CConstaterende datHoeksche Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

QS20059v1 Puttershoek Kruidhof Breur

Besluitvormende raad 15 februari 2022, gemeente Hoeksche WaardBij agendapunt: Bestemmingsplan Kruidhof te Puttershoek3.440 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Quickscan ecologie Puttershoek – Kruithof

Datum Auteur Opdrachtgever Rapport code Wijze van citeren

14-12-2020 T.D. Breur, Msc KBS Investment BV QS20059v1 Breur, T.D. 2020. Quickscan ecologie. Puttershoek – Kruithof. Rapportcode: QS20059v1. Breur Ecologie & Onderzoek. Dordrecht

Breur Ecologie & Onderzoek Schipbeekstraat 74 3313AR Dordrecht

Disclaimer Op alle tekst, foto’s en afbeeldingen in dit rapport berust – tenzij anders vermeld – het auteursrecht van Breur Ecologie & Onderzoek. Deze rapportage, inclusief eventuele bijlage(s), is vertrouwelijk en uitsluitend bestemd voor de geadresseerde. Verstrekking aan en gebruik door anderen dan de geadresseerde is zonder toestemming niet toegestaan. Aan dit rapport kunnen geen rechten worden ontleend. Breur Ecologie & Onderzoek kan niet aansprakelijk worden gesteld voor eventuele schade als gevolg van een onjuiste of onvolledige weergave van de gegevens in dit rapport. Copyright © Breur Ecologie & Onderzoek 2020.

1

Quickscan ecologie – Puttershoek, Kuithof

Inhoudsopgave Samenvatting.............................................................................................................................................. 3 1 Aanleiding................................................................................................................................................ 4 2 Doel............................................................................................................................................................. 4 3 Werkwijze................................................................................................................................................. 4 4 Wettelijk kader beschermde soorten.............................................................................................. 5

4.1 Beschermde soorten...............................................................................................................................................5 4.2 Beschermde gebieden............................................................................................................................................6 4.3 Beschermde houtopstanden................................................................................................................................6 4.4 Zorgplicht....................................................................................................................................................................6

5 Plangebied & ontwikkeling................................................................................................................ 7

5.1 Huidige situatie.........................................................................................................................................................7 5.2 Geplande ontwikkeling..........................................................................................................................................8 5.3 Toekomstige situatie...............................................................................................................................................8 5.4 Planning.......................................................................................................................................................................8

6 Beschermde gebieden........................................................................................................................ 10

6.1 Wet natuurbescherming.....................................................................................................................................10 6.2 Omgevingsverordening.......................................................................................................................................10

7 Beschermde soorten.......................................................................................................................... 11

7.1 Planten.......................................................................................................................................................................11 7.2 Vogels.........................................................................................................................................................................11 7.3 Grondgebonden zoogdieren..............................................................................................................................12 7.4 Vleermuizen............................................................................................................................................................12 7.5 Overige soorten......................................................................................................................................................13

8 Conclusie & aanbevelingen.............................................................................................................. 14

8.1 Conclusies.................................................................................................................................................................14 8.2 Aanbevelingen........................................................................................................................................................14

Bronvermelding...................................................................................................................................... 15 Bijlage I....................................................................................................................................................... 16

2

Quickscan ecologie – Puttershoek, Kuithof

Samenvatting Breur Ecologie & Onderzoek heeft in opdracht van KBS Investment BV een quickscan ecologie uitgevoerd op het terrein van Kruithof aan de Arent van Lierstraat te Puttershoek. De aanleiding voor dit onderzoek betreft de voorgenomen sloop van bebouwing op dit terrein t.b.v. de nieuwbouw van woningen en appartementen. Door middel van een bureaustudie en een veldbezoek is een compleet beeld verkregen van het (potentiële) voorkomen van beschermde soorten flora en fauna in het plangebied. Dit onderzoek heeft tot de volgende conclusies geleid: •

De geplande ontwikkeling heeft naar verwachting geen negatief effect op beschermde natuurgebieden (zowel op provinciaal als op Europees niveau). Er is geen sprake van fysieke aantasting van deze terreinen. Enkel het effect op Natura-2000 gebieden als gevolg van stikstofdepositie dient nader bepaald te worden wanneer de toekomstige inrichting en terreingebruik volledig bekend is.

