CConstaterende datHoeksche Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

Wissing 609-bks-Mookhoek 5 Strijen 20211207 20211208

Besluitvormende raad 8 maart 2022, gemeente Hoeksche WaardBij agendapunt: Bestemmingsplan Mookhoek 5 te Strijen3.183 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Mookhoek 5 LANDSCHAPELIJKKADER & BEELDKWALITEITSPLAN 7 december 2021 ruimte voor ideeën

Opdrachtgever: R3 Advies - Dick van Horssen Documentnaam: 609-bks-Mookhoek 5 Strijen - 20210309 Wijzigingsdatum: 7 december 2021

Alles uit dit document mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar worden gemaakt mits de bron en auteur worden vermeld. Aan de inhoud van dit document kunnen geen rechten worden ontleend.

Middenbaan 108, 2991 CT Postbus 37, 2990 AA Barendrecht

T +31 (0)180 61 31 44

www.wissing.nl

Inhoud 1.

Inleiding

4

2. Ruimtelijke verkenning

5

3. Schetsverkaveling

13

4. Landschappelijke kader

17

5. Beeldkwaliteitsplan

20

1 Inleiding

Het voornemen is om aan de Mookhoek 5 in Strijen gelegen boerderij met erf te transformeren naar een woonlocatie met 3 woningen. Als aanvulling bij het bestemmingsplan is voorliggend landschappelijk kader en beeldkwaliteitsplan nodig. Het uitgangspunt bij het landschappelijk kader en het beeldkwaliteitsplan is dat de nieuwe ontwikkeling (woningen met tuinen) passen in zijn omgeving. Daarvoor volgt hieronder een beknopte ruimtelijke verkenning van de locatie, een verkenning van relevant ruimtelijk beleid. Op basis van deze verkenningen zijn er een aantal modellen geschetst die passend zijn voor de locatie. Op basis hiervan is het landschappelijk kader en het beeldkwaliteitsplan opgesteld. De bestaande schuur (omkaderd met witte lijn) zal worden gehandhaafd ivm met de aanwezigheid van de Grootoorvleermuis en Kerkuil en worden aangepast als verblijfplaats.

4

2 Ruimtelijke verkenning huidige situatie De locatie Mookhoek 5 ligt nabij de buurtschap Mookhoek aan de dijk in het landelijk gebied. Aan de bocht van de Mookhoek (dijk) nabij de kruising van de Schenkeldijk, Tweede kruisweg en de Strijensedijk. Buurtschap Mookhoek bestaat uit een lintbebouwingstructuur gelegen op en aan de dijk Mookhoek. Dit lint loopt verder in de richting van `s-Gravendeel en via de Schenkeldijk tot het buurtschap Schenkeldijk. Het buurtschap Mookhoek heeft een na-oorlogse kern met planmatige bebouwing zoals rijwoningen en enkele vrijstaande en twee-onder-één-kap woningen.

Buurtschap Mookhoek

k Mo o

ho e

k

Plangebied

e Tw ed eK ru is w he el d nk i jk

Strijens

Sc

edijk

eg

5

3 Titel

Kadertekst

Foto 1: Beeld in de richting van Strijen. Open zichlijnen op open landschap (uitzicht aan rechterzijde van de weg)

Foto 2: Beeld in de richting van Strijen. Open zichlijnen op open landschap (uitzicht aan linkerzijde van de weg)

Foto 3: Beeld in de richting buurtschap Mookhoek. Zichlijnen op open landschap

6

Landschap Zo al beschreven ligt het plangebied aan een oude dijklint in een Zeekleipolderlandschap; kenmerkende kwaliteiten van dit gebied zijn ondermeer de verscheidenheid in bebouwing, open structuren en zichtassen richting het achterliggende landschap vanaf de dijk. Het plangebied ligt in de bocht van de Mookhoek waardoor er vanuit de dijk zichtassen liggen het open landschap in. De kromming van de dijk maakt dat er actief contact wordt gezocht met het open landsschap. Het plangebied ligt dan ook als het ware in een schanierpunt in de bebouwingslint die de buurtschappeb Mookhoek en Schenkeldijk vormen. Het dichtzetten van de totale lint is niet wenselijk vanuit de ruimtelijke kwaliteit die het open landschap. En dat het beeld van een open landelijke lint dan veranderd naar een dichte bebouwingslint waardoor er geen contact meer mogelijk is met het landschap. Het bestaande erf kent weinig tot geen erf beplanting. Enkel aan de voet van de dijk ter hoogte van de bestaande hoeve bevinden zich enkele volwassen bomen.

