Raadsvoorstel bestemmingsplan woningbouwlocatie Oud-Cromstrijensedijk OZ Klaaswaal
Tekst van het document
Voorstel Aan: Van: Zaaknummer: Documentnummer: Portefeuillehouder: Team: Datum vaststelling college: Vertrouwelijk: Fase BOB-cyclus:
gemeenteraad college van burgemeester en wethouders Z/22/133755 DOC-22563362 H. van Waveren Omgeving 9 augustus 2022 Nee beeldvormend, oordeelsvormend en besluitvormend
Onderwerp Bestemmingsplan ‘woningbouwlocatie Oud-Cromstrijensedijk OZ Klaaswaal (plan Blom)’ voor het realiseren van 120 woningen in Klaaswaal. Beslispunten: 1. In te stemmen met de beantwoording van de zienswijzen en overlegreacties, zoals opgenomen in de Nota beantwoording zienswijzen. 2. Het ontwerp bestemmingsplan ‘woningbouwlocatie Oud-Cromstrijensedijk OZ Klaaswaal (plan Blom)’ (NL.IMRO.1963.BPlocatieBlomKLW21-ON01), met in acht name van de Nota beantwoording zienswijzen, gewijzigd vast te stellen. 3. Te bepalen dat afdeling 2 van hoofdstuk 1 van de Crisis- en Herstelwet op het besluit van toepassing is. 4. Geen exploitatieplan vast te stellen. Samenvatting voorstel Om de bouw van 120 woningen mogelijk te maken op de locatie Oud-Cromstrijensedijk Oostzijde in Klaaswaal is een bestemmingsplanherziening nodig. Tegen het ontwerpbestemmingsplan zijn zienswijzen ingediend waar we gedeeltelijk aan tegemoet komen. Het bestemmingsplan ligt nu voor vaststelling aan de gemeenteraad voor. Inleiding Initiatiefnemer heeft het voornemen om een woonbuurt te realiseren ten noorden van de OudCromstrijensedijk OZ in Klaaswaal. Hiermee voorzien we in de kwantitatieve en kwalitatieve woningbehoefte van Klaaswaal. Omdat woningbouw niet mogelijk is op basis van het vigerende bestemmingsplan, is het voorliggende bestemmingsplan opgesteld.
We wijzigen de gronden van de bestemming ‘agrarisch’ naar de bestemmingen ‘wonen’, ‘groen’ en ‘verkeer’. Beoogd effect Voorzien in de woningbouwbehoefte in Klaaswaal voor een vitale en leefbare kern. Argumenten 1.1 Tijdens de ter inzage termijn van het ontwerp bestemmingsplan ontvingen wij zienswijzen en overlegreacties Het ontwerp bestemmingsplan met alle bijlagen lag vanaf 10 maart 2022 tot en met 20 april 2022 ter inzage. Tijdens deze periode kon iedereen een zienswijze indienen. Daarnaast stelden wij de overlegpartners in het kader van overleg in de gelegenheid om op het ontwerp bestemmingsplan te 1/5
reageren. Wij ontvingen 6 zienswijzen, een reactie van een bewoner en 2 overlegreacties. De zienswijzen en overlegreacties vatten wij samen en beantwoordden wij in een Nota beantwoording zienswijzen. 1.2 Wij komen gedeeltelijk aan de zienswijzen en overlegreacties tegemoet We benoemen de belangrijkste punten en onze reactie daar op. Voor de volledige zienswijzen en overlegreacties verwijzen wij u naar de concept Nota beantwoording zienswijzen. Verkeersstructuur niet toereikend: we motiveren beter waarom de huidige verkeersstructuur voldoende is voor de verkeersafwikkeling van het plan. Hoewel bouwverkeer geen deel uitmaakt van een bestemmingsplan, geven we ook aan dat er een verkenning loopt naar de mogelijkheid om een bouwweg te realiseren aan de oostzijde van het plangebied. We verwachten dat de procedure hiervoor binnenkort start. Er zijn alternatieve inbreidingslocaties: binnen het stedelijk gebied van de kern Klaaswaal is geen ruimte voor hoofdzakelijk grondgebonden woningbouw in de beoogde omvang van 120 woningen. De woningbehoefte en locatie motiveren we in het bestemmingsplan. Aantasting van het woongenot: Door de groene overgang van het oude naar het nieuwe woongebied proberen we een eventuele derving van woongenot zoveel mogelijk te voorkomen. Hieraan is in het proces met de omwonenden nadrukkelijk aandacht besteed. Dit resulteerde in o.a.
