Bijlage 6 Transponeringstabel (incl markeringen) GR SamenTwente.pdf
Tekst van het document
Nieuw artikel 1.1 Begripsomschrijvingen 1. In deze regeling wordt verstaan onder: a. bestuur: bestuur als bedoeld in artikel 12, eerste lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen b. deelnemer: een aan deze regeling deelnemend college; c. deelnemende gemeente: de gemeente van de deelnemer; d. regeling: Gemeenschappelijke regeling SamenTwente; e. SamenTwente: openbaar lichaam als bedoeld in artikel 2 van de regeling; 2. Waar in de regeling wetsartikelen uit de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing worden verklaard, worden in die artikelen voor ‘gemeente’, ‘raad’, ‘college’, ‘wethouder en ‘burgemeester gelezen: ‘SamenTwente’, ‘algemeen bestuur’, ‘dagelijks bestuur’, ‘lid van het dagelijks bestuur’ en ‘voorzitter’.
1.2 Openbaar lichaam 1. Er is een openbaar lichaam, genaamd SamenTwente, dat is gevestigd te Enschede. 2. Het gebied van SamenTwente omvat het grondgebied van de deelnemende gemeenten. 2.1 Doel SamenTwente heeft tot doel, met inachtneming van hetgeen in deze regeling is bepaald, samen met lokale en regionale ketenpartners en stakeholders en vanuit en voor de Twentse samenleving, te werken aan een gezond, veilig en vitaal Twente. 2.2 Belangen Vanuit het beginsel van verlengd lokaal bestuur levert SamenTwente een bijdrage aan het behartigen van gemeenschappelijke belangen van de deelnemende gemeenten op het gebied van: a. publieke gezondheid; b. jeugdhulp, kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering; c. maatschappelijke ondersteuning. 3.1.1 Taken De taken van SamenTwente zijn ondergebracht in basistaken, maatwerk, plustaken en aanvullende diensten. 3.2.1 Basistaken - algemeen
Oud artikel Artikel 1 Begripsbepalingen 1. In deze gemeenschappelijke regeling wordt verstaan onder: a. regeling: de gemeenschappelijke regeling SamenTwente ; b. Openbaar Lichaam SamenTwente: het rechtspersoonlijkheid bezittend openbaar lichaam, bedoeld in artikel 2 van de regeling, afgekort SamenTwente; c. deelnemer: een aan deze regeling deelnemend college; d. college: college van burgemeester en wethouders van een deelnemende gemeente; e. raad: gemeenteraad van een deelnemende gemeente; f. deelnemende gemeente: de gemeente van de deelnemer; g. wet: Wet gemeenschappelijke regelingen; h. Wmo 2015: Wet maatschappelijke ondersteuning 2015. 2. Waar in deze regeling artikelen van de Gemeentewet of van enig andere wet van overeenkomstige toepassing worden verklaard, treden in die artikelen in plaats van de gemeente, de raad, burgemeester en wethouders, de wethouder en de burgemeester, onderscheidenlijk 'SamenTwente', het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur, lid van het dagelijks bestuur en de voorzitter. Artikel 2 Openbaar lichaam 1. Er is een openbaar lichaam als bedoeld in artikel 8, lid 1 van de wet, dat is genaamd SamenTwente. 2. 'SamenTwente' is gevestigd te Enschede. 3. Het rechtsgebied van SamenTwente omvat het grondgebied van de deelnemende gemeenten.
Artikel 4 Doel en te behartigen belangen (lid 1) SamenTwente heeft tot doel, met inachtneming van hetgeen in deze regeling is bepaald, het in zijn rechtsgebied bewaken, beschermen en bevorderen van de gezondheid van en zorg verlenen aan de bevolking of specifieke groepen daarvan. Artikel 4 Doel en te behartigen belangen (lid 2) Ter verwezenlijking van het in het eerste lid genoemde doel behartigt SamenTwente de belangen op de volgende terreinen: a. Publieke gezondheid, onder de naam GGD Twente; b. Jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning, onder de naam Organisatie voor Zorg en Jeugdhulp Twente (OZJT); c. Adviesen meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling, onder de naam Veilig Thuis Twente (VTT). Artikel 4 Doel en te behartigen belangen (lid 3 en 4) Artikel 5 Taken en bevoegdheden ---
1. Ter behartiging van de in artikel 2.2 genoemde belangen heeft SamenTwente de volgende op gezamenlijk niveau vastgestelde basistaken: a. het adviseren van en het leveren van specifieke deskundigheid aan deelnemers; b. (boven)regionale beleidsontwikkeling, -voorbereiding en -coördinatie. 2. Basistaken worden uitgevoerd met inachtneming van afspraken die daarover bovenregionaal of landelijk zijn of worden gemaakt. 3.2.2 Basistaken - GGD Met betrekking tot de in artikel 2.2 onder a genoemde belang heeft SamenTwente onder de naam GGD Twente de volgende op gezamenlijk niveau vastgestelde specifieke basistaken: a. alle bij of krachtens de Wet publieke gezondheid aan de colleges opgedragen taken, waaronder het inrichten en in stand houden van een regionale gezondheidsdienst; b. alle bij of krachtens de Wet publieke gezondheid of enige andere wet of regeling aan de Directeur Publieke Gezondheid of aan de Gemeentelijke Gezondheidsdienst opgedragen taken; c. het inrichten en in stand houden van een Meldpunt woningvervuiling, en het uitvoeren van daarmee verband houdende taken; d. het inrichten en in stand houden van een Meldpunt zorgwekkend gedrag, en het uitvoeren van daarmee verband houdende taken op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. 3.2.3 Basistaken – OZJT 1.
