CConstaterende datHoeksche Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

Uitvoeringsprogramma Mobiliteit vastgesteld en afdoening toezegging

Oordeelsvormende vergadering 10 november 2025, gemeente Hoeksche WaardBij agendapunt: Agenderingsverzoek VVD Raadsinformatiebrief uitvoeringsprogramma mobiliteit vastgesteld en afdoening toezegging1.615 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Informatiebrief Aan: Van: Zaaknummer: Documentnummer: Portefeuillehouder: Team: Datum vaststelling college: Vertrouwelijk: Fase BOB-cyclus:

gemeenteraad college van B&W Z/24/252929 DOC-251073448 wethouder Verbiest Omgeving 7 oktober 2025 openbaar besluitvormend

Onderwerp Uitvoeringsprogramma Mobiliteit vastgesteld en afdoening toezegging. Inleiding Op 18 februari 2025 stelde uw raad het Mobiliteitsplan Hoeksche Waard vast. Dit plan omvat de beleidsdoelen die u in 2040 bereikt wil hebben op het gebied van mobiliteit. Om uw doelen te bereiken stelden wij een uitvoeringsprogramma op met concrete maatregelen die wij de komende jaren kunnen uitvoeren. Het concept uitvoeringsprogramma lag ter inzage van 10 juli 2025 tot en met 3 september 2025. Na beoordeling en/of verwerking van de ingekomen zienswijzen en overlegreacties, stelden wij het uitvoeringsprogramma vast. Een en ander onder voorbehoud van financiering van het plan waarover uw raad op korte termijn een besluit neemt. Met deze raadsinformatiebrief informeren wij u over de vaststelling en de voorgestelde financiering van het Uitvoeringsprogramma Mobiliteit. Inhoud Uitvoeringsprogramma Mobiliteit vastgesteld Na het vaststellen van het visiedocument op het gebied van mobiliteit (het Mobiliteitsplan Hoeksche Waard 18 februari 2025) door uw raad, startten wij met het opstellen van een groslijst aan maatregelen die nodig zijn om de doelen uit het mobiliteitsplan te behalen. Het behalen van de doelen op het gebied van mobiliteit is een grote opgave die vraagt om grote investeringen, capaciteit en geld.

Idealiter zouden wij de maatregelen uit de groslijst binnen de looptijd van het mobiliteitsplan (tot 2040) behalen. Dat zou betekenen dat forse extra middelen nodig zijn om maatregelen uit te voeren, maar ook om ze voor te bereiden (capaciteit). Omdat dit niet realistisch is, legden wij een aantal kaders vast waarbinnen maatregelen in het uitvoeringsprogramma kunnen worden uitgevoerd om zodoende een divers maar uitvoerbaar programma te kunnen samenstellen. Dit betrof de volgende kaders; 1. Wij prioriteren binnen de werkpakketten met prioriteit voor maatregelen die bijdragen aan verkeersveiligheid, vervolgens aan leefbaarheid en tot slot doorstroming. 2. Maatregelen dienen een bijdrage te leveren aan de doelstellingen uit het mobiliteitsplan. Maatregelen met een hogere bijdrage én met een positief effect op een grotere groep gebruikers, worden positiever beoordeelt. 1/4

3. Wij hanteren het principe werk-met-werk met dien verstande dat maatregelen die het hoogste scoren in kader 1, en niet binnen 5 jaar voor de combinatie werk-met-werk in aanmerking komen, als solitair project uitgevoerd worden. 4. Wij brengen in kaart welke grote stappen wij kunnen zetten indien wij een groter bedrag voor 5 jaar beschikbaar krijgen. 5. Wij leggen geen uiterste datum vast om onze doelen te bereiken. Met deze kaders zijn de maatregelpakketten in het uitvoeringsprogramma ingericht. Tijdens het opstellen van het mobiliteitsplan leverden onze inwoners waardevolle inbreng om onze visie tot 2040 te bepalen. Ook bij het opstellen van dit uitvoeringsprogramma vroegen wij onze inwoners om mee te denken over maatregelen om uitvoering te geven aan die visie om zodoende onze doelen te bereiken. Met een focusgroep van inwoners speelden wij het Hoeksche Waardse Mobiliteitsspel. Dit spel speelden wij ook met leden van uw raad. Uit deze eerste sessie kwamen duidelijke prioriteiten van de bewoners naar voren waarmee rekening is gehouden in het opstellen van de maatregelpakketten. De prioriteiten van de gemeenteraad kwamen voor een belangrijk deel overeen met de prioriteiten van de focusgroep.

