Landgoed Bonaventura Maasdam 1e herziening ontwerp 1 2
Tekst van het document
Slotregel (Artikel 10) Het laatste artikel van de planregels betreft de slotregel van het onderliggende bestemmingsplan.
Rho adviseurs voor leefruimte
440016460211114
35
Hoofdstuk 6
6.1
Uitvoerbaarheid
Economische uitvoerbaarheid
Er is in het plangebied sprake van een aangewezen bouwplan zoals bedoeld in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro), namelijk de ontwikkeling van drie nieuwe woningen in de vorm van landhuizen. Derhalve dient een exploitatieplan opgesteld te worden. Hiervan kan worden afgeweken indien de plankosten anderszins zijn verzekerd, bijvoorbeeld door een anterieure overeenkomst. Tussen de gemeente en initiatiefnemer is in het kader van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) een anterieure overeenkomst afgesloten. Dit betreft dezelfde anterieure overeenkomst als diegene die aan het bestemmingsplan Landgoed Bonaventura toebehoorde. Dit komt doordat er qua voorwaarden niks wordt veranderd omdat er nog steeds drie huizen in de vorm van herenhuizen worden gerealiseerd alleen op een ander plek binnen het plangebied. In de overeenkomst is opgenomen dat alle kosten betreffende de ontwikkeling van de locatie voor rekening zijn van de initiatiefnemer. Daarom zijn de plankosten anderszins verzekerd en wordt er voldaan aan de eisen voortkomend uit de Wro.
6.2
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Inspraak en overleg In het vigerende bestemmingsplan Landgoed Bonaventura is al 800 m2 bebouwing in de vorm van drie landhuizen en 200 m2 aan bijbehorende bebouwing mogelijk op basis van de regels. Echter door de verbeelding die verkeerd is vormgegeven is dit toch niet mogelijk door te kleine en verkeerd gelegen bouwvlakken, vandaar dat deze herziening dit rechttrekt. Door de beperkte aanpassingen die deze herziening mogelijk maakt is er voor gekozen om de voorontwerpfase van dit bestemmingsplan over te slaan. Het ontwerpbestemmingsplan wordt voorgelegd aan de wettelijke vooroverlegpartners (art. 3.1.1. Bro). Tegelijkertijd wordt het ontwerpbestemmingsplan gedurende zes weken ter inzage gelegd. Gedurende deze periode kunnen zienswijzen worden ingediend. De eventuele overlegreacties en zienswijzen worden samengevat en beantwoord. Eventuele wijzigingen worden vervolgens doorgevoerd in het vast te stellen bestemmingsplan.
Rho adviseurs voor leefruimte
440016460211114
36
Rho adviseurs voor leefruimte
440016460211114
BIJLAGEN BIJ DE TOELICHTING
Bijlage 1 Onderzoek wegverkeerslawaai
Rho adviseurs voor leefruimte
440016460211114
BINNENMAAS Herziening landgoed Bonaventura Onderzoek wegverkeerslawaai
Binnenmaas Herziening landgoed Bonaventura
Onderzoek wegverkeerslawaai
identificatie
planstatus
projectnummer:
datum:
44001146.20180398
03‐09‐2018
projectleider:
opdrachtgever:
ing. W.IJ. Groenen
Groen Ontwerp
auteur(s):
ing. P. Dijkgraaf
Delftseplein 27b
aangesloten bij:
RBOI - Rotterdam postbusbv150 Delftseplein 27b 3000 AD Rotterdam Postbus 150 T: 010-201 85 55 3000 AD Rotterdam telefoon (010) E-mail: 201 85info@rho.nl 55 E-mail: info@rboi.nl
© Rho Adviseurs bv Niets uit dit drukwerk mag door anderen dan de opdrachtgever worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande toestemming van Rho Adviseurs bv, behoudens voorzover dit drukwerk wettelijk een openbaar karakter heeft gekregen. Dit drukwerk mag zonder genoemde toestemming niet worden gebruikt voor enig ander doel dan waarvoor het is vervaardigd.
Inhoud 1.
2.
3.
4.
5.
Inleiding 1.1. Aanleiding 1.2. Leeswijzer Toetsingskader 2.1. Normstelling wegverkeerslawaai 2.2. Nieuwe situaties Berekeningsuitgangspunten 3.1. Rekenmethodiek en invoergegevens 3.2. Verkeersgegevens 3.3. Ruimtelijke gegevens 3.4. Toetspunten 3.5. Sectorhoek en reflecties Resultaten 4.1. Resultaten en toetsing N491 4.2. Resultaten en toetsing Oud Bonaventurasedijk Conclusie
3 3 3 4 4 5 7 7 7 9 9 9 11 11 11 13
Bijlagen: 1 2 3
Invoergegevens Resultaten N491 Resultaten Oud Bonaventurasedijk
Rho Adviseurs B.V. vestiging Rotterdam
44001146.20180398
2
Inhoud
Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Rotterdam
44001146.20180398
3
1. Inleiding
1.1.
Aanleiding
In de herziening van het bestemmingsplan Landgoed Bonaventura wordt de bouw van drie woningen in de vorm van landhuizen mogelijk gemaakt. Deze woningen worden op een andere locatie gerealiseerd dan nu mogelijk is op basis van het vigerende bestemmingsplan. Omdat deze nieuwe geluidgevoelige bestemmingen binnen de wettelijke geluidzone van de Oude Bonaventurasedijk en de N491 liggen, is een onderzoek wegverkeerslawaai nodig. Dit onderzoek dient aan te tonen dat de woningen passen binnen een goede ruimtelijke ordening.
Figuur 1.1 Ligging plangebied
1.2.
Leeswijzer
In hoofdstuk 2 is het toetsingskader beschreven, in hoofdstuk 3 volgen de berekeningsuitgangspunten. De resultaten zijn beschreven in hoofdstuk 4. Tot slot volgen in hoofdstuk 5 de conclusies.
Rho Adviseurs B.V. vestiging Rotterdam
44001146.20180398
Toetsingskader
4
2. Toetsingskader
2.1.
Normstelling wegverkeerslawaai
Langs alle wegen met uitzondering van 30 km/h‐wegen en woonerven bevinden zich op grond van de Wet geluidhinder (hierna Wgh) geluidzones waarbinnen de geluidhinder aan bepaalde wettelijke normen dient te voldoen. De breedte van de geluidzone van een weg is afhankelijk van het aantal rijstroken en van de binnen‐ of buitenstedelijke ligging. De zone wordt gemeten vanaf de kant van de weg en is gelegen vanuit de as van de weg. De breedte van een geluidzone van een weg is, gemeten vanaf de kant, in tabel 2.1 weergegeven. Tabel 2.1: Schema zonebreedte aan weerszijden van de weg volgens artikel 74 Wgh Aantal rijstroken Breedte van de geluidszone (in meters) Buitenstedelijk gebied
Stedelijk gebied
5 of meer
600
350
3 of 4
400
350
1 of 2
250
200
In artikel 1 van de Wgh zijn de definities opgenomen van binnenstedelijk en buitenstedelijk gebied. Deze definities luiden: -
binnenstedelijk gebied: het gebied binnen de bebouwde kom met uitzondering van het gebied binnen de zone van een autoweg of autosnelweg;
-
buitenstedelijk gebied: het gebied buiten de bebouwde kom, alsmede het gebied binnen de bebouwde kom voor zover gelegen binnen de zone van een autoweg of autosnelweg
De geluidzone van de N491 (Trambaan/'s Gravendeelseweg) en de Oud Bonaventurasedijk valt over de beoogde ontwikkeling. De wettelijke geluidzone van deze wegen bedraagt 250 m. Dosismaat Lden De geluidshinder wordt berekend aan de hand van de Europese dosismaat Lden (L day‐evening‐night). Deze dosismaat wordt weergegeven in dB. Deze waarde vertegenwoordigt het gemiddelde geluidsniveau over een etmaal. Dit etmaal is onderverdeeld in dag (7:00 – 19:00 uur), avond (19:00 – 23:00 uur) en nacht (23:00 – 7:00 uur). Aftrek ex artikel 110g Wgh Krachtens artikel 110g van de Wet geluidhinder mag het berekende geluidsniveau van het wegverkeer worden gecorrigeerd in verband met de verwachting dat motorvoertuigen in de toekomst stiller zullen worden. Voor wegen met een maximum snelheid lager dan 70 km/u geldt een aftrek van 5 dB. Voor wegen met een representatief te achten snelheid van 70 km/h of meer is de hoogte van de aftrek afhankelijk van de geluidbelasting exclusief aftrek. Bij een geluidbelasting van 56 dB en 57 dB mag een aftrek toegepast worden van respectievelijk 3 dB en 4 dB. Bij lagere geluidbelastingen wordt een aftrek van 2 dB toegepast. De aftrek mag alleen worden toegepast bij toetsing van de geluidbelasting aan de normstellingen uit de
Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Rotterdam
44001146.20180398
Toetsingskader
5
Wgh. Op alle genoemde geluidsbelastingen als gevolg van wegverkeer wordt in deze rapportage de aftrek van 5 dB toegepast, tenzij anders vermeld.
