CConstaterende datHofvantwente
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 5 overzicht wijzigingen.pdf

Gemeenteraad 23 april 2024, gemeente HofvantwenteBij agendapunt: 11: Vaststellen gewijzigde Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Twente6.631 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bestaande tekst Te vervallen cursief

Nieuwe tekst Te wijzigen vet

Toelichting

Artikel 4 Doel en reikwijdte

Artikel 4 Belangen

Dit betreft een herformulering, geen inhoudelijke wijziging.

De veiligheidsregio heeft tot doel de brandweerzorg, de rampenbestrijding, de crisisbeheersing en de geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen met behoud van lokale verankering bestuurlijk en operationeel op regionaal niveau te integreren teneinde een doelmatige en slagvaardige hulpverlening te verzekeren, mede op basis van een gecoördineerde voorbereiding.

De veiligheidsregio behartigt de belangen van de gemeenten op de volgende terreinen: a. brandweerzorg als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a en b van de Wet veiligheidsregio’s; b. geneeskundige hulpverlening in het kader van de rampenbestrijding en de crisisbeheersing als bedoeld in artikel 1 van de Wet veiligheidsregio’s; c. rampenbestrijding en crisisbeheersing, als bedoeld in artikel 1 van de Wet veiligheidsregio’s;

Artikel 5 Taken en bevoegdheden

Artikel 5 Taken en bevoegdheden

Aan de Veiligheidsregio zijn de taken en bevoegdheden opgedragen zoals vermeld in de artikelen 10 en 25 van de Wet veiligheidsregio’s.

Ter behartiging van de in artikel 4 genoemde belangen is de veiligheidsregio belast met de taken en bevoegdheden als bedoeld in artikel 10 van de Wet veiligheidsregio’s en de overige taken die bij of krachtens wet en regelgeving aan de veiligheidsregio worden opgedragen.

Dit betreft een herformulering, geen inhoudelijke wijziging.

Artikel 7 Bevoegdheid tot het aangaan van geldleningen

Dit artikel vervalt, hetgeen hierin geregeld wordt dient niet in de verordening te worden opgenomen.

1. De veiligheidsregio is bevoegd tot het aangaan van geldleningen en van rekeningcourantovereenkomsten. 2. De deelnemende gemeenten staan gezamenlijk garant voor de juiste betaling van rente, aflossing, boeten en kosten van de op grond van het bepaalde in het vorige lid opgenomen en op te nemen gelden op basis van de geldende financiële verdeelsleutel. Artikel 8 Dienstverlening

Artikel 7 Dienstverlening

1. De veiligheidsregio is bevoegd tot het verrichten van diensten op het gebied van veiligheid voor één of meer deelnemende gemeenten, indien deze daarom verzoeken en het algemeen bestuur dat verzoek inwilligt. 2. Een besluit tot dienstverlening wordt genomen door het algemeen bestuur en vermeldt de wijze van kostenverrekening en de overige voorwaarden, waaronder tot de gevraagde dienstverlening wordt overgegaan. 3.Een afschrift van dit besluit wordt ter kennis van de deelnemende gemeenten gebracht.

1. De veiligheidsregio is bevoegd tot het verrichten van diensten die niet onder de reguliere taakuitoefening van de veiligheidsregio vallen op het gebied van veiligheid voor één of meer deelnemende gemeenten, indien deze daarom verzoeken en het algemeen bestuur dat verzoek inwilligt. 2. Een besluit tot dienstverlening wordt genomen door het algemeen bestuur en vermeldt de wijze van kostenverrekening en de overige voorwaarden, waaronder tot de gevraagde dienstverlening wordt overgegaan. 3. De wijze van uitvoering van deze taken wordt in een overeenkomst tussen de veiligheidsregio en de betreffende gemeenten vastgelegd.

Artikel 9 Deelneming

Artikel 8 Deelneming

In dit artikel wordt de uitvoering van de nietwettelijke taken vastgelegd.

Doornummering gewijzigd.

De veiligheidsregio is bevoegd tot het aangaan van en deelnemen in een gemeenschappelijke regeling waarbij een openbaar lichaam of een gemeenschappelijk orgaan wordt ingesteld.

De veiligheidsregio is bevoegd tot het aangaan van en deelnemen in een gemeenschappelijke regeling waarbij een openbaar lichaam of een gemeenschappelijk orgaan wordt ingesteld.

Artikel 10 Samenstelling

Artikel 9 Samenstelling

1. Een lid van het algemeen bestuur kan bij afwezigheid worden vervangen door degene die in de gemeente als plaatsvervanger fungeert. 2. Het plaatsvervangend lid vervangt alleen in het algemeen bestuur.

1. Een lid van het algemeen bestuur kan bij afwezigheid worden vervangen door degene die in de gemeente als plaatsvervanger fungeert. 2. Het plaatsvervangend lid vervangt alleen in het algemeen bestuur.

Artikel 11 Stemrecht

Artikel 10 Stemrecht

1. Besluiten worden door het algemeen bestuur genomen met de meerderheid van het aantal ter vergadering aanwezige leden, omvattende een gewone meerderheid van het aantal uitgebrachte stemmen op basis van het bepaalde in het volgende lid. 2. Elk lid van het algemeen bestuur beschikt in de vergadering over één stem. Indien het gaat om vaststelling van de begroting, wijzigingen daarvan en de jaarrekening, beschikt een lid van het algemeen bestuur op basis van het inwoneraantal van zijn gemeente over het volgende aantal stemmen:

1. Besluiten worden door het algemeen bestuur genomen met de meerderheid van het aantal ter vergadering aanwezige leden, omvattende een gewone meerderheid van het aantal uitgebrachte stemmen op basis van het bepaalde in het volgende lid. 2. Elk lid van het algemeen bestuur beschikt in de vergadering over één stem. Indien het gaat om vaststelling van de begroting, wijzigingen daarvan en de jaarrekening, beschikt een lid van het algemeen bestuur op basis van het inwoneraantal per 1 januari van het voorafgaande kalenderjaar van zijn gemeente over het volgende aantal stemmen:

-

0-30.000 inwoners: 2 stemmen 30.000-60.000 inwoners: 3 stemmen 60.000-120.000 inwoners: 4 stemmen Meer dan 120.000 inwoners: 5 stemmen

- 0-30.000 inwoners: 2 stemmen - 30.000-60.000 inwoners: 3 stemmen - 60.000-120.000 inwoners: 4 stemmen

Doornummering gewijzigd.

