Nota beantwoording zienswijze
Tekst van het document
Nota beantwoording zienswijzen Leidraad voor ontwikkeling Hoeksche Waard
Maart 2023
Inleiding De concept Leidraad voor ontwikkeling Hoeksche Waard lag van 24 november 2022 tot en met woensdag 4 januari 2023 ter inzage. Wij ontvingen schriftelijke zienswijzen van de Stichting Molens Hoeksche Waard, Hoeksche Waards Landschap, Leidingenstraat Nederland, Midstate en Waterschap Hollandse Delta. In deze memo vatten wij de zienswijzen en geven wij hier een reactie op. Zienswijze Stichting Molens Hoeksche Waard Samenvatting zienswijze De stichting, beheerder van 10 molens in de Hoeksche Waard, mist concrete handvatten voor hoe ‘het windrecht’ te kunnen garanderen. Waarom ontbreken monumentale gebouwen in het afwegingskader (clustering eerste kopje), waar staat: ‘We zetten ons in op het versterken en behouden van karakteristiek landschap en cultuurhistorie (dijken, kreken en open polders)’? Betekent het niet noemen daarvan dat deze geen kans maken op een bijdrage uit het compensatieprogramma, het verzilveren door verevening? Wel wordt genoemd kreekherstel (waarlangs op menige plek in de Hoeksche Waard nog fundamenten zijn te vinden van poldermolens) of andere landschappelijke programma’s, geen monumentale boerderijen of koren- en poldermolens? Dat er op plaatsen waar tot nu toe geen bebouwing is woningen of bedrijfsgebouwen komen, is begrijpelijk.
Mocht zo’n ontwikkeling zich voordoen in de directe omgeving van een van onze molens dan vragen wij u, naast het belang van de molenbiotoop, de gedachte bebouwing en begroeiing, die te laten vormgeven met respect voor het betreffende gebouw, de plaats en de historische omgeving. Reactie college De leidraad is een uitwerking van de Hoeksche Waarden en Hoeksche Werken, zoals deze staan in de Omgevingsvisie Hoeksche Waard. Gezamenlijk vormen de omgevingsvisie en de leidraad de paraplu voor de ontwikkeling van de Hoeksche Waard. De leidraad is een afwegingskader voor het beoordelen van nieuwe ruimtelijke initiatieven met als basis de Hoeksche Waarden en Hoeksche Werken uit de omgevingsvisie. Het afwegingskader is een hulpmiddel en geeft richting aan waar op het schaalniveau van het eiland ontwikkelingen wenselijk zijn en waar niet. Door vanuit verschillende thema’s het totale grondgebied van de Hoeksche Waard als uitgangspunt te nemen, ontstaat er overzicht en samenhang en kunnen afwegingen eiland breed worden gemaakt. De leidraad is geen formeel instrument zoals bedoeld in de Wet Ruimtelijke ordening of de Omgevingswet. Bestaande bestemmingsplannen en hun rechtsbescherming blijven onveranderd van kracht. Zo ook een vastgelegde molenbiotoop.
Terecht maakt de stichting een opmerking over de cultuurhistorische iconen, die ook in de omgevingsvisie worden genoemd zoals Bosman molentjes, molens en (monumentale) boerderijen. Wij passen het thema Landschap en cultuurhistorie in de leidraad zodanig aan zodat recht wordt gedaan aan de borging van de kwaliteiten van deze waardevolle cultuurhistorische iconen in de Hoeksche Waard. Het niet of wel benoemen daarvan heeft overigens geen relatie met het kans maken op een bijdrage uit het compensatieprogramma. Hoe toepassing te geven aan het verzilveren van kansen voor verevening werken wij nog nader uit. Conclusie Naar aanleiding van de zienswijze passen wij de tekst van Thema Landschap en cultuurhistorie aan. Wij voegen de volgende tekst toe: Binnen de Hoeksche Waard komen diverse waardevolle cultuurhistorische iconen voor, zoals Bosman molentjes, molens en (monumentale) boerderijen, die ook bijdragen aan de
herkenbaarheid van de ontstaansgeschiedenis. Bij nieuwe ontwikkelingen moet met deze iconen rekening worden gehouden.
