CConstaterende datHoeksche Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

Notitie vormvrije mer

Besluitvormende raad 5 juli 2022, gemeente Hoeksche WaardBij agendapunt: Bestemmingplan bedrijfslocatie Van Iperen Smidsweg 24 Westmaas5.247 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Vormvrije m.e.r. beoordeling uitbreiding Van Iperen te Westmaas

projectnummer 0431332.00 definitief revisie 02 30 september 2021

Inhoudsopgave

Blz.

1

Inleiding

1

2

Waarom een vormvrije m.e.r.-beoordeling?

3

3

Toetsing of sprake is van mogelijk belangrijke nadelige milieugevolgen

4

3.1 3.1.1 3.1.2 3.1.3 3.1.4 3.1.5 3.1.6 3.1.7 3.2 3.2.1 3.2.2

3.3 3.3.1 3.3.2 3.3.3 3.3.4 3.3.5 3.3.6 3.3.7 3.3.8 3.3.9

Kenmerken van de projecten 5 Omvang van het project 5 Cumulatie met andere projecten 6 Gebruik van natuurlijke hulpbronnen 6 Productie van afvalstoffen 7 Verontreiniging en hinder 7 Het risico van zware ongevallen en/of rampen, waaronder rampen door klimaatverandering 7 Risico's voor de menselijke gezondheid 7 Locatie van de activiteit 7 het bestaande grondgebruik 7 relatieve rijkdom aan en de kwaliteit en het regeneratievermogen van de natuurlijke hulpbronnen van het gebied 8 het opnamevermogen van het natuurlijke milieu, met in het bijzonder aandacht voor de volgende typen gebieden 8 Kenmerken van het potentiële effect 10 Archeologie 10 Bodem 11 Cultuurhistorie en landschap 11 Externe veiligheid 11 Verkeer en parkeren 12 Geluid 12 Luchtkwaliteit 13 Natuur 14 Water 15

4

Conclusie

3.2.3

16

Vormvrije m.e.r. beoordeling uitbreiding Van Iperen te Westmaas projectnummer 0431332.00 30 september 2021 revisie 02 Van Iperen B.V.

1

Inleiding In 1921 wordt graanhandel Van Iperen B.V. (hierna: de initiatiefnemer genoemd) opgericht . Het bedrijf vestigt zich in 1981 aan de Smidsweg 24 in de oude groenvoerdrogerij in Westmaas (gemeente Binnenmaas), de huidige locatie. In de loop der jaren groeit het bedrijf en wordt de bedrijfsvoering uitgebreid. Een van de belangrijkste pijlers van het bedrijf betreft de verkoop van vloeibare meststoffen in de tuinbouw. Westmaas is onderdeel van de Hoeksche Waard, een uniek agrarisch polderlandschap. Het is een open landschap met daarin dorpen, dijken, polders en kreken. De kernkwaliteiten van het landschap zijn de openheid van het landschap, het reliëf van dijken en kreken en het polderpatroon. Van Iperen wil de bestaande bedrijfsactiviteiten uitbreiden. Uitbreiding van de bedrijfslocatie is noodzakelijk omdat de bedrijfsvoering de afgelopen jaren is gegroeid, het bedrijf in de huidige vorm niet voldoende opslagcapaciteit heeft en het terrein in de huidige inrichting niet meer efficiënt kan gebruiken. Om de voorgenomen uitbreiding mogelijk te maken, heeft de initiatiefnemer 3 naastgelegen, aangrenzende percelen gekocht. De bestaande inrichting blijft deels behouden en wordt op enkele aspecten aangepast om uitbreiding van bedrijfsactiviteiten te faciliteren. Hierdoor vindt op enkele delen een herinrichting van het terrein plaats.

Het vigerende bestemmingsplan staat de thans beoogde ontwikkeling niet toe binnen het plangebied. Om deze strijdigheid op te heffen, wordt nieuwe bestemmingsplan opgesteld.

Figuur 1.1: positie Van Iperen t.o.v. omgeving – bron Globespotter

Blad 1 van 16

Vormvrije m.e.r. beoordeling uitbreiding Van Iperen te Westmaas projectnummer 0431332.00 30 september 2021 revisie 02 Van Iperen B.V.

Stougjesdijk

Figuur 1.2: mogelijke inrichting toekomstige situatie – Bron Globespotter / Van Iperen

Conform de eisen van de Wet milieubeheer en het Besluit milieueffectrapportage dient in het kader van de r.o.-procedure een zogenaamde “vormvrije m.e.r.-beoordeling” te worden doorlopen waarin het bevoegd gezag (gemeente Westmaas) moet besluiten of er sprake is van belangrijke nadelige milieugevolgen die het doorlopen van een m.e.r.-procedure noodzakelijk maakt. De voorliggende aanmeldingsnotitie motiveert of er bij de voorgenomen ontwikkeling sprake is van mogelijke belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu en geeft het bevoegd gezag daarmee de milieu-informatie voor het m.e.r.-beoordelingsbesluit. Voor de aanmeldingsnotitie zijn de gebieds- en milieuonderzoeken gebruikt die zijn uitgevoerd in het kader van het nieuwe bestemmingsplan. De aanmeldingsnotitie heeft de volgende opbouw. In hoofdstuk 2 wordt er ingegaan op de noodzaak van het opstellen van een vormvrije m.e.r.-beoordeling. Hoofdstuk 3 gaat conform de wettelijke eisen (volgend uit bijlage III van de Europese richtlijn m.e.r.) in op de plaats en kenmerken van de voorgenomen activiteit en de verwachte milieueffecten. Tot slot wordt in hoofdstuk 4 een conclusie gegeven.

