06 TAM-omgevingsplan Kanaalweg 2 Markelo Bijlage - Bodemonderzoek.pdf
Tekst van het document
RAPPORT VERKENNEND (ASBEST)BODEMONDERZOEK conform NEN5740 en NEN5707 Kanaalweg 2 - Markelo
Opdrachtgever: Bureau Authentiek Locatie: Kanaalweg 2 7475 MA Markelo September 2025
Kruse Milieu BV Adres: Huyerenseweg 33 7678 SC Geesteren
Internet: info@krusegroep.nl www.krusegroep.nl
Tel: 0546 - 63 96 63 Bankgegevens: KvK: 06068751 ABN AMRO: BTW-nr: NL 8019.25.125.B01 NL34ABNA0501538739
Rapport Verkennend (asbest)Bodemonderzoek conform NEN5740 en NEN5707 Kanaalweg 2 - Markelo
Opdrachtgever: Bureau Authentiek Grotestraat 11b 7475 AZ Markelo Locatie: Kanaalweg 2 7475 MA Markelo Projectcode: 25019210 Rapportagedatum: 19 september 2025 Projectleider: de heer T. Krukkert Auteur: de heer T. Krukkert Kruse Milieu BV
INHOUD Pagina 1
Inleiding
1
2.1 2.2 2.3
Locatiegegevens Beschrijving huidige situatie Vooronderzoek Bodemsamenstelling en geohydrologie
2 2 2 3
3.1 3.2 3.3 3.4 3.5
Uitvoering bodemonderzoek Onderzoeksstrategie Veldwerkzaamheden Analyses Toetsing chemische analyses Toetsing asbestanalyses
4 4 5 5 6 7
4.1 4.2 4.3 4.4 4.5
Resultaten Algemeen Veldwerkzaamheden Resultaten en toetsing van de chemische analyses Bespreking resultaten chemische analyses Bespreking resultaten asbestanalyses
8 8 8 9 10 10
5
Samenvatting, conclusies en aanbevelingen
12
6
Literatuur en bronvermelding
14
2
3
4
Bijlagen I
Regionale ligging locatie Situatietekening technisch onderzoek asbestwegen Tebodin, juli 2005 Boorplan verkennend bodemonderzoek Kruse Milieu BV, september 2025 II Boorstaten en legenda boorstaten III Resultaten chemische analyses en toetsing chemische analyses IV Resultaten asbestanalyses V Informatie gemeente Hof van Twente VI Verklaring van enkele gebruikte termen en afkortingen
Kruse Milieu BV
Project: 25019210
1
Inleiding
Dit rapport beschrijft het verkennend (asbest)bodemonderzoek, dat in opdracht van Bureau Authentiek op een terreindeel aan de Kanaalweg 2 in Markelo door Kruse Milieu BV is uitgevoerd. De aanleiding van dit onderzoek is de nieuwbouw van een woning. In het kader van de aanvraag van een omgevingsvergunning is een bodemonderzoek noodzakelijk. Voorafgaande aan het bodemonderzoek heeft een vooronderzoek plaatsgevonden op basis van norm NEN5725 “Aanleiding A: Opstellen hypothese over de bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek”. Uit de resultaten van dit vooronderzoek blijkt dat de locatie in gebruik is geweest als opslag van materiaal en materialen. De bovengrond wordt als verdacht beschouwd voor de aanwezigheid van zware metalen, PAK en asbest vanwege het voormalige gebruik van de locatie. De ondergrond en het grondwater worden als onverdacht beschouwd voor chemische parameters uit het NEN5740-standaardpakket.
De onderzoeksopzet gaat uit van: - NEN5725, “Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch Vooronderzoek, NNI Delft, oktober 2023; - NEN5740, "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond”, NNI Delft, oktober 2023; - NEN5707 + C2, “Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond”, NNI Delft, december 2017. De doelstelling van het onderzoek op een onverdachte locatie is aan te tonen dat op de locatie redelijkerwijs gesproken geen verontreinigende stoffen aanwezig zijn in de grond of het freatisch grondwater. De doelstelling van het onderzoek op een asbestverdachte (deel)locatie is vast te stellen of de vooronderstelde verontreinigingskern(en) ook daadwerkelijk op de vermoede plaats aanwezig is en in hoeverre asbest in de grond of in puin de normwaarden overschrijdt. Het veldwerk is uitgevoerd in augustus en september 2025 conform BRL SIKB 2000 en de protocollen 2001, 2002 en 2018, waarvoor Kruse Milieu BV is gecertificeerd. Hierbij wordt verklaard dat Kruse Milieu BV financieel en juridisch onafhankelijk is van de opdrachtgever en dat de kritische werkzaamheden onafhankelijk van de opdrachtgever zijn uitgevoerd.
De vermelde medewerkers in deze rapportage zijn akkoord met openbaring van zijn of haar persoonsgegevens in het kader van de AVG-privacy wetgeving. In dit rapport worden de resultaten besproken van het veld- en het laboratoriumonderzoek. De gemeten gehalten in de grond worden vergeleken met de achtergrondwaarden (AW2000) en de interventiewaarden om vast te stellen of er al dan niet verontreinigingen aanwezig zijn. De in het grondwater gemeten gehalten worden vergeleken met de streef- en interventiewaarden. Tevens worden de resultaten met betrekking tot asbest vergeleken met de wetgeving inzake asbest in bodem en puin, welke door de ministeries van SZW en I&M is vastgesteld. In het beleid is voor asbest een restconcentratienorm en een interventiewaarde opgenomen.
Kruse Milieu BV
Project: 25019210
Pagina 1 van 14
2
Locatiegegevens 2.1
Beschrijving huidige situatie
Algemeen De onderzoekslocatie is gelegen aan de Kanaalweg 2 in Markelo, op circa 8 kilometer ten zuidoosten van de bebouwde kom van Markelo. Het centrale punt binnen het te onderzoeken terrein heeft de coördinaten x = 239.243 en y = 471.645 en is kadastraal bekend als: gemeente Markelo, sectie C, nummer 3911 (gedeeltelijk). De Kanaalweg bevindt zich ten noorden van de onderzoekslocatie. Bebouwing en verharding De onderzoekslocatie is onbebouwd. Het terrein is begroeid met gras, pitrus en enkele bomen. Onderzoekslocatie In het kader van de aanvraag van de omgevingsvergunning ten behoeve van de nieuwbouw van een woning met bijgebouw, dient onderzoek te worden uitgevoerd naar de bodemkwaliteit. De onderzoekslocatie is onbebouwd, onverhard en omvat in totaal circa 4950 m². In bijlage I is de regionale ligging van de locatie weergegeven en zijn de volgende boorplannen opgenomen: - situatietekening technisch onderzoek asbestwegen Tebodin, juli 2005; - boorplan verkennend bodemonderzoek Kruse Milieu BV, september 2025. 2.2
Vooronderzoek
In het vooronderzoek komt naast informatie uit het huidige gebruik het vroegere gebruik van het terrein aan de orde evenals de vraag of er in het verleden reeds bodemonderzoeken zijn verricht op het terrein. Het vroegere gebruik van het terrein is van belang, omdat bronnen van verontreiniging aanwezig geweest kunnen zijn. De geraadpleegde bronnen zijn weergegeven in tabel 1. De volgende informatie is verzameld: - de onderzoekslocatie heeft een agrarische bestemming; - de onderzoekslocatie is al jaren in gebruik als weiland; - op een klein gedeelte van de locatie heeft in de loop van de jaren opslag gelegen van materialen (zoals autobanden en stenen). Deze opslag is volgens de opdrachtgevers reeds verwijderd; - voor zover bekend is er op de onderzoekslocatie nooit sprake geweest van opslag in tanks van chemicaliën of brandstoffen, zoals huisbrandolie of diesel; - de onderzoekslocatie grenst aan een puinweg waarin in het verleden asbest is aangetroffen (in een gehalte beneden de interventiewaarde). Deze puinweg maakt geen deel uit van de onderzoekslocatie en blijft daarom buiten beschouwing; - ten noorden van de onderzoekslocatie bevindt zich een te slopen gebouw, dat eveneens buiten de onderzoekslocatie valt.
