CConstaterende datHofvantwente
Koppel je AI →
Document · PDF

2.c Programmabegroting_2023_Recreatieschap_Twente.pdf

Gemeenteraad 14 juni 2022, gemeente HofvantwenteBij agendapunt: 11: Ontwerpbegrotingen gemeenschappelijke regelingen 20238.909 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

– Programmabegroting 2023

Voorwoord

Programmabegroting 2023

Voorwoord Voor u ligt de tweede begroting van het Recreatieschap Twente. In de afgelopen jaren is hard gewerkt aan de transitie van Regio Twente onder de noemer “Twente Vooruit’, versterking regionale samenwerking door focus en eenvoud. In het kader van deze transitie is op 27 januari 2021 in het algemeen bestuur van Regio Twente besloten voor het onderdeel Recreatieve Voorzieningen een aparte rechtspersoon op te richten, de Bedrijfsvoeringsorganisatie (BVO) Recreatieschap Twente. Met toestemming van de raden hebben alle colleges van burgemeester en wethouders de Regeling Recreatieschap Twente vastgesteld, die op 1 januari 2022 in werking is getreden. Op 12 januari 2022 is het nieuwe bestuur geïnstalleerd en is uit hun midden de voorzitter gekozen. Tevens zijn de directeur en plaatsvervangend directeur benoemd waardoor de organisatie een start heeft kunnen maken. De nu voorliggende Begroting 2023 voor het Recreatieschap wijkt inhoudelijk niet af van de programmabegroting. De bedrijfsvoering van het recreatieschap wordt uitgevoerd door de Gemeenschappelijke Regeling (GR) Samen Twente waarmee een dienst verlenings overeenkomst (DVO) is gesloten. Door de duidelijke DVO met de GR Samen Twente een separate administratie, blijft er een heldere en transparante scheiding tussen de financiën van het Recreatieschap Twente en de GR Samen Twente.

Met de nieuwe bedrijfsvoerings-GR zal de bestuurlijke focus scherper dan voorheen liggen op de taken binnen het Recreatieschap. Deze taken zijn o Exploitatie en beheer van de recreatieparken Hulsbeek (Oldenzaal), Rutbeek (Enschede) en Lageveld (Wierden). o Onderhoud van 380 km recreatieve Twentse fietspaden. o Ontwikkeling, beheer en onderhoud van ruim 10.000 km aan routes voor fietsen, wandelen, mountainbiken, paardrijden en auto’s door Routenetwerken Twente. o Toeristische promotie en Marketing. Als Recreatieschap zijn we trots om te mogen werken aan prachtige recreatie mogelijkheden waarvan zowel de inwoner van Twente als de toerist kan genieten, beleven en bewegen. De parken, fietspaden en routes leveren daarnaast direct en indirect een belangrijke maatschappelijke bijdrage aan de leefbaarheid, gezondheid, natuurbeleving en vrijetijdsbesteding van de Twentse inwoners.

Jan Kloots Secretaris / directeur Recreatieschap Twente a.i.

◄Inhoudsopgave

2

Inhoudsopgave

Programmabegroting 2023

Inhoudsopgave Voorwoord ....................................................................................................................... 2 1.

Financiële Samenvatting.......................................................................................... 4

2.

Inleiding en leeswijzer ............................................................................................ 5

3. Beleidsbegroting .......................................................................................................... 6 3.1 Programma Recreatieve Voorzieningen .......................................................................... 6 3.2 Programma Vrije tijdseconomie .................................................................................... 9 3.3 Totaal overzicht baten en lasten Recreatieschap Twente ................................................. 10 3.4 Beleidsindicatoren BBV ............................................................................................... 10 3.5 Overzicht van de kosten van overhead.......................................................................... 10 3.6 Overzicht algemene dekkingsmiddelen.......................................................................... 10 4.

Specificatie baten en lasten ................................................................................... 11

5. Paragrafen ............................................................................................................. 13 5.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing ..................................................................... 13 5.2 Onderhoud kapitaalgoederen ....................................................................................... 17 5.3 Bedrijfsvoering .......................................................................................................... 19 6. Financiële begroting .............................................................................................. 23 6.1 Overzicht van baten en lasten...................................................................................... 23 6.2 Toelichting op het overzicht van baten en lasten ............................................................ 25 6.2.1 Overzicht van baten en lasten per taakveld ........................................................... 26 6.2.2 Overzicht van geraamde incidentele baten en lasten ................................................. 26 6.3 Uiteenzetting van de financiële positie en de toelichting .................................................. 27 6.3.1 Geprognosticeerde balans ...................................................................................

27 6.3.2 Berekening EMU-saldo .......................................................................................... 28 6.3.3 Verloopoverzicht voorzieningen .............................................................................. 29 6.3.4 Arbeidskosten gerelateerde verplichtingen ............................................................ 29 6.3.5 Investeringen .................................................................................................... 29 Bijlagen .......................................................................................................................... 30 Gemeentelijke bijdrage 2023 per taakveld ..................................................................... 30 Lijst van figuren en tabellen Figuur 1 Specificatie herkomst van de baten .......................................................................... 11 Figuur 2 Specificatie besteding lasten ................................................................................... 12 Tabel 1 Overzicht van baten en lasten en gemeentelijke bijdrage 2023 inclusief taakvelden ......... 4 Tabel 2 Beleidsindicatoren ................................................................................................... 10 Tabel 3 Overzicht algemene dekkingsmiddelen.......................................................................

10 Tabel 5 Overzicht beschikbare weerstandscapaciteit ............................................................... 14 Tabel 6 Samenvattend overzicht geïnventariseerde risico's. ..................................................... 15 Tabel 7 Ratio weerstandsvermogen ...................................................................................... 15 Tabel 10 Renterisiconorm .................................................................................................... 21 Tabel 11 Overzicht van baten en lasten ................................................................................. 23 Tabel 14 Verloopoverzicht voorzieningen ............................................................................... 29 Tabel 15 Arbeidskosten gerelateerde verplichtingen ................................................................ 29 Tabel 16 Herinvesteringen ................................................................................................... 29

3

Samenvatting

Programmabegroting 2023

1. Financiële Samenvatting Overzicht van baten en lasten 2023 en gemeentelijke bijdrage Het overzicht van baten en lasten, de financiële uitgangs- en aandachtspunten bij de begroting 2023 en de meerjarenraming 2024-2026 vormen samen het deel van de financiële programmabegroting. Onderstaand een samenvatting van het overzicht van baten en lasten inclusief taakvelden voor het jaar 2023. Programma (bedragen in €) Code 5.7 Recreatieschap Twente 3.1 0.4 Totaal Totaal saldo van baten en lasten

Taakveld Openbaar groen en (openlucht) recreatie Economische ontwikkeling Overhead

Algemene dekkingsmiddelen (gemeentelijke bijdrage) Resultaat

Lasten 2.853.210 651.679 736.121 4.241.009 4.241.009 4.241.009 -

Baten 1.258.314 1.258.314 1.258.314 1.258.314 -

Gem. bijdrage 1.594.896 651.679 736.121 2.982.695 2.982.695 2.982.695 -

Tabel 1 Overzicht van baten en lasten en gemeentelijke bijdrage 2023 inclusief taakvelden

◄Inhoudsopgave

4

Vaststelling

Programmabegroting 2023

2. Inleiding en leeswijzer De programmabegroting De programmabegroting omvat het geheel van taken en activiteiten van Recreatieschap Twente. Ze heeft een kader stellende functie: ze wijst gelden toe aan programma’s en autoriseert de besteding van die gelden. Op deze wijze ondersteunt ze het bestuur bij de uitvoering van zijn controlerende en kader stellende taak en het budgetrecht. Zowel de begroting als de jaarstukken zijn in het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) in de vier onderstaande onderdelen verdeeld:

Begroting Beleidsbegroting Financiële begroting

Jaarstukken 1. Programmaplan 2. Paragrafen 3. Overzicht van baten en lasten en de toelichting 4. Uiteenzetting van de financiële positie en de toelichting

Jaarverslag

Jaarrekening

1. Programmaverantwoording 2. Paragrafen 3. Programmarekening 4. Balans

Leeswijzer Deze leeswijzer maakt u wegwijs in de programmabegroting. In de inleidende hoofdstukken 1 en 2 staat de samenvatting aangevuld met de inhoud en achtergronden van de programmabegroting. Vanaf hoofdstuk 3 treft u de beleidsbegroting aan. Vanaf hoofdstuk 13 wordt inzicht gegeven in de financiële begroting. Beleidsbegroting De beleidsbegroting omvat programma’s, samenhangende sub programma’s en paragrafen. In de programma’s en sub programma’s wordt ingegaan op de maatschappelijke effecten en de manier waarop Recreatieschap Twente die effecten wil realiseren. Dit gebeurt aan de hand van de, door BBV verplichte, volgens de drie W-vragen: 1. Wat willen we bereiken? 2. Waarmee/hoe gaan we dit doen? 3. Wat gaat het kosten (overzicht baten en lasten)? De eerste vraag betreft het beoogde maatschappelijke effect, dat kan worden vertaald in één of meerdere algemene beleidsdoelstellingen. Dit wordt uitgewerkt in een programma. De tweede vraag gaat in op activiteiten in termen van de ‘output-/outcome gegevens’ die nodig zijn voor het bereiken van het beoogde maatschappelijke effect. Dit wordt beschreven in de sub programma’s die bij het betreffende programma horen, of in het programma zelf als geen sub programma’s aanwezig zijn.

