Keuzenotitie Verduurzaming gemeentelijk vastgoed
Tekst van het document
Startnotitie Aan: Van: Zaaknummer: Documentnummer: Portefeuillehouder: Team: Datum vaststelling college: Vertrouwelijk: Fase BOB-cyclus:
gemeenteraad college van burgemeester en wethouders Z/22/179717 DOC-22654874 wethouder Van der Wulp Omgeving 7 maart 2023 Nee beeldvormend, oordeelsvormend en besluitvormend
Onderwerp Verduurzaming gemeentelijk vastgoed. Waarom deze startnotitie? Volgens het Hoofdlijnenakkoord 2022-2026 'Samen doordacht doen' vragen wij van onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties gedragsverandering op het gebied van duurzaamheid en dat wij als lokale overheid het goede voorbeeld geven voor wat betreft duurzaamheid. Een van de maatschappelijke opgaven uit het Collegeprogramma 2022-2026 is dan ook 'Duurzaam eiland'. Veel concrete acties leveren daar een bijdrage aan. Een daarvan is dat wij de komende periode € 14 miljoen investeren in de verduurzaming van het gemeentelijk vastgoed. Wij hebben uw raad toegezegd - overeenkomstig de tijdens de begrotingsbehandeling op 10 november 2022 door uw raad uitgesproken wens - om de uitwerking van investeringen in de verduurzaming van ons eigen vastgoed eerst aan uw raad voor te leggen, vóórdat die worden uitgevoerd. Met deze startnotitie geven wij inzicht in de wijze waarop wij de verduurzaming van het gemeentelijk vastgoed willen aanpakken. En op welke momenten wij uw raad voorstellen voor investeringskredieten ter besluitvorming zullen voorleggen. Deze startnotitie krijgt dan ook geen vervolg in een beleidsnota, maar markeert het begin van een proces waarbij wij separate raadsvoorstellen voor investeringskredieten voor elk pand afzonderlijk aan de raad ter besluitvorming zullen voorleggen.
Waarom nu? Gemeente Hoeksche Waard heeft als ambitie om in 2040 energieneutraal te zijn. Eind 2022 bekrachtigde de raad dit nog eens met het vaststellen van de verschillende uitvoeringsprogramma's van het programmaplan Duurzaamheid. Dit is een versnelling van het landelijke beleid dat in het Klimaatakkoord aangeeft te streven uiterlijk in 2050 klimaatadaptief en energieneutraal (en aardgasvrij) te zijn. Een van de doelstellingen onder Energieneutraal 2040 is die om in 2030 het gemeentelijk vastgoed zo veel mogelijk energieneutraal te hebben. Naast het optimaal benutten van natuurlijke momenten voor verduurzaming (zoals bij het uitvoeren van groot onderhoud volgens de meerjarenonderhoudsplannen, bij renovatie en bij nieuwbouw), zijn voor het realiseren van de ambities aanvullende maatregelen nodig. Dit gaat verder dan de instandhouding van het vastgoed en betekent een versnelling en extra investeringen. De aanpak voor het 1/4
verduurzamen van gemeentelijk vastgoed is maatwerk op gebouwniveau en vraagt tegelijk ook een integrale aanpak op het niveau van de totale vastgoedportefeuille. Overigens moeten en/of kunnen niet alle gebouwen naar het gewenste niveau worden gebracht. Denk hierbij bijvoorbeeld aan monumenten en kerktorens. Om toch te zorgen voor het gewenste eindresultaat voor de vastgoedportefeuille kan het zijn dat er aan bepaalde gebouwen meer moet worden gedaan dan aan anderen zodat dit compenserend kan werken binnen het totaal. In het Hoofdlijnenakkoord 2022-2026 is aangegeven dat we voor het realiseren van onze ambities afhankelijk zijn van het tijdig beschikbaar stellen van financiële middelen door het Rijk. Op 1 juli 2022 is de Subsidieregeling duurzaam maatschappelijk vastgoed in de Staatscourant (Stcrt. 202217379) gepubliceerd. Via deze regeling kunnen eigenaren van maatschappelijk vastgoed tegemoet worden gekomen bij de kosten die zij maken bij het uitvoeren van combinaties van verduurzamingsmaatregelen die bijdragen aan het verbeteren van de energieprestatie van een gebouw en CO2-emissiereductie tot gevolg hebben. En worden eigenaren van maatschappelijk vastgoed ondersteund bij de voorbeeldrol die van hen wordt verwacht.
Bij het opstellen in 2020/2021 van nieuwe meerjarenonderhoudsplannen voor een deel van het gemeentelijk vastgoed (vastgesteld voorjaar 2021) is de huidige energetische kwaliteit van die gebouwen in kaart gebracht (EPA-U maatwerkadviezen) met daarbij een grove indicatie/verkenning van de mogelijke verbetermaatregelen voor verduurzaming. Dit moet worden uitgewerkt in een concreet verduurzamingsplan per gebouw voor de gemeentelijke vastgoedportefeuille. Met het Hoofdlijnenakkoord 2022-2026, het Collegeprogramma 2022-2026, de publicatie van de regeling voor Rijkssubsidie en de reeds uitgevoerde voorbereidende werkzaamheden op hoofdlijnen is dit het moment om de verduurzaming van het gemeentelijk vastgoed projectmatig - zowel qua voorbereiding als uitvoering - op te pakken. Dit klemt te meer in het licht van de actualiteit met betrekking tot de energiemarkt. Wie bereidt voor en voert uit? Het gemeentelijk vastgoed is met uitzondering van schoolgebouwen, buitensportaccommodaties en een enkele andere accommodatie in beheer en/of exploitatie ondergebracht bij Bres Accommodaties B.V. (hierna: Bres). Door Bres wordt de verduurzaming van het gemeentelijk vastgoed voorbereid en uitgevoerd.
