Mookhoek 5 nota zienswijzen def versie
Tekst van het document
Nota beantwoording zienswijzen Ontwerpbestemmingsplan Mookhoek 5, Strijen
Januari 2022
1. Inleiding Initiatiefnemer wil de bestaande agrarische bedrijfsbebouwing en de bedrijfswoning afbreken op het perceel Mookhoek 5. De bestaande bebouwing verkeert in zeer slechte bouwkundige staat. Daarnaast is er in het kader van de schaalvergroting geen belangstelling voor een boerderij met beperkt areaal aan landbouwgronden. Daarvoor in de plaats is het plan om 3 vrijstaande woningen te realiseren. Het ontwerpbestemmingsplan ‘Mookhoek 5’ lag met bijbehorende stukken vanaf 13 maart 2021 6 weken ter inzage. Een ieder is gedurende deze termijn in de gelegenheid gesteld om een mondelinge of schriftelijke zienswijze in te dienen. Het ontwerp was analoog raadpleegbaar in het gemeentehuis en digitaal via de landelijke website www.ruimtelijkeplannen.nl. In het kader van artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening is overleg gepleegd met de diverse instanties, zoals Waterschap en diensten van provincie en rijk. De ingekomen zienswijze en overlegreactie zijn allen ontvangen binnen de termijn, zoals geregeld in de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Daarmee is de zienswijze en overlegreactie tijdig ingediend. Ind ieners van de zienswijzen Op grond van de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) zijn de namen van de indieners van de zienswijzen geanonimiseerd. Anonimiseren is niet nodig voor namen van bedrijven en organisaties die een zienswijze of overlegreactie indienen.
Na am Nr. 1. Waterschap Hollandse Delta 2. Indiener 1
2/12
Da tum ontvangst
Registratienummer
16 maart 2021 21 april 2021
Z/20/061298/ DOC-21404937 Z/20/094486/ DOC-21399924
2. Beantwoording van de vooroverlegreacties 2.1 Samenvatting en reactie op overlegreactie Waterschap Hollandse Delta (WSHD) 2.1.1 Er mogen geen doodlopende watergangen ontstaan. Er staat een doodlopende watergang ingetekend. Conform het beleid mogen er geen nieuwe doodlopende watergangen ontstaan. Het ontwerp zal aangepast moeten worden zodat er geen doodlopende watergangen ontstaan. Reactie gemeente Er is een watergang rondom het plangebied ingetekend en deze wordt verbonden met de bestaande watergangen.
3. Beantwoording van de zienswijze ontwerpbestemmingsplan 3.1 Samenvatting en reactie op zienswijze van indiener 1 3.1.1. De situering van de woningen is onduidelijk. Indiener stelt dat uit de verbeelding de situering van de voorziene woningen niet blijkt. Er zijn immers geen bouwvlakken opgenomen op de verbeelding. Ook komt de situering van de bouwvlakken ui het Landschappelijk kader & Beeldkwaliteitsplan niet overeen met het akoestisch onderzoek. Reactie gemeente De bouwvlakken zijn abusievelijk niet opgenomen op de verbeelding. Wij nemen de bouwvlakken alsnog op waarbij de begrenzing van de bouwvlakken voor 2 woningen gelijk is aan de bestemmingsvlakken. Voor de derde woning nemen wij een kleiner bouwvlak op. Conform de wens van de indiener van de zienswijze wordt de bouwvlakgrens van de zuidelijke woning op de v erbeelding van het bestemmingsplan geprojecteerd op minimaal 30 meter van de bestemmingsgrens van Mookhoek 1. Tevens wordt de afstandsmaat van 30 meter opgenomen in het Landschappelijk kader & Beeldkwaliteitsplan voor de zuidelijke woning. Door het opnemen van de voorwaardelijke verplichting dat moet worden voldaan aan het landschappelijk kader in de planregels is de situering van de woningen ook geborgd. Hiermee komen wij tegemoet aan de zienswijze.