De derde vraag heeft betrekking op de baten en lasten die aan het programma, respectievelijk het sub programma, worden toegewezen om de gewenste effecten te bereiken. De paragrafen van de programmabegroting geven een dwarsdoorsnede van de financiële aspecten, vanuit een bepaald perspectief. Het gaat daarbij om onderwerpen die van belang zijn voor het inzicht in de financiële positie van Recreatieschap Twente. Dit betreft weerstandsvermogen en risicobeheersing, onderhoud kapitaalgoederen, bedrijfsvoering, verbonden partijen, financiering en rechtmatigheid. Financiële begroting Door vaststelling van deze begroting wordt het dagelijks bestuur geautoriseerd, tot het doen van uitgaven voor realisatie van de programma’s.

◄Inhoudsopgave

5

Programmaplan

Programmabegroting 2023

3. Beleidsbegroting 3.1 Programma Recreatieve Voorzieningen Verantwoordelijkheid van en besluitvorming in Programmamanager

Bestuur Recreatieschap Twente ing. J. Kloots

Inleiding Per 1 januari 2022 is Recreatieschap Twente verantwoordelijk voor de exploitatie van de recreatieparken Hulsbeek, Rutbeek en Lageveld. Daarnaast beheert en onderhoudt Recreatieschap Twente de recreatieve Twentse fietspaden en de diverse routesystemen voor fietsen, wandelen, mountainbiken, paardrijden en auto’s (inclusief alle informatielocaties). Deze voorzieningen zijn gericht op de Twentse inwoner en op de toerist en bieden volop gelegenheid tot ontspanning en beweging in een fraaie omgeving. Hierdoor dragen de parken, fietspaden en routes bij aan een gezond en vitaal Twente. Daarnaast vormen met name het netwerk van de fietspaden en de kwalitatief hoog aangeschreven routesystemen in Twente voor de toerist een belangrijk criterium om Twente te kiezen voor een (korte) vakantiebestemming. Belangrijke ontwikkelingen waarmee Recreatieve Voorzieningen te maken heeft zijn: • Financiële taakstelling ten aanzien van het rendement van de recreatieparken en de sterk stijgende kosten van beheer en onderhoud. • Het risico van het aanhouden of opnieuw oplaaien van de coronapandemie, waardoor evenementen op de parken opnieuw niet doorgaan, ondernemingen op de parken moeten sluiten, extra handhaving dient plaats te vinden en extra onderhoud als gevolg van sterk toegenomen gebruik van de parken, routes en fietspaden.

• Grote noodzaak tot permanente doorontwikkeling van routes voor met name wandelen en fietsen i.v.m. de "concurrentie" met andere gebieden . Overigens blijkt de bekendheid van Twente wel toe te nemen. • Fors toegenomen areaal aan routes en daarmee toename van het onderhoud. • Sterke toename van het aantal juridische procedures bij de mountainbikeroutes. Deze door derden aangespannen procedures hebben betrekking op de bescherming van natuur of diersoorten of aansprakelijkheidstellingen bij ongevallen met mountainbikers. Speerpunten Naast de reguliere exploitatie en het beheer zijn de speerpunten voor de komende jaren: •

•

Het op niveau houden van de routenetwerken voor fietsen, wandelen, paardrijden en mountainbiken en het zorgdragen voor een efficiënt beheer en een verbeterde digitale bereikbaarheid van de routes. Daarbij, voor zover mogelijk, gebruik maken van subsidies van derden en de samenwerking met de andere routebureaus in Overijssel en de Marketingorganisaties verstevigen. Daarnaast aanpassing van routes als gevolg van natuurbelangen. Conform het huidige beleid streven naar meer en breder gebruik van de recreatieparken (toename maatschappelijk rendement) en naar een verdere verbetering van de exploitatie van de recreatieparken. Dit uit te voeren door het huidige stringente bezuinigingsbeleid te handhaven en daarnaast te zorgen voor extra inkomsten uit pacht, activiteiten, evenementen en parkeren.

Kaderstellende beleidsnota’s Beleidsnota

Vastgesteld door

Datum vaststelling

KplusV: onderzoek inzake de toekomst van de recreatieparken Hulsbeek, Rutbeek en Lageveld. Parken worden door Regio Twente geëxploiteerd (d.w.z. geen overdracht naar de markt) met daarbij een scherpe financiële taakstelling. Adviezen visitatiecommissie Regioraad

Algemeen bestuur Regio Twente

12 november 2014

Regioraad Regio Twente Dagelijks bestuur Regio Twente

3 juli 2013

Rendementsverbetering recreatieparken Regio Twente

◄Inhoudsopgave

december 2011

6

Programmaplan

Programmabegroting 2023

Werkzaamheden Wat willen we bereiken? 1. Stimuleren van een veilig en zo intensief mogelijk gebruik van de recreatieparken en het verbeteren van het financiële rendement van de recreatieparken. 2. Stimuleren van een veilig en zo intensief gebruik van de toeristische routenetwerken, te weten het wandel-, fiets-, paardrijd- MTB-netwerken, alsmede de recreatieve fietspaden. Hoe gaan we dit doen? Recreatieparken Recreatieschap Twente streeft naar meer bezoek aan de parken door deze voortdurend aantrekkelijker te maken voor het publiek en voert hiervoor nieuwe projecten en verbeteringen uit. Ook ligt de focus op een verdere verlaging van de uitgaven van de beheerkosten en een toename van de inkomsten (verbetering rendement). Hierbij worden alle mogelijkheden onderzocht en benut om er voor te zorgen dat het stopzetten van de provinciale exploitatiesubsidie (met een afkoopsom om het hierdoor ontstane exploitatietekort af te dekken) niet leidt tot verhoging van de gemeentelijke bijdrage aan de recreatieve infrastructuur. Probleempunt daarbij is wel, dat de budgetten voor beheer en onderhoud sterk onder druk staan door de stijgende kosten van inhuur en werkzaamheden/materialen. Ook zal het onverhoopt nog langer aanhouden van de coronapandemie leiden tot extra kosten en minder inkomsten.

