CConstaterende datHoeksche Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

Integraal accommodatieplan (IAP) Hoeksche Waard 2023

Besluitvormende raad 12 september 2023, gemeente Hoeksche WaardBij agendapunt: Integraal accommodatieplan5.654 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Voorwoord Voor u ligt het Integraal Accommodatieplan 2023 (kortweg IAP). Dit document is de basis voor de gemeente Hoeksche Waard als het gaat om gemeentelijk vastgoed en vooral het gebruik ervan: de huisvesting van haar doelgroepen. In april 2020 stelde de raad een startnotitie vast waarin een integraal accommodatieplan (IAP) als onderdeel van het project 'vastgoed op orde' is benoemd. Het is de bedoeling om het iedere vier jaar te evalueren. Het IAP levert een bijdrage aan het hooflijnenakkoord 2022-2026 “Samen Doordacht Doen”. Hierin staat dat: “De kracht van de Hoeksche Waard zit in onze sterke gemeenschap en levendige dorpen, met elk een uniek karakter. De mensen die in de dorpen wonen, werken, winkelen, recreëren, sporten en genieten van cultuur en erfgoed hebben direct invloed op deze levendigheid en zo ook hun leefomgeving. Een vitale Hoeksche Waard wordt gemaakt door een netwerk aan levendige dorpen.” “Wat we met de samenleving bespreken over de koers en richting van een dorp, leggen we vast in een ontwikkelbeeld per dorp. Voor elk dorp beschrijven we de huidige situatie en leggen met elkaar vast hoe het gewenste en realistische ontwikkelbeeld voor de toekomst eruit moet zien.” Het IAP per dorp start met een inventarisatiefase.

Op basis daarvan beschrijven wij mogelijke scenario’s om knelpunten op te lossen en om aan wensen en behoeften van maatschappelijke organisatie tegemoet te komen. Ieder dorp krijgt een apart hoofdstuk in het IAP. Het IAP bestaat uit: 1. een voor alle dorpen min of meer gelijkluidend algemeen deel waarin wij samengevat onder meer beschrijven het inmiddels vastgestelde vastgoedbeleid en inhoudelijk beleid (zoals wonen, welzijn, zorg, sport en cultuur); Het 'deel-IAP' voor de afzonderlijke dorpen bestaat in hoofdlijnen uit: 2. een voor elk dorp specifiek deel met daarin een beschrijving van onder andere beschikbare gemeentelijke accommodaties met bijbehorende informatie, de beschikbare accommodaties van derden voor maatschappelijke doeleinden, de opgehaalde wensen en behoeften, de (mis)match tussen 'vraag' en 'aanbod' en de mogelijke scenario's voor het oplossen daarvan; 3. een concrete uitvoeringsagenda per dorp met daarin nader te onderzoeken en/of uit te voeren acties die voortvloeien uit het desbetreffende 'deel-IAP'. De kapstok van het beleid is het DAS framework. Door te focussen op de toekomstige huisvestingsvraag (rechtsboven), en kennis te hebben van de huidige vraag (linksboven) en het huidige aanbod (linksonder), kan toegewerkt worden naar een situatie waarin het aanbod zo goed mogelijk matcht met de vraag (rechts).

De vastgoedstrategie en bijbehorend concreet stappenplan zorgen dat de juiste acties worden ondernomen om te komen tot die match. Dat betekent ook een duidelijke rolverdeling binnen de gemeentelijke organisatie: het sociaal domein (of andere beleidsinhoudelijke teams) stelt de vraag (kwaliteit, grootte, benodigde periode) en de 'vastgoedafdeling' voorziet (veelal via Bres Accommodaties B.V.) in het passende aanbod. Uiteraard ontstaat het juiste maatwerk alleen door continue afstemming tussen eindgebruiker en aanbieder.

1

Het document is tot stand gekomen met input vanuit de verschillende gemeentelijke afdelingen en gesprekken met gebruikers. Het IAP is nadrukkelijk een dynamisch document: de vraag naar huisvesting, de vastgoedportefeuille (het aanbod), de gemeentelijke organisatie, de wetgeving, en de omgevingsfactoren veranderen regelmatig. Dat betekent dat in principe iedere vier jaar geëvalueerd wordt.

DAS framework

2

Samenvatting Voor gemeenten is het bezitten van vastgoed geen doel op zich. Vastgoed is een middel waarmee voorzien wordt in de vraag naar huisvesting van de doelgroepen van haar beleid. De gemeente ambieert een doelmatigere, efficiëntere en meer toekomstbestendige vastgoedportefeuille (raadsnota beheer gemeentelijk vastgoed 11 maart 2021). Daarnaast heeft zij hoge ambities wat betreft verduurzaming van de leefomgeving. Gemeente Hoeksche Waard heeft als ambitie om in 2040 energieneutraal te zijn. Eind 2020 heeft de gemeenteraad dit bekrachtigd met het vaststellen van het Programmaplan duurzaamheid. Een van de doelstellingen onder Energieneutraal 2040 is die om in 2030 het gemeentelijk vastgoed zo veel mogelijk energieneutraal te hebben In 2040 moet de gemeente energieneutraal en aardgasvrij zijn en is de CO2 uitstoot met 95% gereduceerd. Dit vraagt grote aanpassingen in de vastgoedvoorraad. Om doelmatigheid te bereiken, moet duidelijk zijn wat de doelgroepen zijn voor huisvesting in gemeentelijk vastgoed. Hierin wordt onderscheid gemaakt tussen doelgroepen die de gemeente per definitie (al dan niet wettelijk verplicht) huisvest, en doelgroepen die alleen waar mogelijk ondersteund worden in de huisvestingsvraag. Het inzetten op multifunctionele accommodaties draagt bij aan efficiënt ruimtegebruik.

