Bijlage 3 - Diepenheim, Oude Deldensestraat 2b Bijlagen.pdf
Tekst van het document
Aantal voertuigen
Licht verkeer Zwaar verkeer
1 4
Aantal voertuigbewegingen (aantal voertuigen x2) 2 8
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
7
AERIUS-Berekening Oude Deldensestraat 1, Diepenheim Definitief 3.2.2.5 Werktuigen Ten behoeve van de bouwwerkzaamheden worden een aantal werktuigen in het plangebied ingezet. Deze voertuigen worden ofwel gebracht door een zwaar vrachtvoertuig, ofwel rijden zelf naar het projectgebied toe. In de onderstaande tabel zijn het aantal werktuigen en de hoeveelheid vrachtvoertuigen weergegeven: Werktuig
Fase
Graafmachine Shovel Mini- graafmachine Betonpomp Mobiele hijskraan Trilplaat Totaal
Bouwen Bouwen Bouwen Bouwen Bouwen Aanleggen verharding
Aantal vrachtvoertuigen 1 1 1 1 1 1 6
Aantal voertuigbewegingen 2 2 2 2 2 2 12
In totaal zijn 12 bewegingen van zware vrachtvoertuigen nodig om de werktuigen van en naar het plangebied te brengen en halen. 3.2.2.6 Resumé Op basis van de vorenstaande uitgangspunten is tijdens de aanlegfase van de voorgenomen ontwikkeling sprake van de volgende verkeersgeneratie: Type verkeer
Aantal voertuigen
Licht verkeer Middelzwaar verkeer Zwaar verkeer
635 5 70
Aantal verkeersbewegingen (aantal voertuigen x2) 1.270 10 140
In voorliggend geval wordt er, gezien de ligging van het plangebied, vanuit gegaan dat het bouwverkeer de locatie bereikt en verlaat via twee verschillende routes. Op beide routes is gerekend met 100% van het aantal verkeersbewegingen. Op deze manier wordteen ‘worst-case’ scenario geschetst. Route 1: het bouwverkeer verlaat de locatie via de Oude Deldensestraat in westelijke richting. Het verkeer slaat vervolgens linksaf de Deldensestraat op. Op hoogte van de kruising met de Diepenheimseweg is het bouwverkeer verdund tot enkele procenten van het totale wegverkeer en is het qua stop- en rijgedrag niet meer van het overig verkeer te onderscheiden. Het bouwverkeer gaat daar op in het heersende verkeersbeeld. Route 2: het bouwverkeer verlaat de locatie via de Oude Deldensestraat in westelijke richting. Het verkeer slaat vervolgens rechtsaf de Deldensestraat op. Na deze weg voor 800 meter te hebben gevolgd is het bouwverkeer verdund tot enkele procenten van het totale wegverkeer en is het qua stop- en rijgedrag niet meer van het overig verkeer te onderscheiden. Het bouwverkeer gaat daar op in het heersende verkeersbeeld.
3.2.3
Emissies stationair draaien laden en lossen
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
8
AERIUS-Berekening Oude Deldensestraat 1, Diepenheim Definitief Tijdens het laden en lossen van bouwmaterialen, beton, betonplaten, afvalcontainers, bestrating en zand draait een vrachtwagen stationair. Hierdoor is sprake van een NO x emitterende bron. Om deze reden is de emissie van het laden en lossen van deze vrachtwagens in de berekening meegenomen. Gemiddeld draaien deze vrachtwagens 20 minuten stationair. In onderstaande tabel is het totaal aantal uren per jaar, de emissiefactoren en de emissie weergegeven. Type Reken- Vracht- Maximaal Aantal Emissie kg/jaar Emissiefactor jaar aantal aantal laad- uren 1 g/uur los minuten totaal/jaar NOx NH3 NOx NH3 Zwaar 2024 59 20 20 79,0392 0,9072 1,42 0,018 verkeer Middelzwaar 2024 5 20 2 69,7208 0,7112 0,13 0,002 verkeer Totaal 1,55 0,02 Het stationair draaien is als oppervlaktebron in de AERIUS-Calculator ingevoerd onder ‘anders’. De bovenstaande emissies zijn gemodelleerd als een oppervlaktebron. Voor de uittreedhoogte en spreiding is 2,5 meter aangehouden. 3.2.4
Emissies mobiele werktuigen