een bredere groene rand rondom het plangebied. Om dit meer tot uitdrukking te laten komen, passen we de verbeelding aan door de gronden gedetailleerder te bestemmen met bredere stroken ‘groen’ en ‘water’ en een smallere strook voor de bestemming ‘verkeer’. Van de provincie ontvingen we een reactie op de volgende punten: Te weinig aandacht voor de ruimtelijke kwaliteit van de dorpsrand: Het gaat om de overgang van de sportvelden naar het woongebied. Om een zo flexibel mogelijke regeling te hebben, waren de gronden nabij de sportvelden als Wonen aangeduid zonder dat hier al een stedenbouwkundig plan lag. We zijn het op dit punt met de provincie eens en willen deze strook integreren met (educatieve) speelplekken in het groen. Concreet betekent dit dat ter plaatse van de boomgaard de bestemming Wonen uit het ontwerpbestemmingsplan wordt gewijzigd in de bestemming Groen. Woningdichtheid te laag: We motiveren waarom we een woningdichtheid van circa 25 woningen per hectare passend vinden bij het karakter van Klaaswaal. Te weinig samenhang tussen de plannen: we nemen een extra paragraaf toe met daarin een doorkijk naar toekomstige ontwikkelingen in en rondom het plangebied. Zoals bijvoorbeeld de studie voor een langzaamverkeerontsluiting richting het dorp en mogelijke ontwikkelingen van de sportvelden of de naastgelegen groenstrook.
Wel benadrukken we dat deze plannen geen deel uitmaken van het bestemmingsplan. We motiveren dat bij de ontwikkeling die met dit bestemmingsplan mogelijk wordt gemaakt sprake is van een goed woon- en leefklimaat en goede ruimtelijke ordening. Het aandeel sociale huur is niet voldoende gemotiveerd: Het project voldoet niet aan de nu gebruikelijke ‘30-40-30 norm’ over percentages van o.a. sociale woningbouw omdat over deze woningbouwontwikkeling in een eerder stadium al andere afspraken zijn gemaakt met de ontwikkelaar. In de anterieure overeenkomst is een aandeel sociaal van 20% geregeld (de voorheen gebruikelijke norm). We nemen de verdeling op in de toelichting van het bestemmingsplan. Zie ook argument 2.3. De provincie vraagt een nadere motivering van de risico's van klimaatverandering: we bieden meer inzicht in wateroverlast door overvloedige neerslag, overstroming, hitte, droogte en bodemdaling. Hiertoe voegen we in de Omgevingskwaliteitsvisie een pagina toe. De provincie gaf ambtelijk aan zich te kunnen vinden in de concept-beantwoording. 2/5
2.1 In het bestemmingsplan is onderbouwd dat er sprake is van een goede ruimtelijk ordening De basisgedachte van het plan is dat de bewoners hier goed kunnen wonen. Een landelijke sfeer van wonen in een klein dorp. De woningdichtheid ligt rond de vijfentwintig woningen per hectare en er is veel ruimte voor groen en water. Het ontwerp heeft een autoluwe opzet met een groen/blauw raamwerk in het hart. Er wordt, in overleg met o.a. een werkgroep (gemeente, initiatiefnemer en bewoners), gewerkt aan een verdere uitwerking van de proefverkaveling en stedenbouwkundig ontwerp. 2.2 Wij beoordeelden de ruimtelijke aspecten van het bestemmingsplan In het bestemmingsplan tonen we de woningbehoefte aan via het doorlopen van de ‘ladder van duurzame verstedelijking’. De woningen zijn opgenomen in het woningbouwprogramma. De gewenste stedenbouwkundige invulling en landschappelijke kwaliteiten onderbouwen we in de ‘Omgevingskwaliteitsvisie’. Wij leggen de kwaliteitscriteria met een voorwaardelijke verplichting vast in het bestemmingsplan. We wonnen advies in bij OZHZ. We verwerkten de opmerkingen en pasten het plan vervolgens aan op de punten van externe veiligheid en bodem. We constateren dat lichthinder van de sportvelden boven de streefwaarde zit, maar dat in overleg met de vereniging oplossingen mogelijk zijn.