Doornummering gewijzigd en in lid 2 een verduidelijking opgenomen.

3. De stemprocedure wordt bepaald in het reglement van orde.

- Meer dan 120.000 inwoners: 5 stemmen 3. De stemprocedure wordt bepaald in het reglement van orde.

Artikel 12 Reglement van orde

Artikel 11 Reglement van orde

Het algemeen bestuur stelt voor zijn vergaderingen een reglement van orde vast.

Het algemeen bestuur stelt voor zijn vergaderingen een reglement van orde vast.

Artikel 13 Samenstelling

Artikel 12 Samenstelling

1. Het dagelijks bestuur bestaat uit vijf leden, de voorzitter, als bedoeld in artikel 18, inbegrepen. 2. Het algemeen bestuur wijst de leden van het dagelijks bestuur aan met inachtneming van het bepaalde in artikel 18.

1. Het dagelijks bestuur bestaat uit vijf leden, de voorzitter, als bedoeld in artikel 16, inbegrepen. 2. Het algemeen bestuur wijst de leden van het dagelijks bestuur aan met inachtneming van het bepaalde in artikel 16.

Artikel 14 Vacature

Artikel 13 Vacature

Indien een plaats in het dagelijks bestuur beschikbaar komt, wijst het algemeen bestuur een nieuw lid aan zodra in de betreffende gemeente in de ontstane vacature is voorzien.

Indien een plaats in het dagelijks bestuur beschikbaar komt, wijst het algemeen bestuur een nieuw lid aan zodra in de betreffende gemeente in de ontstane vacature is voorzien.

Artikel 15 Werkwijze

Artikel 14 Werkwijze

1. Op de vergaderingen van het dagelijks bestuur is het bepaalde in de artikelen 52 tot en met 60 van de Gemeentewet van toepassing. 2. Elk lid van het dagelijks bestuur heeft in de vergadering één stem. 3. Het dagelijks bestuur regelt onderling de werkzaamheden.

1. Op de vergaderingen van het dagelijks bestuur is het bepaalde in de artikelen 56 tot en met 59 van de Gemeentewet van toepassing. 2. Elk lid van het dagelijks bestuur heeft in de vergadering één stem. 3. Het dagelijks bestuur regelt onderling de werkzaamheden.

Doornummering gewijzigd.

Doornummering en verwijzing aangepast.

Doornummering gewijzigd.

Doornummering en verwijzing naar gewijzigde artikelen Gemeentewet.

Artikel 16 Dagelijkse leiding

Artikel 15 Dagelijkse leiding

Doornummering en wijziging in sub f, vereenvoudiging en modernisering taalgebruik.

Het dagelijks bestuur is belast met de dagelijkse Het dagelijks bestuur is belast met de dagelijkse leiding van de veiligheidsregio. Hiertoe behoort in leiding van de veiligheidsregio. Hiertoe behoort in elk geval: elk geval: a. het voorbereiden van al hetgeen aan het algemeen bestuur ter overweging en beslissing zal worden voorgelegd; b. het uitvoeren van besluiten van het algemeen bestuur; c. het beheer van activa en passiva van de veiligheidsregio; d. de zorg, voor zover die niet aan anderen toekomt, voor de controle op het geldelijke beheer en de boekhouding; e. het nemen van alle conservatoire maatregelen zowel in als buiten rechte en het doen van alles wat nodig is ter voorkoming van verjaring en verlies van recht of bezit; f. het houden van een gedurig toezicht op al wat de veiligheidsregio aangaat. g. het beheren en onderhouden van de gebouwen, werken en inrichtingen welke de veiligheidsregio bezit of op enigerlei wijze onder zich heeft; h. het vaststellen van de plannen en voorwaarden van aanbesteding van werken en leveranties ten behoeve van de veiligheidsregio. Artikel 17 [vervallen]

a. het voorbereiden van al hetgeen aan het algemeen bestuur ter overweging en beslissing zal worden voorgelegd; b. het uitvoeren van besluiten van het algemeen bestuur; c. het beheer van activa en passiva van de veiligheidsregio; d. de zorg, voor zover die niet aan anderen toekomt, voor de controle op het geldelijke beheer en de boekhouding; e. het nemen van alle conservatoire maatregelen zowel in als buiten rechte en het doen van alles wat nodig is ter voorkoming van verjaring en verlies van recht of bezit; f. het houden van toezicht op al wat de veiligheidsregio aangaat. g. het beheren en onderhouden van de gebouwen, werken en inrichtingen welke de veiligheidsregio bezit of op enigerlei wijze onder zich heeft; h. het vaststellen van de plannen en voorwaarden van aanbesteding van werken en leveranties ten behoeve van de veiligheidsregio. Artikel is verwijderd.

Artikel 18 Aanwijzing

Artikel 16 Aanwijzing

1. Voorzitter van de veiligheidsregio is de overeenkomstig artikel 11, tweede lid, van de Wet veiligheidsregio’s bij koninklijk besluit benoemde burgemeester. 2. De voorzitter is voorzitter van het algemeen bestuur en van het dagelijks bestuur. 3. Het algemeen bestuur wijst een van zijn leden aan die de voorzitter bij afwezigheid vervangt.

1. Voorzitter van de veiligheidsregio is de overeenkomstig artikel 11, tweede lid, van de Wet veiligheidsregio’s bij koninklijk besluit benoemde burgemeester. 2. De voorzitter is voorzitter van het algemeen bestuur en van het dagelijks bestuur. 3. Het algemeen bestuur wijst een van zijn leden aan die de voorzitter bij afwezigheid vervangt.

