Inspreektekst R. van der Mark
Tekst van het document
Geachte leden van de gemeenteraad, Ik ben Roel van der Mark, bewoner en eigenaar van Nieuwstraat 28A en indiener van zienswijze 6. Graag maak ik van mijn recht op inspreken gebruik. Mijn betoog is bedoeld als aanvulling en antwoord op de zienswijze en hun beantwoording. In de zienswijzen die door mij en mijn buren zijn opgesteld, is reeds aangekaart dat we teleurgesteld zijn in het proces van tot stand komen van dit bestemmingsplan. Volgens het college zijn hierbij alle geldende richtlijnen gevolgd en is de participatie “bewaakt”. Als omwonenden hebben wij daar een andere indruk van. Tijdens de eerste informatiebijeenkomst (november 2019) hebben de omwonenden de mogelijkheid gehad om een reactieformulier in te vullen. Daarna hebben de informatiebijeenkomsten alleen nog in het teken gestaan van het presenteren van plannen. Inspraak in het ontwerp was reeds tijdens een bijeenkomst in februari 2020, met ambtenaren en projectontwikkelaar, gereduceerd tot de groenvoorziening en de straatverlichting, de bouwvolumes stonden destijds al “vast”. Waar het voor ons echt om draait is nooit voldoende aandacht voor geweest: een ontwerp waarin we als bewoners van de Nieuwstraat zoveel mogelijk uitzicht behouden. In het voorliggende ontwerp is onvoldoende rekening gehouden met de belangen van omwonenden: 2 nieuw te bouwen villa’s (D en E) nemen het uitzicht weg van ca. 8 andere huizen.
Wij betwijfelen of alle belangen hierbij juist gewogen zijn. Vanuit de betrokken afdeling van de gemeente is nooit gevraagd om een schouwing van de praktijksituatie in onze woonkamers, dit had hen kunnen helpen bij het nemen van de juiste beslissingen. Het college stelt dat de bouwhoogte voor villa “E” n.a.v. zienswijzen verlaagd wordt naar 7,5m +10%, in plaats van 11 meter. Bij de eerste plannen zou deze woning slechts 6m hoog worden, later 7, toen 7,5m. De bouwvolumes stonden dus alleen vast als “het zo uit kwam”. Voor de projectontwikkelaar gelden andere regels. In het uiteindelijke plan kwam ineens 11m uit de hoge hoed. Van 11m is nooit sprake geweest totdat het plan ter inzage gelegd is. Tijdens de informatiebijeenkomst op 11 april 2021, werd deze 11m aangeduid als een weeffout omdat de woning is ontworpen op 7,5m. De “verlaging naar 7,5m” wekt voor ons als bewoners de indruk van een vooropgezet plan “om iets weg te geven” n.a.v. de zienswijzen, zonder het plan daadwerkelijk aan te hoeven passen. Deze 7,5m +10% schaadt echter ons uitzicht nog steeds buitenproportioneel. Daarnaast heeft ook de projectontwikkelaar nog pogingen ondernomen om ons als omwonenden “de mond te snoeren” en vertraging van zijn plannen te voorkomen.
In een aanbod aan een van mijn buren werd een niet gespecificeerd geldbedrag geboden als tegemoetkoming, dit bedrag moesten we dan als buren onderling verdelen. Bij andere buren werd een achteringang naar de tuin beloofd of een bredere sloot achter hun woning. Voorwaarde was dat we bij de notaris vast zouden leggen dat ieder bezwaar/zienswijze tegen het plan uitgesloten was. Als er toch iemand een bezwaar in zou dienen, zou niemand meer iets krijgen.
Ik ben benieuwd of dit allemaal valt onder de “participatie richtlijnen” van de gemeente, of dat er wellicht toch niet goed “bewaakt” is. Door mijzelf en andere omwonenden wordt in de schriftelijke zienswijzen gesteld dat het verdwijnen van de recreatiegronden cq camping en de ligplaatsen een achteruitgang is voor het dorp en in strijd met de Hoeksche waarde “Binnenpret”. Het college stelt als reactie hierop het een particulier stuk grond betreft, wat deels in gebruik is voor kampeerplaatsen en niet openbaar toegankelijk. In praktijk is het grootste gedeelte in gebruik als camping aan de Binnenmaas, en een kleiner deel in gebruik als transportbedrijf met bedrijfswoningen. Daarnaast zijn, voor zover ik weet, alle campings in de Hoeksche Waard een particulier stuk grond. Deze kunnen toch ook niet hun bestemming zomaar wijzigen naar wonen en daar villa’s bouwen als daar interesse voor is? De camping (die volgens de studie van Wissing wel publiek toegankelijk is), biedt nu de mogelijkheid te recreëren en te overnachten, kortom: kleinschalige dag- en verblijfsrecreatie die volgens de gemeente zo belangrijk is. Het nieuw ontworpen “openbare uitkijkpunt” is leuk om even heen te wandelen, maar gezien de ligging en het gebrek aan ruimte maakt dat je waarschijnlijk snel uitgekeken bent, en dat het zeker geen alternatief is voor de recreatiemogelijkheden die dreigen te verdwijnen.
Het verdwijnen van de ligplaatsen is wel degelijk een probleem: de voormalig huurders weten al vele jaren dat de plaatsen mogelijk verdwijnen en hebben een andere plek gevonden. Dat neemt niet weg dat er veel meer vraag is naar ligplaatsen dan aanbod. Met dit plan wordt het dus wél moelijker een ligplaats te vinden als je niet de middelen hebt om een woning aan het water te kopen. Dit past dus niet in het versterken van het recreatieve karakter van de Binnenmaas, en is mijns inziens dus in strijd met de omgevingsvisie Hoeksche Waard. Kortom: voor een netto woningwinst van +2, zouden er twee recreatievoorzieningen het veld moeten ruimen.