•

Het plangebied biedt potentie voor aanwezigheid van verschillende beschermde soorten, voor enkele te slopen gebouwen is aanvullend onderzoek nodig naar: ◦

Huismus

◦

Gierzwaluw

◦

Vleermuizen

Indien uit deze soorten inderdaad in het plangebied aanwezig zijn dan dient men een ontheffing aan te vragen in het kader van de Wet natuurbescherming. •

Het plangebied is geschikt als nesthabitat voor algemene broedvogels. Nesten van deze vogels zijn alleen beschermd wanneer zij in gebruik zijn. Bij het plannen van de sloopen kapwerkzaamheden wordt daarom aangeraden om rekening te houden met het broedseizoen: grofweg van half maart t/m half juli.

•

Voor alle soorten flora en fauna (beschermd en onbeschermd) geldt te allen tijde de zorgplicht. Dit betekent dat de initiatiefnemer verplicht is om zorgvuldig te werken en dat onnodige schade aan planten of dieren altijd dient te worden voorkomen.

•

De herinrichting van het terrein biedt ook kansen voor de natuur. Door middel van streekeigen inheemse erfbeplanting en neststenen voor vogels en vleermuizen in de nieuwe bebouwing kan de biodiversiteit van het toekomstige terrein vergroot worden. Veel maatregelen ten behoeve van de biodiversiteit zijn daarnaast ook gunstig voor de klimaatbestendigheid van het terrein (zoals regenwaterretentie, tegengaan hittestress en afvangen fijnstof).

3

Quickscan ecologie – Puttershoek, Kuithof

1 Aanleiding Breur Ecologie & Onderzoek heeft in opdracht van KBS Investment BV een quickscan ecologie uitgevoerd op het terrein van Kruithof aan de Arent van Lierstraat te Puttershoek. Op dit terrein is men voornemens om bebouwing te te slopen ten behoeve van de nieuwbouw van rijtjeswoningen en appartementencomplexen. Een quickscan ecologie was noodzakelijk om te beoordelen of deze geplande ontwikkeling effect heeft op beschermde soorten en gebieden in het kader van de Wet natuurbescherming.

2 Doel Het doel van dit ecologisch onderzoek is om antwoord te geven op de volgende vragen: •

Is het plangebied gelegen in/nabij beschermde natuurgebieden?

•

Zijn beschermde soorten flora en fauna (potentieel) aanwezig in het plangebied?

•

Leidt de geplande ontwikkeling tot een overtreding van de Wet natuurbescherming?

•

Dienen er vervolgstappen genomen te worden in het kader van de Wet natuurbescherming?

3 Werkwijze Door middel van een bureaustudie en een veldbezoek is een compleet beeld gekregen van het (mogelijke) voorkomen van beschermde soorten flora en fauna in en om het plangebied. •

Bureaustudie Door middel van een literatuur- en internetstudie is onderzocht welke beschermde soorten (potentieel) voor kunnen komen in en om het plangebied. Hierbij zijn onder andere verspreidingsatlassen en openbaar beschikbare waarnemingen bestudeerd.

•

Oriënterend veldbezoek Een verkennend veldbezoek is uitgevoerd door T.D. Breur op 03-12-2020. Het gehele plangebied is onderzocht, belangrijke elementen zijn gefotografeerd en indien nodig geïnspecteerd met behulp van verrekijker, zaklamp, inspectiespiegel en endoscoop camera.

4

Quickscan ecologie – Puttershoek, Kuithof

4 Wettelijk kader beschermde soorten 4.1 Beschermde soorten De bescherming van flora en fauna is in Nederland vastgelegd in de Wet natuurbescherming. Deze soortbescherming onderscheidt drie categorieën: •

Vogelrichtlijnsoorten Gebaseerd op de Europese Vogelrichtlijn (1979). Dit heeft betrekking op alle in Europa natuurlijk voorkomende vogelsoorten. Nesten zijn te allen tijde beschermd wanneer zij in gebruik zijn. Van enkele specifieke vogelsoorten is in Nederland de nest- of verblijfplaats jaarrond beschermd, ook wanneer hier niet gebroed wordt.