Artikel 19 Bevoegdheden

Artikel 17 Bevoegdheden

1. De voorzitter draagt zorg voor een spoedige afdoening van zaken. 2. Hij tekent de stukken die van het algemeen bestuur en van het dagelijks bestuur uitgaan. 3. De voorzitter vertegenwoordigt de veiligheidsregio in en buiten rechte. Indien hij behoort tot het bestuur van een deelnemende gemeente die partij is in een geding, waarbij de veiligheidsregio betrokken is, oefent een ander door het dagelijks bestuur aan te wijzen lid van dat college deze bevoegdheid uit. Hij die bevoegd is de veiligheidsregio in en buiten rechte te vertegenwoordigen, kan deze vertegenwoordiging aan een door hem aan te wijzen gemachtigde toevertrouwen.

1. De voorzitter draagt zorg voor een spoedige afdoening van zaken. 2. Hij tekent de stukken die van het algemeen bestuur en van het dagelijks bestuur uitgaan. 3. De voorzitter vertegenwoordigt de veiligheidsregio in en buiten rechte. Indien hij behoort tot het bestuur van een deelnemende gemeente die partij is in een geding, waarbij de veiligheidsregio betrokken is, oefent de vice voorzitter deze bevoegdheid uit danwel een ander door het dagelijks bestuur aan te wijzen lid van het dagelijks bestuur. Hij die bevoegd is de veiligheidsregio in en buiten rechte te vertegenwoordigen, kan deze vertegenwoordiging aan een door hem aan te wijzen gemachtigde toevertrouwen.

Artikel 20

Artikel 18

Doornummering gewijzigd.

Doornummering en in lid 3 verduidelijking en opname dat de vice-voorzitter in dit geval bevoegd is.

Doornummering gewijzigd en reeds vervallen lid 3 verwijderd.

1. De leden van het dagelijks bestuur zijn, tezamen en ieder afzonderlijk, aan het algemeen bestuur verantwoording verschuldigd voor het door het dagelijks bestuur gevoerde bestuur. 2. De leden van het dagelijks bestuur geven, tezamen en ieder afzonderlijk, aan het algemeen bestuur ongevraagd alle informatie die voor een juiste beoordeling van het door het dagelijks bestuur te voeren en gevoerde bestuur nodig is. Zij geven, tezamen dan wel afzonderlijk, aan het algemeen bestuur, wanneer dit bestuur dan wel een of meer leden daarvan hierom verzoeken, alle gevraagde inlichtingen, een en ander voor zover zulks niet strijdig is met het openbaar belang. 3. [vervallen]

1. De leden van het dagelijks bestuur zijn, tezamen en ieder afzonderlijk, aan het algemeen bestuur verantwoording verschuldigd voor het door het dagelijks bestuur gevoerde bestuur. 2. De leden van het dagelijks bestuur geven, tezamen en ieder afzonderlijk, aan het algemeen bestuur ongevraagd alle informatie die voor een juiste beoordeling van het door het dagelijks bestuur te voeren en gevoerde bestuur nodig is. Zij geven, tezamen dan wel afzonderlijk, aan het algemeen bestuur, wanneer dit bestuur dan wel een of meer leden daarvan hierom verzoeken, alle gevraagde inlichtingen, een en ander voor zover zulks niet strijdig is met het openbaar belang.

Artikel 21

Artikel 19

Artikel 20, leden 1 en 2 zijn van overeenkomstige toepassing op de voorzitter voor het door hem gevoerde bestuur.

Artikel 18, leden 1 en 2 zijn van overeenkomstige toepassing op de voorzitter voor het door hem gevoerde bestuur.

Artikel 22

Artikel 20

Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter verstrekken de raden van de deelnemende gemeenten ongevraagd alle informatie die voor een juiste beoordeling van het door hen gevoerde en te voeren bestuur nodig is.

Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter verstrekken de raden van de deelnemende gemeenten ongevraagd alle informatie die voor een juiste beoordeling van het door hen gevoerde en te voeren bestuur nodig is.

Doornummering en verwijzing aangepast.

Doornummering gewijzigd.

Artikel 23

Artikel 21

1. Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter verstrekken aan de raad van een deelnemende gemeente de door één of meer leden van die raad verlangde inlichtingen, een en ander voor zover zulks niet in strijd is met het openbaar belang. 2. Een verzoek om inlichtingen kan schriftelijk of mondeling ter vergadering worden ingediend bij het desbetreffende bestuursorgaan. 3. Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur of de voorzitter verstrekt de gevraagde inlichtingen binnen een maand na ontvangst van het verzoek.

1. Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter verstrekken aan de raad van een deelnemende gemeente de door één of meer leden van die raad verlangde inlichtingen, een en ander voor zover zulks niet in strijd is met het openbaar belang. 2. Een verzoek om inlichtingen kan schriftelijk of mondeling worden ingediend bij het desbetreffende bestuursorgaan. 3. Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur of de voorzitter verstrekt de gevraagde inlichtingen binnen een maand na ontvangst van het verzoek. Artikel 22 Zienswijze 1. Voorafgaand aan het te nemen besluit van het algemeen bestuur worden de raden van de gemeenten in de gelegenheid gesteld om een zienswijze naar voren te brengen indien het een van de volgende besluiten betreft: a. het regionaal beleidsplan inclusief het regionaal risicoprofiel en regionaal dekkingsplan brandweer; b. een wijziging van de vastgestelde begroting voor zover het wijzigingen betreft die voor de gemeenten niet budgettair neutraal zijn; c. Indien het een besluit betreft waarvan een meerderheid van de raden van de deelnemende gemeenten hierom verzoekt, dan vindt er een zienswijzeprocedure plaats.

Doornummering gewijzigd en wijziging in lid 2, een verzoek om inlichtingen niet langer beperkt tot in de vergadering.

