Bijlage 1J Fundadvies GZC (geanonimiseerd)
Tekst van het document
[par. 7.6.2.3]
[par. 7.6.2.3] [par. 7.3.2.2] [par. 7.6.2.3] Pagina3
Project
Opdracht Betreft
Nieuwbouw GZC aan de Prinses Irenestraat te Oud-Beijerland
24SP0364 Fundering op palen
Rekenwaarde maximum
SOCOTEC
draagkracht in KN per sondering
Berekening volgens Eurocode 7-1 (NEN 9997 - 1 + C2 : 2017) Paaltype : In de grond gevormde grondverdringende betonpaal, middels een ingeschroefde stalen hulpbuis en verloren punt Bouwwerk O =0,63 Paalklassefactor punt : niet stijf Paalvoetvormfactor 8 Aantal sonderingen Paalvoetdwarsdoorsnedefactor &-factor Paalklassefactor
schacht
Materiaalfactor
Belastingsfactor neg.kleef Paalafmeting : 0,380/0,380/0,450 m Sonderingen Hoogte m.v. Paalpunt {m tov NAP] [m tov NAP] DKMO07
0,25
Rc:dnetto IKN]
db:max
[MPa]
Rbcal [KN]
Rs:cal [KN]
Red [KN]
Foked * IKN]
604
640
746
76
541
673
728
76
445
706
690
76
350
737
652
76
76
-20,00 -20,25 -20,50 -20,75
670 652 614 575
38 34 28 22
-21,00
561
18
294
769
637
db;max
[MPa]
Rbcal [KN]
Rscal [KN]
Red [KN]
Fnkd ” [KN]
41
Paalafmeting : 0,460/0,460/0,560 m Sonderingen Hoogte m.v. Paalpunt [m tov NAP] [m tov NAP]
Re:dnetto [KN]
DKMOO1
-20,00
1059
1010
890
1031
914
939
1139 1111
80
-20,25 -20,50 -20,75 -21,00 -2125
979 974 982
786
981
1059
80
740
1018
1054
80
717
1054
1062
80
996
712
1076
80
-21,50
1001
881
1083 1122
1081
80
-20,00 -20,25 -20,50 -20,75
989 1086 1125
903
928
1098
109
1032
960
11984
109
1068
990
1234
109
1140
1056
1027
1249
109
-21,00
1194
1114
1058
1302
109
-2125 -21:50 -20,00 -20,25
1286 1327 1021
1236
1090
1395
109
1271
1124
1436
109
943
929
1122
102
1046
952
962
102
-20,50
1019
868
1002
1148 1121
-20,75 -21,00 -2125 -21,50
1208 1322 1364
1158
1027
1310
102
1319
1056
1424
102
1350
1094
1465
102
1396
1364
1134
1498
102
-20,00
1465
1588
1025
1566
102
-20,25 -20,50 -20,75 -21,00
1513 1501 1461
1618
1075
1614
102
1551
1123
1603
102
1436
1171
1563
102
1466
1395
1220
1568
102
-2125
1470
1352
1270
1572
102
-21,50
1474
1315
1313
1576
102
DKM002
DKMOO3
DKMOO4
SOCOTEC
Inpij
031
0,26
0,24
0,18
Geotechnics
Blokpoe! ingenieurs
B.V.
Bijlage Berekening fundering op palen
80
102
Pagina 4
Project
Opdracht Betreft
Nieuwbouw GZC aan de Prinses Irenestraat te Oud-Beijerland
24SP0364 Fundering op palen
Rekenwaarde maximum
SOCOTEC
draagkracht in KN per sondering
Berekening volgens Eurocode 7-1 (NEN 9997 - 1 + C2 : 2017) Paaltype : In de grond gevormde grondverdringende betonpaal, middels een ingeschroefde stalen hulpbuis en verloren punt Bouwwerk O =0,63 Paalklassefactor punt : niet stijf Paalvoetvormfactor 8 Aantal sonderingen Paalvoetdwarsdoorsnedefactor &-factor Paalklassefactor
schacht
Materiaalfactor
Belastingsfactor neg.kleef Paalafmeting : 0,460/0,460/0,560 m Sonderingen Hoogte m.v. Paalpunt {m tov NAP] [m tov NAP]
DKMO005 DKMOO6
DKMO07
0,26 0,23
0,25
DKMO02
SOCOTEC
Inpij
0,31
0,26
Geotechnics
Blokpoe! ingenieurs
B.V.
