CConstaterende datHofvantwente
Koppel je AI →
Document · PDF

1.e SamenTwente Ontwikkelingenbrief begroting 2024 DEF.pdf

Gemeenteraad 20 juni 2023, gemeente HofvantwenteBij agendapunt: 10: Ontwerpbegrotingen gemeenschappelijke regelingen 20246.892 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Ontwikkelingenbrief en kaders begroting 2024

0

Inhoudsopgave 1. Inleiding .............................................................................................................. 2 2. Leeswijzer ........................................................................................................... 2 3. Vooruitkijken: de lange termijn opgaven ......................................................... 2 4. Ontwikkelingen met (mogelijk) financiële impact ........................................... 6 4.1 Ontwikkelingen met nog onbekende financiële impact op de begroting 2024 en verder ........................................................................................................ 6 4.2 Ontwikkelingen met financiële impact op de begroting van 2024 en verder .................................................................................................................... 10 5. Financieel meerjarenperspectief .................................................................... 11 6. (Financiële) kaders voor de begroting 2024 .................................................. 13

1

1. Inleiding Voor u ligt de ontwikkelingenbrief van SamenTwente voor het begrotingsjaar 2024 en verder. In deze brief schetsen wij de lange termijnontwikkelingen, trends en concrete gebeurtenissen of veranderingen die impact hebben op onze begroting. Deze brief vormt het startpunt van het proces van de begroting 2024. We geven ook een beeld van het financieel meerjarenperspectief vanaf 2024. We zien dat onze organisatie zowel op de korte termijn als de middellange termijn te maken heeft met verschillende ontwikkelingen die impact hebben op onze begroting. Soms zijn deze ontwikkelingen zo duidelijk dat ze al vertaald kunnen worden in de begroting. En van sommigen ontwikkelingen weten we dat ze impact gaan hebben, maar hebben we op dit moment onvoldoende zicht op de omvang en het tijdstip. Al deze ontwikkelingen leest u integraal terug in deze brief. De uiteindelijke cijfermatige effecten waarmee onder meer de inwonerbijdrage wordt bepaald, volgt bij het maken van de ontwerpbegroting 2024.

2. Leeswijzer In hoofdstuk 3 kijken we vooruit naar de inhoudelijke ontwikkelingen op de langere termijn. Hoofdstuk 4 schetst de korte termijn ontwikkelingen voor onze organisatie, waarvan van enkele de financiële impact al bekend is en van andere nog niet. In hoofdstuk 5 wordt het financieel meerjarenperspectief geschetst. We sluiten af met hoofdstuk 6 waarin de (financieel technische) kaders worden beschreven voor de begroting van SamenTwente voor het jaar 2024.

3. Vooruitkijken: de lange termijn opgaven Een stevigere basis voor Publieke Gezondheid De publieke gezondheid en veiligheid is van levensbelang voor onze toekomst. De 25 GGD’en willen iedere Nederlander in dezelfde mate beschermen tegen gezondheidsrisico’s. Een investering in een sterke publieke gezondheid is een investering in de gezondheid van Nederland. Het voorkomt dat gezondheidsverschillen in Nederland toenemen. De coronacrisis maakt nog eens extra duidelijk dat we nu ook fors moeten investeren in de basis van die publieke gezondheid. Om voorbereid te zijn op nieuwe gezondheidscrises in de toekomst. Maar ook om de gezondheid van mensen te beschermen en te bevorderen zodat ze langer en gezonder leven en weerbaar zijn tegen nieuwe gezondheidscrises. De focus moet van zorg naar gezondheid. Mensen beschermen tegen gezondheidsrisico’s waar ze zelf nauwelijks invloed op hebben is één van de kerntaken van de publieke gezondheid en veiligheid en daarmee van de GGD en GHOR (Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio). Om te zorgen voor meer gezonde mensen later, moeten we daar nu in investeren. Pandemisch paraatheid In de coronapandemie zijn bestaande structuren en praktijken op de proef gesteld en vaak niet toereikend gebleken. Het kabinet wil daarom beter voorbereid zijn op een toekomstige pandemie.

De coronacrisis heeft laten zien dat structurele investering in de infectieziektebestrijding nodig is. Een taak die regionaal belegd is bij de GGD’en, waarbij samenwerking tussen de GGD’en en een landelijk gecoördineerd programma noodzakelijk is om de infectieziektebestrijding toekomstbestendig te maken én de pandemische paraatheid van Nederland te verbeteren. Met de landelijke beleidsagenda ‘Versterking infectieziektebestrijding en pandemische paraatheid GGD’en’ wordt de komende jaren onder andere ingezet op het beter toerusten van GGD’en, zodat kwetsbaarheden in de medischoperationele processen op regionaal niveau worden aangepakt en een bijdrage aan de landelijke operatie geleverd kan worden. Het kabinet stelt hiervoor in 2023 en 2024 een investering beschikbaar van ruim € 37 miljoen per jaar voor wegnemen kwetsbaarheden, versterken (boven)regionale monitoring, wetenschappelijk kennisinfrastructuur en samenwerking. Dit is een eerste stap om de meest urgente kwetsbaarheden aan te pakken vooruitlopend op een aangekondigde structurele financiering vanaf 2025. Over de verdeling van de huidige middelen en het proces van de subsidieaanvraag per GGD (zal gaan via specifieke uitkering bij het ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport (VWS) zal de komende maanden meer duidelijkheid komen.

De verwachting is dat VWS het budget rechtstreeks beschikbaar gaat stellen aan GGD’en en ook aan gemeenten.

2

We zullen er samen met de gemeenten alert op moeten zijn dat budgetten die hiervoor bedoeld zijn, gealloceerd worden voor pandemische paraatheid. We verwachten hierover in het voorjaar 2023 meer duidelijkheid te krijgen. Op het moment van schrijven wordt een wetsvoorstel voorbereid voor de wijziging van de Wet publieke gezondheid (Wpg). Doel van de wijziging is dat Nederland de pandemische paraatheid versterkt zodat bij een uitbraak van een infectieziekte, met een zodanige omvang en ernst dat het maatschappelijk leven erdoor wordt ontwricht én vrijheidsbeperkende maatregelen noodzakelijk kunnen zijn, de effecten opgevangen kunnen worden. Het wetsvoorstel bevat regels voor een acute en ernstige noodsituatie. Ook de positie van de Directeur Publieke Gezondheid (DPG) wordt gewijzigd bij deze wetgeving. De verwachting is dat de wet in 2023 wordt aangenomen en in werking zal treden. Inmiddels is er bij het RIVM een programmaorganisatie ingericht om de Landelijke Functionaliteit Infectieziektebestrijding (LFI) te bouwen. Dit gebeurt in nauwe samenwerking met de GGD’en, RIVM en andere betrokken partijen. Het LFI krijgt twee taken. Ten eerste zullen zij bij een nieuwe pandemie zorgen voor snelle opschaling en aansturing van de medisch-operationele processen bij de GGD’en (via de DPG’en). Ook organiseert het LFI de centraal logistieke voorzieningen.

