Beleidskaders subsidies Hof van Twente.pdf
Tekst van het document
Voeg binnen dit vlak een plaatje in.
Beleidskader Subsidies Uitgangspunten en methodiek voor subsidieverlening
Gemeente Hof van Twente / Beleidskader Subsidies
Voeg op deze pagina een plaatje in of maak de pagina blanco.
Pagina / 2
Inhoud 1. Inleiding.............................................................................................................................................. 4 1 .1 Opzet subsidiebeleidsplan..............................................................................................................4 1.2 Doel en plaats Beleidskader subsidies in relatie tot andere documenten........................................4 1.3 Bestuurlijke rolverdeling................................................................................................................... 5 2. Uitgangspunten voor subsidieverlening.............................................................................................7 2.1 Partnerschap en vertrouwen............................................................................................................ 7 2.2 Resultaat is belangrijk, waardering ook..........................................................................................7 2.3 Passende sturing en toezicht.......................................................................................................... 8 2.4 Kiezen voor subsidies vanwege partnerschap, vertrouwen en lokale verankering.........................9 3 Subsidiemethodiek............................................................................................................................
10 3.1 Structureel: Prestatiesubsidie........................................................................................................ 10 3.2 Structureel: Waarderingssubsidie..................................................................................................10 3.3 Incidenteel voor investeringen accommodaties: Investeringssubsidie.........................................11 3.4 Incidenteel voor activiteiten en overige investeringen: het Noaberfonds......................................11 4 Blijven ontwikkelen binnen de structurele subsidies.........................................................................12 4.1 Structurele subsidies afgelopen jaren: gesloten systeem..............................................................12 4.2 Aanpak per 2027: open systeem met ruimte voor nieuwe initiatieven..........................................12 5 Financiële aspecten nieuw subsidiebeleid........................................................................................ 14 Bijlage 1: Inzicht per beleidsterrein......................................................................................................16
Pagina / 3
1.
Inleiding
1 .1 Opzet subsidiebeleidsplan. De gemeente Hof van Twente kent al gedurende een groot aantal jaren een beleidskader voor subsidies: de zogenaamde Basis Infra Structuur (BIS). In vergelijking met de BIS is dit beleidskader iets anders van opzet. Allereerst is dit beleidskader een stuk compacter en bondiger geworden. Onze ambities en intenties zijn namelijk niet wezenlijk veranderd ten opzichte van het vorige beleidskader. Al in juni 2023 hebben wij de Raad via een raadsbrief op de hoogte gesteld van ons voornemen om een nieuwe BIS beleidsarm in te steken: grote inhoudelijke wijzigingen zijn niet nodig. Alhoewel het altijd beter kan, beschikken we als gemeente al over een goede sociale basis. De uitdaging is dan ook vooral om deze basis de komende jaren door subsidieverlening zoveel mogelijk te behouden. Hoe raar het ook moge klinken: dit beleidskader is een stuk beleidsarmer geworden. Inhoudelijke beleidsdoelen staan in afzonderlijke beleidsvisies die door de gemeenteraad zijn vastgesteld. In dit subsidiebeleid is daarom geen plaats meer ingeruimd voor uitgebreide beleidsinhoudelijke overwegingen over wat wel of niet voor subsidie in aanmerking komt.
Met andere woorden: met subsidies sturen we op de uitvoering en realisatie van het inhoudelijke beleid dat al op een andere plek is opgeschreven met name in de eerder door de Raad vastgestelde visiedocumenten: de visie op het sociaal domein, De Gezonde Verbinding, de cultuurvisie Samen Vooruit Samen Verbonden, de Visie vrijetijdseconomie Beleef Hoffelijkheid 2.0 en de Accommodatievisie 2014 – 2033. Een visie op het platteland is in ontwikkeling. Het beleidskader gaat alleen nog over uitgangspunten en methodiek en heeft een meerjarig karakter waarbij het voor de hand ligt om te evalueren en zo nodig aan te passen als de situatie daarom vraagt. Een harde einddatum is daarom niet van meerwaarde. Het subsidiebeleidskader wordt voor onbepaalde tijd vastgesteld.
1.2 Doel en plaats Beleidskader subsidies in relatie tot andere documenten. Het subsidiebeleid van Hof van Twente kent een structuur met verschillende beleidsinstrumenten: Visiedocumenten, Beleidskader Subsidies, Algemene Subsidieverordening (ASV) en subsidieregelingen (beleidsregels). Dit document is het beleidskader. Hierin staan de strategische kaders voor hoe Hof van Twente wil omgaan met het beleidsinstrument subsidie. In de ASV staan algemene juridische kaders en uitvoeringsregels voor subsidieverstrekking. In de beleidsregels vindt per beleidsterrein de operationele vertaling van het beleid plaats. Schematisch ziet dit er als volgt uit.