db:max
[MPa]
Rbcal [KN]
Rs:cal [KN]
[KN]
1266
1080
1406
1245
1125
1421
1206
1172
1426
1350
51 51 49 48
1184
1218
1440
-21,50
1376
48
1184
1262
1466
-20,00 -20,25 -20,50 -20,75
1280 1348 1282
1489
805
1375
1561
847
1443
1410
888
1378
1286
60 63 57 56
1373
931
1381
-21,00
1196
48
1180
974
1292
-21,25 -21,50 -20,00 -20,25
1218 1254 815
1176
1015
1314
1195
1056
1350
739
775
908
795
48 49 30 27
665
815
887
-20,50
740
22
534
854
833
-20,75 -21,00
746 738
21 18
507
892
839
454
931
830
db:max
Rbcal [KN]
Rs:cal [KN]
Red [KN]
Foked * IKN]
-20,50 -20,75 -21,00 -21,25
1316 1330 1335
Paalafmeting : 0,540/0,540/0,660 m Sonderingen Hoogte m.v. Paalpunt {m tov NAP] [m tov NAP] DKMO01
Rc:dnetto IKN]
Rc:dnetto IKN]
[MPa]
1121
1044
1298
94
1021
1103
1273
94
996
1152
1287
94
1205
33 30 29 28
971
1195
1298
94
-21,00
1221
28
956
1238
1315
94
-21,25 -21,50 -20,00 -20,25
1246 1253 1285
963
1272
1339
94
930
1317
1347
94
1266
1090
1412
128
1384
28 27 37 41
1394
1127
1511
128
-20,50
1432
42
1439
1162
1559
128
-20,75 -21,00 -21,25 -21,50
1445
41 45 49 50
1417
1206
1572
128
1540
1242
1668
128
1671
1280
1769
128
1725
1320
1826
128
-20,00 -20,25 -20,50 -20,75
1204 1179 1194
1540 1642 1698
Bijlage Berekening fundering op palen
Pagina 5
Project Opdracht
Betreft
Nieuwbouw GZC aan de Prinses Irenestraat te Oud-Beijerland 24SP0364
Fundering op palen
Rekenwaarde maximum
SOCOTEC
draagkracht in KN per sondering
Berekening volgens Eurocode 7-1 (NEN 9997 - 1 + C:
017)
Paaltype : In de grond gevormde grondverdringende betonpaal, middels een ingeschroefde stalen hulpbuis en verloren punt Bouwwerk O =0,63 Paalklassefactor punt : niet stijf Paalvoetvormfactor 8 Aantal sonderingen Paalvoetdwarsdoorsnedefactor &-factor Paalklassefactor
schacht
Materiaalfactor
Belastingsfactor neg.kleef Paalafmeting : 0,540/0,540/0,660 m Sonderingen Hoogte m.v. Paalpunt {m tov NAP] [m tov NAP] DKM003
DKM004
DKM005
DKMO06
DKMO07
SOCOTEC
Inpij
0,24
0,18
0,26
0,23
0,25
Geotechnics
Blokpoe! ingenieurs
B.V.
Rc:dnetto IKN]
db:max
[MPa]
Rbcal [KN]
Rscal [kN]
1276
1090
1287
1129
1197
1176
1568
37 38 35 47
1608
1206
-21,00
1705
53
1804
1239
-2125 -21:50 -20,00 -20,25
1761 1801 1873
1852
1284
1873
1331
2119
1203
1935
54 55 62 63
2164
1262
-20,50
1919
61
2081
1318
-20,75 -21,00 -2125 -21,50
1872 1888 1897
1947
1374
1915
1432
1872
1491
1901
57 56 55 53
1827
1542
-20,50
1663
49
1683
1268
-20,75 -21,00 -2125 -21,50
1698
49 49 48 47
1689
1321
1662
1375
1628
1430
1624
1481
-20,00
1609
56
1925
946
-20,25 -20,50 -20,75 -21,00
1573 1496 1479
1816
994
1640
1042
1561
1093
1510
53 48 46 46
1562
1143
-2125
1544
46
1570
1192
-2150 -20,00 -20,25 -20,50
1590 935 923
1599
1240
830
910
933
47 24 22 21
-20,75
942
-21,00
924
-20,00 -20,25 -20,50 -20,75
1299 1329 1304
1715 1727 1756
763
957
734
1003
21
704
1047
18
630
1092
Bijlage Berekening fundering op palen
Pagina 6
Project
Nieuwbouw GZC aan de Prinses Irenestraat te Oud-Beijerland
Opdracht Betreft
24SP0364 Fundering op palen
SOCOTEC
Berekening volgens Eurocode 7-1 (NEN 9997 - 1 + C2 : 2017) Paaltype : In de grond gevormde grondverdringende betonpaal, middels een ingeschroefde stalen hulpbuis en verloren punt Sonderingen: DKMOOS Paalafmeting _ :0,380/0,380/0,450m Berekening z gebaseerd op sondering DKMOO6 Paalpuntniveau: -21,00 m tov NAP Fco[kN]
>
90
180
0
270
360
450
540
630
720
810
900
960
1080
1170
—
9
|
1260
1350
1440
1530
uiterste grenstoestand
bruikbaarheidsgrenstoestand
18
27
36
45
s [mm] 54
Y 63
Uiterste grenstoestand
Foidnetto ND
Fnkd IKD
Contiguratie paalgroep
Fed KN]
