Getekend raadsbesluit Legesverordening 2025 (793052).pdf
Tekst van het document
85,00
50,00
40,00
Artikel 2.57 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij uitgebreide voorbereidingsprocedure Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: a. bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen zes weken na de indiening van de aanvraag en de aanvraag niet inhoudelijk is beoordeeld, anders dan het registreren van de ontvangst en het versturen van een ontvangstbevestiging, zijn er voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken geen leges verschuldigd; b. bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen zes weken na de indiening van de aanvraag en de aanvraag is in behandeling genomen: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; c. bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf zes weken tot achttien weken na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; d.
bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf achttien weken na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges.
- 24 -
%
85,00
%
50,00
%
40,00
Artikel 2.58 Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten 1. Als het college van burgemeester en wethouders een verleende omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 18 maanden na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt: % van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges. 2. Teruggaaf op grond van lid 1 van dit artikel is niet van toepassing indien het intrekken van een omgevingsvergunning onder artikel 2.59a lid 1 onder b valt.
25,00
Artikel 2.59 Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten 1.
2.
3.
4.
Als het college van burgemeester en wethouders geen omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit kan verlenen en de aanvraag wordt ingetrokken voordat het besluit tot weigering van de vergunning is genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: % van de, voor de activiteit waarvoor geen omgevingsvergunning kan worden verleend, verschuldigde leges. Als het college van burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: %
75,00
25,00
van de, voor de activiteit waarvoor de omgevingsvergunning is geweigerd, verschuldigde leges. Onder een weigering zoals bedoeld in lid 2 wordt tevens verstaan een vernietiging van de beschikking van een verleende vergunning, doormiddel van een rechterlijke uitspraak. Teruggaaf op grond van lid 1 en 2 van dit artikel is niet van toepassing indien het intrekken of weigeren van een omgevingsvergunning onder artikel 2.59a, lid 2 en 3 valt.
Artikel 2.59a Teruggaaf leges omgevingsvergunning voor grootschalige productie van duurzame energie 1. Indien een omgevingsvergunning is verleend voor de productie van duurzame energie met een vermogen van meer dan 1 megawatt waarvoor een rijkssubsidie is aangevraagd voor Stimulering Duurzame Energieproductie (SDE+), bestaat recht op teruggaaf indien: a. 1. de aanvraag voor de SDE+ subsidie niet is toegekend, en 2. binnen 24 maanden na verlening van de vergunning een verzoek tot intrekking van de omgevingsvergunning wordt ingediend door de vergunninghouder en er geen gebruik is gemaakt van de vergunning. b. Indien aan de punten 1 en 2 van lid 1 onder a wordt voldaan wordt teruggaaf verleend voor het deel dat uitkomt boven: c. Teruggaaf op grond van lid 1 onder b van dit artikel is niet van toepassing indien het intrekken van een omgevingsvergunning onder artikel 2.58, lid 1 valt.
- 25 -
€
3.214,75
2.
3.
4.
5.
In afwijking van artikel 2.59, lid 1, bestaat, indien het college van burgemeester en wethouders geen omgevingsvergunning kan verlenen voor de productie van duurzame energie met een vermogen van meer dan 1 megawatt en de aanvraag wordt ingetrokken voordat het besluit tot weigering van de vergunning is genomen, aanspraak op teruggaaf van 75% van de verschuldigde leges, waarbij het resterend verschuldigde bedrag aan leges niet meer bedraagt dan: € In afwijking van artikel 2.59, lid 2, bestaat, indien het college van burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning voor de productie van duurzame energie met een vermogen van meer dan 1 megawatt weigert, aanspraak op teruggaaf van 50% van de verschuldigde leges, waarbij het resterend verschuldigde bedrag aan leges niet meer bedraagt dan: € Onder een weigering zoals bedoeld in lid 3 van dit artikel wordt tevens verstaan een vernietiging van de beschikking van een verleende vergunning, doormiddel van een rechterlijke uitspraak. Teruggaaf op grond van lid 2 en 3 van dit artikel is niet van toepassing indien het intrekken of weigeren van een omgevingsvergunning onder artikel 2.59 lid 1 en 2 valt.