Zienswijze Hoekschewaards Landschap (HWL) Samenvatting zienswijze Algemeen: De gemeente gaat uit van het beoordelingskader Hoeksche Waarden en Hoeksche Werken. Initiatieven worden daaraan getoetst. De Leidraad geeft daarbij aan dat als een initiatief niet past er gekeken wordt hoe het wel passend te maken is. Worden de ruimtelijke waarden en belangen daarmee wel voldoende beschermd en wordt daarmee voldoende gegarandeerd dat niet wordt meegewerkt aan projecten die niet bijdragen aan de kwaliteiten van de Hoeksche Waard? HWL vindt dit te vrijblijvend en ziet liever een aantal landschappelijk-ruimtelijke waarden waar een initiatief in ieder geval aan moet voldoen, of waar geen afbreuk aan gedaan mag worden. Inhoudelijk: HWL mist een duidelijk thema Natuur, Biodiversiteit, Landschap, waardoor deze belangen geen afgebakend afwegingskader vormen. Het thema Natuur en Recreatie gaat vooral over recreatie. In het programmaplan Duurzaamheid geeft de gemeente aan grote ambities te hebben op het gebied van biodiversiteit en landschap, zowel binnen de kernen als in het buitengebied, waar ontwikkelingen aan zouden moeten bijdragen. HWL mist het begrip en de status van Nationaal Landschap en hoe de gemeente daar vorm aan geeft.
Thema werklocaties: HWL vindt het teleurstellend dat de leidraad kennelijk toch weer op een kier zet voor het zoeken naar locaties voor grotere bedrijven als daar behoefte aan is. Een fermere houding om bovenregionale bedrijventerreinen te weren is gewenst. Vanuit het kwaliteitslabel als Nationaal Landschap dienen dit soort bedrijven te worden geweerd. Onduidelijk is wat het toekomstig bestendig maken van werklocaties inhoudt en hoe met bestaande overlast gevende locaties wordt omgegaan. Thema Mobiliteit/Wonen: De gemeente gaat uit van een wens tot groei. De vraag is of die wens breed gedragen wordt. De provincie Zuid-Holland gaat volgens de provinciale Gebiedsverkenning Zuid-Hollandse Delta van juli 2022 uit van bouwen voor eigen behoefte. Bouwen voor bovenregionale behoefte dient niet mogelijk te zijn en staat haaks op de in de leidraad genoemde doelen ter behoud en versterking van de ruimtelijke kwaliteit. Wat betreft mobiliteit en de prioriteit voor fietsen en openbaar vervoer is HWL benieuwd hoe hard dat gegeven is en hoe groot de beleids- en beslismacht van de gemeente is. De gemeente gaat zich sterk maken voor verbreding van de A29 en/of aanleg van de A4-zuid, zonder op de gevolgen hiervan in te gaan. Bovendien is voor een A4-zuid op de middellange termijn geen budget beschikbaar.
Thema duurzaamheid: Het beginsel om nieuwe grootschalige opwek van duurzame energie op locaties aan de randen van de Hoeksche Waard is in lijn met het beleid voor windparken. Omdat er geen nieuwe windparken meer zijn voorzien, geldt dit alleen voor zonneparken. De vraag is of zonneparken langs de zuidrand gewenst zijn. HWL vindt om nu al een standpunt in te nemen voor zonneparken op locaties aan de randen in algemene zin, een stap te ver. Daar moeten nu juist andere kwaliteiten (Hoeksche Oevers, Deltalandschap, Natura 2000-gebieden, NNN-gebieden) prioriteit hebben. Onder versterken van contrasten leest HWL dat dat wordt ingezet op behoud van de kwaliteit van de open polders en deze zijn uitgesloten voor de opwek van grootschalige energie. Voor borging van de ruimtelijke kwaliteit mag dit duidelijker worden verwoord.