Met betrekking tot het in artikel 2.2 onder b genoemde belang heeft SamenTwente onder de naam OZJT, met inachtneming van de bepalingen in de Jeugdwet, de zorg voor een goede en efficiënte uitvoering van bovenlokale taken op het gebied van jeugdhulp, kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering, 2. In dat kader heeft OZJT de volgende op gezamenlijk niveau vastgestelde specifieke taken: a. het inrichten en in stand houden van een inkooporganisatie voor jeugdhulp jeugdreclassering en jeugdbeschermingsmaatregelen; b. het bij of krachtens de Jeugdwet of enige andere wet of regeling (laten) uitvoeren van bovenlokale taken waaronder: − het sluiten van raamovereenkomsten met en/of subsidiëren van aanbieders van jeugdhulp en uitvoerders van jeugdreclassering en jeugdbeschermingsmaatregelen, inclusief bijbehorend contractbeheer, contract- en leveranciersmanagement. De in te kopen zorg omvat de uitvoering van jeugdbescherming en jeugdreclassering, jeugdzorgplus, residentiële /specialistische jeugdzorg, pleegzorg, crisiszorg en advies & expertise; − het inrichten en ondersteunen van de jeugdbeschermingstafels. 3. Naast het bepaalde in artikel 3.1 lid 2 worden de taken uitgevoerd met inachtneming van de regiovisie van de
---
Artikel 5 Taken en bevoegdheden (lid 1) Publieke gezondheid: a. de instelling en instandhouding van een gezondheidsdienst als bedoeld artikel 14, lid 1 van de Wet publieke gezondheid b. Alle bij of krachtens de Wet publieke gezondheid aan het college toegekende taken en bevoegdheden; c. Alle bij of krachtens de Wet publieke gezondheid aan de gemeentelijke gezondheidsdienst toegekende taken en bevoegdheden; d. de benoeming van gemeentelijke lijkschouwers als bedoeld in artikel 4 van de Wet op de lijkbezorging;
Artikel 5 Taken en bevoegdheden (lid 2) Jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning: a. uitvoeren en/of uitbesteden van taken waarvan de Jeugdwet en/of de Wmo 2015 beoogt dat deze regionaal worden uitgevoerd: 1. jeugdbescherming en jeugdreclassering; 2. jeugdzorgplus; 3. residentiële/specialistische jeugdzorg; 4. crisisdienst. b. overige vrijwillig overeengekomen taken: 1. uitvoeren en/of uitbesteden van werving, matchen en uitvoeren pleegzorg; 2. inrichten en inhoudelijk faciliteren van een regionaal reflectiepunt; 3. inrichten van een advies- en consultatiefunctie; 4. inrichten van een backoffice voor taken die regionaal worden uitgevoerd of ingekocht en uitvoeren van ondersteunende werkzaamheden daarin.
deelnemende gemeenten op grond van artikel 2.2 van de Jeugdwet. 3.2.4 Basistaken - VTT Met betrekking tot het in artikel 2.2 onder c genoemde belang heeft SamenTwente onder de naam VTT de volgende op gezamenlijk niveau vastgestelde specifieke taken: a. het inrichten en in stand houden van een Veilig Thuisorganisatie als bedoeld in artikel 4.1.1 Wet maatschappelijke ondersteuning 2015; b. alle bij of krachtens de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 of enige andere wet of regeling aan de colleges opgedragen taken, voor zover deze taken betrekking hebben op Veilig Thuis; c. het inrichten en in stand houden van een regionale crisisdienst; d. het organiseren van preventie- en deskundigheid bevorderende activiteiten; e. ondersteunende taken in het kader van de Wet tijdelijk huisverbod. 3.2.5 Bevoegdheden
1. Voor de uitvoering van de basistaken heeft het bestuur alle bevoegdheden tot regeling en bestuur. 2. Voor de uitvoering van de basistaken dragen deelnemers hun bevoegdheden bij of krachtens de Wet publieke gezondheid, artikel 4 van de Wet op de lijkbezorging, artikel 5.2 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg, de Jeugdwet, Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 over aan het bestuur. 3. Naast het bepaalde in de Wet gemeenschappelijke regelingen of elders in deze regeling, zijn de volgende bevoegdheden, van het algemeen bestuur: a. de bevoegdheid te besluiten over onderwerpen met een aanzienlijk financieel belang, politiek gevoelige onderwerpen of bij beleidsmatige keuzes; b. het vaststellen van (beleids)kaders; c. regelgevende bevoegdheden, uitgezonderd het vaststellen van regels over de ambtelijke organisatie; d. het instellen van commissies als bedoeld in artikel 25, eerste lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen; e. het oprichten van en het deelnemen in privaatrechtelijke rechtspersonen, met inachtneming van het daarover bepaalde in artikel 31a van de Wet gemeenschappelijke regelingen; f. het treffen van een gemeenschappelijke regeling. als bedoeld in artikel 96 van de Wet gemeenschappelijke regelingen. 4.
Alle bevoegdheden in het kader van deze regeling zijn bevoegdheden van het dagelijks bestuur, tenzij bij of krachtens Wgr of in deze regeling anders is bepaald. 5. Tenzij in de regeling anders is bepaald, stelt het dagelijks bestuur de tarieven vast en de overige voorwaarden waaronder werkzaamheden worden uitgevoerd. Daarbij geldt als uitgangspunt dat de tarieven tenminste
Artikel 5 Taken en bevoegdheden (lid 3) Advies- en meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling: a. de taken als bedoeld in of krachtens hoofdstuk 4 van de Wmo 2015.
Artikel 5 Taken en bevoegdheden (lid 4) Artikel 7 Gremia (lid 2) Artikel 14 Bevoegdheden Artikel 5 lid 4 Het oprichten van onderscheidenlijk deelnemen in stichtingen, verenigingen, maatschappen, vennootschappen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen, voor zover dit betreft de taken en bevoegdheden als bedoeld in dit artikel onder 1 tot en met 3. Artikel 7 lid 2 Het algemeen bestuur is bevoegd commissies als bedoeld in de artikelen 24 en 25 van de wet in te stellen. De taken, bevoegdheden, samenstelling, werkwijze en verantwoording worden in het instellingsbesluit bepaald. Artikel 14 Het dagelijks bestuur is belast met de dagelijkse leiding van SamenTwente. Behoudens het bepaalde in artikel 33b van de wet behoort hiertoe: a. het beheer van activa en passiva van SamenTwente; b. de zorg, voor zover die niet aan anderen toekomt, voor de controle op het geldelijke beheer en de boekhouding; c. het houden van een gedurig toezicht op al wat SamenTwente aangaat. d. het beheren en onderhouden van de gebouwen, werken en inrichtingen welke SamenTwente bezit of op enigerlei wijze onder zich heeft; e. het vaststellen van de plannen en voorwaarden van aanbesteding van werken en leveranties ten behoeve van SamenTwente.