Sobd mm]
Seid [mm]
Std [mm]
S2d [mm]
Sú Kvidpaal vrijstaand [mm] [kNmm]
983
79 1062
453
98
551
60
611
55
885
79
984
222
87
309
55
364
60
787 688 590
79 79 79
866 767 669
117 75 50
77 67 58
194 142 108
49 43 38
243 186 146
64 68 72
492
79
571
33
49
82
32
115
74
393 295 197 98
79 79 79 79
472 374 276 177
22 14 09 05
41 32 23 15
63 46 32 20
27 21 16 10
89 67 48 30
77 80 83 87
voor bepalings2 2-paalspoer
CS hoh-afstand x 3D
Bruikbaarheidsgrenstoestand
Fo:netto
Fnk
Fc:rep Sb
Sel
S1
S2
s
Kv:rep paal vrijstaand
KN]
OIKN]
[KN]
mm]
[mm]
[mm]
[mm]
[mm]
[kNmm]
756 681 605
79 79 79
835 760 684
5,5 42 3,3
60 5,5 49
116 97 82
47 43 39
163 140 121
72 78 83
529
79
608
25
44
69
34
103
89
454 378 303 227
79 79 79 79
533 457 381 308
19 15 11 08
38 32 27 21
57 47 38 29
30 26 22 17
87 73 60 47
93 97 100 104
151
79
230
0,5
16
21
1,3
34
108
76
79
155
03
11
14
09
22
113
Toelichting
Paalbelasting Rekenwaarde negatieve kleef
R 2 Fnkd
[par. 7.3.2.2]
Netto paalbelasting Rekenwaarde zakking boveneinde paal Rekenwaarde samendrukking diepere lagen Rekenwaarde paalkopzakking
2 : : :
Fonoto = Fo Fnk Sfid = Spuntd + Solid Szd Sd=S1ig+S2g
[par. 7.3.2.2] [par. 7.6.4.2] [par. 7.6.4.2] [par. 7.6.4.2]
Represenatieve statische secant veercoëfficiënt
: :
Kyrep paal vrjstaang = Forep / S1 Kyrep paalin groep = Fcrep / (S1 + S2)
SOCOTEC Geotechrics B.V. Inpij Blokpoe! ingenieurs
Bijage Berekening fundering op palen
[par. 7.7.1]
Pagina7
Project
Nieuwbouw GZC aan de Prinses Irenestraat te Oud-Beijerland
Opdracht Betreft
24SP0364 Fundering op palen
SOCOTEC
Berekening volgens Eurocode 7-1 (NEN 9997 - 1 + C2 : 2017) Paaltype : In de grond gevormde grondverdringende betonpaal, middels een ingeschroefde stalen hulpbuis en verloren punt Sonderingen: DKMOOS Paalafmeting _ :0,460/0,460/0,560m Berekening 2 gebaseerd op sondering DKMOOS Paalpuntniveau: -21,00 m tov NAP 0
Fe 110 [KN]
-
220
330
440
550
660
770
880
990
1100
1210
1320
1430
_ 1
_
1540
1650
1760
1870
uiterste grenstoestand bruikbaarheidsgrenstoestand
22
33
44
55
s [mm] 66
v 77
Uiterste grens(oesland Foidnetto IKN]
Fnkd IKN]
Fed [KN]
Sobd [mm]
Seid [mm]
Std (mm]
S2d (mm]
Sú Kvidpaal vrijstaand (mm] (KN/mm]
1198
96 1292
564
81
645
49
694
69
1078
96
1172
282
72
354
44
398
76
957 837 718
96 96 96
1052 933 813
149 85 55
64 56 48
213 140 104
40 35 31
253 175 134
83 89 94
598
96
694
37
41
7,8
26
10,4
100
479 359 240 120
96 96 96 96
574 455 335 216
24 16 10 0,5
33 26 1,9 12
58 42 29 1,7
22 1,7 1,3 08
79 59 42 26
104 109 114 119
Configuratie paalgroep voor bepalings2 2-paalspoer
CS hoh-afstand x: 9D
Bruikbaarheidsgrenstoestand
Foinetto
Fnk
Fcrep Sb
Sel
S1
S2
s
Kv:rep paal vrijstaand
KN]
OIKN]
[KN]
mm]
[mm]
[mm]
[mm]
[mm]
[kNmm]
920 828 738
96 96 96
1016 924 832
6,3 48 37
50 45 40
113 9,3 77
38 35 31
151 128 109
90 99 108
6844
98
740
28
36
6,4
28
92
116
552 460 368 276
96 96 96 96
648 558 464 372
22 16 12 09
31 27 22 17
53 43 34 26
24 21 18 14
77 64 52 40
123 129 135 142
184
96
280
0,6
13
19
11
29
148
92
96
188
04
09
12
07
19
154
Toelichting
Paalbelasting Rekenwaarde negatieve kleef
R 2 Fnkd
[par. 7.3.2.2]
Netto paalbelasting Rekenwaarde zakking boveneinde paal Rekenwaarde samendrukking diepere lagen Rekenwaarde paalkopzakking
2 : : :
Fonoto = Fo Fnk Sfid = Spuntd + Solid Szd Sd=S1ig+S2g
[par. 7.3.2.2] [par. 7.6.4.2] [par. 7.6.4.2] [par. 7.6.4.2]
Represenatieve statische secant veercoëfficiënt
: :
Kyrep paal vrjstaang = Forep / S1 Kyrep paalin groep = Fcrep / (S1 + S2)
SOCOTEC Geotechrics B.V. Inpijn-Blokpoe! ingenieurs
Bijage Berekening fundering op palen