•

Habitatrichtlijnsoorten Gebaseerd op de Europese Habitatrichtlijn (1992). Onder deze categorie vallen specifieke soorten uit verschillende groepen (vaatplanten, zoogdieren, vissen etc.) waarvoor op Europees niveau instandhoudingsdoelstellingen zijn vastgesteld.

•

Nationaal beschermde soorten In de wet worden dit ook wel “andere soorten” genoemd. Dit betreft specifieke soorten verschillende groepen (vaatplanten, zoogdieren, vissen etc.) die op nationaal niveau beschermd zijn. Let wel: Als bevoegd gezag mogen provincies soorten uit deze derde categorie vrijstellen van een ontheffingsplicht. De bescherming van deze soorten verschilt hierdoor tussen provincies.

Per beschermingscategorie gelden verschillende verbodsbepalingen, deze zijn in onderstaande tabel weergegeven. Uitgangspunt voor de soortbescherming is het “nee, tenzij” principe: handelingen met negatief effect op soorten in verboden tenzij dit uitdrukkelijk is toegestaan. Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn § 3.1 Wnb

Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn § 3.2 Wnb

Art 3.1 lid 1 Het is verboden in het wild levende vogels opzettelijk te doden of te vangen.

Art 3.5 lid 1 Het is verboden soorten in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te doden of te vangen. Art 3.5 lid 4 Het is verboden de voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren te beschadigen of te vernielen. Art 3.5 lid 3 Het is verboden eieren van dieren in de natuur opzettelijk te vernielen of te rapen. Art 3.5 lid 2 Het is verboden dieren opzettelijk te verstoren.

Art 3.1 lid 2 Het is verboden opzettelijk nesten, rustplaatsen en eieren van vogels te vernielen of te beschadigen, of nesten van vogels weg te nemen. Art 3.1 lid 3 Het is verboden eieren te rapen en deze onder zich te hebben. Art 3.1 lid 4 en lid 5 Het is verboden vogels opzettelijk te storen, tenzij de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort. Niet van toepassing

Art 3.5 lid 5 Het is verboden plantensoorten in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen.

Beschermingsregime Nationaal beschermde soorten (andere soorten) § 3.3 Wnb Art 3.10 lid 1a Het is verboden soorten opzettelijk te doden of te vangen. Art 3.10 lid 1b Het is verboden de vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren opzettelijk te beschadigen of te vernielen. Niet van toepassing

Niet van toepassing

Art 3.10 lid 1c Het is verboden plantensoorten in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen.

Tabel 1: Verbodsbepalingen Wet natuurbescherming per beschermingscategorie.

5

Quickscan ecologie – Puttershoek, Kuithof

4.2 Beschermde gebieden De bescherming van natuurgebieden is vastgelegd in de Wet natuurbescherming en in de provinciale Omgevingsverordening. •

Wet natuurbescherming De gebiedsbescherming in deze wet heeft uitsluitend betrekking op Natura 2000gebieden. Deze gebieden hebben instandhoudingsdoelstellingen vastgesteld op Europees niveau. Invloeden (ook van buitenaf) mogen deze instandhoudingsdoelstellingen niet in gevaar brengen.

•

Omgevingsverordening In de provinciale Omgevingsverordening is het Natuurnetwerk Nederland (NNN) vastgelegd. Dit is een nationaal netwerk van groene gebieden, voorheen bekend als de Ecologische Hoofdstructuur (EHS). Het ruimtelijke beleid voor het NNN is gericht op ‘behoud, herstel en ontwikkeling van de wezenlijke waarden en kenmerken’ van het NNN. Aanvullend op dit nationale netwerk kan de provincie ook andere gebieden een planologische bescherming toekennen, dit gebeurt bijvoorbeeld bij belangrijke provinciale landschappen of belangrijke weidevogelgebieden.