2.2.
Nieuwe situaties
Voor de geluidbelasting aan de buitengevels van geluidgevoelige functies binnen de wettelijke geluidzone van een weg geldt een voorkeursgrenswaarde. Voor nieuwe geluidgevoelige bestemmingen bedraagt deze 48 dB. Deze voorkeursgrenswaarde mag in principe niet worden overschreden. Indien uit akoestisch onderzoek blijkt dat deze voorkeursgrenswaarde wel wordt overschreden, zijn maatregelen noodzakelijk, gericht op het verminderen van de geluidsbelasting aan de gevel. Onderscheid wordt gemaakt in maatregelen aan de bron (bijvoorbeeld geluidreducerend asfalt), maatregelen in het overdrachtsgebied (bijvoorbeeld geluidsschermen) en maatregelen aan de geluidsontvanger (bijvoorbeeld geluidsdove gevels). Zijn deze maatregelen niet mogelijk, niet gewenst of niet doeltreffend, dan kan het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Binnenmaas onder bepaalde voorwaarden hogere waarde vaststellen. Deze hogere waarde mag in deze buitenstedelijke situatie de uiterste grenswaarde van 53 dB niet te boven gaan. Daarnaast is van belang dat zodanige gevelmaatregelen worden genomen dat de binnenwaarde maximaal 33 dB bedraagt, zoals maximaal toelaatbaar is op grond van het bouwbesluit (art. 3.3).
Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Rotterdam
44001146.20180398
3. Berekeningsuitgangspunten
3.1.
Rekenmethodiek en invoergegevens
Het akoestisch onderzoek is uitgevoerd volgens de Standaard Rekenmethode II (SRM II) conform het Reken‐ en meetvoorschrift geluidhinder 2012. De berekeningen zijn uitgevoerd met behulp van het softwareprogramma Geomilieu versie 4.30 van DGMR. De geluidbelasting als gevolg van wegverkeer hangt af van verschillende factoren. Voor een deel hebben deze factoren betrekking op geluidsafstraling en voor een ander deel op geluidsoverdracht. Hieronder volgt een korte omschrijving van de belangrijkste factoren.
3.2.
Verkeersgegevens
Verkeersintensiteiten De verkeersintensiteiten op de Trambaan en 's Gravendeelseweg (N491) zijn ontleend aan tellingen die zijn uitgevoerd door de provincie Zuid‐Holland in het jaar 2011 tot en met 2016. Op basis van deze tellingen is berekend dat de autonome groei op de ’s Gravendeelseweg (N491) 0,81% is (o.b.v. de laatste drie teljaren) en op de Trambaan (N491) 2,14% (o.b.v. de laatste drie teljaren). Ervan uitgaande dat deze groei zich op deze manier voortzet, is de inschatting dat de verkeersintensiteiten van de N491 zich in 2029 tot onderstaande prognoses hebben ontwikkeld. Van de Oud Bonaventurasedijk zijn geen recente verkeersintensiteiten bekend. De verkeersprognose van het jaar 2025 (uit het vigerend bestemmingsplan Landgoed Bonaventura) zijn daarom worstcase opgehoogd met een autonome groei van 2% per jaar naar de nieuwe planhorizon 2029. Ter plaatse van de woonbestemming wordt de realisatie van drie wooneenheden mogelijk gemaakt. Volgens CROW‐publicatie 317 kan per woning een verkeersproductie en ‐attractie van circa 8,6 mvt/etmaal verwacht worden (weinig stedelijk gebied, buitengebied). De beoogde ontwikkeling zal dus een maximale toename van de verkeersintensiteit tot gevolg hebben van circa 26 mvt/etmaal op de relevante wegen. Daarnaast worden 17 parkeerplaatsen gerealiseerd voor het landgoed.
Aangenomen wordt dat gemiddeld 3 auto's per etmaal van deze parkeerplaatsen gebruik maken. Bij volledige bezetting leidt dit tot 102 mvt/etmaal. Uit informatie van Staatsbosbeheer over het bezoek van natuurgebieden blijkt dat op 10 topdagen 200% van het bezoek zich voordoet (de parkeerplaatsen worden dan 6 keer per dag gebruikt). Op 50 dagen is 100% aanwezig, op 75 dagen 75% en in het resterende jaar (230 dagen) 10%. De verkeersgeneratie op een jaargemiddelde weekdag bedraagt derhalve 42 mvt/etmaal. De totale verkeersaantrekkende werking van de ontwikkeling bedraagt 68 mvt/etmaal. Dit was reeds onderbouwd in het vigerende bestemmingsplan Landgoed Bonaventura waarin deze drie wooneenheden ook mogelijk zijn gemaakt, maar dan op een iets andere locatie. In tabel 1 zijn de intensiteiten weergegeven.
Rho Adviseurs B.V. vestiging Rotterdam
44001146.20180398
Berekeningsuitgangspunten
Tabel 1 Telcijfers zoals ingeschat tot en met 2029 weg Intensiteit basisjaar (mvt/etmaal; weekdag)
Intensiteit 2029 (mvt/etmaal; weekdag) Excl. ontwikkeling
N491: ‐Smidsweg‐Cillarswegje ‐Smidsweg‐N217 Oud Bonaventurasedijk
8
9.563 (2016) 10.059 (2016) 6.070 (2025)
10.620 12.052 6.570
Incl. ontwikkeling (afgerond 100‐tallen) 10.700 12.100 6.600
Voertuigcategorieën‐ en verdeling De motorvoertuigen worden verdeeld in drie categorieën: 1. lichte voertuigen (voornamelijk personenauto's); 2. middelzware voertuigen (middelzware vrachtauto's en bussen); 3. zware voertuigen (zware vrachtauto's). De verdelingen per voertuigcategorie en per periode‐uur op de Trambaan (N491), de 's Gravendeelseweg (N491) en de Oud Bonaventuraseweg zijn ontleend aan dezelfde telcijfers als die gebruikt zijn voor het bepalen van de verkeersintensiteiten. In tabel 2 en 3 zijn de verdelingen weergegeven. Tabel 2 Voertuigverdeling 's‐Gravendeelseweg en Trambaan (N491) Dagperiode Avondperiode Nachtperiode Licht 81,20% 88,90% 80,90% Middelzwaar 14,00% 9,10% 12,00% Zwaar 4,80% 2,00% 7,10% Aandeel per uur 6,35% 3,01% 1,47%
Etmaal 82,10% 13,17% 4,73% Nvt
Tabel 3 Voertuigverdeling Oud Bonaventurasedijk Dagperiode Avondperiode Licht 91,57% 95,12% Middelzwaar 5,43% 2,90% Zwaar 3,00% 1,98% Aandeel per uur 6,08% 4,55%
Etmaal 92,18% 4,90% 2,93% Nvt
Nachtperiode 91,08% 4,59% 4,33% 1,11%
Verkeerssnelheid De verkeerssnelheid is de representatief te achten gemiddelde snelheid van een categorie voertuigen. Dit is in het algemeen de wettelijk toegestane snelheid. De maximumsnelheid op de N491 bedraagt 80 km/h. Op de rotonde is gerekend met een snelheid van 30 km/h en op de toeleidende aantakkingen op de rotonde met 50 km/h. op de Oud Bonaventurasedijk geldt een wettelijke maximumsnelheid van 60 km/h. Type wegdek Geluid ten gevolge van wegverkeer kan men onderscheiden in motorgeluid en rolgeluid. Het rolgeluid is een gevolg van de wisselwerking tussen banden en wegdek. De aard van het wegdek is hierbij van invloed. In verband hiermee worden in het rekenschema verschillende typen wegdek onderscheiden. Bij lichte motorvoertuigen is de bijdrage van het rolgeluid aan het totale geluid groter dan bij de zware en middelzware motorvoertuigen. Als gevolg hiervan heeft het wegdek een grotere invloed op de geluidbelasting naarmate het percentage vrachtverkeer kleiner is.
Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Rotterdam
44001146.20180398
Berekeningsuitgangspunten
9
Op de Oud Bonuventurasedijk en de N491 is uitgegaan van asfaltverharding (in het rekenmodel opgenomen als WO‐referentiewegdek). Voor alle gehanteerde invoergegevens en het rekenmodel wordt verwezen naar bijlage 1.
3.3.
Ruimtelijke gegevens
In de geluidberekeningen is rekening gehouden met alle relevante gebouwde ruimtelijke objecten in de omgeving en de aanwezigheid van geluidreflecterend (bijvoorbeeld verhard oppervlak of wegen) of geluidabsorberend (bijvoorbeeld perkjes of tuinen) bodemgebied. In de omgeving van het plangebied is geen sprake van significante hoogteverschillen. Op basis van een luchtfoto ondergrond en De Verbeelding in DWG, zijn de voor de locatie relevante rijlijnen en de nieuwe ontwikkeling ingevoerd.
3.4.
