zijn 50-jarig verjaardagsfeest of een 12,5-jarig huwelijksfeest vieren. Deze festiviteiten passen niet binnen de statutaire doeleinden van de vereniging. Hierbij mag dan ook geen alcohol worden geschonken.)
5.2.
Toezicht en handhaving
De Alcoholwet heeft zowel een gezondheids- als een openbare orde en veiligheidsperspectief. Het doel van de gemeente is om door middel van naleving van de wet bij te dragen aan het voorkomen van gezondheidsschade en verstoringen van de openbare orde. Sinds 1 januari 2013 is de gemeente verantwoordelijk voor het toezicht op de naleving van de wet en heeft daarmee een belangrijk instrument in handen. Onderzoek laat zien dat handhaving noodzakelijk is om het gewenste effect te bereiken van maatregelen zoals de leeftijdsgrens voor alcohol en het verbod op doorschenken (Babor e.a., 2010). Hof van Twente heeft ervoor gekozen om per 2024 de BOA capaciteit fors uit te breiden. Recent onderzoek heeft uitgewezen dat deze uitbreiding noodzakelijk is om doelen, wensen en ambities te kunnen halen de komende jaren. In datzelfde onderzoek zijn ook wensen en ambities meegenomen voor wat betreft de toekomstige handhaving op het thema alcohol en middelengebruik. De uitbreiding betekent dat er in totaal 6 fte Boa’s beschikbaar gaat komen. In 2024 is de extra capaciteit nog niet onmiddellijk beschikbaar en inzetbaar. Op basis van de huidige capaciteit zijn er voor 2024 in het voorgenomen Handhavingsplan wel uren beschikbaar voor toezicht en handhaving op de alcoholwet, namelijk: 416 uur (26 controles x 8 x 2). Dit betreffen alle controles op grond van de Alcoholwet.
Deze controles zijn breder dan alleen de controle op alcoholgebruik onder minderjarigen. 2024 zal voornamelijk in het teken staan van de werving, selectie en opleiding van toekomstige Boa’s. Voor de uitvoering van handhavingstaken op grond van de Alcoholwet worden aan een Boa extra eisen gesteld. Effectieve en daadwerkelijke inzet zal daardoor voor het eerst mogelijk zijn per 2025. Voor aankomende jaren zal er geleidelijk aan dan ook meer ruimte zijn voor het concreet inplannen van handhaving en controle activiteiten gericht op alcoholgebruik onder jongeren.
5.3.
Preventie: bestaande activiteiten worden voortgezet en uitgebreid
Zoals eerder aangegeven is, zijn in 2022 en 2023 tal van activiteiten op touw gezet. Deze activiteiten willen wij de komende jaren voortzetten. Dit doen we vanuit de gedachte dat het hier gaat om een cultuurverandering. Deze kost tijd. De kracht zit hem in de herhaling van de boodschap en dus in de herhaling van de activiteiten die bedoeld zijn om deze boodschap bij de jongeren en hun omgeving te brengen. Concreet gaan wij de komende jaren verder met de hierna genoemde activiteiten. Werken aan bewustwording Jeugd: lessen op scholen De school is een belangrijke pedagogische omgeving voor jongeren. Daarom zijn wij in het verleden samen met onze partners en in overleg met het onderwijs gestart met het geven van lessen. We organiseren twee soorten lessen waarbij mentale weerbaarheid en de invloed van groepsdruk gecombineerd wordt met middelengebruik. Mentaal weerbare jongeren zijn in staat om gezonde keuzes te maken wat betreft hun leefstijl. Zij beschikken over de vaardigheden om verleidingen uit het dagelijkse leven (zoals het nuttigen van alcohol, het gebruik van drugs, gamen en onveilige seks) te weerstaan. De lessen voor de basisscholen zijn gericht op de leerlingen van groep 8. De les is gericht op groepsdruk met aandacht voor middelengebruik. Deze lessen worden gegeven door Halt en de jongerenwerker van Salut.
De les voor het voortgezet onderwijs is uitgebreider en speciaal 18
ontwikkeld voor klas 1, 2 en 3. Deze les is gericht op groepsdruk, mentale weerbaarheid en uitgebreide informatie over de soorten middelen en het gevolg van het gebruik van deze middelen. Deze lessen worden gegeven door Halt, Tactus en Salut. Er is al een bewustwordingsfilmpje gemaakt waarbij het effect van middelengebruik voor de jeugd, ouders, scholen en omgeving in beeld wordt gebracht. Met name drugsgebruik is een taboe om te bespreken. Het filmpje laat het effect zien op de diverse doelgroepen: jongeren, ouders, onderwijs en horeca. Het filmpje wordt getoond tijdens de lessen en voorlichtingsbijeenkomsten. Werken aan bewustwording jeugd: preventief bezoeken drinkketen In het kader van bewustwording jeugd willen we vanaf 2025 ook inzetten op het bezoeken van de drinkketen. Niet met handhavingsinsteek (tenzij zich excessen zouden voordoen) maar om het gesprek aan te gaan met jongeren en ouders om bewustwording te creëren. Hoe dit er precies uit gaat zien, weten we nog niet. We denken aan een combinatie van jongerenwerk en jeugd-BOA. Hiervoor is verder overleg nodig nadat de BOA capaciteit kwalitatief en kwantitatief op niveau is. Werken aan bewustwording ouders Ouders onderschatten systematisch hoeveel hun kinderen drinken.