kostendekkend zijn. Het algemeen bestuur kan besluiten van dit uitgangspunt af te wijken. 3.2.6 Zienswijzen 1. Bij besluiten met een aanzienlijk financieel belang, politiek gevoelige besluiten of bij beleidsmatige keuzes, besluit het algemeen bestuur of, hoe en wanneer de raden van de deelnemende gemeenten in het besluitvormingsproces betrokken worden. 2. Indien het algemeen bestuur besluit dat de raden van de deelnemende gemeenten in het besluitvormingsproces om zienswijzen worden gevraagd, dan is op de zienswijzeprocedure artikel 35 eerste tot en met vierde lid van de Wgr van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat de termijn acht weken bedraagt. 3. Onverminderd het bepaalde in lid 2, worden raden van de deelnemende gemeenten in de gelegenheid gesteld op besluiten van het algemeen bestuur voorafgaand zienswijzen naar voren te brengen als een meerderheid van de raden van de deelnemende gemeenten hierom verzoekt. 3.2.7 Inspraak Bij de totstandkoming van beleid kan aan ingezetenen van de deelnemende gemeenten en belanghebbenden inspraak worden verleend. Hiertoe stelt het Algemeen Bestuur een verordening vast.
-
-
3.3.1 Maatwerk SamenTwente kan op verzoek van één of meer deelnemers specifieke, aan de basistaken verwante, extra werkzaamheden uitvoeren onder de voorwaarde dat: a. de uitvoering van basistaken hierdoor niet in het gedrang komt; b. het dagelijks bestuur daartoe besluit onder vermelding van de wijze van kostentoerekening en de overige voorwaarden waaronder de werkzaamheden worden uitgevoerd; c. de afspraken schriftelijk worden vastgelegd in een (dienstverlenings)overeenkomst.
Artikel 5 Taken en bevoegdheden (lid 1 onder e) Met betrekking tot de behartiging van de in artikel 4, lid 2, sub a t/m c genoemde belangen heeft SamenTwente de volgende taken en bevoegdheden: e. op verzoek van één of meer deelnemers de uitvoering van specifieke werkzaamheden.
3.3.2 Plustaken 1. Ter behartiging van de in artikel 2.2 genoemde belangen kan SamenTwente voor de deelnemers gezamenlijk extra taken uitvoeren onder de voorwaarde dat: a. de financiële, juridische, personele en/of organisatorische gevolgen in kaart zijn gebracht; b. de uitvoering van basistaken hierdoor niet in het gedrang komt en c. de deelnemers en het algemeen bestuur daartoe unaniem besluiten onder vermelding van de wijze van kostentoerekening en de overige voorwaarden waaronder deze taken worden uitgevoerd 2. Op een plustaak is artikel 3.2.5 van overeenkomstige toepassing
--
3.3.3 Aanvullende diensten
Artikel 4 Doel en te behartigen belangen (lid 3 en 4) Artikel 5 Taken en bevoegdheden (lid 5)
SamenTwente kan op verzoek van één of meer deelnemers of derden aanvullende diensten verlenen onder de voorwaarde dat: a. de financiële, juridische, personele en/of organisatorische gevolgen in kaart zijn gebracht; b. de uitvoering van basistaken hierdoor niet in het gedrang komt; c. het algemeen bestuur daartoe unaniem besluit onder vermelding van de wijze van kostentoerekening en de overige voorwaarden waaronder diensten worden verleend en d. de afspraken schriftelijk worden vastgelegd in een (dienstverlenings)overeenkomst.
4.1 Strategisch programma 1. SamenTwente heeft een vierjaarlijks strategisch programma. 2. Het strategisch programma beschrijft de ambitie van SamenTwente en wat SamenTwente gaat doen om deze te realiseren. De concrete uitwerking hiervan wordt jaarlijks opgenomen in de begroting. 3. Het strategisch programma wordt vastgesteld door het algemeen bestuur. 4. De raden worden in de gelegenheid gesteld hun zienswijze over het strategisch programma naar voren te brengen. Artikel 35 eerste tot en met vierde lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen is van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat de termijn acht weken bedraagt. 5.1 Algemeen bestuur
1. Het algemeen bestuur bestaat uit evenveel leden als deelnemende gemeente. 2. Deelnemers wijzen uit hun midden een lid en een plaatsvervangend lid aan, zo spoedig mogelijk na de benoeming van wethouders na de gemeenteraadsverkiezingen. Bij een tussentijdse vacature gebeurt de aanwijzing van een (plaatsvervangend) lid binnen acht weken. 3. Deelnemer kan een door hem aangewezen (plaatsvervangend) lid ontslag verlenen indien deze het vertrouwen van deelnemer niet meer bezit. Op het ontslag is artikel 49, laatste volzin en artikel 50 van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing. 4. Naast het bepaalde in artikel 13, tweede lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen en hiervoor in het derde lid bepaalde, eindigt het lidmaatschap van het algemeen bestuur eveneens op het moment van uittreding uit deze
Artikel 4 3. SamenTwente kan voor een of meer deelnemers, alsmede voor andere overheidsorganen, diensten verlenen. Een besluit hiertoe wordt unaniem genomen door het algemeen bestuur onder vermelding van de wijze van kostentoerekening en de overige voorwaarden waaronder diensten worden verleend. 4. Het bieden van werkgeverschap en/of andere organisatorische voorzieningen ten behoeve van ambtelijke capaciteit die door twee of meer deelnemers om doelmatigheidsredenen centraal wordt gebundeld. Een besluit hiertoe wordt unaniem genomen door het algemeen bestuur onder vermelding van de wijze van kostenverrekening en de overige voorwaarden waaronder dit geschiedt. Artikel 5 5. Het bieden van werkgeverschap en/of andere organisatorische voorzieningen ten behoeve van ambtelijke capaciteit die door twee of meer deelnemers om doelmatigheidsredenen centraal wordt gebundeld. Artikel 6 Werkprogramma 1. SamenTwente heeft een vierjaarlijks werkprogramma. 2. Het werkprogramma wordt vastgesteld door het algemeen bestuur. Daaraan voorafgaande worden de raden in de gelegenheid gesteld een zienswijze bij het algemeen bestuur in te dienen.
