CConstaterende datHoeksche Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

M001 MOTIE VAN TREURNIS v2

Besluitvormende raad 17 december 2024, gemeente Hoeksche WaardBij agendapunt: Motie(s) vreemd aan de agenda1.125 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Motie van Treurnis

M001 171224 De raad van de gemeente Hoeksche Waard, in vergadering bijeen op dinsdag 17 december 2024 en gehoord de beraadslagingen bij agendapunt 21, Constaterende dat:      

na de herindeling de referendumverordeningen van de voormalige gemeenten Strijen en Cromstrijen geldig waren tot 1 januari 2021; het college verzwegen heeft om deze verordeningen niet te harmoniseren en deze stilzwijgend heeft laten vervallen per 1 januari 2021; het college mondelinge en schriftelijke vragen hierover niet beantwoordt; in de raadsinformatiebrief van 10 juni 2021 inzake participatiebeleid aan de raad medegedeeld wordt dat de referendumverordening in een apart traject opgepakt en de raad hierover separaat geïnformeerd zal worden; het college de afspraak in deze raadsinformatiebrief tot op heden niet uitvoert en voortdurend ontkennende antwoorden geeft; het college het Presidium, waarvan de burgemeester onderdeel uitmaakt en waarin dit onderwerp is aangekaart, hierin ook negeert;

Is van mening dat: 

uit de toelichting is af te leiden dat het college geen referendumverordening lijkt te willen en daartoe ieder voorstel voor een referendumverordening bij de raad weghoudt door afspraken niet na te komen en te ontkennen; de manier waarop antwoord gegeven wordt op zowel mondelinge als schriftelijke vragen onbegrijpelijk is;

Spreekt uit: 

dat de handelwijze van het college, blijkende uit de toelichting, treurig is;

en gaat over tot de orde van de dag. Constructief Hoeksche Waard Burgerbelangen HW

Toelichting op motie van treurnis M001 171224 Tijdens de eerste raadsperiode van de nieuwe gemeente Hoeksche Waard zijn alle verordeningen en diverse regelingen van de voormalige vijf gemeenten ter harmonisering aan de gemeenteraad voorgelegd. Inzake de referendumverordening bleven de regelingen van de voormalige gemeenten Strijen en Cromstrijen van kracht. Deze waren tot 1 januari 2021 geldig. Echter, zonder hiervan enige mededeling te doen aan de raad heeft het college deze stilzwijgend laten vervallen. Op 23 maart 2021 hebben wij mondelinge vragen hierover gesteld. De wethouder gaf aan dat met de Griffie is afgesproken om de referendumverordening te betrekken bij de werkgroep die de participatievisie zou voorbereiden. De portefeuillehouder zei letterlijk dat als dit gehoor vindt dat het college hier graag mee aan de slag gaat om het onderdeel te maken van het participatieproces. Hij deed ook een toezegging naar aanleiding van de vraag waarom het stilzwijgend laten vervallen van de referendumverordening niet is voorgelegd aan de raad. Deze toezegging staat in de agenda van de vergadering van 23 maart 2021 vermeld en luidt: Wethouder Boogaard zegt toe de raad nader te informeren over de vraag waarom het niet meer geldig zijn van de referendum- of inspraakverordeningen uit de vijf voormalige gemeenten niet aan de raad is voorgelegd.

Deze toezegging is nooit nagekomen, ook niet na herhaaldelijk hierom vragen. Lees vervolgens de raadsinformatiebrief van 10 juni 2021. Daarin staat: De mogelijkheid van een referendumverordening voor de Hoeksche Waard is in de werkgroep besproken naar aanleiding van eerdere raadsvragen. Dit onderwerp wordt in een apart traject opgepakt. Over de voorgestelde aanpak hiervan wordt u separaat geïnformeerd. Op 31 juli 2023 hebben wij wederom technische vragen hierover gesteld, want er is geen vervolg gegeven aan de raadsinformatiebrief. Ondanks alle toezeggingen hierover en wat is afgesproken luidt het antwoord op onze vragen iedere keer: Op dit moment hebben wij geen referendumverordening en er zijn geen plannen om er een te laten vaststellen. Op 17 oktober 2023 heeft de Griffie een notitie over de referendumverordening geschreven, gericht aan het Presidium. In deze notitie staat vermeld dat het Presidium aan de wethouder vraagt alsnog antwoord op onze vraag over de reden van het stilzwijgend laten vervallen van de referendumverordening op korte termijn te geven, zodat dit meegenomen kan worden in dit traject, waarin dit wel aan de raad wordt voorgelegd. In deze notitie wordt nogmaals bevestigd dat er is afgesproken dat dit onderwerp in een apart traject wordt opgepakt en dat het Presidium over de