legenda zichtlijnen doorzichten open landschap positie bebouwing

Bestaande openheid rondom Mookhoek en de zicht en doorkijken het landschap in..

locatie foto’s + kijkrichting

Buurtschap Mookhoek

F1

Plangebied

F2

F3

Schenkeldijk

7

Bebouwing De huidige bebouwing ligt als een markant schanierpunt in het lint (zie vorige pagina kaartje bestaande openheid, positie bebouwing), op het punt waar het landschap zich opent aan de lint en als het ware oversteekt. De woningen die zich in de directe nabijheid van het plangebied bevinden zijn voornamelijk van het type vooroorlogse dijkbebouwing. De bebouwing is de dijk georiënteerd. Ze heeft ofwel direct hun voorgevel aan de straat of staat onderaan de dijk. De richting van de bebouwing volgt de dijkrichting. De huidige bebouwing op het plangebied bestaat uit een traditionele boerderij van rond 1900 met enkele schuren en bijgebouwen. Het woongedeelte bestaat uit een hoeve van een laag met schildkap. Is symmetrisch van opbouw. De overgang van de gevel naar het dak bestaat uit een gootlijst. De omliggende bebouwing is varierend in bouwjaar en stijl. De overkoepelde sfeer is landelijk. De korrel is klein en langwerpig van vorm, het zijn individuele woningen. De woningen hebben één of twee bouwlagen. Ze zijn vrijwel allemaal voorzien van een kap (zadelkap, schildkap, mansardekap of samengesteld vorm). Gebruikte dakbedekking bestaat voornamelijk uit pannen (rood en zwart). Een enkele woning heeft een rieten dakbedekking.

Beeld huidige (te slopen) bebouwing Mookhoek 5

8

De woningen zijn zorgvuldig gedetailleerd met verbijzonderingen in het metselwerk, gootlijsten en ornamenten. De gevels zijn in opzet symmetrisch en hebben een horizontale opbouw in plint en kap. Een middendeel komt sporadisch voor. Deze is alleen aanwezig als de woning half op de dijk staat waardoor er twee verschillende grondniveaus zijn. De gevelopeningen zijn staand en hebben veelal een onderverdeling en roedes. De woningen zijn vrijwel allemaal opgetrokken in metselwerk in rode-roodbruine-geelbruine baksteen of in wit gekeimd metselwerk. Een enkele gevel is gestuct. Enkele woningen hebben ook delen van de gevel bekleed met houten planken. Kozijnen, deuren en goten zijn overwegend van hout en geschilderd. Gebruikte kleuren zijn voornamelijk wit, donkergrijs, donkergroen en donkerblauw. Cultuurhistorie Al reeds voor de Sint Elisabetsvloed (1421) was het gebied bewoont. De voormalige zeedijk is aangelegd in 1593 ter inpoldering van de polder Nieuw Bonaventura. En sinds 1675 zijn er al diverse meldingen van een hoeve op deze locatie. Sindsdien is de hoeve door diverse families bewoond en is de hoeve generatie op generatie doorgezet. Opvallend was dat ten tijde van de Tweede Wereldoorlog het Postkantoor van de Mookhoek was gevestigd in de opkamer. Op de gronden rondom de hoeve is sprake van agrarische gebruik (erf en boomgaard).

Echter zijn de omliggen de historische boomgaarde op de Hoek tussen het erf en de Tweede Kruisweg sinds de jaren ‘50 verdwenen. Bouwjaar bebouwingsstructuur; de huidige bebouwing van het plangebied is uit omstreeks 1900.