Ze denken bovendien dat het gedrag van jongeren volledig wordt bepaald door vrienden en leeftijdsgenoten, terwijl ouders wel degelijk nog invloed hebben op het alcoholgebruik van hun kinderen (van der Vorst e.a., 2006; Smeets e.a., 2019). De beschikbaarheid van alcohol in huis beperken en het stellen van regels zijn geschikte instrumenten om alcoholgebruik tegen te gaan. Uit onderzoek blijkt dat kinderen van ouders die geen duidelijke regels hebben afgesproken en geen leeftijdsgrens hebben gesteld voor het drinken van alcohol al op jongere leeftijd beginnen met drinken. Ze drinken bovendien vaker dan jongeren waarvan de ouders wel een leeftijdsgrens hebben gesteld. Naast het stellen van regels zijn andere beschermende factoren belangrijk: voorbeeldgedrag, een goede band tussen ouder en kind en een autoritatieve opvoedstijl. Een autoritatieve opvoeding is een opvoedingsstijl die zowel betrokken, begripvol en accepterend als controlerend, veeleisend en gezaghebbend is tegenover het kind. Deze stijl van opvoeden stelt redelijke grenzen, geeft uitleg, toont begrip en doet al deze dingen met gezag. Een slechte ouder-kind relatie en psychische problematiek of middelengebruik van de ouders zijn risicofactoren. We gaan op verschillende momenten voor de ouders voorlichtingsbijeenkomsten te organiseren.
Wij gaan ouders informeren en voorbereiden op de verleidingen waar de jongeren mee te maken kunnen krijgen als zij opstap gaan/uitgaan. Het doel is om ouders handvaten te bieden om in gesprek te gaan met hun kind(eren) over alcohol en middelengebruik. We vormen een klankbordgroep van ouders die een actieve rol willen vervullen in het contact met andere ouders. Wij organiseren voorlichtingsbijeenkomsten voor de ouders van de leerlingen van de onderbouw van het voortgezet onderwijs. Daarnaast organiseren we 2 theatervoorstellingen over terugdringen middelengebruik. Werken aan bewustwording docenten en mentoren Hoe kunnen mentoren en docenten middelenproblematiek signaleren en iemand motiveren zijn/haar gedrag te veranderen? In deze training krijgen mentoren, docenten van de Waerdenborch en het Twickel College informatie over de verschillende middelen en het signaleren bij de leerlingen. Jongerenwerk extra inzetten Het jongerenwerk heeft afgelopen jaar ervaring opgedaan met het dagelijks aanwezig zijn op de Waerdenborch. Jongerenwerkers voeren gesprekken over o.a. problemen thuis, pesten, gebruik Social media, ruzies en middelengebruik. Door het opbouwen van een vertrouwensband richten zij zich op vroegsignalering en preventie. Onderdeel van de aanpak zijn de weerbaarheidstrainingen Rots & Water.
Deze extra inzet hebben we eind 2023 uitgebreid naar het Twickel college in Delden en de Waerdenborch in Holten (waar een groot deel van de Markelose jongeren naar school gaat). De komende jaren (vooralsnog 2024 tot en met 2028) willen we deze inzet voortzetten. Hierover is overleg met de scholen inhoudelijk en ook om te kijken op welke manier zij vanuit hun verantwoordelijkheid kunnen bijdragen aan deze inzet.
19
Halt loket /spreekuur op scholen voortgezet onderwijs Aan De Waerdeborch in Goor en Het Twickel in Delden is het aanbod gedaan om een Haltspreekuur in te richten. Op de Waerdenborch is al besloten een Halt-spreekuur op te starten. Twickel Delden twijfelt nog en gaat hierover verder in gesprek met Halt. Het inrichten van het Halt-loket dient meerdere doelen, preventie, handhaving door middel van Halt-afdoeningen in plaats van inzet van het strafrecht en de vroeg signalering van jeugdcriminaliteit. Doorverwijzingen kunnen voor o.a. de volgende incidenten: Fysieke agressie, verbale agressie/ grof taalgebruik, belediging en/of (lichte) dreiging, (Lichte) vernielingen, stelselmatige normoverschrijding, te laat komen en schoolverzuim, digitaal grensoverschrijdend gedrag zoals sexting, herhaaldelijk pestgedrag, baldadig gedrag, middelengebruik. Meedoen aan landelijke campagnes Draagvlak voor (handhaving van) alcoholbeleid is niet vanzelfsprekend onder burgers, ondernemers en andere professionals. Het draagvlak kan groeien als er meer begrip is voor de regels die er zijn rond verkoop en gebruik van alcohol. Dat vraagt kennis over alcohol en over de gevolgen van alcoholmisbruik bij het publiek. Publiekscampagnes lenen zich goed voor het vergroten van kennis en het ondersteunen van de norm dat alcohol er niet vanzelfsprekend bij hoort.
