Bijlage 5. Bijlagen bij toelichting.pdf
Tekst van het document
C.A.J. Quantstraat
(fase 2) overschrijdt de concentratie
arseen
net de streefwaarde. De
overige
onderzochte stoffen zijn niet in een concentratie boven de streefwaarde aangetoond. In de overige grondwatennonsters zijn geen van de onderzochte stoffen in een concentratie boven de streefwaarde aangetoond.
De verhoogde concentratie aan arseen in het grondwater heeft waarschijnlijk een natuurlijke oorsprong. ln
de regio Twente komen, met name ln de gebieden met een zandige ondergrond. een aantal zware metalen
van
nature
in
verhoogde concentraties in het grondwater voor. ln deze gebieden welke veelal worden
gekenmerkt door een relatief lage zuurgraad en geringe adsorptiecapaciteit‚ is sprake van een relatief grote mobiliteit van zware metalen in de bodem. De aanwezigheid van deze verhoogde concentraties is
gerelateerd
aan
geochemlsche/bodemkundige aspecten (samenstelling
deze
en
textuur
van
de
ondergrond). anderzijds kunnen wisselende fysische condities in/van de bodem (zoals temperatuur en
zuurgraad) een rol spelen. 4.3.3
Asfalt
Een samenvatting van de resultaten van de chemische analyses zijn weergegeven in onderstaande tabel. Tabel 9: Toetsln anal
ì ìFase
2 (Kuimgaarden)
eresultaten asfalt
Monstarpunt
Toetsing hergebrulkmogelijkheden
b
Îl°°°
mggenlga
3iRuimersdiik)
Gehalte PAK
<4 9
geschikt voor hergebruik
Îüì Îä-Îä-
w
2m
Projectnummer 26.865. 8 december 2005
11/16
Ï_—_—__—__í Bodem -en verhardingsonderzoek Ruimersdijk fase 2 en 3 te Diepenheim INOINIIUIIOUIIAU
Uit het verrichte onderzoek kan geconcludeerd worden dat met uitzondering van de rolschaatsbaan‚ in de onderzochte asfaltstukken het gehalte aan PAK hoger ls dan 75 mglkg d.s. en dat het asfalt derhalve als “teerhoudend” beschouwd kan worden. Het asfalt ter plaatse van de Kuimgaarden en de Ruimersdijk is niet
geschikt voor hergebruik.
Het asfalt ter plaatse van de rolschaatsbaan bevat een gehalte aan PAK dat lager is dan 75
is derhalve geschikt voor hergebruik.
4.3.4
mglkg d.s. en
Fundgringsmatgriaal
ln het genomen puinmonster 307 is het totale gehalte aan asbest lager dan 2 mglkg d.s.. Hoewel het funderingsmateriaal fonneel geen bodem betreft zijn de
referentiekader uit de Wet bodembescherming.
—>
‚h… „‚«««-L …‘.«
Ïnget«th: oonëìrgehalLftlate (O&W“g”U! —\
À
wida‘
'
,U»
getoetst aan het
gesqeld
a***t!“
nou‘
worden dat het betrekking tot de overige bodemverontreinigende stofien kan funderingsmateriaal ter plaatse van monsterpunt 307 (westzijde Ruimersdijk t.o.v. kruising met Dr. C.A.J.
Met
Quantstraat) een sterk verhoogd gehalte aan PAK bevat en een licht verhoogd gehalte aan minerale olie. Het verhoogde gehalte aan PAK kan verklaard worden door de anwezige asfaltbrokjes‚ terwijl de minerale olie deels verklaard kan worden door de aanwezige PAK en deels door een zware oliefractie (teer?).
ln het monster van het funderingsmateriaal van de oostelijke zijde van de Ruimersdijk (monsterpunt 300 en 301, veldkeien en klinkers) overschrijdt het gehalte aan PAK de streefwaarde. De overige onderzochte stoffen zijn niet in verhoogde gehalten aangetoond.
asfaltverharding een laag puin met slakken aanwezig als gehalten aan koper. nikkel en PAK de streefwaarde (mm
Ter plaatse van de Kuimgaarden is onder de
funderingsmateriaal.
303+304j
Hierin overschrijden de
In de zwak puinhoudende laag zand onder het asfalt van de rolschaatsbaan
gehalten aan cadmium. EOX en PAK de streefwaarde.
(B305) overschrijden de
Toetsing van de hypothese
4.3.5
ln paragraaf 3.1 is op basis van de resultaten van het vooronderzoek de locatie als “onverdacht’ gekwalificeerd met betrekking tot de aanwezigheid van asbest en de overige bodemverontreinigende
stoffen.