Artikel 8 Samenstelling Artikel 9 Aanwijzing Artikel 21 Ontslag Artikel 29 Toetreding (lid 4) Artikel 8 1. Elke deelnemer heeft in het algemeen bestuur een lid van het college. 2. Het in het eerste lid bedoelde lid kan bij afwezigheid worden vervangen door een daartoe door de betreffende deelnemer aangewezen plaatsvervangend lid. Op het plaatsvervangende lid zijn de bepalingen van dit hoofdstuk van overeenkomstige toepassing. Artikel 9 1. Het college beslist uiterlijk drie maanden na aanvang van elke zittingsperiode van de gemeenteraad over de aanwijzing van het lid en het plaatsvervangende lid. Aftredende (plaatsvervangende) leden kunnen opnieuw als (plaatsvervangend) lid worden aangewezen. 2. Onverminderd het bepaalde in artikel 13 van de wet eindigt het (plaatsvervangend) lidmaatschap van het
regeling van een deelnemende gemeente die het (plaatsvervangend) lid vertegenwoordigt.
algemeen bestuur op de dag aangegeven in artikel C4, lid 2 van de Kieswet. Aftredende leden blijven hun functie waarnemen tot dat opnieuw in de benoeming is voorzien, tenzij betrokkene geen zitting meer heeft in de deelnemer. 3. De voorziening in een tussentijdse vacature geschiedt binnen acht weken. 4. Het (plaatsvervangend) lidmaatschap van het algemeen bestuur eindigt eveneens op het moment van uittreding uit deze regeling van een deelnemer die het (plaatsvervangend) lid vertegenwoordigt. Artikel 21 1. Het college kan een door hem aangewezen (plaatsvervangend) lid van het algemeen bestuur ontslag verlenen indien deze het vertrouwen van het college niet meer bezit. 2. Op het ontslag is artikel 50 van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing, doch artikel 4:8 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing.
5.2 Stemrecht 1. Een lid van het algemeen bestuur beschikt over één stem. 2. Indien het gaat om de vaststelling van de begroting, wijzigingen daarvan en de jaarrekening alsmede om besluiten over investeringen op basis van een gemeentelijke bijdrage worden beslissingen in het algemeen bestuur genomen op basis van inwonertal bij aanvang van het kalenderjaar waarin de stemming plaatsvindt. 3. Indien het gaat om stemming over personen geldt een gewone meerderheid van stemmen. 4. Bij overige beslissingen geldt een gewone meerderheid van stemmen, welke gewone meerderheid tevens minimaal de helft van de inwoners van Twente vertegenwoordigt, behoudens indien in deze regeling anders is bepaald. 5. De stemprocedure wordt bepaald in het reglement van orde. 5.3 Dagelijks bestuur
1. Het dagelijks bestuur, inclusief de voorzitter, bestaat uit minimaal drie en maximaal vijf leden. 2. Het algemeen bestuur wijst de leden van het dagelijks bestuur aan in de eerste vergadering in de nieuwe samenstelling na verkiezingen. 3. Elk lid van het dagelijks bestuur heeft in de vergadering één stem. 4. Op de vergaderingen van het dagelijks bestuur zijn de artikelen 52 tot en met 60 van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing.
Artikel 29 4. Het college van de toegetreden gemeente doet zo spoedig mogelijk de nodige benoemingen overeenkomstig artikel 12. Artikel 10 Stemrecht 1. Een lid van het algemeen bestuur beschikt over één stem. 2. Indien het gaat om de vaststelling van de begroting, wijzigingen daarvan en de jaarrekening alsmede om besluiten over investeringen op basis van een gemeentelijke bijdrage worden beslissingen in het algemeen bestuur genomen op basis van inwonertal bij aanvang van het kalenderjaar waarin de stemming plaatsvindt. 3. Bij overige beslissingen geldt een gewone meerderheid van stemmen, welke gewone meerderheid tevens minimaal de helft van de inwoners van Twente vertegenwoordigt, behoudens indien in deze regeling anders is bepaald. 4. De stemprocedure wordt bepaald in het reglement van orde.
Artikel 11 Samenstelling Artikel 12 Aanwijzing Artikel 13 Werkwijze Artikel 11 1. Het dagelijks bestuur, inclusief de voorzitter, bestaat uit drie leden. 2. Ingeval van een (te voorziene) langdurige ontstentenis van een lid van het DB kan het AB tijdelijk een vervanger uit zijn midden aanwijzen. Artikel 12 1. Het algemeen bestuur wijst in de eerste vergadering van elke zittingsperiode de leden van het dagelijks bestuur aan.
5. In de eerste vergadering na de aanwijzing als bedoeld in het tweede lid, regelt het dagelijks bestuur onderling de werkzaamheden. 6. Een demissionaire lid van het dagelijks bestuur blijft lid van het dagelijks bestuur tot het moment dat overeenkomstig het tweede lid, de leden van het dagelijks bestuur zijn aangewezen. 7. Indien een plaats in het dagelijks bestuur beschikbaar komt, wijst het algemeen bestuur een nieuw lid aan zodra betreffende deelnemer uit zijn midden een nieuw lid voor het algemeen bestuur heeft aangewezen. 8. Ingeval van een (te voorziene) langdurige ontstentenis kan het algemeen bestuur tijdelijk een vervanger uit zijn midden aanwijzen.
5.4 Voorzitter 1. Het algemeen bestuur wijst de voorzitter aan in de eerste vergadering in de nieuwe samenstelling na verkiezingen. 2. Bij afwezigheid van de voorzitter wordt de voorzitter vervangen door een hiertoe door het dagelijks bestuur uit zijn midden aan te wijzen lid.