Blad 2 van 16

Vormvrije m.e.r. beoordeling uitbreiding Van Iperen te Westmaas projectnummer 0431332.00 30 september 2021 revisie 02 Van Iperen B.V.

2

Waarom een vormvrije m.e.r.-beoordeling? De milieueffectrapportage-procedure (m.e.r.) is bedoeld om het milieubelang volwaardig en vroegtijdig in de plan- en besluitvorming in te brengen. Een m.e.r. is altijd gekoppeld aan een plan of besluit, bijvoorbeeld een structuurvisie, bestemmingsplan of vergunning. De wettelijke eisen ten aanzien van m.e.r. zijn vastgelegd in de Wet Milieubeheer en in het Besluit m.e.r. Daarnaast geldt een m.e.r.-verplichting als in het kader van de Wet natuurbescherming een zogenaamde passende beoordeling moet worden opgesteld omdat negatieve effecten op Natura2000-gebieden niet op voorhand kunnen worden uitgesloten. In de Wet milieubeheer en in het Besluit m.e.r. wordt een onderscheid gemaakt in activiteiten die m.e.r.-plichtig zijn (de zogenaamde bijlage C-activiteiten) en activiteiten die m.e.r.-beoordelingsplichtig zijn (de zogenaamde bijlage D-activiteiten). Het bestemmingsplan maakt geen activiteit mogelijk opgenomen in onderdeel C van het Besluit m.e.r. Er is dan ook vanuit het Besluit m.e.r. geen directe m.e.r.-plicht. De voorgenomen ontwikkeling is opgenomen in onderdeel D van het Besluit m.e.r. onder D25.1 De oprichting, wijziging of uitbreiding van een installatie bestemd voor de opslag van aardolie, petrochemische of chemische producten.

De omschrijving van de drempelwaarden behorend bij deze categorie is opgenomen in onderstaande tabel (zie: tabel 2.1). Tabel 2.1: Uitsnede uit het Besluit m.e.r. D 25.1

Activiteiten

Gevallen

De oprichting, wijziging of uitbreiding van een installatie bestemd voor de opslag van aardolie, petrochemische of chemische producten.

In gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op een opslagcapaciteit van 100.000 ton of meer.

De voorgenomen ontwikkeling betreft de uitbreiding van een bedrijfslocatie waar chemische producten worden opgeslagen en verwerkt, waarbij de activiteit minder opslagcapaciteit heeft dan 100.000 ton, oftewel de geldende drempelwaarden uit de C- of D-lijst van het Besluit m.e.r. worden niet overschreden. Dit betekent dat er voor de voorgenomen ontwikkeling een vormvrije m.e.r.beoordeling opgesteld moet worden. Wetswijziging per 16 mei 2017 Op 16 mei 2017 is de Wet milieubeheer gewijzigd. Dit heeft tot gevolg dat (ook) voor een vormvrij m.e.r.-beoordelingsplichtig plan een apart m.e.r.-beoordelingsbesluit door bevoegd gezag noodzakelijk is en dat de informatie hiervoor in een zogenaamde aanmeldingsnotitie gegeven moet worden (voor 16 mei 2017 was dit nog vormvrij en kon de informatie en het besluit onderdeel uitmaken van het moederbesluit) . Het uitgangspunt (”geest van de wet”) van een m.e.r.beoordeling is dat er in beginsel geen m.e.r.-procedure doorlopen hoeft te worden, tenzij er sprake is van wezenlijk belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu.

Blad 3 van 16

Vormvrije m.e.r. beoordeling uitbreiding Van Iperen te Westmaas projectnummer 0431332.00 30 september 2021 revisie 02 Van Iperen B.V.

3

Toetsing of sprake is van mogelijk belangrijke nadelige milieugevolgen In deze aanmeldingsnotitie worden voor de relevante milieuaspecten onderzocht of de voorgenomen ontwikkeling leidt tot mogelijke belangrijke nadelige milieugevolgen. Deze analyse is uitgevoerd aan de hand van de criteria uit bijlage III van de Europese richtlijn m.e.r.: 

Kenmerken van de projecten. Bij de kenmerken van de projecten moet in het bijzonder in overweging worden genomen: o de omvang van het project, o de cumulatie met andere projecten, o gebruik van natuurlijke hulpbronnen, o de productie van afvalstoffen, o verontreiniging en hinder, o het risico van zware ongevallen en/of rampen, waaronder rampen door klimaatverandering, o risico's voor de menselijke gezondheid.