Nieuw artikel ten gevolge van wettelijke verplichting. Volgens de wet moet worden opgenomen bij welke besluiten van het AB gemeenteraden een zienswijze kunnen geven. Hiermee wordt aan deze wettelijke verplichting invulling gegeven. De volgende besluiten zijn opgenomen: - het regionaal beleidsplan inclusief het regionaal risicoprofiel en regionaal dekkingsplan brandweer. Het regionaal beleidsplan is een wettelijk verplicht document dat VRT elke vier jaren opstelt en geldt als de basis van het werk voor die vier jaren. Daarom is het logisch om juist dit document aan de gemeenteraden voor te leggen

2. Het dagelijks bestuur biedt de raden de termijn van minimaal 12 weken voor het naar voren brengen van een zienswijze. Als het een wijziging van de vastgestelde begroting betreft, zoals in het eerste lid onder b., dan geldt een gelijke termijn als voor het vaststellen van de begroting zoals genoemd in de wet. 3. Tegelijkertijd met de toezending van het definitieve bestuursvoorstel stelt het dagelijks bestuur de raden van de gemeenten schriftelijk en gemotiveerd in kennis van het oordeel van het dagelijks bestuur over de zienswijzen alsmede van de eventuele conclusies die het daaraan verbindt.

voor een zienswijze. Met het opnemen in de GR ligt die afspraak vast. - een wijziging van de vastgestelde begroting voor zover het wijzigingen betreft die voor de gemeenten niet budgettair neutraal zijn. - Indien het een besluit betreft waarvan een meerderheid van de raden van de deelnemende gemeenten hierom verzoekt. De laatste voorgestelde bepaling (lid 1 sub c) is overeenkomstig het model van de werkgroep organisatierecht Voor wat betreft de termijnen, de wettelijke minimum termijn bedraagt 8 weken, in het voorstel wordt hiervan afgeweken en is een termijn van minimaal 12 weken opgenomen om de raden meer tijd te geven om een zienswijze op te stellen.

Artikel 23 Inspraak Aan artikel 10, zevende lid, van de Wet betreffende de mogelijkheid om ingezetenen van de gemeenten en belanghebbenden te betrekken bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid wordt in ieder geval toepassing gegeven op de volgende wijzen: a. ingezetenen van de deelnemende gemeenten en belanghebbenden kunnen een verzoekschrift indienen bij het dagelijks bestuur;

Nieuw artikel ten gevolge van wettelijke verplichting om een artikel over participatie op te nemen. Er is geen wettelijke verplichting om participatie/ inspraak mogelijk te maken echter deze wens is in de regio wel geuit tijdens de kennissessie WGR Twenteraad. Hiermee is gehoor gegeven aan deze wens.

b. ingezetenen van de deelnemende gemeenten en belanghebbenden kunnen in een openbare vergadering van het algemeen bestuur het woord voeren over onderwerpen die geagendeerd zijn; c. het dagelijks bestuur legt beleidsdocumenten ter inzage, in ieder geval de ontwerpbesluiten die voor een zienswijze aan de raden worden voorgelegd. Artikel 25 Inlichtingen aan Minister en Provincie

Nieuw verplicht artikel.

1. Het dagelijks bestuur dient Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijks-relaties en het provinciebestuur desgevraagd van bericht en raad. 2. Het dagelijks bestuur doet mededeling van het verzoek en de inhoud daarvan aan de deelnemende gemeenten. HOOFDSTUK 8 Commissies Artikel 25 Instelling 1. Het algemeen bestuur kan commissies instellen. 2. Het algemeen bestuur is bevoegd commissies in de zin van art 25, lid 1 van de Wet in te stellen. 3. Het voorzitterschap van de commissies, bedoeld in lid 1 en 2 berust bij een lid van het dagelijks of een door het algemeen bestuur aan te wijzen lid van dit bestuur.

Artikel 25 en 26 vervallen en daarmee hoofdstuk 8. Het is een keuze en geen verplichting om de commissies op te nemen in de regeling,. Commissies kunnen op basis van de artikelen 24 en 25 van de Wet gemeenschappelijke regelingen namelijk al bij afzonderlijk besluit van het algemeen bestuur worden ingesteld.

Artikel 26 Openbaarheid commissies

Zie toelichting artikel 25.

De vergaderingen van de commissies als bedoeld in artikel 25 zijn openbaar, behoudens de mogelijkheid tot het vergaderen achter gesloten deuren, een en ander volgens nader door het algemeen bestuur vast te stellen regels. Hoofdstuk 8a Oprichten van en deelnemen in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen

HOOFDSTUK 8 Oprichten van en deelnemen in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen

Artikel 26a

Artikel 26

Het algemeen bestuur kan besluiten tot de oprichting van en de deelneming in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen.

1. Het algemeen bestuur kan besluiten tot de oprichting van en de deelneming in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen. 2. Het algemeen bestuur kan enkel daartoe besluiten indien dat nodig is vanwege het daarmee te dienen openbaar belang. Het besluit wordt niet genomen dan nadat de raden van de deelnemende gemeenten een ontwerpbesluit is toegezonden en in de gelegenheid zijn gesteld hun wensen en bedenkingen kenbaar te maken aan het algemeen bestuur.

HOOFDSTUK 9 Personeel en Organisatie

HOOFDSTUK 9 Organisatie Artikel 27 Organisatiebesluit

Lid 2 is een uitbreiding van inspraak van de raden door middel van een wensen en bedenkingen procedure.

De benaming van het hoofdstuk is aangepast aan de inhoud. Er is een nieuw artikel toegevoegd met betrekking tot een nog op te stellen organisatiebesluit.