5.5 Portefeuillehoudersoverleg 1. Het dagelijks bestuur kan één of meer portefeuillehoudersoverleggen instellen voor bestuurlijk overleg en afstemming over belangen en taken, genoemd in artikel 2.2 en artikel 3.1.1. 2. Een portefeuillehoudersoverleg bestaat uit één lid (portefeuillehouder) per deelnemende gemeente afkomstig uit het college. 3. Voorzitter van een portefeuillehoudersoverleg is het lid van het dagelijks bestuur dat het werkterrein van het portefeuillehoudersoverleg in het dagelijks bestuur behartigt. 5.6 Informatieplicht
1. Een verzoek om inlichtingen wordt schriftelijk ingediend bij het betreffende bestuursorgaan. 2. Het betreffende bestuursorgaan geeft de raden de door een of meer leden van die raden gevraagde inlichtingen binnen één maand na ontvangst van het verzoek voor zover dit niet in strijd is met het openbaar belang.
2. Onverminderd het bepaalde in artikel 13 van de wet eindigt het lidmaatschap van het dagelijks bestuur op de dag aangegeven in artikel C4, lid 2 van de Kieswet. In dat geval blijven aftredende leden hun functie waarnemen tot dat opnieuw in de benoeming is voorzien, tenzij betrokkene geen zitting meer heeft in de deelnemer. 3. Indien tussentijds een plaats in het dagelijks bestuur beschikbaar komt, kiest het algemeen bestuur een nieuw lid. 4. Gaat het openvallen van een plaats in het dagelijks bestuur gepaard met het openvallen van een plaats in het algemeen bestuur, dan zal het algemeen bestuur het kiezen van een nieuw lid van het dagelijks bestuur uitstellen totdat de opengevallen plaats in het algemeen bestuur wederom zal zijn bezet. Dit uitstel zal niet meer dan drie maanden mogen belopen. Artikel 13 1. Op de vergaderingen van het dagelijks bestuur is het bepaalde in de artikelen 52 tot en met 60 van de Gemeentewet van toepassing. 2. Elk lid van het dagelijks bestuur heeft in de vergadering een stem. 3. In de eerste vergadering na de aanwijzing als bedoeld in artikel 12, lid 1, regelt het dagelijks bestuur onderling de werkzaamheden. Artikel 15 Aanwijzing 1. Het algemeen bestuur wijst, in elk geval in de eerste vergadering van elke zittingsperiode, uit zijn midden een lid aan als de voorzitter. 2.
Het dagelijks bestuur wijst uit zijn midden een of meer plaatsvervangers aan. 3. De stukken die van het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur uitgaan worden door de voorzitter ondertekend en door de secretaris medeondertekend. --
Artikel 17 Actieve informatieplicht Artikel 18 Passieve informatieplicht Artikel 19 Actieve informatieplicht Artikel 17 Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter verstrekken de raad ongevraagd alle informatie die voor een juiste beoordeling van het door hem gevoerde en te voeren bestuur nodig is. Artikel 18
3. Een lid van het algemeen bestuur geeft het college dat hem heeft aangewezen en de raad van zijn gemeente mondeling of schriftelijk de door een of meer leden van het college onderscheidenlijk de raad gevraagde inlichtingen, op de in die gemeente gebruikelijke wijze. 4. Inlichtingen als bedoeld in artikel 17, tweede lid van de Wgr, wordt mondeling, schriftelijk of digitaal verstrekt.
1. Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter verstrekken aan de raad de door één of meer leden daarvan overeenkomstig het reglement van orde van die raad verlangde inlichtingen, een en ander voor zover zulks niet in strijd is met het openbaar belang. 2. Een verzoek om inlichtingen kan schriftelijk of mondeling worden ingediend bij het betreffende orgaan. 3. Het betreffende orgaan verstrekt de gevraagde inlichtingen binnen een maand na ontvangst van het verzoek. Artikel 19 1. Een lid van het algemeen bestuur voorziet de raad van zijn gemeente van alle informatie die voor een juiste beoordeling van het door het lid in het algemeen bestuur gevoerde en te voeren bestuur noodzakelijk is. 2. Het college verleent daartoe de nodige medewerking door onder meer tijdig de agenda’s van vergaderingen van het algemeen bestuur, ter inzage te leggen voor de raad. 3. Een lid van het algemeen bestuur geeft de raad van zijn gemeente de door één of meer leden daarvan, overeenkomstig het reglement van orde van die raad verlangde inlichtingen waarvan het verstrekken niet in strijd is met het openbaar belang.
5.7 Verantwoordingsplicht 1. Een (plaatsvervangend) lid van het algemeen bestuur is aan het college dat hem heeft aangewezen en aan de raad van zijn gemeente verantwoording schuldig over het door hem in het algemeen bestuur gevoerde bestuur. 2. Een raadslid heeft het recht de raad te verzoeken om het lid van het algemeen bestuur te interpelleren of vragen te stellen tijdens een raadsvergadering. 3. De interpellatie of vragenstelling als bedoeld in lid 2 vindt plaats op de wijze, geregeld in het reglement van orde voor de vergaderingen van de betreffende raad. 5.8 Geheimhouding Hoofdstuk Va van de Gemeentewet over geheimhouding is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat een aan het algemeen bestuur opgelegde geheimhouding door het algemeen bestuur wordt bekrachtigd overeenkomstig het bepaalde in artikel 23, derde lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen.
Artikel 20 Verantwoordingsplicht 1. Een lid van het algemeen bestuur is aan de raad van zijn gemeente verantwoording verschuldigd voor het door hem in het algemeen bestuur gevoerde bestuur. 2. Een raadslid heeft het recht de raad te verzoeken om het lid van het algemeen bestuur te interpelleren of vragen te stellen tijdens een raadsvergadering. 3. De interpellatie of vragenstelling als bedoeld in lid 2 vindt plaats op de wijze, geregeld in het reglement van orde voor de vergaderingen van de betreffende raad.
6.1 Ambtelijke organisatie 1. SamenTwente heeft een ambtelijke organisatie met aan het hoofd een directeur, die tevens secretaris van het algemeen en het dagelijks bestuur is. 2. De directeur publieke gezondheid is directeur als bedoeld in het eerste lid. Het dagelijks bestuur regelt zijn vervanging. 3. Artikel 101 tot en met artikel 106 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing.
