CConstaterende datHoeksche Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlagen toelichting Bijlage 9 Briefnotitie ecologie

Besluitvormende raad 16 februari 2021, gemeente Hoeksche WaardBij agendapunt: Bestemmingsplan correctieve herziening Nieuw-Beijerland II566 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Postadres

Telefoon

Aladnaweg 18 7122 RR Aalten

0614-435700

Info

Bank

Info@natuurbankoverijssel.nl www.natuurbankoverijssel.nl

NL48 RABO 0121 5795 73

0543-451142

BTW 10.15.30.766.B.01

Datum:

24-10-2018

Ons kenmerk:

18024

Betreft:

Beoordeling wettelijke consequenties uitvoering enkele voorbereidende werkzaamheden in projectgebied Akkerdreven/Damgaarde te Nieuw-Beijerland.

Aanleiding Als één van vele verschillende onderzoeken, hebben wij op 15 augustus 2018 het plangebied Akkerdreven/Damgaarde en Dorpsgaarde te Nieuw-Beijerland onderzocht op de aanwezigheid en potentiële aanwezigheid van beschermde planten en dieren en beschermde waarden. De bevindingen van dit onderzoek zijn gerapporteerd in rapportnummer 1580 van Natuurbank Overijssel). Dit onderzoek heeft een dubbele doelstelling. Ten eerste om tot een gewijzigd bestemmingsplan te komen die de voorgenomen activiteiten mogelijk maken en ten tweede om de voorgenomen activiteiten uit te kunnen voeren binnen de wet- en regelgeving van de Wet natuurbescherming. Binnen het proces van de Ruimtelijke Ordening wordt het gebruikt om te beoordelen of de voorgenomen activiteiten uitvoerbaar zijn. Uit het oriënterend veldbiologisch onderzoek kwam naar voren dat aanvullend onderzoek naar de functie van bebouwing en beplanting voor vleermuizen nodig is en dat onderzoek naar de functie van het plangebied voor steen- en ransuil nodig is om tot een volledige beoordeling te kunnen komen. Op 18 oktober 2018 is telefonisch gevraagd, vanwege het feit dat er aanvullend onderzoek plaats moet vinden, of dit betekent dat er totaal géén werkzaamheden uitgevoerd mogen worden in het plangebied in het kader van de Wet natuurbescherming? In deze briefnotitie wordt antwoord gegeven op deze vraag.

Beantwoording vraag Op basis van het oriënterende onderzoek, kwam naar voren dat het plangebied tot het functionele leefgebied van verschillende vogel-, amfibieën-, grondgebonden zoogdier- en vleermuissoorten behoort. De functie van het plangebied voor steenuil, ransuil en vleermuizen dient nader onderzocht te worden. Dit gaat in 2019 gebeuren. Het voornemen is om de volgende werkzaamheden uit te voeren: 

Rooien/verplanten enkele tientallen laagstam fruitbomen in deelgebied Damgaarde

Graven sleuven/cunet voor kabels, leidingen en aanleggen bouwweg binnen deelgebied Damgaarde

In totaal wordt 10-20% van de fruitbomen gerooid/verwijderd en blijft de randbeplanting, aan de buitenzijde van het perceel behouden.

1

Voor het in beeld brengen van de wettelijke consequenties van de voorgenomen activiteiten in het kader van de Wet natuurbescherming, kan getoetst worden aan het uitgevoerde quickscan natuurwaardenonderzoek. Door uitvoering van de voorgenomen activiteiten worden mogelijk sommige beschermde amfibieën en grondgebonden zoogdieren verwond en gedood en worden mogelijk (winter)rust- en voortplantingslocaties beschadigd en vernield. Indien de werkzaamheden worden uitgevoerd tijdens de broedtijd, dan worden mogelijk bezette vogelnesten verstoord en beschadigd. Van de grondgebonden zoogdieren- en amfibieënsoorten die mogelijk verwond/gedood worden en waarvan de (winter)rustplaatsen beschadigd/vernield worden, geldt een vrijstelling van de verbodsbepalingen wanneer de werkzaamheden worden uitgevoerd in het kader van een ruimtelijke ontwikkeling. Bezette vogelnesten mogen niet verstoord worden. Werkzaamheden, die mogelijk leiden tot het verstoren/beschadigen van vogelnesten moeten uitgevoerd worden buiten de broedtijd (maart-eind juli). Het rooien van een beperkt aantal fruitbomen leidt niet tot aantasting van het foerageergebied van vleermuizen en vleermuizen bezetten geen verblijfplaats in de te rooien beplanting.

Conclusie De voorgenomen werkzaamheden, ter voorbereiding op de feitelijke ontwikkeling van het plangebied, leiden niet tot overtreding van de verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming, mits bij de uitvoering rekening gehouden wordt met de broedtijd van vogels. Bij uitvoering van werkzaamheden geldt altijd de zorgplicht (art. 1.11 van de Wet natuurbescherming).

2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9692022/1