Plaats van de projecten. Bij de mate van kwetsbaarheid van het milieu in de gebieden waarop de projecten van invloed kunnen zijn moet in het bijzonder in overweging worden genomen: o het bestaande grondgebruik, o relatieve rijkdom aan en de kwaliteit en het regeneratievermogen van de natuurlijke hulpbronnen van het gebied, o het opnamevermogen van het natuurlijke milieu, met in het bijzonder aandacht voor de volgende typen gebieden:  wetlands  kustgebieden  berg- en bosgebieden  reservaten en natuurparken  gebieden die in de wetgeving van lidstaten zijn aangeduid of door die wetgeving worden beschermd; speciale beschermingszones door de lidstaten aangewezen volgens Richtlijn 79/409/EEG (= Vogelrichtlijn) en Richtlijn 92/43/EEG (= Habitatrichtlijn)  gebieden waar de milieukwaliteitsnormen al niet worden nagekomen  gebieden met een hoge bevolkingsdichtheid  landschappen van historisch, cultureel of archeologisch belang

Kenmerken van het potentiële effect. o Bij de potentiële aanzienlijke effecten van het project moeten in samenhang met de criteria van de punten 1 en 2 in het bijzonder in overweging worden genomen: o de orde van grootte en het ruimtelijk bereik van de effecten (bijvoorbeeld geografisch gebied en omvang van de bevolking die getroffen kan worden), o de aard van het effect,

Blad 4 van 16

Vormvrije m.e.r. beoordeling uitbreiding Van Iperen te Westmaas projectnummer 0431332.00 30 september 2021 revisie 02 Van Iperen B.V.

o o o o o o

het grensoverschrijdend karakter van het effect, de intensiteit en de complexiteit van het effect, de waarschijnlijkheid van het effect, de verwachte aanvang, de duur, de frequentie en de omkeerbaarheid van het effect, de cumulatie van effecten met de effecten van andere projecten, de mogelijkheid om de effecten doeltreffend te verminderen.

Naast de aanmeldingsnotitie wordt een bestemmingsplan opgesteld. Voor dat ruimtelijke plan zijn diverse onderzoeken uitgevoerd. Deze aanmeldnotitie baseert zich op deze onderzoeken, geeft een korte omschrijving van het onderzoek maar neemt niet het volledige onderzoek over. In deze aanmeldingsnotitie wordt enkel ingegaan op de elementen die van toepassing zijn in het plangebied of de directe omgeving van het plangebied.

3.1

Kenmerken van de projecten

3.1.1

Omvang van het project De initiatiefnemer heeft het voornemen om de bestaande bedrijfsactiviteiten uit te breiden. Om deze uitbreiding te verwezenlijken, zijn naastgelegen gronden aangekocht. Deze gronden zijn bestemd als agrarisch met waarden en detailhandel. Het huidige bedrijfsoppervlak is circa 4,2 ha. In de beoogde situatie komen daar 3 percelen bij waardoor het totale oppervlak circa 6,4 tot 6,5 ha (op basis van kadastrale informatie: 64.685 m2) gaat bedragen. De nieuwe bedrijfssituatie maakt het mogelijk de bouwopzet te wijzigen en het bedrijfsperceel efficiënter te gebruiken. De bestaande inrichting blijft grotendeels behouden en wordt op enkele aspecten aangepast om uitbreiding van bedrijfsactiviteiten te faciliteren. Hierdoor vindt op enkele delen een herinrichting van het terrein plaats. Het nieuwe perceel aan de westzijde is in onderstaande inrichtingstekening weergegeven als parkeerterrein, het perceel aan de zuidoost zijde maakt uitbreiding van inpandige opslagfaciliteit/-capaciteit mogelijk. In het plangebied worden in het kader van landschappelijke inpassing en waterberging enkele maatregelen getroffen. Zo wordt aan de westkant van het perceel, langs de dijk, een waterberging gerealiseerd, een leefgebied voor de huismus gerealiseerd en de beplanting doorgetrokken. Aan de zuid- en noordkant van het perceel wordt sloten gedempt en, waar nodig, verbreed.

Blad 5 van 16

Vormvrije m.e.r. beoordeling uitbreiding Van Iperen te Westmaas projectnummer 0431332.00 30 september 2021 revisie 02 Van Iperen B.V.

Figuur 3.1: mogelijke inrichting toekomstige situatie – Bron Van Iperen Op bovenstaande inrichtingsschets is een mogelijke nieuwe toekomstige situatie weergegeven. Verspreid over het terrein zijn verschillende parkeer- en opslagvoorzieningen weergegeven. Centraal gelegen op het terrein bevindt zich een tankenpark en aan de zuidwestkant een kantorencomplex. De parkeervoorziening in het noordwesten is geprojecteerd op één van de nieuwe percelen. Tevens wordt een opslaghal gerealiseerd, grotendeels op het andere nieuw aangekochte perceel (voorheen Blijdorp).

3.1.2

Cumulatie met andere projecten Er zijn voor zover bekend geen projecten in de omgeving welke kunnen leiden tot cumulatieve effecten voor de (milieu) aspecten.