Artikel 16 Ambtelijke organisatie 1. SamenTwente heeft een ambtelijke organisatie met aan het hoofd een directeur, die tevens secretaris van het algemeen en het dagelijks bestuur is. 2. De directeur publieke gezondheid is directeur als bedoeld in het eerste lid 1. Het dagelijks bestuur regelt zijn vervanging. 3. Het dagelijks bestuur stelt voor de directeur een directiestatuut vast waarin diens taken en bevoegdheden zijn opgenomen. Artikel 26 Archiefbeheer
6.2
Archief
1. Het dagelijks bestuur is belast met de zorg voor archiefbescheiden en het toezicht op de bewaring en het beheer van de archiefbescheiden van SamenTwente en zijn organen overeenkomstig geldende archiefregelgeving. 2. Voor de bewaring van de op grond van archiefregelgeving over te brengen archiefbescheiden wijst het dagelijks bestuur een archiefbewaarplaats aan. 3. De secretaris is belast met de bewaring en het beheer van de archiefbescheiden als bedoeld in het eerste lid, overeenkomstig de door het dagelijks bestuur nader vast te stellen regelen.
7.1 Begrotingswijziging Op begrotingswijzigingen die niet leiden tot een verhoging van de gemeentelijke bijdragen, is artikel 35 eerste, derde en vierde lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen niet van toepassing. 7.2 Bijdrage 1. In de begroting worden de gemeentelijke bijdragen geraamd die elke gemeente verschuldigd is voor het jaar waarop de begroting betrekking heeft. 2. De kosten van basistaken en plustaken, worden verdeeld over de deelnemende gemeenten. De bijdrage wordt berekend op basis van en naar rato van: a. het aantal inwoners op 1 januari volgens de meest recente CBS-cijfers, of b. het aantal jeugdigen op 1 januari volgens de meest recente CBS-cijfers voor de taken van de Jeugdgezondheidszorg als bedoeld in de Wpg, tenzij in een specifieke situatie een andere verdeelsleutel bijvoorbeeld een prijs per eenheid product of een andere vastgelegde (vaste) vergoeding meer in de rede ligt. 3. De deelnemende gemeenten nemen de in de begroting van SamenTwente voor hun gemeente geraamde bijdrage op in de gemeentebegroting. 4. Elke deelnemende gemeente betaalt bij wijze van voorschot een kwart van in het eerste lid bedoelde bijdrage jaarlijks voor 16 januari, 16 april, 16 juli en 16 oktober. 5. Plustaken worden betaald na declaratie. 7.3 Verrekening 1. In de jaarrekening wordt de door elke deelnemende gemeente werkelijk verschuldigde bijdrage opgenomen. 2.
Verrekening van het verschil tussen de op grond van artikel 7.2, eerste lid verschuldigde bijdrage en het werkelijk verschuldigde vindt plaats direct na de vaststelling van de jaarrekening.
7.4 Tarieven 1. Maatwerk en aanvullende diensten worden uitgevoerd voor rekening van de deelnemende gemeente(n) of derden die deze diensten afnemen.
1. Het dagelijks bestuur is belast met de zorg voor archiefbescheiden en het toezicht op de bewaring en het beheer van de archiefbescheiden van SamenTwente en zijn organen overeenkomstig een, met inachtneming van artikel 30, lid 1 van de Archiefwet 1995, vast te stellen verordening. 2. Voor de bewaring van de op grond van de artikelen 12, lid 1 en 13, lid 1 van de Archiefwet 1995 over te brengen archiefbescheiden wijst het dagelijks bestuur een archiefbewaarplaats 1aan. 3. De secretaris is belast met de bewaring en het beheer van de archiefbescheiden als bedoeld in het eerste lid, overeenkomstig de door het dagelijks bestuur nader vast te stellen regelen. Artikel 22 Begrotingswijziging Als begrotingswijzigingen, waarop het bepaalde in de laatste zin van artikel 35, lid 5 van de wet van toepassing is, worden aangewezen die, welke niet leiden tot een verhoging van de deelbijdragen van de deelnemende gemeenten. Artikel 23 Betalingstermijn geraamde bijdrage 1. In de begroting wordt aangegeven de naar raming door elke deelnemende gemeente verschuldigde bijdrage voor het jaar, waarop de begroting betrekking heeft. 2. De deelnemende gemeenten nemen het in de begroting van SamenTwente voor hun gemeente geraamde bedrag op in de gemeentebegroting. 3.
De deelnemende gemeenten betalen bij wijze van voorschot jaarlijks voor 16 januari, 16 april, 16 juli en 16 oktober, telkens een kwart van de in het vorige lid bedoelde bijdrage.
Artikel 24 Verrekening bijdrage 1. In de jaarrekening wordt het door elk der deelnemende gemeenten over het desbetreffende jaar werkelijk verschuldigde bedrag opgenomen. 2. Verrekening van het verschil tussen de op grond van artikel 23, lid 1, verschuldigde bijdrage en het werkelijk verschuldigde vindt plaats terstond na de vaststelling van de jaarrekening. -
2. Maatwerk en aanvullende diensten worden betaald na declaratie. 7.5 Overig 1. De deelnemende gemeenten staan gezamenlijk garant voor de juiste betaling van rente, aflossing, boeten en kosten van geldleningen en van rekeningcourantovereenkomsten, zulks op basis van de voor de betreffende activiteit geldende financiële verdeelsleutel. 2. De deelnemende gemeenten dragen er zorg voor dat SamenTwente te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan al zijn verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen. 8.1 Toetreding 1. Een college kan tot de regeling toetreden mits de wet zich daartegen niet verzet. 2. Toetreding tot de regeling vindt plaats bij besluit van het algemeen bestuur. 3. Het algemeen bestuur kan voorwaarden verbinden aan de toetreding.