Verevening: Het zou een goede zaak zijn vereveningsgelden duidelijk vooraf te oormerken. Een deel van de gelden zou altijd bestemd moeten zijn voor een doelbudget natuur, biodiversiteit en landschap. Alleen zo kunnen gemeentelijke ambities waargemaakt worden en blijft het allemaal niet te vrijblijvend. Ook zou het een goede zaak zijn als verevening in de eerste plaats gebeurt rond de locatie waar een ruimtelijke ingreep plaatsvindt. Het maatschappelijk proces: Door amendementen van de Tweede Kamer is in de Omgevingswet de verplichting verdwenen dat een ontwikkelaar/initiatiefnemer eerst met de omgeving aan de slag gaat alvorens een project definitief in te dienen. Gemeenten zouden faciliterend en raadgevend deelnemen aan dat proces. Nu is het zo dat het kan, niet dat het moet. In de gemeentelijke participatievisie worden ook geen keuzes gemaakt. Het gevaar dreigt dat wat participatie betreft alles zo`n beetje bij het oude blijft en de participant aangewezen zal zijn op procedures die bovendien kortere termijnen kent dan voor de invoering van de Omgevingswet. Of de leidraad participanten houvast geeft is nog maar de vraag, want het is te veel een geheel van weinig concreet uitgewerkte wensen, strevingen, voornemens.
Wat betreft de participatie van de omgeving zag HWL graag een participatieverordening waarin de inbreng van insprekers herkenbaar geborgd is bijvoorbeeld in de vorm van een adviesrecht. Afsluitend: De leidraad is een afwegingskader. Cruciaal is hoe dat gebruikt gaat worden en wie daarover beslist zodat de landschappelijke kwaliteiten van de Hoeksche Waard ook daadwerkelijk behouden en verbeterd zullen worden en dat de gemeente er alles aan zal doen deze bewust mee te koppelen met ruimtelijke ontwikkelingen. Reactie college De leidraad, met het hierin opgenomen afwegingskader, is vooral bedoeld om nieuwe ruimtelijke initiatieven, die niet passen binnen de geldende bestemmingsplannen, te beoordelen op hun bijdrage (meerwaarde) aan de Hoeksche Waarden en Hoeksche Werken, zoals deze staan opgenomen in de omgevingsvisie. Deze beoordeling gebeurt door de zogenoemde intake- en omgevingstafel. De intaketafel beoordeelt de wenselijkheid en kansrijkheid van een initiatief en de omgevingstafel beoordeelt integraal de haalbaarheid van een initiatief. De leidraad is geen kader, dat met allerlei waarborgen is omkleed, zoals een bestemmingsplan of het toekomstige omgevingsplan. Ook de omgevingsvisie is bewust niet kaderstellend. Zonder meer zal voor een nieuwe ontwikkeling via een planprocedure mogelijk moeten worden gemaakt. Aan de bestaande rechtsbescherming wordt niet getornd.
In het toekomstige omgevingsplan zullen regels/kaders worden opgenomen. De onderdelen natuur, landschap en biodiversiteit komen naar onze mening voldoende tot hun recht in de verschillende thema’s in de leidraad. Wij kozen bewust voor deze indeling om tot een integrale beoordeling van alle ontwikkelingen te komen. Iedere ontwikkeling wordt zorgvuldig beoordeeld en daarbij is altijd sprake van een belangenafweging. Het begrip Nationaal Landschap in de vorm van een formele benadering van de Hoeksche Waard hanteren wij niet. Ook in de omgevingsvisie wordt deze term niet meer gehanteerd. Landschap, natuur, rust en ruimte zijn belangrijke Hoeksche Waarden, die zonder meer in acht worden genomen bij de beoordeling van iedere nieuwe ontwikkeling. Er wordt gewaakt voor de juiste balans tussen al deze belangen. In sommige gebieden zien we ruimte voor drukte en in andere gebieden wordt juist de rust gewaarborgd.