[par. 7.7.1]
Pagina8
Project
Nieuwbouw GZC aan de Prinses Irenestraat te Oud-Beijerland
Opdracht Betreft
24SP0364 Fundering op palen
SOCOTEC
Berekening volgens Eurocode 7-1 (NEN 9997 - 1 + C2 : 2017) Paaltype : In de grond gevormde grondverdringende betonpaal, middels een ingeschroefde stalen hulpbuis en verloren punt Sonderingen: DKMOOS Paalafmeting _ :0,540/0,540/0,660m Berekening z gebaseerd op sondering DKMOO6 Paalpuntniveau: -21,00 m tov NAP Fo[kN]
>
140
280
0
420
560
700
840
980
1120
1260
1400
1540
1680
1820
_ 12
_
1960
2100
2240
2380
uiterste grenstoestand bruikbaarheidsgrenstoestand
24
36
48
60
s [mm] 72
Y 84
Uiterste grenstoestand
Foidnetto ND
Fnkd IKD
Configuratie paalgroep
Fed KN]
Sobd mm]
Seid [mm]
Std [mm]
S2d [mm]
Sú Kvidpaal vrijstaand [mm] [kNmm]
1510
112 1622
664
75
739
51
790
83
1359
112
1471
338
67
405
46
451
93
1208 1057 906
112 112 112
1320 1169 1018
186 98 63
59 51 44
245 149 107
41 37 32
286 186 139
102 110 119
755
112
867
41
37
7,9
27
10,6
126
604 453 302 151
112 112 112 112
716 565 414 263
28 18 11 0,6
30 24 1,7 11
58 41 28 1,6
22 18 1,3 08
80 59 41 25
132 140 146 155
voor bepaling s2 2-paalspoer
CS hofrafstand x 8D
Bruikbaarheidsgrenstoestand
Foinetto
Fnk
Fcrep Sb
Sel
S1
S2
s
Kv:rep paal vrijstaand
KN]
OIKN]
[KN]
mm]
[mm]
[mm]
[mm]
[mm]
[kNmm]
1161 1045 929
112 112 112
1273 1157 1041
72 55 41
46 41 37
117 96 78
40 36 33
157 132 111
108 121 133
813
112
925
32
33
65
29
94
143
697 581 464 348
112 112 112 112
809 693 577 481
24 18 14 10
28 24 20 16
53 42 34 25
25 22 18 14
78 64 52 40
154 164 171 182
232
112
344
06
12
18
11
29
190
116
112
228
04
08
11
07
18
202
Toelichting
Paalbelasting Rekenwaarde negatieve kleef
2E 2 Fnkd
[par. 7.3.2.2]
Netto paalbelasting Rekenwaarde zakking boveneinde paal Rekenwaarde samendrukking diepere lagen Rekenwaarde paalkopzakking
2 : : :
Fonoto = Fo Fnk Sfid = Spuntd + Solid S2g Sg=Sg + 829
[par. 7.3.2.2] [par. 7.6.4.2] [par. 7.6.4.2] [par. 7.6.4.2]
Represenatieve statische secant veercoëfficiënt
: :
Kyrep paal vrjstaang = Forep / S1 Kyrep paalin groep = Fcrep / (S1 + S2)
SOCOTEC Geotechrics B.V. Inpij Blokpoe! ingenieurs
Bijage Berekening fundering op palen
[par. 7.7.1]
Pagina 9
€ SOCOTEC
BIJLAGE
H
Algemene richtlijnen uitvoering heiwerk
Betreft
Algemene richtlijnen uitvoering heiwerk
SOCOTEC
Controle uitgangspunten Voorafgaand aan de uitvoering moet worden gecontroleerd: ° _ de relatie tussen: maaiveldhoogte, werkhoogte, bouwpeil t.0.v. Ref/NAP, « _ palenplan, paalafmeting en paallengte in relatie tot grondonderzoek en funderingsadvies, e overige relevante uitgangspunten geotechnische rapportages. Naastliggende gebouwen en omgeving
Het installeren van de palen gaat gepaard met trilingen en geluid. Voor zover in het advies niet aan de orde is gesteld, dient te worden nagegaan of dit met het oog op de omgeving kan worden geaccepteerd. Voor de beoordeling van de toelaatbaarheid van trilingen voor wat betreft de kans op schade, is informatie noodzakelijk omtrent de constructieve opbouw, de bouwkundige staat en de funderingswijze van de bebouwing in de omgeving. Op basis hiervan kunnen aan de hand van SBR richtlijn Deel A “Schade aan gebouwen” trilingssnelheden worden bepaald (grenswaarden) waarvan in de praktijk is gebleken dat als deze niet worden overschreden de kans zeer klein is dat schade optreedt (<1%). Tijdens de uitvoering kunnen de trilingen —desgewenst door ons bureau- worden gemonitord. Voorafgaand aan de uitvoering kan eventueel een trillingsprognose worden uitgevoerd.