Daar in de grond de gehalten aan koper, nikkel, PAK en minerale olie de betreffende streefwaarde en het
gehalte
aan
asbest
de
gewogen
interventiewaarde
“onverdacht” te worden verworpen.
overschrijdt.
dient
de
onderzoekshypothese
Ioejsing aag de noogzaak tot vervolgogderzoelg Daar in het funderingsmateriaal het gehalte aan PAK en in de geroerde laag het gehalte asbest de
4.3.6
tussenwaarde
c.q.
gewogen
interventiewaarde
overschrijdt
bodembescherming een nader onderzoek te worden uitgevoerd. indica i
4.3.7
v
toe
in
anal
ere
ultaten a n Bouwsto
dient
fonneel
op
basis
van
de
Wet
esi i
Opgemerkt wordt dat op dit moment geen sprake is van afvoer van overtollige grond van de locatie. In 52.4 is aangegeven dat voor de beoordeling van de mogelijkheden tot verwerking van eventueel op de locatie
vrijkomende grond sedert 1 juli 1999 het Bouwstoffenbesluit van toepassing is. Om een eerste
algemene indicatie te krijgen van de hergebruikmogelijkheden van de vrijkomende grond zijn de verkregen analyseresultaten met betrekking tot het NEN pakket vergeleken met de kwaliteitsnormen zoals opgenomen in de Vrijstellingsregeling Samenstellings- en immissiewaarden.
analyseresultaten van de grond zijn getoetst aan de samenstellingswaarden. Deze zijn voor grond afhankelijk van het lutum en organisch stofgehalte en zijn gelijk gesteld aan de streefwaarde. De
Voor bouwstoffen anders dan grond
met een zekerheidsfactor. In tabel
9
zijn
de
(puin) geldt dat het gemeten gehalte moet worden vermenigvuldigd
analyseresultaten van de grond
en
het
puln weergegeven
Bouwstoffenbesluit. Hierbij is het voorkomen van asbest buiten beschouwing gelaten.
Projectnummer 26865. 8 december 2005
en
getoetst aan
het
12/16
Lub?»
_
Bodem -en verhardingsonderzoek Ruimersdíjk lase 2 en 3 te Diepenheim
{ANKELMA INOINIIUIIIUIIAU
Tabel 9: Toetsln Bouwstofienbeslult
Fase
Mengmonater
Parameter
Gemeten c.q.
berekend
ehalte
SS-I
SB-waarde
Toetsing
SG-waarde
(Indicatief) Cal orie 1
°! en
O
_Olle —ZKEIOlie
El
"
68
100 100
íììíììh Puin
303+304
ïflïì 6.9! 9.45 ì
íìï olle
280
13835
500
Bouwstoffenbesluit
Uit de toetsing blijkt dat ter plaatse van de Ruimersdijk eventueel vrijkomende bovengrond en ondergrond van het
oostelijke deel indicatief beschouwd kan worden als categorie 1-grond. De ondergrond van de
westelijke helft kan beschouwd worden als MVR-grond. MVR—grond kan beschouwd worden als 'schone' grond.
De bovengrond van de Wolbertusstraat en een deel van de Kuimgaarden dient eveneens beschouwd te worden als categorie
1—grond ten gevolge van het aanwezige gehalte aan PAK. De boven» en ondergrond van de Kuimgaarden en de Dr. C.A.J. Quantstraat kan worden beschouwd als
het overige deel 'schone" grond. van
Het aanwezige funderlngsmateriaal aan de westzijde van de kruising van de Ruimersdljk met de Dr. C.A.J. Quantstraat voldoet niet aan de eisen ln het Bouwsloffenbeslult en is derhalve niet geschikt voor
hergebruik. Het aanwezige funderingsmateriaal ter plaatse Ruimersdijk kan hergebruikt worden.
Opgemerkt wordt dat op basis
van
het
van
huidige
de
Kuimgaarden en
onderzoek
slechts
het
een
oostelijke deel van indicatie
geven
van
de
de
gebrulksmogelijkheden van de grond en het funderingsmateriaal. Indien materiaal vrijkomt dient alsnog een partijkeuring conform het Bouwstoffenbesluil plaats te vinden.