Uit de vastgestelde omgevingsvisie blijkt dat we streven naar een vitaal economisch klimaat. Daarbij wordt gericht op bestaande, maar ook nieuwe bedrijvigheid met toegevoegde waarde voor de Hoeksche Waard. Een verbod op vestiging van nieuwe bedrijven of vergroting van bestaande bedrijven in de Hoeksche Waard past niet in de geest van de vastgestelde omgevingsvisie. Voor wat betreft de eventuele vestiging van grootschalige distributiebedrijven hanteren wij geen pro actieve houding en zetten juist in op het vermijden hiervan. Al in de omgevingsvisie wordt gesteld dat voor bedrijven, die te veel vervoerstromen met zich meebrengen of die qua milieucategorie niet inpasbaar zijn, er geen ruimte wordt geboden. In het toekomstige gebiedsdekkende omgevingsplan zullen de nodige regels en waarborgen rondom de eventuele vestiging of uitbreiding worden vastgelegd. In de leidraad wordt gesteld dat bedrijven die overlast veroorzaken of grote milieucontouren hebben gehuisvest zullen worden op afstand van het woonprogramma. Ook hieruit kan echter voortkomen dat er behoefte komt aan nieuwe locaties voor bedrijfsvestigingen. Het klopt dat de gemeente een uitgesproken wens heeft tot groei. Dit is geen nieuw voornemen van deze leidraad. In de omgevingsvisie wordt al vastgesteld dat als we niks doen de Hoeksche Waard vergrijst en ontgroent.
Dit kan leiden tot het verdwijnen van voorzieningen en krapte op de arbeidsmarkt, waardoor vacatures steeds lastiger zijn in te vullen voor werkgevers. Om jonge mensen en gezinnen te binden aan de Hoeksche Waard is het nodig om te investeren in aantrekkelijke woon-, werk- en verblijfsmilieus. Net als de Provincie Zuid Holland geeft de leidraad als een van de beginselen daarbij aan dat clustering van programma in plaats van spreiding (“overal wat”) wordt nagestreefd. Voor wat betreft wonen geldt ook voor de Hoeksche Waarde een jaarlijks vastgesteld woonprogramma dat aanvaard wordt door de Provincie Zuid Holland. Voor dit woonprogramma geldt het uitgangspunt dat voor eigen behoefte kan worden gebouwd bij ieder dorp. Eerst worden de mogelijkheden voor inbreiding en herontwikkeling binnen de kern benut, voordat aan de rand kan worden gebouwd. In de omgevingsvisie worden kansen gezien voor niet autonome groei in een aantal kernen; Oud-Beijerland met StougjesdijkOost; Numansdorp Zuid en ’s Gravendeel-West. Al deze plekken liggen in de nabijheid van de hoofdwegenstructuur. Zonder meer wordt het aspect mobiliteit en bereikbaarheid van de Hoeksche Waard serieus genomen. De eventuele toekomstige aanleg van een A4 Zuid en/of verbreding van de A29 is naar de mening van de gemeente noodzakelijk om de bereikbaarheid van de Hoeksche Waard te verbeteren.
Zodra dit in een concreter plan kan worden gevat, zal nadrukkelijk worden gekeken naar de effecten hiervan en de waarborging van de kwaliteiten en de identiteit van de Hoeksche Waard. Ook op het vlak van duurzaamheid biedt de leidraad in aanvulling op de vastgestelde omgevingsvisie, een verbeterd afwegingskader. Geen verspreiding maar concentratie van het programma op het vlak van grootschalige opwek van duurzame energie. In de leidraad wordt nadrukkelijk gesteld dat het uitnodigingskader voor uitbreiding van zon-op-land, zon-op-water en overige restruimtes, onderwerp zal worden van een integraal participatieproces. De uitkomst hiervan zal van invloed zijn op de locaties voor vestiging van deze voorzieningen. We betrekken dit bij de verdere uitwerking van het beleid. Het zal duidelijk zijn dat ook in de Hoeksche Waard verdere toekomstige investeringen noodzakelijk zijn om stappen te maken in het bereiken van een energieneutrale Hoeksche Waard in 2040, één van de doelstellingen in het programmaplan Duurzaamheid.