voorgestelde aanpak separaat wordt geïnformeerd. In de notitie wordt expliciet aangegeven dat in de door de raad op 25 januari 2022 vastgestelde participatievisie geschreven staat dat een andere invulling op het democratisch bestel (en ook een specifieke vorm van participatie) het lokaal referendum is. De Griffie schrijft ook: “De raad neemt aan de hand van de model referendumverordening van de VNG een besluit over een raadsvoorstel, waarin in ieder geval het volgende meegenomen wordt: Het al of niet en in aangepaste vorm continueren van de in 2021 stilzwijgend vervallen referendumverordeningen”. In onze inbreng voor de begrotingsbehandeling een maand later hebben wij dit probleem wederom onder de aandacht gebracht, waarna het college bij monde van de wethouder weer een tegenovergestelde reactie gaf dan in de toezeggingen en alle genoemde teksten vermeld staat. Er wordt letterlijk gezegd “We hebben geen verordening en er zijn geen plannen om de raad hierover een voorstel te doen”. Na deze uitspraak was er een korte schorsing, waarin de portefeuillehouder mij meteen aansprak en vertelde dat er ergens iets mis gaat, want hij was vergeten dat hij zelf een raadsinformatiebrief hierover had geschreven. Hij zou dit mededelen als we weer verder gaan in de vergadering. Uiteindelijk deed hij dat niet, waarop ik het woord vroeg en vertelde dat hij nog iets zou mededelen.

Toen hij hierover het woord kreeg, bevestigde hij letterlijk de discrepantie tussen wat hij zojuist in de vergadering medegedeeld had en wat er in de raadsinformatiebrief vermeld stond. Vervolgens deed hij weer een toezegging. Deze is als volgt: Hij zou met de Griffie overleggen op welke tafel dit uiteindelijk thuishoort en dat hij mij daarover in kennis zou stellen. Tot op heden heeft hij mij niet in kennis gesteld hiervan. Op 18 maart 2024 heb ik in het Presidium een notitie geagendeerd die de Griffie in februari 2024 geschreven heeft over de referendumverordening en over alles wat hierover is vastgelegd, beloofd en toegezegd. Ook hier is niets mee gedaan, maar tot onze grote verbazing zien wij dat de Lokalen HW op 17 oktober 2024 schriftelijk vragen stellen over de referendumverordening. Op 22 oktober 2024 stelden wij in het Presidium aan de voorzitter (burgemeester) de vraag welke acties er nu ondernomen worden naar aanleiding van mijn ontelbare vragen van de afgelopen vier jaar. Zijn antwoord luidde dat ik moest wachten op het antwoord wat de Lokalen HW op hun vraag zouden krijgen, en dat dit binnen enkele dagen zou gebeuren. Dat houdt dus in dat onze vragen en alle toezeggingen van de afgelopen jaren niet bestaan en de schriftelijke vraag van de Lokalen HW wel. Pas op 26 november 2024 kwam er een uitgebreide antwoordbrief op de vragen van de Lokalen HW.

Een brief die wij nooit eerder zo hebben mogen ontvangen. Tot onze verbazing blijken wij nu ineens wel te bestaan. In die brief namelijk word onze naam plotseling genoemd, terwijl daar niet naar gevraagd

is. Die brief geeft overigens weer een volstrekt verkeerd beeld van de waarheid.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14965606/2