Naast Deel A Schade aan gebouwen bevat de SBR-richtlijn een Deel B hinder voor personen en Deel C storing aan apparatuur. Regelgeving ten aanzien van geluid is opgenomen in onder meer de Wet Geluidhinder, gemeentelijke bepalingen in de APV, Circulaire Bouwlawaai VROM, Wet Milieubeheer (stitegebieden), Nationaal Milieubeleidsplan 4 (doelstellingen voor geluidsbelasting binnen de ecologische hoofdstructuur). Werkterrein/bouwput Het werkterrein dient dermate droog en stabiel te zijn dat verantwoord kan worden gewerkt. Voorkomen moet worden dat eenmaal aangebrachte palen beschadigen doordat deze horizontaal worden belast door bijvoorbeeld het manoeuvreren van materieel of door graafwerk rond de paal. De ondergrond dient vrij te zijn van obstakels en verstoringen die van invloed kunnen zijn op de uiteindelijke
paalkwaliteit. De ligging van kabels en leidingen dient in beeld te zijn gebracht. Uitvoering e De keuze van het heiblok moet worden afgestemd op de aangetroffen bodemopbouw en op de verwachting dat een eindkalender van 10 à 30 slagen per 0,25 m zakking wordt verkregen. Over het algemeen is hiermee een goede interpretatie van de heiresultaten mogelijk. e
De paal dient vooraf te worden gecontroleerd op zichtbare gebreken en tijdens de uitvoering op rechtstand, dan wel op de juiste schoorstand indien dit op het palenplan is aangegeven.
e
Opslag transport en het onder de steling brengen dient te geschieden conform de verwerkingsrichtlijnen van de leverancier. De inwendig afmeting van de heimuts dient tot maximaal 20 mm groter te zijn dan de afmeting van de paalkop of de oplanger. De vulling van de muts dient te bestaan uit twee lagen kruislings bevestigd naaldhout met een minimale dikte van 120 mm of een vulling met gelijke dempingseigenschappen. De vulling moet zo vaak als nodig worden gewisseld om schade aan de paalkop te voorkomen. _ De geleiding van het heiblok moet zodanig zijn dat de paal door het blok centrisch wordt belast. De volgorde van uitvoering dient zodanig te zijn dat door het aanbrengen van een paal, de positie, de draagkracht en de integriteit van nabij gelegen palen niet negatief wordt beïnvloed. De eerste paal dient zo dicht mogelijk bij of op een sondering te worden geheid. Deze en elke volgende paal op of nabij een sondering moet worden gekalenderd tenminste vanaf de aanvang van het draagkrachtige zand.
e ° e e e °
Inpijn-Blokpoel ingenieurs SOCOTEC
Geotechnics
Betreft
Algemene richtlijnen uitvoering heiwerk
SOCOTEC
e
Voor de overige palen moet worden gekalenderd vanaf een zodanig niveau dat de overgang naar de draagkrachtige laag waarneembaar is of over een hoogte van minimaal 8-De. Zodoende ontstaat door een onderlinge vergelijking inzicht in de betrouwbaarheid van de inheidiepte van palen tussen de sonderingen.
e
Bijeen verschil n inheiniveau tussen sonderingen dient bij voorkeur van "Iaag naar hoog”te worden gewerkt. Hiermee wordt voor de palen tussen deze sonderingen, een zo betrouwbaar mogelijk inheiniveau
bereikt.
« _ Bij paalgroepen wordt geadviseerd van "binnen naar buiten" te heien. e Op de overgang van vaste zandlagen naar weinig weerstand biedende afzettingen dient bij voorkeur met gereduceerd vermogen geheid te worden, zodat de kans op paalbreuk door trekspanningen tot een minimum wordt beperkt. e _ Als hulptechnieken worden toegepast voor het inbrengen van de palen (bijvoorbeeld voorboren, spuiten of hakken) dient te worden nagegaan of hieraan voor wat betreft het geotechnisch ontwerp randvoorwaarden worden gesteld. Interpretatie kalender
Het aan de hand van de kalenders samengestelde slagdiagram, ter plaats van een sondering is een maatstaf voor de tot de volgende sondering aan te brengen palen. Onder meer door variaties n de vastheid van de zandlagen zullen ook variaties in slagdiagram optreden. Een relatief lage eindkalender hoeft niet direct aanleiding te zijn de paal dieper te heien. Wateroverspanning als gevolg van het heien van de paal kan de oorzaak zijn. Een eerste eenvoudige controle hierop is de paal na te heien (na ca. 12 uur) en te kalenderen over een traject van 3 keer 0,05 m. Blijft een en ander onzeker dan kunnen controle-sonderingen nodig zijn. Afwijkingen in het slagdiagram kunnen ook worden veroorzaakt door sterk wisselende weersomstandigheden, slechte conditie heiblok, wijziging in pompafsteliing/valhoogte en slechte mutsvulling. Vastlegging uitvoeringgegevens
e
Datum en nummer palenplan en overige relevante werktekeningen.
e _ Conditie werkterrein. e
Werkniveau
t.0.v. Ref/NAP.
e _ Ingezet materieel.
e _ Type, massa en eventuele afstelling dan wel valhoogte heiblok(ken). e _ Samensteliing heiploeg. ° Zichtbare conditie palen. ° _ Heivolgorde met data en eventuele maatafwijkingen. e
Leverancier en productiedatum palen.