Het in de leidraad opgenomen beginsel van verevening zal bij ieder van de in de leidraad benoemde thema’s nader uitgewerkt worden. Daarbij kan het idee van de instelling van een Hoeksche Waards groenfonds een waardevolle suggestie zijn. De opmerkingen rondom participatie betreffen onder meer de keuze van de wetgever om af te stappen van de verplichting van initiatiefnemer om eerst met de omgeving in overleg te treden. Hier kan de gemeente niet van afwijken. In januari 2022 is door de raad een visie op participatie vastgesteld, gevolgd door een participatie verordening en een uitvoeringsprogramma participatie. Hiermee geeft de gemeente al aan het onderwerp participatie serieus op te pakken. Per situatie en afhankelijk van de behoeften wordt bepaald welke participatievorm geschikt is. Wij nemen de afsluitende woorden van de zienswijze, die de oproep bevatten om de landschappelijke kwaliteiten van de Hoeksche Waard in het oog te houden bij ontwikkelingen, ter harte. Conclusie De zienswijze geeft geen aanleiding om de leidraad of de regiekaart aan te passen.
Zienwijze Leidingenstraat Nederland (LSNed) Samenvatting zienswijze LSNed heeft de buisleidingenstraat in eeuwig duerende erfpacht en vraagt als is de wettelijke beheerder de belangen hiervan te borgen door deze op te nemen als belangrijke verbinding tussen Antwerpen/Vlissingen en Rotterdam op de regiekaart en de ruimtelijke interpretatie van de omgevingsvisie. In het kader van duurzaamheid biedt de buisleidingenstraat kansen om de energietransitie te ondersteunen bij transport van energie voor nieuwe en bestaande infrastructuur. Bij mobiliteit kan in het afwegingskader opgenomen worden dat nieuwe vitale hoofdinfrastructuur geclusterd kan worden in de buisleidingenstraat. In het kader van de externe veiligheid wordt gevraagd aandachtsgebieden rondom de buisleidingenstraat op te nemen voor ruimtelijke ontwikkelingen voor wonen en werklocaties. Reactie college De leidraad is geen formeel instrument als bedoeld in de Wet Ruimtelijke ordening of de Omgevingswet zoals bijvoorbeeld een bestemmingsplan. De leidraad is een uitwerking van de Hoeksche Waarden en Hoeksche Werken, zoals deze staan in de omgevingsvisie. Met de leidraad wordt beoogd om de kwaliteiten van de Hoeksche Waard te borgen of te versterken. De leidraad is richtinggevend en er worden geen concrete ontwikkelingen mogelijk gemaakt.
Het in de leidraad opgenomen afwegingskader is gevisualiseerd op een zogenoemde regiekaart en werkt als een praatplaat. De regiekaart maakt inzichtelijk met welke opgaven/kwaliteiten rekening gehouden dient te worden bij nieuwe ontwikkelingen op het eiland. Deze kaart heeft geen juridische betekenis en de aangegeven begrenzingen van gebieden zijn indicatief en niet bedoeld als harde plangrenzen waar wel of geen ontwikkelingen mogen. De belangen en duiding van de aangehaalde buisleidingenstraat in de Hoeksche Waard borgen wij in bestemmingsplannen. Daarnaast zijn de wettelijke kaders en richtlijnen voor nieuwe ontwikkelingen in de omgeving van de buisleidingenstraat onverkort van toepassing. Bij het opstellen van een bestemmingsplan of (na inwerkingtreding van de Omgevingswet) een omgevingsplan, houden wij rekening met (onder andere) buisleidingen en de bijbehorende belemmeringenstrook.
Conclusie De zienswijze geeft geen aanleiding om de leidraad en of de regiekaart aan te passen.
Zienswijze Den Hollander Advocaten namens Midstate Samenvatting zienswijze Midstate is de ontwikkelaar van de woningbouwlocaties in de Torensteepolder in Numansdorp en ook eigenaresse van de gronden in de Molenpolder. Voor de Molenpolder wordt momenteel een nieuw bestemmingsplan met verbrede reikwijdte voorbereid. De planvorming voor de Molenpolder vormt de directe aanleiding voor de zienswijze. In de concept leidraad komt de Molenpolder niet voor. De locatie wordt althans niet met zoveel woorden in de tekst genoemd en komt ook niet voor op één van de kaarten in het concept. De andere 2 locaties voor meer grootschalige uitbreidingslocaties, de Stougjesdijk in OudBeijerland en het westelijk deel van ’s Gravendeel, staan evenmin in de tekst, maar worden wel aangeduid op de kaart met de titel “Dorpse Trots”. De Molenpolder ontbreekt op deze kaart. Dat is merkwaardig, omdat de 3 uitbreidingslocaties zich in een min of meer vergelijkbaar stadium van voorbereiding bevinden. In ieder geval is het zo dat voor de locatie in Oud-Beijerland nog geen bestemmingsplan is vervaardigd. Midstate verzoekt daarom ook de Molenpolder als uitbreidingslocatie toe te voegen. Midstate heeft bezwaren tegen de kaart op bladzijde 32 waarop de Molenpolder ook ontbreekt terwijl de locaties ten westen van ’s-Gravendeel en de locatie bij de Stougjesdijk in Oud-Beijerland wel op de kaart staan.
