Buitengebied Hof van Twente, herziening Almelosestraat 26 Ambt Delden-gecomprimeerd.pdf
Tekst van het document
• Robuuste zitmeubels van hout (bij voorkeur lokaal hout van Houtzagerij Twickel) en of staal. Er wordt geen composiet/kunststof gebruikt. • Verplaatsbare picknicktafels op de erven (t.b.v. optimale orientatie zon/schaduw). • Verzonken fundering. Geen verharding rondom de bankjes, maar staan direct in het landschap. Prullenbakken • Alleen bij het horeca-erf. Bezoekers zo veel mogelijk stimuleren om hun afval zelf mee te nemen. • Staal, gepoedercoat in terughoudende kleur, bijvoorbeeld Twickel-zwart of antracietgrijs.
• Op gelijk niveau met maaiveld, geen verhoogde boomspiegels. Fietsenrekken • Openbare fietsparkeerplek bij horeca-erf en fietsschuur met fietsnietjes in Twickel-zwart gepoedercoat staal. • Bij erven: per recreatiewoning wordt ruimte gereserveerd voor het inpandig parkeren van fietsen in een geïntegreerde berging. Reclame De reclame aan de openbare weg zal moeten voldoen aan het reclamebeleid van de gemeente Hof van Twente. De randvoorwaarden hiervan zijn vastgelegd in
Reclameobjecten aan de openbare weg zijn onderdeel van de omgevingsvergunning. Bewegwijzering Voor het park moet de bewegwijzering ontworpen worden in een herkenbare stijl. Deze sluit aan op de vormgeving en stijl van Stichting Twickel: ingetogen en passend bij Twickel. Kenmerkend voor de bewegwijzering zijn borden in corten-staal en/of Twickel-zwart, met een eigen herkenbaar lettertype en subtiele plaatsing.
Boomroosters • Alleen van toepassing bij bomen die in de verharding staan bij de erven. Uitgangspunt is om de boom de ruimte te geven en zo’n groot mogelijke boomspiegel te creeren waarin
Referentie transparant hek
Referentie robuuste ‘landschapsmeubels’
Referentie bank in hout en staal
Referentie: fietsnietjes
WESTERHOLT TWICKEL
BEELDKWALITEITSPLAN
LANDSCHAPPELIJK RECREËREN
Algemene uitgangspunten:
groepjes van snelle groeiers (een derde)
tuinplanten zijn prima inheemse alternatieven
• Zo veel mogelijk inheemse bomen- en
zoals berken, met langzame groeiers (twee
beschikbaar.
plantensoorten.
derde) zoals linde. Concurrentie met de
• Hagen: inheemse bladverliezende hagen als
• Inheems zaden- en plantenmateriaal, bij
snelle groeiers zorgt er voor dat de langzame
beuk, haagbeuk, liguster
voorkeur van lokale kwekerijen.
groeiers worden gestimuleerd in hun groei.
• Solitaire bomen: inheemse bladverliezende
• Zo veel mogelijk biologische kweek.
Na ongeveer 20 jaar zijn de berken tot
soorten als linde, paardenkastanje, eik, zoete
• Het onderscheid tussen de ‘voorzijde’
een goede maat gegroeid en vormen een
kers (boskriek).
(erfzijde) en de ‘achterzijde’ (mantel-zoom
redelijk bos. Stapsgewijs worden de berken
• Struiken: bladverliezende soorten als
zijde) klinkt ook door in de keuze voor de
eruit gehaald zodat er uiteindelijk een bos
koernoelje, hazelaar, meidoorn, kamperfoelie,
beplanting:
met bijvoorbeeld linde over blijft. Hierdoor
kruisbes.
• De mantel-zoomvegetatie is, net als bij
ontstaat redelijk snel een goede maat bos en
de achterzijde van een Twents erf, los en
wordt er toegewerkt naar een kwalitatief en
landschappelijk: ‘onkruid’, stevige beplanting,
ecologisch hoogwaardig bos.
035/056
Beplanting
struiken, losse hagen, etc., met zichtlijnen tussen de gebouwen door op de open weide. • Beplanting op het gemeenschappelijk erf is netjes en formeel: zoals bij de voorzijde van een Twents erf, met gazon, hagen, bomen en sierbeplanting. Uitgangspunten bos: • Gemengd dicht bos met diverse, uitsluitend inheemse soorten. • Blijver-wijker-methode: combinatie van
weide
weide
dicht gemengd bos
halfopen mantel en zoom
dicht gemengd bos
Zachte overgang van de bosrand met een mantel en een zoom
Zachte overgang van de bosrand met een mantel en een zoom
Uitgangspunten mantel: • Zachte geleidelijke overgang van bos naar open ruimte, met een halfopen mantel. In de mantel wordt inheems struweel aangeplant dat past in het Twentsche landschap, zoals
Diffuse bosrand met open en dichte plekken
Gebouwen staan verscholen in mantel-zoomvegetatie
kornoelje, viburnum, meidoorn, hazelaar, wilg, etc. en af en toe een solitaire boom.