Ten aanzien van de opmerking dat de situering van de bouwvlakken uit het Landschappelijk kader & Beeldkwaliteitsplan en het akoestisch onderzoek niet overeenkomen merken wij op dat wij in de regels van het bestemmingsplan een voorwaardelijke verplichting opnamen. Daarbij is bepaald dat de situering van de woningen en de inrichting van de erven in overeenstemming moet zijn met het Landschappelijk kader & Beeldkwaliteitsplan d.d. 23 december 2019. Dat Landschappelijk kader zag er ten tijde van het ontwerpbestemmingsplan als volgt uit:
3/12
Naar aanleiding van de ingediende zienswijze wordt voorgesteld het Landschappelijk kader & Beeldkwaliteitsplan aan te passen. De zuidelijke woning is op een grotere afstand geplaatst van de woning van de indiener van de zienswijze. Dit heeft geleid tot de volgende aangepaste opzet in het Landschappelijk kader & Beeldkwaliteitsplan (nu van 7 december 2021).
4/12
De zuidelijke woning is in westelijke richting opgeschoven, dit om tegemoet te komen aan de wens van de indiener van de zienswijze. Zoals aangegeven wordt de bouw van de woning op afstand van het perceel Mookhoek 1 gewaarborgd door het opnemen van een bouwvlak en de regels van het bestemmingsplan. In het geluidsrapport inzake wegverkeerslawaai van 29 maart 2020 (VL.2020.R01) is de oorspronkelijke opzet van het plan akoestisch berekend. Daarbij zijn onderstaande vlakken akoestisch beschouwd (binnen deze vlakken worden de woningen gebouwd).
5/12
Door de indiener van de zienswijze is tijdens het inspreekrecht aangegeven dat het zuidelijke vlak op een andere plaats ligt, dan dat de zuidelijke woning gebouwd gaat worden (meer westelijk). Die constatering is correct. Bij de verschuiving van het bouwvl ak in westelijke richting is gekeken, of dit nadelige gevolgen zou hebben op akoestisch gebied. Dat bleek niet het geval. Uit het akoestisch onderzoek bleek namelijk, dat alleen aan de oostzijde van het bouwvlak (dus nabij de dijk Mookhoek) er een overschrijding zou zijn van de voorkeursgrenswaarde uit de Wet geluidhinder van 48 dB (geluidsbelasting ten hoogste 52 dB). Het geluid van de Tweede Kruisweg is lager dan die 48 dB. De verschuiving van de woning in westelijke richting veroorzaakt dat de woning geheel voldoet aan de Wet geluidhinder. Dit komt omdat de afstand van de woning tot de dijk Mookhoek groter wordt. Dat maakte dat er geen aanleiding was om het geluidsrapport aan te passen. Er is immers sprake van een situatie die overeenstemt met de Wet geluidhinder. Voor de volledigheid hebben wij de nieuwe situering van de woning akoestisch laten berekenen. Hierna de geluidbelasting ten gevolge van wegverkeer op de Mookhoek, respectievelijk de Tweede Kruisweg weergegeven. Hieruit blijkt dat de geluidsbelasting nergens hoger is dan 48 dB. Er is dan ook geen sprake van een overschrijding.
Er wordt voldaan aan de eisen uit de Wet geluidhinder.
6/12
7/12
Wat betreft de akoestische situatie van het bedrijf op Mookhoek 1 en de zuidelijke woning merken wij het volgende op. In het akoestisch onderzoek milieuzonering d.d. 29 januari 2021 (BP.2039.R01) blijkt uit de rekenresultaten dat door het plaatsen van een geluidsscherm de akoestische situatie tussen het bedrijf Mookhoek 1 en de zuidelijke woning aanvaardbaar is. Door het verplaatsen van de zuidelijke woning en de plaatsing van het geluidsscherm wordt door de grotere afstand de akoestische situatie alleen maar verder verbeterd en wordt het bedrijf Mookhoek 1 niet (extra) belemmerd in de planologische gebruiksmogelijkheden.