De verhoging van de inkomsten geschiedt door meer evenementen op de parken te (laten) organiseren en door de vestiging van nieuwe bedrijven/pachters. In het oog springende werkzaamheden/ projecten voor 2023 zijn: • • • • • • • • • • •

Afronden van de planologische procedure (door derden) van het bungalowterrein op het Rutbeek en zo mogelijk de start van de aanleg; dit project ligt overigens door de landelijke stikstofdiscussie al enige tijd stil. Realiseren van werkzaamheden ten behoeve van nieuwe pachters (o.a. Skydive op het Hulsbeek, camperparkeerplaats op het Lageveld) Binnenhalen van nieuwe pachters op het Hulsbeek, het Lageveld en het Rutbeek en meewerken aan de doorontwikkeling van de bedrijven op deze parken; laten herontwikkelen van het paviljoen Rutbeek door een ondernemer. Binnenhalen van extra evenementen, zo mogelijk in of direct aan het water; Versterking samenwerking met/aanjagen van initiatieven van scholen en verenigingen (vergroten maatschappelijk rendement) Benutten van het Lageveld als proeftuin voor civieltechnische oplossingen, uiteraard mits dit niet ten koste gaat van de dagrecreatieve functie Diverse projecten op de parken om deze aantrekkelijk te houden voor publiek, bv. sport- en speelvoorzieningen Samenwerken met gemeenten op het vlak van toezicht bij de recreatieparken Onderhouds- en renovatiewerkzaamheden aan parken, routes en recreatieve fietspaden. Uitvoering onderhoudswerkzaamheden door medewerkers met afstand tot de arbeidsmarkt Stimuleren van de verkoop van parkeerpassen

Routenetwerken Getracht wordt de routes voortdurend aan te passen en deze steeds aantrekkelijker te maken voor het publiek. Hierbij ook letten op de veiligheids- en natuuraspecten. In dit kader periodieke inspecties van de routes i.v.m. verzekeringsvoorwaarden. Ook wordt een goed en adequaat beheer gevoerd en zal de website voortdurend worden bijgehouden i.v.m. een goede digitale bereikbaarheid. Tevens zorgdragen voor goed kaartmateriaal. Voor de kosten van de doorontwikkeling en het beheer van de routes proberen externe subsidies te verwerven en daarnaast participeren in landelijk onderzoek naar de mogelijkheden van inkomsten voor Routebureaus (bv vignetten voor mountainbikeroutes). Tevens is de samenwerking van de Overijsselse routebureaus geïntensiveerd. Bij deze samenwerking wordt het Twentse voorbeeld gevolgd. Deze intensieve samenwerking vergroot ook de kans op subsidies/bijdragen.

◄Inhoudsopgave

7

Programmaplan

Programmabegroting 2023

Bij het beheer van de fietspaden en de routes wordt de samenwerking met gemeenten en met de andere, relevante partijen waar mogelijk geïntensiveerd. Kansen op het vlak van inzet van personen ’met afstand tot de arbeidsmarkt’ uit de diverse gemeenten worden ook bij Routenetwerken zoveel als mogelijk benut

Indicatoren 1.

Nog nader te bepalen

Huidig niveau 2022

Ambitie niveau 2023

-

-

Overzicht van baten en lasten Recreatieve Voorzieningen (bedragen in €)

Baten

Lasten

Saldo

Het Hulsbeek

483.502

614.522

131.020

Het Rutbeek

369.858

564.533

194.674

Het Lageveld

150.775

352.084

201.309

Fietspaden

22.500

465.850

443.349

Routenetwerken

75.000

622.092

547.092

Beleid en strategie

156.678

234.129

77.451

PIOFJACH-overhead

0

573.691

573.691

Ondersteuning en leiding

0

162.429

162.429

3.589.330

2.331.016

Totaal (gemeentelijke bijdrage) 1.258.314

Taakstelling In het saldo van Recreatieve Voorzieningen is een nog resterende taakstelling verwerkt van afgerond € 157.000. In 2021 is de begroting van Recreatieve Voorzieningen verder geactualiseerd aan zowel de lasten als de baten kant met raming van aanvullingen op het gebied van erfpacht- en parkeerinkomsten. Met de aanvullende baten op het gebied van parkeerinkomsten is vanaf 2021 de resterende taakstelling van € 237.000 verlaagd met € 80.000 naar een nog in te vullen taakstelling van bijna € 157.000 structureel. In 2013 heeft de Provincie Overijssel de jaarlijkse onderhoudsbijdrage afgekocht. Deze afkoopsom is gereserveerd. In verband met het vervallen van de jaarlijkse bijdrage moest Recreatieve Voorzieningen initieel totaal € 603.885 bezuinigen. De afspraak met het algemeen bestuur is dat voor zover deze taakstelling niet wordt gerealiseerd, deze onttrokken wordt aan de hiervoor ingestelde reserve Provinciale bijdrage. Maatregelen om te komen tot structurele invulling van de taakstelling zijn het verder verhogen van de parkeerinkomsten op de drie recreatieparken alsmede inkomsten uit evenementen en de verwachte erfpacht opbrengsten naar aanleiding van het te realiseren bungalow park op Het Rutbeek.

◄Inhoudsopgave

8

Programmaplan

Programmabegroting 2023

3.2 Programma Vrije tijdseconomie Verantwoordelijkheid van en besluitvorming in Programmamanager

Bestuur Recreatieschap Twente ing. J. Kloots

Wat willen we bereiken? Een regio met een sterke vrijetijdseconomie. Hiervoor hebben we samen met Twente Board en Marketing Oost de volgende doelstelling geformuleerd: “Het versterken van de Twentse economie, waar de vrijetijdseconomie een belangrijk onderdeel van is. Het marketingcommunicatieplan draagt hiertoe bij en heeft als doel het aantal toeristen en de toeristische bestedingen in Twente te verhogen.” Hoe gaan we dit doen? “Er wordt gewerkt aan een aantrekkelijke en bewuste bestemming voor (toekomstige) bezoekers, bewoners en talenten (human capital). Dit wordt gedaan vanuit de kracht van de vrijetijdseconomie door de inzet van vier speerpunten: smart data (voorheen borging), integraal gebiedsontwikkeling en management (voorheen binding), het aanjagen van aanbodontwikkeling (voorheen binding) en bestemmingsvermarkting (voorheen branding). Het plan maakt onderscheid tussen de nationale en de internationale markt volgens het leefstijlenmodel. De activiteiten en producten zijn beschreven en de kosten zijn begroot”. Bovenstaande tekst maakt ook integraal onderdeel uit van de subsidie aanvraag van Marketing Oost. Een subsidie die door Recreatieschap Twente, na positief advies vanuit Twente Board, zal worden verstrekt en beheerd.

Kaderstellende beleidsnota’s Beleidsnota Wij zijn Twente – visie Vrijetijdseconomie Programma Gastvrij Overijssel 2020-2023 Marketing Visie Toerisme Twente 2022 Wat gaat het kosten? Vrije tijdseconomie (Bedragen in €)

Vastgesteld door PHO VTE Gastvrij Overijssel Gastvrij Twente

Datum vaststelling December 2015 Maart 2016 Oktober 2017

Baten

Lasten

Saldo

Vrije tijdseconomie (subsidie Marketing Oost)

0

651.679

651.679

Gemeentelijke bijdrage

0

651.679

651.679

De subsidie is gebaseerd op besluitvorming in de vergadering van het algemeen bestuur van Regio Twente op 27 september 2017. Hierbij is besloten tot een subsidie van € 1,- per inwoner welke zal worden geïndexeerd met het toe te passen percentage prijscompensatie voor verbonden partijen, zoals afgegeven door de Twentse gemeenten. Deze indexatie zal met ingang van het begrotingsjaar 2023 worden toegepast.

◄Inhoudsopgave

9

Programmaplan

Programmabegroting 2023

3.3 Totaal overzicht baten en lasten Recreatieschap Twente Recreatieschap Twente (bedragen in €)

Baten

Recreatieve voorzieningen

1.258.314

3.589.330

2.331.016

0

651.679

651.679

1.258.314

4.241.009

2.982.695

Vrije tijdseconomie (subsidie Marketing Oost) Totaal (Gemeentelijke bijdrage)

Lasten

Saldo

3.4 Beleidsindicatoren BBV Hieronder treft u een overzicht aan van de verplichte beleidsindicatoren. Aangezien het Recreatieschap Twente start per 1-1-2022 zijn er geen indicatoren van eerdere jaren beschikbaar. Indicator

2022

2023

0,02

0,02

Formatie FTE per 1.000 inwoners Apparaatskosten Kosten per inwoner

€

3,20

€

3,47

Externe inhuur Kosten als % van totale loonsom plus kosten inhuur externen

31,68%

32,65%

Overhead % van totale lasten

18,88%

17,36%

Tabel 2 Beleidsindicatoren

3.5 Overzicht van de kosten van overhead Het is wettelijke voorgeschreven dat de overhead apart wordt gepresenteerd. Deze wordt inzichtelijk gemaakt door deze centraal te begroten op taakveld 0.4. Overhead bevat alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Wij onderscheiden in de overhead twee categorieën: 1. Generieke overhead. Dit is de indirecte overhead. Met andere woorden, alle kosten van de ondersteunende taken binnen de zogenaamde PIOFJACH-functies. 2. Specifieke overhead. Dit is de directe overhead. Met andere woorden, dit is de programmaoverhead en betreft alle kosten van leidinggevende en ondersteunende functies die binnen de programma’s zijn georganiseerd. Omschrijving (bedragen in €)

Baten

Lasten

Saldo

Generieke overhead (PIOFJACH overhead)

