KleurRijkLeven - 110791 definitief.pdf
Tekst van het document
KLEUR-RIJK-LEVEN Programma biodiversiteit Hof van Twente Maart 2021
1
Voorwoord We wonen met z’n allen in een prachtige gemeente. We hebben een gevarieerd landschap met open landerijen afgewisseld met karakteristieke houtwallen, kleine en grote bospartijen en meanderende beken. Dit zorgt ervoor dat vele planten en dieren zich er thuis voelen en het goed wonen, werken en recreëren is in de Hof van Twente! Biodiversiteit vertegenwoordigt ook een enorme economische waarde. Alles wat onze boeren produceren is afhankelijk van biodiversiteit. Datzelfde geldt voor het overgrote deel van onze bouwmaterialen, medicijnen en industriële grondstoffen. Ook komen veel toeristen naar Hof van Twente omdat we hier een fraai landschap hebben. Kortom genoeg redenen om in te zetten op het behoud en waar mogelijk versterken van de biodiversiteit. Maar dit gaat niet vanzelf! Met ons programma biodiversiteit gaan we samen met onze inwoners en ondernemers aan de slag. Daarbij zoeken we nadrukkelijk ook de verbinding met de uitdagingen in de landbouw en klimaatadaptatie. Ook Europees, landelijk en provinciaal is er steeds meer aandacht voor biodiversiteit. Een mooie ontwikkeling waarmee een basis wordt gelegd om samen aan de slag te gaan, want met alleen een “lokale” aanpak lossen we dit niet op. We houden ook goed in de gaten wat gezamenlijk met anderen mogelijk is, maar wachten vooral niet af.
2
Zo zijn we dit voorjaar al met een pilot bloemrijke akkerranden gestart. We stelden de subsidieregeling hiervoor open en binnen twee dagen werd er door boeren voor 35 kilometer aan akkerranden aangemeld. Vervolgens konden we allen, inclusief toeristen, enkele maanden genieten van deze prachtige bloemenrijkdom. Boeren die graag meedoen, inwoners en toeristen die ervan genieten en een versterking van de biodiversiteit. Een geweldige voorbode van wat we de komende jaren met elkaar kunnen bereiken. Dit stuk beschrijft het plan van aanpak voor ons programma Biodiversiteit in de gemeente Hof van Twente en laat u zien hoe wij ‘al aan de slag zijn gegaan’. We richten ons op de aandachtsgebieden; erven, bermen, kernen en boerenland. We beschrijven onze ambities, geven aan waar we al mee bezig zijn en waar we aan willen werken. Hiermee willen we graag onze bestaande initiatieven helpen en versterken, maar ook onze inwoners en onszelf inspireren en motiveren om meer te doen. Niet achteroverleunen maar: samen doen!
Harry Scholten & Wim Meulenkamp Wethouders gemeente Hof van Twente
Inhoudsopgave Voorwoord .........................................................................................................................................2 1. Inleiding .........................................................................................................................................4 Leeswijzer 1.2 ................................................................................................................................5 2. Droom en ambities ........................................................................................................................6 2.1 Onze ambitie richting 2030 ......................................................................................................6 Ambities per aandachtsgebied ..........................................................................................................7 2.2 Boerenland...............................................................................................................................7 Onze ambitie ..............................................................................................................................7 2.3 Erven ......................................................................................................................................11 2.4 Kernen
................................................................................................................................ 134 2.5 Bermen ..................................................................................................................................16 3. Integrale doelen en meekoppelkansen .......................................................................................18 3.1 De waarde van Biodiversiteit .................................................................................................18 3.2 Meekoppelkansen ..................................................................................................................19 4.
Uitvoering en planning.................................................................................................................20 4.1 Gebiedsgerichte aanpak ........................................................................................................20 4.2 Nulmeting en monitoring ........................................................................................................21 4.3 Projecten en Pilots .................................................................................................................22 4.4 Biodiversiteit bij ruimtelijke ontwikkeling................................................................................23 4.5 Planning .................................................................................................................................23 5.
Organisatie en partners ...............................................................................................................24 5.1 Werkgroep biodiversiteit ........................................................................................................24 5.2 Stuurgroep biodiversiteit ........................................................................................................24 5.3 Kerngroep groen ....................................................................................................................24 5.4 Groene Loper Hof van Twente ..............................................................................................25 5.5 Andere partners .....................................................................................................................25 6. Communicatie..............................................................................................................................26 7. Financiën .....................................................................................................................................28 8.
Bijlagen ........................................................................................................................................29 8.1 Begroting Programma Biodiversiteit ......................................................................................29 8.2 Resultaten enquete biodiversiteit ..........................................................................................30
3
1. Inleiding Het behouden en vergroten van de soortenrijkdom in onze Hof van Twente is van belang voor de boeren die er een verdienmodel uit kunnen halen, voor onze inwoners die zich gelukkiger voelen in een gezonde en bloemrijke omgeving en ook voor onze recreanten die hier graag komen en verblijven. Daarnaast is meer groen belangrijk voor klimaatadaptatie. Redenen genoeg om als groene plattelands gemeente aan de slag te gaan met een programma gericht op versterking van de biodiversiteit. De zorgen om de achteruitgang van alledaagse insecten -die een cruciale positie innemen in de voedselketen- plaatste biodiversiteit in brede lagen van de samenleving definitief op de radar. Wetenschappers, boerenorganisaties, natuur- en milieuorganisaties, financiers en ketenpartijen spraken in november 2017 in de Verklaring van Driebergen de noodzaak uit om samen te werken aan het herstel van biodiversiteit. Vervolgens is een brede maatschappelijke beweging aan de slag gegaan met het formuleren van een Deltaplan. Op 19 december 2018 is het Deltaplan Biodiversiteitsherstel in Nederland gepresenteerd. In het Deltaplan Biodiversiteitsherstel staan ambitieuze doelstellingen voor natuurgebieden, landbouwgebieden en de
Figuur 1 ga naar https://www.samenvoorbiodiversiteit.nl/
4
openbare ruimte. Kennisontwikkeling, samenwerking, stimulering, monitoring en draagvlak zijn noodzakelijke ingrediënten om het verlies om te buigen naar herstel. De monitoring is binnen het Deltaplan Biodiversiteit een belangrijk thema. Sinds 2020 wordt er gewerkt aan een landelijke systematiek waarin universele indicatoren vastgesteld worden. Op deze systematiek zullen wij aanhaken en indien mogelijk met behulp van pilots meewerken aan de ontwikkeling. Daarnaast gaan we zelf ook gerichte nulmetingen opzetten door eigen tellingen. Hiermee kunnen we concreet resultaten meten en versterken we onze lokale kennis en betrokkenheid. Een belangrijke pijler van het Deltaplan is het concept ‘doen-leren-beter doen’. Deze aanpak sluit goed aan bij de betrokkenheid van vele vrijwilligers, organisaties en ondernemers in onze Hof van Twente. Daarnaast kiezen we voor een integrale samenhangende gebiedsgerichte aanpak. We maken waar het kan dus de koppelingen met opgaven zoals op het gebied van klimaatadaptatie, energie en kringlooplandbouw. Daarbij willen we door een gebiedsgerichte aanpak de versnippering van natuur en landschappelijke elementen tegengaan. Het werken aan een samenhangend ecologisch netwerk is een belangrijke voorwaarde voor succes.
Leeswijzer 1.2 Dit plan van aanpak begint met het beschrijven van een droombeeld voor de gehele gemeente en de ambities voor de aandachtsgebieden Boerenland, Erven, Kernen en de Bermen. In hoofdstuk 3 wordt besproken welke meekoppelkansen met andere programma’s en beleidsdoelen er zijn en hoe deze worden benut in het programma. Hierop aansluitend wordt in hoofdstuk 4 de uitvoering en de planning beschreven. In hoofdstuk 5 beschrijven we kort organisaties en partners waarmee het programma wordt uitgevoerd. De communicatie vormt een cruciaal onderdeel en wordt in hoofdstuk 6 nader beschreven. Tot slot bevat hoofdstuk 7 een globale inschatting van de financiën. Een overzicht van de belangrijkste resultaten van de gehouden enquête wordt in bijlage 8.2 weergegeven.