Toetspunten
Om de hoogte van de geluidbelasting op de gevels van de nieuwe woningen te kunnen bepalen, zijn toetspunten geplaatst. De maximale bouwhoogte voor de nieuwe woningen bedraagt 9 meter, 10 meter en 11 meter. De toetspunten zijn op 1,5 meter (begane grond), 4,5 meter (1e verdieping) en 7,5 meter (2e verdieping) geplaatst. In figuur 3.1 is de ligging van de toetspunten opgenomen.
Figuur 3.1 Ligging toetspunten
3.5.
Sectorhoek en reflecties
Het maximum aantal reflecties waarmee de berekeningen zijn uitgevoerd bedraagt 1 reflectie en een sectorhoek van 2˚ conform de aanbeveling van de projectgroep Vergelijkend Onderzoek Akoestische Bureaus (VOAB). In deze projectgroep VOAB zijn afspraken gemaakt om de onderlinge verschillen in rekenprogrammatuur te minimaliseren
Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Rotterdam
44001146.20180398
Berekeningsuitgangspunten
Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Rotterdam
10
44001146.20180398
4. Resultaten
4.1.
Resultaten en toetsing N491
De Trambaan (N491) en de 's Gravendeelseweg (N491) worden als één weg berekend omdat deze in elkaars verlengde liggen. Als gevolg van het wegverkeer op de N491 wordt de voorkeursgrenswaarde van 48 dB niet overschreden. De maximaal berekende geluidbelasting bedraagt, inclusief aftrek artikel 110g Wgh, 48 dB, zie figuur 4.1 en bijlage 2.
Figuur 4.1: Resultaten N491 inclusief aftrek artikel 110g Wgh
4.2.
Resultaten en toetsing Oud Bonaventurasedijk
Als gevolg van het wegverkeer op de Oud Bonaventurasedijk wordt de voorkeursgrenswaarde van 48 dB niet overschreden. De maximaal berekende geluidbelasting bedraagt, inclusief aftrek artikel 110g Wgh, 38 dB, zie figuur 4.2 en bijlage 3.
Rho Adviseurs B.V. vestiging Rotterdam
44001146.20180398
Resultaten
12
Figuur 4.2: Resultaten Oud Bonaventurasedijk inclusief aftrek artikel 110g Wgh
Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Rotterdam
44001146.20180398
Conclusie
13
5. Conclusie
Het voornemen is om 3 nieuwe woningen op het landgoed Bonaventura te realiseren. Omdat deze woningen zijn gelegen binnen de wettelijke geluidzone van de N491 (Trambaan en ’s Gravendeelseweg) en de Oud Bonaventurasedijk is onderzoek naar wegverkeerslawaai uitgevoerd. Daaruit blijkt dat de voorkeursgrenswaarde van 48 dB niet wordt overschreden. Aanvullende procedures in gevolge de Wet geluidhinder zijn niet noodzakelijk. Het aspect wegverkeerslawaai staat de ontwikkeling niet in de weg.
Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Rotterdam
44001146.20180398
Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Rotterdam
44001146.20180398
Bijlagen
Bijlage
Rho Adviseurs B.V. vestiging Rotterdam
1
Invoergegevens
44001146.20180398
Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Rotterdam
44001146.20180398
Landgoed Bonaventura Model: Groep:
Kopie van eerste model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012
Naam s Gravende Trambaan rotonde Trambaan s Gravende
Omschr. N491 's Gravendeelseweg N491 Trambaan N491 Trambaan N491 's Gravendeelseweg
ISO_H 0.00 0.00 0.00 0.00 0.00
ISO M. 0.00 0.00 0.00 0.00 0.00
Hdef. Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief
Type Verdeling Verdeling Verdeling Verdeling Verdeling
Cpl False False False False False
Cpl_W 1.5 1.5 1.5 1.5 1.5
Helling 0 0 0 0 0
Oud Bonave
Oud Bonaventurasedijk
0.00
0.00
Relatief
Verdeling
False
1.5
0
Geomilieu V4.30
Wegdek W0 W0 W0 W0 W0 W0
V(MR(D)) 50 50 30 80 80
V(MR(A)) 50 50 30 80 80
V(MR(N)) 50 50 30 80 80
V(MR(P4)) 50 50 -80 80
V(LV(D)) 50 50 30 80 80
V(LV(A)) 50 50 30 80 80
60
60
60
60
60
60
28/08/2018 10:31:11
Landgoed Bonaventura Model: Groep:
Kopie van eerste model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012
Naam s Gravende Trambaan rotonde Trambaan s Gravende
V(LV(N)) 50 50 30 80 80
V(LV(P4)) 50 50 -80 80
V(MV(D)) 50 50 30 80 80
V(MV(A)) 50 50 30 80 80
V(MV(N)) 50 50 30 80 80
V(MV(P4)) 50 50 -80 80
V(ZV(D)) 50 50 30 80 80
V(ZV(A)) 50 50 30 80 80
V(ZV(N)) 50 50 30 80 80
V(ZV(P4)) 50 50 -80 80
Totaal aantal 12100.00 10700.00 7350.00 10700.00 12100.00
%Int(D) 6.35 6.35 6.35 6.35 6.35
%Int(A) 3.01 3.01 3.01 3.01 3.01
%Int(N) 1.47 1.47 1.47 1.47 1.47
%Int(P4) ------
Oud Bonave
60
60
60
60
60
60
60
60
60
60
6600.00
6.08
4.55
1.11
--
Geomilieu V4.30
28/08/2018 10:31:11
Landgoed Bonaventura Model: Groep:
Kopie van eerste model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012
Naam s Gravende Trambaan rotonde Trambaan s Gravende
%MR(D) ------
%MR(A) ------
%MR(N) ------
%MR(P4) ------
%LV(D) 81.20 81.20 81.20 81.20 81.20
%LV(A) 88.90 88.90 88.90 88.90 88.90
%LV(N) 80.90 80.90 80.90 80.90 80.90
%LV(P4) ------
%MV(D) 14.00 14.00 14.00 14.00 14.00
%MV(A) 9.10 9.10 9.10 9.10 9.10
%MV(N) 12.00 12.00 12.00 12.00 12.00
%MV(P4) ------
%ZV(D) 4.80 4.80 4.80 4.80 4.80
%ZV(A) 2.00 2.00 2.00 2.00 2.00
%ZV(N) 7.10 7.10 7.10 7.10 7.10
%ZV(P4) ------
MR(D) ------
MR(A) ------
MR(N) ------
MR(P4) ------
Oud Bonave
--
--
--
--
94.57
95.12
91.08
--
5.43
2.90
4.59
--
3.00
1.98
4.33
--
--
--
--
--
Geomilieu V4.30
28/08/2018 10:31:11
Landgoed Bonaventura Model: Groep:
Kopie van eerste model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012
Naam s Gravende Trambaan rotonde Trambaan s Gravende
LV(D) 623.90 551.71 378.98 551.71 623.90
LV(A) 323.78 286.32 196.68 286.32 323.78
LV(N) 143.90 127.25 87.41 127.25 143.90
LV(P4) ------
MV(D) 107.57 95.12 65.34 95.12 107.57
MV(A) 33.14 29.31 20.13 29.31 33.14
MV(N) 21.34 18.87 12.97 18.87 21.34
MV(P4) ------
ZV(D) 36.88 32.61 22.40 32.61 36.88
ZV(A) 7.28 6.44 4.42 6.44 7.28
ZV(N) 12.63 11.17 7.67 11.17 12.63
ZV(P4) ------
LE (D) 63 86.76 86.23 85.76 83.41 83.94
LE (D) 125 94.53 93.99 90.91 93.55 94.08
LE (D) 250 101.97 101.44 101.13 98.82 99.36
Oud Bonave
379.49
285.65
66.73
--
21.79
8.71
3.36
--
12.04
5.95
3.17
--
81.96
90.19
96.33
Geomilieu V4.30
28/08/2018 10:31:11
Landgoed Bonaventura Model: Groep:
Kopie van eerste model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012
Naam s Gravende Trambaan rotonde Trambaan s Gravende
LE (D) 500 104.95 104.42 99.55 105.42 105.96