8.2 Uittreding 1. Een deelnemer kan uittreden mits de wet zich daartegen niet verzet 2. Uittreding vindt plaats per 1 januari, met inachtneming van een opzegtermijn van twee jaar. 3. Indien een deelnemer wenst uit te treden, stuurt de betreffende deelnemer een daartoe strekkend besluit aan de andere deelnemers. 4. Na ontvangst van het besluit tot uittreding geven de deelnemers, in overleg met de uittredende deelnemer, opdracht aan onafhankelijke externe deskundigen, waarvan minimaal één financieel deskundige en één juridisch deskundige, om een plan op te stellen dat ten minste inzicht geeft: in alle kosten, die direct of indirect gedurende een periode van maximaal vijf jaar samenhangen met de uittreding. Daarbij geldt als uitgangspunt dat de uittredende deelnemer redelijkheid en billijkheid: a. de (frictie)kosten draagt die het rechtstreekse gevolg zijn van de uittreding inclusief overheadkosten die daarvan het gevolg zijn en dat de overige gemeenten geen financieel nadeel van de uittreding ondervinden; b. aansprakelijk blijft voor alle schulden en de overige verplichtingen van het openbaar lichaam op het tijdstip van uittreden, zulks in verhouding van de verdeling van de gemeentelijke bijdragen als bedoeld in artikel, in het laatste jaar van deelname, mits dit niet is verdisconteerd in het plan. 5.
Het (uittredings)plan bevat de uittreedsom die betaald moet worden door de uittredende deelnemer. 6. Het algemeen bestuur stelt het hierboven genoemde plan vast. De in het plan vastgelegde afspraken zijn voor alle partijen bindend.
Artikel 25 Geldleningen 1. SamenTwente is bevoegd tot het aangaan van geldleningen en van rekening-courantovereenkomsten en het uitlenen van geld. 2. De deelnemende gemeenten staan gezamenlijk garant voor de juiste betaling van rente, aflossing, boeten en kosten van de op grond van het in het vorige lid bepaalde opgenomen en op te nemen gelden, zulks op basis hun procentuele bijdrage in de begroting van het betreffende jaar. Artikel 29 Toetreding 1. Toetreding door een andere gemeente kan plaatsvinden wanneer het algemeen bestuur daarin bewilligt. 2. In een besluit van het algemeen bestuur als bedoeld in het vorige lid, kan de toetreding afhankelijk worden gesteld van de voldoening aan bepaalde voorwaarden door de betrokken gemeente. 3. De toetreding treedt in werking op de datum die in het besluit van het algemeen bestuur is bepaald. 4. Het college van de toegetreden gemeente doet zo spoedig mogelijk de nodige benoemingen overeenkomstig artikel 12. Artikel 30 Uittreding 1. Een deelnemer kan uittreden door toezending aan het algemeen bestuur van een daartoe strekkend besluit van deze deelnemer. 2. De uittreding kan, behoudens door het algemeen bestuur toe te stane afwijking, slechts plaatsvinden tegen 1 januari, doch niet eerder dan tegen 1 januari van het tweede jaar volgende op dat waarin het in het eerste lid bedoelde besluit is genomen. 3.
Het algemeen bestuur regelt de gevolgen van de uittreding.
8.3 Wijziging 1. Het algemeen bestuur, op voorstel van het dagelijks bestuur, en de deelnemers, kunnen voorstellen doen tot wijziging van de regeling. 2. De regeling kan worden gewijzigd bij unaniem besluit van de deelnemers, met inachtneming van artikel 1, tweede tot en met vierde lid van de Wgr.
8.4 Opheffing 1. De regeling kan worden opgeheven als twee derde van de deelnemers daartoe besluiten, mits de wet zich daartegen niet verzet. 2. Een besluit als bedoeld in het eerste lid, kan niet eerder worden genomen dan nadat het algemeen bestuur daarover zijn mening kenbaar heeft gemaakt. 3. In geval van een opheffing wordt het dagelijks bestuur belast met het opstellen van een liquidatieplan. Bij het opstellen van dit plan kan zo nodig worden afgeweken van de bepalingen in deze regeling. In het plan wordt voorzien in de personele gevolgen van de opheffing. 4. Het algemeen bestuur stelt het liquidatieplan vast nadat de deelnemers en de raden van de gemeenten hun zienswijzen daarop hebben kunnen inbrengen. Artikel 35 eerste tot en met vierde lid van de Wgr is hierop van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat de termijn acht weken bedraagt. 5. Het dagelijks bestuur wordt belast met de uitvoering van het liquidatieplan. 6. Het openbaar lichaam blijft voortbestaan zolang dit voor de liquidatie van het vermogen nodig is. De bestuursorganen blijven zolang functioneren. 9.1 Geschillen 1. Onverminderd artikel 28 van de Wgr, worden geschillen over deze regeling in de ruimste zin, zo veel mogelijk in goed overleg opgelost en indien dat niet mogelijk is, voorgelegd aan een geschillencommissie. 2.
De geschillencommissie bestaat uit vertegenwoordigers aangewezen door elk van de bij het geschil betrokken partijen en een door deze vertegenwoordigers gezamenlijk aangewezen onafhankelijke voorzitter. 3. De geschillencommissie onderzoekt de mogelijkheden om betrokken partijen alsnog tot overeenstemming te brengen en brengt aan partijen advies uit. 4. Betrokken partijen treden gezamenlijk op als opdrachtgever van de geschillencommissie. Zij zetten in hun opdracht aan deze commissie in ieder geval het probleem uiteen, formuleren de te beantwoorden vragen en bepalen de termijn waarbinnen de geschillencommissie advies uitbrengt. 5. Betrokken partijen kunnen van tevoren overeenkomen, dat het advies van de geschillencommissie bindend zal zijn.