Zowel de puinweg als het te slopen gebouw zijn in eigendom van derden; - voor zover bekend is de onderzoekslocatie in het verleden niet opgehoogd en hebben er geen dempingen van lager gelegen delen of sloten plaatsgevonden; - voor zover bekend bevindt zich geen asbest op of in de bodem op de onderzoekslocatie. Er bevinden zich geen asbesthoudende dakplaten, beschoeiingen of sloopafval direct naast of op de onderzoekslocatie; - de bovengrond van het agrarisch erf wordt conform het beleid van de gemeente Hof van Twente beschouwd als verdacht voor de aanwezigheid van parameters uit het NEN5740standaardpakket en asbest; - volgens de Regionale Bodemkwaliteitskaart Twente (Witteveen+Bos, maart 2018) vallen de boven- en ondergrond in functieklasse “AW2000”; - er is nabij de onderzoekslocatie een technisch onderzoek naar asbestwegen uitgevoerd. Deze wordt hieronder beschreven. Er hebben nabij de onderzoekslocatie (straal van 50 meter) geen bodemonderzoeken plaatsgevonden. Kruse Milieu BV
Project: 25019210
Pagina 2 van 14
Tebodin en Bam Wegen regio oost, Technisch onderzoek asbestwegen 2e fase, cluster 3 aan de Kanaalweg 2 met documentnummer 3315001, d.d. 27 juli 2005 De puinweg is opgedeeld in 3 verschillende locaties. Voor voorliggend onderzoek is enkel locatie GO92C in beschouwing genomen, want deze grenst aan de onderzoekslocatie. Er zijn 3 sleuven gegraven op locatie C. Er is een gewogen asbestgehalte van 62 mg/kg d.s. aangetoond. Derhalve wordt de interventiewaarde niet overschreden en is er geen sanering noodzakelijk. Tabel 1: Geraadpleegde bronnen vooronderzoek. Relevante informatie
Bron
Specificatie
Opdrachtgever
Huidig en voormalig gebruik
Ja
Gemeente Hof van Twente
Bodeminformatie
Ja
Rapportagemodule Overijssel
https://overijssel.nazca4u.nl/rapportage/
Nee
Archief Kruse Milieu BV
Eerder uitgevoerde bodemonderzoeken
Nee
Google Maps
https://www.google.nl/maps
Ja
Topotijdreis
https://www.topotijdreis.nl/
Ja
BAG-viewer
https://bagviewer.kadaster.nl/
Ja
Perceelloep
https://perceelloep.nl/
Ja
Ruimtelijke plannen
https://www.ruimtelijkeplannen.nl/viewer/
Ja
Grondwatertools
https://www.grondwatertools.nl/gwsinbeeld/
Ja
DINO-loket
https://www.dinoloket.nl/
Ja
AHN-viewer
https://viewer.ahn.nl/
Ja
Bodemkwaliteitskaart
Regionale Bodemkwaliteitskaart Twente, Witteveen+Bos, d.d. 23 maart 2018 Twente Bodemkwaliteitskaart PFAS, Tauw bv, d.d. 28 mei 2020
Ja
2.3
Bodemsamenstelling en geohydrologie
Op basis van literatuurstudie is de onderstaande regionale geohydrologische situatie afgeleid: - het maaiveld bevindt zich op ongeveer 11.3 meter boven NAP; - de deklaag bestaat tot circa 1.3 meter minus maaiveld (m-mv) uit een zandige eenheid van de Formatie van Boxtel met een doorlatendheid van 5 - 25 m2/dag. Hieronder bevindt zich tot circa 52.8 m-mv zand van de Formaties van Drente, Peize en Waalre en Breda en Ville. De doorlaatwaarde bedraagt maximaal 500 m2/dag. Onder het zand bevindt zich een klei; - de grondwaterspiegel bevindt zich op circa 1.2 meter onder het maaiveld. Het freatische grondwater stroomt in noordwestelijke richting; - ten westen van de onderzoekslocatie stroomt de Bolscherbeek die op circa 500 meter ten noorden aansluit op het Twenthekanaal (Zutphen-Enschede); - de locatie ligt niet in een grondwaterbeschermingsgebied en er is geen waterwingebied op kleine afstand gelegen.
Kruse Milieu BV
Project: 25019210
Pagina 3 van 14
3
Uitvoering bodemonderzoek 3.1
Onderzoeksstrategie
De onderzoeksopzet gaat uit van: - NEN5740, "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond”, NNI Delft, oktober 2023; - NEN5707 + C2, “Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond”, NNI Delft, december 2017. In de normen NEN5740 en NEN5707 zijn voor niet verdachte en verdachte locaties richtlijnen gegeven voor een systematisch veldonderzoek, de bemonsteringsstrategie en de uit te voeren analyses. De gekozen onderzoeksstrategie is voldoende intensief voor het verkrijgen van inzicht in de bodemkwaliteit ten behoeve van de omgevingsvergunning, bestemmingsplanwijziging of eigendomsoverdracht. Op basis van de beschikbare informatie omtrent het voormalig gebruik van locatie, wordt de bovengrond van het perceel als verdacht beschouwd voor de aanwezigheid van zware metalen, PAK en asbest. De hypothese "verdachte locatie" uit de normen NEN5740 en NEN5707 (verdacht, heterogeen verdeeld, VED-HE) wordt gebruikt. De ondergrond en het grondwater worden als onverdacht beschouwd. De onderzoeksstrategie is goedgekeurd door de afdeling bodem en asbest van de gemeente Hof van Twente.
Op basis van een oppervlakte van 4950 m2 kan conform norm NEN5740 (strategie heterogeen verdacht, VED-HE) worden afgeleid dat er 18 boringen dienen te worden verricht, waarvan 14 tot 0.5 meter diepte en 4 tot 2.0 meter diepte of tot de grondwaterspiegel. Voor het meten van de grondwatergegevens en het nemen van een grondwatermonster dient er 1 diepe boring overeenkomstig NEN5766 te worden afgewerkt met een peilbuis. Het verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN5740 wordt gecombineerd met het verkennend bodemonderzoek volgens norm NEN5707 (strategie heterogeen verdacht) naar de aanwezigheid van asbest in de bodem. De grondboringen worden tot 0.5 m-mv vervangen door 18 inspectiegaten met een lengte en breedte van minimaal 0.3 meter. Het opgegraven materiaal wordt uitgezeefd over 20 mm en visueel geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbest. De inspectiegaten worden gecodeerd als 1 tot en met 18. Bij percentages bodemvreemd materiaal van meer dan 50% is er geen sprake van bodem. Eventuele funderingslagen (asfalt- en puingranulaat) vallen buiten de scope van dit onderzoek. Het opgeboorde materiaal wordt wel beoordeeld op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen.
In geval er sprake is van meer dan 50% bodemvreemd materiaal/puin is norm NEN5897+C2 van toepassing: “Inspectie en monsterneming van asbest in bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat” NNI Delft, december 2017. Bij het verkennend bodemonderzoek worden de volgende uitgangspunten in acht genomen: - in door mensen bewoonde gebieden kunnen door jarenlang gebruik van de grond verhoog-de gehalten aan PAK en/of zware metalen voorkomen. Deze worden over het algemeen aangeduid als lokale achtergrondwaarden. Deze gehalten zijn vaak gerelateerd aan het voorkomen van puin- en/of kooldeeltjes in de bodem; - in humeuze of veenhoudende bodems worden regelmatig verhoogde gehalten minerale olie waargenomen. Deze gehalten worden veroorzaakt door humuszuren en overig organisch materiaal, dat van nature aanwezig is en door een florisilbehandeling niet geheel wordt verwijderd. Tijdens chemische analyses worden deze verbindingen gedetecteerd als de zware fractie van minerale olie (C27 tot C40). Bij veenbodems betreft het gehalten van 50 tot 100 mg/kg droge stof; bij humeuze bodemlagen gaat het om bijdrages van 10 tot 50 mg/kg droge stof. Deze gehalten kunnen worden beschouwd als natuurlijke achtergrondwaarden;
Kruse Milieu BV
Project: 25019210
Pagina 4 van 14
- in het grondwater kunnen van nature verhoogde gehalten aan zware metalen en fenolen voorkomen. Deze worden doorgaans aangeduid als natuurlijke achtergrondwaarden. Een voorbeeld wordt gevormd door (sterk) verhoogde arseengehalten in gebieden, die zeer ijzerrijk zijn. Door kwel kunnen bij hoge grondwaterstanden eveneens verhoogde gehalten aan arseen in de grond ontstaan. Ook deze gehalten kunnen worden beschouwd als natuurlijke achtergrondwaarden. 3.2
Veldwerkzaamheden
Bij de boringen en monsternemingen is gewerkt volgens de geldende NEN- en NPR-voorschriften, alsmede conform BRL SIKB 2000 en de protocollen 2001, 2002 en 2018, waarvoor Kruse Milieu BV is gecertificeerd. Van elk inspectiegat en iedere boring wordt de samenstelling van de bodem beschreven volgens NEN5104. Het opgeboorde materiaal wordt tevens beoordeeld door zintuiglijke waarneming op verontreinigingskenmerken zoals afwijkende geur en/of kleur. 3.3
Analyses
De chemische analyses worden uitgevoerd door AL-West te Deventer, een door de Raad voor Accreditatie erkend laboratorium voor analyses conform de AS3000-protocollen. De asbestmonsters worden onderzocht door AL-West BV te Deventer, een door de Raad voor Accreditatie erkend laboratorium voor vezelonderzoek. De samenstelling van de mengmonsters vindt plaats op basis van de zintuiglijke waarnemingen, de bodemopbouw en/of posities van de boringen. De samenstelling van de mengmonsters staat vermeld in paragraaf 4.2 in tabel 4. De monsters worden volgens de voorschriften uit norm NEN5740 en norm NEN5707 onderzocht. In tabel 2 is weergegeven welke chemische analyses worden uitgevoerd. Zintuiglijke waarneming kunnen aanleiding geven voor extra boringen en/of aanvullende analyses. Tabel 2: Analysepakket per (meng) monster. Monster
Analysepakket
Bovengrond (3x) Ondergrond (1x)
Zware metalen (Ba, Cd, Co, Cu, Hg, Mo, Ni, Pb en Zn), minerale olie, PCB, PAK (10), organische stof, lutum en droge stof
Bovengrond (3x)
Asbest en droge stof
Grondwater (1x)
Zware metalen (Ba, Cd, Co, Cu, Hg, Mo, Ni, Pb en Zn), minerale olie, vluchtige aromaten (BTEX), naftaleen, styreen en gechloreerde koolwaterstoffen (oplosmiddelen standaardpakket), zuurgraad (pH), elektrisch geleidingsvermogen (EC) en troebelheidsmeting
Algemene opmerkingen - Op de grondmengmonsters wordt standaard een florisilbehandeling uitgevoerd om verstoring van de analyse op minerale olie door natuurlijke humuszuren tegen te gaan. - De zuurgraad (pH), het elektrisch geleidingsvermogen (EC) en troebelheidsmeting, van het grondwater worden in het veld gemeten. Filtratie van het grondwater voor de metalenanalyse vindt eveneens in het veld plaats.
