CConstaterende datHoeksche Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

RV - Vaststellen omgevingsplan Oud Heinenoordseweg 18 (getekend)

Thema bijeenkomst 12 mei 2026, gemeente Hoeksche WaardBij agendapunt: RV Wijziging van het omgevingsplan voor het perceel Oud Heinenoordseweg 18 in Heinenoord (oordeelsvorming)2.099 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Voorstel Aan: Van: Zaaknummer: Documentnummer: Portefeuillehouder: Team: Datum vaststelling college: Vertrouwelijk: Fase BOB-cyclus:

gemeenteraad college van burgemeester en wethouders Z/25/344098 DOC-261151855 wethouder Van der Wulp Team Omgeving 31 maart 2026 Nee beeldvormend, oordeelsvormend en besluitvormend

Onderwerp Wijziging van het omgevingsplan (TAM/IMRO) voor het perceel Oud Heinenoordseweg 18 in Heinenoord voor het realiseren van een loods, het legaliseren van een stapmolen en het verwerken van een eerder verleende omgevingsvergunning voor het gebruik van het perceel als paardenpension. Beslispunten: 1. In te stemmen met de ambtshalve wijziging tot het vervangen van de stikstofberekening. 2. In te stemmen met de ambtshalve wijziging van de tekst van waterparagraaf in de motivering van het plan. 3. De wijziging van het omgevingsplan voor het perceel Oud Heinenoordseweg 18 Heinenoord (NL.IMRO.1963.TAM22hOudHein18HND-ON01) ongewijzigd vast te stellen. Samenvatting voorstel Met dit voorstel leggen wij de wijziging van het omgevingsplan voor het perceel Oud Heinenoordseweg 18 in Heinenoord voor het nemen van een besluit aan u voor. In deze wijziging van het omgevingsplan verwerken wij de op 7 april 2017 verleende omgevingsvergunning voor het gebruik van het perceel als paardenpension en het realiseren van een opslagloods. Daarnaast legaliseren wij een in 2017 gerealiseerde stapmolen. Daarnaast maken wij het realiseren van een loods voor opslag van hooi en stro (990 m2) als vervanging van een bestaande kleinere loods mogelijk.

Inleiding Op 7 april 2017 verleende de voormalige gemeente Binnenmaas een omgevingsvergunning voor het gebruik van het perceel Oud Heinenoordseweg 18 in Heinenoord als paardenpension en het realiseren van een opslagloods. De eigenaar van het perceel verzoekt ons om deze omgevingsvergunning te verwerken in het omgevingsplan. Gebleken is dat na het verlenen van deze omgevingsvergunning in 2017 ook een stapmolen is gerealiseerd. Deze stapmolen legaliseren wij met de wijziging van het omgevingsplan. Daarnaast wil initiatiefnemer een loods voor opslag van hooi en stro (990 m2) realiseren op dit perceel als vervanging van een bestaande kleinere loods. Omdat het omgevingsplan de bouw van de loods niet toelaat, maken wij de bouw van de loods mogelijk met is een wijziging van het omgevingsplan. Beoogd effect Het verwerken van de bestaande functie paardenpension in het omgevingsplan en het toestaan van een loods en stapmolen voor het uitvoeren van een effectieve bedrijfsvoering.