Door concrete doelen te stellen op het gebied van duurzaamheid en slim te ontwerpen op aanpasbaarheid en multifunctionele inzetbaarheid wordt de vastgoedportefeuille toekomstbestendiger. Vervolgens is gekeken naar doelstellingen per beleidsinhoudelijk thema en het ideaalbeeld wat betreft geografische spreiding en type aanbod. Per dorp is de ruimtevraag in kaart gebracht. Vervolgens is de huidige vastgoedportefeuille geanalyseerd. De belangrijkste bevindingen zijn dat in Goudswaard een grotere huisvestingsvraag is dan er vastgoed beschikbaar is. In ’s-Gravendeel is er behoefte aan meer concentratie van functies. Dit helpt bij het tegengaan van versnippering en bevordert samenwerking tussen maatschappelijke organisaties. In hoofdstuk 5 wordt de dorpen besproken. De scenario’s per dorp zijn de basis voor een te maken keuze en moeten vervolgens verder uitgewerkt worden.

3

Inhoud Voorwoord .............................................................................................................................................. 1 Samenvatting........................................................................................................................................... 3 1.

Inleiding ........................................................................................................................................... 5 1.1 Aanleiding ...................................................................................................................................... 5 1.2 Wat willen we bereiken met het IAP? ........................................................................................... 5 1.3 Doelstellingen voor het IAP ........................................................................................................... 5 1.4 Totstandkoming en gebruik IAP .................................................................................................... 6 1.5 Leeswijzer ...................................................................................................................................... 6

2.

Vastgoedbeleid ................................................................................................................................ 7

3.

Overig beleid ................................................................................................................................... 9 3.1 Doelgroepenbeleid ........................................................................................................................ 9 3.2 Onderwijsbeleid ............................................................................................................................ 9 3.3 Sportbeleid .................................................................................................................................. 10 3.4 Cultuur-en recreatiebeleid .......................................................................................................... 11 3.5 Beleid sociaal domein .................................................................................................................. 11

4.

Kaders voor behoefteanalyse en oplossingen............................................................................... 13

5.

De dorpen ...................................................................................................................................... 14 5.1 Goudswaard ................................................................................................................................ 15 5.1.1 Vraag..................................................................................................................................... 15 5.1.2 Aanbod ................................................................................................................................. 15 5.1.3 Scenario’s ............................................................................................................................. 15 5.2 ’s-Gravendeel .............................................................................................................................. 17 5.2.1 Vraag..................................................................................................................................... 17 5.2.2 Aanbod ................................................................................................................................. 17 5.2.3 Scenario’s ............................................................................................................................. 18

4

1. Inleiding 1.1 Aanleiding Maatschappelijk vastgoed en maatschappelijke voorzieningen liggen vaak op twee verschillende “bordjes”. Als gemeente willen we enerzijds bijdragen aan maatschappelijke ontwikkelingen en goede voorzieningen bieden. Anderzijds willen we als gemeente sturen op een efficiënte en betaalbare vastgoedportefeuille. Belangrijk uitgangspunt hierbij is dat het aanhouden van vastgoed geen doel op zich is. Vastgoed is een middel, een strategisch instrument, dat bij kan dragen aan de maatschappelijke doelstellingen van de gemeente. Daarbij stellen we ons continu de vraag: Hoe kunnen we ons maatschappelijk vastgoed inzetten om de visie en ambities van de gemeente Hoeksche Waard zo optimaal als mogelijk te ondersteunen en betaalbaar te houden?

1.2 Wat willen we bereiken met het IAP? Ons doel is een doelmatigere, duurzamere en toekomstbestendigere gemeentelijke vastgoedportefeuille, die past bij de wettelijke taken van de gemeente en die bijdraagt aan de maatschappelijke doelstellingen van de gemeente. Omdat het aanpassen van vastgoed over het algemeen gepaard gaat met relatief hoge investeringen en vaak veel tijd kost, is het van belang een langetermijnperspectief te ontwikkelen. Het IAP geeft hier invulling aan, maar is géén blauwdruk voor het beheer en de realisatie of herontwikkeling van maatschappelijke voorzieningen. Het IAP is richtinggevend en biedt ruimte om de vastgoedportefeuille aan te passen op ontwikkelingen. Het IAP zal daarom regelmatig herijkt moeten worden. Het IAP biedt een handvat voor de beantwoording van vragen zoals: in hoeverre past onze huidige vastgoedportefeuille bij ons toekomstperspectief? Welk vastgoed houden we in eigendom en welk vastgoed stoten we af? Waar moeten we ingrepen doen, aanpassen, vernieuwen of verduurzamen?

1.3 Doelstellingen voor het IAP Op basis van de ambities van de gemeente formuleren wij de volgende doelstellingen. “In 2030 wordt het gemeentelijk vastgoed doelmatig ingezet.” Zoals hiervoor is aangegeven, is vastgoed géén doel op zich, maar een middel om te voldoen aan de wettelijke taken en bij te dragen aan de maatschappelijke doelstellingen van de gemeente. Dit betekent dat de inhoudelijke ambities van de gemeente centraal staan bij het bepalen van de gewenste samenstelling van de vastgoedportefeuille. De gemeente zet vastgoed doelmatig in, dat wil zeggen dat zij het vastgoed slechts inzet voor het realiseren van wettelijke taken en maatschappelijke doelstellingen. Aangezien gebouwen een gefixeerd gebruiksoppervlakte hebben en niet altijd maximaal benut kunnen worden en omdat er altijd sprake is van groei en krimp van gebruikers, zal 100% doelmatige inzet niet haalbaar zijn. De doelstelling is om in 2030 95% van het gemeentelijk vastgoed doelmatig (zoals hierboven gedefinieerd) in te zetten. “In 2030 is het gemeentelijk vastgoed multifunctioneel inzetbaar.” Voor een toekomstbestendige vastgoedportefeuille is het van belang dat het vastgoed multifunctioneel gebruikt kan worden, met andere woorden dat het flexibel genoeg is om verschillende functies en gebruikers te huisvesten. Dit maakt dat wijzigingen in beleid en daarmee te 5

huisvesten doelgroepen eenvoudiger in te passen zijn in de vastgoedportefeuille. Bovendien maakt multifunctionaliteit het eenvoudiger om groei en krimp van gebruikers op te vangen en gedeeld gebruik te realiseren.

