CConstaterende datHoeksche Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota beantwoording zienswijzen 's Gravendeel West fase 1.docx - Bevroren versie

Besluitvormende raad 12 december 2023, gemeente Hoeksche WaardBij agendapunt: Bestemmingsplan ’s-Gravendeel West fase 16.247 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota beantwoording zienswijzen Ontwerpbestemmingsplan ’s Gravendeel West fase 1

Definitief (versie: oktober 2023)

1. Inleiding Het ontwerpbestemmingsplan ’s Gravendeel-West fase 1’ lag van 16 juni tot en met 27 juli 2022 ter inzage om een ieder in de gelegenheid te stellen een mondelinge of schriftelijke zienswijze in te dienen. Tegelijkertijd lag het ontwerp besluit hogere waarde Wet geluidhinder ter inzage. Het ontwerpbestemmingsplan was analoog raadpleegbaar in het gemeentehuis en digitaal via de landelijke website www.ruimtelijkeplannen.nl. In het kader van artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening is overleg gepleegd met de diverse instanties, zoals Waterschap, Provincie en diensten van het Rijk. Dit heeft geleid tot 2 overlegreacties. Er zijn 7 zienswijzen ontvangen. Deze zienswijzen zijn gericht tegen het ontwerpbestemmingsplan. Twee van de ontvangen zienswijzen zijn na overleg tussen de gemeente, de initiatiefnemer en de indieners ingetrokken. Deze 2 ingetrokken zienswijzen zullen inhoudelijk dan ook niet behandeld worden in voorliggende nota beantwoording zienswijzen. Voor de volledigheid merken wij op dat één van deze zienswijzen er toe heeft geleid dat een ambtshalve wijziging is doorgevoerd aan de loop van de ontsluitingsweg om de impact op cliënten binnen het zorgcomplex van Humanitas te beperken. Er zijn geen zienswijzen ingediend tegen het ontwerp besluit hogere waarden.

De ontvangen zienswijzen en overlegreacties zijn binnen de inzagetermijn ingediend en zijn dan ook ontvankelijk. Aanvullend kregen de indieners van een zienswijze de mogelijkheid om in gesprek te treden met de gemeente over de ingediende zienswijze. In deze nota vatten wij de zienswijzen en overlegreacties kort samen. Daarnaast nemen wij een beantwoording op voor de zienswijzen en overlegreacties. Als een zienswijze of overlegreactie leidt tot aanpassing of aanvulling van het bestemmingsplan, geven wij dit aan bij de desbetreffende beantwoording van de zienswijze. 1.1. Indieners van zienswijzen en overlegreacties Sinds 25 mei 2018 geldt de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG). Vandaar dat de namen van natuurlijke personen in (digitale) stukken worden geanonimiseerd. Dit geldt niet voor objectgegevens. Anonimiseren is eveneens niet nodig voor namen van bedrijven en organisaties die een zienswijze indienen. Indieners van de overlegreacties Nr. Naam Datum ontvangst

Registratienummer

1 2

14 juni 2022 13 juni 2022

Z/22/140622 Z/22/130622

Indieners van de zienswijzen Nr. Naam

Datum ontvangst

Registratienummer

1 2 3 4 5

25 juli 2022 25 juli 2022 22 juli 2022 25 juli 2022 21 juli 2022

Z/22/160451 Z/22/160268 Z/22/160082 Z/22/160259 Z/22/159898

2/16

Rijkswaterstaat Provincie Zuid - Holland

Indiener 1 Indiener 4 Indiener 5 Indiener 6 Indiener 7

2. Beantwoording van de overlegreacties Nr.

Naam

Datum ontvangst

Registratienummer

1 2

Rijkswaterstaat Provincie Zuid - Holland

14 juni 2022 13 juni 2022

Z/22/140622 Z/22/130622

2.1 Samenvatting en reactie op overlegreactie Rijkswaterstaat Samenvatting overlegreactie Rijkswaterstaat ziet geen aanleiding voor het geven van een inhoudelijke reactie op het plan. Wel is Rijkswaterstaat benieuwd naar het totaal aantal geplande woningen voor ’s Gravendeel West. Als wegbeheerder van de nabij het plangebied gelegen A16 en N3 wenst Rijkswaterstaat inzicht in de verkeerseffecten van grote ontwikkelingen op (aansluitingen van ) het Hoofdwegennet. Een grote ontwikkeling is bijvoorbeeld woningbouw vanaf circa 250 woningen. Het feit dat de bestemmingsplannen eventueel opgeknipt worden in kleinere aantallen is niet van belang. Het gaat om het totaal. Ik hoor graag wat de plannen zijn van de gemeente. Reactie college De realisatie van het nieuw te bouwen woongebied ten westen van de bestaande bebouwing van ’sGravendeel omvat 2 hoofdfasen. De uitbreiding van hoofdfase 1 - waarvoor dit bestemmingsplan een planologische basis biedt - betreft de realisatie van 179 woningen. De 2e hoofdfase omvat de realisatie van 100 woningen. In totaal gaat het in plan ’s-Gravendeel West (fase 1 en 2) om een ontwikkeling van 279 woningen. Conclusie Deze overlegreactie leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. 2.2 Samenvatting en reactie op overlegreactie Provincie Zuid-Holland.

Samenvatting overlegreactie De Provincie heeft het ontwerpbestemmingsplan ’s Gravendeel West fase 1 bekeken en ziet geen aanleiding een zienswijze in te dienen. Wel geeft de provincie nog twee onderhandse punten mee: 1. Bij een deel van de bestemmingen van het Woongebied is geen zone benoemd langs de kreek waarin je niet mag bouwen. Het is wenselijk hier de bestemming Tuin of Groen op te nemen, om zo te voorkomen dat er bergingen aan de kreek worden gebouwd. Het enige dat daar mogelijk zou zijn waren vlonders. Dit ziet de provincie graag geborgd in het bestemmingsplan, door alsnog op te nemen dat er in de eerste 5 meter vanaf de waterkant niet gebouwd mag worden, op vlonders na. 2. Dertig van de 179 woningen worden sociaal, dat is 17 procent. Het recente rijksbeleid gaat voor 30% in de woningvoorraad van elke gemeente. De provincie verzoekt de gemeente hier nog een keer kritisch naar de mogelijkheden te kijken om het aandeel sociaal te verhogen. Reactie college 1. Binnen de zuidwestelijk gelegen gronden van het plangebied namen wij in het ontwerp bestemmingsplan een zone met de aanduiding openheid op om het realiseren van vergunningsvrije bouwwerken te voorkomen (zie artikel 7.3.2 van de bestemmingsplanregels). Deze zone breiden wij uit voor de gronden langs de kreek om het realiseren van bouwwerken te voorkomen. 2.