LE (D) 1k 109.84 109.30 103.97 110.92 111.45
LE (D) 2k 106.71 106.18 101.82 107.15 107.69
LE (D) 4k 100.07 99.54 95.46 100.33 100.86
LE (D) 8k 92.24 91.71 91.84 89.66 90.19
LE (A) 63 81.98 81.45 80.90 78.69 79.23
LE (A) 125 89.61 89.08 85.67 88.96 89.50
LE (A) 250 96.77 96.24 95.67 94.18 94.71
LE (A) 500 100.37 99.83 94.94 100.85 101.38
LE (A) 1k 106.04 105.50 99.83 107.38 107.91
LE (A) 2k 102.79 102.26 97.39 103.62 104.16
LE (A) 4k 96.09 95.56 90.91 96.77 97.31
LE (A) 8k 87.50 86.97 86.43 85.84 86.38
LE (N) 63 80.71 80.18 79.51 77.53 78.06
Oud Bonave
101.99
108.05
104.51
97.72
87.78
79.73
87.76
93.62
99.93
106.48
102.89
96.08
85.76
74.87
Geomilieu V4.30
28/08/2018 10:31:11
Landgoed Bonaventura Model: Groep:
Kopie van eerste model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012
Naam s Gravende Trambaan rotonde Trambaan s Gravende
LE (N) 125 88.33 87.79 84.86 87.24 87.77
LE (N) 250 95.74 95.21 94.90 92.57 93.10
LE (N) 500 99.05 98.52 93.71 99.46 100.00
LE (N) 1k 103.68 103.15 97.90 104.70 105.23
LE (N) 2k 100.51 99.98 95.71 100.88 101.42
LE (N) 4k 93.88 93.35 89.41 94.04 94.57
LE (N) 8k 86.08 85.55 85.76 83.39 83.93
LE (P4) 63 ------
LE (P4) 125 ------
LE (P4) 250 ------
LE (P4) 500 ------
LE (P4) 1k ------
LE (P4) 2k ------
Oud Bonave
82.92
89.11
94.90
100.68
97.11
90.33
80.49
--
--
--
--
--
--
Geomilieu V4.30
28/08/2018 10:31:11
Landgoed Bonaventura Model: Groep:
Kopie van eerste model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012
Naam s Gravende Trambaan rotonde Trambaan s Gravende
LE (P4) 4k ------
LE (P4) 8k ------
Oud Bonave
--
--
Geomilieu V4.30
28/08/2018 10:31:11
Bijlage
Rho Adviseurs B.V. vestiging Rotterdam
2
Resultaten N491
44001146.20180398
Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Rotterdam
44001146.20180398
Geluidbelasting ten gevolge van N491 (Trambaan en 's Gravendeelseweg) Landgoed Bonaventura inclusief aftrek artikel 110g Wgh Rapport: Model: Groep: Groepsreductie:
Resultatentabel Kopie van eerste model LAeq totaalresultaten voor toetspunten Trambaan en 's Gravendeelseweg Ja
Naam Toetspunt Vlak 1_A Vlak 1_B Vlak 1_C Vlak 1_A Vlak 1_B
Omschrijving Vlak 1 [1] Vlak 1 [1] Vlak 1 [1] Vlak 1 [2] Vlak 1 [2]
Hoogte 1.50 4.50 7.50 1.50 4.50
Lden 46.9 48.0 48.5 44.8 45.9
Vlak 1_C Vlak 1_A Vlak 1_B Vlak 1_C Vlak 1_A
Vlak 1 [2] Vlak 1 [3] Vlak 1 [3] Vlak 1 [3] Vlak 1 [4]
7.50 1.50 4.50 7.50 1.50
46.3 41.4 42.4 42.7 45.5
Vlak 1_B Vlak 1_C Vlak 2_A Vlak 2_B Vlak 2_C
Vlak 1 [4] Vlak 1 [4] Vlak 2 [1] Vlak 2 [1] Vlak 2 [1]
4.50 7.50 1.50 4.50 7.50
46.5 47.0 44.4 45.4 46.0
Vlak 2_A Vlak 2_B Vlak 2_C Vlak 2_A Vlak 2_B
Vlak 2 [2] Vlak 2 [2] Vlak 2 [2] Vlak 2 [3] Vlak 2 [3]
1.50 4.50 7.50 1.50 4.50
34.2 35.4 37.2 38.9 39.8
Vlak 2_C Vlak 2_A Vlak 2_B Vlak 2_C Vlak 3_A
Vlak 2 [3] Vlak 2 [4] Vlak 2 [4] Vlak 2 [4] Vlak 3 [1]
7.50 1.50 4.50 7.50 1.50
40.1 43.9 44.8 45.2 43.7
Vlak 3_B Vlak 3_C Vlak 3_A Vlak 3_B Vlak 3_C
Vlak 3 [1] Vlak 3 [1] Vlak 3 [2] Vlak 3 [2] Vlak 3 [2]
4.50 7.50 1.50 4.50 7.50
44.8 45.3 41.3 42.2 42.7
Vlak 3_A Vlak 3_B Vlak 3_C Vlak 3_A Vlak 3_B
Vlak 3 [3] Vlak 3 [3] Vlak 3 [3] Vlak 3 [4] Vlak 3 [4]
1.50 4.50 7.50 1.50 4.50
36.8 37.6 37.9 39.7 40.6
Vlak 3_C
Vlak 3 [4]
7.50
41.3
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V4.30
28/08/2018 10:39:50
Bijlage
Rho Adviseurs B.V. vestiging Rotterdam
3
Resultaten Oud Bonaventurasedijk
44001146.20180398
Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Rotterdam
44001146.20180398
Geluidbelasting ten gevolge van Oud Bonaventurasedijk inclusief aftrek artikel 110g Wgh Rapport: Model: Groep: Groepsreductie:
Landgoed Bonaventura
Resultatentabel Kopie van eerste model LAeq totaalresultaten voor toetspunten Oud Bonaventurasedijk Ja
Naam Toetspunt Vlak 1_A Vlak 1_B Vlak 1_C Vlak 1_A Vlak 1_B
Omschrijving Vlak 1 [1] Vlak 1 [1] Vlak 1 [1] Vlak 1 [2] Vlak 1 [2]
Hoogte 1.50 4.50 7.50 1.50 4.50
Lden 33.5 34.4 34.8 ---
Vlak 1_C Vlak 1_A Vlak 1_B Vlak 1_C Vlak 1_A
Vlak 1 [2] Vlak 1 [3] Vlak 1 [3] Vlak 1 [3] Vlak 1 [4]
7.50 1.50 4.50 7.50 1.50
-31.5 32.3 32.6 36.2
Vlak 1_B Vlak 1_C Vlak 2_A Vlak 2_B Vlak 2_C
Vlak 1 [4] Vlak 1 [4] Vlak 2 [1] Vlak 2 [1] Vlak 2 [1]
4.50 7.50 1.50 4.50 7.50
37.1 37.5 34.5 35.4 35.8
Vlak 2_A Vlak 2_B Vlak 2_C Vlak 2_A Vlak 2_B
Vlak 2 [2] Vlak 2 [2] Vlak 2 [2] Vlak 2 [3] Vlak 2 [3]
1.50 4.50 7.50 1.50 4.50
27.7 28.5 28.7 32.8 33.6
Vlak 2_C Vlak 2_A Vlak 2_B Vlak 2_C Vlak 3_A
Vlak 2 [3] Vlak 2 [4] Vlak 2 [4] Vlak 2 [4] Vlak 3 [1]
7.50 1.50 4.50 7.50 1.50
33.9 36.6 37.5 37.9 30.9
Vlak 3_B Vlak 3_C Vlak 3_A Vlak 3_B Vlak 3_C
Vlak 3 [1] Vlak 3 [1] Vlak 3 [2] Vlak 3 [2] Vlak 3 [2]
4.50 7.50 1.50 4.50 7.50
31.7 32.2 ----
Vlak 3_A Vlak 3_B Vlak 3_C Vlak 3_A Vlak 3_B
Vlak 3 [3] Vlak 3 [3] Vlak 3 [3] Vlak 3 [4] Vlak 3 [4]
1.50 4.50 7.50 1.50 4.50
30.4 31.2 31.5 31.7 32.5
Vlak 3_C
Vlak 3 [4]
7.50
32.9
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V4.30
28/08/2018 10:40:58
Bijlage 2 Verkennend bodemonderzoek
Rho adviseurs voor leefruimte
440016460211114
VERKENNEND BODEMONDERZOEK 'OUD BONAVENTURASEDIJK (LANDGOED BONAVENTURA)' TE MAASDAM
Rapportage T.17.9073
Juni 2017
TERRASCAN B.V. Afdeling bodemonderzoek Postbus 102 1170 AC Badhoevedorp
RAADGEVEND INGENIEURSBUREAU VOOR BODEM EN MILIEU
Opdrachtgever: De heer K.C.M. Pasman
COLOFON:
TERRASCAN B.V.
Afdeling bodemonderzoek Postbus 102, 1170 AC Badhoevedorp Hoofdweg 204, 1175 LD Lijnden Telefoon: 023 5551456 E-mail: terrascan@terrascan.nl Website: www.terrascan.nl Projectnummer: Projecttitel: Opdrachtgever: Contactpersoon:
16 juni 2017 TS\17\JdV\VO
T.17.9073 Verkennend bodemonderzoek ‘Oud Bonaventurasedijk (landgoed Bonaventura)’ te Maasdam De heer K.C.M. Pasman te Strijen Mevrouw W. Kuiper (Groen Ontwerp Kuiper)
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, geautomatiseerde gegevensbestanden of op welke andere wijze ook en evenmin in een retrieval systeem worden opgeslagen zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever.
2001+2002
INHOUDSOPGAVE
1.
INLEIDING .................................................................................................5
2.