3.1.3

Gebruik van natuurlijke hulpbronnen Het plangebied bestaat voornamelijk uit bestaande bebouwing en agrarische gronden. Het groen op de gronden groeit door natuurlijke hulpbronnen die voor een deel in het plangebied aanwezig zijn en voor een deel in het plangebied terecht komen. Er zijn dan ook geen specifieke noemenswaardige natuurlijke hulpbronnen aanwezig in het plangebied. Voor de werkzaamheden worden diverse mobiele werktuigen en transportmiddelen gebruikt. De voorgenomen activiteiten aan de weg zullen niet leiden tot een significante toename van het verbruik en gebruik van grond- en hulpstoffen.

Blad 6 van 16

Vormvrije m.e.r. beoordeling uitbreiding Van Iperen te Westmaas projectnummer 0431332.00 30 september 2021 revisie 02 Van Iperen B.V.

Indien grond vrijkomt in het gebied tijdens de uitvoering, dan wordt deze zoveel mogelijk hergebruikt binnen het projectgebied (zowel bij het hergebruik als de aan- en afvoer van grond).

3.1.4

Productie van afvalstoffen Gezamenlijk met de aannemer wordt onderzocht in hoeverre afvalstoffen vrijkomen bij de werkzaamheden en of de afvalstoffen elders zoveel mogelijk kunnen worden hergebruikt bij het binnen het plangebied voorziene bouwproject.

3.1.5

Verontreiniging en hinder Tijdens de aanleg wordt er zo veel mogelijk naar gestreefd om hinder te voorkomen. Ten aanzien van het verkeer geldt dat dit zoveel mogelijk moet kunnen doorstromen. De doorstroming van het verkeer zal bij de voorziene bouwwerkzaamheden binnen het plangebied marginaal belemmerd worden omdat deze volledig plaatsvinden op eigen terrein. Verdere afweging van de (milieu)aspecten vindt plaats in paragraaf 3.3.

3.1.6

Het risico van zware ongevallen en/of rampen, waaronder rampen door klimaatverandering Het realiseren van de uitbreiding van Van Iperen blijft binnen de kaders en randvoorwaarden zoals gesteld binnen het huidig extern veiligheidsbeleid van de gemeente Hoeksche Waard. De nieuwe inrichting leidt niet tot grotere risicocontouren dan die zoals toegestaan op grond van de huidige Wabo-vergunning voor het onderdeel Milieu. Het is voorts niet aannemelijk dat de uitbreiding van Van Iperen een nadelige bijdrage heeft op het klimaat.

3.1.7

Risico's voor de menselijke gezondheid De uitbreiding van Van Iperen kan mogelijk tijdelijk leiden tot een hogere geluidbelasting of een hogere waarden van Fijnstof of Stikstofdioxide (luchtkwaliteit). De specifieke afweging van de (milieu)aspecten vindt plaats in paragraaf 3.3. Het is echter niet aannemelijk dat de uitbreiding van Van Iperen risico’s oplevert voor de menselijke gezondheid.

3.2

Locatie van de activiteit

3.2.1

het bestaande grondgebruik Het plangebied is gelegen in de gemeente Hoeksche Waard aan de grens met de gemeente Cromstrijen, ten oosten van de kern Westmaas en ten zuiden van het dijkdorp Greup. Greup wordt doorsneden door de N488 en is gelegen aan de N489. Het plangebied bevindt zich op de hoek waar deze 2 provinciale wegen elkaar kruisen.

Blad 7 van 16

Vormvrije m.e.r. beoordeling uitbreiding Van Iperen te Westmaas projectnummer 0431332.00 30 september 2021 revisie 02 Van Iperen B.V.

Figuur 3.2: Ligging plangebied in de omgeving – Bron Globespotter

De gemeente Hoeksche Waard vormt een schakel tussen stad en land. De Hoeksche Waard is een polderlandschap nabij het stedelijke gebied. Kreken, dijken, dorpsgezichten en een open, agrarisch landschap bepalen het aanzicht. De bestaande activiteiten in de omgeving van het plangebied hebben al effecten op het milieu in de omgeving. Deze effecten dan wel activiteiten zijn in ogenschouw genomen bij de toets van de milieueffecten van het project zoals beschreven in paragraaf 3.3 van deze m.e.r. beoordeling. De m.e.r. beoordeling gaat echter strikt over de milieueffecten van het project.

3.2.2

relatieve rijkdom aan en de kwaliteit en het regeneratievermogen van de natuurlijke hulpbronnen van het gebied Het plangebied bestaat voornamelijk uit de bestaande bebouwing en agrarische gronden. Het groen op de gronden groeit door natuurlijke hulpbronnen die voor een deel in het plangebied aanwezig zijn en voor een deel in het plangebied terecht komen. Er zijn dan ook geen specifieke noemenswaardige natuurlijke hulpbronnen aanwezig in het plangebied.

3.2.3

het opnamevermogen van het natuurlijke milieu, met in het bijzonder aandacht voor de volgende typen gebieden Het plangebied ligt in landelijk gebied en is niet gelegen in gebieden met gevoelige en/of beschermde waarden.

