CConstaterende datHoeksche Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 Verkorte versie Knoppenanalyse Transformatieagenda WMO

Besluitvormende raad 17 september 2024, gemeente Hoeksche WaardBij agendapunt: Keuzenota Transformatieagenda WMO1.588 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Samenvatting Knoppenanalyse Knoppenanalyse is werktitel De verkenning naar mogelijkheden om te werken aan een toekomstbestendige Wmo en een transformatieagenda op te kunnen stellen, heeft als werktitel binnen de ambtelijke organisatie Knoppenanalyse. Op het voorblad staat als titel ‘Samen leven = samen zorgen, Naar een toekomstbestendige Wmo in de Hoeksche Waard’. Inhoudsopgave 1 Aanleiding 2 Achtergrondinformatie Wmo 3 Van analyse naar transformatie in de praktijk 4 De financiële kant van de transformatie 5 Randvoorwaarden en 10 sturingsmogelijkheden 6 Situatie Hoeksche Waard 7 Verkennen van beheersmaatregelen

1. Aanleiding Trends zoals de toenemende vergrijzing, personeelstekort en minder beschikbare mantelzorgers leiden tot een groeiende vraag naar Wmo-producten. De Knoppenanalyse is bedoeld als instrument om antwoord te kunnen geven op de vraag op welke manier de Wet op de Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo) kan worden uitgevoerd zodat de Wmo naar de intentie van de wet wordt uitgevoerd, de zorg beschikbaar blijft voor ieder die het echt nodig heeft en de kosten beter beheersbaar worden. 2. Achtergrondinformatie Wmo Doel Het doel van de Wmo is om inwoners zo goed mogelijk thuis te ondersteunen zodat iedereen zo volwaardig mogelijk kan deelnemen aan de samenleving. De gemeente is verantwoordelijk voor uitvoering van wet en dus voor de ondersteuning van inwoners die niet op eigen kracht zelfredzaam zijn. Dat kan door een maatwerkvoorziening te beschikken in de volgende categorieën: a. Begeleiding; als het niet lukt om zelfstandig dagelijkse zaken te regelen, kunnen inwoners via de Wmo begeleiding krijgen. Bijvoorbeeld administratie op orde brengen, begeleiding bij dagstructuur/ besteding, persoonlijke verzorging. b. Huishoudelijke ondersteuning; als het niet lukt om het huishouden zelf te doen, kan huishoudelijke hulp via de Wmo worden gekregen. c. Wmo hulpmiddelen; zoals rolstoelvoorzieningen, vervoersvoorzieningen, woningaanpassingen en kosten zoals verhuiskosten en taxivervoer.

Proces Als iemand zich meldt bij de gemeente, moet de gemeente eerst onderzoek doen naar hulpvraag en naar de persoonlijke situatie in hoeverre iemand nog of weer zelf iets kan doen of regelen. Hiervoor wordt een stappenplan gevolgd en wordt gekeken of er voorliggende voorzieningen zijn. Een voorliggende voorziening is een andere regeling waarop de cliënt een beroep kan doen met het oog op zijn behoefte aan maatschappelijke ondersteuning. Pas nadat deze mogelijkheden zijn onderzocht

en eventueel benut, kan een beroep gedaan worden op een verstrekking vanuit de Wmo. . De uitslag van het onderzoek bepaalt of iemand ondersteuning kan krijgen. In spoedgevallen is er geen tijd voor onderzoek en moet binnen 24 tot 48 uur hulp worden geboden door een tijdelijke maatwerkvoorziening te regelen zoals (extra) huishoudelijke hulp, begeleiding thuis of opvang elders. Pas na de Wmo-beschikking is de gemeente wettelijk verplicht om te zorgen voor de Wmovoorziening. Afbakening Hoewel Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang onder de Wmo vallen, worden deze onderwerpen buiten beschouwing gelaten omdat de financiering anders is dan die van de Wmoproducten begeleiding, huishoudelijke ondersteuning en hulpmiddelen. 3. Van analyse naar transformatie in de praktijk De verkenning naar een toekomstbestendige Wmo is opgesteld vanuit 2 uitgangspunten: 1. het doel van de wet volgens de wetgever 2. de eigen verantwoordelijkheid van mensen. Vanuit het oogpunt wat kan iemand (nog of weer) zelf doen of regelen en voor welke zaken is ondersteuning mogelijk vanuit de eigen omgeving. Pas als blijkt dat hier een manco is, is inzet van de Wmo echt nodig. Vervolgens is verkend welke maatregelen denkbaar zijn om de uitvoeringskosten te beïnvloeden. 4.