ACHTERGRONDINFORMATIE ......................................................................6 2.1 Ligging en gebruik van de locatie .............................................................6 2.2 Vooronderzoek ....................................................................................6 2.3 Regionale bodemsamenstelling en geohydrologie........................................7
3.
DOEL VAN HET ONDERZOEK EN STRATEGIE ................................................9 3.1 Doel ..................................................................................................9 3.2 Strategie.............................................................................................9
4.
VELDONDERZOEK ................................................................................... 11 4.1 Uitvoering veldonderzoek ..................................................................... 11 4.2 Resultaten veldonderzoek .................................................................... 12
5.
LABORATORIUMONDERZOEK EN TOETSINGSKADER .................................. 13 5.1 Laboratoriumonderzoek ....................................................................... 13 5.2 Toetsingskader .................................................................................. 15
6.
INTERPRETATIE VAN DE RESULTATEN ...................................................... 18 6.1 Verkennend landbodemonderzoek ......................................................... 18 6.2 Verkennend waterbodemonderzoek........................................................ 18 6.3 Hergebruiksmogelijkheden grond en baggerspecie .................................... 18 6.4 Conclusie en advies ............................................................................ 19
7.
SAMENVATTING ...................................................................................... 20
2001+2002+2003
TABELLEN 1. 2. 3.
Analyseresultaten en toetsing grond Analyseresultaten en toetsing grondwater Analyseresultaten en toetsing baggerspecie
FIGUREN 1. 2.
Regionale tekening met ligging onderzochte locatie Situatietekening
BIJLAGEN 1. Kadastrale informatie 2. Locatiefoto’s 3. Bodemrapportage Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid 4. Controlelijst vooronderzoek waterbodem 5. Boorprofielen 6. Analysecertificaten 7. Toetsingswaarden Circulaire bodemsanering / Regeling bodemkwaliteit 8. Toetsingswaarden landbodem Regeling bodemkwaliteit 9. Toetsingswaarden toepassing in oppervlaktewater Regeling bodemkwaliteit 10. Verantwoording
2001+2002+2003
1.
INLEIDING
De heer K.C.M. Pasman heeft in 2017 aan Terrascan B.V. opdracht verleend voor het uitvoeren van een verkennend land- en waterbodemonderzoek ter plaatse van de Oud Bonaventurasedijk (landgoed Bonaventura) te Maasdam. De regionale ligging van de onderzoekslocatie is weergegeven in figuur 1. Het verkennend (water)bodemonderzoek is uitgevoerd naar aanleiding van de aanvraag van een omgevingsvergunning ten behoeve van de voorgenomen werkzaamheden. Het doel van het onderzoek is tweeledig:
Het geven van een representatieve indicatie van de eventuele aanwezigheid van milieuschadelijke stoffen in de boven- en ondergrond en het ondiepe grondwater van het perceel, in samenhang met eventuele vroegere en huidige activiteiten op en rond het perceel (verkennend bodemonderzoek conform NEN 5740). Het doel van het verkennend waterbodemonderzoek is het vaststellen van de milieuhygiënische kwaliteit en hergebruiksmogelijkheden van de bij de werkzaamheden vrijkomende waterbodem ter plaatse van de te verbreden sloten (verkennend waterbodemonderzoek conform NEN 5720).
Terrascan heeft het bodemonderzoek uitgevoerd in de periode van mei t/m juni 2017. Bij de uitvoering van het onderzoek is gewerkt conform de richtlijnen NEN 5740+A1:2016 ‘Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond’ en NEN 5720:2015 ‘Bodem - Waterbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend onderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van waterbodem en baggerspecie’. Het veldwerk is uitgevoerd onder procescertificaat van de BRL SIKB 2000 (Beoordelingsrichtlijn voor het SIKB-procescertificaat voor veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek). Terrascan B.V. is gecertificeerd volgens het procescertificaat veldwerk voor milieuhygiënisch bodemonderzoek. Eventuele afwijkingen ten opzichte van deze BRL zijn opgenomen in hoofdstuk 4. In de onderhavige rapportage wordt in hoofdstuk 2 de relevante achtergrondinformatie van de locatie behandeld met de ligging en het gebruik van de locatie, de resultaten van het vooronderzoek en de regionale bodemsamenstelling en geohydrologie. In hoofdstuk 3 worden het doel en de gekozen strategie van het onderzoek beschreven. De uitvoering en de resultaten van het veld- en laboratoriumonderzoek worden behandeld in de hoofdstukken 4 en 5.
In hoofdstuk 6 worden alle gegevens geïnterpreteerd en getoetst aan de hand van de Circulaire bodemsanering, de Regeling bodemkwaliteit voor het vaststellen van de verontreinigingssituatie en de hergebruiksmogelijkheden van de grond en baggerspecie. Hier worden tevens een conclusie en advies aan verbonden. Voor de samenvatting wordt verwezen naar hoofdstuk 7.
2001+2002+2003
T.17.9073 / V.O. ‘Oud Bonaventurasedijk (landgoed Bonaventura)’ te Maasdam
5
2.
ACHTERGRONDINFORMATIE
De onderstaande gegevens zijn mede gebaseerd op informatie van de zijde van de opdrachtgever. Het tekenmateriaal is mede verstrekt door de opdrachtgever. Er is vooronderzoek uitgevoerd conform NEN 5717:2009 en NEN 5725:2009. De resultaten van dit onderzoek zijn opgenomen in hoofdstuk 2.
2.1 Ligging en gebruik van de locatie
De onderzoekslocatie is gelegen ten zuidoosten van de rotonde/kruising Trambaan en ’s-Gravendeelseweg te Maasdam in de gemeente Binnenmaas (zie figuur 1). Het terrein is bekend bij de kadastrale gemeente Maasdam onder sectie G nummers 449 en 710 (zie bijlage 1). De coördinaten van de locatie zijn: X Y
= 98,050 = 421,980
± 200 m ± 120 m
Z
= NAP - 1,3 m
± 0,5 m
De onderzoekslocatie bevindt zich op twee agrarische percelen en betreft een bouwkavel, twee huidige kavelsloten en twee toekomstige sloten. (zie figuur 2 en locatiefoto’s in bijlage 2). De bouwkavel heeft een totale oppervlakte van ca. 5.600 m2 en is momenteel in gebruik als agrarische grond. De twee toekomstige sloten hebben een lengte van ca. 475 m en zijn eveneens in gebruik als agrarische grond. De bestaande perceelsloten hebben een totale lengte van ca. 490 m. De gehele onderzoekslocatie is onverhard of betreft waterbodem. De opdrachtgever is voornemens op de bouwkavel drie landhuizen met tuin te realiseren, de bestaande perceelsloten te verbreden en ter plaatse van de twee lijnvormige trajecten twee nieuwe sloten aan te leggen. De totale lengte van de toekomstige sloten en de te verbreden sloten bedraagt ca. 960 m. De ontgravingsdiepte varieert van 0,90 tot 1,75 m - mv. Aan de zuidwest- en zuidoostzijde grenst de onderzoekslocatie aan naburige agrarische percelen. Ten noorden en noordwesten bevindt de locatie zicht aan de openbare weg ’s-Gravendeelseweg en ten noordwesten grenst de locatie aan de Trambaan.
2.2 Vooronderzoek
Ten behoeve van het vooronderzoek zijn de bodemarchieven van Terrascan, de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid (zie bijlage 3) en de site van bodemloket geraadpleegd. Het vooronderzoek van het waterbodemonderzoek is uitgevoerd aan de hand van de controlelijst uit de NEN 5717:2009 (zie bijlage 4).
2001+2002+2003
T.17.9073 / V.O. ‘Oud Bonaventurasedijk (landgoed Bonaventura)’ te Maasdam
6
Vooronderzoek landbodem Ten westen en zuidwesten van de onderzoekslocatie is eerder verkennend bodemonderzoek uitgevoerd door Terrascan B.V. (kenmerk: T.08.5194, d.d. 18.04.2008). Uit analyseresultaten is gebleken dat de bovengrond licht is verontreinigd door koper en/of EOX en het grondwater licht is verontreinigd door zink. Geconcludeerd is dat vervolgonderzoek niet noodzakelijk was. Uit de informatie van de Omgevingsdienst blijkt dat deels op de onderzoekslocatie een gedempte sloot ligt. Op de site van Bodemloket (www.bodemloket.nl) is geen informatie over de onderzoekslocatie beschikbaar. Volgens de toepassings- en ontgravingskaart van de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid bevindt de grond ter plaatse van de onderzoekslocatie zich in de toepassings/ontgravingsklasse ‘achtergrondwaarde’. Volgens de bodemfunctieklassenkaart van de Omgevingsdienst bevindt de onderzoekslocatie zich in een zone met de functieklasse landbouw / natuur. Er heeft in het verleden, voor zover bekend, op de onderzoekslocatie geen (ondergrondse) opslag van bodembedreigende (vloei)stoffen plaatsgevonden. Tevens hebben zich, voor zover bekend, geen milieucalamiteiten voorgedaan.