Blad 8 van 16

Vormvrije m.e.r. beoordeling uitbreiding Van Iperen te Westmaas projectnummer 0431332.00 30 september 2021 revisie 02 Van Iperen B.V.

  

Het plangebied ligt niet in een Natura 2000-gebied. Figuur 3.3 toont de ligging van het plangebied ten opzichte van de Natura 2000. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied is 'Oudeland van Strijen' op circa 3 km. Daarmee kunnen alle mogelijke effecten, behalve stikstofdepositie, op voorhand worden uitgesloten. In het plangebied liggen geen gronden die behoren tot het Natuurnetwerk Nederland (NNN). Figuur 3.4 toont de ligging van het plangebied ten opzichte van het NNN. Het dichtstbijzijnde NNN gebied ligt circa 1 kilometer ten westen van het plangebied. Daarmee is geen sprake van ruimtebeslag. Conform het beleid van de Provincie ZuidHolland hoeft niet getoetst te worden aan externe werking (verstoring door geluid, verdroging e.d.). Effecten zijn daarom op voorhand uitgesloten. Het is niet uit te sluiten dat de geplande uitbreiding het leefgebied van enkele in het kader van de Wet natuurbescherming beschermde soorten treft, mogelijk zijn in het plangebied algemene broedvogels, huismussen en/of vleermuizen aanwezig. In het plangebied geldt een middelhoge trefkans voor archeologische sporen. Er is dan ook een reële kans op het aantreffen van archeologische waarden.

Het plangebied kent landschappelijke waarden (openheid, reliëf e.d.) maar deze zijn (niet meer) beschermd (Hoekse Waard was een voormalig Nationaal Landschap, maar deze status is niet overgenomen in het provinciaal beleid). Het plangebied kent geen beschermde cultuurhistorische waarden (geen onderdeel van een beschermd stads- of dorpsgezicht, geen Rijks-, gemeente- en/of archeologische monumenten). Het plangebied ligt niet in of nabij een (reserveringsgebied) waterbergings-, drinkwaterwinnings- of grondwaterbeschermingsgebied.

Figuur 3.3: Kaart met Natura2000-gebied (‘Oudeland van Strijen’), de rode cirkel geeft het plangebied weer – Bron Provincie Zuid-Holland

Blad 9 van 16

Vormvrije m.e.r. beoordeling uitbreiding Van Iperen te Westmaas projectnummer 0431332.00 30 september 2021 revisie 02 Van Iperen B.V.

Figuur 3.4: Kaart met Natuurnetwerk Nederland (Licht groen = agrarisch gebied binnen NNN, groen = bestaande of nieuwe natuur, paars = ecologische verbindingszone), de rode cirkel geeft het plangebied weer – Bron Provincie Zuid-Holland

3.3

Kenmerken van het potentiële effect In deze paragraaf worden de (mogelijke) verwachte milieueffecten van het project beoordeeld om per milieuaspect te bepalen of sprake kan zijn van belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu. Voor deze beoordeling zijn de gebieds- en milieuonderzoeken gebruikt die zijn uitgevoerd in het kader van het nieuwe bestemmingsplan.

3.3.1

Archeologie Voor het plangebied is een dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie' opgenomen. Voor betreffende gronden geldt een archeologische onderzoeksplicht bij bodemingrepen met een oppervlakte van minimaal 500 m² (middelhoge archeologische verwachting) of bodemingrepen die dieper gaan dan 50 cm. Deze verplichting volgt uit de middelhoge archeologische verwachting die het plangebied heeft op de Archeologische beleidskaart gemeente Maasdam. Het realiseren van de uitbreiding vergt naar verwachting kleinschalige ingrepen in de bodem. Het grondverzet zal naar verwachting de minimale oppervlaktes niet overschrijden. Het is daarmee niet aannemelijk dat er archeologische vervolg onderzoek plaats moet vinden. Gezien de archeologische verwachtingswaarden in het plangebied is er een grote kans op het aantreffen van archeologische waarden. Hoe omgegaan dient te worden met deze waarden is bij wet geregeld. Op basis van het uitgevoerde archeologisch onderzoek wordt geadviseerd om het plangebied zonder aanvullend archeologisch onderzoek vrij te geven.

Blad 10 van 16

Vormvrije m.e.r. beoordeling uitbreiding Van Iperen te Westmaas projectnummer 0431332.00 30 september 2021 revisie 02 Van Iperen B.V.

Op basis van het voorgaande kunnen op voorhand negatieve effecten op archeologie worden uitgesloten en worden belangrijke nadelige milieugevolgen voor het aspect archeologie voorkomen.