4.3 Beschermde houtopstanden De kap van houtopstanden (bos, lanen, houtwallen, hagen, struwelen etc.) is onderhevig aan de regelgeving van de Wet natuurbescherming indien: •

de houtopstand buiten de 'bebouwde kom Wet natuurbescherming' ligt.

•

de houtopstand groter is dan 10 are (1.000 m 2), of het om bomen gaat in een rijbeplanting van meer dan 20 bomen.

In het onderzoeksgebied is geen sprake van houtopstanden die voldoen aan bovenstaande criteria. De bescherming van houtopstanden komt in deze rapportage dan ook niet verder aan de orde.

4.4 Zorgplicht Overkoepelend geldt voor alle in het wild levende planten en dieren de zorgplicht. Deze zorgplicht houdt in dat onnodige schade aan dieren en planten te allen tijde dient te worden voorkomen. Bij werkzaamheden met negatief effect op planten en dieren dienen maatregelen genomen te worden (binnen wat redelijkerwijs van de initiatiefnemer verwacht mag worden) om dit negatieve effect zoveel mogelijk te voorkomen of te verminderen.

6

Quickscan ecologie – Puttershoek, Kuithof

5 Plangebied & ontwikkeling 5.1 Huidige situatie Het plangebied is gelegen aan de Arent van Lierstraat, in het noorden van Puttershoek (gemeente Hoeksche Waard). Op het terrein zijn enkele loodsen en opstallen aanwezig, een oude boerderij en een kas (voormalig tuincentrum). Het onbebouwde deel van het terrein is grotendeels verhard en in gebruik als opslagterrein, hier bevinden zich enkele containers en stapels met bouwmateriaal. Aan de oostzijde van het terrein bevindt zich een klein graslandje (gebruikt als paardenwei).

Afbeelding 1: Ligging van het onderzoeksgebied (rood omkaderd). De regionale ligging is aangegeven rechtsonder in de rode cirkel. Te behouden bebouwing is groen gearceerd, te slopen bebouwing is blauw gearceerd.

Beknopte beschrijving bebouwing: • • • • • • • • • •

A: Een monumentaal woonhuis met historische houten schuur, beide daken zijn bedekt met dakpannen. B: Een stalen loods met golfplaten dak C: Een oude boerderij met aangebouwde woning. De geveldelen zijn opgebouwd uit baksteen en hout, het dakvlak is bedekt met dakpannen. D: Een woonhuis, opgebouwd uit baksteen met een dak voorzien van dakpannen. E: Een stalen loods met golfplaten dak F: Een kleine houten opstal die functioneert als kippenhok G: Een stalen loods met golfplaten dak H: Een kleine opstal met glazen gevels, voorzien van een laag puntdak met zolderruimte. I: Een leegstaande kas, bestaande uit glazen gevels en daken. J: Een woonhuis, opgebouwd uit baksteen met een dak voorzien van dakpannen.

7

Quickscan ecologie – Puttershoek, Kuithof

5.2 Geplande ontwikkeling Alle bebouwing op het terrein zal gesloopt worden, met uitzondering van gebouw A en D. Mogelijk blijft gebouw J ook behouden, omdat dit nog niet zeker is wordt er voor de effectbeoordeling van deze quickscan uitgegaan van de sloop van dit gebouw. Het terrein wordt bouwrijp gemaakt ten behoeve van de bouw van enkele appartementencomplexen en rijtjeswoningen.

5.3 Toekomstige situatie In de toekomstige situatie is het terrein heringericht en hebben de loodsen, boerderij en kas plaatsgemaakt voor nieuwbouw woningen en appartementen.

5.4 Planning Een exacte planning van de werkzaamheden is nog niet bekend.

Afbeelding 2: Gebouw B, te slopen loods.

Afbeelding 3: Gebouw C, te slopen boerderij.

8

Quickscan ecologie – Puttershoek, Kuithof

Afbeelding 4: Het verharde, onbebouwde deel van het plangebied.