Deze borgen we door een voorwaardelijke verplichting toe te voegen aan het bestemmingsplan. Eveneens is een vervolgonderzoek natuuraspecten (flora en fauna) uitgevoerd. Uit de onderzoeken volgt dat er geen negatieve effecten worden verwacht voor de beschermde soorten. Initiatiefnemer volgt de aanbevelingen uit deze onderzoeken op. 2.3 Het initiatief draagt bij aan de woningopgave Het beoogde woningbouwprogramma bestaat uit 120 woningen in diverse categorieën, met zowel grondgebonden woningen als appartementen met een beperkte bouwhoogte. Er is nog geen exacte verkaveling of programma beschikbaar. Het bestemmingsplan is daarin flexibel en legt de hoofdstructuur vast. In de anterieure overeenkomst legden we vast dat de verdeling in prijscategorie 40% duur, 40% middelduur en 20% van de woningen betaalbaar is. De proefverkaveling geeft aan, aan welke invulling wordt gedacht. Voor het aandeel van 20% sociaal is dit: circa 19 appartementen (sociale huur) en 4 tot 6 benedenbovenwoningen (sociale koop). Deze benedenbovenwoningen maken deel uit van een blokje van 12 benedenbovenwoningen waarvan de overige woningen in de (ondergrens van) middeldure categorie zit. Hiermee geven we invulling aan de wens om starters op de koopmarkt te bedienen. In de gesprekken met de woningbouwstichting is hun uitnamewens uitgangspunt.
2.4 Het vaststellen van een bestemmingsplan is een raadsbevoegdheid Dit volgt uit artikel 3.1 van de Wet ruimtelijke ordening. In een raadsinformatiebrief informeerden wij u eerder over dit initiatief en het ter inzage leggen van het ontwerp bestemmingsplan. 2.5 Voor dit initiatief verleenden wij een hogere waarde geluid In het bestemmingsplan is toegelicht dat de nieuw te bouwen woningen moeten voldoen aan de bepalingen in de Wet geluidhinder. Uit het akoestisch onderzoek blijkt dat de voorkeursgrenswaarde van 48 dB wordt overschreden door wegverkeer van de Oud-Cromstrijensedijk Oostzijde op enkele percelen nabij deze weg (ter hoogte van bouwvlak 04). In dit geval is een ontheffing nodig voor 56 dB. Het verlenen van deze ontheffing past binnen onze beleidsregels. Het college is het bevoegd gezag voor het verlenen van de ontheffing. Wij verleenden een hogere waarde geluid. Hiermee is sprake van een goede ruimtelijke ordening. 3/5
3.1 Dit bestemmingsplan valt onder de werking van de Crisis- en herstelwet (Chw). Bijlage I bij de Chw geeft een lijst met categorieën ruimtelijke en infrastructurele projecten als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid Chw. Hierin staat dat “woningbouwlocaties van meer dan 11 woningen in een aaneengesloten gebied” wordt aangemerkt als project onder de Chw. Artikel 11 van het Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet schrijft voor dat wij in het besluit en bij de bekendmaking van het besluit vermelden dat de Crisis- en herstelwet van toepassing is. Daarbij vermelden wij dat de beroepsgronden in het beroepschrift moeten worden opgenomen. De beroepsgronden kunnen na afloop van de beroepstermijn niet meer worden aangevuld (het instellen van pro forma beroep is dus niet mogelijk). Daarnaast is de proceduretijd bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State korter. 4.1 Voor het kostenverhaal sloten wij een anterieure overeenkomst Artikel 6.12, lid 1 en 2 Wet ruimtelijke ordening (Wro) geeft aan dat de gemeenteraad verplicht is voor een dergelijk initiatief een exploitatieplan vast te stellen. Het exploitatieplan vormt de basis voor het verhalen van grondexploitatiekosten en voor het stellen van locatie eisen.