In 2018 sloot de voormalige gemeente Binnenmaas een intentieovereenkomst met de ontwikkelaars van het project ’s-Gravendeel West. In deze intentieovereenkomst werd een woningbouwprogramma voor fase 1 vastgelegd. Vanwege de gemaakte afspraken in de intentieovereenkomst is een percentage van 30% in het goedkope segment voor het project ’s-Gravendeel West niet haalbaar gebleken. Wel zijn de goedkope koopwoningen toegevoegd aan het plan. Met dit plan geven we uitvoering aan het woningmarktonderzoek Hoeksche Waard (vastgesteld op 15 november 2022). Dit woningmarktonderzoek laat voor ‘s- Gravendeel behoefte aan een 3/16

gevarieerd bouwprogramma zien. Het woningbouwprogramma voor de uitbreidingslocatie is gevarieerd. Het programma bevat namelijk: 10 rijwoningen – sociale huur, 20 rijwoningen – middel dure huur, 20 rug-aan-rug woningen – goedkope koop (starters), 77 rijwoningen – vrije sector koopwoningen, 30 twee-onder-één-kap woningen – vrije sector koopwoningen en 22 vrijstaande woningen – vrije sector koopwoningen. De 20 goedkope starterswoningen worden aangeboden voor maximaal € 200.000,-- (prijspeil 1-1-2020). Conclusie Deze overlegreactie leidt wel tot aanpassing van het bestemmingsplan, namelijk: 1. Op de verbeelding wordt de aanduiding ‘openheid’ toegevoegd aan de grond langs de kreek en (in het verlengde) aan de overzijde van het Polderlint. Op deze wijze is een goede overgang tussen enerzijds het woongebied en anderzijds het openbaar gebied / open agrarisch land geborgd.

3. Beantwoording van de zienswijzen 4/16

Nr.

Naam

Datum ontvangst

Registratienummer

1 2 3 4 5

Indiener 1 Indiener 4 Indiener 5 Indiener 6 Indiener 7

25 juli 2022 25 juli 2022 22 juli 2022 25 juli 2022 21 juli 2022

Z/22/160451 Z/22/160268 Z/22/160082 Z/22/160259 Z/22/159898

Er zijn verschillende zienswijzen ingediend die betrekking hebben op de gekozen ontsluitingsvariant. Voorafgaand aan de keuze voor de zuidelijke ontsluitingsvariant zijn verschillende alternatieve overwogen en zijn ook meerdere onderzoeken uitgevoerd. Deze onderzoeken zijn uitgevoerd door twee gerenommeerde verkeerskundige adviesbureaus: Goudappel & Megaborn. Gedurende het gehele proces van deze ruimtelijke ontwikkeling (2018 tot heden) zijn er 4 verkeerskundige rapportages opgesteld: 1. Verkeerskundig onderzoek woningbouw ’s-Gravendeel West (Goudappel, jan 2019) met als insteek de variantenafweging; 2. Verkeerskundig onderzoek ‘s-Gravendeel West (Megaborn, juni 2020); 3. Verkeerkundig onderzoek woningbouw ’s-Gravendeel West (Goudappel, april 2021), dit rapport is toegevoegd aan het ontwerpbestemmingsplan; 4. Aanvullende memo verkeersonderzoek ’s-Gravendeel West (Goudappel, januari 2023). Gezien de binnengekomen zienswijzen besteden wij in het vast te stellen bestemmingsplan extra aandacht aan de ontsluitingskeuze. Als algemene beantwoording geven wij daarom een nadere onderbouwing voor de zuidelijke ontsluitingsvariant, waarbij wij ook ingaan op enkele andere bekeken varianten. 3.1 Verkeerskundige onderbouwing en belangen afweging ontsluitingsvarianten 1.

Verkeerskundig onderzoek woningbouw ’s-Gravendeel West (Goudappel, jan 2019) Dit onderzoek gaat uit van een ontwikkeling van ’s-Gravendeel West voor - inclusief fase 2- maximaal 250 woningen. De ontwikkeling van deze woningen heeft impact op de verkeerssituatie in de omgeving. Vanwege deze constatering is in 2018/2019 door Goudappel een 1ste verkeersstudie uitgevoerd. In dit onderzoek zijn verschillende ontsluitingsvarianten onderzocht, te weten een route via de woonwijk Schuilingen (Wetering, Atalanta, Poldervaart), een route via de Molendijk met een nieuwe weg aan de westzijde en ten slotte de zuidelijke ontsluitingsroute via de Boezembaan. Goudappel voerde verkeerstellingen uit op alle mogelijke ontsluitingsvarianten en het bestaande omliggende wegennet. Hierbij zijn ook kruispuntberekeningen uitgevoerd. Deze verkeerstellingen vormden het uitgangspunt van het onderzoek. Op basis van het beoogde woningbouwprogramma is het aantal extra verkeersbewegingen uitgerekend. Deze extra verkeersbewegingen zijn vervolgens toegevoegd aan de verkeerstellingen. Bij het vaststellen van de kwaliteit van wegen zijn veiligheid, verkeersafwikkeling en leefbaarheid belangrijke aspecten. Het realiseren van de nieuwe woningen heeft invloed op de verkeersstromen in de omgeving van de ontwikkellocatie. Het extra verkeer als gevolg van de ontwikkeling moet goed afgewikkeld te kunnen worden.