Kruse Milieu BV
Project: 25019210
Pagina 5 van 14
3.4
Toetsing chemische analyses
De resultaten van de chemische analyses uit het bodemonderzoek worden beoordeeld aan de hand van de gecorrigeerde achtergrond-, streef- en interventiewaarden voor verontreinigingen in de bodem uit de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013 en tabel 1 van bijlage B, Regeling bodemkwaliteit van het ministerie van I&M. De achtergrondwaarden voor grond zijn vastgelegd in de Regeling bodemkwaliteit (Staatsblad, 22 november 2012). De interventiewaarden voor grond en grondwater zijn vastgelegd in de Circulaire bodemsanering, die per 1 januari 2024 is opgegaan in de Omgevingswet. De toetsing aan de eisen in de Wet Bodembescherming en de Circulaire Bodemsanering is beoogd om te beoordelen of er sprake is van een ernstig gevaar voor de volksgezondheid en/of het milieu.
Hierbij worden de volgende waarden onderscheiden: achtergrondwaarde (AW) voor grond: het niveau waarbij sprake is van een duurzame kwaliteit van de grond; bij overschrijding wordt gesproken van een lichte verontreiniging; streefwaarde (S) voor grondwater: het niveau waarbij sprake is van een duurzame kwaliteit van het grondwater; bij overschrijding wordt gesproken van een lichte verontreiniging; interventiewaarde bodem (I) voor grond en grondwater: het niveau waarbij de functionele eigenschappen van de bodem voor mens, plant of dier ernstig verminderd zijn of ernstig bedreigd worden; bij overschrijding wordt gesproken van een sterke verontreiniging; tussenwaarde (T) voor grond: gelijk aan het gemiddelde van de achtergrondwaarde en de interventiewaarde, dus (AW+I)/2. Wanneer bij een verkennend onderzoek een component met concentratie boven deze waarde wordt gevonden, is in principe een nader onderzoek nodig. Bij de toetsing van de analyseresultaten aan de landelijke achtergrondwaarden en de interventiewaarden worden deze eerst omgerekend naar een gestandaardiseerde meetwaarde (GSSD). Bij de toetsing van de grondresultaten wordt daarbij gebruik gemaakt van de gemeten percentages lutum en organische stof in de grond(meng)monsters. De analyseresultaten van de grond- en grondwatermonsters zijn volgens BoToVa getoetst aan de achtergrond-, streef- en interventiewaarden.
Het toetsingsresultaat is overeenkomstig BoToVa als volgt aangeduid: concentratie kleiner dan of gelijk aan AW of S; * concentratie groter dan AW of S en kleiner dan of gelijk aan T (grond) of I (grondwater); ** concentratie groter dan T en kleiner dan of gelijk aan I (geldt alleen voor grond); *** concentratie groter dan I. Een locatie wordt als verontreinigd beschouwd als de GSSD groter is dan de achtergrondwaarde of streefwaarde. Voor een aantal stoffen kan de rapportagegrens bepalend zijn voor de achtergrondwaarde of streefwaarde. De locatie wordt niet verontreinigd verklaard als geen van de onderzochte stoffen in de bodem aanwezig is met een concentratie hoger dan de achtergrondwaarde of streefwaarde. De resultaten van eventuele PFAS-analyses worden getoetst aan de achtergrondwaarden in de landbodem genoemd in het “Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie” (geactualiseerde versie december 2021) van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, alsmede aan de 20 juli 2021 (aangepaste) door het RIVM afgeleide INEV’s (Indicatieve Niveaus voor Ernstige Verontreinigingen) voor de stoffen PFOS, PFOA en GenX in grond en grondwater.
Kruse Milieu BV
Project: 25019210
Pagina 6 van 14
3.5
Toetsing asbestanalyses
De resultaten van de asbestanalyses worden getoetst aan de wetgeving inzake asbest in bodem en puin welke door de ministeries van SZW en I&M is vastgesteld. In het beleid is voor asbest een restconcentratienorm en een interventiewaarde opgenomen. De restconcentratienorm beschrijft de concentratie asbest, waaronder hergebruik nog is toegestaan. De interventiewaarde beschrijft de concentratie asbest in bodem, waarboven in principe gesaneerd dient te worden. Voor asbest is de restconcentratienorm gelijk aan de interventiewaarde en deze waarde bedraagt 100 mg/kg gewogen asbest. De gewogen concentratie asbest is gelijk aan de concentratie serpentijnasbest, vermeerderd met 10 maal de concentratie amfiboolasbest. Voor puinverhardingen dient de asbestconcentratie te worden getoetst aan de normen uit het Besluit Asbestwegen Wet Milieugevaarlijke Stoffen (WMS). Hierin wordt tevens een restconcentratie van 100 mg/kg gewogen asbest genoemd. Bij boringen <0.35 meter diameter: indien in het opgeboorde materiaal uit minimaal één boring binnen een (deel)locatie asbest wordt aangetroffen, dan is aanvullend asbestonderzoek verplicht. Indien in de boringen binnen een (deel)locatie geen asbest wordt aangetroffen, dan is aanvullend asbestonderzoek niet verplicht.
Bij een asbestgehalte groter dan de helft van de interventiewaarde is bij een verkennend asbestonderzoek een nader onderzoek asbest verplicht. De hoogste bepaalde waarde binnen een (deel)locatie is hiervoor bepalend. Bij een nader asbestonderzoek wordt getoetst aan de interventiewaarde. Alleen indien in het verkennend bodemonderzoek de onderzoeksintensiteit (hoeveelheid geïnspecteerde grond in de gaten en het aantal analyses) op hetzelfde niveau zit als het nader asbestonderzoek, dan is een directe toetsing aan de interventiewaarde mogelijk. Indien overschrijding van de restconcentratienorm plaatsvindt, dan dienen werkzaamheden met de betreffende bodem/puinverharding plaats te vinden onder asbestcondities. Bij asbestconcentraties lager dan de restconcentratienorm zijn geen aanvullende maatregelen noodzakelijk bij be- en verwerking van de grond of puinverharding.
Kruse Milieu BV
Project: 25019210
Pagina 7 van 14
4
Resultaten 4.1
Algemeen
In dit hoofdstuk wordt een beschrijving gegeven van de veldwerkzaamheden en de analyseresultaten. De uitgevoerde veldwerkzaamheden en waarnemingen, de samenstelling van de mengmonsters en de grondwatergegevens worden beschreven in paragraaf 4.2. De resultaten van de chemische analyses worden weergegeven en besproken in paragraaf 4.3 en 4.4. De resultaten van de asbestanalyses worden weergegeven in paragraaf 4.5. 4.2
Veldwerkzaamheden
De veldwerkzaamheden zijn in augustus en september 2025 uitgevoerd door de heer J. Hartman. Deze veldwerker is conform BRL SIKB 2000 gecertificeerd en erkend (certificaatnummer K44441/11). Er is assistentie verleend door de heer J. Braakman. Er is op 29 augustus 2025, na maaiveldinspectie, een boring verricht en met behulp van een Edelmanboor en zuigerboor op circa 2.7 m-mv afgewerkt met een peilbuis (PB 1). Er zijn geen grondmonsters genomen in verband met de conserveringstermijn van enkele te onderzoeken parameters. Op een later moment is gat 1 opnieuw gegraven voor het nemen van grondmonsters (gat 1A). Op 8 september 2025 zijn er in totaal 18 inspectiegaten gegraven (handmatig met een schop), waarvan 1 naast de peilbuis (gat 1A). Er zijn 5 gaten met behulp van een Edelmanboor verdiept tot het grondwaterniveau. De situering van de monsterpunten is weergegeven op de situatieschets van bijlage I. Tijdens de boorwerkzaamheden is de bodemopbouw beschreven en is de grond zintuiglijk beoordeeld op eventuele aanwezigheid van verontreinigingen. De boorbeschrijvingen zijn opgenomen in bijlage II. De bodemopbouw van de bovengrond ter plaatse van de onderzoekslocatie bestaat globaal uit sterk zandig, zwak humeus, donkerbruin leem. De ondergrond bestaat globaal uit matig fijn zwak siltig, zwak grindig, licht grijs zand.