1. Het dagelijks bestuur neemt een besluit betreffende de inrichting van de ambtelijke organisatie van de veiligheidsregio. 2. In het besluit worden in ieder geval de volgende zaken geregeld: a. de samenstelling van een veiligheidsdirectie; b. de taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de veiligheidsdirectie en de secretaris alsmede de onderlinge vervanging; c. de inrichting van de organisatie; d. op welke wijze wordt voorzien in het management; e. de taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden van het management. Artikel 27 De secretaris

Artikel 28 De secretaris

1. Het dagelijks bestuur beslist omtrent benoeming, schorsing en ontslag van de secretaris. Over deze beslissing wordt het algemeen bestuur gehoord. 2. Het dagelijks bestuur stelt voor de secretaris een instructie vast. 3. Het dagelijks bestuur regelt de vervanging van de secretaris. 4. Alle stukken uitgaande van het algemeen bestuur en dagelijks bestuur worden door de secretaris mede ondertekend. 5. Op de secretaris is van overeenkomstige toepassing het bepaalde in artikel 15, de leden 1 en 2 van de Gemeentewet.

1.Het dagelijks bestuur beslist omtrent benoeming, schorsing en ontslag van de secretaris. Over deze beslissing wordt het algemeen bestuur gehoord. 2. Het dagelijks bestuur kan voor de secretaris een instructie vaststellen. 3. Alle stukken uitgaande van het algemeen bestuur en dagelijks bestuur worden door de secretaris mede ondertekend.

Lid 3 is verwijderd omdat dit niet in deze regeling hoort. Lid 5 vloeit reeds voort uit Gemeentewet.

Artikel 28 [vervallen] Artikel 29 Rechtspositie 1. [vervallen] 2. [vervallen] 3. De ambtenaren, daaronder begrepen het personeel werkzaam op arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht, die op het moment dat de regeling in werking treedt in dienst zijn van de Regio Twente, worden geacht vanaf dat moment in dezelfde of in een gelijkwaardige functie en op gelijke arbeidsvoorwaarden in dienst van de veiligheidsregio te zijn. Hoofdstuk 10 Verordeningen van de veiligheidsregio Artikel 30 Verordeningen 1. Het algemeen bestuur is bevoegd binnen het kader van de regeling, al dan niet door strafbepaling en bestuursdwang te handhaven, verordeningen vast te stellen. 2. Op deze verordeningen is het bepaalde in de artikelen 139 tot en met 145 van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing. 3. De verordeningen van de Regio Twente blijven, voor zover van toepassing, van kracht voor de veiligheidsregio tot het moment dat daarin door het algemeen bestuur van de veiligheidsregio is voorzien.

Artikel was reeds vervallen Gehele artikel vervalt. Lid 1 en 2 waren reeds vervallen, lid 3 ligt zover in het verleden, dat het niet langer relevant is dit op te nemen.

Gehele artikel vervalt, lid 1 vloeit reeds voort uit artikel 176 van de Gemeentewet en artikel 39 van de Wet veiligheidsregio’s. De genoemde artikelen in lid 2 zijn vervallen. Lid 3 is niet meer van toepassing.

Hoofdstuk 11 Financiële Bepalingen

Hoofstuk 10 Financiële Bepalingen

Artikel 31 Algemeen

Artikel 29 Algemeen

1. Het algemeen bestuur stelt bij verordening regels vast met betrekking tot de organisatie van de administratie en van het beheer van vermogenswaarden. Deze regels dienen te waarborgen dat aan de eisen van doelmatigheid en controle wordt voldaan. 2. Ten aanzien van de controle op de administratie en op het beheer van vermogenswaarden zijn de artikelen 213, 214 en 215 van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing. 3. De kosten van de veiligheidsregio komen ten laste van de deelnemende gemeenten op de wijze die in de begroting van de veiligheidsregio is vastgesteld.

1. Het algemeen bestuur stelt regels vast met betrekking tot het financiële beleid, het financiële beheer en de inrichting van de financiële organisatie alsmede de controle op deze onderwerpen regels, zoals bedoeld in artikel 212 en 213 van de Gemeentewet. 2. Het gemeentelijk aandeel in de kosten van de veiligheidsregio komt ten laste van de deelnemende gemeenten en wordt toegerekend c.q. omgeslagen naar de individuele gemeente op de wijze die in de begroting van de veiligheidsregio is vastgesteld. 3. De aan de regeling deelnemende gemeenten zullen er zorg voor dragen dat de veiligheidsregio over voldoende middelen beschikt om aan alle langlopende verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen.

Artikel 32 Begroting

Artikel 30 Begrotingsprocedure

1. Met de opstelling van de ontwerp-begroting, bedoeld in artikel 35 van de Wet, is het dagelijks bestuur belast. De ramingen in de ontwerpbegroting worden toegelicht. 2. Voorafgaande aan de opstelling van de ontwerp-begroting vindt in een daartoe door het dagelijks bestuur te beleggen bijeenkomst overleg plaats met vertegenwoordigers van de colleges van burgemeester en wethouders van de

1. Het dagelijks bestuur zendt voor 15 januari van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, de algemene financiële en beleidsmatige kaders aan de raden van de deelnemende gemeenten in de vorm van een kadernota. 2. Het dagelijks bestuur biedt vóór 8 april van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, de ontwerpbegroting aan de

Nieuw lid 3, verplichting: Dit moet in de GR worden opgenomen op basis van een Circulaire van Minister van BiZa 08-07-1999, kenmerk F099/U59111.

De regels over de begroting staan in artikel 34 en artikel 35 van de Wgr. Aan de begroting gaat de kadernota vooraf. Overeenkomstig de op Twents niveau afgesproken werkwijze ziet de P&C cyclus eruit zoals in dit hoofdstuk is opgenomen.

deelnemende gemeenten over de bij de opstelling te hanteren uitgangspunten. 3. Het dagelijks bestuur zendt jaarlijks zo tijdig mogelijk de ontwerpbegroting voor het komende kalenderjaar aan de raden van de deelnemende gemeenten. 4. De raden van de deelnemende gemeenten dienen binnen acht weken na ontvangst van de ontwerpbegroting het dagelijks bestuur schriftelijk van hun gevoelen daaromtrent te doen blijken. Het dagelijks bestuur voegt deze schriftelijke blijken van hun gevoelen, eventueel voorzien van een schriftelijke reactie daarop, bij de ontwerpbegroting zoals die aan het algemeen bestuur wordt aangeboden. 5. Als begrotingswijzigingen, waarop het bepaalde in de laatste zin van artikel 35, lid 5, van de Wet van toepassing is, worden aangewezen die, welke niet leiden tot een verhoging van de deelbijdragen van de deelnemende gemeenten.