3.2.4.1 Algemeen Tijdens de realisatie van het voornemen worden er werktuigen ingezet. Deze werktuigen stoten stikstof uit en dienen om deze reden in ogenschouw genomen te worden. Voor het berekenen van de emissie is gebruik gemaakt van de Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2023. Voor het berekenen van de emissie is de volgende formule aangehouden: LBPJ = (0.095 * Pmax + 0.54) * D LBPJ staat in de bovengenoemde formule voor literverbruik per jaar. Pmax is het maximale vermogen van het werktuig en D staat voor het aantal draaiuren. Daarnaast is er rekening gehouden met het gebruik van AdBlue. Ligterink et al 20212 constateert dat voor Stage IV en V werktuigen dit tot 6% van het totale dieselverbruik bedraagt. In de rest van deze paragraaf zijn de werktuigen nader toegelicht en uitgewerkt. 3.2.4.2 Bouwfase Graafmachine (150 kW) Voor de fundering wordt een gat gegraven van 300 m2 en een diepte van 1 meter. In totaal wordt er dus 300 m3 aan grond worden afgegraven. De bakinhoud van een graafmachine is 1,5 m 3. Zodoende zijn 200 graafbewegingen nodig. 1 graafbeweging duurt 1,5 minuut. In totaal is de graafmachine 300 minuten (5 uur) bezig met graven. Aangenomen wordt dat de 20% van de grond wordt opgeslagen in het plangebied. Voor het herverdelen is de graafmachine dus 60 minuten, 1 uur extra bezig (300*0,2). In totaal is de graafmachine 6 uur werkzaam.
Betonstorter (150 kW) Voor de fundering en de vloeren van de begane grond wordt beton gestort. Deze laag beton wordt gestort op een oppervlakte van 300 m2 met een diepte van 0,50 meter. In totaal wordt circa 150 m3 aan beton gestort. Een betonstorter kan 50 m3 beton per uur verwerken. Dit resulteert in 3 uur dat de betonstorter aan het werk is.
1
https://www.bij12.nl/wp-content/uploads/2022/03/202201-Rekeninstructie-stationaire-emissies-wegverkeer.pdf
2
Ligterink et al., 2021. ‘AUB (AdBlue verbruik, Uren, en Brandstofverbruik): een robuuste schatting van NOx en NH3 uitstoot van mobiele werktuigen’. TNO_2021_R12305
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
9
AERIUS-Berekening Oude Deldensestraat 1, Diepenheim Definitief Mobiele hijskraan (200 kW) Ten behoeve van het plan wordt gebruik gemaakt van een mobiele hijskraan. Verwacht wordt dat de mobiele hijskraan 5 dagen in het plangebied wordt ingezet voor hijswerkzaamheden. Gedurende deze 5 dagen, wordt ingeschat dat de hijskraan 8 uur per dag in werking is. In totaal wordt de hijskraan 40 uur ingezet. Shovel (80 kW) Tijdens de bouwfase zal een shovel worden ingezet. Deze zal in totaal 40 uur werkzaam zijn. Trilplaat (10 kW) Zoals eerder vermeld wordt 250 m2 aan verharding toegevoegd. Door machinaal te bestraten kan circa 50 m2 per uur aan verharding worden aangelegd. Zodoende is de trilplaat circa 5 uur bezig met de verharding. Mini graafmachine (28 kW) Voor het aanleggen van kabels en leidingen wordt een mini graafmachine ingezet. Verwacht wordt dat deze mini graafmachine 40 uur wordt ingezet. 3.2.4.3 Overzicht emissie mobiele werktuigen In de onderstaande tabel zijn de gegevens zoals ingevoerd in de AERIUS-Calculator weergegeven. De werktuigen zijn in de AERIUS-berekening ingevoerd als ‘oppervlaktebron - mobiele werktuigen’. Opgemerkt wordt dat werktuigen met een vermogen van 56 kW of minder geen AdBlue verbruik hebben, evenals werktuigen op benzine. Voor deze werktuigen is dan ook geen AdBlue verbruik opgenomen in de AERIUS-Calculator.
Werktuigen
Categorie
Aantal uren totaal
Max. vermogen (kW)
Dieselverbruik totaal
Aantal liter AdBlue
Bouwfase Graafmachine
STAGE IV
6
150
89
5
Betonstorter
STAGE IV
3
150
45
3
Mobiele hijskraan
STAGE IV
40
200
782
47
Shovel
STAGE IV
40
80
326
20
Trilplaat
Benzine, 2 takt
5
10
8
n.v.t.
