Bijlage 4 - Bijlagen bij de regels bestemmingsplan Veeg I.pdf
Tekst van het document
18
Bijlage 3
Beplantingslijst
Zomereik Winterlinde Zoete kers Wintereik Boomhazelaar Elsbes Fladderiep Vuilboom wilde Lijsterbes Hazelaar Hondsroos wilde Kardinaalsmuts Gelderse roos Eenstijlige meidoorn Sleedoorn
Inrichtingsplan Familie Vasters
Quercus robur Tilia cordata Prunus avium Quercus petrea Corylus avellana Sorbus torminalis Ulmus leavis Rhamnus frangula Sorbus accuparia Corylus avellana Rosa canina Euonymus europaeus Viburnum opulus Crataegus monogyna Prunus spinosa
1400 1175 1350 1350 1150 450 775 950 1275 950 275 850 175 150 12275
19
Bijlage 4
Begroting
Inrichtingsplan Familie Vasters
20
Buitengebied Hof van Twente, Veegplan 2023
Bijlage 14 Inrichtingsplan Haaksbergerweg ong. M arkelo
vastgesteld
63
Inrichtingsplan landgoed Weldam Onderdeel van de pilot 20 ha bosaanleg Overijssel
Colofon Opdrachtgever: Titel:
Landgoed Weldam Inrichtingsplan Landgoed Weldam
Status:
Definitief
Datum:
5 april 2023
Auteur(s):
E. Sonder en M. Rouwhof
Foto’s:
M. Rouwhof
Kaartmateriaal:
Copyright © 2023, Dienst voor het kadaster en openbare registers, Apeldoorn
Projectnummer:
21.30.760.04.29367
© Coöperatie Bosgroep Nood-Oost Nederland u.a. Balkerweg 48a 7738 PB Witharen t (0523) 74 57 00 e noordoostnederland@bosgroepen.nl www.bosgroepen.nl
Inhoudsopgave 1
Inleiding
5
2
Beschrijving huidige situatie 2.1
Ligging terrein
6
2.2
Huidige situatie
6
2.4
Hoogte/helling
8
2.5
Grondwaterstanden
8
2.7
Landschap
9
2.8
Huidige natuurwaarden Wegen en paden
9
10
2.10
Kabels en leidingen
Eisen vanuit de regeling
10
11
2.11.1
Toestemming gemeente
11
2.11.2
Bestemmingswijziging Overleg omwonenden
11
11
2.11.4
Aanplant inheemse soorten
11
1.1
Leeswijzer
2.3
Bodem
2.6
Archeologische waarden
2.9 2.11
2.11.3
3
6
6
9
Inrichtingsplan
12
3.2
3.1
Aan te leggen bostypen Maatregelen
13
3.3
Plantvoorbereiding
13
3.4
Hydrologie
13
3.6
Eisen aan plantmateriaal
16
3.7
Wild werende maatregelen
3.5
3.8
4
5
Beplantingsplan
Nazorg
Beheermaatregelen in de toekomst
12
13
16
16
17
Bijlage 1
Maatregelenkaart
18
Bijlage 2
Beplantingsplan
19
Bijlage 3
Beplantingslijst
20
Bijlage 4
SSK-raming
21
Inrichtingsplan Landgoed Weldam
3
Inrichtingsplan Landgoed Weldam
4
1
Inleiding
Het Rijk en de provincies hebben in 2020 een bossenstrategie gemaakt. Daarin is de
ambitie opgenomen dat er in 10 jaar 37.000 hectare bos bij komt in Nederland; dat is maar liefst 10% extra bos. Met meer bomen wordt er meer CO2 vastgelegd en wordt de biodiversiteit bevorderd. Onderdeel van de bossenstrategie is ook dat de bomen die gekapt zijn/worden in Natura 2000-gebieden ergens anders worden geplant. Om een start te maken met deze aanleg heeft de provincie in overleg met de Bosgroep Noord-Oost Nederland, het Overijssels Particulier Grondbezit en Landschap Overijssel overleg gevoerd
over een pilot van 20 hectare bosaanleg. Om de bosaanleg uit te voeren, zal een aanvraag worden gedaan voor de subsidie functieverandering als de investeringssubsidie voor de inrichtingsmaatregelen. Dit inrichtingsplan voor landgoed Weldam maakt onderdeel uit van de pilot.
1.1
Leeswijzer
In het volgende hoofdstuk wordt de huidige situatie beschreven. Daarbij komen de volgende onderdelen aan bod: -
Ligging
-
Bodem
-
Hoogteligging
-
Archeologische waarden
-
Landschap
-
Wegen en paden
-
Eisen vanuit de regeling
-
-
Grondwaterstanden
Huidige natuurwaarden Kabels en leidingen
Dit hoofdstuk 2 kan daarmee worden gebruikt als inpassingsplan voor de bestemmingsplanwijziging van de gemeente.
Het hoofdstuk 3 is het daadwerkelijke inrichtingsplan
Binnen dit inrichtingsplan wordt aangegeven welke bostypen binnen het plangebied ontwikkeld kunnen worden. Hiervoor wordt een analyse van de biotische en abiotische factoren gemaakt, waarbij ook gebruik is gemaakt van hoofdstuk 2. Daarnaast worden ook de uit te voeren inrichtingsmaatregelen voor het ontwikkelen van de bostypen beschreven. Een begroting komt terug in de bijlagen. Als laatste hoofdstuk zal het beheer in de toekomst beschreven worden.
Inrichtingsplan Landgoed Weldam
5
2
Beschrijving huidige situatie
De 2 voorgestelde percelen, bekend onder de kadastrale nummers MKL C 3634 en MKL C
2091, zijn in agrarisch gebruik en eigendom van Landgoed Weldam. Landgoed Weldam is voornemens deze percelen te bebossen. Tezamen zijn de percelen 4,35 hectare groot.
2.1
Ligging terrein
Perceel 1 grenst aan de oostzijde aan de Haaksbergerweg en perceel 2 ligt meer westelijk van de Haaksbergerweg en wordt omgeven door bestaand bos (zie figuur 1). De beide percelen grenzen aan het Natuurnetwerk Nederland (NNN).