Pagina / 4
GEMEENTERAAD
KADERS
INHOUDELIJK / VISIE
Sociaal Domein: De Gezonde Verbinding Cultuur: Samen Vooruit Samen Verbonden Vrije Tijds economie: Beleef Hoffelijkheid 2.0 Accommodaties: Accommodatievisie 2014 - 2033 Visie op Platteland (in ontwikkeling)
JURIDISCHE KADERS
Algemene Subsidie Verordening (ASV)
UITGANSPUNTEN EN METHODIEK Beleidskader Subsidies FINANCIËLE KADERS Programmabegroting
College Uitvoering
Vertaling van de door de Raad vastgestelde kaders en uitgangspunten in Subsidiebeleidsregels: - Sport - Accommodaties - Dorps en - Cultuur - Promotie stadsraden - Zorg kernen - Buurtschappen - Jeugd - Recreatie - …. toerisme Nemen van besluiten op aanvragen aan de hand van de Subsidiebeleidsregels.
1.3 Bestuurlijke rolverdeling De gemeenteraad stelt in inhoudelijke visiedocumenten en beleidsnota’s, het Beleidskader subsidiebeleid, de Programmabegroting en de Algemene subsidieverordening de kaders vast om de activiteiten van het college richting te geven. Met de Programmabegroting stelt de Raad ook de maximale omvang van de subsidies / de subsidieplafonds vast. Aanvullend op deze kaders worden door het college regelingen voor de verstrekking van subsidies vastgesteld, de subsidieregels. Deze bevoegdheid is door de raad aan het college gedelegeerd in de ASV, artikel 3. Subsidieregels zijn in het algemeen een uitwerking van een thematische beleidsnota en/of visiedocument en de ASV, waarin de subsidieverstrekking in operationele zin voor een specifieke activiteit wordt uitgewerkt. Door middel van heldere activiteitenomschrijvingen, eisen, Pagina / 5
voorwaarden, verplichtingen etc. weten de aanvragers voor welke doelen en resultaten het college subsidie beschikbaar heeft en op welke wijze de aanvraag wordt beoordeeld. Deze zaken betreffen operationele afwegingen en worden daarom door het college geregeld. In de ASV bepaalt de raad wat het college precies mag regelen. Voor alle zaken die niet zijn geregeld in de subsidieregeling(en) gelden de algemene bepalingen van de ASV. Subsidieregeling(en) worden gepubliceerd op: www.overheid.nl. Subsidieregeling(en) kunnen worden gewijzigd indien actualiteiten daartoe aanleiding geven en bieden daardoor flexibiliteit aan het college.
Pagina / 6
2.
Uitgangspunten voor subsidieverlening
Het subsidiebeleid gaat zoals gezegd over de inzet van het instrument subsidie door de gemeente. De gemeente kan hiermee vanuit een regiefunctie zijn beleid op verschillende vlakken door derden laten uitvoeren. De inzet van het instrument draagt bij aan het realiseren van onze doelen en het bereiken van gewenste maatschappelijke effecten. Wanneer we besluiten het instrument in te zetten gaan we uit van een aantal principes of uitgangpunten. Deze worden in dit hoofdstuk verder toegelicht.
2.1 Partnerschap en vertrouwen De maatschappelijke organisaties in Hof van Twente zijn van groot belang voor de vitaliteit van de samenleving. Veel organisaties zijn sterk geworteld in onze gemeente. In de relatie tussen de gemeente en deze organisaties is partnerschap en vertrouwen op zijn plaats. Dat is ons vertrekpunt in de relatie met de gesubsidieerde organisaties.
2.2 Resultaat is belangrijk, waardering ook. Bij de inzet van subsidies gaat het om wat er met de activiteit bereikt wordt. Wat is de meerwaarde voor de maatschappij of de gebruiker van de activiteit? Hierover zijn we met de (grotere) gesubsidieerde organisaties in gesprek. Gezamenlijk (zie ook hierna onder 2.3) komen we binnen de door ons als gemeente te geven kaders (financieel en beleidsmatig) tot het optimale resultaat. Voor veel, met name kleinere subsidies hanteren we het uitgangspunt van waardering. We geven een subsidie zonder dat we exact aan de voorkant bepalen wat de te leveren prestatie moet zijn. We waarderen de inzet van organisaties en vertrouwen erop dat er met de subsidie goede dingen gebeuren die bijdragen aan de beleidsdoelstellingen die we hebben. Het onderliggende beleid bepaalt hoe de sturing er precies uitziet. Is deze gericht op meer of minder op (telbare) prestaties, kijken we naar beoogd resultaat of hebben we het over maatschappelijk effect. Deze begrippen worden nogal eens door elkaar gebruikt. Daarom lichten we ze in het kader hierna toe. Bij dit alles geldt, in de woorden van Albert Einstein: “Niet alles wat telt, kan geteld worden en niet alles wat geteld kan worden, telt”. Maatschappelijke effecten Maatschappelijke effecten zijn de doelen die we willen bereiken, zoals minder eenzame ouderen, minder voortijdige schooluitval en dergelijke.