Artikel 33 Gemeentelijke bijdragen 1. In de begroting wordt aangegeven de naar raming door elke deelnemende gemeente voor

raden van de deelnemende gemeenten, waarbij de wettelijke termijn voor indiening van een zienswijze (ten minste twaalf weken voordat zij aan het algemeen bestuur wordt aangeboden) in acht wordt genomen. 3. De ontwerpbegroting wordt door de besturen van de deelnemende gemeenten voor een ieder ter inzage gelegd en algemeen verkrijgbaar gesteld. 4. De raden van de deelnemende gemeenten kunnen bij het dagelijks bestuur hun zienswijze over de ontwerpbegroting naar voren brengen. Het dagelijks bestuur voegt de commentaren waarin deze zienswijze is vervat bij de ontwerpbegroting, zoals deze aan het algemeen bestuur wordt aangeboden. Het dagelijks bestuur stelt de raden van de deelnemende voorafgaande aan het vaststellen van begroting in kennis van zijn oordeel over de zienswijze, alsmede van de eventuele conclusies die het daaraan verbindt. 5. Het algemeen bestuur stelt de begroting vast in het jaar voorafgaande aan dat waarvoor zij dient. 6. Nadat deze is vastgesteld zendt het algemeen bestuur de begroting aan de raden van de deelnemende gemeenten. Opgenomen in artikel 29.

het jaar, waarop de begroting betrekking heeft, verschuldigde bijdrage. 2. De deelnemende gemeenten betalen de jaarlijkse in het vorige lid genoemde bijdrage bij jaarfactuur te voldoen in zes termijnen 3. De deelnemende gemeenten nemen de in de begroting geraamde bedragen voor hun gemeente op in de gemeentebegroting. 4. Voor zover de vastgestelde begroting afwijkt van het aan hen toegezonden ontwerp, wordt de begroting ter kennisneming gezonden aan de raden van de deelnemende gemeenten. Artikel 34 Jaarrekening

Artikel 31 Jaarrekening

1. Het dagelijks bestuur biedt de jaarrekening waarin opgenomen een verslag van werkzaamheden over het afgelopen jaar – na toevoeging van een verslag van het onderzoek naar de deugdelijkheid van de jaarrekening, ingesteld door de overeenkomstig artikel 213 van de Gemeentewet aangewezen deskundige, met alle bijbehorende bescheiden ter vaststelling aan het algemeen bestuur aan. 2. Op de jaarrekening is het bepaalde in artikel 198, leden 2 tot en met 4 en de artikelen 199 tot en met 202 van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing. 3. Het dagelijks bestuur zendt een afschrift van deze jaarrekening aan de raden der deelnemende gemeenten.

1. Het algemeen Bestuur stelt de jaarrekening vast in het jaar, volgend op het jaar waarop deze betrekking heeft. 2. Het dagelijks bestuur zendt de voorlopige jaarrekening voor 30 april van het jaar volgend op het jaar waarop deze betrekking heeft aan de raden van de deelnemende gemeenten. 3. Het dagelijks bestuur zendt de jaarrekening binnen twee weken na de vaststelling, doch in ieder geval vóór 15 juli van het jaar volgende op het jaar waarop deze betrekking heeft, aan Gedeputeerde Staten en de deelnemende gemeenten. 4. In de jaarrekening wordt het door elk der deelnemende gemeenten over het desbetreffende jaar werkelijk verschuldigde bedrag opgenomen.

Artikel 35 Verrekening

Dit is overeenkomstig de op Twents niveau afgesproken werkwijze t.a.v. de P&C cyclus.

1. In de jaarrekening wordt het door elk der deelnemende gemeenten over het desbetreffende jaar werkelijk verschuldigde bedrag opgenomen. 2. Verrekening van het verschil tussen de op grond van artikel 33, lid 1, verschuldigde bijdrage en het werkelijk verschuldigde vindt plaats terstond na de vaststelling van de jaarrekening.

5. Verrekening van het verschil tussen de op grond van artikel 29 lid 2, verschuldigde bijdrage en het werkelijk verschuldigde vindt plaats terstond na de vaststelling van de jaarrekening.

HOOFDSTUK 12 BELASTINGEN

Dit artikel vervalt in zijn geheel, nu deze bevoegdheid al in de Gemeentewet geregeld is.

Artikel 36 Heffen van rechten 1. Het algemeen bestuur is bij verordening bevoegd tot het heffen van rechten als bedoeld in artikel 229 van de Gemeentewet en rechten waarvan de heffing krachtens bijzondere wetten geschiedt. 2. Op verordeningen als bedoeld in het eerste lid is het bepaalde in artikel 32, lid 2, van deze regeling van toepassing. HOOFDSTUK 13 ARCHIEF

HOOFDSTUK 11 ARCHIEF

Artikel 37 Archief

Artikel 32 Archief

1. Het dagelijks bestuur is belast met de zorg voor archiefbescheiden en het toezicht op de bewaring en het beheer van de archiefbescheiden van de veiligheidsregio en zijn organen overeenkomstig een door het algemeen bestuur met inachtneming van artikel 30, lid 1 van de Archiefwet 1995 vast te stellen verordening.

1. Het dagelijks bestuur is belast met de zorg voor archiefbescheiden en het toezicht op de bewaring en het beheer van de archiefbescheiden van de veiligheidsregio en zijn organen overeenkomstig een door het algemeen bestuur met inachtneming van artikel 30, lid 1 van de Archiefwet 1995 vast te stellen verordening.

