CConstaterende datHof van Twente
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 - Bijlagen bij de regels bestemmingsplan Veeg I.pdf

Gemeenteraad 28 mei 2024, gemeente Hof van TwenteBij agendapunt: 12: Bestemmingsplan buitengebied Hof van Twente, Veegplan 202316.044 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

18

Bijlage 3

Beplantingslijst

Zomereik Winterlinde Zoete kers Wintereik Boomhazelaar Elsbes Fladderiep Vuilboom wilde Lijsterbes Hazelaar Hondsroos wilde Kardinaalsmuts Gelderse roos Eenstijlige meidoorn Sleedoorn

Inrichtingsplan Familie Vasters

Quercus robur Tilia cordata Prunus avium Quercus petrea Corylus avellana Sorbus torminalis Ulmus leavis Rhamnus frangula Sorbus accuparia Corylus avellana Rosa canina Euonymus europaeus Viburnum opulus Crataegus monogyna Prunus spinosa

1400 1175 1350 1350 1150 450 775 950 1275 950 275 850 175 150 12275

19

Bijlage 4

Begroting

Inrichtingsplan Familie Vasters

20

Buitengebied Hof van Twente, Veegplan 2023

Bijlage 14 Inrichtingsplan Haaksbergerweg ong. M arkelo

vastgesteld

63

Inrichtingsplan landgoed Weldam Onderdeel van de pilot 20 ha bosaanleg Overijssel

Colofon Opdrachtgever: Titel:

Landgoed Weldam Inrichtingsplan Landgoed Weldam

Status:

Definitief

Datum:

5 april 2023

Auteur(s):

E. Sonder en M. Rouwhof

Foto’s:

M. Rouwhof

Kaartmateriaal:

Copyright © 2023, Dienst voor het kadaster en openbare registers, Apeldoorn

Projectnummer:

21.30.760.04.29367

© Coöperatie Bosgroep Nood-Oost Nederland u.a. Balkerweg 48a 7738 PB Witharen t (0523) 74 57 00 e noordoostnederland@bosgroepen.nl www.bosgroepen.nl

Inhoudsopgave 1

Inleiding

5

2

Beschrijving huidige situatie 2.1

Ligging terrein

6

2.2

Huidige situatie

6

2.4

Hoogte/helling

8

2.5

Grondwaterstanden

8

2.7

Landschap

9

2.8

Huidige natuurwaarden Wegen en paden

9

10

2.10

Kabels en leidingen

Eisen vanuit de regeling

10

11

2.11.1

Toestemming gemeente

11

2.11.2

Bestemmingswijziging Overleg omwonenden

11

11

2.11.4

Aanplant inheemse soorten

11

1.1

Leeswijzer

2.3

Bodem

2.6

Archeologische waarden

2.9 2.11

2.11.3

3

6

6

9

Inrichtingsplan

12

3.2

3.1

Aan te leggen bostypen Maatregelen

13

3.3

Plantvoorbereiding

13

3.4

Hydrologie

13

3.6

Eisen aan plantmateriaal

16

3.7

Wild werende maatregelen

3.5

3.8

4

5

Beplantingsplan

Nazorg

Beheermaatregelen in de toekomst

12

13

16

16

17

Bijlage 1

Maatregelenkaart

18

Bijlage 2

Beplantingsplan

19

Bijlage 3

Beplantingslijst

20

Bijlage 4

SSK-raming

21

Inrichtingsplan Landgoed Weldam

3

Inrichtingsplan Landgoed Weldam

4

1

Inleiding

Het Rijk en de provincies hebben in 2020 een bossenstrategie gemaakt. Daarin is de

ambitie opgenomen dat er in 10 jaar 37.000 hectare bos bij komt in Nederland; dat is maar liefst 10% extra bos. Met meer bomen wordt er meer CO2 vastgelegd en wordt de biodiversiteit bevorderd. Onderdeel van de bossenstrategie is ook dat de bomen die gekapt zijn/worden in Natura 2000-gebieden ergens anders worden geplant. Om een start te maken met deze aanleg heeft de provincie in overleg met de Bosgroep Noord-Oost Nederland, het Overijssels Particulier Grondbezit en Landschap Overijssel overleg gevoerd

over een pilot van 20 hectare bosaanleg. Om de bosaanleg uit te voeren, zal een aanvraag worden gedaan voor de subsidie functieverandering als de investeringssubsidie voor de inrichtingsmaatregelen. Dit inrichtingsplan voor landgoed Weldam maakt onderdeel uit van de pilot.

1.1

Leeswijzer

In het volgende hoofdstuk wordt de huidige situatie beschreven. Daarbij komen de volgende onderdelen aan bod: -

Ligging

-

Bodem

-

Hoogteligging

-

Archeologische waarden

-

Landschap

-

Wegen en paden

-

Eisen vanuit de regeling

-

-

Grondwaterstanden

Huidige natuurwaarden Kabels en leidingen

Dit hoofdstuk 2 kan daarmee worden gebruikt als inpassingsplan voor de bestemmingsplanwijziging van de gemeente.

Het hoofdstuk 3 is het daadwerkelijke inrichtingsplan

Binnen dit inrichtingsplan wordt aangegeven welke bostypen binnen het plangebied ontwikkeld kunnen worden. Hiervoor wordt een analyse van de biotische en abiotische factoren gemaakt, waarbij ook gebruik is gemaakt van hoofdstuk 2. Daarnaast worden ook de uit te voeren inrichtingsmaatregelen voor het ontwikkelen van de bostypen beschreven. Een begroting komt terug in de bijlagen. Als laatste hoofdstuk zal het beheer in de toekomst beschreven worden.

Inrichtingsplan Landgoed Weldam

5

2

Beschrijving huidige situatie

De 2 voorgestelde percelen, bekend onder de kadastrale nummers MKL C 3634 en MKL C

2091, zijn in agrarisch gebruik en eigendom van Landgoed Weldam. Landgoed Weldam is voornemens deze percelen te bebossen. Tezamen zijn de percelen 4,35 hectare groot.

2.1

Ligging terrein

Perceel 1 grenst aan de oostzijde aan de Haaksbergerweg en perceel 2 ligt meer westelijk van de Haaksbergerweg en wordt omgeven door bestaand bos (zie figuur 1). De beide percelen grenzen aan het Natuurnetwerk Nederland (NNN).