Met de lange termijn en de onzekere causale relaties tussen de gesubsidieerde activiteit en het maatschappelijk effect is dit géén goede basis voor een subsidierelatie. Bij maatschappelijke effecten is er namelijk geen direct oorzakelijk verband tussen de inzet van een gesubsidieerde organisatie en dat effect. Essentieel is dat er overeenstemming is tussen de gemeente en de gesubsidieerde organisatie dat met de ondernomen activiteit én het resultaat ervan een bijdrage wordt geleverd aan het maatschappelijk effect. Het benoemen van maatschappelijke effecten speelt vooral een rol bij strategische beleidsvorming. Het geeft richting aan het soort activiteiten waarvoor we een subsidie willen verstrekken. Dit zijn activiteiten die bijdragen aan het beoogde maatschappelijke effect. In het subsidiebeleid zijn effecten niet toerekenbaar en ook niet afrekenbaar aan de gesubsidieerde organisatie.
Pagina / 7
Resultaat Met een resultaat wordt omschreven wat de activiteiten moeten opleveren voor de gebruikers. Een resultaat is altijd uitgedrukt in termen van ’het bereiken van…’. Veelal is het niet alleen de gesubsidieerde organisatie die bepalend is voor een resultaat, maar zijn er ook anderen of externe factoren die het resultaat beïnvloeden. Denk daarbij aan een thema als het verminderen van eenzaamheid, waarbij meer speelt dan alleen de inzet van één samenwerkingspartner. Het financieel afrekenen van de (niet) behaalde resultaten is minder eenvoudig dan het afrekenen van prestaties. Maar het verantwoorden van bereikte resultaten door de organisatie kan natuurlijk wel. Prestatie Dit is de activiteit die de gesubsidieerde organisatie onderneemt met het oog op een bepaald doel. Een prestatie wordt altijd uitgedrukt met een werkwoord dat duidt op ‘organiseren van…’. De prestatie kunnen we in een subsidierelatie afrekenen en toerekenen, zoals dat bij een inkooprelatie ook gebeurt Iets is wél of niét gedaan.
2.3 Passende sturing en toezicht Het toezicht en de sturing worden afgestemd op het type organisatie en de omvang van de verstrekte subsidie. In Hof van Twente is een verscheidenheid aan organisaties actief, vrijwilligersorganisaties, organisaties met professioneel kader, kleine, middelgrote en grote organisaties. Sommige organisaties organiseren één activiteit, anderen doen dat jaarlijks of bieden een compleet arrangement aan activiteiten. Sommige organisaties zijn essentieel voor de realisatie van het beleid. Dit zijn allemaal zaken om rekening mee te houden. Afhankelijk van de hoogte van de subsidie en het gewicht van de te bereiken doelen verbindt de gemeente minder of juist meer voorwaarden aan de subsidieverstrekking en aan de financiële en inhoudelijke verantwoording. Bij organisaties zonder professioneel kader, die meestal ook lagere subsidiebedragen ontvangen, betekent dit dat de gemeente blijft uitgaan van ‘afstand bewaren’ en ‘houd het simpel’. Het gaat om het verschil tussen vrijwilligersorganisaties enerzijds en (semi) professionele organisaties anderzijds. Hierbij vormt het vereiste om de rechtmatigheid van de overheidsuitgaven voor de gemeente te kunnen vaststellen een ondergrens. Vrijwilligersorganisaties Vrijwilligersorganisaties met geen of een beperkt professioneel kader krijgen veel ruimte. We leggen hen zo weinig mogelijk administratieve verplichtingen op.
Onder een vrijwilligersorganisatie verstaan we een organisatie die aan elk van de volgende drie criteria voldoet: • Wordt lokaal bestuurd door vrijwilligers (onbezoldigd), • Krijgt een subsidiebedrag dat niet hoger is dan 30.000 euro • Krijgt geen gerichte vraag van het gemeentebestuur om bepaalde activiteiten uit te voeren. Controle naar de uitvoering van de met de subsidie beoogde activiteiten en de rechtmatigheid van de uitgaven vindt steekproefsgewijs plaatst.
Professionele organisaties Naar organisaties met een professioneel management en een aanzienlijk subsidiebudget stellen we ons op als ‘opdrachtgever’. Professionele organisaties zoals de Bibliotheek, Salut, De Reggehof spelen een cruciale rol in het uitvoeren van het gemeentelijk beleid. Omgekeerd richten deze organisaties zich ook op het gemeentelijk beleid. Bij deze organisaties is een rol van de gemeente als opdrachtgever passend.
Pagina / 8
Opdrachtgeverschap is een term die vooral bij inkoop gehanteerd wordt, maar ook in subsidierelaties steeds gebruikelijker is. In Hof van Twente noemen we dit opdrachtgericht samenwerken. De gemeente bepaalt op grond van het inhoudelijk beleid welke prestatie zij verwacht van de organisatie, zowel kwantitatief als kwalitatief. De organisaties krijgen ruimte om naar eigen inzicht invulling te geven aan hoe men dit resultaat wil behalen. Ook in deze ‘opdrachtrelatie’ staan partnerschap en vertrouwen centraal. Een goede opdrachtgever luistert naar zijn professionele adviseurs en dat zijn deze organisaties ook. Via vaste aanspreekpunten, accounthouders is er frequent overleg tussen organisatie en gemeente. Bestuurlijk is deze afstemming er ook. Formele verantwoording door deze organisaties vindt plaats door het inleveren van financiële en inhoudelijke jaarstukken die, afhankelijk van de hoogte van het subsidiebedrag ook een verklaring van bevindingen van de accountant bevatten.