In de boven- en ondergrond zijn oer- en roesthoudende lagen waargenomen. Op het maaiveld rondom de voormalige opslag is een spoortje puin aangetroffen. In de bodem zijn geen sporen puin aangetroffen. Door de veldwerker zijn visueel geen asbestverdachte materialen waargenomen in de opgeboorde bodem. Op basis van de zintuiglijke waarnemingen, bodemsamenstelling en/of geografische positie van de boringen zijn de mengmonsters samengesteld, zoals in tabel 3 staat omschreven. Vanwege de aangetroffen roesthoudende bodemlagen is het mengmonster van de ondergrond OG aanvullend op arseen geanalyseerd. Tabel 3: Samenstelling mengmonsters. (Meng)monster
Boringnummer
Traject (diepte in m-mv)
Analyse
BG I (zintuiglijk schoon)
2, 7 en 8 6
0 - 0.20 0 - 0.25
NEN5740standaardpakket
BG II (zintuiglijk schoon)
1A 4 11 en 15
0 - 0.20 0 - 0.25 0 - 0.30
NEN5740standaardpakket
BG III (zintuiglijk schoon)
3, 9 en 14 13
0 - 0.20 0 - 0.25
NEN5740standaardpakket
Kruse Milieu BV
Project: 25019210
Pagina 8 van 14
Vervolg tabel 3: Samenstelling mengmonsters. (Meng)monster
Boringnummer
Traject (diepte in m-mv)
Analyse
OG I (oerhoudend)
1A 2 en 7 3 en 4 3
0.55 - 1.00 0.5 - 1.00 0.55 - 1.05 1.05 - 1.50
NEN5740standaardpakket + arseen
MM FF - 01
2, 5, 6 en 7
0 - 0.25
Asbest
MM FF - 02
8, 9, 10, 11 en 13
0 - 0.30
Asbest
MM FF - 03
14, 15, 16, 17 en 18
0 - 0.45
Asbest
Boring 1 is doorgezet tot circa 2.70 m-mv. Wanneer het grondwater werd bereikt, werd een zuigerboor gebruikt om een PVC-peilbuis te kunnen plaatsen. Een peilbuis bestaat uit een filter met een lengte van 1.0 meter, gekoppeld aan een blinde stijgbuis. Ter hoogte van het filter, met een diameter van 28 x 32 mm, is filtergrind in het boorgat gestort. Rondom het filter is een filterkous aangebracht. Er is bentoniet in het boorgat gestort om directe indringing van hemelwater in het filter tegen te gaan. De rest van het boorgat is opgevuld met het oorspronkelijke bodemmateriaal. Vervolgens is de peilbuis doorgepompt. Op 8 september 2025 is de peilbuis bemonsterd. Het voorpompen en bemonsteren heeft conform NEN5744 plaatsgevonden met een laag debiet (tussen 100 en 500 ml/min). Er is op toegezien dat de grondwaterstand tijdens het voorpompen niet meer dan 50 cm is gedaald en dat er is bemonsterd met hetzelfde (of lager) debiet) als waarmee is voorgepompt (bemonstering maximaal 200 ml/min in verband met vluchtige stoffen). De grondwatergegevens worden weergegeven in tabel 4. Tabel 4: Weergave gegevens grondwater. Peilbuis
Filterstelling (m-mv)
Grondwaterstand (m-mv)
pH (-)
EC (μS/cm)
Troebelheid (NTU)
Toestroming
PB 1
1.70 - 2.70
1.15
6.5
627
156
Goed
pH-waarden tussen 5.5 en 7.5, EC-waarden tussen 100 en 1000 μS/cm en een NTU-waarde <10 worden als normaal beschouwd. 4.3
Resultaten en toetsing van de chemische analyses
In algemene zin dient opgemerkt te worden dat indien de analyses van de grondmonsters zijn uitgevoerd op mengmonsters, dit kan betekenen dat de gehaltes hoger kunnen zijn in de individuele monsters. De analyseresultaten en de toetsingstabellen zijn weergegeven in bijlage III. Bij de toetsing van de analyseresultaten aan de landelijke achtergrondwaarden en de interventiewaarden worden deze eerst omgerekend naar een gestandaardiseerde meetwaarde (GSSD). Bij de toetsing van de grondresultaten wordt daarbij gebruik gemaakt van de gemeten percentages lutum en orga-nische stof in de grond(meng)monsters. De analyseresultaten van de grondmonsters zijn volgens BoToVa getoetst aan de achtergrond-, tussen- en interventiewaarden. De analysere-ultaten van de grondwatermonsters zijn volgens BoToVa getoetst aan de streef- en interventiewaarden.
Kruse Milieu BV
Project: 25019210
Pagina 9 van 14
In de bovengrond (BG II) en in het grondwater zijn zeer lichte verontreinigingen aangetoond. Deze worden weergegeven in tabel 5. In de overige mengmonsters van de boven- en ondergrond (BG I, BG III en OG) zijn geen verontreinigingen gemeten, ook niet met arseen. Tabel 5: Verhoogde concentraties (mg/kg droge stof of μg/l).
1
Gemeten concentratie
GSSD
Achtergrond-1 of streefwaarde
Interventiewaarde
Kwik
0.20
0.23 *
0.15
36
Barium
97
97 *
50
625
Monster
Component
BG II PB 1 AW2000
In de vierde kolom van tabel 5 wordt het toetsingsresultaat overeenkomstig BoToVa als volgt aangeduid: concentratie kleiner of gelijk aan AW of S; * concentratie groter dan AW of S en kleiner of gelijk aan T (grond) of I (grondwater); ** concentratie groter dan T en kleiner of gelijk aan I (geldt alleen voor grond); *** concentratie groter dan I. 4.4
Bespreking resultaten chemische analyses
Zoals in de vorige paragraaf is weergegeven, is er een lichte verontreiniging aangetoond. In deze paragraaf worden mogelijke verklaringen gegeven voor de analyseresultaten. Bovengrond BG II - Kwik Het zeer licht verhoogde kwikgehalte is op basis van zintuiglijke waarnemingen niet direct verklaarbaar. Aangezien de tussenwaarde niet wordt overschreden, is het uitvoeren van een nader onderzoek niet noodzakelijk. Grondwater PB1 - Barium Het zeer licht verhoogde bariumgehalte in het grondwater is waarschijnlijk te wijten aan een plaatselijk (natuurlijk) verhoogde achtergrondwaarde. In de ondergrond zijn roesthoudende lagen waargenomen, wat duidt op de natuurlijke aanwezigheid van metalen in de bodem. Aangezien de interventiewaarde niet wordt overschreden, wordt het uitvoeren van nader onderzoek niet noodzakelijk geacht. 4.5
Bespreking resultaten asbestanalyses
In bijlage IV zijn de analyserapporten van het asbestonderzoek opgenomen. In de (meng)monsters van de fijne fractie van de bodem (MM FF - 01 en MM FF - 03) is geen asbest aangetoond. In het mengmonster van de fijne fractie MM FF - 02 is asbest aangetoond. Het gewogen asbestgehalte wordt weergegeven in tabel 6. Tabel 6: Gewogen asbestgehalte (mg/kg droge stof). Monster MM FF - 02
Component
Gewogen asbestgehalte
Toetsingswaarde voor nader asbestonderzoek
Asbest
29
50
In de derde kolom van tabel 6 wordt de volgende codering toegepast: n.a. : Geen asbest aangetoond. Normaal : Het gehalte is lager dan de toetsingswaarde voor nader asbestonderzoek. Onderstreept : Overschrijding van de toetsingswaarde voor nader asbestonderzoek. Kruse Milieu BV
Project: 25019210
Pagina 10 van 14
4.6
Bespreking resultaten asbestanalyses
Zoals in paragraaf 4.5 is weergegeven, is er in MM FF - 02 asbest aangetoond. Het gewogen asbestgehalte is ruim lager dan de toetsingswaarde voor nader asbestonderzoek.
Kruse Milieu BV
Project: 25019210
Pagina 11 van 14
5
Samenvatting, conclusies en aanbevelingen
Algemeen In opdracht van Bureau Authentiek is in een verkennend (asbest)bodemonderzoek de bodem onderzocht op een terreindeel ter grootte van circa 4950 m² aan de Kanaalweg 2 in Markelo. De onderzoekslocatie is onbebouwd. Het terrein is begroeid met gras, pitrus en enkele bomen. De aanleiding van dit onderzoek is de nieuwbouw van een woning. In het kader van de aanvraag van een omgevingsvergunning is een bodemonderzoek noodzakelijk. Voorafgaande aan het bodemonderzoek heeft een vooronderzoek plaatsgevonden op basis van norm NEN5725 “Aanleiding A: Opstellen hypothese over de bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek”. Op basis van de resultaten van dit vooronderzoek is de bovengrond van de onderzoekslocatie als verdacht beschouwd voor de aanwezigheid voor de parameters uit het NEN5740-standaardpakket en asbest vanwege de (voormalige) opslag van materialen. De ondergrond en het grondwater zijn als onverdacht beschouwd. Resultaten veldwerk Er zijn in totaal 18 inspectiegaten gegraven. Met behulp van een Edelmanboor zijn er 5 gaten doorgezet in de diepere ondergrond. Er is 1 diepe boring afgewerkt met een peilbuis. Gebleken is dat de bovengrond ter plaatse van de onderzoekslocatie globaal bestaat uit sterk zandig, zwak humeus, donkerbruin leem. De ondergrond bestaat globaal uit matig fijn zwak siltig, zwak grindig, licht grijs zand.