Doornummering gewijzigd.

2. Voor de bewaring van de op grond van de artikelen 12, lid 1 en 13, lid 1 van de Archiefwet 1995 over te brengen archiefbescheiden wijst het dagelijks bestuur een archiefbewaarplaats aan. 3. De secretaris is belast met de bewaring en het beheer van de archiefbescheiden als bedoeld in het eerste lid, overeenkomstig de door het dagelijks bestuur nader vast te stellen regelen.

2. Voor de bewaring van de op grond van de artikelen 12, lid 1 en 13, lid 1 van de Archiefwet 1995 over te brengen archiefbescheiden wijst het dagelijks bestuur een archiefbewaarplaats aan. 3. De secretaris is belast met de bewaring en het beheer van de archiefbescheiden als bedoeld in het eerste lid, overeenkomstig de door het dagelijks bestuur nader vast te stellen regelen.

HOOFDSTUK 14 TOETREDING, UITTREDING, WIJZIGING, OPHEFFING

HOOFDSTUK 12 TOETREDING, UITTREDING, WIJZIGING, OPHEFFING

Artikel 38 Toetreding

Artikel 33 Toetreding en uittreding

Toetreding door andere gemeenten zal bij wijziging van de regio-indeling als bedoeld in artikel 8 van de Wet veiligheidsregio’s plaatsvinden.

1. Een deelnemende gemeente zal toetreden danwel uittreden bij wijziging van de regioindeling als bedoeld in artikel 8 van de Wet veiligheidsregio’s. 2. Na ontvangst van het besluit tot toetreding/uittreding worden door de gemeenten een in overleg met de toetredende danwel uittredende gemeente aan te wijzen onafhankelijke externe deskundigen, waarvan minimaal één financieel onderlegde deskundige en één juridisch onderlegde deskundige, opdracht verleend een plan op te stellen dat ten minste inzicht geeft in alle kosten, die direct of indirect samenhangen gedurende een periode van maximaal vijf jaar in beeld te brengen met de toetreding/uittreding. Daarbij geldt als uitgangspunt dat de toetredende/uittredende gemeente naar redelijkheid en billijkheid:

De Wgr schrijft voor dat in de GR regels worden opgenomen over het toe- en uittreden tot of uit de regeling. VRT is een verplichte gemeenschappelijke regeling voor de 14 gemeenten in de regio. Pas als de Wet veiligheidsregio’s wordt aangepast is toe- of uittreding mogelijk. Dit ligt niet voor de hand, daarom was deze bepaling tot op heden niet verder uitgewerkt. Deze voorgestelde bepaling is overeenkomstig het model van de werkgroep organisatierecht m.b.t. uittreding en wordt in de ontwerpregeling ook voorgesteld met betrekking tot toetreding. De zienswijze van de gemeente Almelo is hierin opgenomen.

• de (frictie)kosten draagt die het rechtstreekse gevolg zijn van de toetreding/uittreding inclusief overheadkosten die daarvan het gevolg zijn; • aansprakelijk blijft voor alle schulden en de overige verplichtingen van het openbaar lichaam op het tijdstip van toetreden/uittreden, zulks in verhouding van de verdeling van de gemeentelijke bijdragen als bedoeld in artikel 29, in het laatste jaar van deelname, mits dit niet is verdisconteerd in het plan. • Tevens bevat het (uittredings)plan de uittreedsom die betaald moet worden door de uittredende deelnemer. 3. Het algemeen bestuur stelt het hierboven genoemde plan vast. De in het plan vastgelegde afspraken zijn voor alle partijen bindend.

Artikel 39 Uittreding

Zie het gestelde bij het voorgaande artikel.

Een deelnemende gemeente zal uittreden bij wijziging van de regio-indeling als bedoeld in artikel 8 van de Wet veiligheidsregio’s. Artikel 40 Wijziging

Artikel 34 Wijziging

1. Deze regeling kan worden gewijzigd bij daartoe strekkende besluiten van de colleges van burgemeester en wethouders van tweederde van de deelnemende gemeenten omvattende ten minste tweederde van het aantal inwoners,

1. Deze regeling kan worden gewijzigd bij daartoe strekkende besluiten van de colleges van burgemeester en wethouders van tweederde van de deelnemende gemeenten omvattende ten minste tweederde van het aantal inwoners,

Doornummering gewijzigd.

gebaseerd op de bevolkingscijfers van de aan de veiligheidsregio deelnemende gemeenten, op 1 januari van dat jaar. Het college van burgemeester en wethouders kan eerst tot wijziging besluiten na verkregen toestemming van de gemeenteraad. 2. Indien het algemeen bestuur wijzigingen in de regeling wenselijk acht, doet het een daartoe strekkend voorstel aan de colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten. 3. Het bepaalde in de leden 1 en 2 is niet van toepassing op een wijziging van de regeling die uitsluitend betrekking heeft op aanpassingen aan veranderde wettelijke bepalingen. Tot dergelijke wijzigingen kan worden besloten door middel van een besluit van het algemeen bestuur.

gebaseerd op de bevolkingscijfers van de aan de veiligheidsregio deelnemende gemeenten, op 1 januari van dat jaar. Het college van burgemeester en wethouders kan eerst tot wijziging besluiten na verkregen toestemming van de gemeenteraad. 2. Indien het algemeen bestuur wijzigingen in de regeling wenselijk acht, doet het een daartoe strekkend voorstel aan de colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten. 3. Het bepaalde in de leden 1 en 2 is niet van toepassing op een wijziging van de regeling die uitsluitend betrekking heeft op aanpassingen aan veranderde wettelijke bepalingen. Tot dergelijke wijzigingen kan worden besloten door middel van een besluit van het algemeen bestuur.