2.4 Kiezen voor subsidies vanwege partnerschap, vertrouwen en lokale verankering. Subsidie en inkoop in de vorm van overheidsopdrachten zijn sturingsinstrumenten die met name in het sociaal domein bij organisaties met professioneel kader beide mogelijk zijn. Alle gesubsidieerde of gecontracteerde organisaties zijn gehouden aan gangbare vereisten ten aanzien rechtmatig en doelmatig handelen. Bij overheidsopdracht moeten de (Europese) aanbestedingsregels gevolgd worden, waarbij ook de Inkooprichtlijnen van de organisatie van kracht zijn. Bij het subsidiëren van een organisatie zijn deze regels niet van toepassing. Subsidie en overheidsopdrachten verschillen op tal van kenmerken van elkaar, maar in de praktijk lijken subsidies aan grote organisaties steeds meer op overheidsopdrachten. De werkwijze rond subsidies sluit het best aan bij de aard van de activiteiten en beoogde resultaten in het sociaal domein, cultuur, sport en (jeugd)zorg, daardoor prefereert deze aanpak. Subsidies passen (over het algemeen) het beste bij partnerschap en vertrouwen en de gewenste lokale verankering van de organisaties. Het subsidieproces biedt veel ruimte voor gesprek en flexibiliteit in de uitvoering van een opdracht, voor zowel de opdrachtgever als opdrachtnemer, bij een inkoopproces is dat vaak complexer.
De gewenste zakelijkheid (organisaties aanspreken op hun resultaten) is ook in subsidierelaties mogelijk. Daarvoor hoeft niet naar een overheidsopdracht uitgeweken te worden. Hiervoor gebruiken we de in de vorige paragraaf genoemde werkwijze van opdrachtgericht samenwerken.
Pagina / 9
3 Subsidiemethodiek De subsidiemethodiek voldoet aan de wens om zowel langdurige als kortdurende ondersteuning te bieden aan organisaties en initiatieven. Het via langdurige subsidies mogelijk maken en waarderen van activiteiten en tegelijkertijd het flexibel inspelen op veranderende behoeften van inwoners en de actualiteit die zich voordoet. Er zijn vier verschillende vormen van subsidies of subsidiemethodieken.
3.1 Structureel: Prestatiesubsidie De prestatiesubsidie is voor organisaties waarvan wij ook een concrete en duidelijk te omschrijven tegenprestatie verwachten (het leveren van jeugd- en jongerenwerk, het uitvoeren van bibliotheekwerk, het exploiteren van een accommodatie). Deze subsidie heeft een cyclisch karakter en is gericht op een structureel aanbod van een organisatie, voorziening en/of relatie De basissubsidie kan worden verleend aan: 1. een (professionele) instelling en/of organisatie waarbij de hoogte van de subsidie direct gekoppeld is aan de kwaliteit en kwantiteit van de uit te voeren activiteiten; of 2. het behoud en/of de realisatie van een voorziening of activiteit die een belangrijke bijdrage levert aan het geformuleerde beleid en de geformuleerde visie; of 3. een beheersorganisatie van een accommodatie die onderdak biedt aan de hiervoor genoemde organisatie, instelling, voorziening en/of activiteit. Randvoorwaarden die gelden bij het in aanmerking komen van een prestatiesubsidie zijn: I. het betreft een organisatie die geen winstoogmerk heeft; II. het aanbod is resultaatgericht en draagt bij aan tenminste één van de beleidsdoelen op het gebied van; buurtschappen, vrijetijdseconomie, cultuur en kunst, jeugd, sport of zorg; III. het aanbod is gericht op inwoners van Hof van Twente en voor activiteiten die vrije tijds economie betreffen (ook) op toeristen; IV.
het aanbod is laagdrempelig, dat wil zeggen: voor iedereen bereikbaar (toegankelijk) en betaalbaar.