Figuur 1: Ligging van de percelen
2.2
Huidige situatie
Perceel 1 bestaat uit een extensief beheerd graslandperceel met korte vegetatie van grassen en kruiden. Binnen dit perceel zijn een aantal sloten aanwezig. Daarnaast bevinden zich in het perceel een aantal knotwilgen en wilgenstruwelen. Perceel 2 bestaat uit een grasland met veel pitrus en wordt omringd door bestaand bos.
2.3
Bodem
In beide percelen is een verkennende boring uitgevoerd van de bodemopbouw. De bodem van beide percelen bestaat uit een veldpodzolgrond en is opgebouwd uit zwak lemig, fijn zand. De bodem van perceel 1 heeft de eerste 25 centimeter een donkere humeuze
bovengrond. Vanaf 25 centimeter bevindt zich een vage roest-laag, dat tot ongeveer 110
Inrichtingsplan Landgoed Weldam
6
centimeter diep door gaat. Op 120 centimeter diepte begint het moedermateriaal. Deze roestlaag geeft aan dat het grondwater op 25 centimeter onder het maaiveld staat in
nattere periodes. Het perceel heeft een agrarisch gebruik, dat is ook uit te lezen aan de bodem. De vage laag die te zien is op figuur 3, is ontstaan doordat er vroeger diep geploegd is. Deze bodem heeft een pH tussen de 4,5 en 5.
De bodem van perceel 2 heeft de eerste 20 centimeter een donkere humeuze bovengrond, vanaf 20 centimeter is er een roestlaag aanwezig dat door loopt tot 80 centimeter diep.
Vanaf 80 centimeter diep gaat de bodem over in het moedermateriaal. De roestlaag geeft aan dat het grondwater tot 20 centimeter onder het maaiveld heeft gestaan. De pH van deze bodem is 4,5.
Figuur 2: bodem perceel 1
Figuur 3: bodem perceel 2
Figuur 4: Bodemkaart van de locatie
Inrichtingsplan Landgoed Weldam
7
2.4
Hoogte/helling
De twee percelen liggen op de overgang van wat hoger gelegen terrein in de omgeving van Hengevelde naar een wat lager gelegen terrein rondom Goor. In perceel 1 is de hoogte aan de noordwestzijde 12,37 meter boven NAP en aan de zuidoost zijde 12,86 meter boven NAP. In dit perceel is nauwelijks reliëf aanwezig. Perceel 2 ligt op een hoogte van 12,23 meter boven NAP, hier is geen reliëf aanwezig. Wat opvalt is dat beide percelen lager liggen dan het omliggende landschap. Dit is goed te zien op figuur 5.
Figuur 5: De hoogtekaart van beide percelen.
2.5
Grondwaterstanden
Perceel 1 heeft een gemiddeld laagste grondwaterstand (GLG) van 1,5 – 2 meter onder het maaiveld. De gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG) is 0,2 – 0,4 meter onder het maaiveld. De daarbij behorende grondwatertrap is V (5). In en rondom het perceel zijn enkele sloten aanwezig. Deze waren ten tijde van het veldbezoek niet watervoerend. Perceel 2 heeft een gemiddeld laagste grondwaterstand (GLG) van 1 – 1,5 meter onder het maaiveld. De gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG) is 0,2 – 0,4 meter onder het maaiveld. De bijbehorende grondwatertrap is V (5). In dit perceel zijn geen sloten aanwezig. Dit betekent dat beide percelen in de winter “nat” zijn. In de zomer trekt het grondwater dieper weg en kan het droog worden op beide percelen. Omdat de GLG bij perceel 1 lager ligt dan bij perceel 2, is perceel 1 in de zomer droger dan perceel 2.
Inrichtingsplan Landgoed Weldam
8
Figuur 6 Kaarten met daarop de GHG (links) en de GLG (rechts)
2.6
Archeologische waarden
Op basis van de Indicatieve kaart archeologische waarden is er op het perceel een lage
trefkans wat betreft archeologische waarden. Desondanks is het niet uitgesloten dat er archeologische waarden in het perceel zijn aan te treffen (Erfgoed, 2008). Gezien de lage
trefkans van archeologische waarden zal om bosaanleg mogelijk te maken geen aanvullend archeologisch onderzoek worden uitgevoerd.
2.7
Landschap
De percelen bevinden zich in het landschapstype ‘jong ontginningslandschap’. Jong ontginningslandschap bestaat uit jonge landbouwpercelen. Vaak waren deze gronden nat en moeilijk te ontginnen en bleven deze gebieden over en werden ze later ontgonnen. Ze zijn nog te herkennen aan de rechthoekige verkaveling met knotbomen op de nattere
plekken en houtwallen op de hoge drogere plekken. Tegenwoordig zijn deze landschappen meer open, doordat de beplanting is weggehaald voor de landbouw.
2.8
Huidige natuurwaarden
Er heeft een ecologische toets plaatsgevonden om te bekijken of de inrichtingsmaatregelen negatieve gevolgen heeft op de huidige natuurwaarden van de percelen.
Op 5 oktober 2022 heeft een veldbezoek plaats gevonden en is geen bijzondere flora
waargenomen. Daarbij moet worden opgemerkt dat het niet het ideale moment is geweest voor een vegetatie opname. Echter kan daarbij ook worden gesteld dat door het (intensief) agrarische gebruik tot op heden er geen bijzondere flora kan worden verwacht. In de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) zijn ook geen waarnemingen vermeld van bijzondere flora op de twee percelen. Tijdens het veldbezoek is er geen fauna waargenomen. Ook voor fauna geldt dat het moment van het veldbezoek niet optimaal is. Dit betekent dat het gebied een lage
natuurwaarden heeft, aangezien er geen bijzondere flora aanwezig is en nauwelijks habitats worden geboden voor diersoorten. Om te kijken of er verder wel waarnemingen
Inrichtingsplan Landgoed Weldam
9
van fauna zijn gedaan op en rondom de percelen, is de NDFF geraadpleegd. Dit wordt gedaan voor fauna omdat het leefgebied van fauna groter is dan de plek waar de
waarneming wordt gedaan. In de NDFF is gekeken naar waarnemingen die de afgelopen vijf jaar zijn gedaan op en rondom de percelen. Het bos rondom perceel 2 is meegenomen en de twee agrarische percelen naast perceel 1.