In de boven- en ondergrond zijn oer- en roesthoudende lagen waargenomen. Op het maaiveld rondom de voormalige opslag is een spoortje puin aangetroffen. Door de veldwerker zijn visueel geen asbestverdachte materialen waargenomen op het maaiveld en in de opgeboorde bodem. De grondwaterstand is aangetroffen op 1.15 mmv. Resultaten analyses Op basis van de resultaten van de analyses kan het volgende worden geconcludeerd: - de bovengrond (BG I en BG III) is niet verontreinigd; - de bovengrond (BG II) is zeer licht verontreinigd kwik; - de ondergrond (OG I) is niet verontreinigd; - het grondwater (PB 1) is zeer licht verontreinigd met barium; - het monster van de fijne fractie MM FF - 01 is niet asbesthoudend; - het monster van de fijne fractie MM FF - 02 is asbesthoudend. Het gewogen asbestgehalte valt ruim onder de toetsingswaarde voor nader asbestonderzoek; - het monster van de fijne fractie MM FF - 03 is niet asbesthoudend. Hypothese De hypothese "verdachte locatie" uit norm NEN5740 dient met betrekking tot de bovengrond het formeel gezien te worden aangenomen, aangezien er een overschrijding van de achtergrond-waarde is aangetoond. De hypothese “onverdachte locatie” uit NEN5740 kan met betrekking tot de ondergrond worden aangenomen, aangezien er geen overschrijdingen van de achtergrondwaarde zijn aangetoond.
De hypothese “onverdachte locatie” uit NEN5740 dient betrekking tot het grondwater te worden verworpen, aangezien er een overschrijding van de streefwaardewaarde is aangetoond. De hypothese "verdacht" voor de aanwezigheid van asbest dient te worden gehanteerd, aangezien er asbest is aangetoond
Kruse Milieu BV
Project: 25019210
Pagina 12 van 14
Conclusies en aanbevelingen In de bovengrond (BG II) en het grondwater (PB 1) zijn zeer licht verhoogde gehalten gemeten. Voor een beschrijving en mogelijke verklaring wordt verwezen naar de paragrafen 4.3 en 4.4. Aangezien de tussen(grond)- en interventie(grondwater)waarde niet worden overschreden, is het uitvoeren van een nader onderzoek niet noodzakelijk. In de boven- en ondergrond (BG I, BG III, OG) zijn geen verontreinigingen gemeten. Zoals in paragraaf 4.5 is weergegeven, is in de mengmonsters van de fijne fractie van MM FF - 01 en MM FF - 03 geen asbest aangetoond. In de fijne fractie van MM FF - 02 is asbest aangetoond. Het gewogen asbestgehalte valt ruim onder de toetsingswaarde voor nader asbestonderzoek. Slotconclusie Uit milieukundig oogpunt is er geen bezwaar tegen de voorgenomen nieuwbouw van een woning, aangezien de vastgestelde verontreiniging geen risico’s voor de volksgezondheid opleveren. De bodem wordt geschikt geacht voor het huidige en toekomstige gebruik. Standaard slotopmerkingen Het volgende dient opgemerkt te worden: gezien het verkennende karakter van dit onderzoek is het, ondanks de zorgvuldigheid waarmee het is uitgevoerd, altijd mogelijk dat eventueel lokaal voorkomende verontreinigingen niet zijn ontdekt.
Hoewel voldaan wordt aan de geldende weten regelgeving, wordt tijdens een verkennend of nader bodemonderzoek een beperkt aantal boringen, inspectiegaten of inspectiesleuven verricht. Vermeld dient tevens te worden dat op basis van voorliggend onderzoek geen conclusies kunnen worden getrokken omtrent de bodemkwaliteit van andere terreindelen of aangrenzende percelen. Tenslotte dient in acht genomen te worden dat elk bodemonderzoek een momentopname is. Eventuele toekomstige calamiteiten (bijvoorbeeld brand of morsing van bodemvreemde vloeistoffen), sloopwerkzaamheden of bouwrijp maken en aanvoer van grond van elders kunnen de bodemkwaliteit (sterk) beïnvloeden.
Kruse Milieu BV
Project: 25019210
Pagina 13 van 14
6
Literatuur en bronvermelding
Informatie van de gemeente Hof van Twente Tebodin en Bam Wegen regio oost, Technisch onderzoek asbestwegen 2e fase, cluster 3 aan de Kanaalweg 2 met documentnummer 3315001, d.d. 27 juli 2005 NEN5725, “Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch Vooronderzoek, NNI Delft, oktober 2023 NEN5740, "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond”, NNI Delft, oktober 2023 NEN5707 + C2, “Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond”, NNI Delft, december 2017 NEN5744 Bodem - Monsterneming van grondwater, NNI Delft, december 2021 NTA5755, "Bodem - Landbodem.
Strategie voor het uitvoeren van nader onderzoek Onderzoek naar de aard en omvang van bodemverontreiniging", NNI Delft, juni 2022; NEN5897+C2, “Inspectie en monsterneming van asbest in bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat” NNI Delft, december 2017 “Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie”, Ministerie van I en W, versie december 2021 Notitie Risicogrenzen ten behoeve van vaststelling van Interventiewaarden voor PFOS, PFOA en GenX (INEV’s), RIVM 20 juli 2021 Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Ministerie van I&M Topografische kaart, kaartblad 21 H, Topografische Dienst Kadaster Grondwaterkaart van Nederland, TNO Grondwater en Geo-Energie, Delft Rapportagemodule Overijssel www.viewer.ahn.nl www.topotijdreis.nl www.dinoloket.nl
Kruse Milieu BV
Project: 25019210
Pagina 14 van 14
Bijlage I Regionale ligging locatie Situatietekening technisch onderzoek asbestwegen Tebodin, juli 2005 Boorplan verkennend (asbest)bodemonderzoek Kruse Milieu BV, september 2025
Kanaalweg 2 in Markelo
Kruse Milieu BV Kaartmateriaal: Topografische dienst Kadaster
Topografische kaart Projectnummer: 25019210 Schaal: 1:25000 Bijlage: I Kaartblad: 34 B
Bureau Authentiek Kanaalweg 2 7475 MA Markelo Verkennend (asbest)bodemonderzoek
2
6 5
Te rea lise
ren
vijv er 7
8
10 3 9 Voormalige opslag materialen 11
12
13
1 16
15
17
14 18 4
= Nieuwbouw = Onderzoekslocatie = Boring tot 0.5 meter diepte = Inspectiegat 30x30x50 cm = Boring tot 1.0 meter diepte = Boring tot 1.5/2.0 meter diepte = Peilbuis
0
25
Kruse Milieu BV Huyerenseweg 33 7678 SC Geesteren Veldwerker: JH/NP/BD
Projectcode Schaal Datum
Tel: 0546 - 639663 www.krusegroep.nl Tekenaar: TK
: 25019216 : 1:500 (A3-formaat) : September 2025
Bijlage II Boorstaten Legenda Boorstaten
1
1
braak / cm t ov m aaiveld
0
3 0
leem , zwak zandig, zwak hum eus, donker bruin, grijs, edelm an
2
31x32cm , leem , st erk zandig, zwak hum eus, donker bruin, sporen oer, zwak wort els
3
zand, uit erst fijn, st erk silt ig, licht bruin, rood, m at ig oer, zwak leem , edelm an
1 -20
leem , st erk zandig, neut raal groen, grijs, edelm an
50
braak / cm t ov m aaiveld
0
50 -55
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht grijs, geel, sporen roest , edelm an 100
-100
150
-150
t ype dat um boorm eest er gws (m -m v)
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht grijs, geel, sporen roest , zuigerboor
200
270
1A
braak / cm t ov m aaiveld
0 1 2 50
-150
in sp e ct ie g a t 0 8 -0 9 -2 0 2 5 Ja n H a r t m a n 1 .4 5
braak / cm t ov m aaiveld
0 -230
zand, m at ig grof, zwak silt ig, licht grijs, zuigerboor t ype p e ilb u is m e t 1 f ilt e r dat um 2 9 -0 8 -2 0 2 5 boorm eest er Ja n H a r t m a n
1
30x31cm , leem , zwak zandig, zwak hum eus, donker bruin, grijs
2
zand, uit erst fijn, m at ig silt ig, licht grijs, geel, m at ig roest , edelm an
3
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht grijs, geel, sporen roest , edelm an
100
4 5
50
0
100
leem , zwak zandig, zwak hum eus, donker bruin, grijs, edelm an
4 -20
leem , st erk zandig, neut raal groen, grijs, edelm an
t ype dat um boorm eest er gws (m -m v)
-105
zand, m at ig grof, zwak silt ig, licht geel, st erk roest , edelm an
150
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht grijs, geel, sporen roest , edelm an
-135
-100
zand, zeer fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, bruin, sporen plant en, edelm an
t ype dat um boorm eest er gws (m -m v)
zand, uit erst fijn, m at ig silt ig, donker grijs, geel, zwak roest , edelm an
in sp e ct ie g a t 0 8 -0 9 -2 0 2 5 Ja n H a r t m a n 1 .3
-150
zand, m at ig grof, zwak silt ig, neut raal grijs, geel, sporen roest , edelm an -160
zand, m at ig grof, zwak silt ig, licht grijs, geel, st erk roest , edelm an