« _ Wijze van aanvoer, eventueel tussenopslag en lossen van de palen. « _ Paaltype, schachtafmeting, paalpuntniveau. ° Bij houten palen: type en afmeting oplanger en niveau bovenkant nog niet gesnelde oplanger. e Toegepaste mutsafmeting, mutsvulling en vernieuwing hiervan. e
Bereikt paalpuntniveau t.0.v. Ref/NAP.
e Het aantal slagen van het blok per eenheid van diepte voor de palen nabij een sondering. ° _ Kalenderresultaten overige palen. e Toegepaste hulpmaatregelen bij het inbrengen van de palen. e _ Inheisnelheid (begintijd en eindtijd heien).
e _ Hulptechnieken zoals voorboren, spuiten, gebruik opzetstuk e.d. e Bijzonderheden tijdens uitvoering (zichtbare gebreken palen, verschoven piketten, plaatsafwijkingen, scheefstand, verloop van de palen, paalbreuk, sterk afwijkend kalenderbeeld, stagnatie tijdens uitvoering paal e.d.).
Inpijn-Blokpoel ingenieurs SOCOTEC
Geotechnics
Betreft
Algemene richtlijnen uitvoering heiwerk
SOCOTEC
Controle
Door middel van akoestisch doormeten kan door ons bureau de integriteit van betonnen palen worden beoordeeld.
Aan
palen
waarbij
tijdens
de
uitvoering
kwaliteitscontrole extra aandacht te worden
bijzonderheden
werden
geconstateerd
dient
tijdens
de
besteed.
Indien twijfel bestaat ten aanzien van het draagvermogen van een paal kan afhankelijk van de situatie worden nagesondeerd binnen 1,0 m van de paal, of kan een paal worden proefbelast. Heitoezicht
Gezien de vele factoren die de kwaliteit van de paalfundering kunnen beïnvloeden wordt geadviseerd om per project na te gaan of onafhankelijk deskundig heitoezicht gewenst is. Desgewenst kan toezicht door ons bureau worden verzorgd. Milieu
Er wordt op gewezen dat milieu-aspecten met betrekking tot eventuele aan- en afvoer van grond en lozing van grondwater niet binnen het kader van deze opdracht vallen. Tot slot
Voor meer algemene richtlijnen wordt verwezen naar:
e « e * e e e
NEN-EN 12699 “uitvoering van bijzonder geotechnisch werk —verdringingspalen”, BRL-2357 “heien van geprefabriceerde betonpalen”, BRL-2302 “Houten heipalen”, BRL 2352/02 “Betonnen heipalen”, CUR-aanbeveling 109 “akoestisch doormeten van betonnen funderingspalen”, CUR 2004-1 “beoordelingssysteem voor de begaanbaarheid van bouwterreinen”, CUR-aanbeveling 114 “toezicht op de realisatie van paalfunderingen”.
e
NEN:6742, "Het ingetrokken.
e
NEN-6741
uitvoeren
van
funderingen
met
geprefabriceerde
betonnen
palen’,
formeel
"Het uitvoeren van houten paalfunderingen”, formeel ingetrokken. Juli 2022
Inpijn-Blokpoel ingenieurs SOCOTEC
Geotechnics
€ SOCOTEC
BIJLAGE I
Algemene richtlijnen uitvoering in de grond gevormde palen met grondverdringend ingeschroefde hulpbuis
Betreft _ Algemene richtljnen in de grond gevormde paal met grondverdringend ingeschroefde hulpbuis
__ SOCOTEC
Controle uitgangspunten Voorafgaand aan de uitvoering moet worden gecontroleerd: ° de relatie tussen: maaiveldhoogte, werkhoogte, bouwpeil t.0.v. Ref/NAP, e _ palenplan, afmetingen hulpbuis (diameter buis/punt) en de te realiseren paallengte in relatie tot het grondonderzoek en het funderingsadvies, e overige relevante uitgangspunten van de geotechnische rapportages.
Uitvoering in relatie tot omgeving Voor zover het in het advies niet aan de orde is gesteld, dient te worden nagegaan of de palen gemaakt kunnen worden zonder risico's voor bebouwing en infrastructuur in de omgeving. Hiertoe is informatie noodzakelijk omtrent de constructieve opbouw van bebouwing en infra en over de funderingswijze. Uiteraard is ook de bouwkundige staat van belang. Werkterrein/bouwput Het werkterrein dient dermate droog en stabiel te zijn dat verantwoord kan worden gewerkt.