-

573.691

573.691

Specifieke overhead (Programma overhead) Totaal

-

162.429

162.429

-

736.121

736.121

3.6 Overzicht algemene dekkingsmiddelen Onderstaand geven we inzicht in de algemene dekkingsmiddelen (gesaldeerd: lasten en baten). Algemene dekkingsmiddelen (bedragen in €) Begroting 2023 Gemeentelijke bijdrage 2.982.695 Treasury 0 Totaal 2.982.695 Tabel 3 Overzicht algemene dekkingsmiddelen

◄Inhoudsopgave

10

Programmaplan

Programmabegroting 2023

4. Specificatie baten en lasten 4%

Totale Baten

Overige inkomsten

11% Taakstellingen

1%

6%

Gemeentelijke bijdrage

7% 1%

Rijks- en gem. bijdr. projecten/coalities Huur- en erfpacht opbrengsten Overige opbrengsten

Parkeergelden

70%

Figuur 1 Specificatie herkomst van de baten

Baten (waar komen de inkomsten vandaan?) Gemeentelijke bijdrage Evenementen/festivals (overige opbrengsten) Parkeeropbrengsten Huur- en erfpachtopbrengsten Rijks- en gem. bijdr. projecten/coalities Taakstellingen (voor zover niet gerealiseerd, dan uit de provinciale reserve) Overige inkomsten Eindtotaal

◄Inhoudsopgave

Bedrag (in €) 2.982.695 267.143 465.892 302.671 30.000 156.678 35.929 4.241.009

11

Programmaplan

Programmabegroting 2023

Totale Lasten

Subsidies en overdrachten Salarissen

2%

1%

Inhuur en tijdelijk

16% 11% 1%

Gebouwen, terreinen en voertuigen

11%

Overige Kosten

2%

6%

32%

ICT en automatisering Afschrijvingen

18%

Verzekeringen Onderhoudskosten Dotatie voorzieningen

Figuur 2 Specificatie besteding lasten

Lasten (waar wordt er geld aan uitgegeven?) Salarissen Inhuur en tijdelijk Subsidies en overdrachten Onderhoudskosten Afschrijvingen Gebouwen, terreinen en voertuigen Overige Kosten Dotatie voorzieningen Verzekeringen ICT en automatisering Eindtotaal

◄Inhoudsopgave

Bedrag (in €) 1.367.196 786.961 662.679 450.109 463.000 240.695 94.277 107.480 44.184 24.428 4.241.009

12

Financiële begroting

Programmabegroting 2023

5. Paragrafen De programmabegroting bevat de volgende paragrafen: 1. Weerstandsvermogen en risicobeheersing 2. Onderhoud kapitaalgoederen 3. Bedrijfsvoering 4. Verbonden partijen 5. Financiering Het bestuur stelt voor het begrotingsjaar 2023 kaders vast om zijn controlerende kader stellende taak en het budgetrecht uit te kunnen voeren. Deze paragrafen vormen gezamenlijk dat instrument. Ze geven een dwarsdoorsnede van de financiële aspecten van de begroting vanuit een bepaald perspectief. Het gaat hierbij om onderdelen die betrekking hebben op de beleidslijnen van beheersmatige aspecten. Deze aspecten kunnen grote financiële gevolgen hebben en daardoor de realisatie van de programma’s beïnvloeden. 5.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Kader risicomanagement De wetgeving en het beleid van Recreatieschap Twente voor het weerstandsvermogen zijn vastgelegd in: • Het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV art. 9, 11 en 26); • De financiële verordening Regio Twente; • De “Nota van risicomanagement tot reserves en voorzieningen”. Weerstandsvermogen Berekening ratio weerstandsvermogen Om het weerstandsvermogen te berekenen, dient de beschikbare weerstandscapaciteit afgezet te worden tegen de benodigde weerstandscapaciteit. Beschikbare weerstandscapaciteit (A) De beschikbare weerstandscapaciteit bedraagt afgerond € 0,1 mln.

en bestaat uit bestemmingsreserves. Bij veel overheidsorganisaties is sprake van ‘beklemde’ bestemmingsreserves. Deze worden gecorrigeerd op de weerstandscapaciteit. Als ‘beklemde’ reserves niet als beschikbare weerstandscapaciteit worden gezien is dit van invloed op de weerstandsratio. Bij Recreatieschap Twente zijn enkele bestemmingsreserves als ‘beklemd’ geoormerkt. Deze bestemmingsreserves komen vanuit de voormalig Regio Twente en worden niet meegenomen in de beschikbare weerstandscapaciteit. Hieronder treft u overzicht van alle reserves en wordt inzichtelijk gemaakt welke reserves onderdeel vormen van de beschikbare weerstandscapaciteit.

◄Inhoudsopgave

13 13

Financiële begroting

Programmabegroting 2023

Verwacht saldo 2023 56.160 59.143

Onderdeel van weerstandscapaciteit Ja Nee, beklemd

Reserve toiletgebouw RB

19.571

Nee, beklemd

Reserve stimulering Recreatie & Toerisme Reserve loods LV Provinciale reserve recreatieve voorzieningen Totaal reserves

19.180 40.721 545.704 740.479

Ja Nee, beklemd Nee, beklemd

Omschrijving (bedragen in €) Reserve vervanging en vernieuwing Reserve werkplaats HB

Tabel 4 Overzicht beschikbare weerstandscapaciteit

Samengevat komt het totaal aan beschikbare weerstandscapaciteit (niet zijnde beklemd) neer op: Recreatieschap Twente (bedragen in €)

Weerstandscapaciteit

Egalisatie reserves (niet zijnde beklemd)

75.340

Totaal beschikbare weerstandscapaciteit

75.340

Benodigde weerstandscapaciteit (B) De benodigde weerstandscapaciteit bedraagt afgerond in totaal € 78.000 en wordt bepaald door het inventariseren van risico’s. Hieronder treft u een specificatie van de door Recreatieschap Twente geïnventariseerde risico’s inclusief kans bepaling en financieel gevolg (impact). De kans impact analyse geldt conform de “Nota van risicomanagement tot reserves en voorzieningen” niet voor investeringen. Risicowaarde (Kans X Impact)

Omschrijving risico

Kans

Impact

Recreatieschap Twente Het risico dat meer kosten worden gemaakt door inhuur van gespecialiseerde € 26.250 bedrijven i.p.v. vrijwilligers Onderhoudswerkzaamheden door derden i.v.m. wegvallen vrijwilligers € 26.250

Waarschijnlijk

€ 25.000 <> € 50.000

Waarschijnlijk

€ 25.000 <> € 50.000

Inhuren medewerk(st)ers bij wegvallen/vertrek personeel (door krappe arbeidsmarkt) Inhuren medewerk(st)ers bij tijdelijke arbeidsongeschiktheid (ziekte/ongeval) Het risico op verminderde inkomsten door derving erfpacht- exploitatierechten (huren) Het risico op verminderde inkomsten uit evenementen

◄Inhoudsopgave

€

-

Waarschijnlijk

€ 25.000 <> € 50.000

€

-

Zeer onwaarschijnlijk

€ 25.000 <> € 50.000

€

-

Zeer onwaarschijnlijk

€ 25.000 <> € 50.000

€

-

Onwaarschijnlijk

€ 50.000 <> € 100.000

14 14

Financiële begroting

Programmabegroting 2023

Het risico op verminderde inkomsten uit parkeergelden agv weer

€

-

Zeer onwaarschijnlijk

€ 25.000 <> € 50.000

Het risico op verminderde inkomsten uit parkeergelden waterziektes Het risico op stormschade houtopstand recreatieparken Kosten i.v.m. (nieuwe) coronapandemie

€ €

26.250

€

-

Onwaarschijnlijk Waarschijnlijk Zeer onwaarschijnlijk

€ 50.000 <> € 100.000 € 25.000 <> € 50.000 € 25.000 <> € 50.000

Het risico op inbraak

€

-

Zeer onwaarschijnlijk

€ 25.000 <> € 50.000

Het risico op vandalisme

€

-

Waarschijnlijk

€ 25.000 <> € 50.000

Totaal omvang risico's

€

78.750

Tabel 5 Samenvattend overzicht geïnventariseerde risico's.