Vooronderzoek watebodem Voor zover bekend bij de opdrachtgever en de Omgevingsdienst zijn in het verleden op de onderhavige onderzoekslocatie geen waterbodemonderzoeken uitgevoerd. Voorafgaand aan de veldwerkzaamheden was geen actuele informatie bekend over de dikte en opbouw van de waterbodem. De verwachting was dat ter plaatse een laag slib is gelegen, met hieronder een vaste waterbodem bestaande uit veen. Er is geen informatie beschikbaar over (eventueel) uitgevoerde baggerwerkzaamheden in het verleden. Nabij de locatie zijn voor zover bij ons bekend geen puntbronnen van mogelijke verontreinigingen aanwezig. Op basis van het vooronderzoek wordt verwacht dat de waterbodem in de te onderzoeken watergang als onverdacht wordt beschouwd op het voorkomen van significante bodemverontreinigingen. Voor de gehanteerde strategie en onderzoeksinspanning wordt verwezen naar de strategie van het waterbodemonderzoek in hoofdstuk 3. Voor de resultaten van het vooronderzoek wordt verwezen naar bijlage 4. 2.3 Regionale bodemsamenstelling en geohydrologie
De regionale bodemopbouw is weergegeven in onderstaand model. De gegevens zijn ontleend aan de Grondwaterkaart van Nederland (TNO Bouw en Ondergrond, REGIS II Kartering). Het model geeft informatie over de geologische en bodemkundige opbouw. Deze informatie is beschikbaar gesteld op basis van geïnterpreteerde gegevens die verkregen zijn door onder andere booronderzoeken en / of grondwateronderzoeken. De schematische weergaven van de regionale bodemopbouw en
2001+2002+2003
T.17.9073 / V.O. ‘Oud Bonaventurasedijk (landgoed Bonaventura)’ te Maasdam
7
geohydrologie zijn opgenomen in onderstaand model en tabel. De locatie is niet gelegen in een waterwingebied of grondwaterbeschermingsgebied.
Diepte t.o.v. NAP in meters
Geohydrologie
Lithologie (samenstelling)
-1,3 tot -14
Holocene afzetting (hlc)
Afwisseling van zandige, kleiige en organogene afzettingen
Formatie van Boxtel (bxz2+bxz3) -14 tot -21
Formatie van Kreftenheye (krz2+krz3+krz5+krz6)
-21 tot < -25
Formatie van Waalre (wak1)
Zandige eenheden, overwegend bestaande uit zand (fijn tot en met grof zand), grind en / of schelpen Kleiige eenheid, overwegend bestaande uit klei, zandige klei en/of kleiig zand
2001+2002+2003
T.17.9073 / V.O. ‘Oud Bonaventurasedijk (landgoed Bonaventura)’ te Maasdam
8
3.
DOEL VAN HET ONDERZOEK EN STRATEGIE
3.1 Doel
Het doel van het onderzoek is tweeledig:
Het geven van een representatieve indicatie van de eventuele aanwezigheid van milieuschadelijke stoffen in de boven- en ondergrond en het ondiepe grondwater van het perceel, in samenhang met eventuele vroegere en huidige activiteiten op en rond het perceel (verkennend bodemonderzoek conform NEN 5740). Het vaststellen van de milieuhygiënische kwaliteit en hergebruiksmogelijkheden van de bij de werkzaamheden vrijkomende waterbodem ter plaatse van de te verbreden sloten (verkennend waterbodemonderzoek conform NEN 5720).
3.2 Strategie
Op basis van de achtergrondinformatie en een terreininspectie voorafgaand aan de veldwerkzaamheden is de gehele onderzoekslocatie als onverdacht beschouwd op het voorkomen van significante bodemverontreinigingen. Bij het verkennend land- en waterbodemonderzoek zijn de volgende strategieën gehanteerd: Verkennend landbodemonderzoek Het verkennend landbodemonderzoek is uitgevoerd conform de richtlijn NEN 5740+A1:2016 ‘Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond’, § 5.1 ‘Onderzoeksstrategie voor een onverdachte lijnvormige locatie (ONV-NL)’ en § 5.1 ‘Onderzoeksstrategie voor een onverdachte niet-lijnvormige locatie (ONV-NL)’. De onderzoekslocatie is op basis van de geplande werkzaamheden opgedeeld in twee deellocaties:
Deellocatie ‘toekomstige en te verbreden sloten’ (lijnvormig) Deellocatie ‘bouwkavel’ (niet lijnvormig)
Ter plaatse van de deellocatie ‘toekomstige en te verbreden sloten’ zijn de boringen doorgezet tot ca. 2,0 m - mv (0,25 m onder de maximale voorgenomen ontgravingsdiepte). Bij de situering van de boringen si rekening gehouden met een gedempte sloot (zie figuur 2). Uitgangspunt is dat de sloot is gedempt met gebiedseigen grond. De posities van de boringen zijn zodanig gekozen, dat een zo representatief mogelijk beeld van de bodem ter plaatse van de onderzoekslocatie is verkregen. De posities van de boorpunten zijn aangegeven in figuur 2.
2001+2002+2003
T.17.9073 / V.O. ‘Oud Bonaventurasedijk (landgoed Bonaventura)’ te Maasdam
9
Waterbodemonderzoek Het waterbodemonderzoek is uitgevoerd conform de richtlijn NEN 5720:2009, ‘Bodem Waterbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend onderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van waterbodem en baggerspecie’, § 5.4.16 ‘Overig water, lintvormig, normale onderzoeksinspanning’. De twee perceelsloten staan haaks met elkaar in verbinding en worden als één waterbodemtraject gezien met een totale lengte van ca. 490 m. De posities van de boringen zijn in de lengte op een gelijkmatige afstand verdeeld. Met behulp van toevalsgetallen zijn de boringen in de breedte aselect verdeeld.
2001+2002+2003
T.17.9073 / V.O. ‘Oud Bonaventurasedijk (landgoed Bonaventura)’ te Maasdam
10
4.
VELDONDERZOEK
4.1 Uitvoering veldonderzoek
Werkwijze De veldwerkzaamheden zijn op 12, 15 en 19 mei 2017 uitgevoerd onder begeleiding van een conform het Besluit bodemkwaliteit erkende medewerker van Terrascan B.V. conform protocol 2001 (zie bijlage 10). Ten behoeve van de grond- en waterbodembemonstering zijn de volgende boringen verricht (zie figuur 2):
12 boringen tot ca. 0,5 m - mv. (boring 23 t/m 25 en 28 t/m 36 ) 22 boringen tot ca. 2,0 m - mv. (boring 01 t/m 07, 09 t/m 15, 17 t/m 21, 26, 27 en 37) 3 boringen tot ca. 3,0 m - mv. met peilbuis (boring 08, 16 en 22) 10 boringen tot 0,5 m in de vaste waterbodem (S01 t/m S10)
Te plaatse van de gedempte sloot zijn geen aanwijzingen aangetroffen die duiden op dempingsmateriaal. Het grondwater is op 19 mei 2017 (een week na plaatsing van de peilbuizen) bemonsterd door een conform het Besluit bodemkwaliteit erkende medewerker van Terrascan B.V. conform protocol 2002 en NEN 5744:2011 (zie bijlage 10). Van het bemonsterde grondwater zijn de pH (zuurgraad), EGV (geleidbaarheid) en troebelheid gemeten.
Boorbeschrijvingen en zintuiglijke waarnemingen Het opgeboorde materiaal is beschreven aan de hand van textuur (korrelgrootteverdeling), kleur, geur en eventuele bijzondere eigenschappen*. Hierbij is de mogelijke aanwezigheid van een verontreiniging onderzocht aan de hand van de volgende waarnemingen: - kleur: - geur: - olie:
- bodemvreemd materiaal: *
het zien van opvallende of bodemvreemde kleuren. het waarnemen van opvallende of bodemvreemde geuren. door middel van onderdompeling van een verdacht stukje bodemmateriaal in water kan aanwezigheid van olie worden geconstateerd door het ontstaan van een dun filmlaagje op het water. het aantreffen van bodemvreemd materiaal zoals puin, sintels, slakken, asbest, e.d.
Het opgeboorde materiaal is zintuiglijk beoordeeld ten behoeve van het milieuhygiënisch onderzoek. De waarnemingen zijn niet zonder meer geschikt voor civieltechnische doeleinden.