Artikel 41 Opheffing

Artikel 35 Opheffing

1. In geval van opheffing van de regeling besluit het algemeen bestuur tot liquidatie en stelt het daarvoor de nodige regelen vast. Hierbij kan van de bepalingen van de regeling worden afgeweken. 2. Het liquidatieplan wordt door het algemeen bestuur, de colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten gehoord, vastgesteld. 3. Het liquidatieplan voorziet in de verplichting van de deelnemende gemeenten tot deelneming in de financiële gevolgen van de beëindiging. Het

1. De gemeenschappelijke regeling kan slechts worden opgeheven, indien dit door een wijziging van artikel 8 jo. artikel 9 van de Wet veiligheidsregio´s mogelijk wordt. Opheffing geschiedt in dat geval bij daartoe strekkende besluiten van colleges van de deelnemende gemeenten. 2. Een besluit als bedoeld in het eerste lid, kan niet eerder worden genomen dan nadat het algemeen bestuur daarover zijn mening kenbaar heeft gemaakt. 3. In geval van een opheffing, zoals vermeld in het voorgaande lid, wordt het dagelijks bestuur

Deze bepaling is behoudens lid 1 overeenkomstig het model van de werkgroep organisatierecht.

liquidatieplan voorziet ook in de gevolgen die de opheffing heeft voor het personeel. 4. Zonodig blijven de organen van de veiligheidsregio ook na het tijdstip van de opheffing in functie, totdat de liquidatie is beëindigd.

belast met het opstellen van een liquidatieplan. Bij het opstellen van dit plan kan zo nodig worden afgeweken van de bepalingen in deze regeling. In het plan wordt voorzien in de personele gevolgen van de opheffing. 4. Het algemeen bestuur stelt het liquidatieplan vast nadat de colleges en raden van de gemeenten hun zienswijzen daarop hebben kunnen inbrengen. 5. Het dagelijks bestuur wordt belast met de uitvoering van het liquidatieplan. 6. Het openbaar lichaam blijft voortbestaan zolang dit voor de liquidatie van het vermogen nodig is. De bestuursorganen blijven zolang functioneren.

Artikel 42 Register

Verplichting voortvloeiende uit artikel 27 Wgr is vervallen per 1 juli 2021.

De colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten dragen er zorg voor dat de verwerking in het gemeentelijk register als bedoeld in artikel 27 van de Wet zal plaatsvinden binnen 14 dagen na bericht van het dagelijks bestuur van de wijzigingen die voortvloeien uit de artikelen 38, 39, 40 en 41. Hoofdstuk 15 KLACHTRECHT

HOOFDSTUK 13 KLACHTRECHT

Artikel 43 Klachtrecht

Artikel 36 Klachtrecht

Tot behandeling van verzoekschriften als bedoeld in artikel 9:18 van de Algemene wet bestuursrecht is bevoegd de Stichting De

Tot behandeling van verzoekschriften als bedoeld in artikel 9:18 van de Algemene wet

Stichting Nationale Ombudsman gaat over in de Nationale ombudsman. De regeling wordt hierop aangepast.

Overijsselse Ombudsman voor zover één van de deelnemende gemeenten eveneens deze stichting als ombudsman heeft aangewezen.

bestuursrecht is bevoegd de Nationale ombudsman.

HOOFDSTUK 16 OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN

HOOFDSTUK 14 OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN Artikel 37 Evaluatie 1. Tenminste eenmaal per vier jaar vindt een evaluatie van deze regeling plaats tezamen met het nieuwe regionale beleidsplan. 2. De evaluatie richt zich op de inhoud van de regeling zelf en op de ervaringen met de gehanteerde werkwijzen.

Artikel 44 Toezending en registratie

Artikel 38 Bekendmaking

1. Burgemeester en wethouders van Enschede dragen zorg voor de toezending van deze regeling aan gedeputeerde staten. 2. Burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten dragen zorg voor de verwerking van deze regeling in het gemeentelijk register als bedoeld in artikel 27 van de Wet. 3. De regeling wordt aangegaan voor onbepaalde tijd.

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Enschede draagt zorg voor bekendmaking van het besluit tot vaststelling van de regeling, van de besluiten tot wijziging en opheffing van de regeling en van besluiten tot toetreding en uittreding in het door die gemeente uitgeven gemeenteblad.

Artikel 45 Overnemen verordeningen, rechten en plichten 1. De verordeningen en plannen, alsmede de begroting 2011, vastgesteld door het algemeen

Nieuwe wettelijke verplichting volgens de gewijzigde Wgr om een bepaling over evaluatie in de regeling op te nemen. De voorgestelde tekst is overeenkomstig de landelijke modelregeling juristen veiligheidsregio’s.

Lid 3 is verplaatst naar artikel 39.

Opgenomen in het voorgestelde artikel 29.

bestuur van Regio Twente, blijven van kracht totdat deze worden gewijzigd en/of ingetrokken met toepassing van deze regeling. 2. De veiligheidsregio neemt de rechten en verplichtingen van Regio Twente over, een en ander –voor zover van toepassing – overeenkomstig het overdrachtsplan. Artikel 46 Kostenverrekening

Opgenomen in het voorgestelde artikel 29.

De kosten verbonden aan de uitvoering van de ingevolge deze regeling aan de veiligheidsregio opgedragen belangen worden toegerekend en omgeslagen op de wijze die in de begroting van de veiligheidsregio is vastgesteld. Artikel 47 1. Deze regeling kan worden aangehaald als “Regeling Veiligheidsregio Twente”. 2. De regeling treedt in werking op 1 januari 2011.

Artikel 39 1. Deze regeling kan worden aangehaald als “Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Twente”. 2. De regeling treedt in werking op de dag na bekendmaking en werkt terug tot 1 juli 2024 en wordt aangegaan voor onbepaalde tijd.

Het ontwerp is aangepast m.b.t. de inwerkingsdatum namelijk met terugwerkende kracht per 1 juli 2024 in verband met de wettelijke implementatietermijn.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hofvantwente.nl/api/v1/meetings/4099/documents/56514