Samenvattend overzicht beschikbare weerstandscapaciteit en benodigde weerstandscapaciteit: Risicowaarde (Kans X Impact) Verwacht saldo per begin 2023

Ratio Weerstandsvermogen

Recreatieschap Twente

78.750

75.340

0,96

Totaal

78.750

75.340

0,96

Tabel 6 Ratio weerstandsvermogen

Als we dit doen, dan komen we uit op een ratio van 0,96. De ratio bevindt zich hiermee binnen de door het algemeen bestuur van Regio Twente (en vooralsnog door Recreatieschap Twente overgenomen) vastgestelde norm van 0,8 – 1,0. Financiële Kengetallen Het BBV schrijft voor dat in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing ook een set aan verplichte financiële kengetallen wordt opgenomen. Solvabiliteit Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin Recreatieschap Twente in staat is aan de financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Onder het eigen vermogen verstaan we de algemene reserve en de overige bestemmingsreserves en het resultaat uit het overzicht baten en lasten. Met het kengetal solvabiliteit wordt beoordeeld in hoeverre het bezit op de linkerzijde van de balans schuldenvrij is.

Financiele kengetallen Solvabiliteitsratio

Raming 2023

Raming 2024

Raming 2025

18%

19%

17%

Raming 2026 18%

Een veilige marge van de solvabiliteit is volgens de signaleringswaarden een percentage tussen 20% - 50%. Recreatieschap Twente kent derhalve dan ook een marge welke lager is dan de ondergrens.

◄Inhoudsopgave

15 15

Financiële begroting

Programmabegroting 2023

Netto schuldquote Dit ratio weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van Recreatieschap Twente ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Een laag percentage is veelal gunstig. Omdat bij leningen onzekerheid kan bestaan of ze allemaal worden terugbetaald wordt dit kengetal zowel berekend inclusief (gecorrigeerd) als exclusief de doorgeleende gelden. Samen met de solvabiliteitsratio is de netto schuldquote het meest bepalend voor de financiële gezondheid.

Financiele kengetallen

Raming 2023

Raming 2024

Raming 2025

82%

74%

82%

Netto schuldquote

Raming 2026 78%

De netto schuldquote van Recreatieschap Twente laat zien dat de druk van rentelasten en de aflossingen op de exploitatie laag is. Volgens de signaleringswaarden zit dit percentage in de minst risicovolle klasse (<90%). De verwachting is dat er voor het overkopen van de materiele vaste activa van Samen Twente een langlopende geldlening afgesloten gaat worden. Netto schuldquote gecorrigeerd voor uitgeleend geld De netto schuldquote gecorrigeerd voor uitgeleend geld blijft gelijk aan de ongecorrigeerde. Dit omdat bij het Recreatieschap geen sprake is van uitgeleend geld. Structurele exploitatieruimte Dit cijfer helpt mee om te beoordelen welke structurele ruimte Recreatieschap Twente heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten en structurele daling van de lasten daarvoor nodig is.

Financiële kengetallen Structurele exploitatieruimte

Begroting 2023

Raming 2024

Raming 2025

Raming 2026

0%

0%

0%

0%

Bovenstaand figuur laat zien dat de structurele exploitatieruimte nihil is. Hieruit blijkt dat meerjarig de structurele lasten gedekt worden door de structurele baten, of door onttrekkingen uit reserves. Beoordeling onderlinge verhouding kengetallen Een afzonderlijk kengetal zegt weinig over hoe de financiële positie moet worden beoordeeld. De kengetallen zullen daarom altijd in samenhang moeten worden bezien. Daarnaast zegt een momentopname van een kengetal ook nog niet zo heel veel maar voor de beoordeling is het vooral van belang om de trendmatige ontwikkeling te volgen. In verband met de start in 2022 is dit nog niet goed mogelijk. De solvabiliteit zit binnen de veilige marges. Dit betekent dat de weerbaarheid van de organisatie om eigenhandig negatieve ontwikkelingen op te pakken afdoende is. De netto schuldquote zit in de minst risicovolle categorie en geeft aan dat de organisatie in staat zou moeten zijn om de schulden te kunnen betalen. De structurele exploitatieruimte laat zien dat de baten en lasten structureel in evenwicht zijn. Maar mocht dit evenwicht (tijdelijk) verstoord raken dan blijkt uit het lage weerstandsratio dat de organisatie dit maar beperkt zelf kan opvangen.

◄Inhoudsopgave

16 16

Financiële begroting

Programmabegroting 2023

5.2 Onderhoud kapitaalgoederen Recreatieschap Twente exploiteert de recreatieparken Het Hulsbeek, Het Rutbeek en Het Lageveld. Daarnaast onderhoudt het recreatieschap de recreatieve Twentse fietspaden en de diverse routenetwerken voor fietsen, wandelen, mountainbiken, paardrijden en auto’s. Deze voorzieningen zijn gericht op zowel de inwoner van Twente als op de toerist. Met name het netwerk van de fietspaden en de kwalitatief hoog aangeschreven routesystemen in Twente vormen voor de toerist een belangrijk criterium om Twente te kiezen voor een (korte) vakantiebestemming (Regio Twente, 2017). Als eigenaar en beheerder van de recreatieparken, de fietspaden en de Routenetwerken, heeft Recreatieschap Twente een algemene zorgplicht om haar kapitaalgoederen adequaat te beheren en te onderhouden. In dit beheerplan wordt invulling gegeven aan de wijze van beheer en onderhoud van alle kapitaalgoederen van de recreatieparken, de fietspaden en de Routenetwerken. Daarmee sluit Recreatieschap Twente aan bij de richtlijnen van het Besluit Begroting en Verantwoording (hierna: BBV). Op basis van de huidige financiële situatie en de daarbij behorende beheerstrategieën c.q. kwaliteitsniveaus is een richtlijn voor de jaren 2023-2027 bepaald. Het BBV schrijft een beheertermijn voor van maximaal vijf jaar.

Recreatieparken Recreatieschap Twente beheert de recreatieparken Het Hulsbeek (Oldenzaal), Het Rutbeek (Enschede) en Het Lageveld (Wierden) en bezit een aantal bijbehorende bedrijfsgebouwen. Het gaat hierbij om beheercentra met bijbehorende schuren en loodsen. Tevens bezitten de parken allemaal meerdere toiletgebouwen. Daarnaast zijn op de parken nog een aantal panden in eigendom. Deze panden zijn veelal verhuurd. Tevens heeft het recreatieschap een aantal dienstwoningen in eigendom, die worden verhuurd aan de beheerders van de parken. De boekwaarde van het in deze kapitaalgoederen geïnvesteerd vermogen staat aangegeven en gespecificeerd op de balans. Eventuele verschillen in de boekwaarde en de waarde in het economisch verkeer (zo die al bekend is) worden aangemerkt als stille reserve. Beheerplan voor groot onderhoud Groot en klein onderhoud houdt het object in goede, oorspronkelijke staat en is dus niet van invloed op de vooraf bepaalde gebruiksduur (afschrijvingstermijn) van het object. Volgens het BBV mogen kosten van onderhoud daarom niet worden geactiveerd; lasten van klein onderhoud dienen in het jaar van uitvoering in de exploitatie te worden opgenomen en lasten van groot onderhoud worden in een voorziening gebracht. Indien een kapitaalgoed is afgeschreven, is er geen sprake van groot onderhoud maar van vervangingsinvestering (Commissie BBV, 2017).

In dit beheerplan wordt daarom alleen het groot onderhoud van kapitaalgoederen beschreven. Het nieuwe beheerplan treedt in werking vanaf het begrotingsjaar 2023 voor de duur van vijf jaar. In aansluiting op de bepalingen zoals genoemd in het BBV art. 12 lid 1, worden de kapitaalgoederen in navolgende categorieën uiteengezet in separate beheerplannen: 1. Groot onderhoud Groen; 2. Groot onderhoud Verhardingen; 3. Groot onderhoud Water; 4. Groot onderhoud Terreinvoorzieningen; 5. Groot onderhoud Gebouwen; 6. Groot onderhoud Rioleringen; 7. Groot onderhoud Werktuigen en wettelijke maatregelen. Het onderhoud van kapitaalgoederen van de recreatieparken, de fietspaden en de Routenetwerken, worden vanuit bovengenoemde categorieën in zeven voorzieningen ondergebracht. Vanwege het kleinschalige karakter van de kapitaalgoederen, worden deze zeven categorieën in separate paragrafen

◄Inhoudsopgave

17 17

Financiële begroting

Programmabegroting 2023

Routenetwerken

Fietspaden

Het Lageveld

Het Rutbeek

Voorziening GO Groen GO Verhardingen GO Water GO Terreinvoorzieningen GO Gebouwen GO Rioleringen GO Werktuigen en wettelijke maatregelen

Het Hulsbeek

specifiek belicht. In onderstaande figuur wordt de relatie (symbolisch) tussen de recreatieparken, de fietspaden en de Routenetwerken en de verschillende voorzieningen weergegeven, waarin te zien is dat de voorzieningen onlosmakelijk met de recreatieparken, de fietspaden en Routenetwerken verbonden zijn.