Mini graafmachine
STAGE IV
40
28
128
n.v.t.
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
10
AERIUS-Berekening Oude Deldensestraat 1, Diepenheim Definitief
3.3
Gebruiksfase
In de berekening voor de gebruiksfase worden de NO x en NH3 emitterende bronnen van de voorgenomen ontwikkeling in kaart gebracht. Deze emitterende bronnen bestaan in dit geval uit de verkeersgeneratie en het eventuele gasverbruik van het te realiseren dorpshuis. 3.3.1
Dorpshuis
Doordat het nieuwe dorpshuis gasloos wordt gebouwd, is ten aanzien van het gebruik van het nieuwe dorpshuis zelf geen sprake van stikstofemissie en depositie op Natura 2000-gebieden. Het dorpshuis zelf bevat daarmee geen bron die NOx of NH3 emitteren en is dan ook neutraal (zonder emissies) gemodelleerd in de AERIUS-berekening. 3.3.2
Verkeersgeneratie
Het te realiseren dorpshuis brengt een bepaald aantal verkeersbewegingen met zich mee. Dit heeft stikstofuitstoot tot gevolg. Het toenemend aantal verkeersbewegingen als gevolg van het plan heeft dan ook invloed op de AERIUS-berekening en moet in ogenschouw worden genomen. Om het aantal verkeersbewegingen te bepalen is gebruik gemaakt van de publicatie ‘Toekomstbestendig parkeren, publicatie 381 (december 2018)’. De volgende uitgangspunten zijn gehanteerd: • • •
Verstedelijkingsgraad: weinig stedelijk / gemeente Hof van Twente (Bron: CBS Statline) Stedelijke zone: buitengebied Functie: Buurt- en dorpscentrum
In de publicatie van de CROW is de verkeersgeneratie per functie uiteengezet. Daarnaast wordt hierin een minimaal en maximaal aantal verkeersbewegingen voor de functies aangegeven. In voorliggend geval is van het gemiddelde uitgegaan. Op basis van de vorenstaande uitgangspunten ontstaat qua verkeersgeneratie als gevolg van het project het volgende beeld: Functie
Verkeersgeneratie per 100 m2 Buurt- en dorpscentrum 62,4 Totaal (naar boven afgerond)
Aantal m2 300
Totale verkeersgeneratie 187,2 188
De totale verkeersgeneratie voor het dorpshuis komt neer op 188 verkeersbewegingen per weekdagetmaal. Voor de route van het gebruiksverkeer wordt uitgegaan dat deze hetzelfde is als de route van het bouwverkeer, zoals beschreven in paragraaf 3.2.2.6. Op beide routes is met 100% van de verkeersbewegingen gerekend.
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
11
AERIUS-Berekening Oude Deldensestraat 1, Diepenheim Definitief
HOOFDSTUK 4 4.1
RESULTATEN & CONCLUSIE
Aanlegfase
Uit de AERIUS-berekening met betrekking tot de aanlegfase blijkt dat in de aanlegfase van de voorgenomen ontwikkeling geen sprake is van rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/j. Er is daarmee geen sprake van een stikstofdepositie met significant negatief effect op Natura 2000-gebieden. De onderdelen en resultaten van de AERIUS-berekening zijn in bijlage 1 bijgevoegd.
4.2
Gebruiksfase
Uit de AERIUS-berekening met betrekking tot de gebruiksfase blijkt dat in de gebruiksfase van de voorgenomen ontwikkeling geen sprake is van rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/j. Er is daarmee geen sprake van een stikstofdepositie met significant negatief effect op Natura 2000-gebieden. De onderdelen en resultaten van de AERIUS-berekening zijn in bijlage 2 bijgevoegd.
4.3
Conclusie
Geconcludeerd wordt dat voor zowel de aanlegfase als de gebruiksfase geen sprake is van rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/j. Er is daarmee geen sprake van een stikstofdepositie met significant negatief effect op Natura 2000-gebieden. De voortoets voor het plan voldoet, ten aanzien van de effecten van de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden aan artikel 2.7, lid 1 van de Wet natuurbescherming.
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
12
AERIUS-Berekening Oude Deldensestraat 1, Diepenheim Definitief
BIJLAGEN BIJ DE STIKSTOFBEREKENING Bijlage 1
Rekenresultaten aanlegfase
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
13