3.3.2

Bodem Bij transformatie van het plangebied naar nieuwe functies dient rekening te worden gehouden met de bodemsituatie. De bodem dient geschikt te zijn voor de beoogde functie zodat de bodemkwaliteit geen onaanvaardbaar risico oplevert voor de gebruikers van de bodem. Uit het historisch onderzoek is gebleken dat de bodem op enkele plaatsen verdacht is. Op basis van de beschikbare informatie kan gesteld worden dat de verhoogde waarden geen belemmering vormen voor de voorgenomen ontwikkeling. Bij de ontwikkeling van nieuwe functies is voorkomen van (nieuwe) bodemverontreiniging een voorwaarde. Negatieve effecten op bodemkwaliteit worden hierdoor voorkomen. Er zijn dan ook vanuit het aspect bodemkwaliteit geen belangrijke nadelige milieueffecten.

3.3.3

Cultuurhistorie en landschap Het plangebied kent geen bijzondere of beschermde cultuurhistorische waarden (geen onderdeel van een beschermd stads- of dorpsgezicht, geen Rijks-, gemeente- en/of archeologische monumenten). Negatieve effecten op cultuurhistorie worden hierdoor uitgesloten. Het plangebied kent geen beschermde landschappelijke waarden. Het voornemen gaat niet wezenlijk ten koste van landschappelijke waarden als openheid, reliëf ter plaatse.

3.3.4

Externe veiligheid Van Iperen slaat een groot aantal verschillende stoffen op haar terrein op. Een deel van de goederen bestaat uit geclassificeerde gevaarlijke stoffen. Voor de opslag van gevaarlijke stoffen beschikt van Iperen over diverse opslagvoorzieningen conform PGS 15 (opslag gevaarlijke stoffen in emballage) en PGS 7 (opslag meststoffen). De aanwezige gevaarlijke stoffen brengt risico’s ten aanzien van de externe veiligheid met zich mee. Dit wordt enerzijds uitgedrukt in een plaatsgebonden risico en anderzijds in een groepsrisico. Plaatsgebonden risico Rondom de inrichting liggen 10-6/jaar contouren. Deze worden voornamelijk bepaald (>99%) door de aanwezigheid van de PGS15-opslagen (B4 en C7) waarin spuitbussen en gaspatronen (kunnen) worden opgeslagen. Gebleken is dat er binnen de berekende 10-6/jaar contouren op basis van de beoogde ontwikkeling binnen het plangebied op basis van de reeds uitgevoerde QRA geen kwetsbare objecten aanwezig zijn of in de toekomst aanwezig kunnen zijn. Hierbij wordt voldaan aan de normstelling uit het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) ten aanzien van het plaatsgebonden risico. Groepsrisico Naast het plaatsgebonden risico geldt er rondom de inrichting een groepsrisico. Dit betreft het zogenaamde invloedsgebied. Het invloedsgebied is gedefinieerd als de grootste afstand waarop

Blad 11 van 16

Vormvrije m.e.r. beoordeling uitbreiding Van Iperen te Westmaas projectnummer 0431332.00 30 september 2021 revisie 02 Van Iperen B.V.

de overlijdenskans bij maximaal 30 minuten blootstelling is gedaald tot 1%. Deze afstand voor de inrichting wordt veroorzaakt door het scenario toxische verbrandingsproducten met betrekking tot PGS15-opslag voorzieningen (hal C5 en C6). De grootste 1% letaliteitsafstand bedraagt circa 950 meter. In de omgeving zijn industrie-, woon-, maatschappelijke en agrarische gebieden gelegen. Uit de berekening van het groepsrisico van de inrichting blijkt dat er maximaal 5 slachtoffers zijn. Dit betekent dat er conform Bevi/Revi geen sprake is van significant groepsrisico (minder dan 10 slachtoffers). Gezien de ruimtelijke procedure en de eis op een goede ruimtelijke ordening is verantwoording van het groepsrisico aan de orde. Op basis van externe veiligheid worden op basis van bovenstaande geen belangrijk nadelige milieugevolgen verwacht.

3.3.5

Verkeer en parkeren Het uitbreiden van Van Iperen heeft gevolgen voor de verkeersaantrekkende werking en daarmee op het aantal verkeersbewegingen en het aantal parkeerplaatsen. Voor het bepalen van de verkeersgeneratie (conform CROW normering) is uitgegaan van in totaal 170 motorvoertuigen per hectare distributieterrein. Voor de huidige situatie met 4,2 hectare komt dit neer op 714 motorvoertuigen per werkdagetmaal. Na de uitbreiding betreft dit 6,47 hectare en komt dit neer op 1.100 motorvoertuigen per werkdagetmaal. Deze stijging blijft binnen de beschikbare capaciteit van het wegennet. Voor het bepalen van het aantal parkeerplaatsen (conform CROW normering) is uitgegaan van een locatie gelegen in het buitengebied met circa 3.000 m2 kantoor en circa 22.500 m2 arbeidsextensieve bedrijvigheid. Voor een kantoorgebouw gelegen in het buitengebied geldt een benodigd aantal parkeerplaatsen van 2,3 tot 2,8 parkeerplaatsen per 100 m2. Dit komt neer op 69 tot 84 parkeerplaatsen ten behoeve van deze kantoorvoorziening. Voor de arbeidsextensieve bedrijvigheid gelegen in het buitengebied geldt een benodigd aantal parkeerplaatsen van 0,8 tot 1,3 parkeerplaatsen per 100 m2. Dit komt neer op 180 tot 293 parkeerplaatsen ten behoeve van deze arbeidsextensieve bedrijfsvoorzieningen. Gezamenlijk ligt het benodigd aantal parkeerplaatsen daarmee tussen de 249 en 377.