3.2 Structureel: Waarderingssubsidie De waarderingssubsidie is een subsidie voor het waarderen van een organisatie. Deze subsidie is een waardering voor verenigingen, stichtingen en/of belangengroepen voor de uitvoering van activiteiten op het terrein van sport, cultuur, zorg, jeugd, buurtschappen en vrijetijdseconomie. Hierbij gaat het altijd om activiteiten die wij als gemeente belangrijk vinden omdat zij op de een of andere manier en in meer of mindere mate bijdragen aan onze beleidsdoelstellingen. De ontvangers van een waarderingssubsidie zijn een minder vast gegeven dan bij de basissubsidies. Soms houden organisaties op te bestaan of vragen zij geen of minder subsidie aan. Dit geeft mogelijkheden om andere nieuwe initiatieven te waarderen (zie ook 4.2). De in de door de Raad vastgestelde begroting opgenomen bedragen (subsidieplafonds) zijn hierbij kaderstellend. Randvoorwaarden die gelden bij het in aanmerking komen van een waarderingssubsidies zijn: 1. het betreft een organisatie die geen winstoogmerk heeft Pagina / 10
2. het aanbod draagt bij aan tenminste één van de beleidsdoelen op het gebied van; buurtschappen, vrijetijdseconomie, cultuur en kunst, jeugd, sport of zorg; 3. het aanbod is gericht op inwoners van Hof van Twente en voor activiteiten die vrije tijds economie betreffen (ook) op toeristen; 4. het aanbod is laagdrempelig, dat wil zeggen: voor iedereen bereikbaar (toegankelijk) en betaalbaar.
3.3 Incidenteel voor investeringen accommodaties: Investeringssubsidie Een investeringssubsidie is een subsidie voor investeringen ten behoeve van accommodaties. Het gaat om een bijdrage van maximaal 30% in de kosten bedoeld voor investeringen in accommodaties die in eigendom zijn van een vereniging of stichting waarbij deze vereniging of stichting met de betreffende accommodatie een bijdrage levert aan de gemeentelijke beleidsdoelen. Voor een investeringssubsidie komt in aanmerking elke vereniging of stichting die met de accommodatie die wordt beheerd, bijdraagt aan de beleidsdoesltellingen van de gemeente. Voor investeringssubsidies geldt niet langer de eis dat zij om voor subsidie in aanmerking te komen, moeten behoren tot wat we voorheen de Basis Infra Structuur noemden. Dit geeft ruimte en mogelijkheden aan partijen die tot nu toe niet voor een investeringssubsidie in aanmerking kwamen.
3.4 Incidenteel voor activiteiten en overige investeringen: het Noaberfonds Hof van Twente kent anno 2025 twee manieren om incidentele subsidie te verlenen voor activiteiten namelijk de subsidieregel eenmalige subsidies en het Noaberfonds. Nadere bestudering van deze twee regelingen leert dat er grote overeenkomsten zijn. Zeker voor wat betreft hetgeen met de regeling wordt beoogd namelijk het incidenteel financieel ondersteunen van initiatieven uit de samenleving die bijdrage aan de gemeentelijke beleidsdoelstellingen in de meest brede zin (waaronder sociaal domein). Het naast elkaar bestaan van deze regelingen is ongewenst. Alhoewel nog niet formeel geëvalueerd, zijn wij enthousiast over het Noaberfonds. Vanwege de inhoudelijke initiatieven die hiermee ondersteund konden worden de afgelopen periode en vanwege het feit dat de beoordeling van aanvragen door inwoners plaatsvindt (via een adviescommissie). Een mooi voorbeeld van inwonerparticipatie. Om deze reden verstrekken we vanaf het subsidiejaar 2027 alleen nog eenmalige subsidies via het Noaberfonds en stellen we voor 2027 en volgende jaren geen beleidsregel voor eenmalige subsidies meer op.
Pagina / 11
4 Blijven ontwikkelen binnen de structurele subsidies In dit hoofdstuk geven we kort weer hoe we in de toekomst om willen gaan met het uitvoeringsbeleid ten aanzien van structurele subsidies, vast te leggen in door het college op te stellen nieuwe beleidsregels..
4.1 Structurele subsidies afgelopen jaren: gesloten systeem Het subsidiebeleid van de afgelopen jaren kenmerkte zich door een gesloten systeem. Instellingen en verenigingen werden aangemerkt als basisvoorziening of ze ontvingen een subsidie die als waarderingssubsidie kan worden aangemerkt. In de beleidsregels werd en wordt concreet omschreven welke instellingen en verenigingen voor welk doel welke subsidie ontvangen. De uitgaven worden begrensd door de subsidieplafonds die jaarlijks via de begroting worden vastgesteld. Specifiek ten aanzien van de investeringssubsidies is het zo dat alleen die instellingen die als basisvoorziening worden aangemerkt hiervoor in aanmerking komen. Met andere woorden: de mogelijkheid voor nieuwe verenigingen en stichtingen om voor een structurele of investeringssubsidie in aanmerking te komen is zeer beperkt. Ondanks het feit dat deze benadering de afgelopen jaren geen grote problemen heeft opgeleverd, wringt het wel. Soms zijn er initiatieven die het verdienen om structureel gewaardeerd te worden door middel van een subsidie. Ook bestaat de behoefte om andere verenigingen en stichtingen dan alleen de basisvoorzieningen voor een investeringssubsidie in aanmerking te brengen.
