RIB tweede burap 2021 - RIB 2e Burap 2021 van DG&J
Tekst van het document
Serviceorganisatie Jeugd ZHZ Postadres Postbus 166 3300 AD Dordrecht
Aan de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten in de regio Zuid-Holland Zuid
Uw kenmerk
Ons kenmerk UIT / 2105263
Onderwerp Bijlage(n) Informatiebrief ontwikkeling 1 jeugdhulpuitgaven 2021 2e bestuursrapportage SOJ
T 078 770 2352 E contact@jeugdzhz.nl
Datum 17 november 2021 Behandeld door/telefoonnummer E.H.A. Magnee/078 770 2352
Geacht college, Graag vragen wij uw aandacht voor de kostenontwikkeling van jeugdhulp en de ontwikkelingen van de rijksbijdragen in het gemeentefonds voor jeugdhulp. Achtereenvolgens komen aan de orde:
Kostenontwikkeling jeugdhulp en ontwikkeling rijksbijdragen Sturing en beheersing
Kostenontwikkeling jeugdhulp en ontwikkeling rijksbijdragen Uit de tweede bestuursrapportage van Serviceorganisatie Jeugd Zuid-Holland-Zuid (SOJ) blijkt dat de uitgaven voor jeugdhulp verder doorstijgen met € 1,7 mln. ten opzichte van de eerste bestuursrapportage. Het grootste deel hiervan (€ 1,2 mln.) wordt veroorzaakt door het Landelijk Transitie Arrangement (LTA). Dit betreft landelijk ingekochte hoog specialistische zorg waar de SOJ en de gemeenten nauwelijks invloed op hebben. De totale prognose komt daarmee uit op € 137,3 mln. De overschrijding ten opzichte van de begroting bedraagt € 14,9 mln. De totale rijksbijdrage voor 2021 bedraagt € 132,5 mln. (inclusief afslag van € 4,15 mln. voor Veilig Thuis). Dit betekent dat op regioniveau de kosten € 4,8 mln. hoger zijn dan de rijksbijdrage die ontvangen wordt. Voor volgend jaar heeft het kabinet besloten veel meer incidentele middelen ter beschikking te stellen, namelijk € 1,3 mld. In onderstaande tabel is een overzicht opgenomen van de verwachte rijksbijdragen voor de komende jaren op basis van de septembercirculaire en de geraamde uitgaven. De rijksbijdragen voor 2023 en verder worden door het nieuwe kabinet vastgesteld. Er is voor de jaren 2023-2025 een raming opgenomen op basis van de septembercirculaire (geschat aandeel ZHZ op basis van 75% van advies van commissie van Wijzen maximaal op te nemen door gemeenten).
www.jeugdzhz.nl
Jaar
Begroting Rijksbijdragen inclusief JNV & sep circulaire jeugdteams 2021 * 2022 2023 2024 2025
144.973 140.671 138.730 138.730
153.129 141.830 140.153 138.066
Rijksbijdragen /- begroting 8.156 1.158 1.423 -664
*) met afslag van 4,15 mln. Veilig Thuis
Een uitgebreide toelichting op de kostenontwikkeling is opgenomen in de bijgevoegde tweede bestuursrapportage van de SOJ. In de eerste bestuursrapportage was reeds geconstateerd dat op basis van een landelijke benchmark van It's Public over 2019 blijkt dat het regionaal tekort op jeugdhulp inclusief kosten voorveld in ZHZ dertien procent bedraagt en landelijk gemiddeld 30 procent. Sturing en beheersing Onderzoek van AEF1 geeft een aantal handvatten voor ombuiging, maar toont ook aan dat stijging van jeugdhulp uitgaven grotendeels onvermijdelijk is. In de regio ZuidHolland Zuid is in het verleden besloten om de begroting van de uitgaven jeugdhulp overwegend te blijven baseren op de rijksbijdragen. Hierdoor is de Serviceorganisatie Jeugd (SOJ) telkenmale genoodzaakt om budgetoverschrijdingen te melden omdat de uitgaven, ondanks alle taakstellingen en flankerende maatregelen, onvermijdelijk blijven toenemen. Met de invoering van de nieuwe governancestructuur op basis van het AEFadvies voor deze hebben gemeenten zelf meer sturingsmogelijkheden;
De gemeenten dragen verantwoordelijkheid voor de afbakening van jeugdhulp en de inrichting van voorliggende collectieve voorzieningen hiervoor, De gemeenten dragen verantwoordelijkheid voor de toeleiding en casusregie vanuit de lokale teams, zeker wanneer komend jaar ook de aansturing van de jeugdteams rechtstreeks vanuit de gemeenten plaatsvindt, De SOJ werkt aan de (her)inrichting van het jeugdhulplandschap via een nieuwe inkoopstrategie met normenkader voor de jaren 2022-2026, De SOJ is verantwoordelijk voor regie op de ketensamenwerking (kwalitatief) en de sturing op doelmatigheid en kostenbeheersing (kwantitatief) via contractbeheer
Inhoud is leidend We hebben in de achterliggende periode gezien hoe kwetsbaar de jeugd kan zijn in onvoorziene omstandigheden. De weerbaarheid van jeugdigen is natuurlijk een primaire taak van ouders, sociale omgeving en het onderwijs, maar we moeten ook constateren dat COVID-19 voor de meest kwetsbare groep tot een extra zorgvraag heeft geleid. Deze realiteit heeft niet geleid tot meer aanvragen voor jeugdhulp, maar wel tot zwaardere en langere behandeltrajecten. Dit is een tendens die we niet zomaar kunnen keren met meer en betere voorliggende voorzieningen. We zetten vanuit de nieuwe inkoopstrategie daarbij in op ondersteuning nabij de jeugdigen, zoveel mogelijk in een gezinssituatie.