Ten tweede voert het LFI de centrale regie op de voorbereiding van de infectieziektebestrijdingsketen. Ontwikkeling van het coronavirus Hoe het coronavirus zich zal ontwikkelingen de komende tijd is niet goed te voorspellen. Uiterlijk in maart 2023 zal de minister van VWS de gesprekken starten over de toekomst van de coronaactiviteiten. Wat de uitkomsten zullen zijn van deze gesprekken is niet te voorspellen. Wat wel zeker is, is dat de corona activiteiten de komende tijd er anders uit zullen zien. Een scenario is dat bepaalde processen verder of misschien wel volledig worden afgeschaald. Voor de bestrijding van de coronapandemie was het effectief de taken vanuit een aparte corona-afdeling te organiseren. Om GGD Twente toekomstbestendig te maken én pandemisch paraat te staan zal de corona-afdeling medio 2023 samengaan met de staande organisatie (GGD). Geleerde lessen worden meegenomen in het ontwerp. De Tweede Kamer besloot tot het houden van een parlementaire enquête coronabestrijding. Ook al is de precieze opdracht nog niet geformuleerd, het is te voorzien dat ook de GGD’en gevraagd wordt informatie aan te leveren. GGD GHOR Nederland heeft de regie en is reeds gestart met de voorbereiding op deze parlementaire enquête. Gezond en actief leven akkoord (GALA) en integraal zorg akkoord (IZA) Op het gebied van preventie staat een hoop te gebeuren in de komende jaren.

Zowel zorgverzekeraars, als de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) en VWS hebben uitgesproken dat er een verschuiving van zorg naar preventie moet gaan plaatsvinden: een verschuiving van focus op ziekte naar focus op gezondheid. In het Gezond en actief leven akkoord (GALA) en het Integraal Zorgakkoord (IZA) is verder uitgewerkt hoe dit zou moeten worden vormgegeven. Doel van het GALA is een gezonde generatie in 2040 met als subdoelen onder anderen terugdringen gezondheidsachterstanden en inzetten op een kansrijke start. Daarnaast focust GALA zich ook op een gezonde fysieke en sociale leefomgeving. GALA is een bouwsteen in een sluitende keten van gezondheidspreventie, care (zorg) en cure (medische zorg). GALA vervangt een groot aantal regelingen, zoals het lokaal preventie- en sport akkoord, Kansrijke start, Gezond-in-de-stad, Eén tegen eenzaamheid. Doel van het IZA is te zorgen voor een houdbaar zorglandschap, waarin de nadruk verschuift van ‘zorg’ naar ‘gezond leven’. In 2023 en 2024 komen er wijzigingen in de manier waarop het ministerie van VWS de gemeenten financiert voor het maken van beleid en interventies voor gezondheid en sociaal domein. Ook het deel van de GGD’en dat wordt gefinancierd voor het maken van beleid en interventies voor publieke gezondheid verandert hiermee.

Meer preventieve inzet is gewenst om zwaardere problematiek te voorkomen De noodzaak van preventieve inzet is aangetoond en wordt benoemd in diverse landelijke lange termijn visies Toekomstagenda Jeugd en in de Meerjarenvisie 2023-2026 van het Nederlands Centrum Jeugdgezondheid. Zo vroeg mogelijk investeren is nodig om het zorgstelsel houdbaar te houden. Het gaat hierbij niet alleen om preventie op individueel niveau, maar ook op collectief niveau. De complexiteit van vraagstukken die spelen rondom jongeren lijkt de laatste jaren groter te worden. Dit is een tendens die niet alleen bij de Jeugdgezondheidszorg (JGZ), maar bijvoorbeeld ook in de Jeugdzorg wordt gesignaleerd. Het beroep op de Jeugdzorg is de afgelopen jaren gestegen. Van de

3

JGZ wordt een grotere rol gevraagd bij de preventie van zwaardere problematiek en samenwerking met andere partijen ten aanzien van deze vraagstukken. Dit vergt een oriëntatie op het mogelijk verruimen van consulten en op onze inzet in de samenwerking met partners binnen het Sociaal Domein. Economische ontwikkelingen en effect op gezondheidsverschillen Gezondheidsverschillen zijn verschillen tussen groepen mensen qua levensverwachting, aantal gezonde jaren en ervaren gezondheid. Uit de volksgezondheidtoekomstverkenning van het RIVM blijkt dat het percentage mensen met een lage sociaaleconomische status dat zich gezond voelt, tot 2040 afneemt, terwijl dit voor mensen met een hoge sociaaleconomische status niet verandert. De verwachting is daarmee dat gezondheidsverschillen alleen maar groter worden. Er zijn veel factoren van invloed op deze gezondheidsverschillen. Eén van die factoren is sociaaleconomische status. Door de huidige economische ontwikkelingen groeit de groep die op of onder de armoedegrens leeft. Moeite met rondkomen hangt samen met een slechtere gezondheid voor de kinderen en jongeren, zo blijkt uit de Twentse gezondheidsverkenning - GGD Twente. Steeds meer aandacht voor de meest kwetsbaren is nodig. Door de inflatie en de stijging van de energiekosten hebben steeds meer mensen moeite met rondkomen.