Hierbij wordt zoveel mogelijk aangesloten op campagnes als Nix 18, Ik Pas en Zien Drinken Doet Drinken. Voorlichting aan en ondersteuning van alcoholverstrekkers Verstrekkers van alcohol zijn verantwoordelijk voor de naleving van de Alcoholwet en aanvullende lokale regelgeving. Van hen wordt verwacht dat ze onder meer de leeftijdsgrens voor de verstrekking van alcohol kennen en naleven. Verschillende typen professionals zijn hierbij betrokken zowel beroepsmatig als vrijwillig. Belangrijk is vooral dat een alcoholverstrekker zich bewust is van zijn/haar verantwoordelijkheid en handelingsperspectief heeft, ook wanneer er weerstand is bij de klant. Om alcoholverstrekkers hierin te bekwamen zijn trainingsprogramma’s ontwikkeld voor medewerkers van horeca, slijterijen, studentenverenigingen en sportverenigingen zoals de e-learning Voor Elkaar over verantwoord alcohol verkopen. Wij zullen in de reguliere overleggen met Horeca en organisatoren van (Tent)feesten aandacht blijven vragen voor dit onderwerp. Daar waar er behoefte is aan ondersteuning zullen we deze bieden vanuit onze faciliterende rol.
5.4.
Lange termijn aanpak: Opgroeien in een Kansrijke Omgeving (OKO)
In hoofdstuk 3 hebben we aangegeven dat een omgevingsgerichte benadering nodig is om lange termijn resultaat te bereiken. Hier is ook aangegeven dat het traject Opgroeien in een Kansrijke Omgeving (IJslands model) in andere gemeenten in Nederland een goed resultaat laat zien. Om deze reden willen wij hier de komende jaren mee aan de slag. Hierbij werken wij (naast de al genoemde samenwerkingspartners) ook samen met het Trimbos instituut. Met OKO werken we aan het terugdringen van het gebruik van alcohol, drugs en roken onder jongeren en aan het verbeteren van hun welbevinden. OKO is een onderbouwde, data gestuurde aanpak waarin lokale partners en gemeente samenwerken. De community-filosofie van de aanpak houdt in dat alle partijen die betrokken zijn bij het opvoeden en opgroeien van de jeugd kunnen, en idealiter zouden moeten, meedoen. Partners die betrokken (kunnen) worden bij de implementatie zijn bijvoorbeeld de GGD, verslavingszorg, welzijns- of jongerenwerk en onderwijs. Maar ook ouders, aanbieders van vrijetijdsvoorzieningen (sport en cultuur) en jongeren spelen een rol. De gemeente als regisseur en facilitator De gemeente is de regisseur van de aanpak.
Zij zorgt voor het tijdig, cyclisch doorlopen van de vier fasen uit de OKO-werkwijze, zorgt voor het faciliteren en ondersteunen van betrokken partijen en voor het opbouwen van het draagvlak en samenwerking onder de betrokken partijen. Dat betekent dat projectleiding, communicatie en de samenwerking stimuleren belangrijke taken zijn. Ook bewaakt de gemeente de afstemming met andere lokale preventie-initiatieven.
20
Het Trimbos-instituut biedt ons een implementatietraject aan. In dit traject verzorgt het Trimbosinstituut trainingen, tools, procesbegeleiding, uitwisseling met andere gemeenten en afstemming op landelijk niveau. Het Nederlands Jeugdinstituut werkt samen met het Trimbos-instituut en zal haar expertise over opvoeden en opgroeien, versterken van pedagogische basis en samenhangend jeugdbeleid inzetten voor de overkoepelende projectactiviteiten. De ondersteuning vindt plaats bij elke stap in het traject, van dataverzameling tot beleidsontwikkeling en bij de uitvoering van interventies. Daarnaast wordt uw GGD ondersteund bij het uitvoeren van de monitor. Met deze ondersteuning hebben we als gemeente de beschikking over alle benodigde kennis, ondersteuning en uitwisseling om op een succesvolle manier te werken volgens OKO. OKO vraagt om langdurige inzet en commitment Met de OKO aanpak kiezen wij voor een lange termijn aanpak. We verbinden ons voor ten minste 4 jaar aan het OKO-implementatietraject. Omdat de aanpak gericht is op het veranderen de omgeving van de jeugd, zijn de effecten van interventies vaak pas op langere termijn zichtbaar. De aanpak vraagt dan ook een langdurige inzet, die meerdere raadsperiodes zal bestrijken. Ook daarom is een breed (politiek) draagvlak binnen de gemeenteraad nodig.