1.4 Totstandkoming en gebruik IAP Voor een doelmatige en toekomstbestendige vastgoedportefeuille is het van belang dat we de verbinding zoeken met en tussen maatschappelijke beleidsvelden. De input vanuit de beleidsvelden bepaalt de kwantitatieve en kwalitatieve gemeentelijke vastgoedvraag. De visie op duurzaamheid levert bijvoorbeeld technische of bouwkundige eisen waar het vastgoed aan zal moeten voldoen. De ontwikkeling van inwoneraantallen en samenstelling van de bevolking per dorp leveren input voor de kwantitatieve behoefte aan sportfaciliteiten, culturele voorzieningen en schoolgebouwen. Overigens worden schoolgebouwen en buitensportaccommodaties in dit IAP buiten beschouwing gelaten. Voor schoolgebouwen heeft de raad het Integraal Huisvestingplan (IHP) vastgesteld en voor de buitensport wordt separaat (sport)beleid geformuleerd. Waar zich echter koppelkansen voordoen, worden deze meegenomen in de oplossingsrichtingen per dorp. Ook onbebouwde gronden (Grondzaken) zijn niet meegenomen in het IAP.

1.5 Leeswijzer In hoofdstuk 1 worden de visie en maatschappelijke doelstellingen van de gemeente beschreven. Hoofdstuk 2 behandelt het vastgoedbeleid dat de kaders vormt voor eigendom, gebruik, huur en verhuur. Overige relevante beleidsterreinen worden behandeld in hoofdstuk 3. Er bestaan duidelijke verbanden tussen het uitvoeren of faciliteren van sociaal beleid en bijvoorbeeld de prijs van vastgoed. Hoofdstuk 4 beschrijft de kaders die een rol spelen in de behoefteanalyse. Welke knelpunten zijn er? Welke bestuurlijke beslispunten zijn er? Hoofdstuk 5 is een omschrijving van de situatie in de dorpen en mogelijke scenario’s om aan het gewenste gebruik te voldoen. Die scenario’s moeten worden gezien als uitgangspunten en worden daarna uitgewerkt in een concreet plan. Dat is de uitvoeringsfase die buiten de scope van het IAP valt.

6

2. Vastgoedbeleid “Gemeentelijk vastgoed kan bijdragen aan het realiseren van wettelijke taken en maatschappelijke doelen. Hierbij valt te denken aan het creëren van maatschappelijke en sociale cohesie, een levendige en actieve gemeenschap en een plezierige, gezonde en veilige leefomgeving. Door zorgvuldig om te gaan met het gemeentelijk vastgoed kan een maatschappelijke meerwaarde worden gerealiseerd. … Dit betekent meer transparantie, uniformiteit en rechtmatigheid voor de gemeente en voor de maatschappelijke gebruikers meer inzicht, gelijkheid en flexibiliteit” (keuzenota beleid accommodaties voor maatschappelijke activiteiten, 27 mei 2021). In deze keuzenota heeft de raad de volgende keuzes gemaakt: a. De gemeente heeft vastgoed in eigendom: * als huisvesting van de eigen gemeentelijke organisatie; * met historische en/of culturele waarden; * met strategische waarden; * dat kan bijdragen aan het realiseren van gemeentelijke beleidsdoelstellingen. b. Gebruik voor het faciliteren van maatschappelijke activiteiten zo veel mogelijk het vastgoed van derden, tenzij de markt daarin niet kan voorzien. c. Accommodaties zoveel mogelijk multifunctioneel verhuren. d. Prioritering bij verhuur: maatschappelijke gebruikers, commerciële gebruikers e.

Huurcontracten: gebruik maken van de model-huurcontracten ROZ (Raad voor Onroerende Zaken) met de mogelijkheid daarin aanvullende (maatwerk) afspraken op te nemen. f. Huurprijzen vaste contracten: kostprijsdekkende huurprijs, tenzij besluit van algemeen belang. g. Tarifering uur-verhuur: tarieven worden geüniformeerd (met differentiatie op basis van oppervlakte). Met de keuzenota is besloten om overtollig vastgoed te verkopen. Dit zou direct aan één gegadigde of bij uitzondering onderhands kunnen gebeuren. De Hoge Raad heeft eind 2021 uitgesproken dat overheden bij verkoop en verhuur gelegenheid moeten bieden aan alle mogelijke gegadigden om mee te dingen. Hiermee wordt één-op-één verkoop en verhuur in principe uitgesloten al zijn uitzonderingen mogelijk.

Figuur 1. Overzicht gemeentelijk vastgoed.