De (verkeers)kwaliteit van de wegvakken (en daarmee ontsluitingsvarianten) is beoordeeld op basis van Duurzaam Veilig. Duurzaam Veilig is een verkeersveiligheidsvisie die gebaseerd is op vijf principes. Op basis van onze gemeentelijke verkeersvisie en de Wegenscan is een uitspraak gedaan over de kwaliteit van de verkeersafwikkeling op de drie ontsluitingsvarianten. Uit deze analyse volgt hoeveel verkeer er nu rijdt, hoeveel verkeer er maximaal kan rijden en hoeveel restcapaciteit (extra verkeer) de wegvakken bezitten. Route woonwijk Schuilingen Alle onderzochte wegen binnen de woonwijk zijn erftoegangswegen. De maximale verkeersgeneratie op deze wegen bedraagt (conform ons gemeentelijk beleid) 4.000 motorvoertuigen per etmaal. Afhankelijk van de specifieke kenmerken per weg kan het maximaal aantal motorvoertuigen naar beneden bijgesteld worden. Op basis van deze locatie specifieke kenmerken bedraagt de maximaal gewenste capaciteit van de Atalanta 2.500, de Poldervaart 3.000/4.000, de Wetering 4.000 en de Boezembaan 4.000 motorvoertuigen per etmaal. Deze conclusie volgt uit de Wegenscan. Uit het onderzoek bleek dat de toekomstige verkeersintensiteiten op alle wegvlakken binnen de woonwijk onder het gestelde maximum blijft. Wel werd 5/16

duidelijk dat de verkeersstromen toenemen: op alle wegvlakken vindt minimaal een verdubbeling plaats wat impact heeft op de leefbaarheid van de bestaande woonwijk. Route Molendijk De Molendijk betreft een erftoegangsweg + met een maximale capaciteit van 5.000 motorvoertuigen per etmaal. Op basis van de specifieke kenmerken van de weg is het maatgevende criterium de afwezigheid van een separate fietsvoorziening. Hierdoor is de maximaal capaciteit slechts 2.500 motorvoertuigen per etmaal zodat alle weggebruikers veilig gebruik kunnen maken van de weg. Voor de eerste kruisweg (een erftoegangsweg) is vanwege de specifieke kenmerken (smalle weg, geen separate fietsvoorziening) slechts een maximale capaciteit van 1.000 motorvoertuigen per etmaal wenselijk. Deze conclusie volgt uit de Wegenscan. Uit het onderzoek blijkt dat het aantal motorvoertuigen per etmaal de maxima van ons gemeentelijk beleid niet overschrijden. Wel worden de maxima, voortkomend uit de Wegenscan, overschreden. Op basis van deze conclusie is een veilige en duurzame verkeersafwikkeling zonder verkeerskundige maatregelen via deze ontsluitingsvariant niet mogelijk. Zuidelijke ontsluitingsroute Deze route betreft een nieuwe situatie, daarom kan de bestaande situatie niet in de feitelijke situatie onderzocht worden.

Wel heeft Goudappel geadviseerd op welke wijze de ontsluitingsweg ingericht zou moeten worden voor een veilige en duurzame verkeersafwikkeling. De zuidelijke ontsluitingsroute dient uitgevoerd te worden als erftoegangsweg met een maximale snelheid van 30 km/u en een minimale breedte van 4,80 meter. Uitgaande van deze rijbaanbreedte, en de beperkte aanwezigheid van functies in de huidige situatie langs de aan te leggen parallelweg, kan de verkeersgeneratie van de woningbouwontwikkeling goed afgewikkeld worden. Dergelijke weg- en omgevingskenmerken resulteren in een maximaal toelaatbare verkeersintensiteit van circa 4.000 mvt per etmaal. De totale verkeersgeneratie van de ontwikkeling van 2.050 mvt per werkdagetmaal blijft ruim onder de grens waarmee een veilige en duurzame afwikkeling gewaarborgd is. Integrale afweging Op basis van bovenstaande kwantitatieve resultaten zijn alle ontsluitingsvarianten met elkaar vergeleken aan de hand van 5 pijlers, te weten: 1. Verkeersafwikkeling 2. Verkeersveiligheid; 3. Leefbaarheid omgeving; 4. Aanpassingen huidige wegennet; 5. Toekomstbestendigheid. a. Voor de ontsluitingsvariant ‘Woonwijk Schuilingen’ concludeert Goudappel dat het verkeer (met fysieke knip om overbelasting op de Atalanta te voorkomen) in principe afgewikkeld kan worden.

Wel wordt nadrukkelijk opgemerkt dat de leefbaarheid van de bestaande woonwijk onder druk kan komen te staan (wat niet bevorderlijk is) met de toevoeging van de hoeveelheid verkeersbewegingen. b. Voor de ontsluitingsvariant ‘Route Molendijk’ concludeert Goudappel dat grote aanpassingen aan alle wegen noodzakelijk zijn. Zoals net opgemerkt voldoen de bestaande wegen niet aan de minimale voorwaarden voor een veilige en duurzame verkeersafwikkeling. Bovendien dient een volledig nieuwe weg aangelegd te worden. Aanpassingen aan de Molendijk zijn ingewikkeld omdat de weg op een dijk ligt. Deze ontsluitingsvariant ligt binnen de scope van het project niet voor de hand. c.

6/16

Voor de ‘Zuidelijke ontsluitingsroute’ concludeert Goudappel dat toekomstige bewoners gebruik maken van dezelfde hoofdwegen als de bewoners van de wijk Schuilingen. Geconcludeerd is dat de rotonde (N217) onvoldoende capaciteit had voor een goede afwikkeling wanneer ook fase 2 van ’sGravendeel West gerealiseerd zou worden. Voor een goede verkeersafwikkeling dient de rotonde (N217) aangepast te worden (dat is inmiddels gebeurd). Er dient een nieuwe weg aangelegd te worden met een veilige aansluiting op de bestaande Boezembaan. Het verkeer takt snel aan op het

plangebied en rijdt niet door de wijk Schuilingen. De impact op de leefbaarheid binnen Schuilingen is daarom zeer gering. Voor alle varianten, ook rekening houdend met fase 2, zouden aanpassingen of aan het wegennet noodzakelijk zijn. Dit heeft hoofdzakelijk betrekking de noodzakelijke upgrade van de rotonde op de N217 (wat inmiddels gebeurd is). Dit gold zowel voor de autonome situatie zonder ’s-Gravendeel West als voor de verkeerssituatie met ’s-Gravendeel West. Op basis van een afweging (grond eigendom, planologische mogelijkheden, financiële gevolgen) is gebleken dat de ontsluitingsvarianten ‘Route woonwijk Schuilingen’ en ‘Zuidelijke ontsluitingsroute’ de beste opties zouden zijn. Wel merkt Goudappel op dat de route via de woonwijk Schuilingen alleen mogelijk is met het aanbrengen van een knip om daarmee de Atalanta te ontlasten en voorzieningen te treffen ter hoogte van de speeltuin i.v.m. de verkeersveiligheid en spelende kinderen. Het onderzoek heeft geleid tot onderstaande matrix.