2001+2002+2003
T.17.9073 / V.O. ‘Oud Bonaventurasedijk (landgoed Bonaventura)’ te Maasdam
11
4.2 Resultaten veldonderzoek
De bodemopbouw en zintuiglijke waarnemingen zijn weergegeven in de boorprofielen in bijlage 5. Hierin is tevens een legenda opgenomen met een verklaring van de gebruikte symbolen en arceringen. In de landbodem is ter plaatse van de gehele onderzoekslocatie in de bovengrond zandige of siltige klei aangetroffen tot ca. 0,5 m - mv. Hieronder werd afwisselend siltig zand, zandige of siltige klei en/of kleiig veen aangetroffen tot de einddieptes van de boringen (maximaal 3,0 m - mv.). In de bodem zijn geen bodemvreemde bijmengingen, geuren en / of kleuren waargenomen. Tijdens het veldwerk is geen specifiek onderzoek gedaan naar asbest. Als tijdens het veldwerk asbestverdacht materiaal wordt aangetroffen, wordt hier echter wel melding van gemaakt. Bij een globale visuele inspectie tijdens het veldwerk van het onderhavige bodemonderzoek is in of op de bodem van de onderzoekslocatie geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. De waterbodem bestaat uit een laag slib met een dikte van 13 à 31 cm. De onderliggende vaste waterbodem bestaat uit kleiig veen. In de waterbodem zijn geen bodemvreemde geuren, kleuren of materialen waargenomen. De waterdiepte bedroeg ten tijde van de veldwerkzaamheden 15 à 27 cm. De grondwaterstand, pH, EGV en troebelheid zijn bepaald. De resultaten zijn in onderstaand overzicht weergegeven: Peilbuis
Filterstelling (m - mv.)
Grondwaterstand (m - mv.)
pH (-)
EGV (µS/cm)
Troebelheid (NTU)
08
2,00 - 3,00
1,10
6,7
3.200
10
16
2,00 - 3,00
1,10
6,1
2.400
9
22
2,00 - 3,00
1,20
6,0
2.900
9
2001+2002+2003
T.17.9073 / V.O. ‘Oud Bonaventurasedijk (landgoed Bonaventura)’ te Maasdam
12
5.
LABORATORIUMONDERZOEK EN TOETSINGSKADER
5.1 Laboratoriumonderzoek
Op basis van zintuiglijke waarnemingen (bodemsoort en bodemtraject) zijn monsters geselecteerd en mengmonsters samengesteld ten behoeve van de laboratoriumanalyses. De NEN 5740 richtlijnen geven een standaard aantal chemische stoffen waarop de monsters geanalyseerd dienen te worden. De monsters zijn in het laboratorium geanalyseerd op de parameters zoals aangegeven in de onderstaande tabel.
Grond
Monstercode (opmerking)
Boornummer (traject in m-mv.)
Onderzochte parameters
MM01 - deellocatie ‘toekomstige en te verbreden sloten’ (bovengrond klei)
01 (0,00-0,50) 02 (0,00-0,50) 03 (0,00-0,50) 05 (0,00-0,50) 06 (0,00-0,50) 07 (0,00-0,50) 08 (0,00-0,50) 09 (0,00-0,50) 10 (0,00-0,50) 11 (0,00-0,50)
NEN 5740 grond
12 (0,00-0,50) 13 (0,00-0,50) 14 (0,00-0,50) 15 (0,00-0,50) 16 (0,00-0,50) 17 (0,00-0,50) 18 (0,00-0,50) 19 (0,00-0,50) 20 (0,00-0,50) 21 (0,00-0,50)
NEN 5740 grond
MM03 - deellocatie ‘toekomstige en te verbreden sloten’ (ondergrond zand)
03 (0,50-1,00) 04 (0,50-1,50) 05 (0,50-1,50) 11 (0,50-1,50) 12 (0,50-1,50) 21 (0,50-1,00)
NEN 5740 grond
MM04 - deellocatie ‘toekomstige en te verbreden sloten’ (ondergrond klei)
01 (1,00-1,50) 02 (0,50-1,00) 03 (1,00-1,50) 04 (1,50-2,00) 06 (1,00-1,50) 07 (0,50-1,00) 08 (1,50-2,00) 09 (0,50-1,00) 10 (0,50-1,00) 11 (1,50-2,00)
NEN 5740 grond
MM05 - deellocatie ‘toekomstige en te verbreden sloten’ (ondergrond klei)
12 (1,50-2,00) 13 (1,00-1,50) 14 (0,50-1,00) 15 (1,00-1,50) 16 (1,00-2,00) 17 (0,50-1,00) 18 (1,50-2,00) 19 (1,00-1,50) 20 (0,50-1,00)
NEN 5740 grond
MM02 - deellocatie ‘toekomstige en te verbreden sloten’ (bovengrond klei)
2001+2002+2003
T.17.9073 / V.O. ‘Oud Bonaventurasedijk (landgoed Bonaventura)’ te Maasdam
13
Grondwater
Baggerspecie
Monstercode (opmerking)
Boornummer (traject in m-mv.)
Onderzochte parameters
MM06 - deellocatie ‘toekomstige en te verbreden sloten’ (ondergrond veen)
05 (1,50-2,00) 06 (1,50-2,00) 07 (1,00-2,00) 09 (1,00-1,50) 10 (1,00-1,50) 14 (1,50-2,00) 15 (1,50-2,00) 21 (1,00-2,00)
NEN 5740 grond
MM07 - deellocatie ‘bouwkavel’ (bovengrond klei)
22 (0,00-0,50) 23 (0,00-0,50) 24 (0,00-0,50) 25 (0,00-0,50) 26 (0,00-0,50) 27 (0,00-0,50) 28 (0,00-0,50) 29 (0,00-0,50)
NEN 5740 grond
MM08 - deellocatie ‘bouwkavel’ (bovengrond klei)
30 (0,00-0,50) 31 (0,00-0,50) 32 (0,00-0,50) 33 (0,00-0,50) 34 (0,00-0,50) 35 (0,00-0,50) 36 (0,00-0,50) 37 (0,00-0,50)
NEN 5740 grond
MM09 - deellocatie ‘bouwkavel’ (ondergrond klei)
22 (0,50-1,50) 26 (0,50-1,00) 26 (1,50-2,00) 27 (0,50-2,00) 37 (0,50-2,00)
NEN 5740 grond
Peilbuis 08
08 (2,00-3,00)
NEN 5740 grondwater
Peilbuis 16
16 (2,00-3,00)
NEN 5740 grondwater
Peilbuis 22
22 (2,00-3,00)
NEN 5740 grondwater
MM10 (sliblaag)
S01 (0,24-0,48) S02 (0,24-0,48) S03 (0,24-0,37) S04 (0,24-0,37) S05 (0,27-0,45) S06 (0,15-0,45) S07 (0,24-0,45) S08 (0,24-0,55) S09 (0,24-0,55) S10 (0,24-0,55)
NEN 5720 waterbodem
MM11 (vaste waterbodem veen)
S01 (0,48-0,98) S02 (0,48-0,98) S03 (0,37-0,87) S04 (0,37-0,87) S05 (0,45-0,95) S06 (0,45-0,95) S07 (0,45-0,95) S08 (0,55-1,05) S09 (0,55-1,05) S10 (0,55-1,05)
NEN 5720 waterbodem
M = mengmonster NEN 5740 grond:
NEN 5740 grondwater:
NEN 5720 waterbodem:
metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink), PAK (polycyclische aromatische koolwaterstoffen), PCB (polychloorbifenylen), minerale olie, droge stof-, lutum- en organische stofgehalte. metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink), VAK (vluchtige aromatische koolwaterstoffen), naftaleen, VOCl (vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen), tribroommethaan, minerale olie. metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink), PAK (polycyclische aromatische koolwaterstoffen), PCB (polychloorbifenylen), minerale olie, droge stof-, lutum- en organische stofgehalte.
2001+2002+2003
T.17.9073 / V.O. ‘Oud Bonaventurasedijk (landgoed Bonaventura)’ te Maasdam
14
De chemische analyses zijn uitgevoerd volgens NEN-normen of -richtlijnen door een laboratorium dat is geaccrediteerd volgens de door de Raad voor Accreditatie (RvA) gestelde criteria voor testlaboratoria conform ISO/IEC 17025:2005. Daar waar deze normen of richtlijnen ontbreken, zijn door het laboratorium eigen methodes toegepast. In bijlage 6 zijn de analyseresultaten van de grond- en grondwatermonsters opgenomen.
5.2 Toetsingskader
De uit de chemische analyse verkregen waarden zijn getoetst aan de Circulaire bodemsanering, de Regeling bodemkwaliteit en Toetsingswaarden toepassing in oppervlaktewater Regeling bodemkwaliteit (zie bijlagen 7, 8 en 9). Toetsing ten behoeve van vaststelling verontreinigingsgraad grond / grondwater Voor het toetsen ten behoeve van het vaststellen van de verontreinigingsgraad van grond en / of grondwater is de volgende terminologie gehanteerd:
Achtergrondwaarden (A) voor grond: Landelijk geldende waarden voor een multifunctionele bodemkwaliteit die de grens vormen aan wat in het dagelijks gebruik ‘schone grond’ wordt genoemd. De achtergrondwaarden zijn vastgesteld op basis van gehalten aan stoffen zoals die voorkomen in de (onverdachte) bodem van natuur- en landbouwgronden. Streefwaarden (S) voor grondwater: Landelijk geldende waarden die aangeven tot welke concentraties er sprake is van verwaarloosbare effecten op het milieu. Interventiewaarden (I): Landelijk geldende waarden die aangeven dat bij overschrijding sprake is van potentiële ernstige vermindering van de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, plant of dier, als bedoeld in de Wet bodembescherming. Er is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging indien voor ten minste één stof de gemiddelde gemeten concentratie van minimaal 25 m3 grond of 100 m3 grondwater (poriënverzadigd bodemvolume) hoger is dan de interventiewaarde.