Concrete implementatie binnen de gemeenten Na positieve besluitvorming van gemeenteraad starten we in het voorjaar van 2024 met de OKO aanpak. De eerste acties zijn: 1. het inrichten van een dataset en het uitvoeren van de eerste monitor die als nul-meting kan dienen. 2. Het inregelen van een goede kerngroep (basis is huidige werkgroep middelengebruik) en projectleiding (in principe vanuit bestaande formatie gemeente). 3. Uitvoeren van concrete acties op basis van het beeld dat uit de o meting ontstaat. Hiervoor is niet van te voren een vast omlijnd kader of blauwdruk aanwezig. Het is lokaal maatwerk op basis van de bevindingen uit de monitor.
21
6. Financiële paragraaf 6.1
Regulier beleid binnen reguliere middelen
6.2
Extra inspanning met extra investering
Een groot deel van de in dit plan opgenomen activiteiten is “gewoon werk”. We deden dit en blijven dit doen. Voor ons eigen apparaat betekent dit dat deze activiteiten binnen de bestaande formatie van Sociaal Domein (beleid, jeugdregisseur, leerplichtambtenaar), Veiligheid en Handhaving worden uitgevoerd. Voor externe partners geldt dat de activiteiten binnen de reguliere subsidie plaatsvinden.
Voor een deel van dit plan geldt dat sprake is van extra ambitie die zich ook moet vertalen in het beschikbaar stellen van extra financiële middelen. Hierbij gaat het om de volgende zaken. Handhaving / Boa capaciteit Voor serieuze invulling van handhavingstaken binnen het bestek van dit plan is uitbreiding van de Boa capaciteit noodzakelijk. Dit is ook breed onderkend en met het vaststellen van de Programmabegroting 2024 is de capaciteit ook feitelijk uitgebreid. Extra inzet Jeugd en jongerenwerk Voor het voortzetten van de extra voorlichtingsactiviteiten, het aanwezig zijn van jeugd- en jongerenwerk op scholen en het preventief bezoeken van drankketen (per 2025) is extra formatie jeugd en jongerenwerk bij Salut nodig. Voor een deel wordt hiervoor de huidige formatie jeugd en jongerenwerk ingezet. Het volledig inzetten van de huidige formatie voor deze activiteiten (en dus andere zaken niet meer doen) is ongewenst. Voor extra formatie is extra subsidie nodig. We ramen hiervoor een bedrag van € 27.000 per jaar voor de komende 4 jaar. Extra inzet Tactus en Halt Ook van deze samenwerkingspartners vragen we extra inzet met name op scholen. Hiervoor is een extra subsidiebedrag van € 9.250 per jaar voor de komende 4 jaar nodig.
Kosten theatervoorstelling Een van de onderdelen van de voorlichtingscampagne op scholen voortgezet onderwijs is een theatervoorstelling die twee keer per jaar (Waerdenborch één keer en Twickel éwén keer) wordt ingezet. De kosten hiervan bedragen € 5.000 per jaar. Opgroeien in een Kansrijke Omgeving De ambitie om mee te doen met het OKO traject vraagt om een extra investering. De personele inzet proberen we te voldoen vanuit de reguliere formatie. Voor de ondersteuning door het Trimbos instituut is € 15.000 per jaar nodig. Verder moet de Ggd extra voor ons monitoren. De extra kosten hiervan bedragen € 7.500 ééns in de twee jaar. Activiteit gebonden kosten en onvoorzien Naast de al genoemde kosten nemen we een bedrag op van € 10.000 per jaar voor activiteit gebonden kosten en voor onvoorzien. Samenvattend overzicht extra kosten Extra inzet periode 2024-2027 Jeugd en jongerenwerk (Salut) Tactus en Halt Theatervoorstelling OKO: Trimbosinstituut OKO: Ggd Activiteiten en onvoorzien
2024 27.000,0 0 9.250,00 5.000,00 15.000,0 0 7.500,00 10.000,0
2025 27.000,0 0 9.250,00 5.000,00 15.000,0 0 10.000,0
22
2026 27.000,0 0 9.250,00 5.000,00 15.000,0 0 7.500,00 10.000,0
2027 27.000,0 0 9.250,00 5.000,00 15.000,0 0 10.000,0
Totale kosten
6.3
0 73.750,0 0