1/5

Argumenten 1.1 De wijziging van het omgevingsplan moet bij het vaststellen van het plan zijn voorzien van een actuele stikstofberekening Het ontwerp van de wijziging van het omgevingsplan met alle bijlagen lag vanaf 11 december 2025 tot en met 21 januari 2026 ter inzage. Tijdens deze periode kon iedereen een zienswijze indienen. We ontvingen geen zienswijzen. Het is wel gewenst om een ambtelijke wijziging door te voeren. Ten tijde van het ter inzage leggen van het ontwerpplan was niet gerekend met de nieuwste release van de stikstof Aerius calculator. Initiatiefnemer heeft de berekening geactualiseerd. Deze stikstofberekening wordt ambtshalve toegevoegd. Het resultaat van de nieuwe berekening is gelijk. Het plan heeft geen gevolgen voor stikstof. Wij verwerken deze wijziging in de motivering van de wijziging van het omgevingsplan. Dit is het niet juridisch bindende deel van het omgevingsplan. Om die reden stellen wij voor om de wijziging van het omgevingsplan ongewijzigd vast te stellen. 2.1 Het is noodzakelijk ambtshalve de tekst van de waterparagraaf in de toelichting aan te passen Wij ontvingen een reactie van Waterschap Hollandse Delta. Daarin gaf het Waterschap aan dat het gewenst is om de waterparagraaf aan te passen. Wij spraken af dat wij de gewenste wijzigingen doorvoeren . Daarmee trok Waterschap Hollandse Delta de reactie in.

Wij passen paragraaf 7 van de waterparagraaf als volgt aan: Oude tekst: “Door de nieuwe schuur en het uitgebreide erf neemt de hoeveelheid verharding toe met 960 m2. Uitgaande van de vuistregel dat er een compensatieplicht van 14% geldt, is er 135 m2 compenserend oppervlaktewater benodigd. Door de watergang aan beide zijden van de kavel een te verbreden wordt er 135 m2 water gerealiseerd, waarmee invulling wordt gegeven aan de compensatieplicht. Hieronder de regels van het waterschap: Strategie Het watersysteem dient te voldoen aan het principe van waterneutraal bouwen, dit wil zeggen: waar het verharde oppervlak toeneemt, dienen compenserende maatregelen te worden genomen om piekafvoeren te verwerken en infiltratie van water mogelijk te maken. Uitgangspunt vasthouden-bergenafvoeren Bij het oplossen van waterhuishoudkundige problemen wordt afwenteling voorkomen. Randvoorwaarden Oplossingen voor eventuele waterhuishoudkundige problemen dienen bij voorkeur in het plangebied gevonden te worden. Indien dit niet mogelijk is dient dichtbij het plangebied compensatie gezocht te worden. Compensatie dient in ieder geval binnen hetzelfde peilgebied plaats te vinden. De verbindingen tussen wateren horen daar ook bij. De berekening van te realiseren berging is gebaseerd op de randvoorwaarde dat de afvoer maximaal 2 l/s/ha bedraagt.

Bij een plan wordt gebruik gemaakt van de vuistregel dat 10% van de toename aan m2 verhard oppervlak gecompenseerd dient te worden. Hierbij geldt een ondergrens van 500 m2; bij een kleiner oppervlak verhard is geen compenserende waterberging nodig. Dit volume wordt bij voorkeur gerealiseerd in de vorm van open water. In het stedelijk gebied mag het waterpeil maximaal tot aan maaiveld stijgen bij een maatgevende bui waarvan de kans van voorkomen eens per 100 per jaar is. Voor land- en tuinbouw is dat eens per 50 jaar, voor akkerbouw eens per 25 jaar en voor grasland eens per 10 jaar. Hierbij mag nergens inundatie optreden. De aanwezige ruimte voor berging mag niet afnemen. De waterberging wordt altijd berekend 2/5

boven het streefpeil. De berging wordt niet later gerealiseerd dan de uitvoering van de rest van het plan. Het initiatief heeft naast de uitbreiding van het verhard oppervlak geen invloed op het watersysteem. Het initiatief heeft geen effect op de wegbelangen van het waterschap; het aantal verkeerbewegingen blijft gelijk.” Nieuwe tekst “Door de nieuwe schuur en het uitgebreide erf neemt de hoeveelheid verharding toe. Door de watergang aan beide zijden van de kavel een te verbreden wordt er compenserend water gerealiseerd, waarmee invulling wordt gegeven aan de compensatieplicht. Ter informatie: In 2017 is op het perceel aan de rechterzijde een loods van 500 m2 met 50 m2 extra verharding bijgebouwd. Volgens de toen geldende regels van het waterschap was er geen watercompensatie nodig (ondergrens landelijk gebied toen 1500 m2). Dit is inmiddels 9 jaar geleden en er is geen samenhang met voorliggend plan, Hieronder de huidige regels van het waterschap waaraan voorliggende aanvraag wordt getoetst: Paragraaf BL-11 van de Nota Toetsingskaders voor het watersysteem 2014 eist een compensatie van 14% bij een toename van verhard oppervlak van 500 m2 of meer. Aangezien er in het plan sprake is van een toename van 500 m2 of meer, zal er in het plan worden gezorgd voor een compensatie van 14% over de volledige toename door het graven van compenserend oppervlaktewater.