4.2 Aanpak per 2027: open systeem met ruimte voor nieuwe initiatieven We werken toe naar een systeem waarin we nieuwe initiatieven structureel kunnen subsidiëren. Primair willen we dit bereiken door binnen de bestaande subsidieregels en de hieraan in de begroting gekoppelde budgetten financiële ruimte te creëren. Dit doen we door de komende periode per beleidsregel kritisch te kijken naar de partijen die een waarderingssubsidie ontvangen. Hierbij staan twee vragen centraal namelijk: 1. in hoeverre levert de subsidie ontvangende partij nog een bijdrage aan de beleidsdoelstellingen van de gemeente en 2. in hoeverre is de omvang van de subsidie nog passend bij de bijdrage die de subsidie ontvangende partij levert. Vanwege de werkwijze zoals in 4.2 omschreven was de beoordelen tot nu toe marginaal en zag deze alleen op formele aspecten. De beoordeling die we nu voorstaan is meer inhoudelijk. Dit kan betekenen dat zich een situatie kan voordoen dat partijen die al geruime tijd een subsidie ontvangen deze vanaf 2027 of 2028 niet meer ontvangen of een lager bedrag ontvangen. Voordat we deze beoordeling kunnen maken, bekijken we eerst of de beleidsregels nog voldoende aansluiten bij de (nieuwe of geactualiseerde) visies en beleidsplannen. Hiermee starten we nadat de Raad dit beleidsstuk heeft vastgesteld (gepland september 2025).
De planning is er op gericht om de aangepaste beleidsregels klaar te hebben in mei 2026 zodat ze voor het subsidiejaar 2027 gebruikt kunnen worden. Immers de aanvraagprocedure voor 2027 start op 1 juni 2026 en loopt tot en met 14 september 2026. In de periode 15 september 2026 tot en met 31 december 2026 beoordelen we de aanvragen inhoudelijk. Bij het niet toekennen van een subsidie per 1-1-2027 of het toekennen van Pagina / 12
een lager bedrag moet een overgangstermijn in acht worden genomen. Wij willen dit proces zorgvuldig vormgeven en hierover ook het overleg voeren met de aanvragers. Een tweede manier om nieuwe initiatieven structureel te subsidiëren is door gedeeltelijke inzet van het budget eenmalige subsidies. Zie hiervoor hoofdstuk 5.
Pagina / 13
5 Financiële aspecten nieuw subsidiebeleid De inhoudelijke wijzigingen met ingang van 2027 zoals hiervoor weergegeven zijn: De mogelijkheid voor alle partijen die bijdragen aan gemeentelijke beleidsdoestellingen om voor een investeringssubsidie in aanmerking te komen (3.3). Het beoordelen en betalen van aanvragen om eenmalige subsidies via het Noaberfonds en niet langer via een beleidsregel eenmalige subsidies (3.4) De mogelijkheid creëren om nieuwe partijen structureel kunnen subsidiëren (waarderingssubsidie). Deze wijzigingen hebben financiële consequenties. Deze willen wij zoveel mogelijk oplossen binnen de begroting. Investeringssubsidie Door het openstellen van de beleidsregel investeringssubsidie voor meer partijen neemt de druk op het jaarlijks hiervoor in de begroting opgenomen bedrag van € 161.500,00 verder toe als ook meer partijen een aanvraag indienen. Ons uitgangspunt is dat we binnen het in de begroting opgenomen bedrag blijven. Dit realiseren we dan door per aanvraag een lagere bijdrage uit te keren. Het is ook nu al de werkwijze om het beschikbare bedrag te verdelen over het aantal aanvragers. Daarom is in de beleidsregel de bepaling opgenomen dat maximaal 30% van de noodzakelijke investeringen wordt vergoed.
Per jaar kunnen we het deel van de middelen “eenmalige subsidies” dat we niet structureel inzetten, toevoegen aan het budget voor de investeringssubsidies. Noaberfonds Het Noaberfonds kent een looptijd tot en met 2027. Dit heeft te maken met de financiering via de middelen themanoties die in de tijd beperkt is. In de reserve sociaal domein zit nog een bedrag van € 97.807,00 dat in 2021 door de Gemeenteraad is beschikt voor het afwegingskader sociale initiatieven. Dit is vergelijkbaar met het Noaberfonds. Daarom stellen we voor om (een deel van) dit budget toe te voegen aan het Noaberfonds om daarmee tot en met 2027 een financieel sluitend verhaal te hebben. Structurele waarderingssubsidie Wanneer we nieuwe partijen structureel willen subsidiëren (4.2) en binnen de betreffende beleidsregel kan geen financiële ruimte worden gevonden dan verlagen we de post “eenmalige subsidies” met het hiervoor benodigde bedrag tot maximaal € 30.000,00. Voorbeeld: hoe werkt het in de praktijk. In mei 2026 zijn de subsidieregels voor 2027 vastgesteld.. Vereniging A dient in juni 2026 een aanvraag in voor structurele subsidie voor activiteiten die qua inhoud bijdragen aan de gemeentelijke doelstellingen en die voldoen aan de criteria van subsidieregel 3. Het college vindt na beoordeling van de aanvraag een subsidie van € 2.000,00 reëel is.
Het college neemt een besluit om subsidieregel 3 Zorg aan te passen door het subsidieplafond van subsidieregel 3 structureel te verhogen met € 2.000. De € 2.000 wordt gedekt uit de begrotingspost “eenmalige subsidies”. In 2028 is vervolgens nog € 30.000 - € 2.000 = € 28.000 structureel beschikbaar.