Figuur 1: Ligging van de percelen

2.2

Huidige situatie

Perceel 1 bestaat uit een extensief beheerd graslandperceel met korte vegetatie van grassen en kruiden. Binnen dit perceel zijn een aantal sloten aanwezig. Daarnaast bevinden zich in het perceel een aantal knotwilgen en wilgenstruwelen. Perceel 2 bestaat uit een grasland met veel pitrus en wordt omringd door bestaand bos.

2.3

Bodem

In beide percelen is een verkennende boring uitgevoerd van de bodemopbouw. De bodem van beide percelen bestaat uit een veldpodzolgrond en is opgebouwd uit zwak lemig, fijn zand. De bodem van perceel 1 heeft de eerste 25 centimeter een donkere humeuze

bovengrond. Vanaf 25 centimeter bevindt zich een vage roest-laag, dat tot ongeveer 110

Inrichtingsplan Landgoed Weldam

6

centimeter diep door gaat. Op 120 centimeter diepte begint het moedermateriaal. Deze roestlaag geeft aan dat het grondwater op 25 centimeter onder het maaiveld staat in

nattere periodes. Het perceel heeft een agrarisch gebruik, dat is ook uit te lezen aan de bodem. De vage laag die te zien is op figuur 3, is ontstaan doordat er vroeger diep geploegd is. Deze bodem heeft een pH tussen de 4,5 en 5.

De bodem van perceel 2 heeft de eerste 20 centimeter een donkere humeuze bovengrond, vanaf 20 centimeter is er een roestlaag aanwezig dat door loopt tot 80 centimeter diep.

Vanaf 80 centimeter diep gaat de bodem over in het moedermateriaal. De roestlaag geeft aan dat het grondwater tot 20 centimeter onder het maaiveld heeft gestaan. De pH van deze bodem is 4,5.

Figuur 2: bodem perceel 1

Figuur 3: bodem perceel 2

Figuur 4: Bodemkaart van de locatie

Inrichtingsplan Landgoed Weldam

7

2.4

Hoogte/helling

De twee percelen liggen op de overgang van wat hoger gelegen terrein in de omgeving van Hengevelde naar een wat lager gelegen terrein rondom Goor. In perceel 1 is de hoogte aan de noordwestzijde 12,37 meter boven NAP en aan de zuidoost zijde 12,86 meter boven NAP. In dit perceel is nauwelijks reliëf aanwezig. Perceel 2 ligt op een hoogte van 12,23 meter boven NAP, hier is geen reliëf aanwezig. Wat opvalt is dat beide percelen lager liggen dan het omliggende landschap. Dit is goed te zien op figuur 5.

Figuur 5: De hoogtekaart van beide percelen.

2.5

Grondwaterstanden

Perceel 1 heeft een gemiddeld laagste grondwaterstand (GLG) van 1,5 – 2 meter onder het maaiveld. De gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG) is 0,2 – 0,4 meter onder het maaiveld. De daarbij behorende grondwatertrap is V (5). In en rondom het perceel zijn enkele sloten aanwezig. Deze waren ten tijde van het veldbezoek niet watervoerend. Perceel 2 heeft een gemiddeld laagste grondwaterstand (GLG) van 1 – 1,5 meter onder het maaiveld. De gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG) is 0,2 – 0,4 meter onder het maaiveld. De bijbehorende grondwatertrap is V (5). In dit perceel zijn geen sloten aanwezig. Dit betekent dat beide percelen in de winter “nat” zijn. In de zomer trekt het grondwater dieper weg en kan het droog worden op beide percelen. Omdat de GLG bij perceel 1 lager ligt dan bij perceel 2, is perceel 1 in de zomer droger dan perceel 2.

Inrichtingsplan Landgoed Weldam

8

Figuur 6 Kaarten met daarop de GHG (links) en de GLG (rechts)

2.6

Archeologische waarden

Op basis van de Indicatieve kaart archeologische waarden is er op het perceel een lage

trefkans wat betreft archeologische waarden. Desondanks is het niet uitgesloten dat er archeologische waarden in het perceel zijn aan te treffen (Erfgoed, 2008). Gezien de lage

trefkans van archeologische waarden zal om bosaanleg mogelijk te maken geen aanvullend archeologisch onderzoek worden uitgevoerd.

2.7

Landschap

De percelen bevinden zich in het landschapstype ‘jong ontginningslandschap’. Jong ontginningslandschap bestaat uit jonge landbouwpercelen. Vaak waren deze gronden nat en moeilijk te ontginnen en bleven deze gebieden over en werden ze later ontgonnen. Ze zijn nog te herkennen aan de rechthoekige verkaveling met knotbomen op de nattere

plekken en houtwallen op de hoge drogere plekken. Tegenwoordig zijn deze landschappen meer open, doordat de beplanting is weggehaald voor de landbouw.

2.8

Huidige natuurwaarden

Er heeft een ecologische toets plaatsgevonden om te bekijken of de inrichtingsmaatregelen negatieve gevolgen heeft op de huidige natuurwaarden van de percelen.

Op 5 oktober 2022 heeft een veldbezoek plaats gevonden en is geen bijzondere flora

waargenomen. Daarbij moet worden opgemerkt dat het niet het ideale moment is geweest voor een vegetatie opname. Echter kan daarbij ook worden gesteld dat door het (intensief) agrarische gebruik tot op heden er geen bijzondere flora kan worden verwacht. In de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) zijn ook geen waarnemingen vermeld van bijzondere flora op de twee percelen. Tijdens het veldbezoek is er geen fauna waargenomen. Ook voor fauna geldt dat het moment van het veldbezoek niet optimaal is. Dit betekent dat het gebied een lage

natuurwaarden heeft, aangezien er geen bijzondere flora aanwezig is en nauwelijks habitats worden geboden voor diersoorten. Om te kijken of er verder wel waarnemingen

Inrichtingsplan Landgoed Weldam

9

van fauna zijn gedaan op en rondom de percelen, is de NDFF geraadpleegd. Dit wordt gedaan voor fauna omdat het leefgebied van fauna groter is dan de plek waar de

waarneming wordt gedaan. In de NDFF is gekeken naar waarnemingen die de afgelopen vijf jaar zijn gedaan op en rondom de percelen. Het bos rondom perceel 2 is meegenomen en de twee agrarische percelen naast perceel 1.