a. De negatieve kanten van de ontsluitingsvariant ‘Woonwijk Schuilingen’ zitten met name op de leefbaarheid en de toekomstbestendigheid. Positieve kanten zijn de verkeersafwikkeling en verkeersveiligheid. b. De negatieve kanten van de ‘Zuidelijke ontsluitingsroute’ zitten met name op de planologische mogelijkheden en de financiële gevolgen. Positieve kanten zijn de verkeersafwikkeling, de verkeersveiligheid, de leefbaarheid en de toekomstbestendigheid. Op basis van de analyse van Goudappel hebben de gemeente en de initiatiefnemer nader gesprekken met elkaar gevoerd en gekeken naar de feitelijke mogelijkheden. Gezamenlijk is geconcludeerd dat de negatieve effecten op te vangen zijn binnen de ontwikkeling. Hierbij is concreter ingezoomd op de mogelijkheden voor een ontsluiting via de Immanuëlhof. De gemeente was en is als eigenaar deze gronden ten zuiden van het plangebied bereid ter plaatse te voorzien in een planologische wijziging. Deze planologische wijziging is meegenomen in het gepubliceerde ontwerpbestemmingsplan en in de op 21 september 2021 verleende vergunning ‘Boezemhof ‘s- Gravendeel’ (voor 6 twee-onder-één kapwoningen). Voor de volledigheid merken wij op dat de bewoners van deze woningen op de hoogte waren van de ontwikkeling van ’s-Gravendeel West en dat er een grote kans bestond dat de ontsluiting van ‘s- Gravendeel West via het Immanuëlhof zou gaan verlopen.

In de toelichting bij deze verleende omgevingsvergunning is de aantakking van het Polderlint op de Boezemhof ook visueel weergegeven. Ten slotte gold bij de verkoop van deze 6 woningen een informatieplicht om aspirant kopers hier op te wijzen. De initiatiefnemer heeft zich daarnaast bereid getoond om de kosten voor de aanleg van de nieuwe ontsluitingsweg via het Immanuëlhof te dragen. Op deze manier zijn de twee negatieve gevolgen van een ontsluiting via de zuidzijde van het plangebied weggenomen. De negatieve aspecten van de ontsluitingsvariant ‘Woonwijk Schuilingen’ zijn moeilijk weg te nemen. De extra verkeersbewegingen in de wijk zorgen ontegenzeggelijk voor een aantasting van de leefbaarheid. Bovendien heeft de wijk zich in participatiesessies in de vorm van een klankbordgroep duidelijk uitgesproken over een ontsluiting via de bestaande woonwijk. Deze optie werd door de huidige bewoners als zeer negatief 7/16

en onwenselijk ervaren. Alles bij elkaar opgeteld concluderen wij dat een zuidelijke ontsluitingsvariant de meest gewenste en beste ontsluitingsvariant is. Deze conclusie is op basis van een integrale afweging tot stand gekomen, rekening houdend met de ruimtelijk, financiële als ook maatschappelijke gevolgen. 2. Verkeerskundig onderzoek ‘s-Gravendeel West (Megaborn, juni 2020); Na oplevering van het rapport door Goudappel is het plangebied Immanuëlhof nader uitgewerkt. Inmiddels zijn de woningen grotendeels gebouwd en opgeleverd. Tijdens het onderzoek van Goudappel was deze feitelijke uitwerking nog niet bekend. Als gevolg hiervan is in 2018/2019 nog geen volledige verkeersveiligheid en leefbaarheidstoets uitgevoerd voor de nieuwe woonwijk Immanuëlhof indien de zuidelijke ontsluitingsroute via de Boezemhof zou verlopen. Omdat sprake was van een nieuwe situatie is door verkeerskundig adviesbureau Megaborn (onafhankelijk) advies uitgebracht over de gevolgen van deze zuidelijke ontsluitingsroute (Boezemhof-Boezembaan) voor het Immanuëlhof. Gekeken is naar de aspecten bereikbaarheid, verkeersveiligheid en leefbaarheid. Hierbij is ook wederom gekeken naar de ontsluitingsvarianten via woonwijk Schuilingen. Dit om wederom een goede belangenafweging te kunnen maken tussen beide ontsluitingsvarianten op basis van de nieuwe werkelijkheid.

Bereikbaarheid: Op het aspect bereikbaarheid ontstaan voor beide varianten geen knelpunten. Wel adviseert Megaborn om een extra verkeersontsluiting in geval van calamiteiten mogelijk te maken. Deze zou volgens Megaborn gerealiseerd kunnen worden op de Atalanta en normaal dienen als fietsroute. Dit advies is overgenomen in de planvorming. Verkeersveiligheid: Op het aspect verkeersveiligheid scoort de route via de woonwijk Schuilingen minder goed dan via Immanuëlhof. Dit wordt vooral verklaard door de aanwezigheid van een speeltuin nabij de Atalanta. Daarnaast is de route via Schuilingen langer dan de route via Immanuëlhof, waardoor de kans op een gevaarlijke situatie ook groter is. Leefbaarheid: Op het aspect leefbaarheid scoort de variant met een verkeersontsluiting via Immanuëlhof beduidend beter dan de variant met een verkeersontsluiting via Immanuëlhof én de woonwijk Schuilingen. In totaal ondervinden bewoners van 79 woningen dan meer overlast. Uit de beoordeling van beide varianten op de aspecten bereikbaarheid, verkeersveiligheid en leefbaarheid blijkt dat de variant waarbij ’s-Gravendeel West uitsluitend wordt ontsloten via Immanuëlhof over het algemeen beter scoort dan de variant waarbij s-Gravendeel West ook wordt ontsloten via de woonwijk Schuilingen. De lengte van de ontsluitingsroute speelt hierbij een doorslaggevende rol.