5
2. Droom en ambities Op 1 januari 2020 zijn we gestart met de ontwikkeling van het programma Biodiversiteit. Dit programma heeft tot doel om de biodiversiteit de komende jaren binnen onze gemeente te vergroten. Via de informerende raadsbijeenkomst op 4 maart 2020 hebben we de eerste opzet van het programma en de planning gedeeld en besproken. In een werktabel is een eerste concrete uitwerking opgemaakt van de aandachtsgebieden; Boerenland, Erven, Kernen en Bermen. Verderop in dit hoofdstuk beschrijven we per aandachtsgebied onze ambities. Centraal in ons programma staat het streven naar een samenhangende gebiedsgerichte aanpak. Vanuit deze aanpak werken we toe naar de Stip op de horizon. Door projecten en pilots uit te voeren gaan we op korte termijn aan de slag, we realiseren ons dat we resultaten niet van vandaag op morgen kunnen verwachten. De stip op de horizon is samengevat in het volgende droombeeld.
Figuur 2 De visualisatie van de stip op de horizon van het programma biodiversiteit. Tekening door R. Clarijs.
2.1 Onze ambitie richting 2030 Wanneer mensen onze Hof van Twente binnen fietsen, -wandelen, -rijden denken ze wauw. Onze ecologische bermen vormen samen met de karakteristieke houtwallen en bloeiende akkerranden groene zones die onze waardevolle natuurgebieden verbinden. Erven in het buitengebied zijn groene en gewilde plekken voor talloze soorten. Het boerenland is gevarieerd, functionele landerijen worden afgewisseld met kruidenrijke akkers en de gezonde vruchtbare bodem zorgt ervoor dat kunstmest bijzaak is geworden. Economisch hebben onze boeren en andere ondernemers geprofiteerd van deze vooruitgang van de biodiversiteit. Onze groene kernen vormen een gezonde leefomgeving en ook de kinderen spelen in de natuur op de groene schoolpleinen. Kortom: het is in Hof van Twente voor inwoners, gasten en heel veel diersoorten aangenaam vertoeven, zelfs op warme zomerse dagen.
6
Ambities per aandachtsgebied Voor de vier aandachtsgebieden: boerenland, erven, bermen en kernen hebben we onze ambities op papier gezet. Het wordt duidelijk wat we in het programma willen doen, als we weten waar we nu zijn, en waar we naartoe willen. Door middel van de nulmeting zetten we de juiste koers uit en sturen we bij.
2.2 Boerenland Waar hebben we het over? De totale oppervlakte van de gemeente Hof van Twente is ongeveer 21.500 hectare. Hiervan is ongeveer 13.200 hectare (61%) in gebruik als boerenland. Het grootste deel van het boerenland, ongeveer 9500 hectare, is grasland ten behoeve van de melkveehouderij. Het areaal natuurlijk grasland is momenteel slechts 100 hectare. Het gebruik van het boerenland is verdeeld zoals weergegeven in bijgevoegde grafiek.
Voor de ruim 500 boeren in onze gemeente is de bodem een belangrijke productiefactor. Het overgrote deel van de grond wordt gebruik voor de productie van voedergewassen voor de melkveehouderij. Een maximale productie en het winnen van kwalitatief goed ruwvoer is essentieel om tegen een zo laag mogelijke kostprijs een goed product te kunnen afleveren. Het resultaat hiervan is dat de afgelopen eeuw de flora en fauna op het boerenland sterk is veranderd. Het aantal plantensoorten, insecten en vogels is flink achteruitgegaan. Dit zien we in onze gemeente onder andere terug in het aantal weidevogels 1.
Figuur 3. Gebruik Landbouwgrond Hof van Twente
Aantal uitgekomen broedsels Jaren 2016 kievit 143 grutto 2 wulp 4 scholekster 22 tureluur 0
2017 131 3 4 8 1
2018 177 2 7 13 2
Figuur 4. Uitgekomen weidevogel broedsels
1
7
Bron: H Kraak (Weidevogelwerkgroep, onderdeel van Hooltwark)
2019 139 6 8 11 2
2020 126 5 12 9 0
Onze ambitie Ons boerenland bevat een gezonde bodem en financieel gezonde bedrijven. Het boerenland zorgt voor voldoende en gezond voedsel en is een broedplaats voor flora en fauna. Rondom het Boerenland werken we aan herstel en versterking van landschapselementen.
Waar liggen kansen en wat gaan we doen? De kansen om het boerenland te laten floreren liggen bij het herstellen van de bodemvruchtbaarheid, het stoppen van de negatieve ontwikkeling van weidevogels, het werken aan kringlooplandbouw en het stimuleren van het gebruik van natuurlijk grasland. Tot slot is het belangrijk om te werken aan herstel en aanplant van landschapselementen.
De bodem is de basis De afname van de biodiversiteit gaat op den duur ook ten koste van de productie. Dit is als eerste merkbaar aan het bodemleven. Zonder bodemleven is er geen ontsluiting van mineralen en nutriënten en dus geen productie. Daarnaast zijn bijen en hommels onmisbaar voor de bestuiving. De boeren zien ook meer en meer de noodzaak en uitdaging om aan de slag te gaan met de bodemvruchtbaarheid. Het op orde hebben van de bodemvruchtbaarheid is essentieel voor de toekomst. • •
We werken samen met Mineral Valley Twente aan proeftuinen gericht op het verbeteren van de bodemvruchtbaarheid. Wij stimuleren onze boeren om mee te doen met de proeftuinen binnen Mineral ValleyTwente.
Figuur 5 Ook het leven in de bodem behoort tot de biodiversiteit en speelt een cruciale rol in vele ecosystemen en het bedrijf van elke agrariër. Foto van M. van Delzen (Mineral Valley Twente).
8
Weidevogels Een zichtbare negatieve ontwikkeling is de achteruitgang van de weidevogels. Een groot aantal agrariërs en vrijwilligers in onze gemeente volgen nauwlettend de ontwikkeling van bijvoorbeeld de Kievit en Grutto. Ondanks het feit dat er in onze gemeente geen reële vergoedingen zijn om maatregelen te treffen gaat het in onze gemeente ten opzichte van “betaalde weidevogelgebieden” nog redelijk. Door in overleg met agrariërs gebieden specifiek in te richten voor weidevogels, waarbij sprake kan zijn van vergoedingen, liggen er goede mogelijkheden om het aantal weidevogels te laten groeien. Vernatting en/of het realiseren van “plas-dras” gebieden is een belangrijk aandachtspunt. Hierop kan een koppeling met “groeneblauwe” diensten gemaakt worden. •
•
Samen met de Stichting Weidevogels Hof van Twente en onze agrarische ondernemers nemen we in een drietal gebieden gerichte maatregelen die bijdragen aan het versterken van de weidevogelstand. We gaan samen met de Stichting Weidevogels Hof van Twente en onze agrarische ondernemers in gesprek met de provincie en de waterschappen om middelen beschikbaar te krijgen. Figuur 6 Een fotogenieke gele kwikstaart. Foto van H. Kraak.