Voor het realiseren van compenserend water zal de voorrangsvolgorde van paragraaf BL-11 in acht worden genomen. Het te graven (of te verbreden) oppervlaktewater zal voldoen aan de vereiste dimensioneringen, zoals bepaald in het beleid van het waterschap. Ook zal in het plan rekening worden gehouden met het borgen (vrij houden) van de onderhoudsstroken van watergangen. Voor het plan zal een omgevingsvergunning bij het waterschap worden ingediend. De doorrekening en toetsing van het plan door het waterschap zal bij de aanvraag worden beoordeeld. Initiatiefnemer zal conform beleid van het waterschap rekening houden met de wegbelangen van het waterschap. Er geldt een meldingsplicht of vergunningsplicht als er sprake is van werken in de zonering van wegen in beheer van het waterschap.” 3.1 De wijziging omgevingsplan voldoet aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties en de instructieregels uit het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) Wij mogen alleen meewerken aan een wijziging van het omgevingsplan met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (artikel 4.2 Omgevingswet). “ Wij verleenden in 2017 een omgevingsvergunning voor het gebruik van het perceel Oud Heinenoordseweg 18 in Heinenoord als paardenpension. Deze vergunning verwerken wij in het omgevingsplan. Het aantal paarden (25) blijft ongewijzigd.

De grotere loods is een vervanging van de bestaande kleinere loods. De grotere loods maakt het mogelijk dat minder vaak hooi en stro aangeleverd hoeft te worden. Nu slaat het bedrijf de in plastic verpakte balen ook buiten op. Opslag binnen in een grotere loods wenselijker. Daarnaast draagt dit bij aan een effectieve bedrijfsvoering. Dit draagt bij aan een vitaal economisch klimaat. Wij legaliseren de reeds gerealiseerde stapmolen. Met deze ontwikkelingen wordt de economische basis van het bedrijf versterkt. Dit biedt een perspectief voor een toekomstige generatie van het bedrijf dat sterk lokaal gebonden is. In het landschappelijk 3/5

inpassingsplan dat onderdeel uitmaakt van het omgevingsplan is een beplantingsplan opgenomen zodat de bebouwing mooi groen wordt ingepast. Daarnaast moet het plan voldoen aan de beoordelingsregels uit hoofdstuk 5 van het Bkl. Deze artikelen zien toe op instructieregels van Rijk en provincie, de voorbeschermingsregels in het omgevingsplan en regels die gelden voor het stellen van maatwerkregels. Het plan voldoet aan deze beoordelingsregels. 3.2 In de wijziging omgevingsplan zijn de effecten op de fysieke leefomgeving onderbouwt We legden het plan ter beoordeling voor aan de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid en de diverse vakdisciplines. Zij stemden in met het voorliggende plan. Er zijn geen belangrijke nadelige effecten voor het milieu te verwachten. Dit blijkt uit paragraaf 5.12 van de onderbouwing van de effecten op de fysieke leefomgeving. Daarin is aandacht besteed aan het aspect milieueffectrapportage (MER). Voor dit plan is geen mer-beoordelingsplicht aan de orde. 3.3 De initiatiefnemer paste participatie toe Uit de wet volgt dat participatie bij het wijzigen van het omgevingsplan verplicht is. Initiatiefnemer stelde een participatieplan en participatieverslag op. Wij beoordeelden het participatieverslag aan de handreiking participatie ruimtelijke plannen. Hieruit volgt dat er voldoende participatie plaatsvond.