Op perceel 1 zijn er geen waarnemingen vermeld en op perceel 2 alleen één waarneming van een bont zandoogje en een ree. Beide soorten zijn algemeen in Nederland en komen
ook voor in een bos, wat betekent dat na de uitvoering van de inrichtingsmaatregelen het nog steeds een geschikt biotoop is voor de waargenomen soorten. In de NDFF zijn er voornamelijk waarnemingen van vogelsoorten vermeld rondom de
percelen. Van de waargenomen vogelsoorten is er maar één rode lijst soort waargenomen en dat is de zwarte mees, deze is meermalen in de omgeving waargenomen. Zwarte mezen zijn naaldboombewoners en aangezien er naaldbomen worden aangeplant, zal hun habitat vergroot worden door de voorgenomen inrichtingsmaatregelen. De meeste andere waargenomen vogelsoorten komen voornamelijk ook voor in het bos, dus de inrichtingsmaatregelen zullen ook voor deze soorten positief zijn.
Verder zijn er geen andere rode lijst soorten waargenomen rondom de percelen. Dit betekent dat er geen zeldzame soorten aanwezig zijn die afhankelijk zijn van de huidige staat van de percelen. Aangezien het bos rondom de percelen meerdere habitats bied voor diersoorten, heeft dit bos een hogere natuurwaarden dan de in te richten percelen. Door de percelen om te vormen naar bos, zal de natuurwaarde van het perceel daarom waarschijnlijk stijgen.
2.9
Wegen en paden
Perceel 1 grenst aan de oostzijde aan de parallelweg langs de Haaksbergerweg. Langs deze parallelweg bevindt zich een inrit waardoor het perceel te bereiken is. Perceel 2 is te bereiken via een bestaand bospad, dat aansluit op de Haaksbergerweg. Er liggen geen wegen en paden in de percelen.
2.10 Kabels en leidingen De Bosgroep heeft een oriëntatieverzoek gedaan bij het Kadaster omtrent ligging kabels en leidingen. Uit dit oriëntatieverzoek blijken er geen kabels en leidingen in het perceel aanwezig te zijn.
Inrichtingsplan Landgoed Weldam
10
2.11 Eisen vanuit de regeling Hieronder worden de belangrijkste eisen vanuit de regeling weergegeven. Daarbij is het belangrijk dat er een positief advies ligt vanuit de gemeente om uiteindelijk een
bestemmingsplanwijziging te realiseren. Tevens is ook het omgevingsmanagement beschreven in de vorm van overleg met de omwonenden. Verder komen overige eisen aan bod. 2.11.1
Toestemming gemeente
Er heeft overleg plaatsgevonden tussen de Bosgroep en de gemeente Hof van Twente. De gemeente heeft aangegeven positief te staan tegenover de ontwikkeling van bos op beide percelen. De gemeente heeft ook aangegeven bereid te zijn het bestemmingsplan hiervoor aan te passen. 2.11.2
Bestemmingswijziging
De bestemming van beide percelen is momenteel agrarisch. Vanuit de regeling dient de bestemming van de percelen binnen het bestemmingsplan van de gemeente te worden aangepast naar bos. 2.11.3
Overleg omwonenden
Aan de Haaksbergerweg zijn een aantal omwonenden die door de aanleg van bos op perceel 1 het zicht vanuit hun huis veranderd zien worden. Deze omwonenden zijn
ingelicht door de rentmeester en hebben positief gereageerd op de intentie tot bosaanleg. 2.11.4
Aanplant inheemse soorten
De provincie eist dat er minimaal 60% inheemse soorten worden aangeplant. Tevens vereist de provincie dat bosranden worden aangelegd mits mogelijk.
De wens is om 20% van het aan te planten bos te laten bestaan uit autochtoon plantmateriaal Nederlandse Rassenlijst Bomen: er dient dan plantmateriaal te worden gebruikt waarvan de herkomst vermeld is in de meest recente Nederlandse Rassenlijst
Bomen (zie www.rassenlijstbomen.nl). Daarbij dient materiaal gebruikt te worden uit een vergelijkbaar gebied/floradistrict (gebiedseigen soorten). Gedetailleerde informatie over aanwezig autochtoon materiaal is beschikbaar bij de genenbank voor bomen en struiken (www.genenbankbomenenstruiken.nl).
Inrichtingsplan Landgoed Weldam
11
3
Inrichtingsplan
3.1
Aan te leggen bostypen
Voor de inrichting van het bos is er gekeken naar verschillende factoren. De percelen
hebben ‘vochtige’ bodems en liggen laag in het landschap. Daarom is er voor gekozen om een vochtig bostype aan te leggen. Daarbij worden boomsoorten aangeplant die goed
gedijen onder vochtige omstandigheden. Er wordt ingespeeld op een zo hoog mogelijke toekomstbestendigheid door middel van groepsgewijze aanplant van zowel struikvormers als bomen en menging in soorten. Hiermee wordt een structuurrijk bos ontwikkelt, waarbij rekening is gehouden met de klimaatsverandering.
Door de variatie van soorten en de variatie binnen de bodem en de bodemvochtigheid leent het bostype zich het beste voor vochtig bos.
Tabel 1 Overzicht van het beoogde beheertype voor het perceel
Kadastraal nummer
Beoogd bostype
Oppervlakte (ha)
1a
Loofbos
0,9
1b
Loofbos
0,63
1c
Naaldbos
0,5
1d
Bosrand
0,16
1e
Bosrand
0,16
2
Gemengd bos
1,07
Figuur 7: Weergave van beide aan te planten percelen.
Inrichtingsplan Landgoed Weldam
12
3.2
Maatregelen
Om de percelen op de juiste manier te kunnen aanplanten, dienen er voorbereidende maatregelen genomen te worden, alvorens over gegaan kan worden op de daadwerkelijke aanplant.
3.3
Plantvoorbereiding
Om bos te kunnen aanplanten op beide percelen, dient er bodemvoorbereiding plaats te vinden. Perceel 1 is een grasland, dat erg kruidenrijk is. Om aanplant mogelijk te maken dient het perceel vooraf gemaaid te worden. Vervolgens zal dit perceel met de spitfrees
bewerkt worden. Perceel 2 is evenens een grasland, waarbij pitrus dominant is. De pitrus is een taaie soort, die niet snel verteerd. Om aanplant op dit perceel mogelijk te maken zal ook hier vooraf gemaaid moeten worden, waarbij het maaisel ook dient te worden
afgevoerd. Vervolgens dient ook dit perceel met de spitfrees worden bewerkt. Beide percelen zullen, voorafgaand aan het inplanten, ingezaaid worden met een kruidenmengsel. Dit om concurrentie van grassen en ongewenste kruiden te voorkomen.