Kringlooplandbouw Werken aan kringloop landbouw, circulaire landbouw, de biodiversiteitsmonitor voor de melkveehouderij en akkerbouw, er gebeurt veel. Er zijn veel aanknopingspunten waarmee agrarische ondernemers aan de slag kunnen. In onze gemeente wordt in de gebieden Markelo Noord en Twickel via pilots geëxperimenteerd. Landelijke worden in de sectoren akkerbouw en melkveehouderij biodiversiteitsmonitoren opgezet waarmee meerwaarde zichtbaar wordt, wat wellicht door kan werken in de prijs voor de producten. • •
9
De kennis en ervaring vanuit de projecten Markelo Noord en Twickel delen we en gebruiken we om tot meerdere gebiedsgerichte samenwerkingsprojecten te komen. We ondersteunen en faciliteren om aan te haken en gebruik te maken van de mogelijkheden van het Agro&Food programma van de provincie Overijssel
Meer natuurlijk grasland Natuurlijke graslanden worden extensief beheerd en zijn zeer kruidenrijk. Met name melkveehouders experimenteren inmiddels ook meer en meer met kruidenrijke graslanden. Via de regeling Subsidie Agrarisch natuur- en landschapsbeheer (SNL) ontvangen veel agrariërs en organisaties vergoedingen voor het beheer van natuurlijke graslanden. In onze gemeente zijn de mogelijkheden zeer beperkt. Wanneer er ruimte is voor beheersvergoedingen wordt een areaal natuurlijk grasland van 5 á 10% realistisch. Dit betekent in onze gemeente een streven van 900 hectare extra ruimte voor agrarische natuurbeheer. Hiervoor is een structurele financiering van 1 miljoen euro per jaar nodig. •
Samen met agrariërs werken we een ambitiekaart natuurlijk/kruidenrijk grasland uit, waarbij we uitgaan van een leefgebiedenbenadering conform Agrarisch Natuur- en Landschaps- beheer. Hierbij zoeken we de samenwerking met de provincie Overijssel en Collectief Midden Overijssel. We werken aan het versterken van de “basis kwaliteit natuur” en op basis van een Maatschappelijk Kosten en Baten Analyse (MKBA) zoeken we naar de noodzakelijke structurele financieringen, bijvoorbeeld via de bestaande SNLregeling en/of Europese GLB-gelden (gemeenschappelijk landbouwbeleid).
Houtwallen, boompartijen, bossen en akkerranden Houtwallen en akkerranden zijn gewilde en nuttige verbindingswegen en schuilplekken voor onder andere vogels, insecten en ook groter wild. Ze fungeren als ecologische verbindingen. Daarnaast vormen ze landschappelijk een meerwaarde. Veel houtwallen zijn de afgelopen eeuw geheel of gedeeltelijk verdwenen. Losse “boompartijen” en/of solitaire bomen in een wei komen we nagenoeg niet meer tegen. Inmiddels doen we aan de hand van de pilot akkerranden ervaring op met het realiseren van ecologische zones. • Samen met agrariërs, Agrarische natuurvereniging Hooltwark en overige betrokken partners zoals Markelokaal en Hofvogels werken we aan een ambitiekaart ecologische verbindingswegen boerenland. Op basis van deze ambitie gaan we voor herstel en aanleg van Houtwallen, akkerranden en boompartijen. Ook werken we samen aan de onderhouds- en beheersplannen.
Figuur 7 Een holle weg in de gemeente: een ecologisch en landschappelijk zeer waardevol element. Foto van E. Nauta.
10
• Samen met agrariërs en overige partners spelen wij in op de provinciale en landelijke inzet om boompartijen en bossen te realiseren.
2.3 Erven Waar hebben we het over? Onze gemeente kent een uitgebreid buitengebied met daarop vele erven die allemaal hun eigen karakteristieken hebben. Van oudsher is een erf een plek met veel verschillende natuurlijke elementen op een relatief klein gebied. Het is de plek waar geleefd wordt, vaak in combinatie met een (agrarisch) beroep. Er is een tuin en er worden van oudsher eigen fruit en groente verbouwd. Andere natuurlijke elementen die daarbij horen zijn bijvoorbeeld een poel, takkenril of bloemenweide. Door al deze verschillende elementen Figuur 8 Voorbeeld van een erfinrichtingsplan, opgesteld door kennen erven een hoge biodiversiteit aan planten, M. Degen van Landschap Overijssel dieren en insecten, die er voedsel vinden of nestgelegenheid. Deze elementen nemen echter af. Dit komt onder andere omdat erven en tuinen steeds netter worden. Gaten en kieren worden dichtgestopt en rommelige hoekjes worden opgeruimd. Het goede nieuws is dat de dieren al gebaat zijn bij kleine maatregelen en de biodiversiteit weer toeneemt. Veel bewoners zijn er zich niet van bewust dat ze met een aantal aanpassingen de natuur en biodiversiteit al kunnen helpen. Uit onze gehouden enquête bleek dat dat veel erfbewoners hier graag aan meewerken (zie figuur 9).
Onze ambitie De 750 agrarische erven zijn door middel van één of meerdere maatregelen natuurvriendelijk(er) ingericht. Dat is gebeurd door erven (en aangrenzende landschappen) functioneel en natuurvriendelijk in te richten met natuurlijke elementen. We zullen dus een plan opstellen voor erven en ook per buurtschap een gebiedsplan uitwerken waarin deze erven (ecologisch) met de omgeving zijn verbonden.
Waar liggen de kansen en wat gaan we doen? Figuur 9 Resultaten uit een enquête die gedaan is onder inwoners van de De kansen om de erven te laten floreren zitten in het gemeente. Hieruit blijkt dat veel erfeigenaren mee willen werken aan adviseren en inlichten van erfbewoners, het opstellen biodiversiteit in de Hof. van erfinrichtingsplannen en het ecologisch verbinden van erven en het buitengebied met een gebiedsgerichte aanpak. Dit doen we in samenwerking met de ervencoaches en andere ontwikkelingen die we willen realiseren in het buitengebied zoals het verwijderen van asbest.
11
Opstellen Erfplannen Om erven meer bio-divers in te richten is de eerste stap om de bewoners van een erf voor te lichten en te informeren. Dit om te laten zien dat het mogelijk is om natuurlijke elementen op het erf terug te brengen en wat dit doet voor de biodiversiteit. De ervaring leert dat veel mensen graag willen meewerken met het realiseren van natuurlijke elementen als ze maar weten wat mogelijk is en wat de positieve effecten zijn. •
De ambitie is om de 750 agrarische erven te voorzien van een advies. Om dit te realiseren werken we samen met lokale partijen zoals Stichting Hofvogels, IVN Diepenheim, Maarkels Landschap en Markelokaal. Maar ook met regionale partijen zoals Landschap Overijssel, de provincie en Natuur en Milieu Overijssel.
250 ervan aanpakken Van de 750 erven die we voorzien van een advies is de ambitie om na planvorming 250 erven door middel van één of meerdere maatregelen natuurvriendelijk(er) in te richten. Voor het pakket aan mogelijke maatregelen sluiten we aan bij het platform Natuur voor Elkaar. Dit is een platform ontwikkeld door de provincie Overijssel in samenwerking met Landschap Overijssel. Zij hebben een lijst met kleine en grote maatregelen ontwikkeld hoe je een erf natuurvriendelijk kan inrichten. Dit varieert van relatief makkelijke acties zoals het ophangen van nestkasten tot het aanleggen van een kikkerpoel of aanleggen van een singel.
Figuur 10. Uitwerking Natuurerf, voor meer info zie https://www.hofvogels.nl/natuurerf/
12
Verbinding tussen erven en omgeving Het verhogen van de biodiversiteit gaat met grote stappen als je verbindingen aanbrengt tussen de natuurlijke erven en de omgeving. Een gebiedsgerichte aanpak waarbij de plannen voor bermen, erven, akkers en natuurgebied(-jes) in een bepaald gebied op elkaar zijn afgestemd kan ervoor zorgen dat deze elementen elkaar versterken. Door samen op te trekken met verschillende partijen in een gebied voelen alle deelnemers zich meer verbonden met hun eigen leefgebied. De motivatie om aan de slag te gaan is hoger en door de input vanuit verschillende kanten worden de acties uit het plan breed gedragen. Ambitie is om in alle buurtschappen een gebiedsgericht plan op te stellen. •
Samen met alle bewoners en andere belanghebbende partijen wordt een plan opgesteld en uitgevoerd om verbinding aan te brengen tussen alle individuele initiatieven en ideeën.