Afbeelding 5: Gebouw G: te slopen loods

Afbeelding 6: Gebouw I: te slopen kas.

Overige foto’s van het plangebied zijn te zien in Bijlage I.

9

Quickscan ecologie – Puttershoek, Kuithof

6 Beschermde gebieden 6.1 Wet natuurbescherming Het meest nabijgelegen Natura-2000 gebied is de Oude Maas (ca. 2,5 km afstand tot het plangebied). Het plangebied maakt geen onderdeel uit van dit gebied en er is geen sprake van fysieke aantasting. Vanwege de afstand is ook negatief effect ten gevolge van trilling, geluid of lichtvervuiling uitgesloten. Negatief effect op ten gevolge van stikstofdepositie is niet te verwachten (woningen hebben een relatief lage uitstoot in vergelijking met industrie en veeteelt), maar in dit stadium nog niet volledig uit te sluiten. De meest nabijgelegen stikstofgevoelige habitats bevinden zich in de Biesbosch. Wanneer de nieuwe inrichting van het terrein volledig bekend is dient nader bepaalt te worden of er sprake is van een overschrijding van drempelwaarden ten aanzien van stikstofdepostie op Natura-2000 gebieden.

6.2 Omgevingsverordening Het plangebied is niet gelegen in onderdelen van het Natuurnetwerk Nederland (NNN), noch in belangrijk weidevogelgebied. Het meest nabijgelegen onderdeel van het natuurnetwerk is de Oude Maas ten noorden van het plangebied. De ontwikkeling leidt niet tot negatief effect op de wezenlijke waarden en kenmerken, de oppervlakte of de samenhang van deze groengebieden. Er is geen sprake van een conflict met de Provinciale Omgevingsverordening.

Afbeelding 7: Beschermde natuurgebieden in de nabijheid van het plangebied. Verticale arcering: Natura2000, blauw= waternatuur, groen= landnatuur, paars=verbindingszone

10

Quickscan ecologie – Puttershoek, Kuithof

7 Beschermde soorten 7.1 Planten In het plangebied zijn enkel algemene (ruigte)kruiden aangetroffen die overwegend duiden op voedselrijke omstandigheden, zoals brandnetel, kruipende boterbloem, vogelmuur, akkerdistel en paarse dovenetel. Beschermde soorten vaatplanten in de omgeving van het plangebied zijn vooral gebonden aan schrale graslanden of andere zeer specifieke natuurlijke habitats, dit habitat is niet aanwezig in het plangebied. De oude muurdelen in het plangebied zijn tevens onderzocht op aanwezigheid van beschermde muurflora, maar deze zijn niet waargenomen. Beschermde planten worden hierom als afwezig beschouwd.

Afbeelding 8: Beeld van de vegetatie in de kleine weide.

7.2 Vogels De dakvlakken van de boerderij met het woonhuis (gebouw C) en het zuidelijke woonhuis (gebouw J) zijn geschikt als nestplaats voor huismussen en gierzwaluwen. Op enkele locaties wijken er dakpannen of er zijn andere openingen aanwezig wat deze vogels gelegenheid biedt om in het dakvlak te broeden. Nestplaatsen van deze vogels zijn jaarrond beschermd. Sporen van roofvogels of uilen met jaarrond beschermde verblijfplaatsen zijn niet aangetroffen in het plangebied (horsten, veren, braakballen, uitwerpselen). Aanwezigheid van deze soorten wordt hierom uitgesloten. Naast soorten met jaarrond beschermde nest- of verblijfplaatsen bestaat er in het plangebied ook potentie voor algemene vogels waarvan de nestplaatsen niet jaarrond beschermd zijn. Hierbij valt te denken aan een broedende merel in een struweel of een nisje in een container. Nesten van deze vogels zijn alleen beschermd wanneer zij in gebruik zijn. Bij het plannen van sloop- en kapwerkzaamheden wordt hierom aangeraden om rekening te houden met het vogel broedseizoen. Dit broedseizoen loopt grofweg van half maart t/m half juli. Let wel: dit is geen vaste periode, afhankelijk van weersomstandigheden kunnen vroege of late broedgevallen zich voordoen. Bij twijfel over de aan- of afwezigheid van nesten dient een deskundige ingeschakeld te worden.