Referentie: ‘Formele’, tuinachtige beplanting op gemeenschappelijk erf
Uitgangspunten erf: • Zo veel mogelijk inheemse bomen- en plantensoorten. Voor allerlei uitheemse Referentie: ‘Formele’, tuinachtige beplanting op gemeenschappelijk erf
Diffuse
LANDGOED TWICKEL / DZH
BEELDKWALITEITSPLAN
LANDSCHAPPELIJK RECREËREN
036/056
Vista's De nieuwe inrichting van Westerholt kan
gebouwen wordt in samenhang ontworpen
beschreven worden als een boskamer; een
met de plaatsing van struiken en nieuwe
open ruimte die omringd wordt door bos.
bomen in de mantel om deze vista’s te
De open ruimte bestaat uit een weide die
waarborgen.
parkachtig is ingericht met boomgroepen en
• Aan de oostzijde van Westerholt bevindt
solitaire bomen. In de boomgroepen liggen
zich een onderbreking in de bosrand, welke
een drietal follies verscholen.
een open zicht op de weide aan de westkant
Er wordt onderscheid gemaakt in vista’s,
en de akker aan de oostkant van de rondweg
open panoramische uitzichten op grotere
mogelijk maakt.
(open) ruimten en doorzichten, zichtlijnen die gericht zijn op specifieke objecten. Vista’s:
Doorzichten: • Vanaf elk erf is er zicht op 1 van de
Principe: elk gebouw heeft, tussen beplanting door, zicht op de open weide boomgroepen/follies.
• Het horeca-erf ligt als enige erf direct
• Vanaf de eikenlaan is er zicht richting het
grenzend aan de open weide. Vanaf het
horeca-erf. Het horecagebouw staat niet op
horeca-erf is er dus direct zicht op de
deze zichtlijn, maar geleid het zicht richting
parkachtige open weide met boomgroepen.
de erfachtige ruimte.
verharding houdt op zonder harde grens
• De overige erven bevinden zich binnen de mantel-zoom vegetatie. Er is geen vrij en open uizicht op de weide, maar wel indirect zicht. • Vanaf elke recreatiewoning is, tussen of onder de beplanting door, zicht op de open
alfopen mantel en zoom (openbaar)
erf (collectief)
lt Westerho
weide. De plaatsing van de ramen in de Principe: elk gebouw heeft, tussen beplanting door, zicht op de open weide
Principe: elk gebouw heeft, tussen beplanting door, zicht op de open weide
sweg
N
0 5 10
20
50m
19
LANDGOED TWICKEL / DZH
HOOFDSTUK
LANDSCHAPPELIJK RECREËREN
037/056
Duurzaamheid en energie De Westerholt Twickel wordt een duurzaam en hoogwaardig recreatiepark. Dat geldt voor alle facetten van duurzaamheid: van energie, tot ecologie, van leefbaarheid tot mobiliteit.
Ambitie De ambitie is low-tech, met maximaal resultaat. Dit wordt in de eerste plaats bereikt door slim te ontwerpen met overstekken en luiken tegen oververhitting, orientatie, isolatie met natuurlijke bio-based materialen, groendaken voor koeling en ecologie.
De oriëntatie van veel recreatiewoningen biedt kansen voor zonnecollectoren waarmee op een natuurlijk wijze energie opgewekt kan worden. Zonnepanleen dienen altijd geïntegreerd te worden ontworpen met het dak. Zonwering wordt gecreëerd door het ontwerpen van luifels en/of overstek op het terras.
In tweede instantie voegen we technische installaties toe, altijd uit het zicht en geintegreerd in het bouwvolume.
Technische installaties zoals luchtwarmtepompen dienen zorgvuldig te worden ingepast en vanaf de openbare ruimte niet zichtbaar te zijn, ook mogen deze geen geluidsoverlast veroorzaken voor de gebruiker en zijn buren. Collectieve oplossingen zoals bijvoorbeeld een grondwarmtepomp voor meerdere recreatiewoningen worden toegejuicht. Dergelijke oplossingen dienen verder uitgewerkt te worden in het ontwerp van de desbetreffende ontwikkelende partij.
Energie Het recreatiepark Westerholt Twickel krijgt geen gasnetwerk. Hiermee wordt het gebruik van fossiele brandstoffen en de uitstoot van CO2 beperkt.
Ecologie Twickel is recreëren in de natuur. Het is de ambitie om binnen de diverse erven het landschap tot aan de leefruimte te brengen.
Het gebruik van gevelgroen bij dichte delen van gevels wordt gezien als erg positief. Gevelgroen zorgt voor nestgelegenheid, vangt fijnstof af en heeft een positieve bijdrage aan het tegengaan van hittestress.
Elke recreatiewoning wordt in de gevel en/of dak voorzien van meerdere geïntegreerde nestvoorzieningen. De keuze voor het type nestvoorzieningen is afhankelijk van de context, orientatie van de gevels. De nestvoorzieningen zijn per huis of erf geschikt voor één groep vogels of vleermuizen.
Het gebruik van groendaken wordt toegejuicht. Groen zorgt voor nestgelegenheid, vangt fijnstof af en heeft een positieve bijdrage aan het tegengaan van hittestress.
Toegepaste neststenen of dakpannen worden integraal mee-ontworpen: bij voorkeur ingebouwd en direct in de gevel meegenomen.
Natuurlijke materialen worden zoveel mogelijk toegepast: Hout voor de gevels en constructie, vlas of wol voor isolatie en aluminium of hout voor de kozijnen. Het gebruik van kunststof kozijnen is niet toegestaan.
4. 3D impressies