De gemeente is niet in alle gevallen verplicht te voorzien in passende huisvesting voor doelgroepen. Zo kunnen bijvoorbeeld ook commerciële partijen, particulieren of 7

woningcorporaties en stichtingen voorzien in die behoefte. Denk aan de inzet van klaslokalen voor cursussen, actieve dorpsraden met een eigen pand, oefenruimtes voor bands in de omgeving, initiatieven uit de markt, enzovoort. In figuur 1 is onderscheid gemaakt tussen vastgoed voortvloeiend uit (1) wettelijke taken (verplicht), (2) het huisvesten van gemeentelijke taken en (3) het realiseren van beleidsdoelstellingen. De gemeente heeft alleen vastgoed in portefeuille wanneer dat wettelijk noodzakelijk is, nodig is voor de uitvoering van gemeentelijke taken, wanneer vastgoed noodzakelijk is voor het behalen van beleidsdoelstellingen én daar vanuit andere partijen niet in kan worden voorzien. Daarbij zoekt de gemeente in samenwerking met Bres de samenwerking op, daagt zij de gebruikers uit tot multifunctioneel gebruik, en signaleert en acteert zij als aanbod dreigt weg te vallen. Voor het opvangen van groei en krimp van diverse gebruikers zal er altijd sprake zijn van enige frictieleegstand. De gemeente stuurt op multifunctioneel gebruik van gebouwen. Dat betekent dat zij zich actief inzet voor meervoudig ruimtegebruik en medegebruik van beschikbare ruimten door verschillende doelgroepen. Hoewel onderwijshuisvesting en buitensportaccommodaties geen deel uitmaken van het IAP, kunnen er wel koppelkansen ontstaan.

Zo kan de vervanging of uitbreiding van een onderwijslocatie aanleiding geven voor andere initiatieven om hierbij aan te sluiten. Denk aan de realisatie van multifunctionele accommodaties met activiteiten gericht op ontmoeting, sociale activering, cultuur, volwasseneneducatie, sport en beweging. Alleen door actief samen te werken en goede afspraken te maken met sociale partners en beheerpartijen kan dit worden gerealiseerd. De doelstelling van de nota beheer gemeentelijk vastgoed van maart 2021 is het optimaliseren en uniformeren van het beheer van gemeentelijk vastgoed. In deze beleidsnota beheer gemeentelijk vastgoed wordt vooral ingegaan op de manier van onderhouden en beheren van gemeentelijk vastgoed. Verduurzamen is één van de speerpunten van de gemeente. Het gemeentelijk vastgoed is organisatorisch zo veel mogelijk bij één beheerder en exploitant ondergebracht. Dit is door middel van een raadsbesluit van 1 september 2021 belegd bij Bres Accommodaties B.V. Voor wat betreft huurprijzen moet voldaan worden aan de Wet Markt en Overheid en Europese

staatsteunregels. Doel daarvan is meer transparantie in huurprijzen. Dit maakt dat gelijksoortige doelgroepen op een eenduidige manier worden behandeld en geen verkapte subsidie via een lagere huurprijs ontvangen.

8

3. Overig beleid Voor inhoudelijke beleidsvelden geldt dat zij een ruimtevraag neerleggen bij vastgoed. Vanuit vastgoed wordt dan gekeken of en onder welke voorwaarden de ruimtevraag beantwoord kan worden. Daarbij heeft de gemeente de volgende interne spelregels: • • •

De ruimtevraag moet passen binnen een beleidskader van de gemeente. Dit voorkomt dat willekeurig ruimtevragen ontstaan waar de gemeente nog niet concreet van heeft besloten of zij hiervan de meerwaarde voor de gemeente ziet. De ruimtevraag wordt concreet aan vastgoed gesteld. Dat betekent dat er vanuit de beleidsafdeling een programma van eisen moet worden opgesteld dat leidend is voor de invulling door vastgoed. Gratis gebruik bestaat niet. Vastgoed rekent een kostprijsdekkende huur. Eventuele compensatie voor gebruikers die niet het gehele bedrag kunnen betalen moet geregeld worden via een subsidie aan die gebruiker indien en voor zover sprake is van een door het beleidsteam erkende maatschappelijke meerwaarde. Zo ontstaat transparantie in de kosten van een gebouw (de private taak van de gemeente) en een keuzemoment voor wat betreft de maatschappelijke meerwaarde (de publieke taak van de gemeente).

3.1 Doelgroepenbeleid De thema’s en programma’s uit de begroting vormen de basis voor de categorisering van doelgroepen, waarvoor de gemeente huisvesting moet dan wel wil bieden. Onderstaande tabel geeft de verschillende categorieën weer. 1. Verplicht 2. Ja

3. Wenselijk

4. Waar mogelijk, gedeeld ruimtegebruik

5. Alleen als ondersteunend

6. Maatwerk 7. Nee Buitenterrein

= wettelijke taak. = noodzakelijk of zeer wenselijk voor het uitvoeren van gemeentelijke taken of het realiseren van beleidsdoelstellingen. De gemeente voorziet in huisvesting. = wenselijk voor het realiseren voor beleidsdoelstellingen. Dat betekent dat, als er vanuit de markt geen mogelijkheden zijn, de gemeente voorziet in passende huisvesting. = ondersteunend aan beleidsdoelstellingen. Voor deze organisaties wordt niet actief of specifiek huisvesting gefaciliteerd. De gemeente ondersteunt in het vinden van een geschikte (gedeelde) ruimte, in een gemeentelijk pand zoals een dorpshuis, of bij een derde. = commerciële huurder voor het ondersteunen/versterken van een multifunctionele accommodatie. Betaalt altijd een marktconforme en kostprijsdekkende huur. = per casus bekijken. = per definitie niet. = door de gemeente gefaciliteerd, maar geen vastgoed voor nodig.

Tabel 1. Categorisering huisvesting voor doelgroepen.