3.4
Hydrologie
In perceel 1 zijn sloten aanwezig. Er liggen twee slootjes midden in het perceel, deze liggen van noordwest naar zuidoost. Ook liggen er twee slootjes rondom het perceel, één sloot ligt aan de noordwestzijde en één sloot ligt aan de zuidwestzijde. Dit zijn geen grote sloten die negatieve gevolgen hebben voor het aan te leggen bos. De sloten hebben in de
toekomst geen onderhoud nodig en mogen langzaam verlanden. In perceel 2 zijn geen sloten aanwezig.
3.5
Beplantingsplan
De boomsoorten die worden aangeplant zijn gekozen op basis van de bodemsoort, grondwatertrap, en de eis van de provincie waarbij 60% inheemse soorten worden aangeplant. Daarnaast is er bij de boomsoortenkeuze gekozen voor klimaatbestendige- en
rijkstrooiselsoorten. Hierbij zal bij de keuze van plantsoen rekening mee worden gehouden. Verder is gedacht aan de versterking van de biodiversiteit binnen het gebied door middel van het planten van een natuurlijke bosrand. Op basis van deze uitgangspunten en de
richtlijnen vanuit de provincie is een boomsoortenverdeling per perceel opgesteld, zoals weergegeven in tabel 3. Perceel 1 is opgedeeld in 5 deelpercelen. Elk deelperceel heeft zijn eigen soortensamenstelling, hiervoor zijn soorten gekozen die goed met elkaar kunnen
opgroeien door de verschillende successiestadia heen. Op deze manier kan het bos op lange termijn de functies vervullen zoals in het plan beschreven staat. Deelperceel 1a bestaat uit inheemse loofbomen. Deze soorten dragen bij aan een hoge biodiversiteit, zijn geschikt voor de vochtige bodems en zijn goed voor de
Inrichtingsplan Landgoed Weldam
13
bodemgezondheid vanwege de goed verteerbare organische materialen zoals bladeren en takken.
Deelperceel 1b bestaat uit inheemse en uitheemse loofbomen. Zo zijn er bomen gekozen die een goede bijdrage leveren aan de bodem vanwege het rijke strooisel. Daarnaast is
gekozen voor klimaatbestendige bomen die in de toekomst kwaliteitshout kunnen leveren en daarmee CO2 opgeslagen wordt en bomen die ecologisch interessant zijn, doordat er bijvoorbeeld insecten en vogels op af komen vanwege de bloei en zaadzetting.
Deelperceel 1c bestaat uit uitheems naaldhout. Dit perceel grenst aan bestaand gemengd bos dat hoger in het landschap ligt. Daarom is het landschappelijk gezien interessant om hier naaldbos aan te planten. Zo ontstaat er een mooie overgang van bestaand bos, naar naaldbos, naar loofbos. Hier worden de uitheemse soorten thuja en zilverspar aangeplant,
omdat deze soorten zich goed in de vochtige bodems kunnen verdragen. Ook leveren deze naaldbomen in de toekomst kwaliteitshout, hierdoor kan het hout verwerkt worden in bouwmaterialen en kan CO2 lang opgeslagen worden. Deelperceel 1d en 1e zijn de bosranden. Deze bestaan voornamelijk uit struikvormende soorten die zorgen voor een verzachte overgang van open gebied naar bosgebied. Daarnaast bestaan deze soorten uit soorten die bekend staan als bes- en nectarproducerende soorten waar insecten en vogels baat bij hebben als
voedselvoorziening en mogelijke nest- en schuillocatie. Ook dient deze struweelrand als het ware als een mantel die een positieve invloed heeft op het microklimaat binnen het bos. Het struweel is tussen de 5 en 10 meter breed en wordt op een glooiende wijze ingeplant, zodat er geen harde overgang ontstaat van open gebied naar struweel naar boskern.
Perceel 2 is niet opgedeeld in verschillende deelpercelen. Het perceel wordt ingericht als een gemengd bos met loof- en naaldbomen. De naald- en loofbomen worden gemengd
aangeplant, hierdoor ontstaat er een ander soort bos dan in perceel 1. Zo worden er twee verschillende bossen gecreëerd, die dezelfde functies vervullen. In beide percelen zijn totaal elf bomenrijen ingetekend. Deze rijen worden ingeplant met populieren, de populieren zijn snelle groeiers, waardoor er snel een bosklimaat gecreëerd
wordt. Als het bos toe is aan de eerste dunning, kunnen de populieren worden geoogst en kunnen de rijen dienen als werkpaden voor toekomstige bosexploitaties. Bij de aanplant van de percelen wordt gerekend met 4500 stuks per hectare en wordt aangeplant op een plantafstand van 1,5x1,5 meter. Bij de bomenrijen wordt dat niet gedaan, hierbij worden de bomen vier meter uit elkaar geplant.
Inrichtingsplan Landgoed Weldam
14
Vak 1a
1b
1c
1d
1e
bomenrijen
2
bomenrijen
opp (ha) 0,9
Boomsoorten Boomsoorten Latijnse naam Nederlandse naam
Percentage
Ulmus laevis Prunus avium Tilia cordata Betula pubescens Alnus glutinosa totaal
Fladderiep Zoete kers Winterlinde Zachte berk Zwarte els
25% 25% 25% 5% 20% 100%
Quercus petraea Carpinus betulus Sorbus torminalis Corylus colurna totaal
Wintereik Haagbeuk Elsbes Boomhazelaar
25% 25% 25% 25% 100%
Thuja plicata Abies alba totaal
Reuzenlevensboom Gewone zilverspar
50% 50% 100%
Euonymus europaeus Crataegus monogyna Prunus spinosa Pyrus communis Malus sylvestris totaal
Wilde kardinaalsmuts Eenstijlige meidoorn Sleedoorn Peer Wilde appel
20% 20% 20% 20% 20% 100%
Corylus avellana Viburnum opulus Prunus padus Crataegus monogyna Eunonymus europaeus totaal
Hazelaar Gelderse roos Gewone vogelkers Eenstijlige meidoorn Wilde kardinaalsmuts
20% 20% 20% 20% 20% 100%
Populus x canadensis totaal
Canadapopulier
100% 100%
Betula pubescens Alnus glutinosa Tilia cordata Quercus petraea Sorbus torminalis Thuja plicata Abies alba totaal
Zachte berk Zwarte els Winterlinde Wintereik Elsbes Reuzelevensboom Gewone zilverspar
5% 20% 15% 15% 15% 15% 15% 100%
Populus x canadensis totaal
Canadapopulier
100% 100%
0,63
0,5
0,16
0,16
0,52
0,85
0,22
3,94 TOTAAL: Tabel 2 Boomsoortencombinatie per perceel
Inrichtingsplan Landgoed Weldam
15
3.6
Eisen aan plantmateriaal
Om veilig te stellen dat het plantsoen van goede kwaliteit is, dient het plantmateriaal te
voldoen aan NEN 4712 normering en NAK gecertificeerd plantsoen. Waar mogelijk komt het plantsoen van autochtone herkomst.