11

Quickscan ecologie – Puttershoek, Kuithof

7.3 Grondgebonden zoogdieren In de omgeving van het plangebied komen een aantal beschermde soorten zoogdieren voor welke met name gebonden zijn aan waterrijke natuurlijke habitats (zoals de bever en noordse woelmuis). In het plangebied is geen geschikt habitat aanwezig voor deze soorten (waterrijke gebieden met natuurlijke oeverzones en een lange natte gradiënt, wilgenbossen etc.). Wel is het plangebied geschikt voor algemene soorten zoogdieren waarvoor in de provincie ZuidHolland een vrijstelling geldt. Dit betreft soorten zoals de egel, de mol en algemene muizensoorten. Voor deze soorten is geen ontheffing of aanvullend onderzoek noodzakelijk. Wel geldt ten aanzien van deze dieren de zorgplicht, zie Hfst. 8.2.

7.4 Vleermuizen Het merendeel van de te slopen bebouwing is ongeschikt voor vleermuizen: de stalen loodsen bieden geen geschikte verblijfplaatsen en geen geschikt klimaat voor vleermuizen. De boerderij met het woonhuis (gebouw C) en het zuidelijke woonhuis (gebouw J) zijn wel geschikt als vleermuisverblijfplaatsen. Geschikte ruimtes bevinden zich onder overhangende dakpannen of bij ontbrekende gevelstenen ter plaatse van de dakrand. Één van de kleine schuurtjes, gebouw H, biedt eveneens potentie voor aanwezigheid van vleermuizen in de kleine zolderruimte. In deze gebouwen bestaat kans op aanwezigheid van gebouwbewonende vleermuizen (gewone- en ruige dwergvleermuis, gewone grootoorvleermuis en laatvlieger). Hier bestaat potentie voor zomer-, paar-, en kraamverblijfplaatsen. Als (massa)overwinteringsplaats zijn de gebouwen ongeschikt, het gebouwvolume is te klein en/of het isolerend vermogen te laag voor een stabiel winterklimaat. Als foerageergebied of vliegroute heeft het plangebied geen belangrijke functie, begroeiing is nauwelijks aanwezig op het terrein en het aanwezige groen vormt geen geleidende structuren.

Afbeelding 9: Opening bij dakrand van woonhuis (gebouw J), geschikt voor vleermuizen.

12

Quickscan ecologie – Puttershoek, Kuithof

Afbeelding 10: Zolderruimte in schuur verblijfplek voor grootoorvleermuizen.

(gebouw

H),

geschikte

7.5 Overige soorten In het plangebied bestaat geen potentie voor andere beschermde diersoorten (amfibieën, reptielen, libellen, weekdieren). Habitat voor deze soorten is afwezig (waterpartijen, natuurvriendelijke oevers, schrale graslanden) en/of het plangebied is gelegen buiten het bekende verspreidingsgebied van deze soorten. Wel bestaat er kans op aanwezigheid van algemene vrijgestelde amfibieën zoals de gewone pad en bruine kikker. Ten aanzien van deze soorten geldt enkel de zorgplicht (zie Hfst. 8.2).

13

Quickscan ecologie – Puttershoek, Kuithof

8 Conclusie & aanbevelingen 8.1 Conclusies Deze quickscan ecologie heeft tot de volgende conclusies geleid: •

De geplande ontwikkeling heeft naar verwachting geen negatief effect op beschermde natuurgebieden (zowel op provinciaal als op Europees niveau). Er is geen sprake van fysieke aantasting van deze terreinen. Enkel het effect op Natura-2000 gebieden als gevolg van stikstofdepositie dient nader bepaald te worden wanneer de toekomstige inrichting en terreingebruik volledig bekend zijn.