g r on d b or in g 0 8 -0 9 -2 0 2 5 Ja n H a r t m a n 1 .2
5 -150
2
bosgrond / cm t ov m aaiveld 1 2
50
leem , st erk zandig, zwak hum eus, donker bruin, beige, st erk wort els, zwak oer, m at ig zand, -20
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht grijs, geel, m at ig roest
t ype dat um boorm eest er gws (m -m v)
100 4
in sp e ct ie g a t 0 8 -0 9 -2 0 2 5 Ja n H a r t m a n 1
-150
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 Ka n a a lw e g 2 - M a r k e lo 25019216 N EN 5 1 0 4
bosgrond / cm t ov m aaiveld 1
0
leem , st erk zandig, zwak hum eus, donker bruin, st erk wort els, sporen oer, st erk zand -25
50 t ype dat um boorm eest er gws (m -m v)
in sp e ct ie g a t 0 8 -0 9 -2 0 2 5 Ja n H a r t m a n 1
-50
0
zand, m at ig grof, zwak silt ig, licht grijs
150
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht grijs, geel, m at ig roest
6 -100
0
leem , st erk zandig, zwak hum eus, donker bruin, st erk wort els, sporen oer, st erk zand -20
50 0
3
onderzoek project code get ekend conform
bosgrond / cm t ov m aaiveld
0 1
0
t ype dat um boorm eest er gws (m -m v)
-55
-115
150
0
-25 -270
-55 3
-105
zand, m at ig grof, zwak silt ig, neut raal grijs, geel, m at ig roest , edelm an
4
-220
leem , st erk zandig, neut raal grijs, zuigerboor
250
-55
4 -115
zand, m at ig grof, zwak silt ig, licht grijs, geel, st erk roest , edelm an
170
-20
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht grijs, geel, sporen roest , edelm an
100
zand, zeer fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, bruin, sporen plant en, edelm an 150
0
in sp e ct ie g a t 0 8 -0 9 -2 0 2 5 Ja n H a r t m a n 1
zand, m at ig grof, zwak silt ig, licht grijs, geel, zwak roest -50
7
bosgrond / cm t ov m aaiveld
0 1 2 50
13 0
leem , st erk zandig, zwak hum eus, donker bruin, st erk wort els, zwak oer,
1 -20
zand, uit erst fijn, m at ig silt ig, licht geel, bruin, m at ig oer, m at ig leem 3 -50
zand, m at ig grof, zwak silt ig, licht grijs, geel, m at ig roest
100 4
-100
zand, m at ig grof, zwak silt ig, licht grijs
150
braak / cm t ov m aaiveld
0
-25
50 t ype dat um boorm eest er
zand, zeer fijn, zwak silt ig, licht wit , geel, sporen roest , edelm an
in sp e ct ie g a t 0 8 -0 9 -2 0 2 5 Ja n H a r t m a n
-50
14
braak / cm t ov m aaiveld
0 1
-150 t ype dat um boorm eest er gws (m -m v)
in sp e ct ie g a t 0 8 -0 9 -2 0 2 5 Ja n H a r t m a n 1
8
braak / cm t ov m aaiveld
0 1
t ype dat um boorm eest er
braak / cm t ov m aaiveld 1
in sp e ct ie g a t 0 8 -0 9 -2 0 2 5 Ja n H a r t m a n
braak / cm t ov m aaiveld
2
0
31x31cm , leem , st erk zandig, licht beige, bruin, zwak t eelaarde, zwak wort els,
t ype dat um boorm eest er
-20
in sp e ct ie g a t 0 8 -0 9 -2 0 2 5 Ja n H a r t m a n
-50
braak / cm t ov m aaiveld
0
-40
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht grijs, geel, sporen roest , zwak t eelaarde, edelm an,
11
braak / cm t ov m aaiveld
0 1
in sp e ct ie g a t 0 8 -0 9 -2 0 2 5 Ja n H a r t m a n
12
braak / cm t ov m aaiveld 1
0
31x31cm , leem , st erk zandig, zwak hum eus, donker zwart , bruin, sporen oer, zwak wort els -20
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht wit , geel, zwak roest , edelm an -50
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 Ka n a a lw e g 2 - M a r k e lo 25019216 N EN 5 1 0 4
t ype dat um boorm eest er
0
31x32cm , leem , st erk zandig, zwak hum eus, donker bruin, sporen oer, zwak wort els -30
50
-50
0
braak / cm t ov m aaiveld 1
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht grijs, geel, zwak roest , edelm an
in sp e ct ie g a t 0 8 -0 9 -2 0 2 5 Ja n H a r t m a n
-50
0
-30
50
zand, m at ig grof, zwak silt ig, licht grijs, geel, sporen roest , edelm an
18 0
30x31cm , leem , st erk zandig, zwak hum eus, donker zwart , bruin, sporen oer, zwak wort els
0
30x31cm , leem , st erk zandig, zwak hum eus, donker bruin, sporen oer, zwak wort els -45
50 t ype dat um boorm eest er
0
33x32cm , leem , st erk zandig, zwak hum eus, donker bruin, sporen oer, zwak wort els zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht wit , geel, sporen roest , edelm an
1
-50
onderzoek project code get ekend conform
braak / cm t ov m aaiveld
0
17
zand, zeer fijn, zwak silt ig, licht grijs, grijs, sporen leem , zwak roest
in sp e ct ie g a t 0 8 -0 9 -2 0 2 5 Ja n H a r t m a n
in sp e ct ie g a t 0 8 -0 9 -2 0 2 5 Ja n H a r t m a n
-50
1
-20
50
t ype dat um boorm eest er
in sp e ct ie g a t 0 8 -0 9 -2 0 2 5 Ja n H a r t m a n
50
1
50
leem , st erk zandig, licht bruin, rood, m at ig oer, zwak zand, edelm an
-50
10
t ype dat um boorm eest er
t ype dat um boorm eest er
0
30x31cm , leem , zwak zandig, zwak hum eus, donker bruin, sporen oer, zwak wort els -30
50
16
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht wit , geel, zwak roest , edelm an
0
t ype dat um boorm eest er
0
31x31cm , leem , st erk zandig, zwak hum eus, donker zwart , bruin, sporen oer, zwak wort els -20
50
braak / cm t ov m aaiveld
0 1
-50
9
-45
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht wit , geel, zwak roest , edelm an -50
zand, zeer fijn, zwak silt ig, licht grijs, grijs, sporen leem
0
t ype dat um boorm eest er
in sp e ct ie g a t 0 8 -0 9 -2 0 2 5 Ja n H a r t m a n
15 -20
in sp e ct ie g a t 0 8 -0 9 -2 0 2 5 Ja n H a r t m a n
leem , st erk zandig, licht bruin, rood, uit erst oer, edelm an
0
31x31cm , leem , st erk zandig, zwak hum eus, donker bruin, beige, sporen oer, zwak wort els, m at ig zand
50
0
31x30cm , leem , zwak zandig, zwak hum eus, donker bruin, sporen oer, zwak wort els -20
50 t ype dat um boorm eest er
0
31x32cm , leem , st erk zandig, zwak hum eus, donker bruin, sporen oer, zwak wort els
in sp e ct ie g a t 0 8 -0 9 -2 0 2 5 Ja n H a r t m a n
zand, zeer fijn, zwak silt ig, licht wit , geel, sporen roest , edelm an -50
PEILBUIS
BORIN G
OLIE OP W ATER REACTIE
num m er
bodem m onst er, geroerd
Geen casing
Zwak
Mat ig
St erk
Uit erst
bodem laag
GEUR IN TEN SITEIT
bent oniet
grondwat erst and t ijdens boren
bodem m onst er, ongeroerd
filt ergrind
Geen Zeer zwak
Zwak
Mat ig
St erk
bodem laag filt ert raject grondwat erst and
links= cm -m aaiveld recht s= cm + NAP
GRON D SOORTEN [ 5 1 0 4 ]
M ATE V AN BIJM EN GIN G
GRIND, grindig (G,g)
zwak - (0-5%)
ZAND, zandig (Z,z)
m at ig - (5-15%)
LEEM, silt ig (L,s)
st erk - (15-50%)
KLEI, kleiig (K,k)
uit erst - (> 50%)
VEEN, hum eus (V,h)
slib
V ERH ARD IN GEN
GRAD ATIE Z AN D
asfalt , bet on, klinkers, t egels st elconplaat , ondoordringbare laag
uf = uit erst fijn (63-105 um ) zf = zeer fijn (105-150 um ) m f = m at ig fijn (150-210 um ) m g = m at ig grof (210-300 um ) zg = zeer grof (300-420 um ) ug = uit erst grof (420-2000 um )
OV ERIG
GRAD ATIE GRIN D
bodem vreem de best andsdelen aanwezig
f = fijn (2-5.6 m m ) m g = m at ig grof (5.6-16 m m ) zg = zeer grof (16-63 m m )
wat er
BESCH RIJV IN G BOD EM LAAG pid = fot o ionisat ie det ect or bv = bodem vocht ow = olie op wat er
Zeer st erk
Bijlage III Resultaten chemische analyses Toetsingen chemische analyses
AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl
Kruse Milieu BV Dhr. Twan Krukkert Huyerenseweg 33 7678 SC Geesteren
Klantnr:
35004426
Analyserapport 1602221 25019216 Kanaalweg 2 - Markelo Datum: 15.09.2025
Opdracht Opdrachtgever Opdrachtacceptatie Project
1602221 Bodem / Eluaat 35004426 Kruse Milieu BV 08.09.2025 149704 Kanaalweg 2 - Markelo
Geachte heer, mevrouw, Hierbij zenden wij u de resultaten van het door u aangevraagde laboratoriumonderzoek. De analyses zijn, tenzij anders vermeld, uitgevoerd overeenkomstig onze erkenning voor de werkzaamheid "Analyse voor milieuhygiënisch bodemonderzoek" van het Besluit Bodemkwaliteit. Dit rapport mag alleen in zijn geheel worden gereproduceerd. Eventuele bijlagen zijn onderdeel van het rapport. Let op: alleen de algemene voorwaarden van AL-West gedeponeerd bij de KvK te Deventer, zijn van toepassing. Indien u nog vragen heeft of aanvullende informatie wenst, verzoeken wij u om contact op te nemen met Klantenservice. Wij vertrouwen erop u met de toegezonden informatie van dienst te zijn.