Op perceel 1 zijn er geen waarnemingen vermeld en op perceel 2 alleen één waarneming van een bont zandoogje en een ree. Beide soorten zijn algemeen in Nederland en komen

ook voor in een bos, wat betekent dat na de uitvoering van de inrichtingsmaatregelen het nog steeds een geschikt biotoop is voor de waargenomen soorten. In de NDFF zijn er voornamelijk waarnemingen van vogelsoorten vermeld rondom de

percelen. Van de waargenomen vogelsoorten is er maar één rode lijst soort waargenomen en dat is de zwarte mees, deze is meermalen in de omgeving waargenomen. Zwarte mezen zijn naaldboombewoners en aangezien er naaldbomen worden aangeplant, zal hun habitat vergroot worden door de voorgenomen inrichtingsmaatregelen. De meeste andere waargenomen vogelsoorten komen voornamelijk ook voor in het bos, dus de inrichtingsmaatregelen zullen ook voor deze soorten positief zijn.

Verder zijn er geen andere rode lijst soorten waargenomen rondom de percelen. Dit betekent dat er geen zeldzame soorten aanwezig zijn die afhankelijk zijn van de huidige staat van de percelen. Aangezien het bos rondom de percelen meerdere habitats bied voor diersoorten, heeft dit bos een hogere natuurwaarden dan de in te richten percelen. Door de percelen om te vormen naar bos, zal de natuurwaarde van het perceel daarom waarschijnlijk stijgen.

2.9

Wegen en paden

Perceel 1 grenst aan de oostzijde aan de parallelweg langs de Haaksbergerweg. Langs deze parallelweg bevindt zich een inrit waardoor het perceel te bereiken is. Perceel 2 is te bereiken via een bestaand bospad, dat aansluit op de Haaksbergerweg. Er liggen geen wegen en paden in de percelen.

2.10 Kabels en leidingen De Bosgroep heeft een oriëntatieverzoek gedaan bij het Kadaster omtrent ligging kabels en leidingen. Uit dit oriëntatieverzoek blijken er geen kabels en leidingen in het perceel aanwezig te zijn.

Inrichtingsplan Landgoed Weldam

10

2.11 Eisen vanuit de regeling Hieronder worden de belangrijkste eisen vanuit de regeling weergegeven. Daarbij is het belangrijk dat er een positief advies ligt vanuit de gemeente om uiteindelijk een

bestemmingsplanwijziging te realiseren. Tevens is ook het omgevingsmanagement beschreven in de vorm van overleg met de omwonenden. Verder komen overige eisen aan bod. 2.11.1

Toestemming gemeente

Er heeft overleg plaatsgevonden tussen de Bosgroep en de gemeente Hof van Twente. De gemeente heeft aangegeven positief te staan tegenover de ontwikkeling van bos op beide percelen. De gemeente heeft ook aangegeven bereid te zijn het bestemmingsplan hiervoor aan te passen. 2.11.2

Bestemmingswijziging

De bestemming van beide percelen is momenteel agrarisch. Vanuit de regeling dient de bestemming van de percelen binnen het bestemmingsplan van de gemeente te worden aangepast naar bos. 2.11.3

Overleg omwonenden

Aan de Haaksbergerweg zijn een aantal omwonenden die door de aanleg van bos op perceel 1 het zicht vanuit hun huis veranderd zien worden. Deze omwonenden zijn

ingelicht door de rentmeester en hebben positief gereageerd op de intentie tot bosaanleg. 2.11.4

Aanplant inheemse soorten

De provincie eist dat er minimaal 60% inheemse soorten worden aangeplant. Tevens vereist de provincie dat bosranden worden aangelegd mits mogelijk.

De wens is om 20% van het aan te planten bos te laten bestaan uit autochtoon plantmateriaal Nederlandse Rassenlijst Bomen: er dient dan plantmateriaal te worden gebruikt waarvan de herkomst vermeld is in de meest recente Nederlandse Rassenlijst

Bomen (zie www.rassenlijstbomen.nl). Daarbij dient materiaal gebruikt te worden uit een vergelijkbaar gebied/floradistrict (gebiedseigen soorten). Gedetailleerde informatie over aanwezig autochtoon materiaal is beschikbaar bij de genenbank voor bomen en struiken (www.genenbankbomenenstruiken.nl).

Inrichtingsplan Landgoed Weldam

11

3

Inrichtingsplan

3.1

Aan te leggen bostypen

Voor de inrichting van het bos is er gekeken naar verschillende factoren. De percelen

hebben ‘vochtige’ bodems en liggen laag in het landschap. Daarom is er voor gekozen om een vochtig bostype aan te leggen. Daarbij worden boomsoorten aangeplant die goed

gedijen onder vochtige omstandigheden. Er wordt ingespeeld op een zo hoog mogelijke toekomstbestendigheid door middel van groepsgewijze aanplant van zowel struikvormers als bomen en menging in soorten. Hiermee wordt een structuurrijk bos ontwikkelt, waarbij rekening is gehouden met de klimaatsverandering.

Door de variatie van soorten en de variatie binnen de bodem en de bodemvochtigheid leent het bostype zich het beste voor vochtig bos.

Tabel 1 Overzicht van het beoogde beheertype voor het perceel

Kadastraal nummer

Beoogd bostype

Oppervlakte (ha)

1a

Loofbos

0,9

1b

Loofbos

0,63

1c

Naaldbos

0,5

1d

Bosrand

0,16

1e

Bosrand

0,16

2

Gemengd bos

1,07

Figuur 7: Weergave van beide aan te planten percelen.

Inrichtingsplan Landgoed Weldam

12

3.2

Maatregelen

Om de percelen op de juiste manier te kunnen aanplanten, dienen er voorbereidende maatregelen genomen te worden, alvorens over gegaan kan worden op de daadwerkelijke aanplant.

3.3

Plantvoorbereiding

Om bos te kunnen aanplanten op beide percelen, dient er bodemvoorbereiding plaats te vinden. Perceel 1 is een grasland, dat erg kruidenrijk is. Om aanplant mogelijk te maken dient het perceel vooraf gemaaid te worden. Vervolgens zal dit perceel met de spitfrees

bewerkt worden. Perceel 2 is evenens een grasland, waarbij pitrus dominant is. De pitrus is een taaie soort, die niet snel verteerd. Om aanplant op dit perceel mogelijk te maken zal ook hier vooraf gemaaid moeten worden, waarbij het maaisel ook dient te worden

afgevoerd. Vervolgens dient ook dit perceel met de spitfrees worden bewerkt. Beide percelen zullen, voorafgaand aan het inplanten, ingezaaid worden met een kruidenmengsel. Dit om concurrentie van grassen en ongewenste kruiden te voorkomen.