3.7
Wild werende maatregelen
Bij de aanplant van plantsoen wordt er bescherming aangebracht. De wilddruk van reeën kan leiden tot schade en leiden tot verlies van een groot deel van de aanplant. Bij de
aanplant wordt er daarom gebruik gemaakt van een reewild-werend raster. Dit raster is 1,60 meter hoog. Deze wordt na 5 jaar weer verwijderd als de aanplant groot en sterk genoeg is om wilddruk te overleven.
3.8
Nazorg
Nadat het bos is aangeplant, is het noodzakelijk om nazorg te plegen. Er zal jaarlijks een controle worden uitgevoerd in de zomer om te inventariseren of de aanplant belemmerd
wordt door aanwezige grassen en kruiden. Indien nodig wordt er dan voor gezorgd dat de beplanting wordt vrij gemaaid van de concurrerende soorten. Daarnaast wordt indien noodzakelijk ingeboet. Bij dit inrichtingsplan wordt rekening gehouden met inboet van 10% zodat deze kosten ook binnen de subsidieregeling worden vergoed.
Inrichtingsplan Landgoed Weldam
16
4
Beheermaatregelen in de toekomst
Wanneer de percelen zijn aangeplant, moet het plantsoen de komende vijf jaar vrij gemaaid worden van concurrerende vegetatie. Na vijf jaar bevindt het aangeplante bos zich in de
dichte fase, waarbij het kronendak gesloten is. Deze dichte fase zal daarna overgaan in de stakenfase. Ongeveer 20 jaar na de bosaanplant zal de eerste dunning worden uitgevoerd. Er worden dan toekomstbomen aangewezen en de bomenrijen die bestaan uit populieren
worden geoogst, vanaf dat moment gaan de bomenrijen functioneren als dunningspaden. Na de eerste dunning wordt elke 5-7 jaar een dunning uitgevoerd. Bij deze dunningen
wordt er gestuurd op behoud van de mening en wordt er ook gestuurd op kwaliteitsbomen voor de productie.
Inrichtingsplan Landgoed Weldam
17
Bijlage 1
Maatregelenkaart
Inrichtingsplan Landgoed Weldam
18
Bijlage 2
Beplantingsplan
Vak 1a
opp (ha) 0,9
1b
1c
1d
1e
bomenri jen
2
bomenri jen
Bodembewerking Spi tfrezen
Boomsoorten Latijnse naam
Boomsoorten Nederlandse naam Percentage
Plantsoenmaat
Aantal
opmerkingen
Ul mus l a evi s Prunus a vi um Ti l i a corda ta Betul a pubes cens Al nus gl uti nos a tota a l
Fl a dderi ep Zoete kers Wi nterl i nde Za chte berk Zwa rte el s
25% 25% 25% 5% 20% 100%
80/120 80/120 80/120 80/120 80/120
1000 1000 1000 200 800 4000
groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js
Quercus petra ea Ca rpi nus betul us Sorbus tormi na l i s Coryl us col urna tota a l
Wi nterei k Ha a gbeuk El s bes Boomha zel a a r
25% 25% 25% 25% 100%
80/120 80/120 80/120 80/120
700 700 700 700 2800
groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js
Thuja pl i ca ta Abi es a l ba tota a l
Reuzenl evens boom Gewone zi l vers pa r
50% 50% 100%
pl ug pl ug
1125 1125 2250
i ndi vi dueel i ndi vi dueel
Euonymus europa eus Cra ta egus monogyna Prunus s pi nos a Pyrus communi s Ma l us s yl ves tri s tota a l
Wi l de ka rdi na a l s muts Eensti jl i ge mei doorn Sl eedoorn Peer Wi l de a ppel
20% 20% 20% 20% 20% 100%
80/120 80/120 80/120 80/120 80/120
150 150 150 150 150 750
groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js
Coryl us a vel l a na Vi burnum opul us Prunus pa dus Cra ta egus monogyna Eunonymus europa eus tota a l
Ha zel a a r Gel ders e roos Gewone vogel kers Eensti jl i ge mei doorn Wi l de ka rdi na a l s muts
20% 20% 20% 20% 20% 100%
60/100 60/100 60/100 60/100 60/100
150 150 150 150 150 750
groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js
Popul us x ca na dens i s tota a l
Ca nada popul i er
100% 100%
s tek
1300 1300
i n een ri j
Betul a pubes cens Al nus gl uti nos a Ti l i a corda ta Quercus petra ea Sorbus tormi na l i s Thuja pl i ca ta Abi es a l ba tota a l
Za chte berk Zwa rte el s Wi nterl i nde Wi nterei k El s bes Reuzel evens boom Gewone zi l vers pa r
5% 20% 15% 15% 15% 15% 15% 100%
80/100 80/100 80/100 80/100 80/100 pl ug pl ug
200 775 575 575 575 575 575 3850
groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js groeps gewi js
Popul us x ca na dens i s tota a l
Ca nada popul i er
100% 100%
s tek
550 550
i n een ri j
0,63
0,5
0,16
0,16
0,52
0,85
0,22
3,94
TOTAAL:
Inrichtingsplan Landgoed Weldam
16250
19
Bijlage 3
Beplantingslijst