Ook begrijpt Midstate niet dat bij Numansdorp oostelijk van het dorp de aanduiding voor uitbreiding is ingetekend en is niet duidelijk hoe deze keuze tot stand gekomen is omdat het niet zo is dat het oostelijk deel van Numansdorp als uitbreidingslocatie in de omgevingsvisie is opgenomen. Het lijkt er op dat de aanduiding afkomstig is uit het concept Ontwikkelbeeld Numansdorp. Volgens het kaartmateriaal van het ontwikkelbeeld staat het oostelijk deel van Numansdorp ook niet als uitbreidingslocatie opgenomen, maar uit de tekst volgt dat wel (blz. 21). Midstate stelt vast dat in de concept-leidraad in diverse paragrafen juist weer wel rekening wordt gehouden met bebouwing van de Molenpolder. Zo past de Molenpolder in het principe van clustering van nieuwe woningen en in het vereiste dat nieuwe uitbreidingslocaties goed bereikbaar moeten zijn en in de nabijheid van de best bereikbare plekken zijn gelegen. Bovendien voorzien de plannen voor de Molenpolder in een goede ontsluiting en bereikbaarheid, een van de principes waaraan een nieuwe woningbouwlocatie in de Hoeksche Waard moet voldoen. Midstate verzoekt de tegenstrijdigheden weg te nemen en tekst en op de kaarten nieuwe uitleglocaties consequent aan te duiden. De leidraad mag de Molenpolder niet blokkeren en dat andere locaties dat ook niet doen.
Vooral de huidige kaart op bladzijde 32 van het concept kan er gemakkelijk toe leiden dat bijvoorbeeld op provinciaal niveau de Molenpolder geblokkeerd blijft en het oostelijk deel van Numansdorp wél mag worden bebouwd. Reactie college De leidraad is niet bedoeld als een actualisatie van de omgevingsvisie en ligt in de lijn van de vastgestelde omgevingsvisie. Gezamenlijk vormen de omgevingsvisie en de leidraad de paraplu voor de ontwikkeling van de Hoeksche Waard. De gemeente heeft bewust gekozen om de omgevingsvisie niet kaderstellend te maken. De omgevingsvisie is een uitnodiging aan de samenleving en initiatiefnemers om bij te dragen aan
de Hoeksche Waard. Het gaat daarbij om een gewenste koers. Met de Hoeksche Waarden zijn de belangrijkste omgevingskwaliteiten benoemd. De leidraad is een uitwerking van de Hoeksche Waarden en Hoeksche Werken, zoals deze staan benoemd in de vastgestelde omgevingsvisie. De leidraad is geen formeel instrument als bedoeld in de Wet ruimtelijke ordening of de Omgevingswet. De leidraad bevat een afwegingskader voor de beoordeling van nieuwe ruimtelijke initiatieven waarmee wij beogen de kwaliteiten van de Hoeksche Waard te versterken en te borgen. De in de omgevingsvisie benoemde Hoeksche Waarden zoals de gebieden aangeduid met Dorpse Trots worden dan ook met deze leidraad onaangetast gelaten. Een eventuele bijstelling van de begrenzing van de gebieden, aangeduid als Dorpse Trots, zal moeten worden bezien bij een eventuele toekomstige actualisatie van de omgevingsvisie. De in de leidraad opgenomen regiekaart werkt als een praatplaat. Als een initiatief niet aansluit bij de regiekaart dan betekent dat niet dat het initiatief geen doorgang kan vinden. Het is de start van het gesprek over, of en hoe, een initiatief wel kan bijdragen aan de beoogde kwaliteiten en waarden van het gebied. De regiekaart maakt inzichtelijk met welke opgaven/kwaliteiten rekening gehouden dient te worden bij nieuwe ontwikkelingen op het eiland. De kaart heeft geen juridische betekenis.