9

Ruimtelijk beleid REGIONAAL BELEID In de Regionale structuurvisie z ijn inrichtingsprincipes opgenomen voor de ontwikkeling van kreken en dijken, de inpassing van nieuwe agrarische bedrijfsgebouwen en voor verschillende typen dorpsuitbreidingen. Ze laten zien wat bedoeld wordt met de in het ontwikkelingsbeeld 2030 ingetekende ‘robuuste kreken’, ‘binnendijken’, ‘groene aders’ en ‘groene randen’. In de schematische kaarten is een aantal ‘vuistregels’ aangegeven waar rekening mee gehouden moet worden bij de verdere uitwerking van ruimtelijke plannen. Voor de het ontwikkeling van de locatie is de inrichtingsprincipe ‘Dijkontwikkeling’ van belang. Dijklintontwikkeling De locatie Mookhoek 5 maakt onderdeel uit van een dijklint. De provincie Zuid-Holland heeft hiervoor de volgende definitie: Dijklint: “De bebouwing staat op of tegen de dijk. Er is weinig ruimte voor nieuwe bebouwing.” Bij het bouwen en ontwikkelen in linten is de rol van de Provincie beperkt, behalve in gebied met bijzonder kwaliteit. Uitgangspunten is bij het bouwen en ontwikkelen in de linten dat de ontwikkeling past binnen de relevanten richtpunten. Nieuwe bebouwing blijven beperkt tot een zone van 100 meter langs de dijk. Het typerende verschil tussen de “Polder-” en “Zeezijde” kan worden versterkt door een daarop afgestemde inrichtingsstrategie, bijvoorbeeld een natte dijkvoet aan de zeezijde.

Richtpunten: • Linten blijven linten als onderscheidende bebouwingsvorm in het gebied; • Linten behouden hun lineaire karakter, waarbij de achterzijde van de bebouwing een direct contact met het landschap heeft en de voorzijde aan de openbare weg of waterloop grenst; • Bij nieuwe ontwikkelingen zijn de huidige korrel, profiel, transparantie en respect voor historische gaafheid van een lint richtinggevend; • Bij grootschalige ontwikkelingen blijft het lint herkenbaar als bebouwingsvorm. Dit betekent dat op gepaste afstand van het lint gebouwd wordt, waarbij het landschap, het lint en de nieuwe ontwikkeling bepalend zijn voor deze afstand. Het lint behoudt zijn eigen gezicht.

Uitgangspunten dijkontwikkeling

10

REGIONALE STRUCTUURVISIE HOEKSE WAARD De locatie ligt in de Hoeksche Waard en is zodoende opgenomen in de Regionale structuurvisie Hoeksche Waard (2009). Hierin is de visie voor de regio opgenomen tot 2030. De doelstellingen hiervan zijn: • Een ondeelbare Hoeksche Waard; • Duurzame ontwikkeling; • Versterking van leefbaarheid, economische vitaliteit en ruimtelijke kwaliteit; • De kernwaarden van het Nationaal Landschap Hoeksche Waard; • Bouwen voor eigen woon- en werkbehoefte; • Een goede infrastructuur; • Maatwerk bij de inpassing van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen op basis van een kwaliteitszonering. De locatie maakt onderdeel van een dijkzone. Hiervoor zijn ontwikkelprincipes voor opgesteld: “Deze dijkzones zijn groene linten in het landschap, die de aangrenzende open ruimten op een fraaie manier omzomen. Er is ruimte voor nieuwe recreatieve functies en -op beperkte schaal- landelijke woningen, mits goed ingepast en voorzien van landschappelijke beplanting. Nieuwe bebouwing blijft in principe beperkt tot een zone van 100 m langs de dijk. Beplantingen en recreatieve voorzieningen zonder bebouwing zijn mogelijk in een zone van 300 m langs de dijk. Het typerende verschil tussen de ‘polderzijde’ en de ‘zeezijde’ van de dijk kan worden versterkt door een daarop afgestemde inrichtingsstrategie, met bijvoorbeeld een natte dijkvoet aan de zeezijde.