Niet alleen bij groepen met een laag inkomen, waarvan je verwacht dat dit gebeurt, maar ook bij groepen in de samenleving die een hoger inkomen hebben. Energiearmoede is een nieuw fenomeen. Dit betekent dat in veel huishoudens de stress toeneemt om de eindjes aan elkaar te knopen. Dit heeft zijn weerslag op kinderen die in zo’n gezinssetting opgroeien. Maar heeft ook weerslag op volwassen; waaronder ouders met kinderen. Stress is van invloed op veel zaken. Waaronder bijvoorbeeld huiselijk geweld. Zowel stress als de financiële tekorten door bijvoorbeeld energiearmoede hebben invloed op het maken van gezonde keuzes; openstaan voor een meer gezonde leefstijl. Gezonde leefomgeving en de omgevingswet De aandacht voor het thema gezonde leefomgeving is de afgelopen jaren enorm toegenomen. Onder de Wet publieke gezondheid is het meewegen van mogelijke gezondheidseffecten van beoogd beleid ook al verplicht, maar de op komst zijnde Omgevingswet werkt nu (ondanks het vele uitstel) als een vliegwiel. De blijvende onduidelijkheid over de ingangsdatum van de omgevingswet maakt dat dit een complex vraagstuk is. De inwerkingtreding van de Omgevingswet is wederom uitgesteld naar 1 juli 2023. Gemeenten constateren dat daarmee het debat over inwerkingtreding wederom naar achteren is geschoven. Getwijfeld wordt of deze datum haalbaar is.

Dit impliceert dat tijdige zekerheid voor gemeenten en ketenpartners (zoals GGD Twente) opnieuw in het gedrang komt. In Twente wordt daarom bekeken op welke wijze de huidige samenwerking geconsolideerd en geborgd kan worden. Richting die gekozen wordt, is om vooral gebruik te maken van de opgedane samenwerking en het benutten van de aanwezige regionale structuren en overleggen (Vergunning, Toezicht en Handhaving). Voor GGD Twente betekent dit dat we advisering gezondheid in de fysieke leefomgeving (conform de Wet publieke gezondheid) moeten borgen om aansluiting te houden bij de regionale samenwerking. Vaccinatiebereidheid als maatschappelijk thema. Vaccineren gebeurt op vrijwillige basis. Een groot deel van de burgers heeft vertrouwen in de vaccinatiezorg en vertrouwt op expertise, maar door de jaren heen is een groeiende groep burgers kritisch op publieke vaccinatiezorg. Waar voorheen geloofsovertuigingen voorop stonden bij het weigeren van vaccinaties, speelt nu wantrouwen jegens de overheid en wetenschap een prominente rol. Deze kritische geluiden verspreiden zich snel op social media en kwamen veelvuldig in het nieuws rondom de corona-vaccinatiecampagnes. Mogelijk tast deze dynamiek de vaccinatiebereidheid van inwoners aan. Het effect op het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) is tot nog toe gering, maar dit vergt wel blijvende aandacht.

Bestuursagenda Publieke Gezondheid (PG) en Werkprogramma SamenTwente In 2023 loopt de huidige bestuursagenda af. Daarnaast is binnen de gemeenteschappelijke regeling SamenTwente afgesproken dat de organisatie een vierjaarlijks werkprogramma heeft. In 2023 zal hier in overleg met het algemeen bestuur uitvoering aangegeven worden. Onduidelijk is op dit moment wat de beleidsinhoudelijke en financiële impact zal zijn.

4

Hervorming Jeugdzorg 2022-2028 Op 13 mei 2022 verscheen de kamerbrief Hervorming Jeugdzorg d.d.13 mei 2022. De kamerbrief leidt tot een doorstart van de hervormingsagenda. In de recente ontwikkelingen zoals het vaststellen van de regiovisie Jeugdhulp zijn wij in afwachting geweest van deze doorstart. Deze kamerbrief heeft impact op onze samenwerkingsagenda en in de uitwerking ook op de regionale inkoopstrategie en de regionale samenwerking. maar biedt ons ook de kans om aan te sluiten op de landelijke ontwikkelingen. Tegelijkertijd is het zo dat wij in jeugdzorgregio Twente al de nodige stappen hebben gezet op weg naar deze hervormingen. In de kamerbrief staat dat de decentralisatie van de jeugdzorg onvoldoende is waargemaakt. Vooral omdat passende hulp dichtbij huis nog lang niet altijd gerealiseerd wordt en de jeugdzorgkosten alleen maar gegroeid zijn. Het kabinet wil de komende maanden met gemeenten en in nauwe samenwerking met professionals, aanbieders en cliëntorganisaties komen tot een pakket aan maatregelen. Deze maatregelen moeten leiden tot verbetering van de kwaliteit van de jeugdzorg en beheersing van de kosten. De kamerbrief bevat veel herkenbare thema’s. De plannen waren veelal bekend.

Op een aantal onderdelen is de brief stellend van karakter, daar waar dat niet geheel verwacht werd: regionaal veiligheidsteam in het Toekomstscenario Kind en gezinsbescherming, het concreet benoemen van een termijn van 2 jaar voor afbouw-ombouw jeugdzorgplus. Niettemin zijn de thema’s zoals genoemd in de kamerbrief onderwerpen waar we in Twente al mee bezig zijn of in het vizier hadden. De lijn in de brief loopt niet uit de pas met de ingezette ontwikkelingen in onze regio. Het zoeken naar de rode draad vanuit alle initiatieven, inzicht en overzicht in de reeds lopende initiatieven is nodig en hierop te organiseren vanuit overzicht en samenhang heeft onze volle aandacht. Vanwege de lopende trajecten op de inkoop Jeugdhulp en Samenwerkingsagenda is een Twentse reflectie gemaakt om de juiste focus en prioriteit niet alleen ambtelijk, maar ook bestuurlijk te kunnen aanbrengen. Veranderingen in de jeugdbeschermingsketen Dit thema hangt inhoudelijk samen met de hervorming van de jeugdzorg maar verloopt via een andere programmastructuur. De komende jaren zullen we te maken krijgen met grote veranderingen in de jeugdbeschermingsketen. In het programma “Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming”, opgesteld in opdracht van de ministeries van Justitie en Veiligheid en VWS, en de VNG worden deze veranderingen beschreven.

In het huidige stelsel van de jeugdbescherming Nederland zijn taken en verantwoordelijkheden ondergebracht bij verschillende ministeries en bij lokale overheden. Kijkend naar de verschillende uitvoeringsorganisaties betrokken bij gezinnen, dan zien we organisaties met eigen taken en bevoegdheden, vaak tot in detail vastgelegd in eigen wet- en regelgeving, beleid en protocollen. Het toekomstscenario kind- en gezinsbescherming wil hier een verbeterslag in maken. Het schetst een nieuwe opzet om tijdig passende hulp en ondersteuning vorm te geven. Die nieuwe manier van werken moet samenhangende hulp en steun organiseren voor het hele gezin. Deze ontwikkelingen zullen een grote impact hebben op de jeugdbeschermingsketen. Veilig Thuis Twente zal hier dan ook de komende jaren mee te maken krijgen en is hierin een belangrijke partner. In de voorliggende periode zal er onder leiding van de aangestelde kwartiermaker, hard worden gewerkt aan de reorganisatie van de hele keten in onze regio. Men wil de functionaliteiten van de Raad voor de Kinderbescherming, Gecertificeerde instellingen en Veilig Thuis organisaties bundelen naar één regionaal veiligheidsteam. Veilig Thuis Twente zal hierin een belangrijke bijdrage hebben en deze omwikkeling zal van ons ook een brede inzet vragen.