Een langere route resulteert direct in een slechtere bereikbaarheid (meer zijstraten van rechts), meer kans op verkeeronveilige situaties (meer kruisingen) en meer bewoners die verkeersoverlast ervaren. Nadeel van een verkeersontsluiting vanuit slechts één richting is wel dat in geval van calamiteiten er geen andere uitgang is. Dit nadeel wordt opgevangen met een calamiteitenroute via de Atalanta, die in een normale situatie zal gaan dienen als fietspad. 3. Verkeerkundig onderzoek woningbouw ’s-Gravendeel West (Goudappel, april 2021) Op basis van de zojuist opgesomde belangenafwegingen is gekozen om in het ontwerpbestemmingsplan een zuidelijke ontsluitingsroute via Immanuëlhof op te nemen. Bij het ontwerpbestemmingsplan zit het onderzoek van Goudappel van april 2021 waar gekeken is naar de verkeersgeneratie van het maximale woningbouwprogramma + de verkeersgeneratie van Immanuëlhof. Dit onderzoek toont aan dat de maximaal verwachte verkeersgeneratie (conform CROW-normen) verwerkt kan worden op het omliggende wegennet. Wel is de voorwaarde meegegeven dat de ontsluitingsweg (conform richtlijn ASVV 2012) een minimale breedte moet krijgen van 4,80 meter. Het ontwerpbestemmingsplan, meer specifiek de verkeersbestemming, is zo vormgegeven dat voldaan kan worden aan deze minimale eis. 4.

Aanvullende memo verkeersonderzoek ’s-Gravendeel West (Goudappel, januari 2023) Het onderzoek van Goudappel (d.d. april 2021) is theoretisch en fictief van aard omdat op dat moment het Immanuëhof nog niet volledig was aangelegd. Ten tijde van de vaststelling van het bestemmingsplan is het eerste deel van de weg (tot en met de ‘knik’ ter hoogte van De Welhof) aangelegd. Op basis van de feitelijke situatie is beoordeeld of deze nieuw aangelegde weg past binnen de gestelde kaders van het verkeerskundig onderzoek uit april 2021 en dat daarmee nog steeds een passende en verkeersveilige ontsluiting ontstaat. 8/16

Op basis van de uitvoering van de Boezemhof concludeert Goudappel dat de maximaal wenselijke verkeersintensiteit 2.700 motorvoertuigen per etmaal bedraagt. De berekende toekomstige verkeersintensiteit van ’s-Gravendeel West fase 1 (1.450 motorvoertuigen per etmaal) past ruimschoots binnen dit maximum. Indien ook fase 2 tot uitvoering komt bedraagt de maximale verkeersintensiteit 2.180 motorvoertuigen per etmaal. In beide gevallen blijft er nog voldoende restcapaciteit en is er sprake van een passende en veilige verkeersafwikkeling.

3.2 Samenvatting en reactie op zienswijze van indiener 1 9/16

Samenvatting zienswijze De zienswijze heeft betrekking op de volgende onderdelen van het ontwerpbestemmingsplan, te weten: de ontsluiting via de Boezemhof. A. Ontsluiting Indiener is het niet eens met de opzet om het gehele plangebied (en de verwachte 1.450 motorvoertuigbewegingen) via de Boezemhof te ontsluiten. Indiener stelt dat de weg al onveilig is en er bovendien veel functies (speeltuin, parkje, afvalinzameling, stichting Welhof) aan de weg liggen. Het onderzoek van Goudappel gaat hier naar oordeel van indiener aan voorbij. Indiener heeft de volgende vragen/voorstellen: 1. Indiener stelt voor om te onderzoeken of de hoofdontsluiting volledig en direct kan plaatsvinden op de rotonde van de Maasdamseweg via aansluiting op de parallelweg. 2. Indiener stelt voor het ‘Polderlint’ vanaf Boezemhof 20 als éénrichtingsweg in te richten en bij de aansluiting van de Wetering een uitrit te realiseren. Dit heeft ook gevolgen voor de huidige fietsontsluitingen. Dit resulteert gezamenlijk in een betere spreiding van verkeersstromen. 3. Indiener stelt voor dat de nieuwe bewoners van de huizen nabij Atalanta via de beoogde calamiteitendoorgang de wijk en hun woning kunnen bereiken. Deze weg zou doodlopend uitgevoerd kunnen worden met bijvoorbeeld een beweegbare paal.

Indiener sluit af met de stelling dat het aansluiten van de gehele nieuwe woonwijk op enkel de Boezemhof onverantwoord is en dat de gegeven voorstellen voor een verbetering zullen zorgen. Reactie College Het college heeft in samenwerking met de initiatiefnemers en mobiliteit adviesbureau Goudappel de beoogde ontsluiting nogmaals beoordeeld. Hierbij is ook rekening gehouden met de algemene kennis van het CROW. Het CROW is een Nederlandse stichting die kencijfers en onderzoeken opstelt voor o.a. infrastructuur, verkeersafwikkeling en het gebruik van openbaar ruimte. Op basis van de rekentool ‘Wegenscan’ van Goudappel is vastgesteld dat de toekomstige ontsluitingsweg, inclusief het gedeelte dat al gerealiseerd is voor Immanuëlhof/Boezemhof, een maximale gewenste verkeerscapaciteit heeft van 2.700 mvt/etmaal. Dit aantal dient overigens niet verward te worden met de maximale 4.000 mvt/etmaal die op basis van de wegspecificaties maximaal mogelijk zijn op de toekomstige ontsluitingsweg, zoals onderbouwd in bijlage 8 behorende bij het ontwerpbestemmingsplan. Tot de grens van 2.700 mvt/etmaal kan de weg duurzaam en veilig gebruikt worden conform de ‘Duurzaam Veilig’ en de relevante CROW-ontwerpprincipes, die de gemeente hanteert.

Goudappel heeft berekend dat de verkeersgeneratie op de ontsluitingsweg (inclusief het Immanuëlhof, het Boezemhof en ‘s Gravendeel West – Fase II)) maximaal 2.180 mvt/etmaal zal bedragen. Dat betekent dat de maximale toekomstige verkeersgeneratie ruim onder de veilig en duurzame grens van 2.700 mvt/etmaal zal liggen. Op basis van de kennis van het CROW en Goudappel concluderen wij dat in de toekomstige situatie sprake is van een duurzaam en veilige ontsluitingsweg.