In alle gevallen is maatwerk nodig in de vorm van nader uit te werken beeldkwaliteitsplannen”.

legenda

legenda

legenda

Besloten vs open landschap

Kernkwaliteiten landschap

Visiekaart 2030

11

WELSTANDSNOTA Het welstandstoezicht dient gericht te zijn op het versterken van de bestaande en/of gewenste locaties die tot zeer waardevol welstandsgebied horen. Het open polderlandschap en de historische dijklint zijn waardevolle plekken. Gevoel om dicht gezet te worden of te transformeren naar iets on herkenbaars. Het plangebied maakt dan ook onderdeel uit van het buitengebied van de Hoeksche Waard wat bijzondere en waardevolle kenmerken en eigenschappen bezit. Hierdoor is dit gebied ook aangewezen als bijzonder welstandsgebied.

19 17 17

Gebiedsindeling Hoeksche Waard

Welstandniveaus Hoeksche Waard

17 polderlandschap 19 dijklinten in het poldergebied

Zeer waardevol welstandsgebieden Bijzonder welstandsgebieden Reguliere welstandsgebieden

Polderlandschap Het uitgangspunt bij ontwikkelingen in het polderlandschap is dat bij nieuwbouw in het polderlandschap landschappelijke inpassing erg belangrijk is. In verband met de openheid van het landschap is bijzondere aandacht vereist voor de positionering van bijgebouwen. Behouden van de cultuurhistorische waarde die met name gevormd wordt door monumentale boerderijen op beplante erven. Dijklinten in het poldergebied46 Bij dijklinten is samenhang in het historische en vaak gesloten bebouwingsbeeld50van de dijklinten met bijzondere aandacht voor de plaatsing (op- of onder aan de dijk) en bouwrichting langs de straat het uitgangspunt. Behouden van de doorzichten naar het open landschap en creëren van een zorgvuldige overgang van bebouwing naar het open landschap.

12

3 Schetsverkaveling De voorgaande ruimtelijk en beleidsanalyse heeft geleid tot een passende schetsverkaling die aansluit bij het uitgangspunt ‘linten blijven linten’. Er is geen extra ontsluiting nodig is vanaf de Tweede Kruisweg, de nieuwe woningen worden via de bestaande op- en afgangen van de dijk ontsloten. Deze schets vormt de basis voor het landschappelijk kader en beeldkwaliteitsplan. Er is op basis van de analyse ruimte voor 3 landelijke vrijstaande woningen in de vorm van een hoeve. Deze refereren naar de aanwezigheid en de geschiedenis van hoeves op deze plek. Samen vormen ze een woonerf dat het dijklint begeleid. De noordelijkst gelegen woning dient haaks op de weg te worden geplaatst en vormt samen met Mookhoek 10a een ‘boeksteun’ die de openheid tussen het lint door zal begeleiden. De woning dient op passende wijze bij de bestaande schuur worden gepositioneerd. Waarbij de schuur duidelijk ondergeschikt is aan de woning maar ruimtelijk wel een eenheid vormen Door middel van deze nieuwe woning worden er open zicht- en kijkrelaties gecreëerd. Door het planten van houtwallen en lage boomgaarden wordt de kijkrichting vanaf de dijk extra begeleid en de openheid van het lint gewaarborgd. De overgangen van perceel naar het landschap (de westelijke perceelgrenzen) dienen zoveel mogelijk vrij te blijven van houtwallen en dichte beplanting.

Dit zorgt ervoor dat het open landschap tot aan de woningen door loopt.

Mookhoek 10a

30 m

13

4 Landschappelijkkader

legenda zichtlijnen doorzichten open landschap positie bebouwing sierpoort boomwallen groene vensters sloten (positie indicatief) mogelijke ontsluiting dijk