Deze parkeervoorzieningen worden op eigen terrein gerealiseerd en geven daarmee geen effecten voor de omgeving. De ontsluiting van het terrein blijft gehandhaafd aan de Smidsweg middels 2 in- en uitritten. Er worden dan ook geen belangrijk nadelige milieugevolgen voor het aspect verkeer verwacht.

3.3.6

Geluid In de omgeving van Van Iperen zijn aantal geluidgevoelige objecten (woningen) gesitueerd. De uitbreiding van de bedrijfsactiviteiten heeft gevolgen voor de hoeveelheid geluid in de omgeving. Gelet op de milieucategorie in relatie tot de activiteiten van adviseert de VNG-brochure “Bedrijven en milieuzonering” een richtafstand tot woningen te hanteren van ten minste 30 meter voor een ‘rustige woonwijk’ of een vergelijkbare omgeving. De dichtstbij gelegen woning van derden is op een afstand van circa 21 m gesitueerd. Daarom is het de geluidimpact van het plan nader beschouwd op langtijdgemiddelde beoordelingsniveau, maximale geluidniveau en indirecte geluidhinder.

Blad 12 van 16

Vormvrije m.e.r. beoordeling uitbreiding Van Iperen te Westmaas projectnummer 0431332.00 30 september 2021 revisie 02 Van Iperen B.V.

Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau In 2017 heeft Tauw in het kader van een Wabo-vergunning gerekend aan de geluidsimmies van Van Iperen (rapportnummer 1246988 d.d. 21 juni 2017). Antea heeft deze uitgangspunten overgenomen en daarbij de beoogde planontwikkeling/uitbreiding opgenomen. Uit de akoestische berekening blijkt dat de beoogde bedrijfsvoering/activiteiten niet leiden tot een onaanvaardbaar woon- en leefklimaat passend binnen het toetsings-/beoordelingskader vanuit de vigerende/rechtsgeldende Wabo-vergunning voor het onderdeel Milieu en het VNGstappenplan zoals vervat in de Handreiking Bedrijven en Milieuzonering. Maximale geluidniveau De westelijke uitbreiding van Van Iperen bevindt zich op relatief korte afstand van de woningen aan de Stougjesdijk. Het gebruik als parkeerplaats leidt op basis van de akoestische berekeningen tot overschrijdingen van de geluidniveau in de avond- en nachtperiode conform de Handreiking industrielawaai en vergunningverlening. Het gebruik van het betreffende perceel is echter niet bezwaarlijk met dien verstande dat een goede inrichting, verblijfs-/rijtijden van voertuigen en rijgedrag bepalende en te borgen factoren zijn. Detaillering van het ontwerp en afschermingen kunnen daarbij ook nog leiden tot een akoestisch beter klimaat.

Indirecte geluidhinder De akoestische berekeningen laten zien dat met de genoemde uitgangspunten de maximale geluidbelasting van 50 dB(A) qua voorkeursgrenswaarde van de ‘Schrikkelcirculaire’ d.d. 29 februari 1996 niet wordt overschreden. Op basis van het akoestisch onderzoek zijn er geen belangrijke nadelige milieugevolgen voor het aspect geluid te verwachten, mits met de inrichting, gedragingen en de functionaliteit van het westelijke deel van de uitbreiding rekening wordt gehouden met de woningen aan de Stougjesdijk.

3.3.7

Luchtkwaliteit Ten aanzien van het aspect luchtkwaliteit is een specifiek milieutechnisch onderzoek uitgevoerd. Hierbij is rekening gehouden met alle binnen het plangebied voorziene en geprojecteerde activiteiten op basis van de milieucategorie waarbinnen Van Iperen valt die leiden tot een emissie van luchtverontreinigende stoffen zoals genoemd in de Wet milieubeheer. De concentraties van deze luchtverontreinigende stoffen zijn uitgerekend en getoetst ter plaatse van de relevante beoordelingslocaties in de directe omgeving. Hierbij is gekeken naar Stikstofdioxide (NO2) en Fijn stof (PM10 en PM2,5). Uit het onderzoek blijkt dat zowel de jaargemiddelde concentraties als de uurgemiddelde concentraties ruim onder de wettelijke grenswaarden liggen. Op basis van het luchtkwaliteitsonderzoek zijn er geen belangrijke nadelige milieugevolgen voor het aspect luchtkwaliteit te verwachten.

Blad 13 van 16

Vormvrije m.e.r. beoordeling uitbreiding Van Iperen te Westmaas projectnummer 0431332.00 30 september 2021 revisie 02 Van Iperen B.V.