5

4. Ontwikkelingen met (mogelijk) financiële impact Hier schetsen we ontwikkelingen die op korte termijn spelen. Sommige hebben een financiële impact die al duidelijk is. Van andere ontwikkelingen wordt de komende tijd helder welke impact deze hebben. In onderdeel 4.1 van dit hoofdstuk worden de ontwikkelingen, die mogelijk financiële impact hebben, beschreven. De ontwikkelingen waarvan de financiële impact al bekend is, zijn opgenomen in onderdeel 4.2.

4.1 Ontwikkelingen met nog onbekende financiële impact op de begroting 2024 en verder Gezond en Actief Leven Akkoord en Integraal Zorg Akkoord De financiering van een deel van de gemeentelijke taken (en als onderdeel daarvan een deel van de taken van GGD Twente) binnen de akkoorden GALA, IZA wordt geregeld via een Specifieke Uitkering (SPUK). Het Ministerie van VWS vraagt gemeenten om in 2023 plannen op te stellen om de doelstellingen uit de akkoorden te behalen. Gemeenten kunnen op basis daarvan een aanvraag doen bij VWS voor de SPUK in 2023 en 2024. VWS vraagt gemeenten om bij een aantal onderwerpen regionaal samen te werken. GGD Twente kan de gemeente ondersteunen bij het opstellen van de plannen door kennis over trends en cijfers en advies hierover te verstrekken. Dit is ook de natuurlijke rol van de GGD. Daarnaast kan de GGD ondersteunen door mee te denken bij het schrijven van de plannen. Programma nu niet zwanger Preventie zo vroeg mogelijk in het leven en investeren in de eerste levensjaren is belangrijk. We vergroten de impact in deze levensfase met het programma nu niet zwanger. Dit is een programma waarin met mensen in kwetsbare omstandigheden gesproken wordt over de kinderwens. Cliënten kunnen als het niet het juiste moment is voor een kind kosteloos begeleid worden naar anticonceptie.

Met als uitkomst dat uiteindelijk minder kinderen geboren worden in kwetsbare omstandigheden. Dit voorkomt op termijn problemen in het gezin en levert een besparing op kosten van Jeugdzorg en voorkomt leed. Dit programma is nu nog gebaseerd op projectfinanciering. De SPUK voor preventie/kansrijke start (zie hierboven) biedt de gemeenten kansen om het programma (structureel) voor te zetten. Toekomstbestendigheid forensische geneeskunde Er wordt gewerkt aan nauwere samenwerking tussen de vijf GGD regio’s in Oost Nederland. Dit om aan forensische geneeskunde een toekomstbestendige invulling te geven en om te gaan met het tekort aan forensisch artsen. Om de dienstverlening in Twente te kunnen garanderen is het mogelijk dat er gewerkt gaat worden met een regionaal rooster. Dit maakt de bezetting stabieler. In de huidige plannen ontstaat er een centrum-GGD die dan regie voert over het rooster van regio Oost. Deze transitie kan kosten met zich meebrengen. Dit wordt momenteel uitgewerkt en zal separaat ter besluitvorming aan het algemeen bestuur worden gelegd. Ontwikkelingen Rijksvaccinatieprogramma (RVP) Voor een goede bescherming tegen infectieziekten is het belangrijk dat voldoende mensen worden gevaccineerd. Het RVP is altijd in ontwikkeling. Vanaf 2024 wordt het RVP uitgebreid met de vaccinatie tegen het Rota virus voor pasgeborenen.

Het betreft hier niet een prik, maar een drinkvaccin. Een landelijke aanpassing in het RVP vraagt altijd dat onze GGD zich hierop voorbereidt, aanpassingen verwerkt in de coördinatie van het werk, in de organisatie van de spreekuren en in scholingen. Een uitbreiding van het RVP wordt aanvankelijk gefinancierd vanuit het RIVM en na enige tijd structureel opgenomen in het gemeentefonds. De afspraak met het algemeen bestuur is dat GGD Twente deze middelen vervolgens ophaalt bij de gemeenten. Gratis kinderopvang In 2025 zal er mogelijk gratis kinderopvang komen. Als dit doorgaat, dan is de verwachting dat de vraag naar kinderopvang groter wordt, met als gevolg dat er een toename aan nieuwe locaties zal ontstaan in de loop van 2024. Ook het aantal inspecties die wij uitvoeren neemt daarmee toe. Vraag is of de markt het aankan, omdat er ook een grote personeelskrapte is in de kinderopvang.

6

Werk van de JGZ neemt toe Een conclusie die we trekken is dat we verwachten dat in 2030 ongeveer 20-25% minder jeugdartsen tot onze beschikking zullen zijn, maar dat het werk voor de JGZ gaat toenemen in volume. Op dit moment worden er al maatregelen getroffen om de dienstverlening toekomstbestendig in te kunnen zetten. Daarbij kijken we naar herschikking van taken, maar ook naar het toepassen van de GIZmethodiek waarin samen met ouders de zorgbehoefte effectief en efficiënt in kaart wordt gebracht. GIZ staat voor gezamenlijk inschatten zorgbehoefte. Het wordt een uitdaging om deze toekomstbestendige werkwijze binnen de huidige financiële kaders vorm te geven. Op dit moment vinden er verschillende pilots plaats om schoolaanwezigheid van leerlingen op scholen te stimuleren. De JGZ neemt deel aan deze pilots. Wanneer deze pilots regiobreed worden uitgerold op scholen, dan is de verwachting dat dit een grotere inzet van de JGZ vraagt dan op dit moment beschikbaar is voor de begeleiding van schoolziekteverzuim van leerlingen.