Voorkomen moet worden dat eenmaal gemaakte palen beschadigen doordat deze horizontaal worden belast door bijvoorbeeld het manoeuvreren van materieel of door graafwerk rond de paal. Dit geldt vooral bij gedeeltelijk gewapende palen. Let op: in beginsel dienen de palen gemaakt te worden vanaf een zodanig werkniveau dat er sprake is van een hydrostatisch grondwaterstandsverloop over de geboorde diepte. De ondergrond dient vrij te zijn van obstakels en verstoringen die van invloed kunnen zijn op de uiteindelijke paalkwaliteit. De ligging van kabels en leidingen dient in beeld te zijn gebracht. Uitvoering in relatie tot bodemopbouw De aanwezigheid van slappe lagen beneden maaiveld legt beperkingen op aan de vervaardiging van de palen. Van belang is dat de uitvoerende partij aantoonbare expertise heeft in vergelijkbare grondslag. De expertise dient eruit te bestaan dat men de betonsamenstelling en uitvoering (wijze van
trekken, treksnelheid en betontoevoer) weet af te stemmen op de beperkte steundruk van de boorgatwand. Dit om 1) het beton omhoog te kunnen krijgen en het oververbruik te beperken, 2) te komen
tot een
schachtdoorsnede
die
zich
laat controleren
door
middel
van
akoestisch
doormeten
en
3) te komen tot een paalschacht via welke de belasting op de diepere zandlagen kan worden overgedragen. Bij dit paaltype bestaat de mogelijkheid om in de hulpbuis een prefab betonnen element te plaatsen via welke de belasting op de diepere zandlagen wordt overgedragen. In dat geval is sprake van een zogenaamde combipaal. De zorg voor wat betreft de slappe lagen is bij een combipaal minder aan de orde. Paalafstanden
Het maken van een paal mag de verse schacht van een naburige paal niet beïnvloeden. Wanneer twee
palen onmiddellijk na elkaar worden vervaardigd moet volgens het CROW Funderingshandboek de onderlinge hart op hart afstand in aanzet ten minste vier maal de paaldiameter bedragen met een minimum van 2 m. Een kleinere afstand is toegestaan indien de tijd tussen het maken van de nieuwe paal en de naburige paal zodanig lang is dat de naburige paal voldoende is uitgehard (minstens 20 uur). Deze richtlijnen vinden hun oorsprong in NVN 6724 “in de grond gevormde funderingselementen van beton of mortel” en de beoordelingsrichtlijn BRL 2356. Deze documenten sluiten voor wat betreft veel aspecten aan op de actuele uitvoeringspraktijk maar zijn formeel ingetrokken. Bij ontbreken van uitvoeringsexpertise in relatie tot de stijfheid van de grond schrijft NEN-EN 12699 een hart op hart afstand van minimaal zes maal de paaldiameter voor. Bij grond met een lage ongedraineerde schuifsterkte (Cu < 50 KPa) kan de afstand zelfs oplopen tot tien maal de paaldiameter. Tijdens de uitvoering van de palen moet het niveau van de specie in de reeds gemaakte naburige paal worden gecontroleerd. Wanneer er nazakking of oppersing wordt geconstateerd, moet een andere
uitvoeringsvolgorde of een langere verhardingstijd worden aangehouden. De paal waarbij oppersing of
Inpijn-Blokpoel ingenieurs SOCOTEC
Geotechnics
Betreft _ Algemene richtljnen in de grond gevormde paal met grondverdringend ingeschroefde hulpbuis
__ SOCOTEC
nazakking is geconstateerd moet, indien geen vervangende paal wordt gemaakt, na verharding worden gecontroleerd. Overige uitvoeringsaspecten e _ Op de hulpbuis moet een markering worden aangebracht waaruit de juiste paallengte kan worden afgeleid.
e
e
De hulpbuis dient voordat met het boren wordt begonnen te worden gecontroleerd op rechtheid en rechtstand, dan wel op de juiste schoorstand. Bij aanwezigheid van een klep aan de onderzijde van de hulpbuis dient het functioneren ervan te worden gecontroleerd. De volgorde van uitvoering dient zodanig te zijn dat door het aanbrengen van een paal, de positie, de draagkracht en de integriteit van nabij gelegen palen niet negatief wordt beïnvloed.
e e
De eerste paal moet zo dicht mogelijk bij of op een sondering worden gemaakt. Het boormoment en de pull-down kracht op de hulpbuis dient zodanig te zijn afgestemd
e
bodemopbouw, dat het inboren grondverdringend geschiedt, met zo min mogelijk opwaarts grondtransport en ontspanning. Zodra de buis op diepte is moet worden gecontroleerd of de buis droog is en vrij van grond. Vervolgens kan de wapening worden ingebracht en de buis worden gevuld met specie, zodanig dat sprake is van voldoende overdruk.
op de
e
Tijdens het trekken van de hulpbuis mag de wapening niet omhoog komen en dient te worden gecontroleerd of de onderafsluiting van de hulpbuis (klep, deksel, boorpunt) goed lost.
e
De treksnelheid dient in overeenstemming te zijn met de specietoevoer, zodanig dat een continu gevulde schacht verzekerd is. Met name in bodemlagen met een lage sondeerweerstand en een geringere stabiliteit van de boorgatwand is dît van belang. N het vervaardigen van een paal moet de verwerkte hoeveelheid beton worden vergeleken met
e
de berekende
°
inhoud.
Bij sommige systemen kan de wrijvingsweerstand in zeer vaste bodemlagen worden gereduceerd door bijvoorbeeld een bepaalde hoeveelheid grout te injecteren iets boven de paalpunt, of door aan de punt onder hoge druk een zeer beperkte hoeveelheid water te injecteren. Hierbij mag geen grondtransport plaatsvinden en de toepassing van deze maatregelen dient in overeenstemming te zijn met de uitgangspunten van het funderingsontwerp en -advies.