15.644,40
62.577,85
Artikel 2.60 Geen teruggaaf legesdeel modaliteiten In afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt geen teruggaaf verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf 2.12. Artikel 2.61 Minimumbedrag voor teruggaaf (niet van toepassing) Artikel 2.62 Teruggaaf als gevolg van een compleet ingediende aanvraag omgevingsvergunning Indien voor het beoordelen van een aanvraag omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit, zoals genoemd in de artikelen 2.5 en 2.6, lid 1, van deze verordening, geen aanvullende gegevens opgevraagd hoeven te worden, bestaat er aanspraak op teruggave van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: met een maximum van:
% €
5,00 600,00
€
327,60
Hoofdstuk 3 Dienstverlening vallend onder de dienstenrichtlijn en niet vallend onder hoofdstuk 2 Paragraaf 3.1 Horeca Artikel 3.1 Exploitatie openbare inrichting Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een 1. aanvraag om een vergunning tot het exploiteren van een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28 van de Algemene plaatselijke verordening: In afwijking van lid 1 van dit artikel worden er geen leges 2. geheven indien de exploitatie van een horecabedrijf, zoals bedoeld in artikel 1 van de Alcoholwet, al bestond vóór de inwerkingtreding van artikel 2:28 van de Algemene plaatselijke verordening en er reeds een vergunning is afgegeven op basis van artikel 3 van de Alcoholwet.
- 26 -
Artikel 3.2 Uitoefenen horeca- of slijtersbedrijf Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: a. een aanvraag om een vergunning op grond van artikel 3 van de Alcoholwet: € b. een melding als bedoeld in artikel 30 van de Alcoholwet: € c. een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet: € Artikel 3.3 Ontheffing openingstijden Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot verkrijging van: a. een ontheffing tot het verruimen van de openingstijden als bedoeld in artikel 2:29 zevende lid van de Algemene plaatselijke verordening bedraagt: vermeerderd met: per elk uur, waarvoor ontheffing is verleend b. een doorlopende ontheffing tot het verruimen van de openingstijden als bedoeld in artikel 2:29 vijfde en zesde lid van de Algemene plaatselijke verordening bedraagt: 1. voor een horecabedrijf waar op grond van de vigerende gebruiksvergunning niet meer dan 1.500 personen mogen worden toegelaten (categorie I): vermeerderd met: per elk uur, waarvoor ontheffing is verleend 2. voor een horecabedrijf waar op grond van de vigerende gebruiksvergunning meer dan 1.500 personen mogen worden toegelaten (categorie II): vermeerderd met: per elk uur, waarvoor ontheffing is verleend
623,80 126,00 86,50
€ €
30,50 3,75
€ €
61,05 3,75
€ €
61,05 7,60
Paragraaf 3.2 Organiseren evenement of markten Artikel 3.4 Vergunning voor evenementen of markten Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor het organiseren van een evenement als bedoeld in Hoofdstuk 2, afdeling 7 van de Algemene Plaatselijke Verordening: a. voor zover het een standaardaanvraag betreft zonder advisering: € b. voor zover het een standaardaanvraag betreft met advisering en publicatie: € c. voor zover het de behandeling van een samengestelde aanvraag betreft met advisering door diverse disciplines en publicatie: € d. voor zover het een uitgebreide, complexe aanvraag betreft waarvoor vooroverleg, uitgebreide advisering en controle(s) vereist zijn: €
70,00 120,90 161,60 458,30
Paragraaf 3.3 Seksbedrijven Artikel 3.5 Vergunning seksbedrijf Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het exploiteren van een seksinrichting of escortbedrijf krachtens artikel 3:4 van de Algemene plaatselijke verordening:
- 27 -
€
456,90
Paragraaf 3.4 Standplaatsen Artikel 3.6 Marktstandplaatsen Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, als bedoeld in hoofdstuk 2 van de geldende Marktverordening gemeente Hof van Twente, voor het innemen van een standplaats op de markt: €
36,85
Paragraaf 3.5 In dit hoofdstuk niet benoemd besluit Artikel 3.7 Niet benoemd besluit op aanvraag Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in dit hoofdstuk niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking: € Behoort tot het raadsbesluit van 17 december 2024 de griffier,
H.M. Meerman
- 28 -
27,00