De voorstellen van de indiener beoordeelden wij. Ten aanzien van de gedane voorstellen de volgende reactie: 10/16

1. Een direct ontsluiting op de rotonde van de Maasdamseweg via aansluiting op de parallelweg is niet wenselijk. In voorbereiding op de woningbouwontwikkeling heeft Goudappel in 2018/2019 een verkeersstudie uitgevoerd. Naast de ontsluitingsvarianten die zijn opgenomen in de rapportage (waar in paragraaf 3.1 reeds naar is verwezen) zijn ook een aantal sub varianten beoordeeld. Onder deze sub varianten behoort ook de directe aansluiting van de parallelweg op de rotonde N217. Deze variant is onmogelijk gebleken omdat de provincie (de wegbeheerder) hier niet voor open stond. Een extra aansluiting op deze (inmiddels nieuwe) rotonde werd door de provincie vanuit verkeersveiligheid en verkeersdoorstroming onwenselijk geacht. Daarnaast heeft de parallelweg ook een belangrijke functie als fietsroute. Het toevoegen van zoveel extra verkeersbewegingen in combinatie met een fietsroute wordt niet wenselijk geacht. a. Naast een directe aansluiting op de rotonde van de N217 is ook gekeken naar een ontsluitingsvariant waarbij ‘s- Gravendeel West ontsloten zou worden via parallelweg met een aansluiting op het kruispunt Maasdamseweg-Boezembaan. Ook deze sub variant bleek verkeersonveilig en niet toereikend omdat het ontbreekt aan voldoende opstelruimte, zowel vanaf de parallelweg tot de Maasdamseweg als vervolgens richting de rotonde.

Dit effect wordt versterkt door het feit dat de Maasdamseweg een voorrangsweg is ten opzichte van de parallelweg. Het gevolg hiervan is dat de verkeersafwikkeling vanuit ‘s- Gravendeel-West te traag verloopt en er onacceptabele filevorming ontstaat. Vanuit verkeersveiligheid maar ook zeker voor de bereikbaarheid van de nieuwe wijk voor hulpdiensten is deze ontsluitingsvariant niet mogelijk gebleken. 2. De variant van indiener is door de gemeente en Goudappel beoordeeld. Alhoewel deze variant verkeerskundig goed uitvoerbaar is, zijn wij van mening dat deze aanpassing geen recht doet aan het uitgebreide participatietraject en de afspraken met de klankbordgroep. Ontsluiting via alleen de zuidzijde is (zoals beoordeeld door Goudappel) verkeerskundig ook goed uitvoerbaar. Wij hechten er veel waarde aan om een betrouwbare partner te zijn in ruimtelijke ontwikkelingen en participatietrajecten, zowel voor initiatiefnemer als inwoners. Op basis van deze belangenafweging alsmede de voortgang van een maatschappelijk belangrijk woningbouwproject voeren wij de voorgestelde aanpassing niet door. 3. Zoals in paragraaf 3.1 toegelicht is de calamiteitsroute via de Atalanta alleen in noodsituaties gewenst. Vanwege de impact op de leefbaarheid van de wijk is het niet gewenst dat deze route een permanente functie heeft voor motorvoertuigen van en naar ‘s- Gravendeel West.

Conclusie Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van het bestemmingsplan met de toevoeging van de onderzoek van Goudappel uit 2019 aan het vast te stellen bestemmingsplan.

3.3 Samenvatting en reactie op zienswijze van indiener 2 (zienswijzebrief nummer 4) 11/16

Samenvatting zienswijze De zienswijze van indiener nummer 2 heeft betrekking op de volgende onderdelen van het ontwerpbestemmingsplan, te weten: de ontsluiting via de Boezemhof/Welhof. A. Ontsluiting Indiener is het niet eens met de opzet om het gehele plangebied via de Boezemhof te ontsluiten en draagt hiervoor de volgende argumenten aan: 1. De Boezemhof heeft een kleine as-verlegging en twee haakse bochten op korte afstand. Ontsluiting van motorverkeer in combinatie met het aanwezige fietsverkeer is onveilig en zal resulteren in verkeersongelukken. 2. De beoogde ontsluiting heeft een negatieve invloed op de woongroep Gemiva alwaar mensen met een verstandelijke beperking wonen. Het parkje waar ze veelal gebruik van maken – gaat door de aanleg van de ontsluitingsweg verloren. Ook door de bomenkap die hiervoor moet plaatsvinden. 3. Het doortrekken van de bestaande weg de Wetering is een beter alternatief dat voor minder ongelukken zal zorgen. Reactie College 1. De Boezemhof bevat inderdaad enkele bochten. Door de breedte van het wegvak blijft het mogelijk voor voertuigen om elkaar te passeren en kunnen ook fietsers en gemotoriseerd verkeer elkaar passeren. Wel is het zo dat voertuigen bij het maken van de bochten soms kort gebruikmaken van de andere weghelft. Gezien de toekomstige verkeersintensiteiten heeft dit geen negatief effect op de verkeersveiligheid.

In de bijlagen bij deze Nota Zienswijzen zijn een viertal rijcurves toegevoegd, die zijn gemaakt met een solo-vrachtwagen van 10,40 meter. Doorgaans zal een dergelijk groot voertuig een woongebied niet bezoeken. Dit voertuig kan binnen de beschikbare ruimtes de manoeuvres maken. Daarmee is er voor kleinere voertuigen ook afdoende ruimte beschikbaar. 2. Voor de realisatie van de zuidelijke ontsluiting zullen een aantal bomen gekapt moeten worden, hiervoor zal zo nodig separaat een vergunning aangevraagd moeten worden conform het gemeentelijke beleid. Naar onze mening blijven er voldoende bomen staan om te spreken van een robuuste groenstructuur. Het aantal bomen dat kan blijven staan is bovendien toegenomen vanwege de aanpassing aan het wegtracé vanwege de zienswijze van Humanitas. Bovendien wordt het groen dat verloren gaat ruimschoots gecompenseerd binnen de gehele gebiedsontwikkeling. Ten slotte is overleg gevoerd met Hoeksche Waard Landschap (HWL). Samen met HWL onderzoeken we hoe we de groenstructuur van de wijk kunnen optimaliseren. 3. Voor de beantwoording wordt verwezen naar paragraaf 3.1 van deze Nota Zienswijzen. Conclusie Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.