Het vaststellen van een exploitatieplan blijft achterwege wanneer partijen de afspraken over het verhalen van grondexploitatiekosten en de locatie eisen vastleggen in een anterieure overeenkomst. Met initiatiefnemer sloten wij een anterieure overeenkomst. Hierdoor regelden wij het kostenverhaal en hoeft de gemeenteraad geen exploitatieplan vast te stellen. Kanttekeningen 1.1 de provincie kan een reactieve aanwijzing geven De conceptbeantwoording van de provinciale zienswijze bespraken we ambtelijk met de provincie. Zij gaan daarmee akkoord. Als de uiteindelijke vaststelling in lijn met deze beantwoording is dan kunnen we de beroepstermijn starten. Als de provincie niet instemt met de uiteindelijke beantwoording, hebben ze een wettelijke termijn om te reageren met een reactieve aanwijzing. We mogen het plan tijdens deze periode niet publiceren voor de beroepstermijn. Duurzaamheid Het voorstel draagt bij aan de doelen zoals gesteld in het programmaplan Duurzaamheid. Het bestemmingsplan besteedt in paragraaf 4.11 aandacht aan duurzaamheid, klimaatadaptatie, natuurinclusiviteit en circulaire maatregelen. Zo worden de woningen gasloos gebouwd en worden er bij de inrichting van de openbare ruimte en gebouwen rekening gehouden met klimaatadaptieve maatregelen.
Bijvoorbeeld waterberging en wadi’s, natuurvriendelijke oevers, terugdringen verharding en materiaalgebruik met waterdoorlatende verharding, creëren van schaduwspots, gebruik van daken als 5e gevel en het gebruik van nestkasten. Voor een totaaloverzicht van alle maatregelen verwijzen we naar paragraaf 4.11 van het bestemmingsplan en de Omgevingskwaliteitsvisie. Deze Omgevingskwaliteitsvisie maakt als bijlage deel uit van het bestemmingsplan. Mede door de zienswijze van de provincie voegen we in deze Omgevingskwaliteitsvisie bij het bestemmingsplan een pagina toe waarin we meer inzicht geven in de risico’s van klimaatverandering. Financiën Aan dit voorstel zijn geen financiële consequenties voor de gemeente verbonden. Via een anterieure overeenkomst regelden wij het kostenverhaal met de initiatiefnemer. 4/5
Communicatie Wij maken het besluit op de wettelijk voorgeschreven manier bekend in het huis-aan-huisblad ‘Het Kompas’ en het Gemeenteblad. Daarbij vermelden wij dat de Crisis- en herstelwet van toepassing is. Daarnaast plaatsen wij de stukken op de landelijke website www.ruimtelijkeplannen.nl. Wij informeren initiatiefnemers en de indieners van de zienswijzen en overlegreacties over uw besluit. Uitvoering Tegen uw besluit tot het vaststellen van het bestemmingsplan staat beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Bijlagen 1. Besluit hogere waarde geluid 2. Zienswijzen (geanonimiseerd) 3. Nota van beantwoording 4. Ontwerp bestemmingsplan 5. Raadsbesluit
Aangeboden door, burgemeester en wethouders van gemeente Hoeksche Waard E.M. den Outer loco-secretaris
Ch. B Aptroot burgemeester
5/5