3.3.8

Natuur Beschermde gebieden Het dichtstbijzijnde Natura2000 gebied (Oudeland van Strijen) bevindt zich op circa 3 kilometer afstand van het plangebied. Daarmee kunnen alle mogelijke effecten, behalve toename van stikstofdepositie, op voorhand worden uitgesloten. Natura 2000-gebied Oudeland van Strijen is niet stikstof gevoelig. De afstand tot de dichtstbijzijnde stikstofgevoelige Natura-2000 gebieden zijn 'Krammer-Volkerak' op circa 10 kilometer en de 'Biesbosch' op circa 15 kilometer. De kans op een toename van stikstofdepositie op stikstofgevoelige habitattypen op meer dan 5 km afstand is bijzonder klein. De afstand is te groot voor het optreden van externe effecten met een significant negatief effect. Het dichtstbijzijnde NNN gebied ligt circa 1 kilometer ten westen van het plangebied. Provincie Zuid-Holland heeft echter geen externe werking aangewezen voor NNN en zijn er geen belangrijke nadelige milieugevolgen voor het aspect natuur. Effecten op NNN zijn daarmee op voorhand uit te sluiten. Beschermde soorten De (ruime) omgeving van het plangebied en het plangebied zelf zijn mogelijk leefgebied van een aantal beschermde diersoorten, te weten algemene broedvogels, huismussen en vleermuizen. Het plangebied kan diverse functies vervullen voor deze soorten. Bij het inspecteren van het plangebied (terreinbezoek) is de huismus waargenomen in de heg aan de rand van het plangebied.

Bij het inspecteren van de dakpannen en dakgoot bij de stal zijn er aanwijzingen gevonden van nestmateriaal die de mogelijke aanwezigheid van nesten van de huismus aanduidt. De overige panden (bedrijfshallen) bleken geen geschikte nestlocaties te bieden. Om belangrijke nadelige milieugevolgen uit te sluiten, is het vereist om mitigerende maatregelen te nemen. Om deze mitigerende maatregelen te kunnen nemen, is reeds een ontheffingsprocedure in het kader van de Wnb doorlopen. Middels de aan de reeds verleende ontheffing gestelde mitigerende maatregelen worden mogelijke negatieve effecten op gunstige staat van instandhouding van de huismussen uitgesloten. Voor overige vogelsoorten zijn effecten uit te sluiten door te werken buiten het broedseizoen. Op basis van de aanvullende natuurtoets is gebleken dat er geen fourageergebieden, vliegroutes of essentiële verblijfplaatsen van vleermuizen aanwezig zijn binnen het plangebied. Belangrijke nadelige milieugevolgen zijn uit te sluiten mits de uitvoering van de maatregelen wordt geborgd.

Blad 14 van 16

Vormvrije m.e.r. beoordeling uitbreiding Van Iperen te Westmaas projectnummer 0431332.00 30 september 2021 revisie 02 Van Iperen B.V.

3.3.9

Water De uitbreiding van Van Iperen zorgt voor een toename van het verhard oppervlak. Door de toename van verhard oppervlak vindt er een versnelde afvoer naar het oppervlaktewater plaats. Om wateroverlast te voorkomen, moet daarom de toename in verharding gecompenseerd worden door nieuw oppervlaktewater (1.388 m²) te realiseren conform de voorkeursvolgorde van het waterschap:  in de directe nabijheid van de verhardingstoename;  binnen hetzelfde peilgebied;  in het benedenstrooms gelegen peilgebied. Daarnaast wordt de aan de noordkant van perceel 579 gelegen watergang gedempt. De watergang aan de oostkant van het perceel zal als compensatie worden verbreed. Voor de demping en verbreding van die watergang is reeds een vergunning afgegeven. Indien wordt voldaan aan de randvoorwaarden van zowel het waterschap als de gemeente en nieuwe oppervlaktewater wordt gerealiseerd, zijn er geen belangrijke nadelige milieugevolgen voor het aspect water te verwachten.

Blad 15 van 16

Vormvrije m.e.r. beoordeling uitbreiding Van Iperen te Westmaas projectnummer 0431332.00 30 september 2021 revisie 02 Van Iperen B.V.

4

Conclusie Voor de uitbreiding van Van Iperen is het van belang te weten of er mogelijk belangrijke nadelige milieugevolgen te verwachten zijn door het project. Deze vormvrije m.e.r.-beoordeling gaat in op de effecten ten gevolge van het project. De effecten zijn beschreven rond de effecten op de thema’s (archeologie, bodem, cultuurhistorie, externe veiligheid, verkeer, geluid, luchtkwaliteit, natuur en water). Uit effecten blijkt dat er geen mogelijk belangrijke nadelige milieugevolgen te verwachten zijn door het project en er geen m.e.r. noodzakelijk is. Hierbij dient rekening gehouden te worden met de inrichting van het westelijke deel van de uitbreiding om te voldoen aan de geluidswetgeving en de uitvoering van de mitigerende maatregelen voor de beschermde soorten. Daarmee rekening houdend, ligt het niet in de lijn der verwachting dat de beoogde planontwikkeling/uitbreiding van Van Iperen leidt tot belangrijke nadelige milieu gevolgen.

Blad 16 van 16

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11560762/1