Tijdens een tweede sessie met de focusgroep is toegelicht hoe op basis van deze prioriteiten maar ook op basis van (risico-)analyses is gekomen tot een eerste aanzet voor de maatregelpakketten. De focusgroep was hier positief over. De invulling van de concept maatregelpakketten pasten wij vervolgens slechts op details aan. Met het uitvoeren van maatregelpakket 1, het pakket voor de komende 5 jaar, kunnen wij direct grote stappen zetten om onze doelen uit het mobiliteitsplan te behalen. Het gaat daarmee om het verbeteren van de fietsveiligheid voor schooljeugd, het ontlasten van kwetsbare dijken door het autoluw maken van bepaalde gebieden en het verbeteren van de doorstroming op het hoofdwegennet. Het totaaloverzicht hiervan treft u op pagina’s 27 tot en met 30 van het uitvoeringsprogramma. Het Uitvoeringsprogramma Mobiliteit is een zogeheten Programma onder de Omgevingswet. Artikel 3.4 van de Omgevingswet geeft aan dat het college van burgemeester en wethouders bevoegd is om een programma vast te stellen. De gemeenteraad behoud het budgetrecht om de financiering voor het programma vast te stellen. Bij de totstandkoming van programma’s is voorafgaand overleg en betrokkenheid van burgers, bedrijven en organisaties belangrijk. Daarnaast betrokken wij uw raad bij de totstandkoming van het programma.

Voor (onverplichte) vrijwillige programma’s, zoals een programma ter uitwerking van een bepaald aspect of gebied (in dit geval mobiliteit), kan het college de voorbereiding zelf vormgeven. Wij kozen ervoor om de uniforme voorbereidingsprocedure te volgen waarbij wij onze inwoners op basis van afdeling 3.4 Awb de gelegenheid gaven een zienswijze in te dienen op het concept uitvoeringsprogramma voordat wij een besluit namen over het al dan niet vaststellen van het uitvoeringsprogramma. Wij legden het concept uitvoeringsprogrammater inzage. Wij informeerden u hierover in onze raadsinformatiebrief van 9 juli 2025. Wij ontvingen 28 zienswijzen en 3 overlegreacties op het concept uitvoeringsprogramma. Wij beoordeelden de ingekomen zienswijzen en reacties en verwerkten die in een nota van beantwoording. In sommige gevallen leidde de zienswijze en/of reactie tot aanpassing van het uitvoeringsprogramma. Na het verwerken van de ingekomen zienswijzen en/of reacties rondden wij het definitieve uitvoeringsprogramma af. Op 7 oktober 2025 stelden wij het definitieve Uitvoeringsprogramma Mobiliteit onder voorbehoud vast. Dit voorbehoud betreft de financiering van het plan, het budgetrecht en daarmee het beschikbaar stellen van de middelen voor het programma is voorbehouden aan uw raad. 2/4

Toezegging aan de raad Op verschillende momenten gedurende het proces om te komen tot het Mobiliteitsplan Hoeksche Waard en het (concept) Uitvoeringsprogramma Mobiliteit, deden wij u een toezegging. Met het vaststellen van dit uitvoeringsprogramma geven wij invulling aan de laatste toezegging, ‘Financiën ter verduidelijking’. In deze toezegging vraagt u inzicht in de financiering van de maatregelen in het Uitvoeringsprogramma Mobiliteit. De maatregelen in de pakketten voorzagen wij van een kostenraming. Deze stelden wij op via kengetallen, ervaringscijfers en naar aanleiding van ramingen. Zodoende weten we dat op dit moment (peildatum 2025) de kosten voor uitvoering van de maatregelen op korte (0-5 jaar) en middellange termijn (5-10) hoger zijn dan hetgeen wij nu in onze gemeentelijke begroting beschikbaar hebben. Dit is overigens zonder de kosten voor grootschalige renovaties of infrastructuur die wij aanleggen als gevolg van ruimtelijke ontwikkelingen. Daarvan gaf uw raad aan apart geïnformeerd te willen worden en separaat over de financiering hiervan te willen besluiten (bijvoorbeeld de randweg Klaaswaal of Hoeksche Waard ZuidWest). Voor het uitvoeren van de genoemde maatregelen op de korte termijn is een bedrag nodig van € 7,3 miljoen. Dit gaat enkel om de gemeentelijke bijdrage.

