Verhelderende vragen aan het onderzoeksbureau en de antwoorden daarop over uitkomsten per dorp
Tekst van het document
Verhelderende vragen aan het onderzoeksbureau en de antwoorden daarop over uitkomsten per dorp Blijkt uit het onderzoek wat men onder grote dorpskernen verstaat en welke kernen dat zijn? Blijkt uit het onderzoek wat men onder kleine kernen verstaat en welke kernen dat zijn? • In het onderzoek is geen onderscheid gemaakt tussen ‘grote’ of ‘kleine’ kernen. Die duiding heeft het Inwonersforum toegevoegd. • Inwoners zullen waarschijnlijk op basis van hun kennis van de gemeente een onderscheid in het karakter kunnen maken tussen verschillende (grote en kleine) dorpskernen. In het advies van het Inwonersforum staat dat “Alleen in de grote dorpskernen (Oud-Beijerland, Numansdorp, Strijen, Puttershoek, ’s-Gravendeel en Zuid-Beijerland) en op bedrijventerreinen mogen de winkels open op zondag”. Kan dit worden onderbouwd met de resultaten van het onderzoek? • Hieronder de resultaten van alle dorpskernen: de gemiddelde puntenverdeling per woonplaats. • Zoals ook beschreven in het rapport ziet het onderzoeksbureau bij de optie ‘ruimte om het geloof te belijden’ drie kernen er naar boven uit springen ten opzichte van het gemiddelde (6,9 punten): Goudswaard (11,3 punten), Klaaswaal (9,5 punten) en Nieuw-Beijerland (13,1 punten).
• Als het onderzoeksbureau naar de grote dorpskernen kijkt die het Inwonersforum noemt (OudBeijerland, Numansdorp, Strijen, Puttershoek, ’s-Gravendeel en Zuid-Beijerland), dan ziet het onderzoeksbureau kleine, maar wel consistente verschillen ten opzichte van het gemiddelde. o Op de optie ‘ruimte voor winkeliers om open te gaan’ prioriteren de inwoners van OudBeijerland (9,2), Numansdorp (9,2), Strijen (9,5), Puttershoek (9,3) en Zuid-Beijerland (9,8) allemaal iets hoger dan het gemiddelde (8,6 punten). ’s-Gravendeel prioriteert deze optie gemiddeld. Er is dus een consistente hogere prioriteit in de grote woonkernen voor ‘ruimte voor winkeliers’ dan het gemiddelde van de Hoeksche Waard. Maar het verschil is niet substantieel (meestal minder dan een punt verschil). o Op de optie ‘ruimte om het geloof te belijden’ ziet het onderzoeksbureau dat Numansdorp (4,4 punten) en Zuid-Beijerland (4,5) substantieel lager prioriteren dan het gemiddelde (6,9 punten). Oud-Beijerland, Puttershoek en Strijen scoren gemiddeld. In ’s-Gravendeel wordt deze optie juist weer sterker geprioriteerd (7,6 punten). Hier ziet het onderzoeksbureau geen consistent beeld. Een manier om ernaar te kijken is dat in vier van de zes grotere kernen dezelfde prioriteit wordt gehecht aan de ruimte voor het geloof als in de rest van de gemeente. Op pagina 14 worden Goudswaard, Klaaswaal en Nieuw-Beijerland genoemd.
Wat komt er uit het onderzoek over Piershil, Heinenoord en Strijensas, Maasdam, Mijnsheerenland, Piershil en Westmaas? • Zie hieronder de resultaten. Het onderzoeksbureau ziet een gemengd beeld. Tot slot, overige informatie • Het onderzoeksbureau heeft in de raadpleging ook de stelling voorgelegd ‘Vindt u dat er iets moet veranderen aan de opening van winkels op zondag?’ Daarop kon men o.a. antwoorden ‘De winkels mogen open, maar er zijn wel regels’ en ‘Ik heb liever dat de winkels dicht zijn. Maar als ze toch opengaan, dan wil ik dat er regels zijn.’ In totaal kozen ongeveer 2.100 deelnemers voor een van deze twee opties (brief en open raadpleging samen). In een vervolgvraag konden deze deelnemers aangeven aan welke regels zij dan denken. • De meeste deelnemers denken primair aan regels over het aantal zondagen en winkeltijden: o 88% noemt als regel de opening op een of meerdere koopzondagen o 87% noemt een specifieke begintijd 1/2
•
•
o 85% noemt een specifieke eindtijd Deelnemers denken veel minder aan regels gerelateerd aan het soort winkel en de locatie van de winkel. Ter illustratie: o Ja, winkels op bedrijventerreinen mogen open: 15% o Ja, winkels in dorpskernen en winkelstraten mogen open: 14% o Ja. Winkels die eten en drinken verkopen mogen open. Bijvoorbeeld een supermarkt: 17% o Ja. Winkels zoals een bouwmarkt of een tuincentrum mogen open: 18% o Iedere dorpskern mag eigen regels maken: 14% o Voor alle winkels gelden dezelfde regels: 59% De laatste uitslag laat zien dat er meerderheidssteun is voor scenario 1 waarin gelijke regels gelden voor alle winkels. Globaal gezien is er voor differentiatie op basis van locatie (scenario 2) of winkeltype steun van ongeveer 15% van de inwoners.
Bijlage:
2/2