Initiatiefnemer informeerde de drie directe buren en gaven hen de gelegenheid mee te denken. Hiervan maakten zij geen gebruik. 3.4 Het vaststellen van een wijziging van het omgevingsplan is een raadsbevoegdheid Dit volgt uit artikel 2.4 van de Omgevingswet. In een raadsinformatiebrief informeerden wij de gemeenteraad eerder over dit initiatief en het ter inzage leggen van het ontwerp van de wijziging van het omgevingsplan. 3.5 Er is sprake van een tijdelijke alternatieve maatregel (TAM) omgevingsplan via IMRO Onder de Omgevingswet moeten gemeenten een wijziging van het omgevingsplan opstellen volgens de nieuwe standaard officiële publicaties met bijbehorende toepassingsprofielen (STOP-TPOD). Wij moeten de wijziging bekend maken via de Landelijke voorziening bekendmaken en beschikbaar stellen (LVBB). Omdat deze standaard het doorlopen van meerdere wijzigingen van het omgevingsplan nog niet goed ondersteunt, maken wij voor dit plan gebruik van de tijdelijke alternatieve maatregel (TAM) via IMRO. Dit betekent dat wij het plan juridisch onderdeel is van het omgevingsplan, maar maken wij de procedure voor het wijzigen van het omgevingsplan mogelijk met de oude Wro software. Wij moeten het TAMIMRO plan uiterlijk 1 januari 2032 verwerken in het definitieve gebiedsdekkende omgevingsplan. Kanttekeningen Niet van toepassing.

Duurzaamheid Energieneutraal Het plan voldoet aan de eisen uit de relevante wet- en regelgeving. Klimaatadaptatie, natuurinclusief en biodiversiteit

4/5

In het plan nam initiatiefnemer ruimte voor groen op. Initiatiefnemer past het plan landschappelijk in. De beplanting bevordert de biodiversiteit. De landschappelijke inpassing legden we vast in artikel 7.5 als voorwaardelijke verplichting. Circulaire economie: Aanvrager past zoveel mogelijk herbruikbare materialen toe bij de bouw van de loods. Financiën Aan dit voorstel zijn geen financiële consequenties voor de gemeente verbonden. Overheden zijn verplicht om de door hen gemaakte kosten te verhalen. Het afsluiten van een overeenkomst tussen de initiatiefnemer en de gemeente heeft daarbij de voorkeur. Als het niet mogelijk is een overeenkomst te sluiten, is de publiekrechtelijke weg verplicht. De gemeente verhaalt de kosten dan op basis van de regels van het omgevingsplan. Wij sloten een anterieure overeenkomst met de initiatiefnemer. Het is verboden bouwactiviteiten te verrichten zolang de kostenverhaalsbijdrage niet is betaald (paragraaf 13.6.1 Omgevingswet). Beoogde maatschappelijk effecten: wat willen we bereiken Het verwerken van de bestaande functie paardenpension in het omgevingsplan en het toestaan van een loods en stapmolen voor het uitvoeren van een effectieve bedrijfsvoering. Communicatie Wij maken het besluit op de wettelijk voorgeschreven manier bekend in het huis-aan-huisblad ‘Het Kompas’ en het Gemeenteblad.

Daarnaast plaatsen wij de stukken op de landelijke website www.ruimtelijkeplannen.nl. Wij informeren de initiatiefnemer en het Waterschap over uw besluit. Hollandse Delta Uitvoering Tegen uw besluit tot het vaststellen van de wijziging van het omgevingsplan staat beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Bijlagen 1. Concept raadsbesluit 2. Onderbouwing stikstof 3. Ontwerp wijziging omgevingsplan

Aangeboden door, burgemeester en wethouders van gemeente Hoeksche Waard R.S.M. Heintjes secretaris a.i.

M. Witte burgemeester

5/5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16803110/1