3.5 Samenvatting en reactie op zienswijze van indieners 3, 4 en 5 (zijn identiek aan elkaar zienswijzebrieven nummers 5, 6 en 7)) 12/16

Samenvatting zienswijze De zienswijze van indieners 3, 4 en 5 heeft betrekking op de volgende onderdelen van het ontwerp bestemmingsplan, te weten: de ontsluiting via de Boezemhof/Welhof. De zienswijzen zijn identiek aan elkaar, daarom worden ze gezamenlijk behandeld. A. Ontsluiting Indiener is het niet eens met de opzet om het gehele plangebied via de Boezemhof te ontsluiten. Indiener stelt dat de bestaande weg al onveilig is en er bovendien veel functies (speeltuin, parkje, afvalinzameling, stichting Welhof) aan de weg liggen. Het onderzoek van Goudappel gaat hier naar oordeel van indiener aan voorbij en is bovendien niet volledig waar het de afweging tussen alternatieve ontsluitingsvarianten betreft. Indiener heeft de volgende argumenten: 1. Indiener vraagt waarom alternatieve ontsluitingsstructuren (bijvoorbeeld via de bestaande woonwijk of de Molendijk) niet mogelijk worden gemaakt met het bestemmingsplan. Indiener stelt dat in het verslag van de Klankbordgroep (d.d. juni 2019) aangegeven wordt dat een gespreide ontsluiting via de Atlanta, Wetering en Boezembaan in principe zou volstaan. Waarom hier niet voor gekozen is, wordt volgens indiener niet onderbouwd. 2. Het kiezen voor één volledige ontsluiting via de Boezemhof is bovendien in strijd met de ruimtelijke onderbouwing welke ten grondslag heeft gelegen aan de Boezemhof (NL.IMRO.1963.OVboezemhofSGD21-VG01).

De keuzes welke gemaakt zijn voor de realisatie van de Boezemhof staan haaks op de keuzes die nu gemaakt worden. Indieners wensen dan ook dat de uiteindelijke ontsluitingsstructuur aangepast wordt voorafgaand aan de vaststelling van het bestemmingsplan. Reactie College 1. Voor de beantwoording wordt verwezen naar paragraaf 3.1 van deze nota beantwoording zienswijzen. 2. De gemeente moet per project en ruimtelijke ontwikkeling keuzes maken, gebaseerd op ruimtelijke en maatschappelijke argumenten. Voortschrijdend inzicht speelt hier een grote rol in. De omgevingsvergunning waar de indieners naar verwijzen is in 2021 uitgegeven en maakt de realisatie van 6 halfvrijstaande woningen mogelijk. Voor deze ontwikkeling is een uitgebreide procedure doorlopen omdat het bestemmingsplan ‘Immanuëlhof’, zoals vastgesteld in 2016, de ontwikkeling niet direct toestond. Op basis van nieuwe ideeën en ontwikkelingen (bij zorgcomplex ‘De Welhof’) is hier ook een nieuwe afweging gemaakt op basis van voortschrijdend inzicht. Het college meent dat op basis van de nieuwe ruimtelijke onderbouwing sprake is van een goede ruimtelijke ordening ten aanzien van de ontsluiting, dit geldt zowel voor de toekomstige als bestaande woningen.

Ten slotte wordt opgemerkt dat de verleende omgevingsvergunning de ontsluitingsvariant niet onmogelijk maakt, de weg is zelfs rechtstreeks toegestaan binnen het (nog steeds) geldende bestemmingsplan ‘Immanuëlhof’. Conclusie Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.

4. Ambtshalve wijzigingen bestemmingsplan ten opzichte van ontwerpbestemmingsplan 13/16

Inleiding Na het ter visie leggen van het ontwerpbestemmingsplan zijn er ambtshalve nog enkele zaken waarvan het gewenst is deze aan te passen. Een opsomming van deze onderdelen is hierna opgenomen. Verbeelding 1. De verbeelding is ter plaatse van de zuidelijk ontsluitingsweg minimaal gewijzigd. Deze wijziging is noodzakelijk zodat het definitieve tracé van de weg binnen het plangebied valt. De wijziging is doorgevoerd naar aanleiding van een ingetrokken zienswijze, derhalve is deze aanpassing als ambtshalve wijziging opgenomen; 2. Na de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan vonden overleggen plaats tussen initiatiefnemer en het Waterschap Hollandse Delta over de waterhuishouding in en rondom de nieuwe woonwijk. Op basis van deze overleggen is het waterhuishoudkundig plan voor de nieuwe woonwijk verder uitgewerkt. Nu er duidelijkheid is over het waterhuishoudkundige plan is de verbeelding hierop aangepast. Het betreffen ondergeschikte wijzigingen van de bestemming 'Water' naar 'Groen' en vice versa in de groen/waterstructuur ten zuidwesten van de bestaande weg Atlanta. Regels 1. Tussen het ontwerpbestemmingsplan en het vast te stellen bestemmingsplan is het stikstofonderzoek voorzien van een update. Als gevolg van deze update bleek het noodzakelijk om in de regels een bepaling op te nemen waarmee (sfeer)haarden uitgesloten worden.