De achtergrondwaarden voor grond zijn opgenomen in de Regeling bodemkwaliteit. De streefwaarden voor grondwater en de interventiewaarden voor grond en grondwater zijn opgenomen in de Circulaire bodemsanering. Bij de toetsing en interpretatie van de analyseresultaten zijn de volgende aanduidingen gehanteerd: + ++
: kleiner of gelijk aan de achtergrondwaarde voor grond of de streefwaarde voor grondwater (= niet verontreinigd); : groter dan de achtergrondwaarde (grond) of streefwaarde (grondwater) en kleiner of gelijk aan de interventiewaarde (= licht verontreinigd); : groter dan interventiewaarde (= sterk verontreinigd).
In de onderhavige rapportage wordt gesproken van verontreinigingen indien de aangetoonde concentraties in de grond de achtergrondwaarden uit de Regeling bodemkwaliteit of in het grondwater de streefwaarden uit de Circulaire bodemsanering overschrijden.
2001+2002+2003
T.17.9073 / V.O. ‘Oud Bonaventurasedijk (landgoed Bonaventura)’ te Maasdam
15
Toetsing ten behoeve van toepassing grond en / of baggerspecie Voor het toetsen ten behoeve van de toepassing van grond en / of baggerspecie op of in de bodem of in oppervlaktewater is de volgende terminologie gehanteerd:
Achtergrondwaarden (A): Landelijk geldende waarden voor een multifunctionele bodemkwaliteit die de grens vormen aan wat in het dagelijks gebruik ‘schone grond of bagger’ wordt genoemd. De achtergrondwaarden zijn vastgesteld op basis van gehalten aan stoffen zoals die voorkomen in de (onverdachte) bodem van natuur- en landbouwgronden. Maximale waarden bodemfunctieklasse wonen (MW) en industrie (MI): Landelijk vastgestelde generieke waarden voor de bodemkwaliteit die voor een groep van bodemfuncties in algemene zin de bovengrens aangeeft van wat als een duurzaam geschikte toestand wordt beschouwd. Maximale waarden bodemkwaliteitsklasse wonen (MW) en industrie (MI): Landelijk vastgestelde generieke waarden voor klassen waarin de actuele bodemkwaliteit kan worden ingedeeld. De bovengrens van deze klassen die de actuele bodemkwaliteit weergeven komt overeen met de overeenkomstige bodemfunctieklassen die de gewenste kwaliteit weergeven. Maximale waarden kwaliteitsklasse A (MA) en B (MB): Bij toepassing van grond of baggerspecie op de waterbodem worden de kwaliteitsklassen A en B gehanteerd.
Interventiewaarden (I): Landelijk geldende waarden die aangeven dat bij overschrijding sprake is van potentiële ernstige vermindering van de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, plant of dier, als bedoeld in de Wet bodembescherming (zie ook ‘Toetsing ten behoeve van vaststelling verontreinigingsgraad’). Lokale maximale waarden: Lokaal vastgestelde waarden voor de bodemkwaliteit waaraan de toe te passen grond en baggerspecie moet voldoen. Bij het vaststellen van deze waarden is door het bevoegd gezag rekening gehouden met de actuele bodemkwaliteit en de risico’s voor de bodemfunctie ter plaatse. Aangezien de hergebruikslocatie van de grond bij het opstellen van de onderhavige rapportage niet bij ons bekend was, is hier geen rekening mee gehouden. Derhalve zijn de analyseresultaten uitsluitend getoetst aan de generieke (landelijke) maximale waarden. Mogelijk zijn in het bodembeheerplan en de bodemkwaliteitskaart van de gemeente waar de grond zal worden toegepast afwijkende maximale hergebruikswaarden opgenomen.
De landelijke generieke toetsingswaarden voor grond en baggerspecie (achtergrondwaarden en maximale waarden) zijn opgenomen in de Regeling bodemkwaliteit. Bij de toetsing en interpretatie van de analyseresultaten zijn de volgende aanduidingen gehanteerd: ●
: kleiner of gelijk aan de achtergrondwaarde (klasse landbouw / natuur); : groter dan de achtergrondwaarde en kleiner of gelijk aan de maximale waarde bodemfunctieklasse of bodemkwaliteitsklasse wonen (klasse wonen); ●● : groter dan de maximale waarde bodemfunctieklasse of bodemkwaliteitsklasse wonen en kleiner of gelijk aan de maximale waarde bodemfunctieklassen of bodemkwaliteitsklasse industrie (klasse industrie); ●●● : groter dan de maximale waarde bodemfunctieklasse of bodemkwaliteitsklasse industrie (klasse niet toepasbaar).
2001+2002+2003
T.17.9073 / V.O. ‘Oud Bonaventurasedijk (landgoed Bonaventura)’ te Maasdam
16
De klassenindeling van de grond is indicatief, aangezien niet conform het protocol uit de Regeling bodemkwaliteit voor het uitvoeren van een partijkeuring is bemonsterd en geanalyseerd. Bij de toetsing en interpretatie van de analyseresultaten van de waterbodem zijn de volgende aanduidingen gehanteerd voor de toepassing in oppervlaktewater: ○
: kleiner of gelijk aan de achtergrondwaarde (klasse landbouw / natuur); : groter dan de achtergrondwaarde en kleiner of gelijk aan de maximale waarde kwaliteitsklasse A (klasse A); ○○ : groter dan de maximale waarde kwaliteitsklasse A en kleiner of gelijk aan de maximale waarde kwaliteitsklasse B (klasse B); ○○○ : groter dan de maximale waarde kwaliteitsklasse B (klasse niet toepasbaar).
Bodemtypecorrectie De toetsingswaarden voor grond en baggerspecie zijn bodemtype-afhankelijk en gebaseerd op een standaardbodem met een organische stofgehalte van 10 gew.% en een lutumgehalte van 25 gew.%. Bij de toetsing van de analyseresultaten van grond en baggerspecie dienen derhalve de gemeten concentraties middels een bodemtypecorrectie te worden omgerekend naar standaardbodem. De resultaten van de analyses en toetsingen zijn samengevat weergegeven in tabel 1 t/m 3. De generieke toetsingswaarden zijn opgenomen in bijlage 7, 8 en 9.
2001+2002+2003
T.17.9073 / V.O. ‘Oud Bonaventurasedijk (landgoed Bonaventura)’ te Maasdam
17
6.
INTERPRETATIE VAN DE RESULTATEN
6.1 Verkennend landbodemonderzoek
Grond In de grond zijn maximaal lichte verontreinigingen door diverse metalen aangetoond. Voor de lichte verontreinigingen zijn vooralsnog geen eenduidige verklaringen gevonden. Grondwater In het grondwater zijn lichte verontreinigingen (> S) door barium en/of naftaleen aangetoond. De aangetoonde lichte verontreiniging door barium in het grondwater is mogelijk (deels) het gevolg van een tijdelijke verstoring van het natuurlijk bodemevenwicht als gevolg van het plaatsen van de peilbuis. Hierdoor kunnen tijdelijk verhoogde concentraties in het grondwater voorkomen, ondanks dat de in de NEN 5744 voorgeschreven minimale wachttijd van 7 dagen tussen het plaatsen van de peilbuizen en het bemonsteren van het grondwater is aangehouden. Indien sprake is van een tijdelijke verstoring van het natuurlijk bodemevenwicht zal de lichte verontreiniging bij een eventuele herbemonstering van het grondwater in een later stadium naar verwachting niet meer worden aangetoond. Voor de verontreiniging door naftaleen is vooralsnog geen verklaring gevonden. Dergelijk licht verhoogde concentraties worden vaker in de omgeving aangetoond. Voor de gedetailleerde resultaten en toetsing van de waarden wordt verwezen naar tabellen 1, 2 en 3 en bijlagen 6, 7, 8 en 9.
6.2 Verkennend waterbodemonderzoek In mengmonster MM10 van het slib en mengmonster MM11 van de venige vaste waterbodem heeft geen van de onderzochte potentieel milieuschadelijke stoffen de achtergrondwaarde overschreden.
6.3 Hergebruiksmogelijkheden grond en baggerspecie
De overschrijdingen van de achtergrondwaarden door de concentraties cadmium, koper, molybdeen en/of nikkel in de grond van de mengmonster MM01 en MM06 t/m MM08 voldoen aan de uitzonderingsregel uit artikel 4.2.2 van de Regeling bodemkwaliteit. Derhalve wordt deze grond indicatief ingedeeld in de bodemkwaliteitsklasse landbouw / natuur en komt deze mogelijk in aanmerking voor hergebruik binnen alle bodemfunctieklassen.
2001+2002+2003
T.17.9073 / V.O. ‘Oud Bonaventurasedijk (landgoed Bonaventura)’ te Maasdam
18