De financiële kant van de transformatie Structurele uitgaven Wmo-uitgaven zijn structurele uitgaven, die gedekt moeten worden met structurele inkomsten. Cliënten van de Wmo betalen een eigen bijdrage van €19,- per maand ongeacht het aantal voorzieningen waar gebruik van wordt gemaakt. Open einde regeling De Wmo is een open einde regeling wat betreft de uitgaven: er is geen plafond en de gemeente is wettelijk verplicht om de Wmo-beschikking uit te voeren.. De uitgaven van de Wmo zijn in 3 categorieën onder te verdelen: d. Begeleiding; als het niet lukt om zelfstandig dagelijkse zaken te regelen, kunnen inwoners via de Wmo begeleiding krijgen. Bijvoorbeeld administratie op orde brengen, begeleiding bij dagstructuur/ besteding, persoonlijke verzorging e. Huishoudelijke ondersteuning; als het niet lukt om het huishouden zelf te doen, kan huishoudelijke hulp via de Wmo worden gekregen. f. Wmo hulpmiddelen; zoals rolstoelvoorzieningen, vervoersvoorzieningen, woningaanpassingen en kosten zoals verhuiskosten en taxivervoer Oorzaken uitgavenstijging De groei van het aantal cliënten, de groei in het aantal maatwerkvoorzieningen per cliënt en de hogere kosten per voorziening zijn de oorzaken van de uitgavenstijging. Het aantal maatwerkvoorzieningen groeit harder dan het aantal cliënten.

Er wordt vaker een beroep gedaan op een combinatie van voorzieningen zodat de ouder wordende inwoners langer zelfstandig kunnen blijven.

Het aantal cliënten in 2021 is met 40% gestegen ten opzichte van 2017. In absolute aantallen gaat het om een stijging van 3.703 naar 5.192 cliënten. Percentuele en absolute stijging van het aantal voorzieningen per productcategorie: • + 53% aan begeleiding: van 673(2017) naar 1032 (2021) • + 17% aan huishoudelijke ondersteuning: van 1644 (2017) naar 1931 (2021) • + 46% aan hulpmiddelen: van 1957 (2017) naar 2864 (2021)

Verwachting komende jaren De stijging van aantallen cliënten en uitgaven gaat door. De raming voor de kostenstijging Wmo voor 2023 is 1,3 miljoen. Dit zijn nog geen werkelijke kosten want 2023 is nog niet voorbij. Onderliggende oorzaken kostenstijging • Vergrijzing: de levensverwachting neemt toe; • Inwoners blijven langer zelfstandig wonen; • Een toenemend beroep op mantelzorgers leidt tot toenemende ondersteuningsvragen; • De complexiteit van zorgvragen neemt toe; • De tarieven stijgen door o.a. jaarlijkse indexatie en CAO-verhogingen • De invoering van het abonnementstarief voor alle maatwerkvoorzieningen vanaf 2019 leidt tot een sterke structurele stijging. Inkomsten en maatregelen vanuit het Rijk De decentralisatie van de Wmo is ingegeven door een bezuinigingsslag om de toenemende zorgkosten te beperken. Vanaf 2015 is met minder geld gewerkt om een groeiende groep inwoners met een steeds complexere vraag te ondersteunen. Volgens VNG is er een structurele en landelijke mismatch tussen lokale uitgaven en rijksinkomsten.

Daarnaast beïnvloeden landelijke maatregelen, zoals bijvoorbeeld de invoering van het abonnementstarief, en jurisprudentie de uitgaven van de gemeente. Wanneer de oudere niet langer zelfstandig thuis kan wonen, dient op advies van de huisarts te worden geïndiceerd voor doorstroming naar de Wet Langdurige Zorg. De eigen bijdrage voor de Wlz is hoger dan de eigen bijdrage voor de Wmo. Volgens de VNG blijven ouderen daardoor langer gebruik maken van de Wmo volgens de VNG. 5. Randvoorwaarden om rekening mee te houden Politiek en maatschappelijk draagvlak, kostenbewustzijn binnen de gemeentelijke organisatie, goede managementinformatie, voldoende woningen en voldoende personeel bij de gemeente zijn de randvoorwaarden om de transformatie succesvol vorm te kunnen geven. 6.