Uit het beheerplan voorvloeiende financiële consequenties

Voorziening Groot Onderhoud (VGO) Groen Verharding Water Terr. Voorz. Gebouwen Rioleringen Werkt. En Wett. Maatreg. 2023 -15.944 24.154 22.306 8.840 12.071 7.988 33.490 2024 9.300 15.385 9.193 3.133 1.022 35.880 2025 11.815 36.232 26.109 24.543 14.486 34.698 2026 7.150 21.467 23.472 30.085 2027 3.726 16.956 21.395 19.395 18.400 9.742 50.910

Uitg. per jaar

92.905 73.913 147.883 82.174 140.524

Totaal

8.897

99.877

79.003

77.378 69.451

17.730

185.063

537.399

Jaarlijkse dotatie VGO

1.779

19.975

15.801

15.476

3.546

37.013

107.480

13.890

Om het groot onderhoud voor de komende 5 jaren te bekostigen wordt jaarlijks een gelijkblijvend bedrag gestort in de hiervoor bestemde voorzieningen, de kosten worden hier rechtstreeks op in mindering gebracht. Ook in de begroting 2023 worden de gelijkblijvende bedragen toegevoegd aan de voorzieningen voor de bekostiging van het groot onderhoud.

◄Inhoudsopgave

18 18

Financiële begroting

Programmabegroting 2023

5.3 Bedrijfsvoering Dienstverlening via Twente Samen De werkzaamheden op het gebied van bedrijfsvoering (PIOFJACH) zullen middels een dienstverleningsovereenkomst worden uitgevoerd door Samen Twente. Waarbij het uitgangspunt is dat de huidige dienstverlening minimaal in stand blijft. Door de ondersteunende diensten niet te ontvlechten uit Samen Twente ontstaan er op dit vlak geen frictiekosten voor de Twentse gemeenten. Bovendien wordt de continuïteit van dienstverlening geborgd, evenals de kwaliteit en wordt de eventuele kwetsbaarheid door de omvang van Recreatieschap Twente voorkomen. Dit levert voordelen op voor deze nieuwe organisatie, Twente Samen maar ook voor de Twentse gemeenten. Rechtmatigheidsverantwoording Naar verwachting zal er in de jaarrekening van 2022 door het bestuur zelf een verantwoording afgelegd moeten worden over de rechtmatigheid van het gevoerde bestuur. De accountant beperkt zich dan tot een oordeel over de getrouwheid. De voorbereidingen hiervoor zijn inmiddels gestart. Qua systematiek wordt zoveel mogelijk gesteund op die van Samen Twente. Beleidsnotities Aangezien Recreatieschap Twente nog geen eigen beleidsnota’s kent, zijn waar nodig de reeds vastgestelde nota’s van voormalig Regio Twente van toepassing; Beleidsnota

Vastgesteld door

Datum vaststelling

Controleverordening en Controleprotocol Regio Twente Financiële verordening Regio Twente Risicomanagement en weerstandsvermogen

Algemeen bestuur

6 maart 2020

Algemeen bestuur Algemeen bestuur

31 oktober 2018 7 maart 2018

Fraude beheerssystematiek en –analyse Regio Twente

Algemeen bestuur

7 maart 2018

Nota afschrijving en rente

Algemeen bestuur

7 maart 2018

Treasurystatuut Regio Twente Interne controleplan Regio Twente

Algemeen bestuur Algemeen Bestuur

11 november 2015 20 oktober 2014

Organisatieverordening (waarin opgenomen financieel statuut)

Algemeen bestuur

29 juni 2009

Programmabegroting

Algemeen bestuur

Jaarlijks voor 15 april

◄Inhoudsopgave

19 19

Financiële begroting

Programmabegroting 2023

Formatie Formatie 2023

Fte

Recreatieve Voorzieningen

16,96

Totaal

16,96

5.4 Financiering Beleid De uitvoering van programma’s wordt mede ondersteund door de financieringsfunctie. Deze functie voorziet in de financieringsbehoefte bij de uitvoering van beleidstaken, door het zo nodig aantrekken van externe financieringsmiddelen, dan wel het beheren en uitzetten van gelden die daarvoor niet direct nodig zijn. Het beleid omtrent de treasuryfunctie wat voor het Recreatieschap gehanteerd wordt is vastgelegd in het door het algemeen bestuur van Regio Twente vastgestelde treasurystatuut. Gaandeweg zal voor het Recreatieschap een eigen treasurystatuut opgesteld worden, maar tot die tijd worden de kaders op dit vlak gehanteerd zoals deze onder de voormalige Regio Twente golden en nu nog steeds gelden. Uitgangpunten en ontwikkelingen Op het moment van opstellen van deze begroting wordt inzichtelijk gemaakt welke activa en passiva overgaan van het openbaar lichaam gezondheid naar het Recreatieschap. Duidelijk is dat het Recreatieschap het activa behorend aan de recreatieparken/fietspaden en routenetwerken zal over moeten kopen van het openbaar lichaam gezondheid. De investeringen van de recreatieve voorzieningen gedaan onder de vlag van Regio Twente zijn destijds gefinancierd op basis van de overtollige liquide middelen. Hiervoor zijn geen leningen aangetrokken. Binnen Regio Twente werd dus het principe gehanteerd van totaalfinanciering.

De organisatie werd bij financieringsbehoefte beschouwd als één geheel. Hiermee werden de rentekosten geminimaliseerd en de risico’s hiervan beperkt. Het Recreatieschap heeft geen overtollige liquide middelen, totaalfinanciering is niet meer van toepassing. De organisatie zal voor investeringen dus zelf voortaan leningen moeten aantrekken. Het uitgangspunt hierbij is dat in principe de reguliere exploitatie uitgaven gedekt horen te worden uit de lopende banksaldi. Voor lopende terugkerende uitgaven zoals lonen en onderhoudskosten wordt dus niet geleend. Leningen zullen aangetrokken worden voor de financiering van de investeringen (die geactiveerd worden). Hieruit vloeit dan ook voort dat de omvang van de leningenportefeuille in basis niet groter zal zijn dan de totale omvang van de materiele vaste activa op balans (de gouden regel). Treasury bij het Recreatieschap Uit de bovenstaande toelichting kan afgeleid worden dat het onderdeel treasury belangrijk gaat worden voor het Recreatieschap, belangrijker dan het hiervoor was onder de vlag van Regio Twente. Dit komt omdat het Recreatieschap een kapitaal intensieve uitvoeringsorganisatie is gefocust op 1 taak, Twentse Recreatieve Voorzieningen en toeristische promotie.

Er zijn dus geen overtollige middelen vanuit andere taken waardoor er voor de benodigde investeringen goed gekeken zal moeten worden naar de verwachte financieringsbehoefte. Dit zou moeten blijken uit de nog op te stellen liquiditeitsplanning van de investeringen. Er zal bij het aantrekken van langlopende leningen gezorgd moeten worden voor een spreiding van het renterisico en de leningenportefeuille zou een evenwichtig aflossingspatroon moeten kennen. Als overheidsinstelling heeft het Recreatieschap een goede toegang tot de kapitaalmarkt. We zullen aansluiting zoeken bij de sectorbanken BNG en NWB. Renteontwikkeling De rente op de geld- en kapitaalmarkt in Nederland is nog steeds erg laag ook al was er een kleine stijging omdat men dacht dat het coronavirus verslagen was. Ondertussen was de rente weer gedaald maar zodra de inflatie langdurig op een hoger niveau blijft zal de rente naar verwachting stijgen om dit effect te dempen. Voor kort geld (3-maands) is de rente al een lange tijd negatief en de verwachting voor 2023 is dat deze nog steeds negatief zal