Dit analyserapport met opdrachtnummer 1602221 en analyserapportversie 1 bevat de analyse(s) van monsternummer(s) 325264, 325269, 325274, 325285. Met vriendelijke groet,
DOC-13-26440599-NL-P1
AL-West B.V. (AGROLAB GROUP), Dhr. Merijn Rutgers, Tel. +31570788117 Merijn.Rutgers@al-west.nl
Parameters uitgevoerd door AL-West BV zijn geaccrediteerd volgens EN ISO/IEC 17025:2017. Alleen niet-geaccrediteerde en/of uitbestede parameters zijn gemarkeerd met het symbool *).
Blad 1 van 4 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01
Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer
AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl
Analyserapport 1602221 25019216 Kanaalweg 2 - Markelo Datum: 15.09.2025 Monster informatie Monsternummer Datum monstername
Monster beschrijving
325264 325269 325274 325285
BG I, 2: 0-20, 6: 0-25, 7: 0-20, 8: 0-20 BG II, 1A: 0-20, 4: 0-25, 11: 0-30, 15: 0-30 BG III, 3: 0-20, 9: 0-20, 13: 0-25, 14: 0-20 OG, 1A: 55-100, 2: 50-100, 3: 55-105, 3: 105-150, 4: 55-105, 7: 50-100
08.09.2025 00:00 08.09.2025 00:00 08.09.2025 00:00 08.09.2025 00:00
Algemene monstervoorbehandeling 325264 Parameter S S
Eenheid
Voorbehandeling conform AS3000 Droge stof
%
325269
325274
325285
BG I, 2: 0-20, 6: 0-25, 7: 0-20, BG II, 1A: 0-20, 4: 0-25, 11: 0- BG III, 3: 0-20, 9: 0-20, 13: 08: 0-20 30, 15: 0-30 25, 14: 0-20
OG, 1A: 55-100, 2: 50-100, 3: 55-105, 3: 105-150, 4: 55-105, 7: 50-100
++1),2)
++1),2)
++1),2)
++1),2)
83,21)
76,91)
81,91)
86,11)
325264
325269
325274
325285
Fracties (sedigraaf)
S
Parameter
Eenheid
BG I, 2: 0-20, 6: 0-25, 7: 0-20, BG II, 1A: 0-20, 4: 0-25, 11: 0- BG III, 3: 0-20, 9: 0-20, 13: 08: 0-20 30, 15: 0-30 25, 14: 0-20
OG, 1A: 55-100, 2: 50-100, 3: 55-105, 3: 105-150, 4: 55-105, 7: 50-100
Fractie < 2 µm
% Ds
4,0
17
12
2,1
325264
325269
325274
325285
Klassiek Chemische Analyses
S
Parameter
Eenheid
BG I, 2: 0-20, 6: 0-25, 7: 0-20, BG II, 1A: 0-20, 4: 0-25, 11: 0- BG III, 3: 0-20, 9: 0-20, 13: 08: 0-20 30, 15: 0-30 25, 14: 0-20
OG, 1A: 55-100, 2: 50-100, 3: 55-105, 3: 105-150, 4: 55-105, 7: 50-100
Organische stof6)
% Ds
7,7
5,8
7,2
<0,25)
325264
325269
325274
325285
Voorbehandeling metalen analyse Parameter S
Eenheid
Koningswater ontsluiting
BG I, 2: 0-20, 6: 0-25, 7: 0-20, BG II, 1A: 0-20, 4: 0-25, 11: 0- BG III, 3: 0-20, 9: 0-20, 13: 08: 0-20 30, 15: 0-30 25, 14: 0-20
OG, 1A: 55-100, 2: 50-100, 3: 55-105, 3: 105-150, 4: 55-105, 7: 50-100
++1),2)
++1),2)
++1),2)
++1),2)
325264
325269
325274
325285
Metalen (AS3000)
S S S S S S S S S S
Parameter
Eenheid
BG I, 2: 0-20, 6: 0-25, 7: 0-20, BG II, 1A: 0-20, 4: 0-25, 11: 0- BG III, 3: 0-20, 9: 0-20, 13: 08: 0-20 30, 15: 0-30 25, 14: 0-20
OG, 1A: 55-100, 2: 50-100, 3: 55-105, 3: 105-150, 4: 55-105, 7: 50-100
Arseen (As) Barium (Ba) Cadmium (Cd) Kobalt (Co) Koper (Cu) Kwik (Hg) Lood (Pb) Molybdeen (Mo) Nikkel (Ni) Zink (Zn)
mg/kg Ds mg/kg Ds mg/kg Ds mg/kg Ds mg/kg Ds mg/kg Ds mg/kg Ds mg/kg Ds mg/kg Ds mg/kg Ds
--3) <205) <0,205) <3,05) <5,05) <0,055) 14 <1,55) 4,1 <205)
--3) 99 0,39 7,3 7,9 0,20 33 <1,55) 10 47
--3) 48 0,26 3,4 6,8 0,11 27 <1,55) 6,2 36
<4,05) <205) <0,205) <3,05) <5,05) <0,055) <105) <1,55) 5,4 <205)
325264
325269
325274
325285
PAK (AS3000)
DOC-13-26440599-NL-P2
S
Parameter
Eenheid
BG I, 2: 0-20, 6: 0-25, 7: 0-20, BG II, 1A: 0-20, 4: 0-25, 11: 0- BG III, 3: 0-20, 9: 0-20, 13: 08: 0-20 30, 15: 0-30 25, 14: 0-20
OG, 1A: 55-100, 2: 50-100, 3: 55-105, 3: 105-150, 4: 55-105, 7: 50-100
Anthraceen
mg/kg Ds
<0,0505)
<0,0505)
<0,0505)
<0,0505)
Parameters uitgevoerd door AL-West BV zijn geaccrediteerd volgens EN ISO/IEC 17025:2017. Alleen niet-geaccrediteerde en/of uitbestede parameters zijn gemarkeerd met het symbool *).