3.2 Onderwijsbeleid Hoewel onderwijshuisvesting buiten het IAP valt, zijn er wel koppelkansen als het gaat om 9

huisvesten van sociaal maatschappelijke activiteiten in eventuele leegstand of buiten onderwijstijd in schoolgebouwen. Deze gebouwen zijn immers met maatschappelijk geld gerealiseerd. De gemeente heeft 42 gebouwen waarin primair onderwijs wordt gegeven, 2 gebouwen voor Speciaal Basisonderwijs, 1 gebouw voor Voortgezet Speciaal Onderwijs en 5 gebouwen voor voortgezet onderwijs. Bij elkaar 50 gebouwen waar zich koppelkansen kunnen voordoen. Een overzicht van het onderwijsveld is terug te vinden in het IHP 2021-2024.

3.3 Sportbeleid Er wordt momenteel gewerkt aan een Beleidsnota sport waarin aandacht is voor een aantal beleidsdoelstellingen: Voldoende aantrekkelijke, bereikbare en betaalbare sportvoorzieningen De gemeente wil de drempels tot sport- en beweegdeelname zoveel mogelijk wegnemen. Daar waar de markt niet voorziet, faciliteert de gemeente ruimte voor actieve sportbeoefening en/of actief bewegen. De gemeente streeft naar basisvoorzieningen voor sport verspreid over de dorpen. Een basisvoorziening moet voldoen aan de voorwaarde dat sporthallen of gymzalen bestemd zijn voor het gebruik door het onderwijs en door verschillende verenigingen of sportgroepen ten behoeve van meerdere sport- en bewegingsvormen. Daarmee is niet gezegd dat álle basissportvoorzieningen ook in álle dorpen aanwezig dienen te zijn. Faciliteiten als een zwembad liggen centraal en voldoende bereikbaar in de gemeente. Multifunctioneel gebruik van sportaccommodaties De gemeente wil het multifunctioneel gebruik stimuleren mede door verruiming van de gebruiksvoorwaarden en waar mogelijk wegnemen van belemmeringen door wet- en regelgeving. Ook moedigt zij samenwerking tussen verschillende sportverenigingen aan.

Het samenbrengen van diverse sport(vereniging)en onder één dak is dan ook wenselijk wat betreft exploitatie en multifunctionaliteit en wordt in toekomstige verbouw- en nieuwbouwprojecten als doelstelling gehanteerd. Bovendien worden sportfaciliteiten zowel beschikbaar gesteld ten behoeve van bewegingsonderwijs (scholen) als voor sportverenigingen. Voor nieuwbouwprojecten voor scholen moet de afweging tussen een eigen gymzaal óf centrale sportzaal en evt. gymvervoer (vanaf 1 km hemelsbreed) gemaakt worden, en is een bredere business case voor het project wat betreft gebruiksuren, doelgroepen en afstanden noodzakelijk. Multifunctionaliteit in sportkantines en -hallen wordt breder bekeken dan alleen sport: denk aan buurtbijeenkomsten, spreekuren sociale partners, of bijvoorbeeld cultuur/optredens. Afstemming over de (wettelijke) mogelijkheden daarvan moeten uiteraard worden afgestemd met de betreffende beheerder. Samenwerking tussen sportverenigingen, maatschappelijke organisaties en de gemeente De gemeente Hoeksche laat binnensportaccommodaties beheren en exploiteren door Bres Accommodaties B.V. De gemeente laat het initiatief voor activiteiten en plannen bij de verenigingen, maatschappelijke organisaties, bedrijven en inwoners en Bres.

Hoewel het IAP zich focust op het vastgoed in eigendom van de gemeente, is afstemming over de voorzieningen van vastgoed dat niet in gemeentelijk eigendom is wel van belang.

10

3.4 Cultuur-en recreatiebeleid Cultuur is een instrument voor de leefbaarheid in de dorpen (Cultuurnota 2021-2-24, vastgesteld 26 mei 2020). Het draagt bij aan sociale cohesie, aan samenwerking tussen inwoners en aan de persoonlijke ontwikkeling van mensen. Op overkoepelend niveau helpt cultuur de dorpen in de Hoeksche Waard verbinden en bevordert cultuur samenwerking over de dorpsgrenzen heen. Daarnaast maakt cultuur het eiland naar buiten toe zichtbaar en is het een toeristische factor. Binnen het cultuurbeleid krijgt het versterken van de sociale en culturele structuur in de dorpen prioriteit. Het doel is dat alle mensen toegang hebben tot culturele en sociaal-culturele activiteiten in het eigen dorp. Dit betekent dat ieder dorp een laagdrempelige en betaalbare voorziening zou moeten hebben, waar bewoners elkaar kunnen ontmoeten en waar culturele initiatieven een plek kunnen vinden. Op dit moment is dat niet zo. Zonder goed uitgeruste en diverse voorzieningen geen levendige dorpen. Het verenigingsleven in dorpen is van groot belang. Het doel is dat verenigingsleven waar mogelijk te faciliteren. Ontmoetingsplekken die ook ruimte bieden voor praktische zaken zoals opslag zijn vereist voor amateurkunstverenigingen.

Mogelijkheden bieden om culturele activiteiten te ontplooien en hieraan deel te nemen Door uitvoering van het beleidskader vrijetijdseconomie stimuleert de gemeente de ontwikkeling van de (toeristische) infrastructuur en het aanbod voor dag- en verblijfsrecreatie. Daarnaast wil de gemeente met dit beleidskader samenwerking en kwalitatief, innovatief ondernemerschap vergroten. Een prettigere leefomgeving en meer werkgelegenheid