Artikel 31 Wijziging 1. Deze regeling kan worden gewijzigd bij daartoe strekkende besluiten van het college van alle deelnemers. 2. Indien het algemeen bestuur wijzigingen in de regeling wenselijk acht, doet het een daartoe strekkend voorstel aan deelnemers. 3. Het bepaalde in de voorgaande leden is niet van toepassing op een wijziging van de regeling die uitsluitend betrekking heeft op aanpassingen aan veranderde wettelijke bepalingen. Tot dergelijke wijzigingen kan worden besloten door middel van een besluit van het algemeen bestuur met een meerderheid van twee derde van het aantal uitgebrachte stemmen. Artikel 32 Opheffing 1. De regeling wordt opgeheven wanneer de colleges van twee derde van de deelnemers daartoe besluiten. 2. Een besluit als bedoeld in het eerste lid, kan niet eerder worden genomen dan nadat het algemeen bestuur daarover zijn mening kenbaar heeft gemaakt. 3. In geval van opheffing van de regeling besluit het algemeen bestuur tot liquidatie en stelt het daarvoor de nodige regelen vast. Hierbij kan van de bepalingen van deze regeling worden afgeweken. 4. Het liquidatieplan wordt door het algemeen bestuur vastgesteld. 5. Het liquidatieplan voorziet in de verplichting van de deelnemende gemeenten tot het bijdragen in de financiële gevolgen van de beëindiging. Het liquidatieplan voorziet ook in de gevolgen die de opheffing heeft voor het personeel. 6.
Zo nodig blijven de bestuursorganen van SamenTwente ook na het tijdstip van de opheffing in functie, totdat de liquidatie is beëindigd.
Artikel 27 Geschillen 1. Onverminderd artikel 28 van de wet worden geschillen over deze regeling, in de ruimste zin, onderworpen aan een niet bindend deskundigenadvies. 2. Voordat wordt overgegaan tot het vragen van een deskundigenadvies, bedoeld in het eerste lid, wordt het geschil besproken tussen afgevaardigden van het dagelijks bestuur en de betreffende deelnemer(s). 3. Indien het overleg, bedoeld in het tweede lid, niet tot een oplossing leidt, benoemen het dagelijks bestuur en de betreffende deelnemer(s) elk een onafhankelijke deskundige. Beide deskundigen benoemen gezamenlijk een derde deskundige, die als voorzitter van de adviescommissie optreedt. 4. Het dagelijks bestuur en de betreffende deelnemer(s) treden gezamenlijk op als opdrachtgever van de adviescommissie. Zij zetten in hun opdracht aan deze commissie in ieder geval het probleem uiteen, formuleren de te beantwoorden vragen en bepalen de termijn waarbinnen de adviescommissie haar advies uitbrengt.
6. Betrokken partijen dragen de kosten geschillencommissie voor een gelijk deel.
van
de
9.2 Evaluatie 1. Het algemeen bestuur evalueert in het jaar voorafgaand aan de reguliere gemeenteraadsverkiezingen de regeling en gaat daarbij in elk geval in op: a. de bestuurlijke samenwerking binnen het werkgebied van SamenTwente; b. de doelstelling en c. de dienstverlening aan de deelnemende gemeenten vanuit SamenTwente. 2. De raden worden in de gelegenheid gesteld hun zienswijze over de evaluatie naar voren te brengen. Artikel 35, eerste tot en met vierde lid van de Wgr zijn van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat de termijn acht weken bedraagt. 9.3 Overgangsbepaling
5. De adviescommissie regelt de wijze waarop zij haar advies tot stand brengt. Het advies wordt toegezonden aan het dagelijks bestuur en de betreffende deelnemer(s). 6. Na ontvangst van het advies treden de afgevaardigden, als bedoeld in het tweede lid, nogmaals in overleg om te trachten tot een oplossing van het geschil te komen. Indien het overleg niet tot een oplossing leidt, is elk der partijen vrij het geschil, overeenkomstig artikel 28 van de wet, voor te leggen aan gedeputeerde staten van Overijssel. 7. De kosten van de adviescommissie worden door SamenTwente en de betreffende deelnemer(s) voor een gelijk deel gedragen. Artikel 34 Citeerwijze en inwerkingtreding (lid 3) De regeling wordt uiterlijk een maand voorafgaande aan het eind van elke zittingsperiode van de gemeenteraad geëvalueerd, voor het eerst in 2026. Deze evaluatie geschiedt door het algemeen bestuur, gehoord de raad.
Artikel 33 Overnemen verordeningen, overdracht rechten en plichten (lid 1) De verordeningen en andere besluiten, vastgesteld door het algemeen bestuur van Regio Twente, blijven van kracht en worden geacht te zijn vastgesteld onder de huidige regeling, totdat hierin op andere wijze wordt voorzien. Artikel 34 Citeerwijze en inwerkingtreding (lid 1 en 2) 1. De gewijzigde regeling treedt in werking op 8 juli 2021 en wordt aangegaan voor onbepaalde tijd. 2. De regeling kan worden aangehaald als “Gemeenschappelijke regeling SamenTwente”.
Besluiten van het bestuur van Regio Twente, het Openbaar Lichaam Gezondheid of SamenTwente op grond van voorgaande versies van deze regeling, gelden als besluiten genomen mede krachtens deze regeling. 9.4 Citeerwijze en inwerkingtreding 1. De regeling kan worden aangehaald als “Gemeenschappelijke regeling SamenTwente”. 2. De gewijzigde regeling treedt in werking op de dag na bekendmaking , met dien verstande dat de artikelen 3.2.3 en 3.2.5 in werking treden met terugwerkende kracht tot 7 juli 2021. Vervallen artikelen Artikel 3 Deelnemers De deelnemers aan deze regeling zijn de colleges van Almelo, Borne, Dinkelland, Enschede, Haaksbergen, Hellendoorn, Hengelo (O), Hof van Twente, Losser, Oldenzaal, RijssenHolten, Tubbergen, Twenterand en Wierden. Artikel 28 Externe ombudsman Tot behandeling van verzoekschriften als bedoeld in artikel 9:18 van de Algemene wet bestuursrecht is bevoegd de Stichting De Overijsselse Ombudsman voor zover één van de deelnemende gemeenten eveneens deze stichting als ombudsman heeft aangewezen. Artikel 33 Overnemen verordeningen, overdracht rechten en plichten 2. De Regio Twente/SamenTwente draagt per 1 januari 2022 de rechten en verplichtingen van Regio Twente/SamenTwente over aan BVR Recreatieschap
Twente, een en ander – voor zover van toepassing – overeenkomstig een door het dagelijks bestuur vastgesteld overdrachtsplan.