◄Inhoudsopgave

20 20

Financiële begroting

Programmabegroting 2023

blijven. De lange rente (10-jaars) op de staatsleningen is op dit moment licht positief (0,3%). Naar verwachting zal deze licht stijgen voor eind 2022 door stijgende inflatie. Voor het overnemen van de activa van het Openbaar Lichaam Gezondheid zal het Recreatieschap in 2022 een langlopende lening aan moeten trekken. De renteverwachting hiervan is momenteel nog relatief gunstig waarbij de effecten zullen worden vertaald in een nota aan uw bestuur. Omslagrente In deze begroting is nog geen rekening gehouden met rentelasten (die waren er voorheen niet) van de nog aan te trekken langlopende lening. Daarom is er ook geen rekening gehouden met de omslagrente. Wettelijk kader De uitvoering van het financieringsbeleid vindt plaats binnen de kaders zoals gesteld in de Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet FIDO). Om vooral de financieringsrisico’s te beperken is in de Wet FIDO een tweetal instrumenten opgenomen, te weten de rente risiconorm en de kasgeldlimiet. Door de bepalingen van de Wet FIDO worden gemeenschappelijke regelingen verplicht alle geldelijke overschotten bij het Ministerie van Financiën te beleggen; schatkistbankieren. Renterisiconorm De rente risiconorm bepaalt dat jaarlijks maximaal 20% van het begrotingstotaal onderhevig mag zijn aan renteherziening en herfinanciering. Hiermee is een maximumgrens gesteld aan het renterisico op de langlopende lening portefeuille.

Van renteherziening is sprake als in de leningsovereenkomst is bepaald dat de rente gedurende de looptijd in een bepaald jaar zal worden aangepast. Herfinanciering is het aangaan van een nieuwe lening om de oude af te lossen. De rente risiconorm beperkt dus de aflossingen op de bestaande leningenportefeuille. In onderstaand tabel is de renterisiconorm uiteengezet. De verwachting is dat het Recreatieschap een langlopende lening aantrekt waarop ieder jaar afgelost wordt. Onderstaande renterisiconorm geeft aan dat per 1/1 van ieder jaar de organisatie maximaal € 702.000 mag oversluiten.

Nr. 1. 2. 3. 4. 5. 6.

Omschrijving Begrotingstotaal (excl. mutaties reserves) Renterisiconorm (20% van 1) renteherziening Aflossing Rente risico (3+4) Ruimte onder renterisiconorm (2-5)

Begroting 2023

Raming 2024

Raming 2025

Raming 2026

4.241.009

4.289.844

4.346.507

4.397.982

848.202 145.832 145.832 702.370

857.969 147.290 147.290 710.679

869.301 148.763 148.763 720.539

879.596 150.250 150.250 729.346

Tabel 7 Renterisiconorm

Kasgeldlimiet

◄Inhoudsopgave

21 21

Financiële begroting

Programmabegroting 2023

De kasgeldlimiet is in de wet FIDO opgenomen om de directe gevolgen van een snelle rentestijging te beperken. De kasgeldlimiet bepaalt dat gemeenschappelijke regelingen hun financieringsbehoefte voor slechts een beperkt bedrag met kortlopend vreemd vermogen mogen financieren. De norm is in de wet gesteld op 8,2% van het begrotingstotaal aan lasten (excl. de stortingen in de reserves). Het percentage wordt berekend als een kwartaalgemiddelde. De organisatie mag dus niet onbeperkt haar kortlopende schulden aanhouden maar wordt gedwongen een goede verdeling te maken tussen korte en lange schulden. Hiermee worden de nadelige effecten die ontstaan als de variabele rente snel stijgt, voorkomen. Dit is een kenmerkend risico van de geldmarkt.

Nr Omschrijving

Raming 2023

Raming 2024

Raming 2025

Raming 2026

1 Begrotingstotaal (excl.mutaties reserves) 2 Vastgesteld percentage

4.241.009 8,2%

4.289.844 8,2%

4.346.507 8,2%

4.397.982 8,2%

3 Kasgeldlimiet (1x2)

347.763

351.767

356.414

360.635

Schatkistbankieren Uit oogpunt van doelmatigheid is in de Wet FIDO een drempelbedrag opgenomen. Hiermee kan een bepaald bedrag buiten de schatkist worden gehouden. Vanaf 1 juli 2021 is het drempelbedrag gelijk aan 2,0% van het begrotingstotaal indien het totaal lager is dan € 500 miljoen met een minimale drempel van € 1 miljoen. Voor het Recreatieschap komt 2% van de begroting uit op een drempelbedrag van € 85.000 en daarmee ruim lager dan de minimale drempel van € 1 miljoen die dus gehanteerd wordt. Maar omdat er sprake is van negatieve rente over positieve banksaldi is het aan te bevelen om überhaupt de middelen aan te houden in de schatkist aangezien daar een rente van 0% geldt.

◄Inhoudsopgave

22 22

Financiële begroting

Programmabegroting 2023

6. Financiële begroting 6.1 Overzicht van baten en lasten Overzicht van baten en lasten Bedragen X € 1.000

Recreatieve voorzieningen (taakveld 5.7) Subsidiering Marketing Oost (taakveld 3.1) Subtotaal programma's Overhead (taakveld 0.4) Totaal programma's incl. overhead

Begroting 2021 Begroting 2022 na wijziging Baten Lasten Saldo Baten Lasten Saldo Programma`s 936 2.451 1.515De organisatie is gestart vanaf 2022 632 632De organisatie is gestart vanaf 2022 -

-

-

Begroting 2023 Baten

Lasten

Saldo

1.258

2.853

1.595-

-

652

652-

936

3.083

2.147-

1.258

3.505

2.247-

0

718

718-

0

736

736-

936

3.801

2.865-

1.258

4.241

2.983-

-

-

-

-

-

-

2.865

-

2.865

2.983

-

2.983

2.865

-

2.865

2.983

-

2.983

3.801

3.801

-

4.241

4.241

-

-

-

-

-

Algemene dekkingsmiddelen Treasury Gemeentelijke bijdrage Totaal algemene dekkingsmiddelen Begroot totaal saldo van baten en lasten

Recreatieve voorzieningen

De organisatie is gestart vanaf 2022 De organisatie is gestart vanaf 2022 -

-

-

Toevoeging/onttrekking aan reserves De organisatie is gestart vanaf 2022

Totaal toevoegingen/onttrekkingen aan reserves

-

-

-

-

-

-

-

-

-

Begroot resultaat

-

-

-

3.801

3.801

-

4.241

4.241

-

Tabel 8 Overzicht van baten en lasten

◄Inhoudsopgave

23 23

Financiële begroting

Programmabegroting 2023

Meerjarenbegroting (2024-2026) Programma (bedragen in €1.000) Taakveld

Lasten

Baten

Gem. bijdrage

Lasten

Baten

Gem. bijdrage

Lasten

Baten

Gem. bijdrage

Lasten

2.853

1.258

1.595

2.471

949

1.523

2.492

960

1.532

2.533

983

1.550

Totaal Totaal saldo van baten en lasten

652 736 4.241 4.241

1.258 1.258

652 736 2.983 2.983

632 740 3.844 3.844

949 949

632 740 2.895 2.895

632 763 3.887 3.887

960 960

632 763 2.927 2.927

632 811 3.976 3.976

983 983

632 811 2.993 2.993

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

Algemene dekkingsmiddelen (gemeentelijke bijdrage) Totaal saldo van baten en lasten

4.241 -

1.258 -

2.983 -

3.844 -

949 -

2.895 -

3.887 -

960 -

2.927 -

3.976 -

983 -

2.993 -

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

Recreatieschap Twente

Mutaties Reserves Totaal Mutaties reserves Resultaat

◄Inhoudsopgave

5.7 3.1 0.4

0.10

Openbaar groen en (openlucht) recreatie Economische ontwikkeling Overhead

Mutaties reserves

Baten

Gem. bijdrage

24 24

Financiële begroting

Programmabegroting 2023

6.2 Toelichting op het overzicht van baten en lasten In deze begroting hanteren wij door de gemeenten vastgestelde uitgangspunten voor verbonden partijen. Deze uitgangspunten zijn in 2020 door het portefeuilleberaad Middelen van Regio Twente opnieuw herijkt. Loon- en prijscompensatie 2023 Looncompensatie De cijfers van de Macro Economische Verkenning (MEV), uitgevoerd door het centraal Plan Bureau (CPB), dienen als basis voor de berekening van de compensatie van loon- en prijsstijgingen. Voor de begroting 2023 worden de cijfers uit de MEV 2022 van september 2021 gehanteerd. Voor de begroting 2023 wordt rekening gehouden met een loonstijging van 2,3%. Dit is echter wat betreft de looncompensatie ‘slechts’ een raming. De beleidslijn in deze is dat een verschil op de loonsom (overschot of tekort) separaat met de gemeenten wordt vereffend via de tussentijdse rapportage (BERAP) of via de jaarstukken. Prijscompensatie Voor de prijsontwikkeling nemen we de prijsontwikkeling zoals het CBP deze per september 2021 bij de macro-economische verkenning publiceert als uitgangspunt. Het CBS stelt deze werkelijke inflatoire effecten achteraf nog bij. Deze bijstelling hebben we nog niet in onze prijsontwikkeling verwerkt als we uitgaan van het prijspeil van de vorige begroting.