Verhoogde instroom van kinderen/jongeren vanuit het buitenland en daaraan gekoppelde complexe regelgeving en financiering van de JGZ-dienstverlening Er is sprake van een verhoogde instroom van verschillende doelgroepen vanuit het buitenland: asielzoekers, vergunninghouders, gezinsherenigers, vluchtelingen uit Oekraïne en mensen die worden opgevangen in de noodopvang. Tussen bepaalde Europese landen is het vrij over en weer te gaan wonen en werken. Voor alle instromende groepen van kinderen wordt extra dienstverlening ingezet, denk aan het uitzoeken en inhalen van achterstallige vaccinaties en de inzet van tolken. Bij deze groepen horen verschillende verantwoordelijkheden en geldstromen: - het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) koopt de zorg van JGZ in voor de asielzoekerscentra.

De financiering voor de JGZ verloopt dan ook via het COA.; - als mensen vergunninghouder zijn en gevestigd binnen een gemeente, volgt reguliere financiering voor de JGZ vanuit de gemeenten; - het COA verzorgt de noodopvang, die duurt soms zo lang dat kinderen al gezien worden door de JGZ, ook al zijn ze nog niet ingeschreven bij de gemeente, daardoor is er geen financiering voor deze kinderen (dit probleem is landelijk aangekaart); - voor Oekraïners is landelijk extra financiering geregeld via de gemeenten: het is echter nog onzeker hoelang dit duurt; - overige nieuwkomers vanuit het buitenland, waaronder arbeidsmigranten, die zich hier vestigen en ingeschreven zijn bij een gemeente vallen onder de reguliere dienstverlening, maar hebben soms wel extra dienstverlening nodig. Regeling aanvullende seksuele gezondheid en financiering PrEP De Subsidieregeling Publieke Gezondheid, waar de regeling Aanvullende Seksuele Gezondheidszorg deel van uitmaakt gaat gewijzigd worden in 2024. In een nieuwe voorstel van het RIVM wordt seksuele gezondheidszorg en -preventie opgenomen als wettelijke taak, waarbij het RIVM een coördinerende taak heeft en de GGD’en een uitvoerende taak. Streven is om de huidige praktijk en uitvoering zoveel mogelijk in stand te houden. Ook de PrEP (medicijn die beschermt tegen hiv) financiering wordt naar beneden aangepast.

Nu mogen PrEP-gebruikers 4 consulten per jaar ontvangen, dat gaat terug naar 2 (tenzij er aanleiding is voor extra consulten). Structurele toename van de adviezen en meldingen bij Veilig Thuis Twente (VTT) Na de structurele uitbreiding van 6 fte vanaf 2020, heeft VTT tot op heden nagenoeg wachtlijstvrij gewerkt (pieken hebben we binnen redelijke termijnen weggewerkt). Echter we bereiken de grenzen van onze capaciteit. Dit raakt het wachtlijstvrij werken én de ambities die gesteld zijn in het jaarplan in het kader van doorontwikkeling en verdieping. Vanaf 2020 zien we een forse toename in de adviezen (6,2%) en meldingen (25,8%). Omdat VTT een “open einde regeling” is te noemen, zijn we gehouden onze wettelijke taken uit te voeren. Dit betekent dat we alle adviesvragen en meldingen moeten uitvoeren en daarbij tevens gehouden zijn aan de daaraan gekoppelde wettelijke termijnen. Fluctuaties in de werkzaamheden van VTT zijn er eigenlijk altijd, tijdelijk vangen we dit risico op via de reserve. Momenteel onderzoeken wij in hoeverre dit incidenteel opgevangen kan worden en/of er een structureel aanpassing van de begroting is vereist.

7

Ontwikkelen van een MDA++ aanpak in de regio MDA++ is een breed overstijgende (++) multidisciplinaire aanpak voor huiselijk geweld en kindermishandeling. Het gaat over casuïstiek (gezinssystemen) waarin ernstige multi-problematiek aan de orde is. Waarbij dit structureel, langdurig en terugkerend is, ondanks inzet van reguliere hulp en interventies. Gezinnen raken steeds opnieuw in crisis. De inschatting is dat het in onze regio gaat om 30-60 gezinnen op jaarbasis. Het is een landelijke opdracht aan de Veilig Thuis organisaties om in elke regio een MDA++ aanpak te realiseren. Ook binnen het toekomstscenario krijgt MDA++ een plek. Vanuit een werkgroep, aangestuurd door de projectleider Geweld Hoort Nergens Thuis en externe ondersteuning vanuit dit project, in samenwerking met het Veiligheidshuis Twente en VTT ligt er een adviesnota. MDA++ is opgenomen als speerpunt in de regiovisie huiselijk geweld en kindermishandeling. Opwaartse druk van salarissen mede door personeelstekort We zien dat onze salarislasten fors stijgen. Dit heeft ook te maken met landelijke ontwikkelingen waardoor bijvoorbeeld artsensalarissen toenemen. In de huidige krappe arbeidsmarkt van zowel zorgprofessionals als ondersteunend personeel hebben wij grote moeite mensen te binden en te boeien voor onze organisatie. Reeds meerdere jaren rapporteren wij over het artsentekort in de regio.

Dit is in het afgelopen jaar verder opgelopen. Deze problematiek uit zich ook in steeds verder toenemende salariskosten. Binnen de organisatie zijn momenteel voor het huidige functiegebouw meerdere functie (her)waarderingen gaande. Deze herwaarderingen leiden tot hogere kosten dan het beschikbare budget. Herijking reiskostenregeling Momenteel laten wij een extern onderzoek uitvoeren naar onze reiskostenregeling. De uitgangspunten van onze huidige reiskostenregeling worden getoetst aan fiscale en juridische houdbaarheid, draagvlak onder medewerkers en aan administratieve inrichting. Er wordt onder meer onderzocht of onze regeling nog passend is in de huidige tijd waarbij er sprake is van stijgende brandstofprijzen. Het is mogelijk dat uit het onderzoek blijkt dat we naar een nieuwe regeling moeten. Een regeling die waarschijnlijk financieel voor ons als werkgever tot hogere kosten zal leiden. Overgang naar functiewaarderingssysteem HR21 Momenteel werken wij een aansluiting bij HR21 uit. Ons huidige systeem van functiewaardering is verouderd en wordt niet meer onderhouden en is daardoor niet meer passend bij de huidige situatie. Overgang naar het landelijke systeem van de VNG, HR21, is het meest logische. Versterkingen IT-omgeving en informatiebeveiliging Onze organisatie heeft veel privacygevoelige informatie van de Twentse burgers.