Projectnummer 26865. 8december 2005
13/16
_” Bodem -en verhardlngsonderzoek Ruimersdijk fase 2 en 3 te Diepenheim
{ANKELMA
INOINIIUIIIUIIAU
5
SAMENVATTING, CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
5.1
Algemeen
ln opdracht van Anacon-Infra heeft Lankelma Geotechniek Almelo BV in de periode mei juni 2005 een onderzoek uitgevoerd ter plaatse van een deel van de Ruimersdijk‚ de Dr. C.A..l. Quantstraat‚ de Wolbertusstraat en de Kuimgaarden te Diepenheim. ln overleg met de gemeente Hof van Twente is de -
aansluiting met de Goorseweg buiten beschouwing gelaten.
Aanleiding van het onderzoek is de door de gemeente Hof van Twente voorgenomen herinrichting van de
openbare ruimte. het aanleggen van hemelwater- en vuilwaterriolering als vervanglng van het huidige gemengde rioolstelsel en het aflroppelen van particuliere verhardingsoppervlakken. De herinrichting vindt
gefaseerd pleats. Fase 1 is reeds uitgevoerd. Onderhavig onderzoek betreft fase 2 en 3. Het onderzoek is opgebouwd uit de volgende onderdelen:
‚“?.”
verkennende bodemonderzoek confonn de NEN 5740 (overige bodemverontreinigende stoffen);
verkennende asbestonderzoek conform de NEN 5707 (asbest);
asfaltonderzoek ter plaatse van de Kuimgaarden en de Ruimersdijk;
constructie-onderzoek;
uitvoering confonn Bouwstoffenbesluit en accreditatieprogramma AP04;
bemalingsadvies voor het aanleggen van de riolering met waterbezwaarberekening in relatie tot de Grondwaterwet en de provinciale grondwaterverordenlng.
De gemeente Hof van Twente hanteert het beleid voor kernen buiten Goor dat grondmonsters dienen te worden geanalyseerd op het voorkomen van asbest. Het verkennend bodemonderzoek ls om die redenen onderverdeeld ln twee onderdelen:
Onderzoek naar aanwezigheid van asbest; Onderzoek naar de aanwezigheid van overige bodemverontreinigende stoffen.
o o
Aangezien momenteel niet bekend is of en zo je hoeveel grondoverschot er zal zijn is het AP04 onderzoek vooralsnog niet meegenomen. Het bemalingsadvies wordt separaat gerapporteerd zodra de dimensionering van aan te
leggen putten e.d. bekend ls.
Het onderzoek heeft als doel: 1. en 2.
3. 4.
het vaststellen van de actuele bodemkwaliteit ter plaatse met
betrekking tot asbest en overige mllieuhygienlsche stoffen; het vaststellen van de opbouw en de kwaliteit van het asfalt met betrekking tot teerhoudendheid; het vaststellen van de opbouw en de kwaliteit van het funderingsmateriaal met betrekking tot asbest en de overige mllieuhygienische stoffen;
Het verkennend bodemonderzoek van de grond en puinverhardlng onder de rijbaan en buiten de rijbaan in de groenstroken is uitgevoerd overeenkomstig de richtlijnen zoals beschreven in de Nederlandse norm NEN 5740 (oktober 1999): "Onderzoeksstrategie bij verkennend onderzoek'. Het asbestbodemonderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5707 (mei 2003) en de o-NEN 5896.
Op basis van de resultaten van het vooronderzoek is de locatie als “onverdacht’ gekwalificeerd ten aanzien van grond- en grondwaterverontreiniging. Hiermee wordt bedoeld dat er geen stoffen in gehalten boven de streefwaarden of natuurlijke achtergrondwaarden vallen. Tevens is gesteld dat activiteiten op en in de
omgeving van de onderzoekslocatie geen invloed hebben gehad op de mllieuhygìènische kwaliteit van de bodem.
Uit het vooronderzoek is naar voren gekomen dat in de omgeving lokaal licht verhoogde
gehalten aan
zware metalen, EOX. minerale olie en PAK zijn aangetoond in de grond en (licht) verhoogde concentraties aan chroom, fenolen en EOX In het grondwater.
5.2
Visuele waarnemingen
Verspreid over de gehele locatie komen in de bovengrond puindeeltjes voor. Op enkele plaatsen zijn kooldeeltjes of sporen asfalt aangetroffen. Een boring is op 1,0 m —mv. gestaakt op een harde laag. Ter plaatse van enkele monsterpunten aan de Ruimersdijk is een sliblaagje‚ slootbodem of zijn riet- en houtresten waargenomen. Dit kan duiden op een gedempte sloot.
Projectnummer 26865. 8 december 2005
14/16
-I.AI\II(EI.IlIIA INOINIIUIIIUIIAU&
Bodem »en verhardingsonderzoek Ruimersdijk fase 2 en 3 te Diepenheim
Ter plaatse van de kruising van de Ruimersdijk en de Dr. C.A.J Quantstraat en ter plaatse van de Ruimersdijk is in enkele boringen asbestverdacht plaatmateriaal waargenomen.