Ul mus l a evis Prunus a vi um Ti li a corda ta Betul a pubes cens Al nus gl uti nos a Quercus petra ea Ca rpi nus betul us Sorbus tormi na l is Coryl us col urna Thuja pl i ca ta Abi es al ba Euonymus europaeus Crata egus monogyna Prunus s pi nos a Pyrus communi s Mal us syl vestri s Coryl us a vell a na Vi burnum opul us Prunus pa dus Popul us x cana dens i s
Fl a dderi ep Zoete kers Wi nterl i nde Za chte berk Zwa rte els Wi nterei k Ha a gbeuk El s bes Boomha zel a a r Reuzenl evensboom Gewone zi l verspa r Wi l de kardi na a l s muts Eens ti jl i ge mei doorn Sl eedoorn Gewone peer Wi l de a ppel Ha zel a a r Gel ders e roos Gewone vogel kers Ca na da popul i er
Inrichtingsplan Landgoed Weldam
1000 1000 1575 400 1575 1275 700 1275 700 1700 1700 300 300 150 150 150 150 150 150 1850 16250
20
Bijlage 4
SSK-raming
Verwijderd
Inrichtingsplan Landgoed Weldam
21
Buitengebied Hof van Twente, Veegplan 2023
Bijlage 15 Inrichtingsplan Krommedijk ong. Diepenheim
vastgesteld
85
Inrichtingsplan Landgoed Warmelo In het kader van de Overijsselse Bossenstrategie
Bosgroep Noord Oost Nederland
Colofon Opdrachtgever: Titel:
Provincie Overijssel Inrichtingsplan Landgoed Warmelo i.k.v. de Overijsselse Bossenstrategie
Status:
definitief
Datum:
6 maart 2023
Auteur(s):
M. Rouwhof
Foto’s:
M. Rouwhof
Kaartmateriaal:
Copyright © 2023, Dienst voor het kadaster en openbare registers, Apeldoorn
Projectnummer:
23.30.760.01.20201
© Coöperatie Bosgroep Nood-Oost Nederland u.a. Ballkerweg 48a 7738 PB Witharen t (0523) 74 57 00 e noordoostnederland@bosgroepen.nl www.bosgroepen.nl
Inhoudsopgave 1
Inleiding
4
2
Beschrijving huidige situatie 2.1
Ligging terrein
5
2.2
Huidige situatie
7
2.4
Hoogte/helling
8
2.5
Grondwaterstanden
Archeologische waarden
8
10
2.7
Landschap
10
2.8
Wegen en paden
10
2.10
Eisen vanuit de regeling
10
2.10.2
Bestemmingswijziging
11
2.10.3
Overleg omwonenden
11
1.1
Leeswijzer
2.3
Bodem
2.6
2.9
Kabels en leidingen
2.10.1
2.10.4
3
Aanplant inheemse soorten
5
7
10
10
11
Inrichtingsplan 3.1
Aan te leggen bostypen
12
3.2
Maatregelen
12
3.4
Hydrologie
13
3.5
Beplantingsplan
Eisen aan plantmateriaal
14
3.7
Wild werende maatregelen
14
3.8
Nazorg
14
3.3
3.6
4
Toestemming gemeente
4
Plantvoorbereiding
12
12
13
Toekomstig beheer en ecologische ontwikkeling
15
4.2
15
4.1
Toekomstig beheer
Toekomstige ecologische ontwikkeling
15
Bijlage 1
Maatregelenkaart
17
Bijlage 2
Beplantingsplan
18
Bijlage 3
Beplantingslijst
19
Bijlage 4
Begroting
20
Inrichtingsplan Landgoed Warmelo
3
1
Inleiding
De eigenaren van landgoed Warmelo willen bosontwikkeling realiseren op haar eigendom. Deze bosontwikkeling wordt gerealiseerd in het kader van de Overijsselse Bossenstrategie, welke een nadere uitwerking is van de landelijke Bossenstrategie. De ambitie van de
Bossenstrategie is dat er in Nederland in 2030 10% meer bos is. Bosuitbreiding is nodig om de klimaatdoelen te realiseren (vastlegging van koolstof) en draagt bovendien bij aan verhoging van de biodiversiteit en aan een gezondere leefomgeving. Ook het compenseren
van de bomenkap die nodig was voor natuurherstel binnen de Natura 2000-gebieden is één van de doelen. Om het nieuwe bos ook voor de toekomst veilig te stellen, willen de eigenaren van landgoed Warmelo de bestemming het perceel laten wijzigen van “Agrarisch met waarden” naar “Bos”. Aan het College van de gemeente Hof van Twente wordt gevraagd de bestemming te wijzigen en daarmee de bosaanleg mogelijk te maken.
1.1
Leeswijzer
In het volgende hoofdstuk wordt de huidige situatie beschreven. Daarbij komen de volgende onderdelen aan bod: -
Ligging
-
Bodem
-
Hoogteligging
-
Archeologische waarden
-
Wegen en paden
-
Kabels en leidingen
-
-
Grondwaterstanden Landschap
Eisen vanuit de regeling
Dit hoofdstuk 2 kan daarmee worden gebruikt als inpassingsplan voor de bestemmingsplanwijziging van de gemeente. Het hoofdstuk 3 is het daadwerkelijke inrichtingsplan Binnen dit inrichtingsplan wordt aangegeven welke bostypen binnen het plangebied
ontwikkeld kunnen worden. Hiervoor wordt een analyse van de biotische en abiotische factoren gemaakt, waarbij ook gebruik is gemaakt van hoofdstuk 2. Daarnaast worden ook de uit te voeren inrichtingsmaatregelen voor het ontwikkelen van de bostypen beschreven. Als laatste hoofdstuk (hoofdstuk 4) zal de toekomstige ecologische ontwikkeling beschreven worden.