Onze cliënten en partners moeten erop kunnen vertrouwen dat we op integere en veilige manier met data omgaan. Het betreft bijvoorbeeld ook, beveiligde toegang tot het pand, veilige uitwisseling van gegevens, consequent beheer van systemen, regie op uitbestede processen en adequaat handelen in geval van incidenten. Het datalek in de corona-informatievoorziening heeft aangetoond dat dit een belangrijke pijler is onze dienstverlening maar ook een belangrijke pijler in de versterking van de pandemische paraatheid. Vanaf 2022 zijn wij op basis van intern plan van aanpak “Versterking weerbaarheid en vermindering kwetsbaarheid IT-omgeving” volop aan het investeren op deze onderwerpen. Incidentele kosten bekostigen wij (vanaf 2022 t/m 2024) uit de hiervoor ingestelde reserve maar er zullen ook structurele kosten ontstaan. Bijvoorbeeld door toename van licentiekosten. We proberen eerst of we deze kosten binnen de bestaande begroting kunnen opvangen en anders komen we met een dekkingsvoorstel. Wet open overheid De Wet open overheid (Woo) regelt het recht op informatie over alles wat de overheid doet. Het is de opvolger van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). De Woo is bedoeld om de overheid transparanter te maken. Met ingang van 1 mei 2022 is deze van kracht geworden. Vergeleken met de Wob is een aantal zaken gewijzigd.

Zo maakt de overheid niet meer alleen op verzoek informatie openbaar. Zij moet dit nu ook actief doen (voor 11 categorieën van informatie), zonder voorafgaand verzoek. Andere veranderingen gaan over de afhandelingstermijn van de verzoeken en over de organisaties aan wie een verzoek kan worden gericht. De basis voor de Woo is een goede informatiehuishouding zodat de doelen van de wet bereikt kunnen worden. Afgelopen periode hebben

8

wij een externe nulmeting laten uitvoeren voor wat betreft de staat van digitale archieven en wat er nog moet gebeuren om te kunnen voldoen aan de eisen van digitaal duurzaam ontsluiten van informatie en toegankelijk krijgen en houden hiervan. Uit deze nulmeting zijn 16 punten gedefinieerd als een “must” (verplicht om goed op orde te hebben voordat je de Woo goed kunt implementeren). We willen deze musts, die voornamelijk gaan over het op orde brengen van de informatiehuishouding en aanpassen van processen, projectmatig met prioriteit oppakken. De gemeenten hebben vanuit de meicirculaire 2021 voor zowel de eigen organisatie als de gemeenschappelijke regelingen geld ontvangen. Op 25 januari 2023 is in het algemeen bestuur het voorstel om projectfinanciering op te halen bij de gemeenten voor de implementatie van de Woo besproken. Het algemeen bestuur heeft hierover geen besluit genomen omdat ze dit voorstel onvoldoende uitgewerkt vonden. Het bestuur miste onder meer het bredere perspectief dat dit ook speelt voor andere gemeenschappelijke regelingen en gemeenten. Hier zijn mogelijk efficiency voordelen te behalen. De komende tijd gaan we de samenwerking zoeken met andere gemeenschappelijke regelingen en gemeenten. Het voorstel zal later terugkomen op de bestuurlijke tafel.

Uitbreiding meldpunt Zorgwekkend Gedrag voor politiemeldingen Mogelijk wordt het meldpunt verder uitgebreid voor politiemeldingen E33/14. Voor de uitrol van de politiemeldingen sluiten we aan bij de landelijke start hiervan. Het is nog niet bekend wanneer er gestart gaat worden. Op dit moment vindt er een pilot plaats in een andere regio in Nederland. Deze wordt geëvalueerd en daarna kan overal gestart worden. In november heeft de VNG aangegeven dat de uitrol politiemeldingen waarschijnlijk in het 2de kwartaal 2023 gaat plaatsvinden. Hiervoor wordt te zijner tijd een voorstel voorgelegd aan het algemeen bestuur.

9

4.2 Ontwikkelingen met financiële impact op de begroting van 2024 en verder Gezonde School Aanpak: versterken preventieve inzet Met de Gezonde School Aanpak zetten we in op een hoger fysiek en mentaal welbevinden van kinderen en jongeren en het versterken van het gezond gedrag bij kinderen en jongeren. Het algemeen bestuur heeft op 25 januari 2023 ingestemd met het voornemen om de Gezonde School Aanpak structureel voor te zetten en de financiering (€ 185.000) vanaf 2024 te betrekken bij de behandeling van de begroting. De gemeenteraden kunnen hierop via de programmabegroting 2024 een zienswijze indienen. Uitbreiding meldpunt zorgwekkend gedrag Het algemeen bestuur heeft op 8 december 2021 besloten het meldpunt vanaf 2023 structureel te beleggen bij GGD Twente. In de bestuursrapportage 2022 is gemeld dat het meldpunt geconfronteerd is met een forse toename van meldingen (bijna 80%) van o.a. (zorg)professionals, procesmanagers/wijkcoaches gemeenten en woningcorporaties. De werkzaamheden zijn niet uitstelbaar en leiden tot inzet van extra personeel. Om aan onze wettelijke verplichtingen te kunnen blijven voldoen heeft het algemeen bestuur ingestemd met het voornemen om vanaf 2023 de capaciteit van het meldpunt structureel uit te breiden met € 0,89 fte (€ 95.000 per jaar). Deze uitbreiding wordt betrokken bij de begrotingsbehandeling van 2024.

De gemeenteraden kunnen dan voor zowel 2023 als 2024 en verder een zienswijze indienen op de uitbreiding van de begroting.

10

5. Financieel meerjarenperspectief Een blik op het verleden Met het vaststellen van de veranderopdracht Regio Twente op 10 juni 2021 zijn er taakstellingen doorgevoerd op onze organisatie als rechtsopvolger van Regio Twente. In totaal moest er afgerond € 1,6 miljoen structureel bezuinigd worden. Via de jaarstukken 2021 hebben wij het algemeen bestuur geïnformeerd dat er van deze taakstelling nog structureel € 161.000 gerealiseerd moet worden. Daarnaast heeft Veilig Thuis Twente nog een in te vullen taakstelling van € 96.000 structureel vanuit de invlechting in 2018 vanuit Jeugdbescherming Overijssel. We voeren een strak financieel beleid en varen scherp aan de wind. Aangezien we ook nog taakstellingen te realiseren hebben betekent het dat autonome ontwikkelingen niet intern opvangen kunnen worden. Dat we strak sturen blijkt ook uit het feit dat de jaarrekeningresultaten van de afgelopen jaren, ondanks verdubbelingen van de begrotingen door extra taken, marginaal afwijken van de begroting. Een blik op de toekomst; 2024 en verder Het geven van een financieel toekomstscenario is complex en is omgeven met onzekerheden. Er spelen ontwikkelingen die invloed hebben op zowel de inkomsten als uitgaven van onze organisatie.