3.4

Hydrologie

In perceel 1 zijn sloten aanwezig. Er liggen twee slootjes midden in het perceel, deze liggen van noordwest naar zuidoost. Ook liggen er twee slootjes rondom het perceel, één sloot ligt aan de noordwestzijde en één sloot ligt aan de zuidwestzijde. Dit zijn geen grote sloten die negatieve gevolgen hebben voor het aan te leggen bos. De sloten hebben in de

toekomst geen onderhoud nodig en mogen langzaam verlanden. In perceel 2 zijn geen sloten aanwezig.

3.5

Beplantingsplan

De boomsoorten die worden aangeplant zijn gekozen op basis van de bodemsoort, grondwatertrap, en de eis van de provincie waarbij 60% inheemse soorten worden aangeplant. Daarnaast is er bij de boomsoortenkeuze gekozen voor klimaatbestendige- en

rijkstrooiselsoorten. Hierbij zal bij de keuze van plantsoen rekening mee worden gehouden. Verder is gedacht aan de versterking van de biodiversiteit binnen het gebied door middel van het planten van een natuurlijke bosrand. Op basis van deze uitgangspunten en de

richtlijnen vanuit de provincie is een boomsoortenverdeling per perceel opgesteld, zoals weergegeven in tabel 3. Perceel 1 is opgedeeld in 5 deelpercelen. Elk deelperceel heeft zijn eigen soortensamenstelling, hiervoor zijn soorten gekozen die goed met elkaar kunnen

opgroeien door de verschillende successiestadia heen. Op deze manier kan het bos op lange termijn de functies vervullen zoals in het plan beschreven staat. Deelperceel 1a bestaat uit inheemse loofbomen. Deze soorten dragen bij aan een hoge biodiversiteit, zijn geschikt voor de vochtige bodems en zijn goed voor de

Inrichtingsplan Landgoed Weldam

13

bodemgezondheid vanwege de goed verteerbare organische materialen zoals bladeren en takken.

Deelperceel 1b bestaat uit inheemse en uitheemse loofbomen. Zo zijn er bomen gekozen die een goede bijdrage leveren aan de bodem vanwege het rijke strooisel. Daarnaast is

gekozen voor klimaatbestendige bomen die in de toekomst kwaliteitshout kunnen leveren en daarmee CO2 opgeslagen wordt en bomen die ecologisch interessant zijn, doordat er bijvoorbeeld insecten en vogels op af komen vanwege de bloei en zaadzetting.

Deelperceel 1c bestaat uit uitheems naaldhout. Dit perceel grenst aan bestaand gemengd bos dat hoger in het landschap ligt. Daarom is het landschappelijk gezien interessant om hier naaldbos aan te planten. Zo ontstaat er een mooie overgang van bestaand bos, naar naaldbos, naar loofbos. Hier worden de uitheemse soorten thuja en zilverspar aangeplant,

omdat deze soorten zich goed in de vochtige bodems kunnen verdragen. Ook leveren deze naaldbomen in de toekomst kwaliteitshout, hierdoor kan het hout verwerkt worden in bouwmaterialen en kan CO2 lang opgeslagen worden. Deelperceel 1d en 1e zijn de bosranden. Deze bestaan voornamelijk uit struikvormende soorten die zorgen voor een verzachte overgang van open gebied naar bosgebied. Daarnaast bestaan deze soorten uit soorten die bekend staan als bes- en nectarproducerende soorten waar insecten en vogels baat bij hebben als

voedselvoorziening en mogelijke nest- en schuillocatie. Ook dient deze struweelrand als het ware als een mantel die een positieve invloed heeft op het microklimaat binnen het bos. Het struweel is tussen de 5 en 10 meter breed en wordt op een glooiende wijze ingeplant, zodat er geen harde overgang ontstaat van open gebied naar struweel naar boskern.

Perceel 2 is niet opgedeeld in verschillende deelpercelen. Het perceel wordt ingericht als een gemengd bos met loof- en naaldbomen. De naald- en loofbomen worden gemengd

aangeplant, hierdoor ontstaat er een ander soort bos dan in perceel 1. Zo worden er twee verschillende bossen gecreëerd, die dezelfde functies vervullen. In beide percelen zijn totaal elf bomenrijen ingetekend. Deze rijen worden ingeplant met populieren, de populieren zijn snelle groeiers, waardoor er snel een bosklimaat gecreëerd

wordt. Als het bos toe is aan de eerste dunning, kunnen de populieren worden geoogst en kunnen de rijen dienen als werkpaden voor toekomstige bosexploitaties. Bij de aanplant van de percelen wordt gerekend met 4500 stuks per hectare en wordt aangeplant op een plantafstand van 1,5x1,5 meter. Bij de bomenrijen wordt dat niet gedaan, hierbij worden de bomen vier meter uit elkaar geplant.

Inrichtingsplan Landgoed Weldam

14

Vak 1a

1b

1c

1d

1e

bomenrijen

2

bomenrijen

opp (ha) 0,9

Boomsoorten Boomsoorten Latijnse naam Nederlandse naam

Percentage

Ulmus laevis Prunus avium Tilia cordata Betula pubescens Alnus glutinosa totaal

Fladderiep Zoete kers Winterlinde Zachte berk Zwarte els

25% 25% 25% 5% 20% 100%

Quercus petraea Carpinus betulus Sorbus torminalis Corylus colurna totaal

Wintereik Haagbeuk Elsbes Boomhazelaar

25% 25% 25% 25% 100%

Thuja plicata Abies alba totaal

Reuzenlevensboom Gewone zilverspar

50% 50% 100%

Euonymus europaeus Crataegus monogyna Prunus spinosa Pyrus communis Malus sylvestris totaal

Wilde kardinaalsmuts Eenstijlige meidoorn Sleedoorn Peer Wilde appel

20% 20% 20% 20% 20% 100%

Corylus avellana Viburnum opulus Prunus padus Crataegus monogyna Eunonymus europaeus totaal