14

Randvoorwaarden erf Voor de herontwikkeling van Mookhoek 5 Strijen zijn randvoorwaarden opgesteld ten aanzien van de landschappelijke in passing, gebaseerd op de ruimtelijke verkenning, beleid en welstandsnota. Dit kader is een aanvulling hierop. LANDSCHAPPELIJKE CRITERIA Op het kavel is ruimte voor 3 woningen. Bestaande uit 3 losse hoeves aan een erf. De nieuwe bebouwing staat onder en aan de dijk. Hierdoor behoudt het bestaande historische lint zijn huidige profiel en eigen beeld en kan de dijklichaam door middel van nieuwe en aangezette natte lijnen (sloten) landschappelijk worden versterkt. De woningen staan of op ongeveer gelijke afstand van de zijerfgrenzen. De oriëntatie van de woningen volgt altijd de dijk waardoor de lineaire structuur van het dijklint herkenbaar blijft. De meeste noordelijke nieuwe woning staat haaks op de dijk en vormt samen met de bestaande woning Mookhoek 10a en te behouden schuur een stedenbouwkundig en landschappelijke begeleiding. De woning markeert de passage van het open landschap en regeert hier op. En functioneren als een ‘boeksteun’ van het lint. Het vormt een duidelijke beëdiging van het stukje lint en biedt hierdoor ruimte voor het open landschap om over de dijk te vloeien. De twee noordelijke woningen staan vooraan op de kavel, de zuidelijk woning staat iets naar achteren, ongeveer ter plaatse van de huidige bebouwing.

Hierdoor blijft de afstand tot de naastgelegen bestaande bebouwing gelijk en wordt er voldoende afstand (30 meter) gehouden tot het naastgelegen transportbedrijf. De zijtuinen zijn aan beide zijden ongeveer even breed. De twee noordelijke woningen hebben een relatief kleine voortuin. Dit geeft een beeld van een smal profiel dat aansluit bij de bestaande lintstructuur waar de woningen vaak haast op of direct aan de weg zijn gelegen. De zuidelijke woning staat meer terug in een ruime tuin. De massa van de woning sluit aan bij de omgeving en bestaat uit één tot anderhalve bouwlaag met kap. Aan-, uitbouwen en bijgebouwen zijn opgebouwd uit één bouwlaag met sierlijst met kap. Zowel hoofdgebouw als bijgebouwen hebben een schild of zadel kap. De woningen vormen zelf het lint en staan langs of haaks op de dijk. En hebben respect voor de cultuurhistorie en referen naar de voormalige hoeves. Het parkeren gebeurt op eigen terrein, achter de voorgevellijn. Ontsluiting van de woningen zal gebeuren via een eigen erf en de bestaande toegangweg vanaf de dijk. Ter markering van de toegang van het erf dient er ter hoogte van de dam een hekwerk te worden geplaatst. Hierbij bestaat de dampaal uit een 15

bakstenen of (giet)ijzeren paal. Het hekwerk zelf bestaat uit een ijzeren sierhekwerk met een traditioneel stilistisch sier symbool (zoals een haan, paard, pijnappel, pdal, ing, zon in de hoek, lelie, lisbloem, iris en lotusbloem). BEPLANTINSPLAN Het beplantingsplan geeft aan hoe en met welke elementen de landschappelijke in passing wordt vormgegeven. Het heeft alleen betrekking op de beplanting die van belang is voor de landschappelijke in passing, zoals een erfafscheiding. Het beplantingsplan is dus geen tuinontwerp. Het beplantingsplan bestaat uit drie onderdelen: de voortuin , erfafscheiding en de overgang naar het landschap. In het algemeen geldt dat voor de beplanting moet worden gekozen uit inheemse soorten. Voortuin De locatie ligt op een prominente plek langs de dijk. Om deze reden zijn er eisen gesteld aan de situering van de woning en de uitstraling van de woning. Door deze situering is er ruimte voor een bescheiden voortuin. Deze wordt groen ingericht als siertuin met bijvoorbeeld; gras, lage beplanting en mogelijk leibomen. De beplanting aan de wegzijde mag niet leiden dat het zicht op het achterliggende landschap word belemmert. Bestrating is hier ondergeschikt aan het groen. Bestrating in de vorm van klinkers of halfverharding heeft de voorkeur.