Hogere inkomsten: • We verwachten € 1,2 miljoen incidenteel aan subsidie voor de jaren 2023 en 2024 vanuit de versterking infectieziektebestrijding en pandemische paraatheid. Dit zal via een SPUKaanvraag gaan. Met deze aanvullende opbrengsten zullen we in eerste instantie incidenteel uitvoering geven aan het plan versterking pandemische paraatheid en versterking infectieziektebestrijding. Lagere inkomsten: • De taakstellingen op de gemeentelijke bijdragen vanuit de veranderopdracht en Veilig Thuis Twente leiden tot verlaging van onze opbrengsten van bijna € 260.000 structureel. In voorbereiding op de begroting van 2024 onderzoeken wij momenteel welke maatregelen we kunnen treffen om de taakstellingen structureel te kunnen invullen. • Via de bestuursrapportage 2022 hebben wij het algemeen bestuur geïnformeerd dat de Twente Board vanaf 1 januari 2023 niet meer de huisvesting gaat afnemen in het Twentehuis. Dit was wel een invulling van de taakstellingen vanuit de veranderopdracht. Omdat we vanaf 2023 een lagere huurlast hebben onderhandeld met de verhuurder resteert er nog een in te vullen taakstelling van ongeveer € 80.000 op de huisvesting. We verwachten dat de organisatie gaat groeien in personeel in verband met de versterking van de pandemische paraatheid en dat we hiervoor ook huisvesting moeten organiseren.

Dekking is dan afkomstig vanuit de middelen van pandemisch paraatheid. Deze zullen leiden tot hogere inkomsten. Hogere kosten: • Vanuit het werkplan OZJT 2023 merken we dat er veel ambities zijn die een nadere uitwerking vragen in 2023. Veelal betreft dit extra taken die op dit moment niet begroot zijn. Voorbeelden hiervan zijn: vanuit de positieve evaluaties en gesprekken met de gemeenten en andere ketenpartners wordt er gesproken over de wens om de jeugdbeschermingsrafels (JBT) uit te breiden met andere onderwerpen dan de huidige drie momenten. JBT gaat samen met deze ketenpartners onderzoeken welke wensen er zijn, welke mogelijkheden en valkuilen er zijn en welke route gevolgd dient te worden om deze doorontwikkeling te realiseren. In de begroting van de JBT zijn hiervoor geen middelen beschikbaar. • De verwachting is dat het toevoegen van de gemeentelijke toegangsdata in de ketenmonitor ook vanuit andere monitoringsvraagstukken een actueel onderwerp wordt, o.a. in de Twentse Monitor Sociaal Domein en Aanpak Wachttijden. Het opnemen hiervan in de ketenmonitor valt buiten de reguliere begroting en is meerwerk. In afstemming met de werkgroep Jeugdbescherming en Jeugdreclassering zal indien gewenst een separate offerte worden opgesteld. • De vraag naar advisering op Milieu en Gezondheid (M&G) is de laatste jaren gestegen, waardoor de begroting overschreden is.

Dit tekort is grotendeels opgevangen door GGD IJsselland. Zij kunnen dit niet langer doen, er is scheefgroei ontstaan. GGD Twente zal een grotere bijdrage moeten leveren aan team M&G dat door IJsselland en Twente gezamenlijk wordt uitgevoerd. 11

•

12

Kennispunt Twente heeft haar tarieven moeten verhogen om hun begroting realistisch in evenwicht te houden. Dit leidt bij OZJT tot hogere uitgaven. We werken meerdere scenario’s uit over hoe we dit kunnen opvangen. We verwachten dat we in 2024 bezig zullen zijn met de implementatie van een nieuw digitaal dossier van de JGZ. In 2023 start de aanbesteding voor het aanschaffen van een nieuw pakket. Van aanbesteden tot en met implementeren schatten we dat dit ca. 1,5 jaar duurt. De raming is dat dit incidenteel € 500.000 aan kosten met zich brengt. De dekking hiervan is afkomstig uit de reserve “Aanbesteding nieuw digitaal dossier” die naar aanleiding van de besluitvorming in het algemeen bestuur van 14 december 2022 over het GGiD is gevormd. De structurele kosten, naar schatting € 400.000 per jaar, zijn reeds gedekt in begroting.

6. (Financieel-technische) kaders voor de begroting 2024 De begrotingskaders zijn in 2020 door de gemeenten via het portefeuilleberaad Middelen opnieuw herijkt. SamenTwente voert deze uitgangspunten jaarlijks door in de begroting. De (geactualiseerde) begroting van het lopende begrotingsjaar vormt in eerste aanleg het financiële kader voor de begroting van het komende begrotingsjaar. 6.1 Loon- en prijscompensatie De loon- en prijstendensen blijven uiteindelijk veruit de belangrijkste factor van de ontwikkeling van onze begroting en van de gemeentelijke bijdrage. De looncomponent werkt bovendien het zwaarst door, ca. 75% van onze kosten bestaat uit salariskosten. Jaarlijks doen de gemeenten ons als verbonden partij de uitwerking voor de mee te nemen loon- en prijsontwikkelingen als uitgangspunt. De afgesproken systematiek van becijfering leidt tot extreme uitkomsten maar wordt wel gehandhaafd De door ons te hanteren uitgangspunten voor de loon- en prijsontwikkeling worden jaarlijks door de gemeenten becijferd op basis van een vaste afgesproken systematiek. Deze systematiek is hieronder uitgewerkt. Dit jaar constateren de gemeenten dat door het hanteren van de systematiek de hieronder uitgewerkte indexeringen (+4,2% voor lonen en +12,7% voor prijzen) zwaar gaan drukken op de gemeentelijke begrotingen.