1 https://www.aef.nl/nieuws/onderzoek-structurele-middelen-jeugdhulp-gepubliceerd
www.jeugdzhz.nl
We hebben vastgesteld dat er een tekort is aan behandelvoorzieningen binnen de regio waardoor jeugdigen soms ver weg geplaatst worden (in dure voorzieningen), ver weg van hun familie, hun school en hun vertrouwde omgeving. We streven er daarom op korte termijn naar voorzieningen te creëren binnen de regio om deze jongeren en hun ouders te helpen. Maar we willen daar nog verder in gaan en hebben ons met alle zorgpartijen in deze regio ten doel gesteld om op de langere termijn te streven naar nul uithuisplaatsingen van jeugdigen die zwaardere zorg nodig hebben. Dat is goed voor die jongeren en leidt tot lagere uitgaven. Daarnaast werken we samen met gemeenten, uitvoeringsorganisaties en zorgpartijen aan het aanpakken van gezinsproblematiek. Teveel wordt nog gehandeld vanuit de jeugdhulp zonder de onderliggende gezinsproblematiek (mentale problemen bij ouders, schuldenproblematiek) op te lossen of de jongere voor te bereiden op volwassenheid. Jeugdhulpvragen zullen door betrokken professionals en zorgaanbieders integraal worden beoordeeld waarna er een perspectiefplan voor het gezin wordt opgesteld. Dit zijn enkele voorbeelden van wenselijke en noodzakelijke ontwikkelingen in de komende jaren. Ontwikkelingen die gericht zijn op verbetering van de kwaliteit van zorg, hulp en ondersteuning.
Maar tegelijkertijd ontwikkelingen die investeringen vragen en tijd nodig hebben om te leiden tot lagere uitgaven. Beheersing is noodzakelijk Het AEF-rapport toonde aan dat er in het huidige stelsel nauwelijks ruimte is voor financiële prikkels om de uitgaven duurzaam te verlagen. Dat betekent uiteraard niet dat gemeenten en SOJ niet kunnen sturen op doelmatigheid en kostenbeheersing. Gemeenten kunnen middels afspraken met huisartsen en vanuit de lokale teams en de jeugdprofessionals sturen op de instroom, de zwaarte en de duur van zorg aan jeugdigen op casusniveau. Hier ligt een hele belangrijke sleutel voor kostenbeheersing. De SOJ, op haar beurt, stuurt op systeemniveau; bijvoorbeeld, de ketensamenwerking voor tijdige en juiste zorg, een normenkader voor passende zorg (niet te weinig maar ook niet te veel), en realisatie van de ontwikkelopgaven (bijvoorbeeld naar nul uithuisplaatsingen). Inkoop en contractmanagement zijn verantwoordelijk voor deze taken, in nauwe samenspraak met de gemeenten. Deze aanpak gaat uit van beheersing aan de voorzijde middels contractafspraken, normen en sturing op doelmatigheid. We zien dat dit leidt tot motivatie en acceptatie bij aanbieders. Helderheid vooraf staat centraal. Sturing en controle achteraf middels budgetplafonds (en Nee Tenzij) heeft de afgelopen jaren geleid tot hoge administratieve lasten en is maar matig effectief gebleken.
Het doorvoeren van nog strakkere budgetplafonds staat op gespannen voet met de strekking van de Jeugdwet (ieder heeft recht op zorg), leidt tot toenemende wachtlijsten en rechtsongelijkheid voor ouders en jeugdigen (wie later in het jaar hulp nodig heeft wordt anders behandeld dan wie eerder in het jaar komt). Betere afspraken en sturing vooraf verdienen daarom de voorkeur boven budgetplafonds. Normenkader en inkoopdoelen Voor de meeste diensten is een norm gesteld; deze normen gaan over de maximale looptijd en de intensiteit van de jeugdhulpverlening die een jeugdhulpaanbieder kan leveren. Het normenkader, en de procesafspraken waar de jeugdhulpaanbieders voor getekend hebben, legt meer grip bij de lokale verwijzer en de gecertificeerde instellingen. Daarnaast worden de gemeenten de opdrachtgever van de lokale verwijzer; de SOJ blijft dit voor de gecertificeerde instellingen.
Het normenkader wordt in zijn geheel in 2022 ingevoerd. Dat betekent dat jeugdhulpaanbieders zich hiertoe moeten verhouden, hier ook op gemonitord wordt en zij in gebreke gesteld kunnen worden wanneer zij zich niet aan de afspraken houden. Afwijken van de gestelde norm mag alleen na toestemming van de lokale verwijzer of de GI, en dat geldt ook voor verwijzingen van de medisch verwijzer. Dit versterkt de regierol van de lokale verwijzer op doelrealisatie en inzet van de jeugdhulpaanbieder. Met vriendelijke groet, Het dagelijks bestuur van de Dienst Gezondheid & Jeugd, de secretaris,
de voorzitter,
C. Vermeer
H. van der Linden
www.jeugdzhz.nl