Dat is geen onderdeel van de Dienstverleningsovereenkomst, maar bij Bres is wel de vereiste expertise aanwezig en kan verduurzaming worden gecombineerd met groot onderhoud waarvoor Bres wel contractueel verantwoordelijk is. Zo borgen wij de samenhang. Wat heeft géén prioriteit? De vastgoedportefeuille (zo'n 115 objecten) is zeer divers en loopt uiteen van kerktorens, bergingen, dorpshuizen tot aan zwembaden. Voor zo'n 55 objecten geldt dat verduurzaming niet aan de orde is. Dit betreft kerktorens, bergingen op begraafplaatsen en leegstaande gebouwen. Voor de rest, zo'n 60 objecten, geldt dat 14 gebouwen reeds (gedeeltelijk) verduurzaamd zijn en daarom nu geen prioriteit hebben. Verder zijn er zo'n 26 gebouwen waarvan het toekomstperspectief nog niet duidelijk is. Voor deze panden moeten wij eerst duidelijk krijgen wat de visie is voor de langere termijn. Die 2/4
visie is noodzakelijk om goed onderbouwde keuzes te kunnen maken voor deze panden en op basis daarvan (groot) onderhoud en verduurzaming te realiseren. De hiervoor bedoelde gebouwen zijn vooralsnog buiten beschouwing gebleven. Dit om te voorkomen dat investeringen vanuit planmatig (groot) onderhoud en mogelijke verduurzaming worden uitgevoerd terwijl die gebouwen op (kortere of langere) termijn niet meer (afstoten leegstand al dan niet met herontwikkeling van de locatie) of functioneel heel anders gebruikt zullen gaan worden en het dus desinvesteringen blijken te zijn geweest. Wij laten ons hierover adviseren door Bres. Wat heeft wél prioriteit? Wat resteert zijn zo'n 20 gebouwen waarvan het toekomstperspectief op dit moment zeker is en waaraan dus (groot) onderhoud in combinatie met verduurzaming kan worden uitgevoerd. Binnen die categorie hebben die gebouwen prioriteit waarvoor gepland (groot) onderhoud in de jaren 20222025 is voorzien, waarop de gestegen energieprijzen de grootste impact hebben en waarvoor expliciete en redelijke wensen van gebruikers en/of de raad zijn geuit. De bedoeling is om jaarlijks een cluster van zo'n 5 gebouwen in voorbereiding te nemen en/of uit te voeren zodat een 'treintje' richting 2030 ontstaat. Het moet immers 'behapbaar' blijven en bovendien ontwikkelen ook technologieën zich steeds verder. In 2023 starten wij met een vijftal gebouwen.
Er is daarbij rekening gehouden met de urgentie voor gebouwen die 'grootverbruikers' qua energie zijn, zoals bijvoorbeeld Sportcentrum de Boogerd in OudBeijerland en ook HW Werkt!. Echter, niet alleen om deze reden willen wij met deze gebouwen starten, maar ook omdat voor deze gebouwen op basis van het meerjarenonderhoudsplan investeringen moeten worden gedaan doen die verduurzaming raken. Door dit te combineren gaan wij efficiënter met de middelen om en met een beter resultaat. Concreet voor 2023: 1. Sportzaal ’t Paradijs, Wiardi Beckmanstraat 32 te Oud-Beijerland. 2. HW-Werkt!, Jan v.d. Heydenstraat 11 te Oud-Beijerland. 3. Sportcentrum de Boogerd, Hortensiastraat 5 te Oud-Beijerland. 4. Gymzaal de Oosterse Gorzen, Burg. Diepenhorstsingel 2 te Oud-Beijerland. 5. MFA de Tienvoet, Tienvoet 2 te Heinenoord. Deze 'projecten' zijn qua voorbereiding reeds opgestart. Door de omvang van de 'projecten' kunnen die uiteraard doorlopen in een volgend jaar. Voor elk komend jaar zal zo'n cluster als hierboven worden gepland. Wanneer besluitvorming door de raad? Zoals aan het begin van deze startnotitie al is vermeld, leggen wij de uitwerking van investeringen in de verduurzaming van ons eigen vastgoed eerst voor aan uw raad, vóórdat tot uitvoering wordt overgegaan.
Dit betekent concreet dat wij voor elk gebouw - zoals de vijf hierboven vermelde - voor de raad inzicht zullen geven in de concreet te nemen maatregelen zowel qua (groot) onderhoud als verduurzaming mét een uitsplitsing van investeringskosten naar beide categorieën.
3/4
De kosten voor (groot) onderhoud worden gedekt uit de daarvoor reeds beschikbare middelen (meerjarenonderhoudsplannen). De kosten voor verduurzaming moeten gedekt worden uit de daarvoor bestemde reserve van € 14 miljoen. Een raadsvoorstel om een investeringskrediet verduurzaming per gebouw of cluster van gebouwen vast te stellen, leggen wij ter besluitvorming aan uw raad voor. Bijlagen 1. Overzicht van te verduurzamen gemeentelijk vastgoed 2023-2025
4/4