Figuur 11 Impressie van een gebiedsplan door waterschap Vechtstromen
13
2.4 Kernen Waar hebben we het over? Gebieden binnen de bebouwde kom kunnen een leefgebied vormen voor vogels, kleine zoogdieren, planten en mensen. Dit is sterk afhankelijk van hoe ‘groen’ de wijk of buurt is. Ook speelt de kwaliteit van groen een belangrijke rol: op een strak grasveldje kun je maar weinig verschillende soorten vogels tegenkomen. Een lommerrijke wijk is daarentegen een oase voor vele (bijzondere) “stadsvogels”. De bebouwing in de kernen beslaat 627 hectare van de in totaal 21.500 ha in de gemeente. Onze ambitie Verharding heeft, waar dat mogelijk is, plaatsgemaakt voor groen. Verschillende soorten vogels, insecten en planten zijn terug in de bebouwde kom en zorgen voor een kleurrijke, natuurlijke leefomgeving waar iedereen van kan genieten. De gemeente heeft samen met de bewoners veel gerealiseerd maar heeft ook het goede voorbeeld gegeven in de openbare ruimte. Veel mensen zijn zich bewust van de waarde van biodiversiteit voor de leefomgeving. Er is een “juiste” balans tussen mens en natuur in kernen. Doel: 25 % meer kwalitatief groen en meer bomen. Tien groene buurten en voor iedere school een groen schoolplein. Daarnaast zijn de leefgebieden in de kernen verbonden via bermen, ecologische boerenlandstructuren en biodiverse erven met natuurgebieden en het florerende buitengebied. Het vergroenen van kernen heeft ook positieve effecten op het leefklimaat.
Minder hittestress, water kan beter worden opgevangen, het is goed voor de gezondheid van inwoners en de huizen kunnen meer waard worden. Waar liggen de kansen en wat gaan we doen? De kansen voor het verbeteren van de kwaliteit en kwantiteit van groen liggen in het openbaar groenbeheer, het vergroten van de oppervlakte groen in de openbare ruimte en het stimuleren van bewoners om op particuliere grond actie te ondernemen. Voor dit alles is een sterke communicatie van groot belang.
Figuur 12 Vergroening speelt bij de herinrichting van de Lijsterstraat een grote rol. Schets van Odin Landschap.
Ecologisch beheer van openbaar groen In de openbare ruimte zijn veel groenvakken, grasvelden en overige beplantingsvakken in gemeentelijk beheer. Deze grond biedt een kans om op korte termijn maatregelen te treffen ten behoeve van biodiversiteit. Het beleid voor het onderhoud is vastgelegd in het beeldkwaliteitsplan en het groenbeheerplan. Het meeste groen in de wijken heeft vooral een functie voor het welbevinden in de leefomgeving; ze zijn uit oogpunt van simpel onderhoud gecultiveerd aangelegd. In het programma formuleren we een nieuwe manier van onderhoud die erop gericht is om de biodiversiteit te versterken. •
14
Inventariseren welke beheereenheden in aanmerking komen voor extensiever, biodiverser beheer. Dit wordt vervolgens aangepast in het beheercontract met Gildebor.
Vergroten kwaliteit en oppervlakte groen in de openbare ruimte Een tweede aandachtspunt is het omvormen van ‘grijze’ openbare ruimte naar ‘groene’ openbare ruimte. Hierdoor wordt het oppervlak aan groen vergroot en neemt het potentiële leefgebied voor veel dieren en planten toe. Daarnaast worden marktpartijen uitgedaagd om te innoveren op het gebied van ecologisch groenonderhoud. Een onderzoek door bureau Daslook geeft praktische kaders voor het effectief ecologisch beheren van openbaar groen. Op basis van het aanbestedingsbeleid kan “groen” worden aanbesteed waarbij concrete ecologische doelen onderdeel zijn van het afwegingskader. • •
•
We zetten de Groene loper 2.0 in om groene buurtinitiatieven te (blijven) ontwikkelen en steunen. Bij ruimtelijke ontwikkelingen zoals woningbouw of het aanleggen van een bedrijfsterrein stellen we plannen op waarmee de biodiversiteit gestimuleerd kan worden. Hierin werken we samen met team Openbare ruimte en team Ruimte en economie. Voor elke kern wordt samen met de inwoners één of meerdere kernplan(nen) uitgewerkt en uitgevoerd. Hierbij wordt gebruik gemaakt van het bestaande groenstructuurplan.
Tuinen, daken en balkons Het herstel van biodiversiteit doen we gelukkig niet alleen. In de kernen wordt een beroep gedaan op iedereen die een steentje bij wil dragen aan de leefomgeving. We treffen daarom maatregelen om het voor deze mensen zo makkelijk mogelijk te maken om huizen en tuinen te vergroenen door: •
•
Een pakket aan te bieden waarin maatregelen voor vergroening van particulier eigendom gestimuleerd worden. Bijvoorbeeld in de vorm van subsidie voor groene daken, gevelbeplanting, bloemenzaad voor in de tuin. Met Operatie Steenbreek, woningcorporaties en provincie Overijssel acties op touw zetten om inwoners en organisatie laagdrempelig de mogelijkheid te bieden stenen in te ruilen voor groen.
Figuur 13 Het groene dak van de Heeckerenschool in Goor, foto van Goorsnieuws.
Communicatie Onder meer uit de gehouden enquête is duidelijk geworden dat inwoners graag advies en voorlichting willen krijgen om te leren wat zij kunnen betekenen voor de natuur. Ook is het van belang om ander beheer in de openbare ruimte goed te communiceren. Waarbij het belang en de gevolgen ervan goed besproken worden. Dit is nodig voor draagvlak en acceptatie van ander beheer en nieuwe inrichtingen en maatregelen. •
15
We organiseren in samenwerking met de Groene loper, Steenbreek en andere partners seminars (webinars), bijeenkomsten en excursies om aan verschillende doelgroepen advies en voorlichting te verschaffen.
2.5 Bermen Waar hebben we het over? Het maaien van de bermen (circa 225 ha) wordt nu jaarlijks aanbesteed via Gildebor aan lokale aannemers. In juni wordt alleen de eerste meter in de berm gemaaid en in september de hele berm. De sloten worden eens in de twee jaar gemaaid, elk jaar 50% van het totaal en waar mogelijk tegelijk met de tweede maaironde van de bermen in september. Het beeld buiten is niet altijd gelijk aan dit beheer omdat een deel van de bermen uit gewoonte ook door aanliggende inwoners wordt gemaaid. Dit wordt dan geklepeld. Nadat in 2000 in Markelo een monitoringsonderzoek heeft plaats gevonden naar de ecologische waarde van de bermen, werden alle bermen (eerst in Markelo en later Hof-breed) met een maaizuig- combinatie gemaaid. Dit was al een eerste stap naar een meer ecologisch beheer en onderhoud. Daarvoor werd alleen geklepeld, waarbij gras achter bleef en de berm werd verrijkt en er bijna geen geschikte groeiplaats was voor andere soorten dan gras.
Onze ambitie We willen door een andere, efficiëntere manier van beheer 75% van de huidige gemeentelijke bermen een ecologische impuls geven, zodat de soortenrijkdom toeneemt. In 2030 vormen onze ecologische bermen een verbinding tussen waardevolle ecologische gebieden en zijn esthetisch aantrekkelijker met meer soorten en meer kleur. Ze zijn een gewilde plek voor insecten en vogels die hier van nature thuis horen. Deze aantrekkingskracht doet het buitenleven floreren en is een toeristische trekpleister geworden.
Figuur 14 Referentiebeeld van een ecologisch beheerde berm in het buitengebied. Foto van A. Stip van de vlinderstichting. Hoewel deze berm volstaat met Fluitenkruid zijn de exacte soorten die opkomen per landschap sterk verschillend.