Erfafscheiding De erfafscheiding speelt een belangrijk rol in de zicht- en kijkrelatie met het achterliggende landschap. De beplanting heeft een begeleidende rol, en bestaan voornamelijk uit lokale inheemse soorten. Door het aanleggen van sloten en houtwallen of boomgaarden wordt de kijkrichting naar het landschap begeleid en krijgen de kavels een duidelijke afbakening. Overgangen naar het landschap De westelijke erfafscheidingen vormen de overgang van de tuinen naar het open landschap. Kenmerkend voor het bestaande dijklint is dat het open landschap tot aan de woningen loopt. Door de aanleg van de nieuwe sloten op de overgangen van het landschap naar de percelen worden er duidelijke grenzen gemaakt tussen perceel en landschap. Het is de bedoeling dat deze randen (half) open blijven en niet worden dichtgezet met dichte houtwallen en hagen. Door kleine en grote solitaire bomen en boomgaardes langs doorzichten en op de hoeken van de percelen te plaatsen, ontstaan er natuurlijke vensters, beschutte kleinschalige boomgaarden en velden. Dit zorgt voor een natuurlijk overgang tussen woningen en landschap. Zo kan het open landschap vanuit de woningen worden beleef. 16

5 Beeldkwaliteitsplan ARCHITECTONISCHE CRITERIA De woningen bestaan uit enkelvoudige vormgeving naar elkaar en met respect voor de direct omgeving. De hoofdvorm is enkelvoudig met een zadeldak. Het ontwerp heeft een dorpse / landelijke uitstraling. De architectonische stijl is traditioneel en passend bij het historische dijklint. Omdat de woningen een prominente plek hebben in het lint is het van belang dat de architectuur van de woningen uiterst zorgvuldig wordt vormgegeven. Niet alleen de voorgevel dient representatief te zijn, ook de zijgevels, gericht op het landschap zijn zeer belangrijk. De gevels zijn traditioneel en terughoudend vormgegeven. Ze hebben een rustige geleding. Blinde gevels zijn niet toegestaan. De horizontale opbouw bestaat uit een plint en met een beeldbepalende maar rustig vormgegeven kap. De gevelopeningen zijn staand en ook verticaal gelijnd. De woningen zijn zorgvuldig gedetailleerd met aandacht voor ornamenten sierlijsten en decoraties. Er is extra aandacht voor de vormgeving van elementen zoals erkers, schoorstenen, dakkapellen. De ‘Boekensteun woning’ verdient extra aandacht door accenten in de massa en/of architectonische uitwerking op de hoek of dak ter versterking van de confrontatie met het landschap.

De twee losse hoeves zijn ondergeschikt aan de ‘Boekensteun woning’ waardoor de ‘boeksteun woning’ promimenter aanwezig zal zijn als accent en ruimtelijk element. En zichzelf presenteert als het hoofdvolume van het ensemble aan het nieuwe erf. De woningen hebben een zorgvuldige detaillering door bijvoorbeeld verbijzonderingen in het metselwerk, rol of speklagen, schoorstenen, dakkapellen, roedeverdelingen in de ramen, en sierlijsten. Deze referen naar de bestaande oude hoeve. Het materiaalgebruik is traditioneel, natuurlijk en passend in de omgeving. Met name het dakvlak is beeldbepalend, heeft een rustige vormgeving en niet glimmend. Er wordt gekozen voor materialen die op een mooie manier verouderen. De gevels zijn opgetrokken in metselwerk in rode, roodbruine, geelbruine bakstenen. Het metselwerk is wit gekeimd of wit pleisterwerk daar waar in de architectuur een accent of massa aangezet dient te worden. Kozijnen zijn van hout of een daaraan in kwaliteit en uitstraling gelijk te stellen ander materiaal. Het kleurgebruik is traditioneel bijvoorbeeld crème wit, donkergrijs, donkergroen en donkerblauw. De daken zijn gedekt met keramische rode of antraciet kleurige pannen. Een rieten kap is ook mogelijk mits daar de vormentaal van de woningen zich er voor leent. Zonnepanelen zijn bij voorkeur opgenomen in het dakvlak en vormen een rechthoekig vlak.

Indien bij de toepassing van externe warmtepomp installaties dienen zij uit het zicht en/of aansluiten bij de materiaal en vormentaal van de woning. 17

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11183012/1