Door deze aanpassing is geborgd dat de woningen volledig stikstofvrij zijn in de gebruiksfase. De regel is toegevoegd als artikel 7.3.4.; 2. In het ontwerp bestemmingsplan is voor de rug aan rug woningen een goothoogte van 6 meter opgenomen. In het bouwplan is een hogere goothoogte opgenomen. Om die reden passen wij in artikel 7.2.1 van de regels de goothoogte voor de rug aan rugwoningen aan naar 7 meter; 3. Wij nemen een afwijkingsbevoegdheid op waardoor een maximale goothoogte van 7,5 meter – onder voorwaarden – is toegestaan. Zie tekstvoorstel hieronder (vetgedrukt) 7.5

Afwijken van de bouwregels

7.5.1 Goothoogte rug aan rug woningen Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 7.2.1 en een maximale goothoogte van 7,5 meter toestaan voor rug aan rug woningen, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: 1. het straat- en bebouwingsbeeld; 2. de woonsituatie; 3. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. 4. Wij voegen de volgende begrippen tot aan artikel 1 (vetgedrukt): Artikel 1 Begrippen 1. Achtererfgebied erf achter de lijn die het hoofdgebouw doorkruist op 1 m achter de voorkant en van daaruit evenwijdig loopt met het aangrenzend openbaar toegankelijk gebied, zonder het hoofdgebouw opnieuw te doorkruisen of in het erf achter het hoofdgebouw te komen; 2. Bebouwingsgebied 14/16

achtererfgebied alsmede de grond onder het hoofdgebouw, uitgezonderd de grond onder het oorspronkelijk hoofdgebouw; 5. In artikel 7 nemen wij een maximale oppervlakte op voor aan aan-en uitbouwen en bijgebouwen, zie aanvulling in tekstvoorstel hieronder (artikel 7.2.2 lid a onder 6 (vetgedrukt)): Artikel 7 Woongebied 7.2.2 Aan- en uitbouwen en bijgebouwen a. met uitzondering van rug aan rug woningen zijn bij iedere woning aan- en uitbouwen en bijgebouwen toegestaan, mits: 1. deze ten minste 1 meter achter (het verlengde van) de voorgevel worden gebouwd, met dien verstande dat aan- en uitbouwen voor de voorgevel zijn toegestaan met inachtneming van het bepaalde onder b en c; 2. de situering en de afmetingen van aan- en uitbouwen voldoen aan de volgende eisen:

Woningtype Maximale

Maximale

goothoogte voor- goothoogte

Minimale afstand tot Minimale afstand tot voorste

zijdelingse

en zijgevel (m)

achtergevel (m) perceelsgrens (m)

perceelsgrens (m)

Vrijstaand

3,5

6,5

2,5

1,5

Twee-

3,5

6,5

2,5

1,5

Geschakeld 3,5

6,5

2,0

1,0

aaneen

3. in aanvulling op de tabel onder 2 geldt dat de goothoogte van aan- en uitbouwen niet meer mag bedragen dan 40 cm boven de daarop aansluitende verdiepingsvloer. 4. de bouwhoogte van aan- en uitbouwen niet meer bedraagt dan de bouwhoogte van het hoofdgebouw waar deze tegenaan worden gebouwd; 5. de goothoogte voor vrijstaande bijgebouwen niet meer bedraagt dan 3 m en de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 5 m; 6. de oppervlakte van aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen niet meer bedraagt dan 50 % van het bebouwingsgebied met een maximum van 65 m².

Toelichting 1 Paragraaf 4.4: Tussen de publicatie van het ontwerpbestemmingsplan en de vaststelling van het bestemmingsplan zijn er veel ontwikkelingen geweest op het gebied van stikstof. Zo is de bouwvrijstelling komen te vervallen en is de Aerius-calculator geüpdatet. Voorafgaand aan de vaststelling zijn zowel de paragraaf als de berekening geactualiseerd conform de geldende wet- en regelgeving. 15/16

2 3

4

Paragraaf 4.5: vanwege de beperkte aanpassing van de zuidelijke ontsluiting is het akoestisch onderzoek voorzien van een update. Uit deze aanvullende analyse blijken geen akoestische belemmeringen. Het nieuwe onderzoek en de conclusies zijn verwerkt in de toelichting. Tussen ontwerp en vaststelling zijn enkele beleidsdocumenten van verschillende overheden geactualiseerd. Deze aanpassingen hebben geen gevolgen voor de vaststelling van het bestemmingsplan, voor de volledigheid zijn de paragrafen en vaststellingsdata van deze beleidsstukken doorgevoerd in de toelichting. Enkele ondergeschikte typ- en spelfouten zijn hersteld.

Bijlagen 1 Bijlage 1: Het beeldkwaliteitsplan is geactualiseerd vanwege de aanpassing van de zuidelijke ontsluitingsweg. 2 Bijlage 3: De geactualiseerde Aerius-berekening is toegevoegd aan de bijlagen. 3 Bijlage 7: Vanwege het aangepaste tracé van de weg is aan de uitvoerend archeoloog gevraagd in hoeverre het rapport nog actueel is. De archeoloog (Lycens B.V.) heef geoordeeld dat aanvullend onderzoek niet noodzakelijk is. Tijdens het booronderzoek is geen archeologische laag aangetroffen waardoor de kans klein is dat er een vindplaats aanwezig is. Het nieuwe tracé ligt vlak naast het oude (nog geen 20 m verderop), waardoor de conclusies uit het booronderzoek kunnen worden doorgetrokken naar het nieuwe tracé. Wel is het rapport voorafgaand aan de vaststelling geüpdatet met deze conclusie. 4 Extra Bijlagen: De verkeersonderzoeken zoals opgesomd onder paragraaf 3.1. van deze Nota Zienswijzen zijn toegevoegd als bijlage.

5. Overzicht wijzigingen bestemmingsplan ten opzichte van ontwerpbestemmingsplan Inleiding Na het ter visie leggen van het ontwerpbestemmingsplan zijn er vanwege zienswijzen enkele zaken waarvan het gewenst is deze aan te passen. Een opsomming van deze onderdelen is hierna opgenomen. Verbeelding Op de verbeelding is de aanduiding ‘openheid’ conform vooroverlegreactie van de provincie Zuid-Holland uitgebreid langs de kreek en (in het verlengde) aan de overzijde van het Polderlint. Regels Ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan zijn er vanwege zienswijzen geen wijzigingen doorgevoerd aan de regels. Toelichting Ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan zijn er vanwege zienswijzen geen wijzigingen doorgevoerd aan de toelichting. Bijlagen Ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan is er vanwege zienswijzen aanvullende verkeersonderzoek toegevoegd.

6. Bijlagen Nota Zienswijzen a. Rijcurves Boezemhof b. Voor de bijlagen zoals benoemd in paragraaf 3.1. van deze Nota Zienswijzen wordt verwezen naar het bestemmingsplan.

16/16

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13477086/1