Bijgaand nevendoel van biodiversere bermen is het afnemen van overlast veroorzakende soorten zoals de Eikenprocessierups. Dat komt omdat er dan meer natuurlijke vijanden van de Epr zullen ontstaan, zoals de sluipwesp. Als dit slaagt en een succes wordt kunnen de kosten die nu met de bestrijding ervan gemoeid zijn op termijn wellicht ook afnemen. Naast het voordeel voor de eikenprocessierups heeft het ook een gunstige werking voor andere verstorende soorten zoals bijvoorbeeld Japanse Duizendknoop, Reuzenbalsemien en het nuttige maar giftige Jacobskruiskruid. Waar liggen de kansen en wat gaan we doen? Concreet betekent dit: anders gaan maaien en het afvoeren van maaisel. Uit ecologisch oogpunt en botanische kwaliteit dient voor de lange duur het maaisel afgevoerd te worden waarmee een verschraling van de toplaag wordt gerealiseerd. Hierdoor krijgen andere soorten dan gras meer kans om te wortelen in de aarde en zal er naar verwachting ook minder massa ontstaan. Mogelijk levert dit een financieel voordeel op, mits het nieuwe ecologische beheer voor de lange duur wordt voortgezet.
16
Plan van aanpak ecologisch bermbeheer We gaan met behulp van een ecoloog een plan van aanpak maken voor dit nieuwe beheer. Er wordt na veldinventarisatie een bermenpriorteringslijst opgesteld. De ecoloog is inmiddels gestart en zal de conceptresultaten in de zomer opleveren, zodat we met het nieuwe beheer dit jaar nog kunnen starten. Het plan van aanpak wordt vertaald in een aanbesteding voor 5 tot 7 jaar. Hierdoor kan het ecologische beheer ook echt vruchten afwerpen. Een langere aanbestedingsperiode biedt een belangrijke borging voor het ecologisch beheer. Het kan voor de biodiversiteit pas effecten hebben wanneer het langdurig en consequent wordt uitgevoerd.
•
In samenhang met de kwaliteit van het landschap (landschapsontwikkelingsplan) zullen een aantal beheergebieden voor de bermen worden aangewezen, waarbij passende doelsoorten uit uitgangspunt van het beheer zullen vormen. Figuur 15Uitsnede van het landschapsontwikkelingsplan
Figuur 15 https://www.hofvantwente.nl/wonen/buitengebied/landsch apsontwikkelings-plan
Communicatie Belangrijk onderdeel van het opstellen van het plan van aanpak zal de communicatie zijn. Een ecologische of biodiverse berm zal er namelijk anders uitzien. Voor de een is dat prachtig door de aanwezigheid van meer diversiteit en een bloeiende aanblik. Voor de ander zal dit even schrikken zijn, uit angst voor neven effecten, bijvoorbeeld langs landbouwpercelen. Er moet goed uitgelegd worden waarom biodiversiteit prioriteit nummer 1 is geworden, zelfs op mondiaal niveau. En er dus samen met o.a. agrariërs gekeken moet worden naar het verbinden van kansen voor akkerranden, sloten en bermen. Experimenteren en monitoring We zullen gaan experimenteren met beheervormen in daarvoor geschikte bermen in bepaalde gebieden, via pilots, ten behoeve van de soortenontwikkeling. Samen met onze gebiedspartners willen we de effecten van ecologisch bermbeheer gaan monitoren. Hiervoor is een app beschikbaar die iedereen kan gebruiken. Zo ontstaat naast een natuurlijk draagvlak, ook een wedijver voor de meest ecologische situatie. Aan het eind van volgend jaar ligt er voor de komende jaren een plan van aanpak met aanbevelingen voor: • • • • • • •
17
Ons gemeentelijk ecologisch maaibeheer Maaibeheer voor particulieren Herinrichting bermen (inclusief zaaiproeven) Relatie tussen bermen, bomen en beplanting Bodemchemie optimalisatie Aannemers: werkwijze en opleiding Materieel: gebruik en toepassing
Figuur 16 Ook in Mineral Valley Twente wordt volop geëxperimenteerd met Bermmaaisel. Foto van K. Nijland.
•
Mogelijkheden onderzoeken om boeren en inwoners in te zetten bij berm en slootbeheer
3. Integrale doelen en meekoppelkansen In dit hoofdstuk wordt duidelijk dat door de uitvoering van het programma biodiversiteit wordt gewerkt aan veel meer dan het versterken van de biodiversiteit. Aan de hand van ecosysteemdiensten en aanknopingsprogramma’s worden bijdragen aan andere opgaves uiteengezet.
3.1 De waarde van Biodiversiteit Met het programma biodiversiteit kan de leefomgeving in zijn geheel worden aangepakt. Door het verhogen van de kwantiteit en kwaliteit van natuur wordt bijgedragen aan onder andere de verbetering van waterkwaliteit, landschapsherstel en gezondheid. Het versterken van biodiversiteit is tevens ook een belangrijke factor in klimaatmitigatie en adaptatie. Want uiteindelijk gaat het om het veilig en leefbaar maken van de leefomgeving van de inwoners uit Hof van Twente. Deze meerwaarde wordt uitgedrukt in ecosysteemdiensten (zie figuur 17).
Een bepaald niveau aan biodiversiteit is de basis voor het opleveren van ecosysteemdiensten. 2 Met het programma biodiversiteit wordt een bijdrage geleverd om al deze diensten in stand te houden en te vergoten. Het vergroten van de kwantiteit aan groen draagt bij aan klimaatadaptatie doordat water kan worden vastgehouden en de omgeving wordt afgekoeld. Tot slot heeft dit ook een positief effect op de waarde van vastgoed 3.
Regulerende diensten
Producerende diensten Voedsel Drinkwater Biomassa • Energie • Materiaal
Plaagbestrijding Bestuiving Schoon water Schone lucht CO2 vastleggen Broeikasgasreductie Bodemvorming
Culturele diensten Gezondheid Recreatie Cultuurhistorie/ gebiedsidentiteit Vastgoedwaarde
Biodiversiteit Figuur 17 De verschillende diensten die biodiversiteit levert aan de inwoners van de gemeente Hof van Twente, gebaseerd op Remme, et al. 2 (2018) ecosysteemdiensten zijn& onderverdeeld in de categorieën producerend (het vermogen goederen te produceren), regulere nd (het Vos,deGrashof-Bokdam, Opdam, 2014 vermogen om processen te reguleren) en cultureel (diensten die te maken hebben met de interactie tussen mens en natuur). 3
Meiresonne & Turkelboom, 2014
18
3.2 Meekoppelkansen Programma duurzaamheid Het programma duurzaamheid heeft als doel om de gemeente in 2035 energieneutraal te maken om zo de CO2 uitstoot te beperken. Het programma biodiversiteit bewerkstelligt dit door het versterken van de ecosysteemdiensten CO 2 – vastleggen en broeikasgasreductie. In dit programma wordt actief gezocht naar samenwerking met het programma duurzaamheid om meekoppelkansen te benutten bij de invulling van de energietransitie. Gezonde verbinding In het visiedocument gezonde verbinding stelt de gemeente dat Met de inrichting van onze leefomgeving de gezondheid en het welbevinden van onze inwoners positief beïnvloed kan worden. Studies (o.a. Keesing & Ostfield, 2015 en UN Environment, 2019) hebben aangetoond dat de biodiversiteit invloed heeft op de menselijke gezondheid. Meer groen en een sterkere biodiversiteit kunnen leiden tot een gezondere leefomgeving, omdat zij bijdragen aan een schone lucht en een omgeving die uitnodigt om naar buiten te gaan. Herstructurering openbare ruimte Het proces van de herstructurering openbare ruimte is een transitie van normgericht beheer naar mensgericht beheer. Dit heeft gevolgen voor de (groene) leefomgeving.
In het programma biodiversiteit wordt zodoende actief gezocht naar manieren om biodiversiteit te borgen in het nieuwe beheer en wellicht een oplossingsrichting kan zijn voor een meer kostenefficiënt beheer. Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving Sinds december 2015 werkt de gemeente Hof van Twente met het beleidskader Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving (KGO). Door dit instrumentarium zijn in het buitengebied meer mogelijkheden voor uitbreidingen en ontwikkelingen. Naast het bieden van ontwikkelingsruimte zijn er kaders en voorwaarden om te werken aan het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit. Door in de erfplannen en/of landschapsplannen gerichte biodiversiteitsopgaven op te nemen werken we aan het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit en biodiversiteit. Omgevingswet De Omgevingswet regelt onder andere het belang van natuur als onderdeel van de fysieke leefomgeving. De wet borgt het welzijn van de mens, verbetert de bescherming van natuurkwaliteiten en breidt deze zo nodig uit. Soortenbescherming is een onderdeel van de Omgevingswet. Het vertalen van onze aanpak in omgevingsvisie en een omgevingsplan is als uitvoeringsonderdeel van ons programma opgenomen. Masterplan Asbest en Toekomst Gerichte Erven Deze programma’s zijn naast het opruimen van asbest gericht op het toekomstbestendig maken van erven en bermen.