De bodem op de gehele locatie bestaat tot de maximaal verkende boordiepte van 3,0 m -mv. grotendeels uit zwak tot matig siltig, matig fijn zand. De toplaag is veelal humeus. Lokaal is op grotere diepte een
leemlaag aangetroffen of is het zand zwak grindig.
Het asfalt ter plaatse van de Kuimgaarden heeft een dikte van 4 à 5 cm en heeft als funderingsmateriaal puin en slakken (dikte 16 en 25 cm). Ter plaatse van de Ruimersdijk vaneen de dikte van het asfalt tussen
funderingsmateriaal uit veldkeien en klinkers (waarschijnlijk de oude bestrating) aan de oostzijde en aan de westzijde uit circa 11 cm. puin. de 8 en 15 cm en bestaat het
5.3
Analyseresultaten
Verongginigingsgrggd asfalt gg [gnggringsmagerigaj
Uit het verrichte onderzoek kan geconcludeerd worden dat het asfalt ter plaatse van de Ruimersdijk en de
Kuimgaarden “teerhoudend’ is en derhalve niet geschikt is voor hergebruik. Het asfalt ter plaatse van de rolschaatsbaan is ‘niet teerhoudend‘ en wel geschikt voor hergebruik.
Met betrekking tot het funderingsmateriaal kan geconcludeerd worden dat ter plaatse van het westelijke deel van de Ruimersdijk geen asbest aangetoond is, doch dat het funderingsmateriaal wel een sterk
verhoogd gehalte aan PAK bevat en een licht verhoogd gehalte aan minerale olie. Het verhoogde gehalte aan PAK kan verklaard worden door de aanwezige asfaltbrokjes, terwljl de minerale olle deels verklaard kan worden door de aanwezige PAK en deels door een zware oliefractle (teer?).
In het monster van het funderingsmateriaal van de oostelijke zijde van de Ruimersdijk (veldkeien en klinkers) van de Kuimgaarden overschrijdt het gehalte aan koper, nikkel enlof PAK de streefwaarde.
Verontreinigingssituagie met asbest ig de grond
Op basis van de analyseresultaten blijkt dat in de geroerde grond van de vakken op of nabij de kruising van
Ruimersdijk en de Dr. C.A.J. Quantstraat het gehalte aan asbest de gewogen lnterventiewaarde overschrijdt. Dit zijn tevens de vakken waar visueel en analytisch asbesthoudend materiaal ls aangetroffen. ln de grond is met name niet-hechtgebonden asbest aangetoond. Ter plaatse van een asbestboring ls zowel asbesthoudende pulp als plaatmateriaal aangetroffen. ln de overige monsterpunten is sprake van stukjes plaatmateriaal. ln éen vak overschrijdt het gewogen gehalte aan asbest de door de gemeente gehanteerde waarde voor de
nader onderzoek (50 mg/kg d.s.).
ln de geroerde grond van de overige vakken is interventiewaarde of is geen asbest aangetoond.
het
gehalte
aan
asbest
lager dan de gewogen
De boven de interventiewaarde verontreinigde grond met asbest ter plaatse van het wegtraject en het
aangrenzende groen lijkt met uitzondering van de noordelijke richting (Dr. C.A.J. Quantstraat ten noorden
kruising met de Ruimersdijk) te zijn afgeperkt. Opgemerkt wordt dat alleen het openbare groen en het wegtracé zijn onderzocht en dat onbekend is ln hoeverre de verontreiniging zich uitstrekt op omliggende (particuliere) terreinen. van de
Verontreinlgingssltuatie met overige stoffen lg de grgnd In de boven» en ondergrond van de Ruimersdijk en in de bovengrond
verhoogde gehalten aan PAK enlof minerale olle aangetoond.
van
de Wolbertusstraat zijn
aan PAK kunnen waarschijnlijk gerelateerd worden aan de visueel en teerbrokjes‚ terwijl de licht verhoogde gehalten aan minerale olie en puinkooldeeltjes waargenomen deels veroorzaakt zijn door PAK.
De licht
verhoogde gehalten
ygrgntíeinigingsgitugtie met ovgggg stoffen in ge gmgdwgtgr
De ln het grondwater aangetroffen licht verhoogde concentratie aan arseen ter plaatse van respectievelijk de Kuimgaarden en de Dr. C.A.J. Quantstraat heeft waarschijnlijk een natuurlijke oorsprong.
Projeclnummer 26865. 8 december 2005
15l16