Vastlegging uitvoeringgegevens e _ Datum en nummer palenplan en overige relevante werktekeningen. e Conditie werkterrein, aanwezigheid eventuele bemalingen. e
Werkniveau
t.0.v.
Ref/NAP.
e _ Ingezet materieel. e _ Samensteliing boorploeg. e _ Vermogen boormotor en pull-downkracht (oliedruk, toerental). e _ Rechtheid hulpbuis, functioneren onderafsluiting hulpbuis (klep, deksel, boorpunt).
e Boorvolgorde met data. ° _ Paaltype, schacht/puntafmeting, paalpuntniveau en wapening(code). e _ Samenstelling specie (sterkteklasse, milieuklasse, cementgehalte, hulpstoffen ed.). e Datum en tijdstip vervaardiging palen. e
Bereikt paalpuntniveau t.0.v. Ref/NAP.
e Draaimoment en pull-down kracht per eenheid van diepte. e _ Specieverbruik in relatie tot theoretisch paalvolume, mixerwissels. e _ Inboor: en treksnelheid (begintijd en eindtijd boren en trekken). e Wijze van trekken (draaiend, oscillerend, stilstaand, trillend). «
Wijze afwerking paalkoppen.
Inpijn-Blokpoel ingenieurs SOCOTEC
Geotechnics
Betreft _ Algemene richtljnen in de grond gevormde paal met grondverdringend ingeschroefde hulpbuis «
__ SOCOTEC
Bijzonderheden tijdens uitvoering (verschoven piketten, verloop van de hulpbuis, plaatsafwijkingen, scheefstand, onderbrekingen tjdens trekken of het niet lossen van onderafdichting en de vervolgens gehanteerde werkwijze, water en/of grond in de boorbuis, stagnatie tijdens uitvoering paal, mee omhoog trekken of wegzakken van de wapening, veranderingen in specieniveau van nabijgelegen palen, plaatsafwijkingen, welpalen, bleeding, rijp op de wapening e.d.).
Controle
Door middel van akoestisch doormeten dient de integriteit van de palen te worden beoordeeld. Deze metingen kunnen desgewenst door ons bureau worden uitgevoerd vanaf 5 dagen na productie. De meetgegevens geven informatie over 0.a. discontinuïteiten, zoals scheuren, insnoeringen en
uitstulpingen, over de lengte van de paal en over de kwalliteit van de paalkop. Aan palen waarbij tijdens de uitvoering bijzonderheden werden geconstateerd dient tijdens de kwalliteitscontrole extra aandacht te worden besteed. Visuele controle van de paalkop kan plaatsvinden door deze vrij te graven. Hiervoor dient de paal wel voldoende te zijn gewapend. Indien twijfel bestaat ten aanzien van het draagvermogen van een paal kan afhankelijk van de situatie worden nagesondeerd binnen 1,0 m van de paal, of kan een paal worden proefbelast. Boortoezicht
Gezien de vele factoren die het installatieproces en daarmee de kwaliteit van de palen kunnen beïnvloeden wordt geadviseerd om per project na te gaan of onafhankelijk deskundig boortoezicht gewenst is. Desgewenst kan toezicht door ons bureau worden verzorgd. Milieu
Er wordt op gewezen dat milieu-aspecten met betrekking tot eventuele aan- en afvoer van grond en lozing van grondwater niet binnen het kader van deze opdracht vallen. Tot slot
Voor meer algemene richtlijnen wordt verwezen naar:
e e e e e «
NEN-EN 12699 “uitvoering van bijzonder geotechnisch werk —verdringingspalen”, CUR-aanbeveling 109 “akoestisch doormeten van betonnen funderingspalen”, CUR 2004-1 “beoordelingssysteem voor de begaanbaarheid van bouwterreinen”, CUR-aanbeveling 114 ‘toezicht op de realisatie van paalfunderingen”. CROW Funderingshandboek Eventuele interne kwaliteitsrichtlijnen van de uitvoerende partij.
e NVN 86724 “in de grond gevormde funderingselementen van beton of mortel”, formeel ingetrokken. ° _ BRL-2356 van het KIWA met bijlage E‚ formeel ingetrokken.
Juli 2022
Inpijn-Blokpoel ingenieurs SOCOTEC
Geotechnics
€ SOCOTEC
Voor
meer
informatie
SOCOTEC
zie: www.socotec.nl
NEDERLAND
SPECIALIST
IN:
Geotechniek en milieu-expertise Grondonderzoek Geotechnisch laboratoriumonderzoek
Waterveiligheid Uitvoeringsbegeleiding
Geotechnisch- en geohydrologisch advies
Milieutechniek
Bouwplaats- en grondwater monitoring
Risicobeheer, verzekering en inspecties Claims Controle van de omgeving
Risicoanalyses Waardebepalingen
Gebouw veiligheid & duurzaamheid
Binnenklimaat Drinkwaterveiligheid Gebouw- en techniekinspecties
Gebouwprestatie Gebouwinformatie