Pagina / 14
Op begrotingsbasis kan dit er als volgt uit zien: 1 Noaberfonds restant vorig jaar 2 Noaberfonds begroot 3 afwegingskader sociale initiatieven 4 TOTAAL MIDDELEN 5 Begrote Uitgaven 6 Resteert (naar volgend jaar) 1) 2) 3)
4) 5) 6)
2025 2026 2027 € 105.000 € 120.000 € 75.000 € 75.000 € 75.000 € 75.000 € 50.000 € 230.000 € 195.000 € 150.000 € 110.000 € 120.000 € 150.000 € 120.000 € 75.000 €0
Het bedrag dat van voorgaand jaar beschikbaar is. 2025 is feitelijk op basis van de jaarrekening 2024 en de volgende jaren is op begrotingsbasis. De middelen die in de begroting zijn opgenomen voor het Noaberfonds. Dit betreft een deel van het budget afwegingskader sociale initiatieven dat nog in de reserve sociaal domein zit. Omdat het doel van dit afwegingskader min of meer te vergelijken is met het Noaberfonds worden deze middelen toegevoegd aan het Noaberfonds. Het totaal van de regels 1 tot en met 3 De verwachte uitgaven op begrotingsbasis. Gebaseerd op 2024 en 1e helft 2025. Het bedrag van beschikbaar budget minus uitgaven dat wordt overgeheveld naar volgend jaar.
Het Noaberfonds is in de huidige opzet tijdelijk van aard want tijdelijk gefinancierd uit middelen Themanoties. Deze hebben een looptijd tot en met 2027. Indien na een positieve evaluatie van het Noaberfonds een voortzetting na 2027 overwogen wordt dan zal via de integrale afweging van nieuw beleid bij de Kadernota de Gemeenteraad aanvullend budget beschikbaar moeten stellen.
Pagina / 15
Bijlage 1: Inzicht per beleidsterrein. Deze bijlage is bedoeld om op hoofdlijnen een beeld te geven van de beleidsterreinen die wij met ons subsidiebeleid stimuleren. Per beleidsveld geven wij aan de onderliggende visie, de ontvangende subsidiepartijen (op hoofdlijnen) en de subsidiebedragen(het subsidieplafond per 2025 verdeeld naar basissubsidies en waarderingssubsidies. De bijlage heeft geen formele status (zie ook § 1.2). Beleidsterrein 1. Sport Onderliggende visie of beleidsdocument Subsidievorm Subsidie ontvangers Waardering Sportverenigingen die structurele activiteiten organiseren voor mensen met een beperking. Stichting Twentse Sportbelangen (rolstoelvierdaagse Delden)
Pagina / 16
De Visie op Sociaal Domein: De Gezonde Verbinding. Subsidiebedrag (plafond) € 18.597,00
Beleidsterrein 2a. CULTUUR Informatievoorziening en Media Onderliggende visie of beleidsdocument Visie op het Sociaal Domein: De Gezonde Verbinding. Cultuurvisie: Samen Vooruit, Samen Verbonden. Subsidievorm Subsidie ontvangers Subsidiebedrag (plafond) Prestatie Bibliotheek € 962.211,00 LO Hofstreek FM
Beleidsterrein 2b. CULTUUR Muziek- en cultuureducatie Onderliggende visie of beleidsdocument Visie op het Sociaal Domein: De Gezonde Verbinding. Cultuurvisie: Samen Vooruit, Samen Verbonden Subsidievorm Subsidie ontvangers Subsidiebedrag (plafond) Prestatie Home of Talents € 545.186,00 Cubahof Waardering Verschillende verenigingen € 102.500,00
Beleidsterrein 2c. CULTUUR Theaterwerk Onderliggende visie of beleidsdocument Subsidievorm Subsidie ontvangers Prestatie De Reggehof
Cultuurvisie: Samen Vooruit, Samen Verbonden Subsidiebedrag (plafond) € 671.865,00
Beleidsterrein 2d. CULTUUR Cultureel Erfgoed Onderliggende visie of beleidsdocument Cultuurvisie: Samen Vooruit, Samen Verbonden Subsidievorm Subsidie ontvangers Subsidiebedrag (plafond) Waardering Diverse verenigingen 51.604
Beleidsterrein 2e. CULTUUR Kunst Onderliggende visie of beleidsdocument Beleidsdoelstelling
Subsidievorm Subsidie ontvangers Prestatie St. De Zwaan Diepenheim St. Cultureel Centrum Herberg De Pol Diepenheim Drawing Centre Diepenheim Waardering Diverse verenigingen
Cultuurvisie: Samen Vooruit, Samen Verbonden In stand houden en beheren van kunst in de openbare ruimte. Het bevorderen van een zo groot en breed mogelijk cultuurbereik. Inwoners en bezoekers den gemeente Hof van Twente in aanraking laten komen met kunstuitingen van moderne kunst op hoog niveau Subsidiebedrag (plafond) 201.368