Inrichtingsplan Landgoed Warmelo
4
2
Beschrijving huidige situatie
Het perceel valt onder landgoed Warmelo en is bekend onder het kadastrale nummer DPH C 1793. Het perceel wordt hieronder verder aangegeven met de (werk)naam/aanduiding Krommedijkerbos. Hieronder worden de NAW-gegevens van de eigenaar weergegeven: Naam:
NSW landgoed Warmelo BV
Adres:
Stedeke 11
Postcode en plaats:
7478 RV Diepenheim
Contactpersoon:
Dhr. Avenarius
E-mail:
warmelo@worldonline.nl
Hieronder worden de gegevens van het in te planten perceel weergegeven: Kadastrale gegevens:
DPH00 C 1793
Kadastrale oppervlakte (m2)
24.120
Werknaam/aanduiding:
Krommedijkerbos
Aan te planten oppervlakte (m2):
15.700
Huidige bestemming:
Agrarisch
Dubbel bestemming:
Archeologisch verwachting 1/3
Toekomstige bestemming:
Bos
2.1
Ligging terrein
Het perceel ligt aan de Borculoseweg/Krommedijk ten zuiden van Diepenheim, in de
gemeente Hof van Twente (zie figuur 1 t/m 4). Het perceel grenst aan Natuurnetwerk Nederland (NNN).
Inrichtingsplan Landgoed Warmelo
5
Figuur 1: Ligging perceel
Figuur 2: Beeld van het perceel
Inrichtingsplan Landgoed Warmelo
6
2.2
Huidige situatie
Het perceel bestaat op het moment van het veldbezoek (10 januari 2023) uit akkerbouw waar maïs is verbouwd. Aan de zuidwestzijde van het perceel is een bestaand bos aanwezig met voornamelijk zomereik, zwarte els en hazelaar. Daarnaast zijn aan de noord- en oostzijde van het perceel enkele wilgen aanwezig.
2.3
Bodem
In het perceel is een verkennende boring uitgevoerd van de bodemopbouw. De bodem van het perceel bestaat voornamelijk uit een beekeerdgrond, opgebouwd uit lemig fijn zand.
Aan de westzijde van het perceel is voor een deel een hoge zwarte enkeerdgrond aanwezig, opgebouwd uit lemig fijn zand. Tijdens het veldbezoek zijn twee bodemboringen gedaan, één aan de westzijde en één aan de oostzijde van het perceel. De westzijde bevat een wat
dikkere eerdlaag, terwijl de westzijde op circa 60 centimeter een kleilaag van ongeveer 1020 centimeter dik bevat. In beide gevallen is het aanwezige zand lemig. De pH bedraagt 44,5, terwijl de kleilaag een pH heeft van 4,5-5.
Figuur 3: Bodemkaart
Inrichtingsplan Landgoed Warmelo
7
2.4
Hoogte/helling
Het perceel ligt de overgang van een wat hoger gelegen terrein ten oosten van Diepenheim naar een wat lager gelegen terrein ten westen van Diepenheim. Er is weinig hoogteverschil aanwezig in het perceel. De westzijde van het perceel ligt op circa 12,20-12,42 meter
boven NAP. De oostzijde van het perceel ligt iets lager met circa 11,67-12,19 boven NAP.
Figuur 4: Hoogtekaart
2.5
Grondwaterstanden
De gemiddeld hoogte grondwaterstand (GHG) bevindt zich van circa 25 centimeter onder maaiveld in het oostelijke deel tot circa 60 centimeter onder maaiveld in het westelijke
deel. De gemiddeld laagste grondwaterstand (GLG) bevindt zich van circa 130 centimeter onder maaiveld in het oostelijke deel tot circa 145 centimeter onder maaiveld in het
westelijke deel. Deze grondwaterstanden houden in dat de grondwatertrap in het oostelijke deel V (5) bedraagt, terwijl in het westelijke deel een grondwatertrap van VI (6) bedraagt. Dat betekent dat het perceel in de winter vrij nat is, en dat in de zomer het grondwater vrij ver weg zakt. Op moment van veldbezoek, in januari 2023, was de situatie als volgt: het
perceel was nat met plassen water en doorweekte bovengrond. Dat wijst op een erg natte situatie in de wintermaanden.
Inrichtingsplan Landgoed Warmelo
8
Figuur 5: GLG (links) en GHG (rechts)
Figuur 6: Natte situatie tijdens veldbezoek
Inrichtingsplan Landgoed Warmelo
9
2.6
Archeologische waarden
In het bestemmingsplan staat aangegeven dat het perceel een dubbelbestemming (waarde) kent namelijk de archeologische verwachtingswaarde 1 en 3. In het bestemmingsplan wordt bij deze archeologische verwachtingswaarde aangegeven dat het verboden is zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning werkzaamheden uit te voeren. Concreet wordt er een verbod beschreven op het aanbrengen van diepwortelende beplantingen. In overleg met de gemeente is aangegeven dat er geen aanvullend archeologisch onderzoek is vereist. Dit vanwege het feit dat er geen bodembewerking dieper dan 40 centimeter plaats vindt.
2.7
Landschap
Het perceel bevindt zich in het kampenlandschap rondom Diepenheim. Kenmerkend voor dit landschapstype zijn de verspreid liggende kampen met een kleinschalig landschap
waarin onder meer houtwallen- en singels, bosjes en landbouwpercelen een plaats hebben. Op enige afstand liggen grotere bosgebieden, waaronder de landgoederen Westerflier en Nijenhuis. Tot het jaar 1920 is het perceel bebost geweest. Daarna is het in meerdere fasen omgevormd naar landbouwgrond.
2.8
Wegen en paden
Het perceel is bereikbaar via een toerit vanaf de Krommedijk. Op het perceel rust geen recht van overpad.
2.9
Kabels en leidingen
De Bosgroep heeft een oriëntatieverzoek gedaan bij het Kadaster omtrent ligging kabels en leidingen. Uit dit oriëntatieverzoek blijken er geen kabels en leidingen in het perceel aanwezig te zijn.
2.10 Eisen vanuit de regeling Hieronder worden de eisen vanuit de regeling weergegeven. Daarbij is het belangrijk dat er een positief advies ligt vanuit de gemeente om uiteindelijk een bestemmingsplanwijziging te realiseren. Tevens is er ook voor omgevingsmanagement in de vorm van overleg met de omwonenden. Verder komen overige eisen aan bod. 2.10.1
Toestemming gemeente
Er heeft overleg plaatsgevonden tussen de Bosgroep en de gemeente Hof van Twente. De gemeente heeft aangegeven positief te staan tegenover de ontwikkeling van bos op beide percelen. De gemeente heeft ook aangegeven bereid te zijn het bestemmingsplan hiervoor aan te passen.