Daarom worden de correcties over deze 3 jaren alsnog meegenomen voor de bepaling van de totale prijsontwikkeling voor het begrotingsjaar 2023. Dit leidt tot een prijsstijging t.o.v. de begroting 2022 van 2,0%. Berekening inflatiepercentage begroting 2023 Bron: site CPB (www.cpb.nl); Omschrijving (IMOC) o.b.v. september 2021

Materiële uitgaven

Op basis van meest recente raming CPB, september 2021

2020 is nu

2020 was

verschil te verr. met 2022

2021 is nu

2021 was

verschil te verr. met 2022

2022 is nu

2022 was

verschil te verr. met 2022

2023 (cpb)

2023 wordt

1,70%

1,50%

0,20%

2,10%

1,50%

0,60%

1,90%

1,50%

0,40%

1,60%

2,80%

Toelichting Bron: Centraal Planbureau (via dezelfde link als bij de loonontwikkeling te vinden) Prijs materiële overheidsconsumptie (IMOC)

Prijspeiltoename 2023 van 1,6% wordt gecorrigeerd met een toename van 0,2% uit 2020, een toename van 0,6% uit 2021 en een toename van 0,4% uit 2022 en komt daarmee voor 2023 op 2,8%. Uitgangspunten meerjarenraming Bij de opstelling van de meerjarenraming 2024-2026 zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: 1. De looncompensatie 2024 t/m 2026 wordt geraamd op 2,8% en de prijscompensatie 2024 t/m 2026 op 1,60% (conform CPB raming voor 2023). 2. Het aantal inwoners is voor de jaren 2024 t/m 2026 gefixeerd op het aantal inwoners/jeugdigen opgenomen in de begroting 2023. Vervangingsinvesteringen De investeringsruimte blijft op peil door de kapitaaluitgaven die in de begroting zijn afgeschreven, op te voeren als vervangingsinvesteringen. Weerstandsvermogen/reserves en voorzieningen Er wordt weerstandsvermogen aangehouden zodat de organisatie zelf in staat is om risico’s op te vangen. Een kwalitatieve risicoanalyse is de basis voor deze buffers. Onze gemeenschappelijke regeling beschikt over een nota reserves en voorzieningen die de basis vormt voor ons weerstandsvermogen maar ook regels bevat hoe wij omgaan met reserveringen en voorzieningen. Onvoorziene uitgaven Voor onvoorziene uitgaven wordt een bedrag van € 0 gehanteerd. Bijdrage per gemeente De gemeentelijke bijdrage 2023 wordt verdeeld over de gemeenten inwoneraantallen (in % van totaal) per 1 januari 2022 (opgave gemeenten).

op

basis

van

de

◄Inhoudsopgave

25

Financiële begroting 6.2.1

Programmabegroting 2023

Overzicht van baten en lasten per taakveld

Code 0.4 3.1 5.7 Eindtotaal

Taakveld Overhead Economische ontwikkeling Openbaar groen en (openlucht) recreatie

Totaal Lasten 736.121 651.679 2.853.210 4.241.009

Totaal Baten 0 0 1.258.314 1.258.314

Gem.Bijdrage 736.121 651.679 1.594.896 2.982.695

6.2.2 Overzicht van geraamde incidentele baten en lasten Voor de periode 2023 tot en met 2026 worden geen incidentele baten en lasten verwacht.

◄Inhoudsopgave

26

Financiële begroting

Programmabegroting 2023

6.3 Uiteenzetting van de financiële positie en de toelichting Deze paragraaf bevat een prognose van de balans en het EMU-saldo. Daarnaast zal aandacht besteed worden aan de jaarlijkse terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, de investeringen en het verloop van de reserves. 6.3.1 Geprognosticeerde balans De prognose van de balans bevat tenminste het begrotingsjaar, het voorliggende jaar en de 3 jaren volgend op het begrotingsjaar: Bedragen in € Materiele vaste activa Financiele vaste activa

Prognose eind 2022 4.269.222

Prognose eind 2023 4.043.948

Prognose eind 2024 3.798.722

Prognose eind 2025 4.143.513

Prognose eind 2026 4.063.195

0

0

0

0

0

Vlottende activa

168.490

222.735

185.763

192.329

200.276

Totaal activa

4.437.712

4.266.683

3.984.485

4.335.842

4.263.471

739.849

739.849

739.849

739.849

Eigen vermogen

1.017.525

Voorzieningen

41.180

14.575

48.142

7.739

33.045

Vaste schulden

3.290.081

3.382.154

3.066.389

3.458.149

3.360.472

Vlottende schulden

88.925

88.925

88.925

88.925

88.925

Totaal passiva

4.437.712

4.225.503

3.943.305

4.294.662

4.222.291

Toelichting Materiele vaste activa Deze balanspost is geprognosticeerd door de verwachte jaarrekening 2021 van de Gemeenschappelijke Regeling Samen Twente voor het onderdeel Recreatieve Voorzieningen als uitgangspunt te nemen. Hier zijn de toekomstige vervangingsinvesteringen aan toegevoegd. En de begrote afschrijvingen vanuit de activa administratie zijn hierop in mindering gebracht. Vlottende activa Deze balanspost is geprognosticeerd door voor het jaar 2021 de vlottende activa te schatten op basis van de jaarrekening 2021 van de Gemeenschappelijke Regeling Samen Twente voor het onderdeel Recreatieve Voorzieningen. Onder de vlottende activa hoort ook de post liquide middelen. Deze bevat het positieve effect van alle overige activa en passiva posten. Eigen vermogen De balanspost reserves is begroot op basis van de omvang van de reserves van het onderdeel Recreatieve Voorzieningen per 2022 bij de Gemeenschappelijke Regeling Samen Twente.

◄Inhoudsopgave

27

Financiële begroting

Programmabegroting 2023

Voorzieningen Deze post is begroot op basis van de begrote dotaties en verwachte bestedingen conform het grootonderhoudsplan Recreatieve Voorzieningen. De effecten van het nieuwe onderhoudsplan zijn hierin meegenomen. Vaste schulden De prognose voor de vaste schulden is gebaseerd op de afloop van de geldlening uit de leningenadministratie. Vlottende schulden De vlottende schulden zijn gebaseerd op inschatting van de schulden 2021 bij de Gemeenschappelijke Regeling Samen Twente. 6.3.2 Berekening EMU-saldo In het Verdrag van Maastricht is afgesproken dat het EMU-tekort van een bij de euro aangesloten land maximaal 3% van het Bruto Binnenlands Product (BBP) mag bedragen. Het EMU-tekort wordt bepaald door een gezamenlijk tekort van het Rijk, lokale overheden en sociale fondsen. Vanuit het BBV is het verplicht om in de begroting een raming van het eigen EMU-saldo op te nemen. De begroting van het Recreatieschap is opgesteld conform een stel van baten en lasten. Het EMU-saldo gaat niet uit van baten en lasten maar gaat uit van ontvangsten en uitgaven, berekend op transactiebasis en overeenkomstig de voorschriften van het EU-systeem van nationale en regionale rekeningen in de EU.

Omschrijving (x € 1.000)

Raming

Raming

Raming

Raming

2023

2024

2025

2026

1

Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)

0

0

0

0

2

Afschrijvingen ten laste van de exploitatie

406

372

344

261

107

107

107

107

181

127

689

180

333

353

-237

188

Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van 3 de exploitatie Investeringen in (im)materiële vaste activa die op de 4 balans worden geactiveerd Berekend EMU-saldo

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hofvantwente.nl/api/v1/meetings/3870/documents/53376