8/12
Hiermee is aangetoond dat de akoestische situatie van de zuidelijke woning, daar waar de opmerking van indiener van de zienswijze zich op richtte, akoestisch aanvaardbaar is, omdat de afstand tussen de nieuw te bouwen woning en het bedrijf Mookhoek 1 en de weg Mookhoek voldoende groot is. 3.1.2 Richtafstanden bedrijfsbestemming Op Mookhoek 1 is een bedrijf gevestigd. Het geldende bestemmingsplan geeft aan dat er een bedrijf van maximaal categorie 2 mag worden gevestigd. Dat houdt in dat in principe minimaal 10-30 meter (afhankelijk van de vraag of sprake is van gemengd gebied) afstand moet zijn tussen de bedrijfsbestemming en een nieuwe woonbestemming. Deze afstand wordt niet gehaald. Sterker nog: de woonbestemming grenst direct aan de bedrijfsbestemming. In dat geval moet worden onderzocht en gemotiveerd dat er voor de aspecten geur, geluid, stof en gevaar geen bezwaar is tegen het verkleinen van de richtafstand. Dit is uitsluitend gebeurd voor het aspect geluid. Bovendien blijkt uit het akoestisch rapport dat ter plaatse van de bedrijfsbestemming op dit moment zelfs een bedrijf van categorie 3.2 is gevestigd. Hierbij hoort een richtafstand van 50-100 meter. Duidelijk is dat hier niet aan is voldaan. Reactie gemeente Op het perceel Mookhoek 1 is een transportbedrijf aanwezig.
Voor een transportbedrijf (milieucategorie 3.2) geldt op basis van de VNG-publicatie binnen een gemengd gebied een richtafstand van 50 meter. De afstand tussen het transportbedrijf en het bouwblok van de planontwikkeling valt binnen deze richtafstand. De planlocatie bevindt zich dus binnen de richtafstand van het transportbedrijf. Hierdoor moet in het bestemmingsplan aangetoond worden dat er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat door middel van een akoestisch onderzoek. Uit het akoestisch onderzoek bleek dat met inachtneming van het plaatsen van een geluidsscherm sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat wat betreft het aspect geluid. Geluid is voor een transportbedrijf zoals aan de Mookhoek 1 het maatgevende milieuaspect voor de milieuzonering. Als gevolg hiervan is enkel het aspect geluid onderzocht. In de toelichting van het bestemmingsplan is verder gemotiveerd waarom de aspecten geur, stof en gevaar geen belemmering vormen voor de voorgenomen ontwikkeling. Indiener van de zienswijze geeft verder aan, dat er op het perceel Mookhoek 1 bedrijven vallende onder de categorieën 1 en 2 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten en tevens een transportbedrijf is toegestaan in milieucategorie 3.2. Voor het aspect ‘gevaar’ geldt daarbij een richtafstand van 30 m.
Die richtafstand kan naar het oordeel van indiener van de zienswijze niet worden verkleind, ook niet in zogenaamd gemengd gebied. Om die reden zou er uit ruimtelijk veiligheidsoogpunt een onaanvaardbare situatie ontstaan. Het bestemmingsplan zou om die reden niet kunnen worden vastgesteld. Wij merken in dit verband op dat de gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden reeds beperkt worden door bestaande woningen in de omgeving. De (burger)woning van indiener van de zienswijze (Mookhoek 3) staat op 8 m van het transportbedrijf (dus binnen de richtafstand van 30 meter). Bij het vestigen van een nieuw bedrijf of het aanpassen van het bestaande bedrijf vormt deze woning een beperking voor het bedrijf. De nieuw te bouwen woning staat op grotere afstand en vormt daardoor geen (extra) belemmering voor de bedrijfsbestemming op het perceel Mookhoek 1.