•

Het plangebied biedt potentie voor aanwezigheid van verschillende beschermde soorten, aanvullend onderzoek is nodig naar: ◦

Huismus

◦

Gierzwaluw

◦

Vleermuizen

Er bestaat niet overal potentie voor aanwezigheid van deze soorten. Enkel de oude boerderij en een woonhuis (gebouw C en J) dienen aanvullend onderzocht te worden voor de huismus en gierzwaluw. Voor het vleermuisonderzoek gaat het om dezelfde gebouwen, met de aanvulling van de kleine schuur (gebouw H). Indien uit het aanvullend onderzoek blijkt dat deze soorten inderdaad in het plangebied aanwezig zijn en negatief effect onvermijdelijk is, dan dient men een ontheffing aan te vragen in het kader van de Wet natuurbescherming. •

Het plangebied is geschikt als nesthabitat voor algemene broedvogels. Nesten van deze vogels zijn alleen beschermd wanneer zij in gebruik zijn. Bij het plannen van de sloopen kapwerkzaamheden wordt daarom aangeraden om rekening te houden met het vogel broedseizoen: grofweg van half maart t/m half juli.

•

Het plangebied is geschikt voor onbeschermde dan wel vrijgestelde soorten (zoals algemene muizensoorten, egel, gewone pad). Het aanvragen van een ontheffing is voor deze soorten niet nodig, wel geldt te allen tijde de zorgplicht (zie aanbevelingen).

8.2 Aanbevelingen •

In het kader van de zorgplicht dient men zorg te dragen voor alle in het wild levende planten en dieren. Onnodige schade dient te allen tijde te worden voorkomen. In de praktijk betekent dit bijvoorbeeld dat wanneer er zich een egel of een pad in het werkveld bevindt dat deze verplaatst wordt, dan wel de gelegenheid dient te krijgen om het werkgebied op eigen kracht te verlaten.

•

Een herinrichting van het terrein biedt ook kansen voor de natuur. Ten aanzien van eventueel nieuw aan te brengen plant- en boomsoorten wordt aanbevolen om te kiezen voor inheemse soorten (zoals wilg, els, es, meidoorn, vlier, sleedoorn, liguster, lijsterbes, hazelaar). Inheemse beplanting is van een veel grotere waarde voor de biodiversiteit. Het bouwen van de woningen biedt tevens kansen voor het treffen van natuurinclusieve maatregelen, zoals het plaatsen van inbouwstenen voor vogels of vleermuizen. Veel maatregelen ten behoeve van de biodiversiteit zijn daarnaast ook gunstig voor de klimaatbestendigheid (regenwaterretentie, tegengaan hittestress, afvangen fijnstof, etc.). Breur Ecologie & Onderzoek kan u desgewenst verder adviseren in het benutten van kansen voor biodiversiteit en natuurinclusiviteit.

14

Quickscan ecologie – Puttershoek, Kuithof

Bronvermelding Ministerie van Economische zaken. 2016. Soortenbescherming bij ruimtelijke ingrepen.

Kaartmateriaal: http://pdokviewer.pdok.nl

Beschermde gebieden: https://www.synbiosys.alterra.nl/natura2000/googlemapszoek2.aspx https://www.zuid-holland.nl/overons/feiten-cijfers/interactieve/ https://calculator.aerius.nl/calculator/#

Overig: https://bagviewer.kadaster.nl https://www.bij12.nl/onderwerpen/natuur-en-landschap/kennisdocumenten-soortenontheffingen-wet-natuurbescherming/ https://www.verspreidingsatlas.nl https://waarneming.nl/

15

Quickscan ecologie – Puttershoek, Kuithof

Bijlage I Foto’s van het plangebied

Zicht op plangebied vanaf de straat, dit huis en deze schuur blijven behouden (gebouw A)

Te behouden woonhuis (gebouw D)

De twee lage schuurtjes (gebouw F en H)

16

Quickscan ecologie – Puttershoek, Kuithof

De te slopen boerderij met aangebouwd woonhuis (gebouw C)

Te slopen loods (gebouw E)

Zicht binnen in de kas (gebouw I)

17

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11028649/1