De aangegeven begrenzingen zijn indicatief en ook niet bedoeld als harde plangrenzen waar wel of geen ontwikkelingen mogen. Dit geldt eveneens voor alle kaarten, die als bijlage zijn gevoegd bij het concept. Daarom wordt bij de bijlagen ook vermeld dat dit een ruimtelijke interpretatie is van de Omgevingsvisie Hoeksche Waard. De tekening op blz. 32 van het concept van de leidraad geeft echter door zijn globaliteit ruimte voor meerdere uitleg. Deze tekening zal zodanig worden aangepast dat de duiding van de dorpen Oud-Beijerland, ’s-Gravendeel en Numansdorp als dorpen, waar de toekomstige woningbouwopgave grootschaliger is bedacht, eenduidig wordt. De leidraad staat verder op zichzelf en is niet bedoeld als een voorloper of aanvulling op het Ontwikkelbeeld Numansdorp, waarop wordt gedoeld. Het Ontwikkelbeeld Numansdorp kende een zelfstandige procedure en is op 7 februari 2023 door de raad vastgesteld. Conclusie De zienswijze geeft aanleiding om de tekening op blz. 32 van de leidraad aan te passen op een zodanige wijze dat de dorpen Oud-Beijerland, ’s-Gravendeel en Numansdorp identiek worden geduid als dorpen, waar de toekomstige woningbouwopgave grootschaliger is bedacht. De zienswijze geeft geen aanleiding om de regiekaart aan te passen.
Zienswijze Waterschap Hollandse Delta Samenvatting zienswijze Het waterschap vindt de leidraad een mooi document omdat breder wordt gekeken dan alleen gemeente Hoeksche Waard. Ook de samenwerking met Zuid-Holland-Zuid en de Zuidwestelijke Delta komen aan de orde. Naarmate het document echter concreter wordt, gaat het steeds meer om de gemeente alleen. Externe oriëntatie lijkt daarbij weg te vallen terwijl het waterschap en ook andere partijen een rol bij de verschillende afwegingen hebben. Het waterschap vraagt hoe de gemeente het verschil ziet tussen de toetsende en beoordelende rol.
Te tekst van Hoeksche Waarden ruimtelijk vertaald lijkt tegenstrijdig. Een van de Hoeksche Waarden is ‘Natuurlijk! Verbonden’. Daarin lijkt op pagina 9 nu een tegenstelling te staan. Enerzijds is de landbouw in het tussengebied sterk, anderzijds heeft men het over stille delen met rustige dijklinten. In de praktijk merken wij dat dit botst. Landbouwers moeten ook bij hun bedrijf kunnen komen en dan is een (al dan niet wat oudere) tractor al snel niet passend in het plaatje van ‘stil en rustig’. Dat aspect zou nog wel wat meer belicht kunnen worden: ‘Samen maken we de Hoeksche Waard’. Er ontbreekt een legenda bij de regiekaart. Zo is het lastig inschatten of het samenvallen van lijnen en/of gebieden van verschillende onderdelen ‘conflicterend’ is. De vorkstructuur loopt bijvoorbeeld op sommige plekken samen met groene lijnen. Als dat recreatieve verbindingen zijn lijkt dat niet te passen. Bij het toepassen van het afwegingskader bij het thema Agrarische sector staat ‘We gaan daarom voorzichtig om met transformatie van landbouwgronden naar andere bestemmingen’. Wordt hier duurzame en biologische landbouw bedoeld? Of andere bestemmingen zoals: natuur, recreatie of woningbouw? Bij Mobiliteit staan veel zaken over wegen waarvan het waterschap wegbeheerder is en bevoegd gezag is voor het nemen van besluiten en treffen van maatregelen.