45.935 Pagina / 17
Beleidsterrein 2f. CULTUUR Organisatie Oranje activiteiten Onderliggende visie of beleidsdocument Cultuurvisie: Samen Vooruit, Samen Verbonden Beleidsdoelstelling Het organiseren van oranje activiteiten op of rondom de verjaardag van koning Willem Alexander Subsidievorm Subsidie ontvangers Subsidiebedrag (plafond) Waardering Diverse verenigingen 11.622
Pagina / 18
Beleidsterrein 3a. ZORG Professionele ondersteuning Onderliggende visie of beleidsdocument Visie op het Sociaal Domein: De Gezonde Verbinding Beleidsdoelstelling Subsidievorm Subsidie ontvangers Subsidiebedrag (plafond) Prestatie Stichting Salut 2.472.316 Beleidsterrein 3b ZORG Zorg en ondersteuning, participatie ouderen Onderliggende visie of beleidsdocument Beleidsdoelstelling Subsidievorm Subsidie ontvangers Subsidiebedrag (plafond) Waardering Diverse partijen
79.914
Beleidsterrein 3c ZORG Bevorderen participatie door buurtverenigingen Onderliggende visie of beleidsdocument Beleidsdoelstelling Subsidievorm Subsidie ontvangers Subsidiebedrag (plafond) Waardering Diverse Partijen
4.290
Beleidsterrein 3d ZORG Organiseren van voorliggende dagbestedingsactiviteiten met behulp van vrijwilligers Onderliggende visie of beleidsdocument Subsidievorm Subsidie ontvangers Subsidiebedrag (plafond) Prestatie Stichting Franje 60.696
Beleidsterrein 3e ZORG In stand houden van een wijkvoorziening en het organiseren van bij een wijkvoorziening passende activiteiten. Onderliggende visie of beleidsdocument Subsidievorm Subsidie ontvangers Subsidiebedrag (plafond) Prestatie Stichting ’t Doesgoor 135.946 Rood Zwart Delden (Noaberhoes)
Beleidsterrein 4a. JEUGD Activiteiten Onderliggende visie of beleidsdocument Subsidievorm Subsidie ontvangers Waardering Diverse partijen
Subsidiebedrag (plafond)
Beleidsterrein 4b JEUGD Vrijwillig Jeugd en Jongerenwerk Onderliggende visie of beleidsdocument Subsidievorm Subsidie ontvangers Subsidiebedrag (plafond) Waardering Diverse partijen
24.930
10.322
Pagina / 19
Beleidsterrein 5 ACCOMMODATIES Investeringen Onderliggende visie of beleidsdocument Subsidievorm Subsidie ontvangers Subsidiebedrag (plafond) Investering Diverse aanvragers per jaar wisselend.
123.607
Beleidsterrein 5 ACCOMMODATIES Beheer en exploitatie maatschappelijk vastgoed Onderliggende visie of beleidsdocument Subsidievorm Subsidie ontvangers Subsidiebedrag (plafond) Prestatie Stichting tot Exploitatie van 1.357.969 Indoor Accommodaties Goor Stichting Beheer Registergoederen Delden Stichting Sport en Gemeenschapscentra Hengevelde Stichting De Pol Bentelo Stichting Sporthal De Haverkamp Markelo Stichting Sportzaal Stedeke Diepenheim Stichting Cultureel Centrum Het Beaufort Markelo
Beleidsterrein 6 BUURTSCHAPPEN Accommodaties Onderliggende visie of beleidsdocument Subsidievorm Subsidie ontvangers Subsidiebedrag (plafond) Diverse partijen
45.421
Beleidsterrein 6 BUURTSCHAPPEN Activiteiten Onderliggende visie of beleidsdocument Visie op Platteland, volgt nog. Subsidievorm Subsidie ontvangers Subsidiebedrag (plafond) Waardering Diverse partijen
35.154
Beleidsterrein 6 BUURTSCHAPPEN Belangenbehartiging Onderliggende visie of beleidsdocument Subsidievorm Subsidie ontvangers Subsidiebedrag (plafond) Waardering Diverse partijen
2.390
Beleidsterrein 7 PROMOTIE VAN DE KERNEN Onderliggende visie of beleidsdocument Visie op Vrijetijdseconomie Subsidievorm Subsidie ontvangers Subsidiebedrag (plafond) Waardering Diverse partijen
16.037
Pagina / 20
Beleidsterrein 8a RECREATIE EN TOERISME Onderliggende visie of beleidsdocument Subsidievorm Subsidie ontvangers Subsidiebedrag (plafond) Prestatie Hofmarketing
122.895
Beleidsterrein 11 DORPS- EN STADSRADEN Onderliggende visie of beleidsdocument Subsidievorm Subsidie ontvangers Subsidiebedrag (plafond) Waardering Diverse partijen
5.380
Pagina / 21
Sociaal Domein de Höfte 7, 7471 DK Goor Postbus 54, 7470 AB Goor 0547 – 85 85 85 info@hofvantwente.nl
Pagina / 22