Hazelaar Gelderse roos Gewone vogelkers Eenstijlige meidoorn Wilde kardinaalsmuts

20% 20% 20% 20% 20% 100%

Populus x canadensis totaal

Canadapopulier

100% 100%

Betula pubescens Alnus glutinosa Tilia cordata Quercus petraea Sorbus torminalis Thuja plicata Abies alba totaal

Zachte berk Zwarte els Winterlinde Wintereik Elsbes Reuzelevensboom Gewone zilverspar

5% 20% 15% 15% 15% 15% 15% 100%

Populus x canadensis totaal

Canadapopulier

100% 100%

0,63

0,5

0,16

0,16

0,52

0,85

0,22

3,94 TOTAAL: Tabel 2 Boomsoortencombinatie per perceel

Inrichtingsplan Landgoed Weldam

15

3.6

Eisen aan plantmateriaal

Om veilig te stellen dat het plantsoen van goede kwaliteit is, dient het plantmateriaal te

voldoen aan NEN 4712 normering en NAK gecertificeerd plantsoen. Waar mogelijk komt het plantsoen van autochtone herkomst.

3.7

Wild werende maatregelen

Bij de aanplant van plantsoen wordt er bescherming aangebracht. De wilddruk van reeën kan leiden tot schade en leiden tot verlies van een groot deel van de aanplant. Bij de

aanplant wordt er daarom gebruik gemaakt van een reewild-werend raster. Dit raster is 1,60 meter hoog. Deze wordt na 5 jaar weer verwijderd als de aanplant groot en sterk genoeg is om wilddruk te overleven.

3.8

Nazorg

Nadat het bos is aangeplant, is het noodzakelijk om nazorg te plegen. Er zal jaarlijks een controle worden uitgevoerd in de zomer om te inventariseren of de aanplant belemmerd

wordt door aanwezige grassen en kruiden. Indien nodig wordt er dan voor gezorgd dat de beplanting wordt vrij gemaaid van de concurrerende soorten. Daarnaast wordt indien noodzakelijk ingeboet. Bij dit inrichtingsplan wordt rekening gehouden met inboet van 10% zodat deze kosten ook binnen de subsidieregeling worden vergoed.

Inrichtingsplan Landgoed Weldam

16

4

Beheermaatregelen in de toekomst

Wanneer de percelen zijn aangeplant, moet het plantsoen de komende vijf jaar vrij gemaaid worden van concurrerende vegetatie. Na vijf jaar bevindt het aangeplante bos zich in de

dichte fase, waarbij het kronendak gesloten is. Deze dichte fase zal daarna overgaan in de stakenfase. Ongeveer 20 jaar na de bosaanplant zal de eerste dunning worden uitgevoerd. Er worden dan toekomstbomen aangewezen en de bomenrijen die bestaan uit populieren

worden geoogst, vanaf dat moment gaan de bomenrijen functioneren als dunningspaden. Na de eerste dunning wordt elke 5-7 jaar een dunning uitgevoerd. Bij deze dunningen

wordt er gestuurd op behoud van de mening en wordt er ook gestuurd op kwaliteitsbomen voor de productie.

Inrichtingsplan Landgoed Weldam

17

Bijlage 1

Maatregelenkaart

Inrichtingsplan Landgoed Weldam

18

Bijlage 2

Beplantingsplan

Vak 1a

opp (ha) 0,9

1b

1c

1d

1e

bomenri jen

2

bomenri jen

Bodembewerking Spi tfrezen

Boomsoorten Latijnse naam

Boomsoorten Nederlandse naam Percentage

Plantsoenmaat

Aantal

opmerkingen

Ul mus l a evi s Prunus a vi um Ti l i a corda ta Betul a pubes cens Al nus gl uti nos a tota a l

Fl a dderi ep Zoete kers Wi nterl i nde Za chte berk Zwa rte el s

25% 25% 25% 5% 20% 100%

80/120 80/120 80/120 80/120 80/120

1000 1000 1000 200 800 4000

groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js

Quercus petra ea Ca rpi nus betul us Sorbus tormi na l i s Coryl us col urna tota a l

Wi nterei k Ha a gbeuk El s bes Boomha zel a a r

25% 25% 25% 25% 100%

80/120 80/120 80/120 80/120

700 700 700 700 2800

groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js

Thuja pl i ca ta Abi es a l ba tota a l

Reuzenl evens boom Gewone zi l vers pa r

50% 50% 100%

pl ug pl ug

1125 1125 2250

i ndi vi dueel i ndi vi dueel

Euonymus europa eus Cra ta egus monogyna Prunus s pi nos a Pyrus communi s Ma l us s yl ves tri s tota a l

Wi l de ka rdi na a l s muts Eensti jl i ge mei doorn Sl eedoorn Peer Wi l de a ppel

20% 20% 20% 20% 20% 100%

80/120 80/120 80/120 80/120 80/120

150 150 150 150 150 750

groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js

Coryl us a vel l a na Vi burnum opul us Prunus pa dus Cra ta egus monogyna Eunonymus europa eus tota a l

Ha zel a a r Gel ders e roos Gewone vogel kers Eensti jl i ge mei doorn Wi l de ka rdi na a l s muts

20% 20% 20% 20% 20% 100%

60/100 60/100 60/100 60/100 60/100

150 150 150 150 150 750

groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js

Popul us x ca na dens i s tota a l

Ca nada popul i er

100% 100%

s tek

1300 1300

i n een ri j

Betul a pubes cens Al nus gl uti nos a Ti l i a corda ta Quercus petra ea Sorbus tormi na l i s Thuja pl i ca ta Abi es a l ba tota a l

Za chte berk Zwa rte el s Wi nterl i nde Wi nterei k El s bes Reuzel evens boom Gewone zi l vers pa r

5% 20% 15% 15% 15% 15% 15% 100%

80/100 80/100 80/100 80/100 80/100 pl ug pl ug

200 775 575 575 575 575 575 3850

groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js

Popul us x ca na dens i s tota a l

Ca nada popul i er

100% 100%

s tek

550 550

i n een ri j

0,63

0,5

0,16

0,16

0,52

0,85

0,22

3,94

TOTAAL:

Inrichtingsplan Landgoed Weldam

16250

19

Bijlage 3

Beplantingslijst

Ul mus l a evis Prunus a vi um Ti li a corda ta Betul a pubes cens Al nus gl uti nos a Quercus petra ea Ca rpi nus betul us Sorbus tormi na l is Coryl us col urna Thuja pl i ca ta Abi es al ba Euonymus europaeus Crata egus monogyna Prunus s pi nos a Pyrus communi s Mal us syl vestri s Coryl us a vell a na Vi burnum opul us Prunus pa dus Popul us x cana dens i s

Fl a dderi ep Zoete kers Wi nterl i nde Za chte berk Zwa rte els Wi nterei k Ha a gbeuk El s bes Boomha zel a a r Reuzenl evensboom Gewone zi l verspa r Wi l de kardi na a l s muts Eens ti jl i ge mei doorn Sl eedoorn Gewone peer Wi l de a ppel Ha zel a a r Gel ders e roos Gewone vogel kers Ca na da popul i er

Inrichtingsplan Landgoed Weldam

1000 1000 1575 400 1575 1275 700 1275 700 1700 1700 300 300 150 150 150 150 150 150 1850 16250

20

Bijlage 4

SSK-raming

Verwijderd

Inrichtingsplan Landgoed Weldam

21

Buitengebied Hof van Twente, Veegplan 2023

Bijlage 15 Inrichtingsplan Krommedijk ong. Diepenheim

vastgesteld

85

Inrichtingsplan Landgoed Warmelo In het kader van de Overijsselse Bossenstrategie

Bosgroep Noord Oost Nederland

Colofon Opdrachtgever: Titel:

Provincie Overijssel Inrichtingsplan Landgoed Warmelo i.k.v. de Overijsselse Bossenstrategie

Status:

definitief

Datum:

6 maart 2023

Auteur(s):

M. Rouwhof

Foto’s:

M. Rouwhof

Kaartmateriaal:

Copyright © 2023, Dienst voor het kadaster en openbare registers, Apeldoorn

Projectnummer:

23.30.760.01.20201

© Coöperatie Bosgroep Nood-Oost Nederland u.a. Ballkerweg 48a 7738 PB Witharen t (0523) 74 57 00 e noordoostnederland@bosgroepen.nl www.bosgroepen.nl

Inhoudsopgave 1

Inleiding

4

2

Beschrijving huidige situatie 2.1

Ligging terrein

5

2.2

Huidige situatie

7

2.4

Hoogte/helling

8

2.5

Grondwaterstanden

Archeologische waarden

8

10

2.7

Landschap

10

2.8

Wegen en paden

10

2.10

Eisen vanuit de regeling

10

2.10.2

Bestemmingswijziging

11

2.10.3

Overleg omwonenden

11

1.1

Leeswijzer

2.3

Bodem

2.6

2.9

Kabels en leidingen

2.10.1

2.10.4

3

Aanplant inheemse soorten

5

7

10

10

11

Inrichtingsplan 3.1

Aan te leggen bostypen

12

3.2

Maatregelen

12

3.4

Hydrologie

13

3.5

Beplantingsplan

Eisen aan plantmateriaal

14

3.7

Wild werende maatregelen

14

3.8

Nazorg

14

3.3

3.6

4

Toestemming gemeente

4

Plantvoorbereiding

12

12

13

Toekomstig beheer en ecologische ontwikkeling

15

4.2

15

4.1

Toekomstig beheer

Toekomstige ecologische ontwikkeling

15

Bijlage 1

Maatregelenkaart

17

Bijlage 2

Beplantingsplan

18

Bijlage 3

Beplantingslijst

19

Bijlage 4

Begroting

20

Inrichtingsplan Landgoed Warmelo

3

1

Inleiding

De eigenaren van landgoed Warmelo willen bosontwikkeling realiseren op haar eigendom. Deze bosontwikkeling wordt gerealiseerd in het kader van de Overijsselse Bossenstrategie, welke een nadere uitwerking is van de landelijke Bossenstrategie. De ambitie van de

Bossenstrategie is dat er in Nederland in 2030 10% meer bos is. Bosuitbreiding is nodig om de klimaatdoelen te realiseren (vastlegging van koolstof) en draagt bovendien bij aan verhoging van de biodiversiteit en aan een gezondere leefomgeving. Ook het compenseren

van de bomenkap die nodig was voor natuurherstel binnen de Natura 2000-gebieden is één van de doelen. Om het nieuwe bos ook voor de toekomst veilig te stellen, willen de eigenaren van landgoed Warmelo de bestemming het perceel laten wijzigen van “Agrarisch met waarden” naar “Bos”. Aan het College van de gemeente Hof van Twente wordt gevraagd de bestemming te wijzigen en daarmee de bosaanleg mogelijk te maken.

1.1

Leeswijzer

In het volgende hoofdstuk wordt de huidige situatie beschreven. Daarbij komen de volgende onderdelen aan bod: -

Ligging

-

Bodem

-

Hoogteligging

-

Archeologische waarden

-

Wegen en paden

-

Kabels en leidingen

-

-

Grondwaterstanden Landschap

Eisen vanuit de regeling

Dit hoofdstuk 2 kan daarmee worden gebruikt als inpassingsplan voor de bestemmingsplanwijziging van de gemeente. Het hoofdstuk 3 is het daadwerkelijke inrichtingsplan Binnen dit inrichtingsplan wordt aangegeven welke bostypen binnen het plangebied

ontwikkeld kunnen worden. Hiervoor wordt een analyse van de biotische en abiotische factoren gemaakt, waarbij ook gebruik is gemaakt van hoofdstuk 2. Daarnaast worden ook de uit te voeren inrichtingsmaatregelen voor het ontwikkelen van de bostypen beschreven. Als laatste hoofdstuk (hoofdstuk 4) zal de toekomstige ecologische ontwikkeling beschreven worden.