De investeringen in het saneren van asbest en/of ontwikkelen en/of vergroenen van het erf kunnen we koppelen aan de investeringen in biodiversiteit. Er wordt aansluiting gezocht bij de programmering van de erven aanpak en saneringsprojecten. Mineral Valley Twente Gezamenlijk met de provincie, Twentse gemeenten en diverse partners worden er onder Mineral Valley Twente proeftuinen opgezet en uitgevoerd. Proeftuinen binnen onze gemeente die gericht zijn op bijvoorbeeld kringlooplandbouw, aanleggen van natuurlijke akkerranden en het verbeteren van de bodem koppelen we aan ons programma biodiversiteit.
19
4. Uitvoering en planning De uitvoering van het programma heeft een zeer integraal karakter op verschillende niveaus in verschillende organisaties en groepen. De basis is een gebiedsgerichte aanpak zodat initiatieven en maatregelen onder regie en coördinatie van de gemeente elkaar gaan versterken. In dit hoofdstuk werken we onze gebiedsgerichte aanpak nader uit. Daarnaast geven we in dit hoofdstuk aan hoe we de monitoring vormgeven en welke algemene kaders van toepassing zijn voor de pilots en projecten.
4.1 Gebiedsgerichte aanpak Een belangrijk uitgangspunt van het programma is de gebiedsgerichte aanpak. De omvang van een gebied wordt bepaald door de aard van de samenwerking en de samenhang tussen verschillende partijen om resultaten van biodiversiteitsherstel te kunnen bereiken. Door te sturen op samenhang wordt versnippering van leefgebieden tegengaan. De effectiviteit van de maatregelen wordt groter en de resultaten zijn zichtbaarder.
Lokaal eigenaarschap zorgt voor zichtbare belangen dichtbij en ook gedeeld eigenaarschap met de buren. Maatregelen bij de buurman hebben veel invloed op de effectiviteit van de eigen maatregelen. Daarom is het gewenst dat in gebieden partijen die het verschil kunnen gaan maken elkaar beter weten te vinden.
Figuur 18 De schematische weergave van de gebiedsgerichte aanpak.
20
4.2 Nulmeting en monitoring Gebiedsgericht en projectgericht werken we samen met initiatiefnemers, inwoners en ondernemers nulmetingen uit. Dit houdt in de dat per gebied en per project pragmatisch wordt bepaald welke soort metingen verricht worden. Voor de standaard meting maken we gebruik van de Meetlat Biodiversiteit die ontwikkeld is door praktijkcentrum IPC Groen Ruimte. Om laagdrempelig de biodiversiteit te kunnen meten is speciaal een app voor de smartphone ontwikkeld die gebruikt maakt van deze meetlat. Door middel van een aantal vragen over elementen in het gebied geeft de app een score aan de biodiversiteit in een gebied. Na uitvoering van alle maatregelen wordt de vragenlijst van de app jaarlijks een aantal keren doorlopen en komt er regelmatig een score voor het gebied. Zo is in de tijd te meten wat de verandering is. De app is zo gemaakt dat deze na een korte uitleg gebruikt kan worden door meerdere personen. Op die manier hopen we een groot gedeelte van onze Figuur 19 De eindberekening van de meetlat biodiversiteit. Door verschillende scores bij elkaar op te tellen wordt een totaalscore voor een gebied berekend. Voor meten van effecten op de biodiversiteit gemeente in kaart te van projecten hanteren we een periode van 5 jaar. kunnen brengen.
De kracht van de app is dat gebruikers niet naar details hoeven te kijken zoals aantallen insecten, vogels en unieke planten. In plaats daarvan wordt gekeken naar unieke elementen in een landschap. Zie je bijvoorbeeld hoge bomen? Zie je een poel? Etc. Deze elementen geven een redelijk goed beeld welke dieren en planten gevonden kunnen worden. Het voordeel van deze manier van monitoren is dat het laagdrempelig is en gemakkelijk in gebruik door meerdere partijen. Dit geeft dus geen exact resultaat van aantallen planten en dieren met een inventarisatie van unieke exemplaren, maar wel een goed beeld van de ontwikkeling van de biodiversiteit. Naast onze pragmatische gebieds- en projectgerichte metingen sluiten we voor de totale monitoring ook aan op de programma’s die landelijk worden uitgerold. Daarnaast willen wij met de onderliggende projecten ook aansluiten op sector gerichte monitoringsafspraken, zoals we die bijvoorbeeld kennen in de melkveehouderij en akkerbouw.
21
4.3 Projecten en Pilots De concrete investeringen in de versterking van de Biodiversiteit doen we via projecten en pilots op basis van projectplannen met een projectbegroting. Vanuit het programma Biodiversiteit stellen we subsidie beschikbaar. Inmiddels hebben we geëxperimenteerd met bijvoorbeeld de pilot Akkerranden en de projecten Natuurerf: opmaat voor Biodiversiteit en Langjarig Landschapsbeheer Markelokaal. Bij de ontwikkeling van projecten en pilots wordt zoveel mogelijk aansluiting gezocht bij provinciale, landelijke en Europese regelingen. Onderstaand een overzicht van de algemene kaders voor aanvragen. ✓ Aanvragen en plannen onder het programma Biodiversiteit kunnen ingediend worden tot en met 31 december 2022 of totdat het beschikbare budget is bereikt. ✓ Projecten moeten aantoonbaar bijdragen aan de versterking van de Biodiversiteit in onze gemeente en dragen ook bij aan bewustwording van kennisontwikkeling. De monitoringsapp kan hiervoor worden ingezet, maar op alternatieve wijze aangetoonde biodiversiteitswinst, volstaat ook (mits van tevoren besproken). De wijze van nulmeting en inschatting van de winst op biodiversiteit zal per soort project nog nader worden uitgewerkt. Lopende projecten of voortzetting van reeds gestarte projecten hoeven niet meer aan de eis van aantoonbare biodiversiteit te voldoen.
✓ De maximale bijdrage vanuit het programma bedraagt 25% tot 50%. Indien mogelijk wordt de bijdrage afhankelijk gemaakt van de biodiversiteitswinst die behaald wordt door uitvoer van het project. Uitgangspunt is dan: “de maximale bijdrage vanuit het programma bedraagt 25%”. Bij een toename van de biodiversiteitsscore van 25% volgens de meetlat in 5 jaar en 50% wanneer de soorten met de helft zijn toegenomen. De monitoringsapp kan hiervoor worden ingezet, maar op alternatieve wijze aangetoonde biodiversiteitswinst, mits vooraf besproken, volstaat ook. ✓ Er moet sprake zijn van een samenwerking en het project moet ingepast kunnen worden binnen de gebiedsgerichte aanpak. ✓ Indien mogelijk wordt gebruik gemaakt van bestaande passende provinciale, landelijk en/of Europese regelingen. ✓ Voor het opmaken en uitwerken van projectplannen is ambtelijke ondersteuning beschikbaar en kan gebruik gemaakt worden van de Groene Loper Hof van Twente en/of lokale organisaties uit de kerngroep. ✓ In de aanvragen worden de meekoppelkansen maximaal benut (bijvoorbeeld educatie of relaties met andere lopende biodiversiteit projecten en of klimaatadaptieve plannen). ✓ Het te realiseren projectresultaat moet minimaal 5 jaar in stand gehouden worden.