Voor verschillende maatregelen is daarnaast een bijdrage of volledige financiering van onze mede-wegbeheerders nodig. Die bedragen maken hier geen onderdeel van uit. Het gemeentelijk deel is een combinatie van investeringen en eenmalige uitgaven. Voor het pakket korte termijn geldt dat dit gaat om een bedrag van € 6,1 miljoen aan benodigd investeringskrediet waarvoor wij onder meer wegen herinrichten, fietspaden aanleggen, schoolomgevingen verkeersveiliger inrichten en de leefbaarheid op onze dijkwegen verbeteren. Dit zijn investeringen omdat zij bijdragen aan de levensduur van de weg en bij grootschalig onderhoud weer teruggeplaatst moeten worden. Deze maatregelen kennen daarmee een afschrijvingstermijn. Een bedrag van € 1,2 miljoen is nodig voor eenmalige uitgaven, dit zijn bijvoorbeeld onderzoeken naar de bereikbaarheid van voorzieningen in dorpen, het opstellen van een haltevisie of visie op goederenvervoer, maar ook gedragscampagnes en monitoring en evaluatie van de maatregelen uit het uitvoeringsprogramma.

Benodigde middelen (gemeentelijk aandeel) Waarvan investeringen (zie 3e begrotingswijziging 2026) Waarvan eenmalige uitgaven (gedekt uit bestaande structurele middelen mobiliteit)

Korte termijn € 7,3 miljoen € 6,1 miljoen € 1,2 miljoen

In uw Kadernota 2026 besloot u een bedrag van € 500.000,- per jaar, gedurende 5 jaar, beschikbaar te stellen voor mobiliteit. Omdat deze beperkt wordt tot 5 jaar, kan dit niet ingezet worden als dekking voor de renteen afschrijvingslasten van de investeringen die nodig zijn voor de uitvoering van de pakketten. Het zou enkel voor de eenmalige maatregelen kunnen worden ingezet. Via een 3e begrotingswijziging 2026 (apart voorstel raadsvergadering 13 november 2025) vragen wij u daarom om deze bijdrage structureel te maken zodat de investeringen die nodig zijn voor uitvoering van de maatregelpakketten, afgeschreven kunnen worden. Van dit bedrag dient € 450.000 ten behoeve van de structurele rente- en kapitaallasten voor de benodigde investering van € 6,1 miljoen, de resterende € 50.000 zetten wij binnen het uitvoeringsprogramma in voor niet-investeringsprojecten zoals gedragscampagnes en onderzoeken. In 2025 doen wij nog geen investeringen in het kader van dit uitvoeringsprogramma, er is zodoende nog geen sprake van rente- en kapitaallasten in 2026. Het volledige bedrag van € 500.000 zetten wij het eerste jaar in voor deze eenmalige uitgaven. In het Uitvoeringsprogramma Mobiliteit leest u welke maatregelen wij voor dit beschikbaar gestelde bedrag uitvoeren. 3/4

Vervolgprocedure Met het vaststellen van dit Uitvoeringsprogramma Mobiliteit leggen wij vast welke maatregelen wij de komende 5 jaar treffen op het gebied van verkeer en mobiliteit. Wanneer uw raad instemt met de financiering kunnen wij starten met de uitvoering hiervan. Wij plannen de werkzaamheden in en informeren u conform de toezegging van het college in mei 2026 over de voortgang hiervan. In de voorbereidingen voor de verschillende maatregelen passen wij participatie toe. Het vastgestelde Uitvoeringsprogramma Mobiliteit sturen wij toe aan onze medewegbeheerders en publiceren wij op onze website net als op het Digitaal Stelsel Omgevingswet. Met onze medewegbeheerders starten wij gesprekken om te komen tot een gezamenlijke samenwerkingsagenda mobiliteit om zodoende ook de projecten waarvoor zij (mede-)verantwoordelijk zijn tot uitvoering te laten komen. Bijlagen 1. Uitvoeringsprogramma Mobiliteit

4/4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16107905/1