3.5 Beleid sociaal domein In het hoofdlijnenakkoord 2022-2026 staat: “We vinden het belangrijk dat iedereen veilig en gezond kan opgroeien en leven in de Hoeksche Waard. Een sterke sociale basis kan er alleen zijn als iedereen mee kan doen. Inclusiviteit van al onze inwoners is belangrijk.” Het raakvlak met het vastgoedbeleid zit op meerdere principes, maar in het bijzonder op het principe van de netwerk samenleving en de daarvoor benodigde voorzieningen. In deze context gaat het om voorzieningen voor maatschappelijke ondersteuning, arbeidsparticipatie, inclusiviteit, zorg, welzijn en minima. Wat organiseren bewoners en organisaties zelf, en waar hebben zij ondersteuning nodig van de gemeente, bijvoorbeeld in een fysieke plek voor bijeenkomsten. Aangezien dit in de kleine dorpen een belangrijk en actueel vraagstuk is, is hieronder uitgewerkt welke uitgangspunten en aanpak de gemeente hiervoor hanteert. Leefbaarheid en voorzieningen Het is van belang dat op wijk- en buurtniveau mensen elkaar ontmoeten, leren kennen en er laagdrempelige informatie en ondersteuning beschikbaar is. De buurtbewoners zelf, buurtinitiatieven, verenigingen, vrijwilligersorganisaties, accommodaties en de gebiedsteams zijn de belangrijkste instrumenten om dit te ontwikkelen en te realiseren.

11

De inwoners van de Hoeksche Waard zijn georiënteerd op hun directe leefomgeving: hun dorp of wijk. Alle dorpen in de Hoeksche Waard zijn verschillend, elk met zijn eigen sociale structuur en uitdagingen. We laten per dorp dat wat kan aan de lokale samenleving over. Onze aanpak is flexibel op wat een dorp nodig heeft. We faciliteren en sturen op sterke netwerken in wijken en buurten. Ieder dorp is uniek. In de kleine dorpen is het mogelijk dat sociale voorzieningen wegvallen omdat aanbieders ophouden te bestaan. Daar is het waarborgen van de leefbaarheid een belangrijk aandachtspunt. De gemeente faciliteert het gesprek over een plan per klein dorp met verenigingen, organisaties en de individuele inwoners. Als blijkt dat er behoefte is aan een fysieke bijeenkomstlocatie, die niet particulier of in de markt kan worden opgelost (bijvoorbeeld een gildehuis, een café met zaaltje, een sportkantine), onderzoekt de gemeente samen met de bewoners een passende oplossing. Daarbij wordt ook gekeken naar de demografische ontwikkeling, de zorgvraag en wat al georganiseerd wordt door stichtingen en bewoners. Een integrale benadering en de link met de omgevingsvisie en partners in het sociaal domein is hierin cruciaal.

12

4.

Kaders voor behoefteanalyse en oplossingen

Het volgende hoofdstuk gaat over scenario's binnen dorpen voor het huisvesten van activiteiten waarvan door inwoners is aangegeven dat daar behoefte aan bestaat. Aan deze huisvestingsvraag is nog geen financiële paragraaf toegevoegd. Om een juiste afweging te kunnen maken van de mogelijkheden per dorp, zal ook inzicht moeten komen in alle relevante aspecten die samenhangen met de scenario’s (denk bijvoorbeeld aan ruimtelijke aspecten). Per dorp zal een haalbaarheidsonderzoek moeten worden uitgevoerd die als basis dient voor bestuurlijke besluitvorming (inclusief kredieten) omtrent de huisvesting van de aangegeven activiteiten. Concreet moet antwoord worden gegeven op de volgende vragen: • Wat is het ruimtelijk en functioneel programma van eisen dat aan een ruimte gesteld wordt? Hierin worden niet alleen de omvang, maar ook het uitrustingsniveau bepaald. • Wat zijn de kosten om te bouwen? Is er grond beschikbaar van de gemeente, kan er samen met andere initiatiefnemers worden gebouwd? Hoe ziet de financiële dekking eruit? • Met welke planologische procedures krijgt de gemeente te maken? Bouwen op grond dat al een maatschappelijke bestemming heeft kan eenvoudiger zijn dan bouwen op grond waarvan de bestemming nog moet worden aangepast aan het gebruik.

• Hoe en in welke mate wil de gemeente de inwoners betrekken bij de ontwikkeling? Wie zijn belanghebbenden en wat is de mate van participatie? Welke keuze maakt de gemeente bij het bepalen van de mate van participatie? • Heeft de gemeente formatie beschikbaar om dit plan tot uitvoering te brengen? Of zet de gemeente dit plan uit bij een externe partij die eventueel ook een exploitatieopzet kan maken? • Hoe wil de gemeente omgaan met de spanning die ontstaat bij het investeren in de kwaliteit van gebouwen (waaronder verduurzaming) en de daaraan gekoppelde kosten? Die kosten maken onderdeel uit van de eigenaarslasten die weer onderdeel uitmaken van de huurprijs. De maatschappelijke organisatie (als huurder) zou die huurprijs wellicht niet op kunnen brengen omdat zij opereert vanuit een maatschappelijk kader. Wat is die maatschappelijke meerwaarde de gemeente waard?

13

5.

De dorpen

Dit hoofdstuk beschrijft de huidige en toekomstige vraag van de doelgroepen in de dorpen en per dorp. Voor de eerste twee dorpen – Goudswaard (5.1) en ’s-Gravendeel (5.2) - volgden wij een intensief participatieproces. Wij begonnen met een analyse van verslagen van in voorgaande jaren gevoerde gesprekken met maatschappelijke gebruikers van gemeentelijk vastgoed en belanghebbenden vanuit bijvoorbeeld welzijn, cultuur en onderwijs. Verder organiseerden wij een open inloopavond in elk dorp. Tijdens deze inloopavonden konden de wensen op het gebied van huisvesting en zeker ook van eventueel voor maatschappelijke organisaties beschikbaar vastgoed worden ingebracht. Voor de dorpsvereniging in Goudswaard verzorgden wij op hun verzoek apart een presentatie over het op te stellen integraal accommodatieplan. Als slot van deze inventarisatiefase presenteerden wij de opbrengst van deze inventarisatie van wensen, behoeften, knelpunten, etc. in opnieuw een open inloopavond in beide dorpen afzonderlijk.