✓ Bij het project hoort communicatie een planonderdeel te zijn; het doel en de voortgang moet gedeeld worden via bijvoorbeeld (sociale) media en moet geschikt zijn om in de gemeentelijke communicatiekanalen te delen. ✓ Na de uitvoering van het project mag er geen sprake zijn van een kostenverhogende (beheer)situatie, het effect andersom heeft een pre. ✓ Er mag alleen sprake zijn van streekeigen en inheems plantmateriaal die de kwaliteit van het landschap en/of de omgeving versterkt. 22
4.4 Biodiversiteit bij ruimtelijke ontwikkeling Juist bij nieuwe ontwikkelingen liggen kansen om de biodiversiteit te vergroten. Het is daarom wenselijk dat het belang van biodiversiteit integraal wordt meegenomen in de planvorming. Om dit te borgen worden procesafspraken en/of kaders ten aanzien van biodiversiteit opgesteld. Hierbij worden afspraken vastgelegd om biodiversiteit te waarborgen bij het ontwikkelen van bijvoorbeeld nieuwe bedrijfsterreinen en woonwijken, het vernieuwen van oudere woonwijken, hergebruik van vrijkomende agrarische bedrijfsgebouwen en/of de ontwikkeling van Rood voor Rood locaties. Daarbij kan ook nagegaan worden in hoeverre de keuze voor duurzame en/of biodiverse maatregelen “beloond” en “gestimuleerd” kunnen worden. Dit werkproces wordt opgesteld met de teams Economie & en ruimte en Openbare ruimte en gaan we als integraal onderdeel inbrengen bij de ontwikkeling van de omgevingsvisie. De omgevingswet biedt goede kansen om onze ambities concreet te maken en (juridisch) te borgen. Waar mogelijk en passend leggen we de afspraken vast in het omgevingsplan.
4.5 Planning Uitvoering Gebiedsaanpak
Beschrijving Samen met inwoners werken we aan gebiedsplannen.
Partners Inwoners Ondernemers
Resultaat Zes plannen voor de kernen
Afronding Eind 2022
13 plannen voor de buurtschappen Monitoring
Pilots & Projecten
Het bijhouden van ontwikkelingen in biodiversiteit met behulp van de meetlat en andere systematiek.
Met pilots en projecten zetten we de “schop in de grond”.
Inwoners & Ondernemers in onze gemeente
Globaal overzicht van de biodiversiteit in de gemeente
Onderwijs & onderzoek
Nulmeting
Eind 2021
Eindsituatie
2030
Zie ambities aandachtsgebieden
2030
Biodiversiteit verankerd in beleid
Eind 2021
Initiatiefnemers Provincie Andere partners (zie Hoofdstuk 5.5)
Biodiversiteit in RO
23
Uitwerking in: KGO Vergunning Bestemmingsplan Omgevingsvisie Omgevingsplan
Beleidsmedewerkers gemeente & provincie
5. Organisatie en partners 5.1 Werkgroep biodiversiteit De ambtelijke werkgroep groen wordt gevormd vanuit de afdelingen Ontwikkeling en Leefomgeving. Deze werkgroep zorgt voor het programmamanagement en de coördinatie. De werkgroep organiseert onder andere ook de gebiedsbijeenkomsten, ondersteund initiatieven en legt projecten voor aan de Stuurgroep. Ook zorgt de werkgroep voor de terugkoppeling richting het college en de raad, werkt aan de samenwerking met buurtgemeenten, Provincie, Rijk en Europa en geeft ook invulling aan het Groen Loket Hof van Twente.
5.2 Stuurgroep biodiversiteit De stuurgroep biodiversiteit bestaat uit de wethouders Meulenkamp en Scholten, de afdelingsmanagers van leefomgeving en ontwikkeling en de programma-manager. De groep heeft de volgende taken: • • • •
Bewaken van de voortgang Goedkeuren van projecten Terugkoppeling naar de raadswerk groep Terugkoppeling naar de gemeenteraad 2x per jaar (bijvoorbeeld door middel van een excursie).
5.3 Kerngroep groen De kerngroep groen is een waardevolle klankbordgroep van partners (zie figuur 20) die zich al lange tijd inzetten voor het versterken van biodiversiteit in de gemeente. De kerngroep groen heeft in het programma een bijzondere rol en vervult verschillende functies. De groep is een kanaal om initiatieven te communiceren naar de werkgroep, zij bestaat immers zelf uit initiatieven op het gebied van groen. Daarnaast wordt de kerngroep ingezet bij de integrale planvorming. Er wordt gebruik gemaakt van de expertise die de leden kunnen en willen bieden bij het maken van gebiedsplannen. Per gebied wordt vastgesteld welke partner(s) hierbij betrokken worden. Ook wordt de kerngroep betrokken bij de uitvoering van de plannen. En daarnaast kunnen de communicatiekanalen van de verschillende partners in de groep een bijdrage leveren in de communicatiestrategie. Figuur 20 Kerngroep Groen, waardevolle klankbordgroep.
24
5.4 Groene Loper Hof van Twente De Groene Loper Hof van Twente is een lokaal initiatief om inwoners te betrekken bij allerlei groene initiatieven in de gemeente. De Groene Loper wordt ingezet voor begeleiding en ondersteuning bij het ontwikkelen en uitvoeren van de projecten. In de praktijk hangt de benodigde ondersteuning sterk af van de initiatiefnemers. Sommigen vragen begeleiding voor het maken van plannen terwijl anderen nagenoeg alles zelf kunnen. Het bieden van begeleiding is dan ook maatwerk.
5.5 Andere partners Voor kennis, ervaringen, financiële ondersteuning, communicatie en nieuwe manieren van werken wordt in het programma onderzocht hoe met partners in het netwerk van de gemeente wordt samengewerkt. Hieronder volgt een overzicht van de partijen die in beeld zijn voor eventuele samenwerking. • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •
25
Provincie Overijssel Groene metropool Twente Groene kennispoort Twente LTO Zuid Twente Mineral Valley Twente Duurzaamheidscoaches Schaapskuddes in de gemeente Prorail Rijkswaterstaat Gildebor Dorps-, stads- en buurtschapsraden Machtig Mooi Markelo Zoemt Wijkbeheer Landschap Overijssel Waterschap Vechtstromen Waterschap Rijn en IJssel Landgoederen Bedrijfsleven Hof van Twente Staatsbosbeheer Viverion Vitens Wonen Delden
Figuur 21 Bloemrijke akkerrand op het landgoed Twickel. Pachters doen mee met de pilot florerende akkerranden waarin onderzocht wordt hoe biodiverse randen kunnen bijdragen aan de ecologie en de bedrijfsvoering van agrariërs. Foto van R. Clarijs.
6. Communicatie In het programma wordt een communicatiestrategie opgesteld. Deze heeft twee doelen; inwoners en ondernemers inspireren en uitnodigen om mee te doen en het informeren over ander beheer in de openbare ruimte ten behoeve van biodiversiteit. Het uitnodigen gebeurt onder andere met behulp van de Groene Loper en de gebiedsbijeenkomsten. Ook de website van Hof van Twente (het Groenloket) en sociale media vervullen deze rol. Inspireren gebeurt doordat het programma lopende initiatieven onder de aandacht brengt. Het informeren over ander beheer is belangrijk voor het creëren en behouden van draagvlak bij de gebruikers van de openbare ruimte. De kern van de communicatieboodschap bestaat uit uitleg verschaffen over het hoe en waarom van de maatregelen die invloed hebben op de openbare ruimte. Hierbij worden duidelijk de voordelen en aandachtspunten van de maatregel overgebracht. Bewegingen zoals de groene loper kunnen hier een bijdrage in leveren, samen met wijk- en groenbeheer. Qua communicatie wordt aangesloten bij het programma Natuur voor elkaar van de provincie Overijssel omdat hier veel ervaring is opgedaan. Tevens biedt dit programma materialen en een bruikbaar kader voor de communicatie over biodiversiteit en natuur. Na vaststelling van dit plan van aanpak zal een samenvattend leesbaar en inspirerend boekje worden opgemaakt voor onze inwoners en ondernemers.