Gevraagd wordt aan te sluiten bij de Samenwerkingsovereenkomst Bereikbaarheid Hoeksche Waard en de lopende participatie in het kader van veilige dijken. Het waterschap vraagt verduidelijking over wat onder de hoofdwegenstructuur wordt verstaan. Het vestigen van (concentraties van) bedrijven langs de hoofdstructuur is goed, maar het uitgangspunt van ‘eerst infrastructuur, dan bouwen’ zou ook voor kleinere ontwikkelingen moeten gelden. Ook vraagt het waterschap verduidelijking over de definitie van doorgaand verkeer bij het verbeteren van de leefbaarheid van de dijken en hoe zich dat verhoudt tot de bereikbaarheid van aanliggende landbouwbedrijven. Het waterschap vraagt aandacht voor dat er vanuit het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie wordt gewerkt aan een strategie en uitvoeringsagenda voor de Hoeksche Waard en klimaatbestendig bouwen en hier in de leidraad een relatie mee te leggen. Reactie college Het uitgangspunt dat water en bodem als sturende principes zullen worden gehanteerd voor de ontwikkeling van de Hoeksche Waard zal nadrukkelijker tot uitdrukking worden gebracht in de leidraad. Inderdaad zullen deze principes bij meer thema’s dan alleen bij het thema agrarische sector een belangrijke rol gaan spelen.
Dat de gemeente voor zich een andere rol ziet dan de traditionele rol van toetser komt vooral tot uitdrukking in het gegeven dat de gemeente vooraf het gesprek wil aangaan met betrokken en belanghebbenden partijen, waarbij de leidraad gezamenlijk met de omgevingsvisie de richting aangeeft van de gewenste ontwikkeling. Er is naar onze mening een duidelijk verschil in de infrastructuur binnen de Hoeksche Waard. Enerzijds de hoofdstructuur waar er sprake is van druk en continue doorgaand verkeer en anderzijds de in de polders aanwezige wegen, die hoofdzakelijk bestaan uit dijklinten en waar sprake is van grotendeels bestemmingsverkeer. Met dit verschil wordt nadrukkelijk niet bedoeld om het van oudsher bestaande agrarische verkeer, zoals de genoemde tractoren, het gebruik te ontzeggen van de (stille) dijklinten. Wij bekijken wel of het mogelijk is en zo ja op welke wijze, het zwaardere verkeer (vrachtwagens) een alternatief te bieden om bepaalde dijklinten in de toekomst zoveel mogelijk te ontlasten.
De regiekaart is bewust niet voorzien van een legenda of exact op perceelniveau aangegeven begrenzingen. In tegenstelling tot een reguliere bestemmingsplankaart heeft de regiekaart geen juridische betekenis en is bedoeld als richtinggevend voor ontwikkelingen. De zinsnede “We gaan daarom voorzichtig om met transformatie van landbouwgronden naar andere bestemmingen” moet in samenhang worden gelezen met de zin ervoor. Daarin komt tot uitdrukking dat het om agrarisch productielandschap gaat, dat wij willen borgen in de Hoeksche Waard. Verderop komt tot uitdrukking dat wij ruimte bieden voor klimaatadaptie, biodiversiteit, nieuwe teelten en verdienmodellen. Duurzame en biologische landbouw passen prima binnen de uitgangspunten van de omgevingsvisie en de leidraad. Voor wat betreft mobiliteit wordt de samenwerking met het waterschap bijzonder gewaardeerd. Terecht merkt het waterschap op dat in de leidraad dit aspect aandacht verdient. Bij het thema Mobiliteit vullen wij aan met de samenwerking met het waterschap in het kader van de Samenwerkingsovereenkomst Bereikbaarheid Hoeksche Waard en de participatie in het kader van “Veilige Dijken”. De in de leidraad benoemde vorkstructuur is bedoeld als een aanvulling op de al bestaande hoofdstructuur en met name de N 217 als de oost-west verbinding binnen de Hoeksche Waard.
De vorkstructuur bestaat uit de N 217 als hoofdontsluiting met een viertal noord-zuid verbindingen om de grootste verkeersstromen te ondersteunen. Conclusie De zienswijze geeft geen aanleiding om de leidraad of de regiekaart aan te passen.