Daarnaast beschrijft dit hoofdstuk de samenstelling van de huidige voorraad in de dorpen. De kwaliteit van de gebouwen in portefeuille wordt beschreven aan de hand van functionaliteit, onderhoudsniveau en duurzaamheid. In bijlage 1 geeft een factsheet per gebouw een uitgebreidere beschrijving.

14

5.1 Goudswaard 5.1.1 Vraag Voor Goudswaard is er een sterke behoefte aan een eigen gemeenschapshuis, een plek voor cultuur en laagdrempelige betaalbare activiteiten waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten en culturele initiatieven een plek kunnen vinden. Maar ook een plek waar verenigingen en stichtingen kunnen vergaderen. De bibliotheek is gevestigd in de openbare school terwijl die school behoefte heeft aan extra ruimte. Het schoolgebouw heeft zonder bibliotheek tot 2035 voldoende capaciteit om in de huisvestingsbehoefte van de school te voorzien (IHP Hoeksche Waard 2021-2024). Vanuit de bewoners wordt aangegeven dat de bibliotheek onderdeel moet blijven uitmaken van het voorzieningenniveau binnen Goudswaard. De huisarts heeft aangegeven graag de huidige huisartsenpraktijk te willen vervangen. Het belangrijkste in dit dorp is de gewenste combinatie van functies die de leefbaarheid vergroten en ook het combineren van activiteiten om zo tot een effectieve en efficiënte invulling van een door de gemeente te financieren gemeenschapshuis te komen. De voetbalverenigingen van Goudswaard en Piershil hebben het voornemen om te gaan fuseren. Dit betekent dat er mogelijk grond vrijkomt in het dorp Goudswaard.

5.1.2 Aanbod Gemeentelijk vastgoed:

Vastgoed van derden:

Begraafplaats, Vaartweg 2; Heeft geen meerwaarde in de scenario ontwikkeling Gymzaal de Vaart, Almondestraat 78 Schuur bij de molen, Molendijk 55; deze locatie heeft geen maatschappelijk doel en is aangemerkt om af te stoten. Heeft daarom geen rol bij een scenario. Kantine voetbalvereniging, Achterweg 1 IJsvereniging, Zwaneweg 2 Verenigingsgebouw bij de Rehoboth kerk, Dorpsstraat 15 Ruimte in COOP, Polderboom 3 De Gouwaert, Nicolaas van Puttenstraat 20 School met de Bijbel, Kon. Julianastraat 25

5.1.3 Scenario’s De gemeente heeft een wettelijke taak als het gaat om het voorzien in onderwijshuisvesting. Vanuit dat oogpunt zou de ruimte die nu door de bibliotheek wordt gebruikt, terug moeten vallen naar het onderwijs. Dit heeft enkel zin als daarmee de groei van de school kan worden opgevangen. Indien de groei van de school deze ruimte overstijgt, dan dient de gemeente aanvullende huisvesting te verzorgen. Uit het IHP 2021-2024 blijkt dat de capaciteit van het schoolgebouw toereikend is voor onderwijs, maar niet voor de combinatie onderwijs en bibliotheek. Vanuit een onderwijsvisie is het echter wenselijk om school en bibliotheek te blijven koppelen. Er is op dit moment geen centrale ontmoetingsplek. Binnen het beschikbare vastgoed is die ook niet te realiseren op een wijze dat hiervan op allerlei momenten gebruik kan worden gemaakt. In de raadsinformatiebrief van 7 juni 2022 meldden wij reeds dat een duidelijke behoefte is gebleken aan een gemeenschapshuis en dat daarvoor nu geen geschikte ruimte beschikbaar is. Ook lieten wij weten besloten te hebben om de realisatie van een gemeenschapshuis in principe positief te bejegenen en dat daarom als nader te onderzoeken op te zullen nemen in het IAP van 15

Goudswaard. In dat nader onderzoek gaat het om vragen zoals het hoe, wat, waar, wanneer, welke (commerciële) combinaties, multifunctionaliteit, etc., etc. Op basis van dat onderzoek zal definitieve besluitvorming moeten plaatsvinden met inbegrip van de financiële gevolgen.

1. Het schoolgebouw blijkt groot genoeg voor huisvesting van onderwijs, maar niet voor een combinatie met de bibliotheek. Als dat ruimtelijke mogelijk is, heeft het de voorkeur om de bibliotheek te huisvesten in een nieuw te realiseren gemeenschapshuis aan de openbare school. De locatie van de school als centrale plek met de juiste ruimtelijke bestemming lijkt hiervoor als eerste optie voor de hand te liggen. In dit scenario ontstaat er ruimte voor dubbelgebruik binnen hetzelfde gebouwencluster. 2. Indien het eerste scenario om wat voor redenen niet realiseerbaar blijkt te zijn, moeten de mogelijkheden worden onderzocht naar een elders in Goudswaard te realiseren gemeenschapshuis inclusief bibliotheek. Dit kan mogelijk op het terrein van de voetbalvereniging. Op basis van bundeling van activiteiten en het realiseren van 1 herkenbaar punt waar laagdrempelige ontmoeting plaats kan vinden, heeft het eerste scenario de voorkeur.