Figuur 22 Het werk ´Bees are few´ te Diepenheim, dit project werkten o.a. de kunstvereniging Diepenheim, waterschap Vechtstromen, IVN Diepenheim en gemeente Hof van Twente samen. Foto van J. Highnett
26
De communicatiestrategie wordt na de vaststelling van het plan van aanpak begin 2021 nader uitgewerkt. Kanalen die nu al in beeld zijn:
•Sociale media •Het Hofweekblad •Het groenloket •De Landschap-coördinator •Gebiedsbijeenkomsten •Communicatiekanalen Kerngroep Groen •Communicatiekanalen Mineral Valley •Communicatiekanalen Provincie Overijssel •Groene vakbladen
Het doel was om al in 2020 via gebiedsbijeenkomsten rechtstreeks de communicatie met onze inwoners op te pakken. Door Corona was dit helaas niet mogelijk. Als alternatief is gekozen om Biodiversiteit als prominent onderdeel op te nemen in de duurzaamheidskrant “Nu Doen” (Klik op de afbeelding om naar het document te gaan). Dit blad is huis aan huis in oktober verspreid. Via een QR-code hebben we naast informatie verstrekken ook meningen opgehaald via een enquête. Ruim 200 inwoners hebben gereageerd. In de bijlage (bijlage 8.2) zijn de resultaten samengevat. Als vervolg op deze vragenlijst zullen we (wanneer het weer kan) via gebiedsbijeenkomsten de uitkomsten bespreken.
27
7. Financiën Door de inzet “reserve Vitens gelden” is vanuit de gemeente één miljoen euro vrijgemaakt om de plannen uit te voeren. We kiezen voor het maximaal inzetten van het budget in groen en uitvoering en minimaal in processen. We kijken op basis van de opgaven en rendement naar een passende verdeling van het budget onder de vier programmaonderdelen Erven, Boerenland, Bermen en Kernen. Ons doel is om de middelen vanuit de gemeente zoveel mogelijk in te zetten als cofinanciering. Beleidsmatig staat biodiversiteit immers zowel bij de provincie, het rijk als Europa hoog op de agenda. We gaan ons dan ook nadrukkelijk inzetten om de aansluiting met de programma’s vanuit de hogere overheden te vinden, om op die manier ook het budget verder te kunnen verruimen. De gemeente zal initiatieven daadwerkelijk ondersteunen bij het vinden van subsidies, externe financiering en cofinanciering, waarbij ook de financiële weging van vrijwilligersuren in ogenschouw wordt genomen. Daarbij moeten we uiteraard ook een beroep doen op het bedrijfsleven en de bijdragen en/of inzet van onze inwoners. Bij de investeringen die we doen vanuit ons programma Biodiversiteit kijken we ook naar de besparing van bijvoorbeeld onderhoudskosten.
Door bijvoorbeeld een goede samenstelling van soorten voor de inrichting van onze woon- en leefomgeving, in een bodem met de bijbehorende groeiplaatsomstandigheden, kan minder ingrijpen nodig zijn. Dit beheer kan op termijn een besparing opleveren van inzet en kosten 4. Onderstaande de begroting van ons programma Biodiversiteit:
Begroting Programma Biodiversiteit (zie ook bijlage 8.1) Onderdelen
Kosten
periode Totale kosten
Financiering Vanuit Partners Uit programma en overige Biodiversiteit cofinanciering
Investeringen in proces/loket 2020 - 2030
€
168.000
€
113.000
€
55.000
Totaal vastgestelde en lopende projecten
€
1.216.000
€
293.500
€
922.500
Ruimte voor projecten 2021 - 2030 (*) Vergroening erven en ontwikkelen zonneerven
2021-2022 €
200.000
€
50.000
€
150.000
Buurtprojecten (buurtschappen)
2021-2025 €
260.000
€
130.000
€
130.000
Buurtprojecten (kernen)
2021-2025 €
290.500
€
103.500
€
187.000
Overige gebiedsgerichte projecten Ontwikkeling Weidevogel gebieden, Natuurlijk grasland en boomweiden Versterking en ontwikkeling ecologische verbindingen (bijvoorbeeld houtwallen) Ondersteunen aanvragen Agro&Food Overijssel
2021-2025 €
150.000
€
75.000
€
75.000
2021-2030 €
400.000
€
160.000
€
240.000
2021-2030 €
100.000
€
50.000
€
50.000
2021-2022 €
50.000
€
25.000
€
25.000
Totale ruimte aanvragen 2021
€
1.450.500
€
593.500
Begroting TOTAAL
€
2.834.500
€
1.000.000
4
Hermens, Jongsma, & Zekhuis, 2013
(*) beoordelen op basis van Plan van aanpak (zie hoofdstuk 4.3)
28
€
857.000
€ 1.834.500
8. Bijlagen 8.1 Begroting Programma Biodiversiteit Begroting Programma Biodiversiteit 6310.5000 Kosten
Onderdelen Investeringen in proces/loket 2020 2030
periode Totale kosten €
168.000
Financiering Vanuit Partners en Uit programma overige Biodiversiteit cofinanciering €
113.000
€
55.000
Vastgestelde en lopende projecten Natuurerf: opmaat voor Biodiversiteit
2020-2021 €
90.000 €
10.000 €
80.000
Pilot Akkerranden 1.0
2020-2021 €
40.000 €
25.000 €
15.000
Pilot Akkerranden 2.0 Langjarig Landschapsbeheer Markelokaal Meer (be)leven op begraafplaatsen Impuls ecologische berm en bermslootbeheer
2020-2022 €
40.000 €
25.000 €
15.000
2020-2026 €
543.000 €
21.000 €
522.000
2020-2021 €
63.000 €
30.000 €
33.000
2020-2021 €
107.500 €
87.500 €
20.000
Groene schoolpleinen
2020-2023 €
332.500 €
95.000 €
237.500
€
922.500
Totaal vastgestelde en lopende projecten
€
1.216.000
€
293.500
Ruimte voor projecten 2021 - 2030 (*) Vergroening erven en ontwikkelen zonne-erven
2021-2022 €
200.000 €
50.000 €
150.000
Buurtprojecten (buurtschappen)
2021-2025 €
260.000 €
130.000 €
130.000
€
290.500 €
103.500 €
187.000
€
150.000 €
75.000 €
75.000
€
400.000 €
160.000 €
240.000
€
100.000 €
50.000 €
50.000
€
50.000 €
25.000 €
25.000
€
857.000
Buurtprojecten (kernen) 2021-2025 Overige gebiedsgerichte projecten 2021-2025 Ontwikkeling Weidevogel gebieden, Natuurlijk grasland en boomweiden 2021-2030 Versterking en ontwikkeling ecologische verbindingen (bijvoorbeeld houtwallen) 2021-2030 Ondersteunen aanvragen Agro&Food Overijssel 2021-2022
Totale ruimte aanvragen 2021
€
1.450.500
€
593.500
Begroting TOTAAL
€
2.834.500
€
1.000.000
29
€ 1.834.500
8.2 Resultaten enquête biodiversiteit
Algemene informatie over de respondenten Deze grafiek geeft een beeld van de leeftijd van de respondenten. De jongste persoon is 17 jaar oud en de oudste 82. De gemiddelde leeftijd van de respondenten is 47 jaar.
Wat versta jij onder biodiversiteit? Hieronder is te zien hoe vaak bepaalde termen terugkwamen in de antwoorden. Dit geeft een beeld van de opvatting van biodiversiteit onder de respondenten.
30
Gemeente en biodiversiteit De volgende vragen zijn gebruikt om het draagvlak voor (de gevolgen van) ingrepen t.b.v. biodiversiteit te toetsen en aan te zetten tot dialoog hierover.
Vraag
‘Wat heb je liever? Veel ruimte om te parkeren of groene straten en pleinen?’ De respondenten konden kiezen uit twee extreme afbeeldingen van stedelijke gebieden. De reacties onder ‘anders’ stelden vooral voor om goede afwegingen te maken.