9/12
Verder is, zoals eerder aangegeven, aan de ingediende zienswijze van Mookhoek 3 deels tegemoet gekomen, waarbij de situering van de zuidelijke woning is aangepast. Deze aanpassing heeft tot gevolg dat de nieuwe zuidelijke woning verder van de woning van indiener van de zienswijze wordt afgeschoven. Daarbij wordt ook de afstand van die zuidelijke woning tot het transportbedrijf vergroot tot meer dan 30 m. Deze situatie stemt derhalve overeen met de gewenste richtafstand t.a.v. het aspect gevaar. Ter verduidelijking wordt de bouwvlakgrens van de zuidelijke woning op de verbeelding van het bestemmingsplan geprojecteerd op minimaal 30 meter van de bestemmingsgrens van Mookhoek 1. Tevens wordt de afstandsmaat van 30 meter opgenomen in het Landschappelijk kader & Beeldkwaliteitsplan voor de zuidelijke woning. 3.1.3 De Bed & Breakfast regeling is te ruim. De Bed & Breakfast regeling in het ontwerpbestemmingsplan is erg ruim en leidt tot onaanvaardbare overlast in de vorm van geluidsoverlast, verminderde privacy en verkeersoverlast. De Bed & Breakfast regeling lijkt immers per woning een Bed & Breakfast met een maximum van 10 bedden toe te staan. Dat komt neer op maar liefst 30 bedden voor de drie woningen tezamen.
Reactie gemeente Mede naar aanleiding van de ingediende zienswijze worden nevenfuncties zoals de Bed & Breakfast niet meer planologisch mogelijk gemaakt in het vast te stellen bestemmingsplan, waardoor de mogelijke overlast zich niet kan voordoen. 3.1.4 De onderzoeken zijn ondeugdelijk. Indiener geeft aan dat er geen bouwvlakken in het ontwerpbestemmingsplan zijn opgenomen. Het is zelfs onduidelijk wat precies de situering van de woningen zal zijn. Hierdoor zijn de onderzoeken gebaseerd op onjuiste gegevens. Bovendien voorziet het ontwerp in een zeer uitgebreide Bed & Breakfast regeling. Deze is in het geheel niet meegenomen in de onderzoeken. Ter illustratie: voor parkeren is aangeknoopt bij de CROW-norm voor woningen in het buitengebied. Dit heeft geleid tot een parkeernorm van 3 parkeerplaatsen per vrijstaande woning. Hierbij is niet meegewogen dat een grootschalige Bed & Breakfast planologisch mogelijk wordt gemaakt. Reactie gemeente De situering van de woningen is af te leiden uit het Landschappelijk kader & Beeldkwaliteitsplan d.d. 28 september 2021 van Wissing en de uitgevoerde onderzoeken sluiten hierop aan (zie ook de reactie op punt 3.1.1. uit deze Nota beantwoording zienswijzen).
Door de voorwaardelijke verplichting uit artikel 5.3 onder b van de regels in het bestemmingsplan moet bij de uitvoering van het plan aan dit Landschappelijk kader & Beeldkwaliteitsplan worden voldaan. Mede naar aanleiding van de ingediende zienswijze worden nevenfuncties zoals de Bed & Breakfast niet meer planologisch mogelijk gemaakt in het vast te stellen bestemmingsplan.
10/12
3.1.5 Het plan zorgt voor parkeeroverlast De indiener geeft aan dat er geen rekening wordt gehouden met het grote aantal B&B-bedden dat het ontwerp mogelijk maakt. Uit de toelichting bij het ontwerp blijkt zelfs dat slechts 3 parkeerplaatsen voor het gehele plan worden gerealiseerd. Dit terwijl de CROW-normen, waar u bij aanknoopt, een aantal van 3 parkeerplaatsen per woning voorschrijven. Daar bovenop dienen voldoende parkeerplaatsen te worden gerealiseerd ten behoeve van de Bed & Breakfasts. Wij vragen u dan ook met een voorwaardelijke verplichting in de planregels vast te leggen dat er voldoende parkeerplaatsen op eigen terrein komen. Reactie gemeente Mede naar aanleiding van de ingediende zienswijze worden nevenfuncties zoals de Bed & Breakfast niet meer planologisch mogelijk gemaakt in het vast te stellen bestemmingsplan, waardoor het parkeren als gevolg van de Bed & Breakfast geen overlast meer kan veroorzaken. In de regels van het bestemmingsplan is reeds een bepaling (artikel 9.4) opgenomen dat in voldoende parkeergelegenheid op eigen terrein moet worden voorzien. De toelichting bij het bestemmingsplan wordt voor het aspect parkeren verduidelijkt in die zin dat 3 parkeerplaatsen per woning gerealiseerd moeten worden. .