Inrichtingsplan Landgoed Warmelo

4

2

Beschrijving huidige situatie

Het perceel valt onder landgoed Warmelo en is bekend onder het kadastrale nummer DPH C 1793. Het perceel wordt hieronder verder aangegeven met de (werk)naam/aanduiding Krommedijkerbos. Hieronder worden de NAW-gegevens van de eigenaar weergegeven: Naam:

NSW landgoed Warmelo BV

Adres:

Stedeke 11

Postcode en plaats:

7478 RV Diepenheim

Contactpersoon:

Dhr. Avenarius

E-mail:

warmelo@worldonline.nl

Hieronder worden de gegevens van het in te planten perceel weergegeven: Kadastrale gegevens:

DPH00 C 1793

Kadastrale oppervlakte (m2)

24.120

Werknaam/aanduiding:

Krommedijkerbos

Aan te planten oppervlakte (m2):

15.700

Huidige bestemming:

Agrarisch

Dubbel bestemming:

Archeologisch verwachting 1/3

Toekomstige bestemming:

Bos

2.1

Ligging terrein

Het perceel ligt aan de Borculoseweg/Krommedijk ten zuiden van Diepenheim, in de

gemeente Hof van Twente (zie figuur 1 t/m 4). Het perceel grenst aan Natuurnetwerk Nederland (NNN).

Inrichtingsplan Landgoed Warmelo

5

Figuur 1: Ligging perceel

Figuur 2: Beeld van het perceel

Inrichtingsplan Landgoed Warmelo

6

2.2

Huidige situatie

Het perceel bestaat op het moment van het veldbezoek (10 januari 2023) uit akkerbouw waar maïs is verbouwd. Aan de zuidwestzijde van het perceel is een bestaand bos aanwezig met voornamelijk zomereik, zwarte els en hazelaar. Daarnaast zijn aan de noord- en oostzijde van het perceel enkele wilgen aanwezig.

2.3

Bodem

In het perceel is een verkennende boring uitgevoerd van de bodemopbouw. De bodem van het perceel bestaat voornamelijk uit een beekeerdgrond, opgebouwd uit lemig fijn zand.

Aan de westzijde van het perceel is voor een deel een hoge zwarte enkeerdgrond aanwezig, opgebouwd uit lemig fijn zand. Tijdens het veldbezoek zijn twee bodemboringen gedaan, één aan de westzijde en één aan de oostzijde van het perceel. De westzijde bevat een wat

dikkere eerdlaag, terwijl de westzijde op circa 60 centimeter een kleilaag van ongeveer 1020 centimeter dik bevat. In beide gevallen is het aanwezige zand lemig. De pH bedraagt 44,5, terwijl de kleilaag een pH heeft van 4,5-5.

Figuur 3: Bodemkaart

Inrichtingsplan Landgoed Warmelo

7

2.4

Hoogte/helling

Het perceel ligt de overgang van een wat hoger gelegen terrein ten oosten van Diepenheim naar een wat lager gelegen terrein ten westen van Diepenheim. Er is weinig hoogteverschil aanwezig in het perceel. De westzijde van het perceel ligt op circa 12,20-12,42 meter

boven NAP. De oostzijde van het perceel ligt iets lager met circa 11,67-12,19 boven NAP.

Figuur 4: Hoogtekaart

2.5

Grondwaterstanden

De gemiddeld hoogte grondwaterstand (GHG) bevindt zich van circa 25 centimeter onder maaiveld in het oostelijke deel tot circa 60 centimeter onder maaiveld in het westelijke

deel. De gemiddeld laagste grondwaterstand (GLG) bevindt zich van circa 130 centimeter onder maaiveld in het oostelijke deel tot circa 145 centimeter onder maaiveld in het

westelijke deel. Deze grondwaterstanden houden in dat de grondwatertrap in het oostelijke deel V (5) bedraagt, terwijl in het westelijke deel een grondwatertrap van VI (6) bedraagt. Dat betekent dat het perceel in de winter vrij nat is, en dat in de zomer het grondwater vrij ver weg zakt. Op moment van veldbezoek, in januari 2023, was de situatie als volgt: het

perceel was nat met plassen water en doorweekte bovengrond. Dat wijst op een erg natte situatie in de wintermaanden.

Inrichtingsplan Landgoed Warmelo

8

Figuur 5: GLG (links) en GHG (rechts)

Figuur 6: Natte situatie tijdens veldbezoek

Inrichtingsplan Landgoed Warmelo

9

2.6

Archeologische waarden

In het bestemmingsplan staat aangegeven dat het perceel een dubbelbestemming (waarde) kent namelijk de archeologische verwachtingswaarde 1 en 3. In het bestemmingsplan wordt bij deze archeologische verwachtingswaarde aangegeven dat het verboden is zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning werkzaamheden uit te voeren. Concreet wordt er een verbod beschreven op het aanbrengen van diepwortelende beplantingen. In overleg met de gemeente is aangegeven dat er geen aanvullend archeologisch onderzoek is vereist. Dit vanwege het feit dat er geen bodembewerking dieper dan 40 centimeter plaats vindt.

2.7

Landschap

Het perceel bevindt zich in het kampenlandschap rondom Diepenheim. Kenmerkend voor dit landschapstype zijn de verspreid liggende kampen met een kleinschalig landschap

waarin onder meer houtwallen- en singels, bosjes en landbouwpercelen een plaats hebben. Op enige afstand liggen grotere bosgebieden, waaronder de landgoederen Westerflier en Nijenhuis. Tot het jaar 1920 is het perceel bebost geweest. Daarna is het in meerdere fasen omgevormd naar landbouwgrond.

2.8

Wegen en paden

Het perceel is bereikbaar via een toerit vanaf de Krommedijk. Op het perceel rust geen recht van overpad.

2.9

Kabels en leidingen

De Bosgroep heeft een oriëntatieverzoek gedaan bij het Kadaster omtrent ligging kabels en leidingen. Uit dit oriëntatieverzoek blijken er geen kabels en leidingen in het perceel aanwezig te zijn.

2.10 Eisen vanuit de regeling Hieronder worden de eisen vanuit de regeling weergegeven. Daarbij is het belangrijk dat er een positief advies ligt vanuit de gemeente om uiteindelijk een bestemmingsplanwijziging te realiseren. Tevens is er ook voor omgevingsmanagement in de vorm van overleg met de omwonenden. Verder komen overige eisen aan bod. 2.10.1

Toestemming gemeente

Er heeft overleg plaatsgevonden tussen de Bosgroep en de gemeente Hof van Twente. De gemeente heeft aangegeven positief te staan tegenover de ontwikkeling van bos op beide percelen. De gemeente heeft ook aangegeven bereid te zijn het bestemmingsplan hiervoor aan te passen.