Inrichtingsplan Landgoed Warmelo
10
2.10.2
Bestemmingswijziging
De bestemming van beide percelen is momenteel agrarisch. Vanuit de regeling dient de bestemming van de percelen binnen het bestemmingsplan van de gemeente te worden aangepast naar bos. 2.10.3
Overleg omwonenden
Naast het perceel is een paardenmanege gevestigd van de paardensportvereniging Diepenheim. Het is goed om de eigenaren van deze manage op de hoogte te brengen van het plan voor bosaanleg op dit perceel. De eigenaar zal de desbetreffende eigenaren op de hoogte brengen voorafgaand aan het indienen van de subsidieaanvraag. 2.10.4
Aanplant inheemse soorten
De provincie eist dat er minimaal 60% inheemse soorten worden aangeplant. Tevens vereist de provincie dat bosranden worden aangelegd mits mogelijk. De wens is om 20% van het aan te planten bos te laten bestaan uit autochtoon
plantmateriaal Nederlandse Rassenlijst Bomen: er dient dan plantmateriaal te worden gebruikt waarvan de herkomst vermeld is in de meest recente Nederlandse Rassenlijst Bomen (zie www.rassenlijstbomen.nl). Daarbij dient materiaal gebruikt te worden uit een vergelijkbaar gebied/floradistrict (gebiedseigen soorten). Gedetailleerde informatie over
aanwezig autochtoon materiaal is beschikbaar bij de genenbank voor bomen en struiken (www.genenbankbomenenstruiken.nl).
Inrichtingsplan Landgoed Warmelo
11
3
Inrichtingsplan
3.1
Aan te leggen bostypen
Voor de inrichting van het bos is er gekeken naar verschillende factoren. Het perceel heeft
een vrij vochtig karakter met een relatief voedselrijke, lemige/kleiïge groeiplaats. Daarbij is het van belang dat de nieuwe aanplant aansluit op de waarden van het omliggende
landschap. Er wordt ingespeeld op een zo hoog mogelijke toekomstbestendigheid door middel van groepsgewijze aanplant van zowel bomen als struikvormers, menging in soorten en het creëren van natuurlijke bosranden. Hiermee wordt een structuurrijk bos ontwikkelt, waarbij rekening is gehouden met de klimaatverandering (weerbaar tegen droogte, natte periodes, ziekten en plagen). Door de variatie van soorten en de variatie binnen de bodem en de bodemvochtigheid leent het bostype zich het beste voor vochtig bos. Tabel 1: Overzicht van het beoogde bostype voor het perceel
Kadastraal nummer
Beoogd bostype
C1793
Vochtig bos
1,57
Totaal:
1,57
3.2
Oppervlakte (ha)
Maatregelen
Om de percelen op de juiste manier te kunnen aanplanten dienen er voorbereidende maatregelen genomen te worden, alvorens over gegaan kan worden op de daadwerkelijke aanplant. Deze maatregelen worden per beplantingsvak uitgevoerd zoals in tabel 2 is beschreven. De maatregelenkaart is in bijlage 1 weergegeven.
Perceel
Vak
1a, 1b
Gehele perceel
Maatregelen 1. Woelen met vaste tand 2. Zaaien bosplantsoenmengsel 3. Leveren en plaatsen wildbescherming 4. Leveren en inkuilen bosplantsoen 5. Aanplant bosplantsoen 6. Nazorg
Tabel 2: Overzicht van het beoogde bostype voor het perceel
3.3
Plantvoorbereiding
Om bos aan te planten is voorbereiding van de bodem nodig. Doordat het perceel wordt gebruikt als bouwland volstaat woelen van de bodem. Vervolgens wordt, om uitbreiding of
Inrichtingsplan Landgoed Warmelo
12
spontane groei van woekerende soorten zoals brandnetel of braam tegen te gaan, een bosplantsoenmengsel ingezaaid.
3.4
Hydrologie
Aan de noord,- west- en oostzijde zijn sloten/greppels aanwezig. Aan de zuidzijde van het perceel is een laaggelegen terrein aanwezig dat is dichtgegroeid met riet. Er worden geen hydrologische maatregelen getroffen.
3.5
Beplantingsplan
De soorten die worden aangeplant zijn gekozen op basis van de boomsoort, grondwatertrap en de eis van de provincie waarbij minimaal 60% inheemse soorten worden aangeplant. Daarnaast is bij de boomsoortenkeuze gekozen voor klimaatbestendige- en rijkstrooiselsoorten die zorgen voor een verbetering van de bodem en daarmee het
bodemleven. Hier zal bij de keuze voor plantsoen rekening mee gehouden worden. Verder is er gedacht aan de versterking van biodiversiteit binnen het gebied door middel van het planten van een natuurlijke bosrand. Op basis van deze uitgangspunten en de richtlijnen
vanuit de provincie is een boomsoortenverdeling per perceel opgesteld, zoals weergegeven in tabel 3.
Tabel 2 Boomsoortencombinatie per perceel
Perceel C1793
Deel-
Boomsoorten
Latijnse naam
Percentage
Oppervlak
1a
Zomereik
Quercus robur
40
1,41 ha
Zwarte els
Alnus glutinosa
40
Winterlinde
Tilia cordata
10
Gelderse roos
Viburnum opulus
25
Eenstijlige meidoorn
Crataegus monogyna
25
Sleedoorn
Prunus spinosa
25
Europese vogelkers
Prunus padus
gebied
Zoete kers 1b
Hazelaar
Wilde kardinaalsmuts
Prunus avium
Corylus avellana
Euonymus europaeus
(%)
10
25
0,16 ha
Het aanplanten wordt gedaan met soorten die van goede genetische afkomst zijn en die
van nature al voorkomen in Twente. Hierdoor kunnen aangeplante soorten op latere leeftijd dienen als zaadbomen waardoor de verjonging ook van goede genetische afkomst is. De struweelaanplant bestaat voornamelijk uit struikvormende soorten die zorgen voor een verzachte overgang van open gebied naar bosgebied. Daarnaast bestaan deze soorten uit soorten die bekend staan als vrucht- en nectarproducerende soorten waar insecten en
vogels baat bij hebben als voedselvoorziening en mogelijke nest- en schuillocatie. Ook
Inrichtingsplan Landgoed Warmelo
13