De stijgingen bij de gemeenschappelijke regelingen worden aan de kant van de gemeenten gecompenseerd door het Rijk via het gemeentefonds maar wellicht onvoldoende. Gemeenten worden jaarlijks in de meicirculaire geconfronteerd met de loon- en prijscompensatie die het Rijk doorvoert. Met het Rijk is afgesproken dat de volumecomponent van het accres voor de jaren 2022-2025 is vastgezet. Er wordt nog wel loon- en prijscompensatie (LOP) verrekend met de gemeenten. Deze LOP wordt gepubliceerd in het Centraal Economisch Plan en in de Macro Economische Verkenning (MEV). Voor 2024 is vooralsnog 3,38% verrekend in de septembercirculaire 2022. Als hierdoor gemeenten grote nadelige verschillen ontstaan moeten gemeenten uitgaven beperken. SamenTwente pleegt ieder jaar een uiterste inspanning om de kosten voor gemeenten zo laag mogelijk te houden. Looncompensatie 2024 De cijfers van de MEV dienen als basis voor de berekening van de compensatie van loon- en prijsstijgingen. Voor de begroting 2024 worden de cijfers uit de MEV 2023 van september 2022 gehanteerd. Momenteel wordt er onderhandeld over de cao 2023. Er zijn wel eisen, maar geen uitkomsten te melden op het moment van schrijven en daarom worden de effecten hiervan in overeenstemming met afspraken met de gemeenten, nog niet meegenomen. Zodra deze effecten duidelijk zijn zullen we hierover communiceren.

Uitgaande van de werkelijke loonkosten per 1-1-2023 (herrekend naar jaarlasten) geldt dan voor 2023 een stijging met 3,3% en voor 2024 een stijging van 4,2%. Daarmee stijgen de loonkosten 2024 t.o.v. 1-1-2023 in totaal naar verwachting met (1*1,042*1,033=) 7,6%. In overeenstemming met afspraken met het algemeen bestuur wordt een verschil op de loonsom (overschot of tekort), voor zover het CAO-ontwikkelingen of mutaties in het stelstel van sociale zekerheid betreft, indien nodig separaat met de gemeenten verrekend via de tussentijdse rapportage of via de jaarstukken. Prijscompensatie Voor de prijsontwikkeling nemen de gemeenten voor de gemeenschappelijk regelingen de prijsontwikkeling zoals deze per september 2022 in MEV is gepubliceerd als uitgangspunt. Het Centraal Bureau voor de Statistiek stelt deze werkelijke inflatoire effecten achteraf nog bij. Deze bijstelling hebben de gemeenten nog niet in de prijsontwikkeling verwerkt voor gemeenschappelijke regelingen als we uitgaan van het prijspeil van de vorige begroting. Daarom worden de correcties over deze 3 jaren alsnog meegenomen voor de bepaling van de totale prijsontwikkeling voor het begrotingsjaar 2023. Dit leidt tot een prijsstijging ten opzichte van de begroting 2023 van 12,7%.

13

Prijspeiltoename 2024 van 2,4% wordt gecorrigeerd met een toename van 0,1% uit 2021, een toename van 5,9% uit 2022 en een toename van 4,3% uit 2023 en komt daarmee voor 2024 op 12,7%. 6.2 Vervangingsinvesteringen De investeringsruimte blijft op peil door de kapitaaluitgaven die in de begroting zijn afgeschreven, op te voeren als vervangingsinvesteringen. 6.3 Weerstandsvermogen/reserves en voorzieningen Er wordt weerstandsvermogen aangehouden zodat de organisatie zelf in staat is om risico’s op te vangen. Een kwalitatieve risicoanalyse is de basis voor deze buffers. Onze gemeenschappelijke regeling beschikt over een nota reserves en voorzieningen die de basis vormt voor ons weerstandsvermogen maar ook regels bevat hoe wij omgaan met reserveringen en voorzieningen. 6.4 Onvoorziene uitgaven Conform besluit van het algemeen bestuur wordt voor post onvoorzien € 45.000 als last geraamd met een even hoge onttrekking uit de algemene reserve ter dekking. 6.5 Tarieftaken Voor taken, die niet via de algemene bijdrage van gemeenten worden bekostigd, gelden tarieven die alle bedrijfskosten moeten afdekken. Denk bijvoorbeeld aan taken op het gebied van Inspectie & Hygiene en forensische geneeskunde. Deze tarieven, gerelateerd aan een reëel te verwachten omzet, dienen tenminste een kostendekkend exploitatieresultaat op te leveren. Dit sluit aan bij de wet Markt en Overheid.

In de risicoparagraaf zijn risico’s benoemd voor de tarieftaken indien bijvoorbeeld in enig jaar de opbrengst lager uitvalt dan begroot. 6.6 Samenwerking in coalition of the willing De coalitions of the willing activiteiten (maar ook projecten) hebben geen invloed op de gemeentelijke bijdrage, omdat de kostenverrekening tussen de deelnemende partijen op basis van onderlinge afspraken worden verrekend. 6.7 Aantal inwoners De gemeentelijke bijdrage 2024 (excl. de bijdrage jeugdgezondheidszorg) wordt verdeeld over de gemeenten op basis van de inwoneraantallen (in % van totaal) per 1 januari 2023 (eigen opgave gemeenten) en de bijdrage voor de jeugdgezondheidszorg op basis van het aantal jeugdigen 0-18 (in % van totaal) per 1 januari 2022 (cijfers CBS). 6.8 Euregio Vanuit de overgang van Regio Twente heeft SamenTwente twee medewerkers voor rekening van Euregio in dienst. Zij verrichten hun werkzaamheden volledig ten behoeve van deze organisatie. Alle kosten van deze medewerkers, worden net zoals onder Regio Twente, in rekening gebracht bij Euregio. Mocht er voor deze medewerkers geen werk meer zijn, ontstaat er bij ons als werkgever de verplichting om een werkeloosheidsuitkering (met een bovenwettelijke regeling voor ambtenaren) te betalen. Deze verplichting wordt volledig ten laste gebracht van Euregio.

Indien onverhoopt wegens ontoereikende financiële middelen Euregio niet aan deze verplichting kan voldoen, worden deze naar rato van het inwoneraantal verdeeld over de Nederlandse Euregio lidgemeenten. Dit is in overeenstemming met artikel 3 lid 1 van de Overeenkomst tussen Regio Twente en Regio Achterhoek inzake garantstelling financiële verplichtingen Euregio.

14

1

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hofvantwente.nl/api/v1/meetings/3969/documents/55091