3.1.6 Indiener maakt zich zorgen om de privacy Het is niet duidelijk waar de woningen precies zijn voorzien, maar uit de verschillende schetsen blijkt dat de meest zuidelijke woning erg dicht bij de woning van cliënt is ingetekend. Cliént maakt zich daarom zorgen om inkijk in zijn woning. De inkijk maakt een enorme inbreuk op zijn privacy. Aanpassing van het plan is nodig om de privacy te beschermen. Om inkijk te voorkomen verzoekt cliënt de afstand tussen zijn woning en de geplande woningen te vergroten. Reactie gemeente Er is sprake van enige vermindering van de privacy. Echter deze vermindering is niet zodanig dat het bestemmingsplan na afweging van alle betrokken belangen niet in redelijkheid had kunnen worden vastgesteld. Hierbij wordt overwogen dat de nieuw te bouwen zuidelijke woning verder van de woning van indiener geprojecteerd op nagenoeg dezelfde locatie als waar de huidige bebouwing is gesitueerd. Hierop wordt het Landschappelijk kader & Beeldkwaliteitsplan aangepast. Verder bestaat er volgens vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS) geen blijvend recht op uitzicht en privacy. 3.1.7 Indiener verzet zich tegen het beplantingsplan. Indiener heeft in de huidige situatie langs de huidige bebouwing vrij zicht tot aan de Erasmusbrug.
Het valt in het voorliggende plan op dat de vrije zichtlijnen voor de voorziene nieuwbouw wordt gekoesterd. Echter, wordt aan de evidente wens van cliënt op vrije zichtlijnen voorbijgegaan met het beplantingsplan. Cliënt verzoekt dan ook het plan aan te passen, zodat achter zijn woning geen bomen/heesters worden geplant en cliënt vrij uitzicht behoudt.
11/12
Reactie gemeente In dit geval is zonder het plan het planten van bomen en heesters mogelijk, waardoor het uitzicht enigszins kan worden belemmerd. Het planten van bomen en heesters is dus als zodanig geen ruimtelijk aspect dat in de onderhavige procedure kan worden meegewogen. Co nclusie: De zienswijze geeft aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen op de volgende punten: 1. Nevenfuncties zoals Bed & Breakfast worden niet meer planologisch mogelijk gemaakt. Wij passen de regels van het bestemmingsplan daarop aan. 2. De bouwvlakken worden op de verbeelding opgenomen, waarbij voor het bouwvlak van de zuidelijke woning de bouwvlakgrens wordt getrokken op minimaal 30 meter tot de bestemmingsgrens met Mookhoek 1. 3. De toelichting wordt voor het aspect parkeren verduidelijkt zodat duidelijk is dat de norm van 3 parkeerplaatsen per woning van toepassing is. 4. De meest zuidelijke woning wordt verder van de woning Mookhoek 3 geprojecteerd, zodat de inkijk zoveel mogelijk wordt voorkomen. Het Landschappelijk kader & Beeldkwaliteitsplan wordt hierop aangepast, waarbij een afstandsmaat van 30 meter tussen de situering van deze zuidelijke woning en de grens met Mookhoek 1 wordt opgenomen voor de zuidelijke woning. 5. Het Landschappelijk kader & Beeldkwaliteitsplan d.d.
23 december 2019 wordt in de planregels en in de toelichting vervangen door het Landschappelijk kader & Beeldkwaliteitsplan d.d. 7 december 2021.
12/12