16

5.2 ’s-Gravendeel 5.2.1 Vraag Voor ’s-Gravendeel is behoefte aan een centrale ontmoetingsplek van en door inwoners. Een plek voor sport, cultuur en laagdrempelige betaalbare voorzieningen, waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten en culturele initiatieven een plek kunnen vinden. Het aanbod van activiteiten is nu versnipperd over het dorp. Het lokale fanfarecorps (NLS) heeft actief bij de gemeente aangegeven op zoek te zijn naar vervangende (grotere) ruimten met faciliteiten voor opslag en uitvoeringen. Zij zijn eigenaar van hun huidige opstal en de grond is van de gemeente. Naast dit pand van de NLS staat het inmiddels leegstaande pand dat voorheen in gebruik was bij een postduivenvereniging. Het jongerenwerk is momenteel in een gebouw gehuisvest dat in slechte staat verkeert. Het buurthuis Ronduit in Schenkeldijk is gehuisvest in een oud gebouw dat asbesthoudend is en waarin ingrijpend geïnvesteerd moet worden als dit moet blijven bestaan op de huidige plek. Ook wordt door sluiting van Concordia (private onderneming) een 'podium' (letterlijk) gemist. In zwembad De Wellen en bijbehorende sporthal moeten grote investeringen worden gedaan om deze accommodaties duurzaam te kunnen blijven exploiteren.

5.2.2 Aanbod Gemeentelijk vastgoed:

Sportcomplex de Schenkel, Schenkeltje 7a; zal in de scenario’s gekoppeld moeten worden aan het zwembad en buurthuis Ronduit. Zwembad “de Wellen”, Schenkeltje 7b; Het zwembad kent grote aandachtspunten op het gebied van onderhoud en hier moet op relatief korte termijn in worden geïnvesteerd. De keuze om de zwembadfunctie in ’s-Gravendeel te behouden moet worden bezien in een grootschalige renovatie/(ver)nieuwbouw, wellicht in combinatie met een binnensportfunctie en andere maatschappelijke activiteiten. Buurthuis Schenkeldijk, Zweedsestraat 11a; dit gebouw is in slechte conditie en bevat asbest. Het is niet verantwoord om in dit gebouw te investeren en/of hier in de toekomst activiteiten in plaats te laten vinden. Berging begraafplaats, Maasdamseweg 2; Heeft geen meerwaarde in de scenario ontwikkeling Berging begraafplaats, Kerkstraat 9; Heeft geen meerwaarde in de scenario ontwikkeling Kerktoren, Hendrik Hamerstraat 1; Heeft geen meerwaarde in de scenario ontwikkeling

Vastgoed van derden:

Bibliotheek Hoeksche Waard, ’t Weegje 1g Bejaarden sociëteit Trefpunt, Weegje 1d Buurthuis de Biesband, Lijnzaadstraat 37 IJsclub ’s-Gravendeel, Schenkeltje 19b Hervormde kerk, Hendrik Hamerstraat 1 Jongerencentrum Orion, Strijenseweg 120 Muziekvereniging NLS, Nestpad 4 (recht van opstal) CBS de Bouwsteen, Vlasakker 3 IKC de Schelf, Vlasstraat 5

17

5.2.3 Scenario’s Het (deels) versnipperde en gedateerde vastgoed kan efficiënter worden ingezet. Samen met de slechte staat van het buurthuis Schenkeldijk, de op korte termijn noodzakelijke renovatie en verduurzaming van het zwembad en het sportcomplex en de behoefte aan een 'podium', maakt een scenario waarin verschillende activiteiten centraal geclusterd worden wenselijk. Dat kan worden gerealiseerd door het zwembad en de sporthal op dezelfde locatie te vervangen door nieuwbouw van een sporthal met daaraan vast een multifunctioneel gedeelte voor jongerenwerk, buurthuisfunctie, cultuur (met podium), fanfarecorps, etc. Daarnaast wordt het aantal klokuren gym uitgebreid. Dit zal een herijking vragen van de aanwezige sportcapaciteit. Ten slotte is ook de kinderopvang op zoek naar ruimte. Wellicht leidt een dergelijke investering (uiteraard duurzaam) niet alleen tot een maatschappelijke meerwaarde voor 's-Gravendeel, maar ook tegen relatief lagere exploitatiekosten dan bij renovatie en verduurzaming van bestaande panden het geval is en in dat laatste geval ook nog eens zonder maatschappelijke meerwaarde. In dit scenario valt de huidige locatie van NLS terug naar de gemeente en dient dat samen met het naastgelegen leegstaande perceel te worden onderzocht op ontwikkelpotentie.

Uiteraard vergt dit scenario nader onderzoek waarbij afzonderlijke programma’s van eisen worden gecombineerd, dubbelgebruik zoveel mogelijk wordt bevorderd en een reële stichtingskostenraming kan worden afgegeven. 1. Op de locatie van het huidige zwembad en de sporthal vervangende nieuwbouw realiseren van sporthal in combinatie met multifunctionele ruimten, inclusief podium voor uitvoeringen. 2. Indien het eerste scenario om wat voor redenen niet realiseerbaar blijkt te zijn, moeten de mogelijkheden worden onderzocht naar vervangende nieuwbouw van een sporthal op de huidige locatie van sporthal/zwembad én los daarvan naar geclusterde multifunctionele ruimten elders 3. Indien de voorgaande scenario's om wat voor redenen niet realiseerbaar blijken te zijn, moeten voor voorzieningen zoals het buurthuis in Schenkeldijk, het jongerencentrum en het fanfarecorps los van elkaar staande herhuisvestingsmogelijkheden worden onderzocht. Tevens dient de sporthal (en eventueel het zwembad) gerenoveerd en verduurzaamd te worden. Om de grootst mogelijke synergie in gebruik (elkaar ontmoeten en gezamenlijk activiteiten ontplooien) en bezetting (dubbel gebruik van ruimten) te realiseren heeft het eerste scenario de voorkeur. Dit scenario zorgt voor een bundeling van activiteiten die complementair zijn aan elkaar.

18

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13029610/1