10 sturingsmogelijkheden

Met behulp van collegiale werksessies zijn 10 sturingsmogelijkheden gevonden. 1. Investeren in preventie. Dit sluit aan bij het doel van de Wmo en loont op termijn altijd.. De kosten gaan voor de baten uit en hoe wordt het rendement op de investering in preventie bepaald? 2. Minder of andere voorzieningen bekostigen. Meer gebruik van voorzieningen is een grote oorzaak van de kostenstijging. Wordt binnen de wet het noodzakelijke verstrekt? Wanneer is goed ook goed genoeg? 3. Optimale inzet van voorliggende voorzieningen. Een voorliggende voorziening is een andere regeling waarop de cliënt een beroep kan doen met het oog op zijn behoefte aan maatschappelijke ondersteuning. Pas nadat dit is onderzocht bij de intake, kan een beroep worden gedaan op de Wmo. Welke voorzieningen zijn er en hoe kunnen deze beter worden benut? 4. Stimuleren en ondersteunen vrijwilligerswerk (waaronder mantelzorg). De uitvoering van de Wmo is voor een deel afhankelijk van vrijwilligers, waaronder mantelzorgers. Zij verlichten de druk op de zorg in de breedte. Een duurzame inzet van mantelzorgers en vrijwilligers vraagt ondersteunend beleid en op hen gerichte faciliteiten. 5. Van individuele naar collectieve voorzieningen.

Wanneer vergelijkbare individuele aanvragen via een collectieve voorziening kunnen opvangen, kan dat kostenbesparend zijn: de uitvoering van een collectieve voorziening is veelal goedkoper. Het aanbod is vaak flexibeler en groepsgewijs georganiseerd. 6. Van maatwerk naar algemene voorzieningen. Algemene voorzieningen zijn in feite voorliggende voorzieningen. Algemene voorzieningen zijn voor alle inwoners toegankelijk, zonder dat er een onderzoek naar de hulpvraag van de inwoner nodig en dus zonder Wmo-beschikking. Voor het gebruik ervan kan de gemeente een eigen bijdrage vragen van inwoners. De hoogte van de eigen bijdrage kan de gemeente zelf bepalen. 7. Wmo-doelgroep herdefiniëren. De doelgroep van de Wmo is gedefinieerd als ‘iedereen die onvoldoende zelfredzaam is of onvoldoende in staat is tot participatie. Deze beschrijving laat nog veel ruimte voor interpretatie. De

definiëring van de doelgroep kan mogelijk strikter, zodat beter kan worden gefocust op inwoners die de zorg echt nodig hebben. 8. Investeren in slimme technologische en digitale oplossingen. De gemeente zet de komende jaren in op het vergroten van de digitale vaardigheden en kennis van de technologische mogelijkheden bij inwoners. Investeren in domotica en eHealth kan naar verwachting de kosten matigen. Domotica is de toepassing van elektronica en huisnetwerken ten behoeve van de automatisering van processen in en om een woning. E-health is het gebruik van informatie- en communicatietechnologie (ICT) om gezondheid en gezondheidszorg te ondersteunen of te verbeteren. De inzet op de technologische ontwikkelingen is vaak afhankelijk van de samenwerking tussen verschillende organisaties in het zorgdomein. 9. Gemeentelijk opdrachtgeverschap verstevigen bij inkoop en subsidiering. De gemeente is opdrachtgever van organisaties die Wmo-voorzieningen uitvoeren. Dat gebeurt via inkoop met een aanbestedingsprocedure en met subsidies. De gemeente is opdrachtgever in beide gevallen en gaat in onderhandeling met de leverende partijen over het precieze product, de gewenste kwaliteit en de prijs. 10. Investeren in toezicht. De inrichting van de rechtmatigheidscontrole op de Wmo wordt de komende jaren geïntensiveerd.

De VNG wijst erop dat intensivering van toezicht kan leiden tot kostenreducering.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14332317/1