Blad 2 van 4 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01
Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer
AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl
Analyserapport 1602221 25019216 Kanaalweg 2 - Markelo Datum: 15.09.2025 Monster informatie Monsternummer Datum monstername
Monster beschrijving
325264 325269 325274 325285
BG I, 2: 0-20, 6: 0-25, 7: 0-20, 8: 0-20 BG II, 1A: 0-20, 4: 0-25, 11: 0-30, 15: 0-30 BG III, 3: 0-20, 9: 0-20, 13: 0-25, 14: 0-20 OG, 1A: 55-100, 2: 50-100, 3: 55-105, 3: 105-150, 4: 55-105, 7: 50-100
08.09.2025 00:00 08.09.2025 00:00 08.09.2025 00:00 08.09.2025 00:00 325264
325269
325274
325285
Parameter
Eenheid
BG I, 2: 0-20, 6: 0-25, 7: 0-20, BG II, 1A: 0-20, 4: 0-25, 11: 0- BG III, 3: 0-20, 9: 0-20, 13: 08: 0-20 30, 15: 0-30 25, 14: 0-20
OG, 1A: 55-100, 2: 50-100, 3: 55-105, 3: 105-150, 4: 55-105, 7: 50-100
S S S S S S S S S
Benzo(a)anthraceen Benzo(a)pyreen Benzo(ghi)peryleen Benzo(k)fluorantheen Chryseen Fenanthreen Fluorantheen Indeno-(1,2,3-c,d)pyreen Naftaleen
mg/kg Ds mg/kg Ds mg/kg Ds mg/kg Ds mg/kg Ds mg/kg Ds mg/kg Ds mg/kg Ds mg/kg Ds
<0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505)
<0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505)
<0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505)
<0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505) <0,0505)
S
Som PAK (VROM) (Factor mg/kg Ds 0,7)
0,354)
0,354)
0,354)
0,354)
325264
325269
325274
325285
Minerale olie (AS3000/AS3200)
S
Parameter
Eenheid
BG I, 2: 0-20, 6: 0-25, 7: 0-20, BG II, 1A: 0-20, 4: 0-25, 11: 0- BG III, 3: 0-20, 9: 0-20, 13: 08: 0-20 30, 15: 0-30 25, 14: 0-20
OG, 1A: 55-100, 2: 50-100, 3: 55-105, 3: 105-150, 4: 55-105, 7: 50-100
Koolwaterstoffractie C10C40 Koolwaterstoffractie C10C12*) Koolwaterstoffractie C12C16*) Koolwaterstoffractie C16C20*) Koolwaterstoffractie C20C24*) Koolwaterstoffractie C24C28*) Koolwaterstoffractie C28C32*) Koolwaterstoffractie C32C36*) Koolwaterstoffractie C36C40*)
mg/kg Ds
<355)
<355)
<355)
<355)
mg/kg Ds
<35)
<35)
<35)
<35)
mg/kg Ds
<35)
<35)
<35)
<35)
mg/kg Ds
<45)
<45)
<45)
<45)
mg/kg Ds
<55)
<55)
<55)
<55)
mg/kg Ds
<55)
<55)
<55)
<55)
mg/kg Ds
<55)
<55)
<55)
<55)
mg/kg Ds
<55)
<55)
<55)
<55)
mg/kg Ds
<55)
<55)
<55)
<55)
325264
325269
325274
325285
Polychloorbifenylen (AS3000)
DOC-13-26440599-NL-P3
S S S S S
Parameter
Eenheid
BG I, 2: 0-20, 6: 0-25, 7: 0-20, BG II, 1A: 0-20, 4: 0-25, 11: 0- BG III, 3: 0-20, 9: 0-20, 13: 08: 0-20 30, 15: 0-30 25, 14: 0-20
OG, 1A: 55-100, 2: 50-100, 3: 55-105, 3: 105-150, 4: 55-105, 7: 50-100
PCB 28 PCB 52 PCB 101 PCB 118 PCB 1387)
mg/kg Ds mg/kg Ds mg/kg Ds mg/kg Ds mg/kg Ds
<0,00105) <0,00105) <0,00105) <0,00105) <0,00105)
<0,00105) <0,00105) <0,00105) <0,00105) <0,00105)
<0,00105) <0,00105) <0,00105) <0,00105) <0,00105)
<0,00105) <0,00105) <0,00105) <0,00105) <0,00105)
Parameters uitgevoerd door AL-West BV zijn geaccrediteerd volgens EN ISO/IEC 17025:2017. Alleen niet-geaccrediteerde en/of uitbestede parameters zijn gemarkeerd met het symbool *).
Blad 3 van 4 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01
Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer
AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl
Analyserapport 1602221 25019216 Kanaalweg 2 - Markelo Datum: 15.09.2025 Monster informatie Monsternummer Datum monstername
Monster beschrijving
325264 325269 325274 325285
BG I, 2: 0-20, 6: 0-25, 7: 0-20, 8: 0-20 BG II, 1A: 0-20, 4: 0-25, 11: 0-30, 15: 0-30 BG III, 3: 0-20, 9: 0-20, 13: 0-25, 14: 0-20 OG, 1A: 55-100, 2: 50-100, 3: 55-105, 3: 105-150, 4: 55-105, 7: 50-100
08.09.2025 00:00 08.09.2025 00:00 08.09.2025 00:00 08.09.2025 00:00 325264
325269
325274
325285
Parameter
Eenheid
BG I, 2: 0-20, 6: 0-25, 7: 0-20, BG II, 1A: 0-20, 4: 0-25, 11: 0- BG III, 3: 0-20, 9: 0-20, 13: 08: 0-20 30, 15: 0-30 25, 14: 0-20
OG, 1A: 55-100, 2: 50-100, 3: 55-105, 3: 105-150, 4: 55-105, 7: 50-100
S S
PCB 153 PCB 180
mg/kg Ds mg/kg Ds
<0,00105) <0,00105)
<0,00105) <0,00105)
<0,00105) <0,00105)
<0,00105) <0,00105)
S
Som PCB (7 Ballschmiter) mg/kg Ds (Factor 0,7)
0,00494)
0,00494)
0,00494)
0,00494)
1)
Alle resultaten van de vaste parameters zijn gebaseerd op de droge stof (DS), behalve de analyten die zijn gemarkeerd met het teken 1) die zijn gebaseerd op de oorspronkelijke stof (OS). 2) "++" Geeft aan dat de noodzakelijke behandeling in het laboratorium is uitgevoerd. 3) "--" Geeft "niet aangevraagd" aan. 4) Bij deze som zijn resultaten "<rapportagegrens" vermenigvuldigd met 0,7. 5) Verklaring:"<" of n.a. betekent dat het gehalte van de component lager is dan de rapportagegrens. 6) Het organische stof gehalte is gecorrigeerd met het lutum gehalte, indien geen lutum is bepaald dan is gecorrigeerd met een lutum gehalte van 5,4%. Het organische stof gehalte is niet gecorrigeerd voor het vrij ijzer gehalte, tenzij dit bepaald is. 7) Het analyseresultaat van PCB 138 is mogelijk overschat vanwege co-elutie met PCB 163 S Erkend volgens AS SIKB 3000 Start van de test: 08.09.2025 Einde van de test: 15.09.2025 De resultaten hebben uitsluitend betrekking op de geteste items. In gevallen waarin het laboratorium niet verantwoordelijk was voor de bemonstering, gelden de gerapporteerde resultaten voor de monsters zoals deze zijn ontvangen. Het laboratorium is niet verantwoordelijk voor de door de klant verstrekte informatie. Eventuele klantinformatie in dit analyserapport valt niet onder de accreditatie van het laboratorium en kan de geldigheid van de resultaten beïnvloeden.
Gedeeltelijke reproductie van het rapport zonder onze schriftelijke toestemming is niet toegestaan. In het geval van een conformiteitsverklaring wordt de discrete benadering gebruikt als beslisregel. Dit betekent dat de meetonzekerheid niet wordt meegenomen in de conformiteitsverklaring met een specificatie of norm.
AL-West B.V. (AGROLAB GROUP), Dhr. Merijn Rutgers, Tel. +31570788117 Merijn.Rutgers@al-west.nl
Lijst van methoden conform Protocollen AS 3000
DOC-13-26440599-NL-P4
conformNEN-EN12880; AS3000, AS3200; NENEN15934
Voorbehandeling conform AS3000 • Organische stof6) • Arseen (As) • Barium (Ba) • Cadmium (Cd) • Kobalt (Co) • Koper (Cu) • Kwik (Hg) • Lood (Pb) • Molybdeen (Mo) • Nikkel (Ni) • Zink (Zn) • Anthraceen • Benzo(a)anthraceen • Benzo(a)pyreen • Benzo(ghi) peryleen • Benzo(k)fluorantheen • Chryseen • Fenanthreen • Fluorantheen • Indeno-(1,2,3-c,d)pyreen • Naftaleen • Som PAK (VROM) (Factor 0,7) • Koolwaterstoffractie C10-C40 • PCB 28 • PCB 52 • PCB 101 • PCB 118 • PCB 1387) • PCB 153 • PCB 180 • Som PCB (7 Ballschmiter) (Factor 0,7) Droge stof
eigen methode*)
Koolwaterstoffractie C10-C12*) • Koolwaterstoffractie C12-C16*) • Koolwaterstoffractie C16-C20*) • Koolwaterstoffractie C20-C24*)
Protocollen AS 3000 / Protocollen AS 3200
• Koolwaterstoffractie C24-C28*) • Koolwaterstoffractie C28-C32*) • Koolwaterstoffractie C32-C36*) • Koolwaterstoffractie C36-C40*) Fractie < 2 µm • Koningswater ontsluiting
Parameters uitgevoerd door AL-West BV zijn geaccrediteerd volgens EN ISO/IEC 17025:2017. Alleen niet-geaccrediteerde en/of uitbestede parameters zijn gemarkeerd met het symbool *).
Blad 4 van 4 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01
Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer
AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl [@ANALYNR_START=325264]
DOC-13-26440696-NL-P1
CHROMATOGRAM for Order No. 1602221, Analysis No. 325264, created at 15.09.2025 13:59:04 Monster beschrijving: BG I, 2: 0-20, 6: 0-25, 7: 0-20, 8: 0-20
Blad 1 van 4 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01
Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer
AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl [@ANALYNR_START=325269]
DOC-13-26440696-NL-P2
CHROMATOGRAM for Order No. 1602221, Analysis No. 325269, created at 15.09.2025 13:59:04 Monster beschrijving: BG II, 1A: 0-20, 4: 0-25, 11: 0-30, 15: 0-30
Blad 2 van 4 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01
Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer
AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl [@ANALYNR_START=325274]
DOC-13-26440696-NL-P3
CHROMATOGRAM for Order No. 1602221, Analysis No. 325274, created at 12.09.2025 08:30:00 Monster beschrijving: BG III, 3: 0-20, 9: 0-20, 13: 0-25, 14: 0-20
Blad 3 van 4 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01
Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer
AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl [@ANALYNR_START=325285]