Inrichtingsplan Landgoed Warmelo

10

2.10.2

Bestemmingswijziging

De bestemming van beide percelen is momenteel agrarisch. Vanuit de regeling dient de bestemming van de percelen binnen het bestemmingsplan van de gemeente te worden aangepast naar bos. 2.10.3

Overleg omwonenden

Naast het perceel is een paardenmanege gevestigd van de paardensportvereniging Diepenheim. Het is goed om de eigenaren van deze manage op de hoogte te brengen van het plan voor bosaanleg op dit perceel. De eigenaar zal de desbetreffende eigenaren op de hoogte brengen voorafgaand aan het indienen van de subsidieaanvraag. 2.10.4

Aanplant inheemse soorten

De provincie eist dat er minimaal 60% inheemse soorten worden aangeplant. Tevens vereist de provincie dat bosranden worden aangelegd mits mogelijk. De wens is om 20% van het aan te planten bos te laten bestaan uit autochtoon

plantmateriaal Nederlandse Rassenlijst Bomen: er dient dan plantmateriaal te worden gebruikt waarvan de herkomst vermeld is in de meest recente Nederlandse Rassenlijst Bomen (zie www.rassenlijstbomen.nl). Daarbij dient materiaal gebruikt te worden uit een vergelijkbaar gebied/floradistrict (gebiedseigen soorten). Gedetailleerde informatie over

aanwezig autochtoon materiaal is beschikbaar bij de genenbank voor bomen en struiken (www.genenbankbomenenstruiken.nl).

Inrichtingsplan Landgoed Warmelo

11

3

Inrichtingsplan

3.1

Aan te leggen bostypen

Voor de inrichting van het bos is er gekeken naar verschillende factoren. Het perceel heeft

een vrij vochtig karakter met een relatief voedselrijke, lemige/kleiïge groeiplaats. Daarbij is het van belang dat de nieuwe aanplant aansluit op de waarden van het omliggende

landschap. Er wordt ingespeeld op een zo hoog mogelijke toekomstbestendigheid door middel van groepsgewijze aanplant van zowel bomen als struikvormers, menging in soorten en het creëren van natuurlijke bosranden. Hiermee wordt een structuurrijk bos ontwikkelt, waarbij rekening is gehouden met de klimaatverandering (weerbaar tegen droogte, natte periodes, ziekten en plagen). Door de variatie van soorten en de variatie binnen de bodem en de bodemvochtigheid leent het bostype zich het beste voor vochtig bos. Tabel 1: Overzicht van het beoogde bostype voor het perceel

Kadastraal nummer

Beoogd bostype

C1793

Vochtig bos

1,57

Totaal:

1,57

3.2

Oppervlakte (ha)

Maatregelen

Om de percelen op de juiste manier te kunnen aanplanten dienen er voorbereidende maatregelen genomen te worden, alvorens over gegaan kan worden op de daadwerkelijke aanplant. Deze maatregelen worden per beplantingsvak uitgevoerd zoals in tabel 2 is beschreven. De maatregelenkaart is in bijlage 1 weergegeven.

Perceel

Vak

1a, 1b

Gehele perceel

Maatregelen 1. Woelen met vaste tand 2. Zaaien bosplantsoenmengsel 3. Leveren en plaatsen wildbescherming 4. Leveren en inkuilen bosplantsoen 5. Aanplant bosplantsoen 6. Nazorg

Tabel 2: Overzicht van het beoogde bostype voor het perceel

3.3

Plantvoorbereiding

Om bos aan te planten is voorbereiding van de bodem nodig. Doordat het perceel wordt gebruikt als bouwland volstaat woelen van de bodem. Vervolgens wordt, om uitbreiding of

Inrichtingsplan Landgoed Warmelo

12

spontane groei van woekerende soorten zoals brandnetel of braam tegen te gaan, een bosplantsoenmengsel ingezaaid.

3.4

Hydrologie

Aan de noord,- west- en oostzijde zijn sloten/greppels aanwezig. Aan de zuidzijde van het perceel is een laaggelegen terrein aanwezig dat is dichtgegroeid met riet. Er worden geen hydrologische maatregelen getroffen.

3.5

Beplantingsplan

De soorten die worden aangeplant zijn gekozen op basis van de boomsoort, grondwatertrap en de eis van de provincie waarbij minimaal 60% inheemse soorten worden aangeplant. Daarnaast is bij de boomsoortenkeuze gekozen voor klimaatbestendige- en rijkstrooiselsoorten die zorgen voor een verbetering van de bodem en daarmee het

bodemleven. Hier zal bij de keuze voor plantsoen rekening mee gehouden worden. Verder is er gedacht aan de versterking van biodiversiteit binnen het gebied door middel van het planten van een natuurlijke bosrand. Op basis van deze uitgangspunten en de richtlijnen

vanuit de provincie is een boomsoortenverdeling per perceel opgesteld, zoals weergegeven in tabel 3.

Tabel 2 Boomsoortencombinatie per perceel

Perceel C1793

Deel-

Boomsoorten

Latijnse naam

Percentage

Oppervlak

1a

Zomereik

Quercus robur

40

1,41 ha

Zwarte els

Alnus glutinosa

40

Winterlinde

Tilia cordata

10

Gelderse roos

Viburnum opulus

25

Eenstijlige meidoorn

Crataegus monogyna

25

Sleedoorn

Prunus spinosa

25

Europese vogelkers

Prunus padus

gebied

Zoete kers 1b

Hazelaar

Wilde kardinaalsmuts

Prunus avium

Corylus avellana

Euonymus europaeus

(%)

10

25

0,16 ha

Het aanplanten wordt gedaan met soorten die van goede genetische afkomst zijn en die

van nature al voorkomen in Twente. Hierdoor kunnen aangeplante soorten op latere leeftijd dienen als zaadbomen waardoor de verjonging ook van goede genetische afkomst is. De struweelaanplant bestaat voornamelijk uit struikvormende soorten die zorgen voor een verzachte overgang van open gebied naar bosgebied. Daarnaast bestaan deze soorten uit soorten die bekend staan als vrucht- en nectarproducerende soorten waar insecten en

vogels baat bij hebben als voedselvoorziening en mogelijke nest- en schuillocatie. Ook

Inrichtingsplan Landgoed Warmelo

13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hofvantwente.nl/api/v1/meetings/4104/documents/56741